Voorstel Vaststellen van het Uitvoeringsprogramma Water- en Rioleringsplan 2026 -2030 - Raadsvoorstel.pdf
Tekst van het document
Gemeentebestuur Spuiboulevard 300 3311 GR DORDRECHT
Aan de gemeenteraad
Datum Zaaknummer Betreft
2025-0098289 Vaststellen van het Uitvoeringsprogramma Water- en Rioleringsplan 2026 -2030
Vergadering van Portefeuillehouder: Begrotingsprogramma Kernteam/Opgave: Auteur: E-mail: Verantwoordelijke: Openbaar:
Rik van der Linden Groen, Duurzaam en Ruimtelijk Dordrecht Ruimtelijk Beheer - Water en Riolen Paul van Esch pja.van.esch@dordrecht.nl Paul van Esch Ja
Voorgesteld besluit vaststellen van het uitvoeringsprogramma Water/ en rioleringsplan (WRP) 2026-2030; de tarieven voor rioolheffing voor 2026 te verhogen met 5,9% (2,8% inflatie en 3,1% extra). En voor 2027 - 2030 met 2,1 % extra bovenop de inflatie; de begroting 2026 te wijzigen met bijgesloten begrotingswijziging (nummer 2226001). Deadline Behandeling bij de begroting op 11 en 12 november van dit jaar. De extra stijging vanuit het nieuwe WRP programma 2026-2030 van de rioolheffing is nog niet opgenomen in de begroting, wel de reguliere inflatie en het erfdeel uit het vorige riolering uitvoeringsprogramma. Daarnaast heeft het WRP een financieel effect op het begrotingssaldo door de toe te rekenen btw. Door de extra stijging als gevolg van het nieuwe WRP 2026-2030 gelijktijdig met de begroting vast te stellen kan de bijbehorende stijging van de rioolheffing op tijd voor het nieuwe heffingsjaar worden vastgesteld. Raadsvoorstel Hoe zijn de bevoegdheden rond dit onderwerp verdeeld? Het WRP is aan te merken als programma als bedoeld in artikel 3.5 Omgevingswet. De Omgevingswet is in 2024 ingevoerd, de zorgplichten voor stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater zijn hier in overgenomen. Belangrijke ontwikkelingen zijn de aanpassing van de Europese Richtlijn Stedelijk Afvalwater, die de komende jaren in de Nederlandse wet- en regelgeving wordt geïmplementeerd.
In 2027 moeten alle aangewezen waterlichamen voldoen aan de Kaderrichtlijnwater, we werken hieraan samen met waterschap, provincie en Rijkswaterstaat. Wat is het doel? Dordrecht is onlosmakelijk verbonden met water, het heeft de stad gevormd en blijft belangrijk bij het toewerken naar een toekomstbestendige stad. Dordrecht heeft een bijzonder watersysteem, dat beïnvloed wordt door de ligging in de Nederlandse Delta. Goede riolering en stedelijk waterbeheer zijn daarbij nodig voor de bescherming van de volksgezondheid, het milieu, het tegengaan van wateroverlast en het handhaven van de kwaliteit van de openbare ruimte. Ook
Zaaknummer
2025-0098289
willen we voldoende, schoon en veilig water in onze gemeente hebben, het waterschap is daarbij verantwoordelijk voor de waterkwaliteit. Deze doelen hebben invloed op de leefomgeving en alle andere vakgebieden die in de leefomgeving werken. Dit Water- en rioleringsprogramma (WRP) geeft aan hoe wij deze gemeentelijke watertaken uitvoeren. Als gemeente hebben we de wettelijke taak om voor de riolering en het stedelijk water te zorgen. We hebben zorgplichten voor stedelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater en grondwater. Daarbij hebben we te maken met een veranderend klimaat waarbij met name wateroverlast als gevolg van extreme buien vraagt om het rioolstelsel robuuster te maken waarvoor extra financiële middelen nodig zijn. Dit laatste doen we door bij vervanging de riolering met 50% te vergroten (van bui 8 naar bui 9). Niettemin zal er ook vaker hinder op straat zijn door water soms mede als gevolg van bodemdaling. De inwoner zal dit meer moeten accepteren. Bij ernstige hinder zorgen we ervoor dat de vitale en kwetsbare locaties bereikbaar blijven. Bij situaties van wateroverlast doen we aanpassingen om de schade meer te beperken, volledig voorkomen is onmogelijk. We richten onze straten, parkeerplaatsen, groenvlakken en speelvelden zo in dat we er tijdelijk water kunnen bergen.
Wanneer hemelwater op straat of in groen blijft staan, zien we dat niet als overlast tenzij het langdurig blijft staan. De aanpak van grondwaterproblemen al of niet mede als gevolg van bodemdaling vraagt om samenwerking tussen perceeleigenaren, gemeente en waterschap. De perceeleigenaar is primair verantwoordelijk voor het beheer van grondwater op het eigen terrein. Als het zich voordoet op openbaar terrein heeft de gemeente een taak. Het oppervlaktewater heeft een belangrijke functie als berging en/of afvoer voor (overtollig) hemelwater en maakt daarmee deel uit van het hemelwaterstelsel. Daarom zorgen we voor voldoende capaciteit en doorstroming in de watergangen die in beheer zijn van de gemeente en maken we hierover afspraken met WSHD over de overige watergangen. Dit WRP draagt bij aan 3 van de 7 doelen uit de Omgevingsvisie: een aantrekkelijk Dordrecht (doel 1), een gezond Dordrecht (doel 3), een klimaatbestendig Dordrecht (doel 5). Wat zijn per beslispunt de argumenten en wat is hierop de toelichting? 1 Vaststellen WRP 2025-2030 is nodig om te kunnen voldoen aan onze wettelijke taken. Huidige situatie: wat hebben we? We beheren in Dordrecht een uitgebreid stelsel van verschillende voorzieningen voor de inzameling en verwerking van stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater.
Zo ligt er 659 km vrijvervalriolering, 57 km pers- en drukleidingen, 138 gemalen, 261 drukunits, 125 km drainage, 1721 peilbuizen en 20 km duikers. Wat willen we bereiken? De Omgevingsvisie Dordrecht 2.0 bevat strategische beleidsdoelen en ambities, onder andere voor een klimaatbestendige stad in 2040. Met de beleidskaders in dit WRP geven we hier nader invulling aan hoe we dit willen bereiken. De Omgevingswet is in 2024 ingevoerd, de zorgplichten van de gemeente voor stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater zijn hier in overgenomen. Belangrijke ontwikkelingen zijn de aanpassing van de Europese Richtlijn Stedelijk Afvalwater, die de komende jaren in de Nederlandse wet- en regelgeving wordt geïmplementeerd. In 2027 moeten alle aangewezen waterlichamen voldoen aan de Kaderrichtlijnwater, de verantwoordelijkheid ligt bij het waterschap en Rijkswaterstaat, de gemeente werkt hieraan mee. Aanleg, onderzoek en maatregelen: wat gaan we doen? We onderhouden de objecten die we hebben door ze periodiek te reinigen en inspecteren. Daarmee houden we zicht op de staat van de objecten en inzicht in de werking van het systeem. Ook doen we onderzoek naar het functioneren van het systeem en om te bepalen hoe we de werking kunnen optimaliseren. Op locaties waar de staat of het functioneren niet meer voldoet treffen we maatregelen.
De komende jaren gaan we op diverse locaties in Dordrecht aan de slag om het systeem te vervangen, vernieuwen (soms relinen: inbrengen van een kunststof kous in het riool), verbeteren en uit te breiden. Grote projecten naast het vervangen van het riool zijn het vervangen van de pompen in het hoofdrioolgemaal (2026) en de aanleg van een 2e hoofdpersleiding (na de periode 2026-2030).
Zaaknummer
2025-0098289
2 Verhoging rioolheffing is nodig als gevolg van: klimaatverandering, hiervoor onder andere een verruiming met 50% voor de berging en afvoer van hemelwater, toename vervanging in uitvoeringsprogramma 2026 -2030, bredere watertaken en algemene inflatie, met daar bovenop extra gestegen kosten in de Grond-Weg- en Waterbouw, Toelichting heffing De tarieven voor rioolheffing voor 2026 stijgen met 5,9% (2,8% inflatie en 3,1% extra). En voor 2027 - 2030 met 2,1 % extra bovenop de inflatie. Dit is ook zo verwerkt in de verordeningen die parallel aan u zijn voorgelegd. Deze verhoging in 2026 is nodig om de toegenomen kosten van dit plan te kunnen dekken. In het vorige GRP was rekening gehouden met 1% cumulatief extra verhoging die onderdeel is van hiervoor genoemde percentages. Het percentage is dus iets toegenomen met name door verruiming van het stelsel (nieuwe normcapaciteit gaat uit van 50% meer volume), gestegen materiaalprijzen en de kosten voor de reeds opgenomen nieuwe hoofdrioolleiding. Op zeer lange termijn laat het model een tariefdaling zien. Dit is de periode na volledige vervanging van de na-oorlogse wijken Wielwijk, Crabbehof, Sterrenburg. Daarbij dient vermeld te worden dat vervanging van de groei met 10.000 woningen die in de huidige periode wordt voorzien nog niet volledig in het model zit.
Belangrijkste redenen voor de stijging van de rioolheffing De komende jaren liggen er nog grote opgaven voor ons. We hebben een ouder wordend rioolstelsel, waardoor steeds meer riolen, gemalen en persleidingen worden vervangen. We vergroten hierbij gelijk de verwerkingscapaciteit met 50% om de gevolgen van de extreme buien, toegenomen in aantal en omvang, te beperken. Daarnaast hebben we ook grote projecten zoals: het vervangen van de pompen plus ombouw van het hoofdrioolgemaal en de voorbereiding van een 2e hoofdpersleiding. De aanleg hiervan vindt plaats in een volgende periode maar financieel wordt hiermee al rekening gehouden. De afgelopen periode waren we al van deze grote projecten op de hoogte, de vervanging ligt dus in lijn de met de verwachtingen van het GRP 2021-2025. In de planperiode van het GRP 2021-2025 was er een forse inflatie (veel hoger dan de CPI-index), zeker binnen de Grond-, Weg-, en Waterbouw (kostenstijging aannemers voor: personeel, materieel en energie waren aanzienlijk). Dit is tot nu toe niet volledig verwerkt in de stijging van de rioolheffing, waardoor er minder rioolprojecten konden worden gedaan met het beschikbare budget en er werd ingeteerd op de voorziening. Dit heeft geleid tot een kwaliteitsverlaging van het systeem en hogere risico's. 3 De begroting 2026 te wijzigen met bijgesloten begrotingswijziging met nummer 226002/20200.
Het WRP wordt verwerkt in de begroting met bijgesloten begrotingswijziging. Onderdeel van deze wijziging zijn de toerekenbare kosten, overhead en BTW (op exploitatie-uitgaven én investeringen). Omdat de uitvoeringskosten stijgen (inflatie en toenemende investeringskosten), neemt ook de toerekenbare BTW toe. Wat zijn kanttekeningen en/of risico’s bij dit voorstel? Als WRP 2026-2030 niet integraal wordt vastgesteld kunnen we mogelijk niet voldoen aan onze wettelijke taken en er door andere overheden, burgers, ondernemers en andere stakeholders op worden aangesproken:
Zaaknummer
2025-0098289
Belangrijkste risico's Als het WRP 2026-2030 niet integraal wordt vastgesteld nemen de risico's toe op het functioneren van het gehele stelsel, zoals: storingen in de afvoer van het afvalwater, instorten van een riool, verzakkingen van het wegdek. De effecten van de klimaatverandering zoals bijvoorbeeld extreme buien kunnen we dan minder beperken en daardoor zullen de kansen op wateroverlast groter zijn. Het ontneemt daarnaast ook koppelkansen om bij rioolvervanging de openbare ruimte integraal opnieuw in te richten conform het vastgestelde beleid en de wensen van de bewoners. Welk (participatie)proces is doorlopen om tot dit voorstel te komen? Het Waterschap Hollandse Delta is betrokken geweest bij het opstellen van dit WRP en ze hebben een officiële reactie gegeven (zie bijlage in het WRP rapport). Hierin wordt enerzijds gevraagd om borging van financiële middelen voor bijvoorbeeld klimaatadaptatie maatregelen en anderzijds een complete lijst van lozingswerken. De financiële middelen voor klimaatmaat- en overstortmaatregelen worden deels via dit WRP geborgd en deels zal hiervoor nog nadere besluitvorming worden aangeleverd in 2026. De lijst van lozingswerken zullen we op een andere wijze delen met WSHD.
Rijkswaterstaat geeft aan vanwege de vereenvoudiging van de regels, verschuiving naar meer verantwoordelijkheid voor de initiatiefnemers en de benodigde prioriteitsstelling, niet te adviseren op dit plan en dat er in de Omgevingswet in het Besluit activiteiten leefomgeving (BAL) geen specifieke regels meer voor het lozen van water, afkomstig uit gemeentelijke stelsels, in rijkswater gelden, alleen nog de zorgplicht uit het BAL.
Zaaknummer
2025-0098289
Omdat er geen nieuw beleid wordt vastgesteld is afgezien van participatie bij het WRP. In de uitwerking van de rioolprojecten krijgen de bewoners en ondernemers de kans om te participeren in de plannen met name op de herinrichting van de openbare ruimte. Wat zijn de belangrijkste gerelateerde besluiten? Elke 5 jaar wordt er een Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) opgesteld. De laatste was GRP VII 2021-2025. Deze plannen werden opgesteld als uitvoeringsplannen voor het onderhoud en beheer van het rioolstelsel conform de wettelijke gemeentelijke taken vanuit de Waterwet. In de gemeentelijke taken is het beheer van het hemel- en grondwater veel omvangrijker en belangrijker geworden. Daarom hebben we het nieuwe GRP omschreven als Water- en Rioleringsplan (WRP 2026-2030). Hoe wordt dit betaald? Het gemeentelijke rioleringsstelsel wordt gefinancierd via de rioolheffing, een gemeentelijke belasting die huishoudens en bedrijven betalen om gebruik te maken van het riool en de bijbehorende infrastructuur. De opbrengsten van deze heffing dekken de kosten voor het aanleggen, onderhouden en beheren van de riool- en hemelwaterstelsel (inclusief de afvoer van afval- en regenwater) het beheer van het grondwater en een deel van het oppervlaktewater. De gemeente bepaalt wie de rioolheffing betaalt (eigenaar, gebruiker of beide) en hoe deze berekend wordt, het is een gesloten systeem.
In de gemeente Dordrecht wordt bij de rioolheffing onderscheid gemaakt tussen een eigenarendeel en een gebruikersdeel. Het eigenarendeel wordt opgelegd aan de eigenaar van een perceel en bedraagt een vast bedrag per perceel. Het gebruikersdeel is afhankelijk van het gebruik van het perceel. Wanneer het perceel als woning wordt gebruikt, geldt er een vast tarief. Als het perceel niet als woning in gebruik is wordt het gebruikersdeel afhankelijk van het aantal kubieke meters afvalwater dat vanaf het perceel wordt afgevoerd bepaald op basis van het waterverbruik. Wat is het vervolg op het raadsbesluit? Na de vaststelling zal het besluit worden bekend gemaakt en gepubliceerd als programma als bedoeld in artikel 3.5 Omgevingswet. Bij de uitwerking van de rioolprojecten en het vervangen van het riool in de straat treden we uitgebreid in contact met de bewoners en de bedrijven en betrekken we hun bij de herinrichting van de buitenruimte. Het college van Burgemeester en Wethouders
2025-0098289
Zaaknummer
De raad van de gemeente DORDRECHT; gezien het voorstel van het college van Burgemeester en Wethouders van het Uitvoeringsprogramma Water- en Rioleringsplan 2026 -2030 ;
inzake Vaststellen van
gelet op In dit WRP geven we aan hoe we onze wettelijke zorgtaken invullen: Stedelijk afvalwater Op grond van de Omgevingswet artikel 2.16 lid 1a-3 is elke gemeente verantwoordelijk voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater dat vrijkomt bij de in de gemeente gelegen percelen. Percelen binnen de bebouwde kom zijn daarom aangesloten op (vrijverval)riolering. Buiten de bebouwde kom zijn alle percelen aangesloten op vrijvervalriolering, mechanische riolering, een individuele behandeling van afvalwater (IBA) of een geoorloofd alternatief. Het waterschap heeft op grond van artikel 2.17 lid 1-a2 uit de Omgevingswet de verplichting om het afvalwater te zuiveren (of te laten zuiveren door een andere partij). Afvloeiend hemelwater Vanuit de Omgevingswet artikel 2.16 lid 1-a1 zijn gemeenten verplicht om zorg te dragen voor een doelmatige inzameling en verwerking van afvloeiend hemelwater, maar alleen als degene die zich ervan wil ontdoen niet redelijkerwijs het water zelf kan verwerken op het eigen perceel, door het in de bodem of in het oppervlaktewater te brengen of het hemelwater te gebruiken. Grondwater
In de Omgevingswet artikel 2.16 lid 1-a2, is bepaald dat de gemeente de zorg heeft om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken. Dit doet de gemeente door maatregelen te treffen in het openbaar gemeentelijke gebied voor zover deze doelmatig zijn en niet tot de zorg van de (grond)waterbeheerder of de provincie behoort. De verantwoordelijkheid voor grondwater ligt primair bij de perceeleigenaar, de gemeente komt pas in beeld als de perceeleigenaar nadelige gevolgen redelijkerwijs niet zelf kan voorkomen.
Drinkwater
De gemeente draagt zorg voor een duurzame veiligstelling van de openbare drinkwatervoorziening (samen met Rijk, provincie en waterschap, Drinkwaterwet, artikel 2). Hierbij wordt rekening gehouden met het grondwaterbeschermingsgebied en drinkwaterwinningsgebied en de mogelijke restricties die hieruit voortkomen.
Besluit kwaliteit leefomgeving
Ook volgt uit het besluit kwaliteit leefomgeving (artikel 3.16) dat de gemeente er zorg voor draagt dat een openbaar vuilwaterriool zo wordt ontworpen, gebouwd en onderhouden dat:
;
1.
het zoveel mogelijk berekend is op de eigenschappen, samenstelling en hoeveelheid van het afvalwater,
2.
lekkage zoveel mogelijk wordt voorkomen, en
3.
het aantal overstortingen zo beperkt is als voor een doelmatig beheer van afvalwater mogelijk is.
Zaaknummer
2025-0098289
overwegende dat: We als gemeente de wettelijke taak hebben om voor de riolering en het stedelijk water te zorgen. We zorgplichten hebben voor stedelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater en grondwater. En daarbij te maken hebben met een veranderend klimaat waarbij met name wateroverlast als gevolg van extreme buien vraagt om het rioolstelsel robuuster te maken waarvoor extra financiële middelen nodig zijn. besluit:
vaststellen van het uitvoeringsprogramma Water/ en rioleringsplan (WRP) 2026-2030; de tarieven voor rioolheffing voor 2026 te verhogen met 5,9% (2,8% inflatie en 3,1% extra). En voor 2027 - 2030 met 2,1 % extra bovenop de inflatie; de begroting 2026 te wijzigen met bijgesloten begrotingswijziging (nummer 2226001).
Aldus besloten in de vergadering van
Zaaknummer
2025-0098289
Bijlagen 1. 2.
Wrp Dordrecht 2026-2030_def_0310 PvE.pdf BWN 226001 rubriek 7 - AWN 10100 Aanp. invest. begr. 2026 behorende bij WRP Versie nummer VIII.pdf