CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Wethoudersbrief diverse vragen n.a.v. 1e Burap SOJ 2021.pdf

Commissie Sociale Leefomgeving Dordrecht 26 oktober 2021, gemeente DordrechtBij agendapunt: 9: Technische sessie Verordening Jeugdhulp1.833 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Contactpersoon S. Oosterhof S. van Oostrom-van der Meijden Van

wethouder Rik van der Linden

A. Veth

Aan

commissie Sociale Leefomgeving

T 078 770 3913

Datum

22 oktober 2021

E saw.van.oostrom-

Zaaknummer Betreft

vander.meijden@dordrecht.nl Beantwoording diverse raadsvragen n.a.v. 1e Burap SOJ 2021

Beste leden van de commissie Sociale Leefomgeving, In deze brief beantwoord ik de vragen die u tijdens de commissievergadering van 6 oktober heeft gesteld n.a.v. de eerste Burap SOJ 2021. Jeugdhulp naar voren Hoe effectief is het organiseren van Jeugdhulp naar voren? Hoe heeft de gemeente Dordrecht dit geregeld als dat zelf wordt ingekocht? Zijn beleid en uitvoering dan gescheiden of wordt dit door dezelfde personen gedaan? In het verlengde hiervan: wat zijn de taken van Stichting Jeugdteams? Wat doen zij waardoor de specialistische zorg afneemt? Al in het Beleidsrijk Regionaal Transitiearrangement (BRTA) uit 2014 werd het vergroten van het lokale jeugdhulpaanbod als belangrijk onderdeel van de transformatie benoemd. Ook in het Meerjarenperspectief (2018) en de Omdenknotitie (2019) is deze transformatiedoelstelling expliciet beschreven. In 2021 zijn verschillende gemeenten, waaronder wij, gestart met pilots om jeugdhulp naar voren te halen. Met Jeugdhulp naar voren wordt lokaal laagdrempelige hulp en ondersteuning in het eigen netwerk geboden. Beschikkingsvrij in de vorm van een algemene voorziening. Hiermee maken we niet alleen een kwalitatieve verbeterslag in de zorg aan jeugdigen. Het doel is ook om de vraag richting de regionale zorgmarkt af te laten nemen, wat – uiteindelijk - tot een daling van de kosten en verbreding van het lokale aanbod zal leiden.

Dit vraagt echter wel om een lange adem. In Dordrecht lopen op dit moment twee pilots: BSO+ en 'GGZ naar voren'. Op basis van data van de SOJ en input van professionals onderzoeken we welke vormen van jeugdhulp we nog meer naar voren willen halen. Dit vraagt de nodige ambtelijke capaciteit. Niet alleen voor het onderzoek en de verkennende gesprekken met aanbieders, maar ook voor lokaal contractmanagement. We voeren Jeugdhulp naar voren dan ook gefaseerd in, waarbij per pilot een maatschappelijke kosten-baten analyse gemaakt dient te worden. Beleid en uitvoering zijn in Dordrecht gescheiden. We hebben de keuze gemaakt om Jeugdhulp naar voren enkel door zorgaanbieders uit te laten voeren en niet door Stichting Jeugdteams. De professionals van Stichting Jeugdteams zijn een belangrijk toegangspoort voor Jeugdhulp naar voren en worden dus ook nauw

Pagina 1/5

Datum

22 oktober 2021

Zaaknummer

betrokken bij onze plannen. Ook huisartsen, specifiek de POH-ers Jeugd, vormen een belangrijke toegangspoort. Gesprekken met de POH-ers Jeugd over Jeugdhulp naar voren lopen op dit moment en zullen geïntensiveerd worden. Wat betreft de laatste vraag. Medewerkers van Stichting Jeugdteams zijn aanwezig op vindplaatsen (o.a. scholen, consultatiebureaus, ontmoetingsplekken in de buurt) zodat ze eerder kunnen signaleren en erger kunnen voorkomen. Daarnaast is er in het Sociaal Wijkteam in Dordrecht integrale vraagverheldering waarbij aandacht is voor de match tussen de hulpverlener(s) en de cliënt (naast de klik gaat het hier ook om de juiste expertise aan tafel). Samen met de cliënt maken zij vervolgens het ondersteuningsplan voor passende hulp met perspectief voor het hele gezin.

Declaraties Enver Zorgen worden geuit dat de grootste zorgaanbieder nog niet heeft gedeclareerd. Hoe kan DG&J hierop worden aangesproken? De declaraties die de DG&J van Enver heeft ontvangen zijn thans onjuist en onvolledig. Er wordt hard gewerkt om dit te corrigeren. Het probleem is dusdanig groot dat dit de nodige tijd vraagt. De DG&J heeft hierover frequent en intensief contact met Enver op zowel werk- als directieniveau. Vanuit de gemeente ontvangen we regelmatig een terugkoppeling. We zien dan ook geen reden om de DG&J hierop aan te spreken.

Aanstaande wetswijziging Raad voor de Kinderbescherming Welke gevolgen heeft aanstaande wetswijziging om de Raad voor de Kinderbescherming, Veilig Thuis en Jeugdbescherming als gezamenlijke organisatie te benaderen voor Dordrecht? Hoe wordt hierop voorgesorteerd? Op 30 maart van dit jaar hebben de ministers Dekker en Blokhuis het toekomstscenario voor kind- en gezinsbescherming gedeeld met de Tweede Kamer. Het toekomstscenario schetst op hoofdlijnen hoe de kind- en gezinsbescherming er over 5 tot 10 jaar (2026-2031) uit zou kunnen zien. Eén van de mogelijke veranderingen is de oprichting van regionale veiligheidsteams waarin functies van de Gecertificeerde Instellingen, Veilig Thuis en de Raad voor de Kinderbescherming worden samengebracht. Het regionale veiligheidsteam zal ten alle tijden samenwerken met een vast gezicht van het Sociaal Wijkteam en kan hierbij gebruik maken van een netwerk van specialisten met kennis van kinderen, volwassenen en specifieke uitingsvormen van geweld. Het huidige toekomstscenario voor kind- en gezinsbescherming betekent een grote innovatie en verandering in de jeugdbeschermingsketen waarbij wordt overgestapt van een kind- naar een gezinsgerichte benadering. Van een estafettemodel waar meerdere organisaties het stokje doorgeven naar een teammodel. Het scenario schetst een toekomstbeeld, maar is nog geen uitgewerkt plan.

Er zijn namelijk zaken die goed onderzocht en beproeft moeten worden voordat tot definitieve besluitvorming kan worden overgegaan, zoals de schaalgrootte en de organisatievorm (publieksrechtelijk) van het beoogde

Pagina 2/5

Datum

22 oktober 2021

Zaaknummer

regionale veiligheidsteam en de decentrale aansturing ervan, het verankeren van de rechtswaarborgen en de rechtsgelijkheid, de verbinding met het jeugdstrafrecht en het integreren van de expertise op het gebied van geweld in afhankelijkheidsrelaties. In de afgelopen maanden zijn diverse betrokken (keten)partijen, cliënten en ervaringsdeskundigen geconsulteerd om te horen wat hun zienswijze en ideeën zijn ten aanzien van het toekomstscenario. Daarnaast heeft de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ) in de zomer een advies uitgebracht. In het najaar zal de Tweede Kamer geïnformeerd worden over de uitkomst van deze consultatieronde, de aanscherpingen of bijstellingen die eventueel nodig zijn en verdere vervolgstappen. Besluitvorming over het scenario is aan het volgende kabinet. Hoewel er op dit moment nog geen sprake is van een wetswijziging, bekijken we zowel in de regio als binnen de gemeente Dordrecht hoe we kunnen voorsorteren op de uitgangspunten zoals deze in het toekomstscenario staan beschreven. Met de werkwijze 'Veilig opgroeien is teamwerk', waarbij het Sociaal Wijkteam, Gecertificeerde Instellingen, Veilig Thuis en de Raad van de Kinderbescherming op wijkniveau met elkaar samenwerken, lopen we vooruit op het toekomstscenario.

Om dit verder te kunnen ontwikkelen en verbinding te maken met andere veiligheidsprogramma's, zoals Geweld hoort nergens thuis, zal er een regionale visie op kind- en gezinsbescherming worden ontwikkelt. Vanuit Dordrecht zijn we hier actief bij betrokken.

Uitvoeringskosten Hoe hoog zijn de uitvoeringskosten (landelijk 35-40%)? Het lijkt erop alsof niet SOJ niet alleen de wettelijke taken uitvoert, maar afgelopen jaren gaandeweg meer is gaan doen. Aan het begin van deze raadsperiode is afgesproken de kosten voor overhead goed in beeld te krijgen, maar uit de beantwoording van technische vragen blijkt dat een andere insteek is gekozen. Bij de opbouw van de tarieven is uitgegaan van landelijke benchmarks en onderzoeken wat betreft de overhead. Deze vraag bestaat uit diverse onderdelen, die grotendeels al vaker aan de orde zijn geweest in uw commissie. Er zijn in de afgelopen jaren diverse malen vragen gesteld over overhead in het jeugddomein. In samenspraak met uw gemeenteraad is in 2019 een taskforce jeugd aan de slag geweest met het onderzoeken van enkele hardnekkige vraagstukken in het jeugddomein, waaronder de overhead. Op 30 oktober en 10 december 2019 bent u geïnformeerd over de bevindingen van de taskforce (ris 2483725). In vergelijking met het landelijke gemiddelde wijkt onze regio niet af qua overhead. Op 18 maart hebben wij vragen van uw commissie beantwoord over de organisatiekosten van de Serviceorganisatie Jeugd. In de bijlage treft u deze

Pagina 3/5

Datum

22 oktober 2021

Zaaknummer

beantwoording nogmaals aan. Ik verwijs in dit kader graag naar de volgende passage: In diverse vergaderingen van uw commissie heb ik het beeld geschetst van een SOJ als een relatief smalle uitvoeringsorganisatie, zonder sprake van een grote organisatiegroei door de jaren heen. Het bovenstaande bevestigd dat beeld. De organisatiekosten zijn noodzakelijk voor een gedegen uitvoering van de kerntaken, waarbij zelfs de vraag gesteld kan worden of er her en der nog niet wat geïntensiveerd zou moeten worden. Ik denk hierbij bijvoorbeeld aan accountmanagement met nog meer aandacht voor realisatie van strategisch partnerschap, maar ook intensievere handhaving op financiële onwenselijkheden bij zorgaanbieders. Uit het overzicht blijkt ook dat er nauwelijks beleidsmatige werkzaamheden bij de SOJ zijn belegd, ook een onderwerp waarover we verschillende keren van gedachten hebben gewisseld. De beleidsmatige opgave is belegd bij de tien gemeenten, waar mogelijk in nauwe samenwerking. Zoals vorig jaar geadviseerd door AEF en het regionale aanjaagteam maken we momenteel werk van dit laatste punt, onder meer door middel van scherper opdrachtgever- en opdrachtnemerschap en het aanbrengen van meer focus en samenhang in de opgaven die er liggen op de verschillende niveaus. Door dhr.

Schalken-den Hartog zijn op 3 oktober per mail enkele technische vragen gesteld die op 6 oktober ambtelijk zijn beantwoord. Ik neem aan dat u in uw vraag hierboven naar verwijst. Graag informeer ik uw commissie hierbij dan ook breed over de desbetreffende vraag van dhr. Schalken-den Hartog en de beantwoording daarvan: Vraag: Bij aanvang van deze periode is afgesproken om overhead goed in beeld te krijgen, waar kan ik de resultaten van dit onderzoek vinden? Antwoord: Hier is voor een andere insteek gekozen. Bij de opbouw van de tarieven is uitgegaan van landelijke benchmarks en onderzoeken wat betreft de overhead. Hierdoor ontstaat de prikkel bij jeugdhulpaanbieders de overhead ook effectief in lijn te brengen met de landelijke benchmarks en richtlijnen, aangezien het tarief anders niet toereikend is. Ook in dit kader verwijs ik wederom graag naar de bevindingen van de taskforce jeugd.

Woonplaatsbeginsel Welk (financieel) effect gaat aanstaande verandering in woonplaatsbeginsel (per 1 januari 2022) hebben voor de gemeente Dordrecht? De cliëntadministratie van de Serviceorganisatie heeft in augustus 2021 namens de tien gemeenten een eerste aanlevering bij VWS gedaan voor het nieuwe woonplaatsbeginsel 2022.1 Deze aanlevering bevat alle verblijfsjeugdigen die administratief bij een andere (buitenregionale) gemeente behoren volgens het 1

Landelijk gezien hebben op dit moment 283 gemeenten een eerste aanlevering uitgevoerd en zijn er nog 69 gemeenten die dit moeten doen.

Pagina 4/5

Datum

22 oktober 2021

Zaaknummer

nieuwe woonplaatsbeginsel. De ambulante jongeren zijn nog niet aangeleverd. Dit hoeft pas eind oktober te gebeuren, volgens het landelijk advies. U zult begrijpen dat het verkrijgen van een compleet beeld van de administratieve verhuizingen van jeugdigen van en naar ZHZ op dit moment niet mogelijk is, gezien de afhankelijkheid van de inventarisaties van andere gemeenten. Ook is het mogelijk dat nieuwe instroom van jeugdigen in buitenregionale gemeenten de komende maanden onder de verhuizingen zullen vallen van jeugdigen naar ZHZ. Het continue bijwerken en updaten van de gegevens de komende periode is van groot belang. Maandelijks biedt de SOJ via de landelijke migratieomgeving nieuwe jeugdigen aan die vanaf 2022 verschuiven naar buitenregionale gemeenten en elke maand ontvangt de SOJ ook potentieel nieuwe jeugdigen die verhuizen naar ZHZ vanuit andere regio's. Kortom, we hebben op dit moment nog geen zicht op het (financiële) effect van de wijziging in het woonplaatsbeginsel.

Met vriendelijke groet,

Rik van der Linden Wethouder Jeugd

Pagina 5/5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/350/documents/13251