Voorstel Vaststellen Verordening op de heffing en invordering van leges 2025 - Raadsvoorstel.pdf
Tekst van het document
Gemeentebestuur Spuiboulevard 300 3311 GR DORDRECHT
Aan de gemeenteraad
Datum Zaaknummer
1 oktober 2024
Betreft
Vaststellen Verordening op de heffing en invordering van leges 2025
2024-0100017
Vergadering van Portefeuillehouder: Begrotingsprogramma Kernteam/Opgave: Auteur: E-mail: Verantwoordelijke: Openbaar:
Wim van der Kruijff Bestuurlijk en Ondersteunend Dordrecht Versterking Bestuur & Organisatie - Planning & Control Anita van de Wijngaard aj.vande.wijngaard@dordrecht.nl Japke Geertsma Ja
Voorgesteld besluit de Verordening op de heffing en invordering van leges 2025 vast te stellen. Raadsvoorstel Hoe zijn de bevoegdheden rond dit onderwerp verdeeld? Het college bereidt dit raadsvoorstel voor ten behoeve van vaststelling ervan door de raad. Wat is het doel? Met de Legesverordening 2025 worden de tarieven voor 2025 vastgesteld en worden de inkomsten gegenereerd, die in de gemeentelijke begroting zijn opgenomen. Wat zijn per beslispunt de argumenten en wat is hierop de toelichting? We lichten de voorgestelde wijzigingen hieronder kort toe. De wijzigingen ten bate van de leesbaarheid van de verordening, de tarieventabel en de toelichting op de verordening worden niet specifiek toegelicht in dit voorstel. Tariefswijzigingen •
Met de Legesverordening 2025 geven wij uitvoering aan de tariefsaanpassingen conform het tariefsbeleid zoals dat door u bij de Perspectiefnota 2025 is vastgesteld. De tarieven zijn derhalve met 2,1% verhoogd. Voor zover als mogelijk is, zijn de door het Rijk bepaalde maximum tarieven meegenomen in de actualisatie van de verordening. Een aantal rijkstarieven is momenteel nog niet bekend. Zodra deze bekendgemaakt worden zullen deze door het college worden vastgesteld door gebruik te maken van artikel 9 onder b van de legesverordening. Dit artikel regelt de bevoegdheid van het college om wijzigingen vast te stellen binnen hoofdstuk 1 van de tarieventabel behorende bij de Verordening op de heffing en invordering van leges die het gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die in werking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van de inwerkingtreding ervan in het Staatsblad of de Staatscourant. Wij zullen uw raad zo spoedig mogelijk, na het collegebesluit, op de hoogte stellen van de gewijzigde tarieven.
•
Tariefstijging milieubelastende activiteiten: de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid bepaalt regionaal de legestarieven voor de milieubelastende activiteiten. Die tarieven zijn dan gelijk
Zaaknummer
2024-0100017
in de tien gemeenten in Zuid-Holland Zuid. De Omgevingsdienst past daarbij de eigen inflatiecorrectie toe. Daarnaast bleek dat bij de bepaling van de legestarieven 2024 is uitgegaan van een te laag uurtarief. Die correctie en in de inflatiecorrecties in 2024 en voor 2025 leiden tot een tariefstijging van 6,9%. De betreffende tarieven zijn daar op aangepast. •
Tarief technische bouwactiviteit: uit de opgedane ervaringen met zowel de Omgevingswet als met de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) trekken we het minimumbedrag van € 52,40 (2024) voor een aanvraag waar geen sprake is van een bouwactiviteit voor het ruimtelijk deel (artikel 2.5 van de tarieventabel) gelijk met het minimumtarief in artikel 2.6, het ruimtelijk deel van de omgevingsplanactiviteit (€ 253,00 in 2024 en € 258,00 in 2025).
Voor een specificatie van de kostendekkendheid van de leges 2025 verwijzen we u naar de paragraaf Lokale Heffingen van de Begroting 2025. Overige wijzigingen •
Geen vergunningplicht - geen leges en/of teruggaaf: In artikel 4 lid c van de verordening is geregeld dat geen leges worden geheven als bij de behandeling van een aanvraag of melding als bedoeld in hoofdstuk 2 geen vergunningplicht geldt (als het gaat om bouw-, sloop- c.q. aanlegwerkzaamheden). In artikel 2.54 van de tarieventabel is bepaald dat als het college oordeelt dat voor de aangevraagde activiteit geen omgevingsvergunning is vereist, aanspraak op teruggaaf kan worden gemaakt. Met de komst van de Omgevingswet per 1 januari 2024 is hoofdstuk 2 van de tarieventabel Legesverordening 2024 geheel opnieuw tot stand gekomen en is artikel 4 abusievelijk in de Legesverordening 2024 blijven staan. We laten dan ook artikel 4 lid c vervallen.
•
Vervallen van artikel 2.20.A Samenloop van meerdere milieubelastende activiteiten uit verschillende bedrijfstakken: omdat er nog te weinig ervaring is opgedaan vinden we het voorbarig om zonder onderliggende data een kortingsregeling op te nemen. We schrappen deze bepaling om eerst meer ervaring op te doen.
•
Toevoegen artikel 2.20.A kleine wijziging IPPC-inrichting: op basis van ervaring stellen we voor om voor de categorie IPPC-inrichtingen een categorie-wijzigingen op te nemen die geen significante gevolgen hebben voor de gezondheid of het milieu.
•
Gevaarlijke stoffen anders ingeregeld: artikel 2.20.B kende één tarief voor de eerste aanvraag en een tarief voor verlenging (2024). In de praktijk wordt jaarlijks aangevraagd en wordt er niet verlengd. De kosten voor afhandeling worden bepaald door het aantal afleveradressen dat wordt aangevraagd. Het artikel is in samenwerking met de Omgevingsdienst aan de praktijk aangepast.
•
Vermindering bij participatie: in artikel 2.53 van de tarieventabel wordt verwezen naar artikel 2.6 lid d. en e van de verordening. Lid d betreft echter een binnenplanse omgevingsplanactiviteit bij wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht uit het tijdelijk deel van het omgevingsplan. Bij binnenplanse afwijkingen hoort conform de Omgevingswet geen participatie. De verwijzingen naar lid d. klopt derhalve niet, dit komt te vervallen. De verwijzing naar lid e. is wel juist, daar gaat het om een buitenplanse omgevingsplanactiviteit.
Wat zijn kanttekeningen en/of risico’s bij dit voorstel? Indien er niet tijdig wordt vastgesteld ontbreekt de officiële titel om per 1 januari 2025 de voorgestelde tarieven, conform de indexaties zoals vastgesteld in de Perspectiefnota 2025, te heffen. Welk (participatie)proces is doorlopen om tot dit voorstel te komen? Niet van toepassing. Wat zijn de belangrijkste gerelateerde besluiten? • Vaststelling Financiële Verordening (inclusief consolidatie van onder andere de Nota Lokale heffingen) op 16 mei 2023. De inhoudelijke raadsbehandeling inzake de vaststelling van de Nota Lokale heffingen vond plaats op 12 oktober 2021. •
Vaststellen Verordening op de heffing en invordering van leges 2024 op 7 november 2023.
Zaaknummer
2024-0100017
•
Vaststelling van de eerste wijziging van de verordening op de heffing en invordering van leges 2024 op 7 november 2023.
•
Vaststelling van de tweede wijziging van de verordening op de heffing en invordering van leges 2024 op 19 december 2023 door college met raadsinformatiebrief aan raad (zie raadsvergadering 6 februari 2024).
•
Vaststelling van de derde wijziging van de verordening op de heffing en invordering van leges 2024 op 21 mei 2024.
Hoe wordt dit betaald? Voor de voorgestelde wijzigingen zijn geen extra financiële middelen nodig. Dit betekent dat met de uitvoering ervan uitsluitend reguliere budgetten zijn gemoeid. In de ramingen van de inkomstenbudgetten Begroting 2025 en verder is rekening gehouden met de voorgestelde aanpassingen. Wat is het vervolg op het raadsbesluit? Na vaststelling van de Legesverordening 2025 in uw raad, vindt de bekendmaking plaats op de bij de gemeente gebruikelijke wijze in het elektronisch gemeenteblad. Tevens wordt de verordening gepubliceerd op de website www.wetten.nl. Het college van Burgemeester en Wethouders
Zaaknummer
2024-0100017
De raad van de gemeente DORDRECHT; gezien het voorstel van het college van Burgemeester en Wethouders van 1 oktober 2024 inzake Vaststellen Verordening op de heffing en invordering van leges 2025 ;
gelet op artikel 149 van de Gemeentewet; gelet op de artikelen 156, eerste en tweede lid, aanhef en onder h en 229, eerste lid, aanhef en onder b van de Gemeentewet; artikelen 2, tweede lid, en 7 van de Paspoortwet;
besluit:
de Verordening op de heffing en invordering van leges 2025 vast te stellen.
Aldus besloten in de vergadering van