CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Voorstel Vaststellen verordening sociaal domein Dordrecht - Raadsvoorstel.pdf

Dordtse Dinsdag – Beeld- en oordeelsvormende commissies 20 januari 2026, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen verordening sociaal domein Dordrecht - Raadsvoorstel3.448 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeentebestuur Spuiboulevard 300 3311 GR DORDRECHT

Aan de gemeenteraad

Datum Zaaknummer

9 december 2025

Betreft

Vaststellen verordening sociaal domein Dordrecht

2025-0126752

Vergadering van Portefeuillehouder: Begrotingsprogramma Kernteam/Opgave: Auteur: E-mail: Verantwoordelijke: Openbaar:

Chris van Benschop Gezond, Sociaal en Zorgzaam Dordrecht Samenleving - Bestaanszekerheid en Meedoen Deborah de Lange d.de.lange@dordrecht.nl Deborah de Lange Ja

Voorgesteld besluit de verordening sociaal domein Dordrecht vast te stellen. Deadline De verordening sociaal domein moet idealiter op 1 januari 2026 ingaan vanwege de aangepaste regionale inkoop van jeugdhulp. Het proces heeft helaas vertraging opgelopen en de GR Sociaal heeft aangegeven implementatietijd nodig te hebben, waardoor we nu streven naar 1 april 2026 als ingangsdatum. Raadsvoorstel Hoe zijn de bevoegdheden rond dit onderwerp verdeeld? De gemeenteraad heeft een kaderstellende en controlerende functie. De raad stelt de integrale verordening sociaal domein Dordrecht vast. Het college is verantwoordelijk voor de uitvoering van het beleid. Ook heeft het college de bevoegdheid om de verordening verder uit te werken in beleidsregels en nadere regels. Wat is het doel? Integrale verordening sociaal domein Het doel van de verordening sociaal domein is om de ondersteuning aan Dordtse inwoners integraal aan te pakken en verder te ontschotten. Met als uiteindelijk doel dat inwoners snel(er) en passend(er) geholpen worden. De integrale visie sociaal domein (door de raad vastgesteld op 12 maart 2023) laat zien wat er nu en in de komende jaren nodig is voor een sterk en sociaal Dordrecht. In de verordening sociaal domein staan de uitgangspunten uit de visie sociaal domein 2030 centraal: •

Bestaanszekerheid is de basis: Het hebben van een stabiele basis is belangrijk, zodat inwoners zich geen zorgen hoeven te maken over de dagelijkse overleving. Dit gaat bijvoorbeeld om het hebben van voldoende inkomen, een veilige plek om te wonen en het krijgen van hulp en zorg als dat nodig is.

•

Dordtenaren helpen elkaar zo veel als mogelijk: We vinden het belangrijk dat mensen (in bijvoorbeeld een buurt) goed met elkaar omgaan en zich met elkaar verbonden voelen. Dat

Zaaknummer

2025-0126752

ze elkaar kennen en elkaar helpen als dat nodig is. Als er problemen ontstaan, worden deze zo veel als mogelijk zelf of in het eigen sociale netwerk opgelost. •

Er zijn voldoende en kwalitatief goede algemene voorzieningen: Niet alle hulpvragen kunnen zelf of onderling worden opgelost. Daarom willen we dat Dordtenaren in dat geval gebruik kunnen maken van voorzieningen die voor iedereen toegankelijk zijn. Dat zijn bijvoorbeeld plekken waar inwoners naar binnen kunnen lopen met een hulpvraag, maar ook plekken waar inwoners anderen kunnen ontmoeten.

•

We regelen specialistische hulp: passender, tijdiger en meer in samenhang: Voor hulpvragen die niet opgelost kunnen worden met algemene voorzieningen is meer specialistische hulp nodig. De gemeente heeft als taak inwoners toegang te geven tot hulp en inwoners passend en tijdig te helpen. Bij complexe problemen is vaak hulp nodig uit verschillende wetten. We regelen de zorg in samenhang met elkaar, want we willen namelijk dat inwoners hier zo min mogelijk last van hebben.

De integrale verordening sociaal domein stimuleert het werken vanuit een samenhangende aanpak binnen het sociaal domein. Om de integrale ondersteuning aan Dordtenaren daadwerkelijk laagdrempelig en dichtbij te organiseren, wordt in elk gebied in Dordrecht (centrum, west en oost) een integraal toegangspunt (= werktitel) ingericht. Hier kunnen inwoners terecht met elke sociale hulpvraag, ongeacht of deze betrekking heeft op inkomen, zorg, opvoeding en/of schulden. Professionals van o.a. Dordrecht Sociaal en de Sociale Dienst Drechtsteden werken hier samen in multidisciplinaire teams, zodat signalen snel worden opgepakt en ondersteuning op maat en in samenhang geboden kan worden. De integrale toegangspunten vormen daarmee een belangrijke schakel in het realiseren van een inclusieve en veerkrachtige stad. Deze integrale verordening sociaal domein vormt een basis voor het werken vanuit samenhang. Tegelijkertijd is het geen eindpunt, maar een vertrekpunt. Door te blijven leren van wat werkt en wat beter kan, kunnen we de verordening in de toekomst aanpassen en verfijnen. Nieuwe inzichten, veranderende behoeften van inwoners en ontwikkelingen in wet- en regelgeving worden actief meegenomen in de toekomstige versies.

Aanpassingen in de Wmo De aanpassingen in de verordening op het gebied van Wmo moeten leiden tot een verordening die recht doet aan de geest van de Wmo en die de uitvoering van de Wet optimaler ondersteunt dan nu het geval is. Vanwege verschillende redenen is een aanpassing van de verordening op het gebied van Wmo wenselijk of noodzakelijk. De redenen worden per onderwerp hieronder bij argumenten verder toegelicht. Een deel is meer administratief/technisch van aard. De wijziging van het herindicatieproces is meer fundamenteel van aard. Aanpassingen in de Jeugdhulp In het kader van het regionale verbeterprogramma Beschikbare en betaalbare jeugdhulp hebben de tien gemeenten in Zuid-Holland Zuid een nieuw raamwerk voor de verordening Jeugdhulp geschreven. De modelverordening van de VNG heeft hiervoor als basis gediend, omdat deze beter aansluit bij het perspectief van inwoners, de rechtspraak, landelijke contract- en inkoopstandaarden en de taal meer gericht is op normaliseren. Enerzijds hebben we ‘groot onderhoud’ onderhoud gepleegd en zijn er enkele technische/administratieve aanpassingen gedaan. Anderzijds hebben we meer fundamentele aanpassingen gedaan op basis van het verbeterprogramma. De redenen voor de aanpassingen staan verder uitgelegd bij argumenten.

Aanpassingen in de Participatiewet, Persoonlijk minimabudget en Schuldhulpverlening De tekst uit de oorspronkelijke verordening werk en inkomen, persoonlijk minimabudget en schuldhulpverlening zijn grotendeels ongewijzigd overgenomen in de tekst van de integrale verordening. Inhoudelijke aanpassingen in de Participatiewet volgen medio 2026 zodra de Participatiewet in balans operationeel wordt. De huidige aanpassingen zijn technisch van aard (artikelnummering, samenvoeging/harmonisering gelijksoortige artikelen en begrippen). In de bijgevoegde 'was-wordt' lijst staan de wijzigingen ten opzichte van de huidige verordeningen overzichtelijk weergegeven per artikel. Wat zijn per beslispunt de argumenten en wat is hierop de toelichting? Integrale verordening 1.1 Een integrale verordening sluit aan bij de Dordtse visie om hulpverlening meer in

Zaaknummer

2025-0126752

samenhang te regelen De integrale verordening sociaal domein stimuleert het werken vanuit een samenhangende aanpak binnen het sociaal domein. Dit gebeurt door een integrale beoordeling te maken van de ondersteuningsbehoefte van een inwoner en te zorgen voor een goed afgestemde inzet van voorzieningen wanneer er op meerdere vlakken ondersteuning nodig is. 1.2 De integrale verordening is voorbereidend op de Wet aanpak meervoudige problematiek sociaal domein (Wams) De integrale verordening sociaal domein is een eerste stap in voorbereiding op nieuwe wetgeving die een meer integrale werkwijze binnen het sociaal domein mogelijk maakt: de Wet aanpak meervoudige problematiek in het sociaal domein (Wams). Met dit wetsvoorstel kunnen gemeenten en andere betrokken organisaties die de gezinnen met meerdere problemen helpen, makkelijker gegevens uitwisselen. De exacte datum van inwerkingtreding is onbekend. Wmo 2.1 Het aanvraagproces vereenvoudigen zorgt voor lagere administratieve last bij inwoners In sommige gevallen is tijdens het onderzoek al duidelijk dat een maatwerkvoorziening de enige oplossing is. Toch moeten inwoners voor het opstarten van het aanvraagproces nog een extra stap doen om de voorziening te krijgen.

Door de mogelijkheid in te bouwen de inname van de aanvraag tijdens het huisbezoek en het onderzoek meteen mee te nemen, bespaart dit de inwoner wachttijd en extra administratieve handelingen zoals het invullen van extra formulieren. 2.2 De wijziging van het herindicatieproces maakt differentiatie naar doelgroepen mogelijk en helpt in de sturing op normaliseren. Per doelgroep kan worden gekeken naar een passende indicatieduur en voor sommige doelgroepen wordt het initiatief voor eventuele herindicatie bij inwoner en aanbieder gelaten. Dit wordt alleen gedaan voor inwoners waarbij het ontwikkelperspectief in voldoende mate aanwezig is. Hierbij wordt goed afgewogen of de ondersteuning nog nodig is en welke doelen nog behaald moeten worden. Voor andere doelgroepen zal juist gekozen worden voor levenslange en levensbrede indicaties, met evaluatiemomenten. Zo is het (her)indicatieproces individueel passend bij de doelgroep, maar biedt het tegelijkertijd betere mogelijkheden om te sturen op doelmatigheid van de ondersteuning. 2.3 Aanpassen van de pgb-berekening vergroot de uitvoerbaarheid van het pgbhulpmiddelenproces De nieuwe berekeningssystematiek blijkt na de herijking erg bewerkelijk. Vanuit de hulpmiddelenleverancier is gekeken hoe andere gemeenten dit proces inrichten.

Analoog aan die inrichting is de voorgestelde wijziging voor enerzijds de verhoging van de uitvoerbaarheid en anderzijds het beheersbaar houden van de kosten voor pgb. 2.4 Technische wijziging naar aanleiding van wijziging van de Regeling dienstverlening aan huis De wijziging van de Regeling dienstverlening aan huis (hierna: Rdah) zorgt ervoor dat vanaf 1 januari 2026 zorgverleners die werken via een pgb recht krijgen op uitkeringen zoals de WW en de Ziektewet. Momenteel vallen zij nog onder de zogeheten Rdah, waardoor ze geen recht hebben op deze werknemersverzekeringen. 2.5 Wasservice wordt ondergebracht als maatwerkvoorziening In de huidige verordening maatschappelijke ondersteuning van Dordrecht is de wasservice nog als algemene voorziening benoemd. Aan gemeenten wordt geadviseerd om deze bepaling te schrappen in het hoofdstuk “Algemene voorzieningen” van de verordening. Het onderdeel “wassen” binnen de Wmo-huishoudelijke ondersteuning (HO) wordt op dit moment geleidelijk ondergebracht bij een wasservice, grotendeels uitgevoerd door Drechtwerk. Het blijft voorlopig wel een maatwerkvoorziening. In de huidige verordeningstekst is abusievelijk vooruitgelopen op het streefdoel om de wasservice als algemene voorziening aan te bieden. Echter, die capaciteit kan de wasservice op dit moment niet bieden.

Naar verwachting duurt het nog een jaar voor de wasservice de HO-cliënten in alle Drechtsteden-gemeenten kan bedienen. Wanneer de capaciteit op orde is zullen we de omzetting naar een algemene voorziening opnieuw bekijken. 2.6 Vertaling van de ombuigingsmaatregel 'Drechthopper: aangepast voorstel: Wijkhopper voor Drechthopper; bundelen ritten en verruimen reserveringstijd, tarief

Zaaknummer

2025-0126752

gelijk aan OV-tarief' In de perspectiefnota 2026 is de ombuigingsmaatregel 'Drechthopper: aangepast voorstel: Wijkhopper voor Drechthopper; bundelen ritten en verruimen reserveringstijd, tarief gelijk aan OVtarief' vastgesteld. De verordening is op onderdelen aangepast om dit in de praktijk te kunnen implementeren. Door de raad is akkoord gegeven op het gelijkstellen van de eigen bijdrage aan het openbaar vervoer (OV)-tarief. Echter maakt het OV geen onderscheid tussen het opstaptarief in dal en spits, waardoor het ontmoedigen van reizen in de spits (momenteel 1/3 van de ritten) onvoldoende gebeurt. Om het reizen in spitsuren te ontmoedigen, wordt voorgesteld om het spitstarief, net zoals in de huidige tarieven, met 40% te verhogen. Verder is de Wijkhopper voorliggend gesteld binnen het werkingsgebied. De aanpassing van de reserveringstijd landt niet in de verordening, maar is onderdeel van werkafspraken tussen het DB van de GR Sociaal en Stroomlijn. In afwachting van het sociaal fonds per 2027 is als tijdelijke maatregel voor 2026 geregeld dat inwoners met een inkomen tot 140% van de bijstandsnorm een korting van 40% op het starttarief en de kilometerprijs ontvangen via de Dordtpas. Hiermee is uitvoering gegeven aan de mondelinge toezegging van het college om als overbrugging tot aan het sociaal fonds een tijdelijke maatregel in te zetten.

In het voorjaar van 2026 worden de kaders van het sociaal fonds verder uitgewerkt en voorgelegd aan u als raad. Jeugdhulp 3.1 Groot onderhoud is juridisch noodzakelijk Uitspraken van de Centrale Raad van Beroep (CRvB) hebben ertoe geleid dat de modelverordening jeugdhulp van de VNG (en daarmee de lokale verordening) geactualiseerd moest worden. Daarnaast missen in onze huidige verordening jeugdhulp soms ‘haakjes’ naar de nadere regels, zoals jeugdhulpvervoer, en zijn er zaken geregeld in de nadere regels die de bevoegdheid van de raad betreffen en dus in de verordening moeten staan, bijvoorbeeld ten aanzien van draaglast/draagkracht en PGB. Ook blijkt na juridische toetsing dat we niet mogen spreken over ‘een melding doen’ (wel over ‘een aanvraag doen’) en dat de behandeling van ernstige dyslexie een individuele voorziening is en geen algemene voorziening, omdat de behandeling individueel op maat geboden wordt*. * Dit is tevens een vertaling van de ombuigingsmaatregel 'Minder aanbod jeugdhulp' uit de perspectiefnota 2026. 3.2 Vertaling van de (besparings)maatregelen van het programma Beschikbare en betaalbare jeugdhulp In het verbeterprogramma Beschikbare en betaalbare jeugdhulp wordt onder andere gewerkt aan normaliseren en aan het aanscherpen/verbeteren van de verschillende toegangspoorten en het aanbod.

In de verordening hebben we dit vertaald naar een duidelijker onderscheid tussen andere voorzieningen, algemene voorzieningen en individuele voorzieningen. De afbakening van de jeugdwet en afstemming met andere wetten is in een aparte paragraaf beschreven en er is een verwijzing naar een bijlage van het Nederlands Jeugdinstituut (NJi) opgenomen over normale uitdagingen voor kinderen en opvoeders. Tot slot hebben we een aanscherping gedaan op het aanbod door de doeltreffendheid van individuele voorzieningen vast te stellen door te werken met bewezen effectieve interventies, daar waar beschikbaar. 3.3 Vertaling van de ombuigingsmaatregel ‘Jeugdhulpvervoer (extra kosten voorkomen)’ In de perspectiefnota is de ombuigingsmaatregel ‘Jeugdhulpvervoer (extra kosten voorkomen)’ vastgesteld. Door weinig combinatiemogelijkheden in het jeugdhulpvervoer zijn er op dit moment veel soloritten. Dit drukt zowel op onze financiën als op het aantal chauffeurs. We zetten met verschillende maatregelen in op normalisatie binnen het jeugdhulpvervoer en op de verantwoordelijkheid van ouders. In de verordening hebben we een afstandsgrens opgenomen van 6 kilometer en staat beschreven dat groepsvervoer voorliggend is aan individueel taxivervoer.

Ook hebben we opgenomen dat de looptijd van een beschikking voor een individuele jeugdhulpvoorziening niet automatisch gelijk is aan de looptijd van een verstrekking van een vervoersvoorziening. Omdat jeugdhulpvervoer nu enkel het taxivervoer kent en geen andere vormen van vergoedingen, willen we een pilot starten om met een kilometervergoeding te werken, net als in het leerlingenvervoer. Wat zijn kanttekeningen en/of risico’s bij dit voorstel? Integrale verordening 1.1 Een verordening op zichzelf garandeert geen integrale samenwerking in de praktijk

Zaaknummer

2025-0126752

Hoewel een verordening een belangrijk instrument is om kaders en verantwoordelijkheden vast te leggen, garandeert zij op zichzelf geen integrale samenwerking in de praktijk. Om daadwerkelijk tot effectieve samenwerking te komen, is aanvullende inzet nodig. Denk bijvoorbeeld aan het vastleggen van gezamenlijke procesafspraken en het investeren in onderling vertrouwen en communicatie. Hier is aandacht voor bij de verdere uitwerking van de integrale toegangspunten door de GR Sociaal, Dordrecht Sociaal en de gemeente. 1.2 Juridische kanttekeningen De huidige wetgeving werkt beperkend in de gegevensverwerking in het kader van een domeinbrede taakuitoefening. De verschillende wetten binnen het sociaal domein zijn namelijk niet integraal ontworpen. Binnen de kaders van de geldende wet- en regelgeving is gestreefd naar een zo integraal mogelijke inrichting. Voordat de verordening in werking treedt, wordt beoordeeld of bestaande werkprocessen herijkt moeten worden op privacy-aspecten en indien noodzakelijk wordt er een DPIA uitgevoerd op de werkprocessen. Dit heeft geen gevolgen voor de teksten in de verordening zelf. De juridische adviesraad heeft de verordening getoetst op kwaliteit van wetgeving.

De juridische adviesraad heeft daarbij aangegeven dat toelichtende tekst (geheel hoofdstuk 1 en de inleidende teksten bij elk volgend hoofdstuk) geen onderdeel uitmaakt van de verordening en dus niet in de verordening zelf moet worden opgenomen. Zij geven aan dat dit beleidsmatige teksten zijn die leiden tot ruimte voor discussie en interpretatie. Geadviseerd wordt de richtlijnen uit 100 Ideeën voor de gemeentelijke regelgever te volgen. Vanuit het sociaal domein is bewust gekozen om de verordening in deze vorm door te voeren. Deze aanpak draagt bij aan een betere leesbaarheid voor inwoners en professionals. Daarbij staat het gemeenten vrij om hun verordening naar eigen inzicht vorm te geven, nu daar geen wettelijk kader voor geldt. Daarnaast heeft de juridische adviesraad een aantal inhoudelijke opmerkingen gemaakt. Niet alle inhoudelijke opmerkingen zijn per direct verwerkt in deze versie van de verordening. Sommigen vragen namelijk om verdere regionale afstemming en worden daarom in een latere fase opgepakt met de relevante partners. Het volledige advies van de juridische adviesraad is in de bijlage opgenomen. 1.3 Disclaimer In de verordening sociaal domein Dordrecht verankeren we raadsbesluiten over o.a. de visie op sociaal domein en diverse ombuigingsmaatregelen.

Als uw raad toch aanpassingen in de integrale verordening ten opzichte van eerder vastgesteld beleid wil aanbrengen, dan kan dat leiden tot wijzigingen in ons financieel perspectief. Wij zullen u dan hierover informeren. Wmo 2.1 Het vereenvoudigen van het aanvraagproces heeft als risico dat een aanzuigende werking optreedt Doordat de consulent direct bij het onderzoek en het gesprek een aanvraag in kan nemen, heeft tot gevolg dat de inwoner makkelijker een aanvraag kan doen voor een maatwerkvoorziening. Het vereenvoudigen van het proces heeft altijd het risico van aanzuigende werking in zich. Om dit risico te beperken is het opgenomen als kan-bepaling en wordt dan, op grond van lid 2, opgenomen in het onderzoeksverslag. Dit is dus aan de consulent om mede te bepalen of dat onderdeel is van het advies aan het einde van de onderzoeksfase. 2.2 Vanuit de SDD zal de aflopende indicatie niet automatisch nagebeld worden Dit Wijziging van het herindicatieproces zorgt dat de aanbieder en/of de inwoner moeten motiveren waarom ondersteuning nog nodig is. Dit heeft natuurlijk een risico dat de ondersteuning zou stoppen als dit niet tijdig wordt opgepakt. Om dat te voorkomen zal de SDD 4 maanden voor het aflopen van de indicatie een brief sturen aan de inwoner. Daarnaast wordt onderzocht of een attendering naar de aanbieder kan worden verstuurd.

Doordat een aanbieder betrokken is, is er regie op de indicatie. Mocht het onverhoopt toch mis gaan, ondersteuning noodzakelijk zijn en het proces van (her)indicatie zijn misgelopen, dan blijft altijd de technische mogelijkheid om een indicatie met terugwerkende kracht te repareren. Jeugdhulp 3.1 Integratie van het regionaal raamwerk in de Dordtse integrale verordening sociaal domein Zoals gezegd hebben de tien gemeenten in Zuid-Holland Zuid een regionaal raamwerk opgeleverd

Zaaknummer

2025-0126752

voor een nieuwe verordening jeugdhulp. In Dordrecht hebben we ervoor gekozen om dit raamwerk te integreren in de integrale verordening sociaal domein. We hebben hierbij zoveel als mogelijk vastgehouden aan het regionale raamwerk, omdat het wenselijk is om een geharmonieerd geheel van verordeningen te hebben. Dit voorkomt dat inwoners van verschillende gemeenten grote variatie ervaren in de wijze waarop de gemeenten in de regio invulling geven aan hun jeugdhulpplicht. Dit geldt ook voor de jeugdhulpprofessionals en -aanbieders die in meerdere gemeenten in de regio werkzaam zijn. En uiteraard voor de Serviceorganisatie Jeugd ZHZ. Voor hen dragen vergelijkbare lokale verordeningen ook bij aan administratieve lastenverlichting. Welk (participatie)proces is doorlopen om tot dit voorstel te komen? De integrale verordening sociaal domein is op ambtelijk niveau afgestemd met de Sociale Dienst Drechtsteden, Dordrecht Sociaal en de Serviceorganisatie Jeugd ZHZ. Ook heeft de Dordtse adviesraad en de juridische adviesraad meegekeken op het geheel. Los hiervan is er ook meegekeken op de inhoudelijke aanpassingen op de onderdelen Wmo en Jeugdhulp. Het participatieproces per onderdeel wordt hieronder nader toegelicht: Wmo Dit voorstel is op ambtelijk niveau afgestemd met de gemeenten op beleidsniveau in het Regionaal Opgave-overleg Zorgen voor Ondersteuning.

Het voorstel voor het wijzigen van het proces van herindicatie is afgestemd met de gecontracteerde zorgaanbieders tijdens de reguliere overlegtafels. Verder is dit voorstel voorgelegd aan de Regionale Adviesraad Sociaal Domein en juridisch getoetst door de juridische adviesraad. Jeugdwet Op ambtelijk niveau hebben de tien gemeenten een regionaal raamwerk opgesteld, samen met de Serviceorganisatie Jeugd ZHZ en het Juridisch Kenniscentrum van de Drechtsteden. Tijdens meerdere sessies hebben medewerkers van de toegang (regiobreed) meegedacht en hun input geleverd. Daarnaast is het concept raamwerk besproken met de tien lokale adviesraden sociaal domein (waaronder de Dordtse adviesraad) en het Ouderplatform ZHZ. Tot slot heeft het bureau Victor Advocaten het raamwerk juridisch getoetst. Wat zijn de belangrijkste gerelateerde besluiten? Vaststellen Visie sociaal domein Dordrecht 2030 - raadsvoorstel Vaststellen Perspectiefnota 2026 - raadsvoorstel Vaststellen Perspectiefnota 2025 - raadsvoorstel Hoe wordt dit betaald? De kosten die verbonden zijn aan dit proces om tot de integrale verordening sociaal domein te komen, worden betaald uit het begrotingsprogramma 'Gezond, sociaal en zorgzaam Dordrecht'. De eenmalige implementatiekosten van de GR Sociaal bedragen € 20.428 en de structurele jaarlijkse kosten zijn € 19.350.

Wat is het vervolg op het raadsbesluit? Met de vaststelling van de verordening sociaal domein treedt de verordening per 1 april 2026 in werking. De huidige verordeningen (Maatschappelijke ondersteuning Dordrecht, jeugdhulp Dordrecht, werk en inkomen Dordrecht, persoonlijk minimabudget Dordrecht, beslistermijn schuldhulpverlening Dordrecht) worden ingetrokken. Na vaststelling wordt de integrale verordening sociaal domein geïmplementeerd. Dit vraagt om aanpassingen in werkprocessen van de Serviceorganisatie Jeugd ZHZ (SOJ), de GR Sociaal, Dordrecht Sociaal en aanbieders. Daarnaast wordt de verordening sociaal domein gecommuniceerd naar inwoners en partnerorganisaties. Er wordt door gemeenten een persbericht opgesteld in samenwerking met de GR Sociaal. Ook wordt de informatie gewijzigd op de gemeentelijke en Drechtstedelijke communicatiekanalen. Het college van Burgemeester en Wethouders

Zaaknummer

2025-0126752

De raad van de gemeente DORDRECHT; gezien het voorstel van het college van Burgemeester en Wethouders van 9 december 2025 inzake Vaststellen verordening sociaal domein Dordrecht ;

gelet op artikel 149 van de Gemeentewet;

besluit:

de verordening sociaal domein Dordrecht vast te stellen.

Aldus besloten in de vergadering van

Zaaknummer

Bijlagen 1. 2. 3. 4.

Bijlage raadsvoorstel - Extra toelichting op Wmo aanpassingen Was-wordt lijst Bijlage 1 Dienstomschrijving Bijlage 2 NJI Opgroeien en Opvoeden - hoofdstuk 6 Samenvattend overzicht

2025-0126752

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/1089/documents/45503