CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Voorstel Vaststellen Stand- en Staanplaats Verordening - Raadsvoorstel.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 16 december 2025, gemeente DordrechtBij agendapunt: 13: Vaststellen Stand- en Staanplaats Verordening - Raadsvoorstel1.868 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeentebestuur Spuiboulevard 300 3311 GR DORDRECHT

Aan de gemeenteraad

Datum Zaaknummer

2 december 2025

Betreft

Vaststellen Stand- en Staanplaats Verordening

2025-0121901

Vergadering van Portefeuillehouder: Begrotingsprogramma Kernteam/Opgave: Auteur: E-mail: Verantwoordelijke: Openbaar:

Maarten Burggraaf Lerend en Ondernemend Dordrecht Wijken - Handhaving, Markten en Brugbediening Niels van Diejen na.van.diejen@dordrecht.nl Niels van Diejen Ja

Voorgesteld besluit de standplaatsverordening vast te stellen; de Verordening tot wijziging van de Algemene plaatselijke verordening Dordrecht, 23e wijziging vast te stellen; Raadsvoorstel Hoe zijn de bevoegdheden rond dit onderwerp verdeeld? De raad is bevoegd tot het vaststellen en wijzigen van verordeningen. De raad is bevoegd tot het vaststellen en wijzigen van de APV. Het college is bevoegd tot het uitschrijven van vergunningen. Het college is bevoegd tot het vaststellen van een aanwijzingsbesluit Wat is het doel? • Het in lijn brengen van het Standplaatsbeleid met de Nederlandse Dienstenwet en de Europese Dienstenrichtlijn. •

Het creëren van meer ondernemersvrijheid door middel van flexibiliteit in de regelgeving.

Wat zijn per beslispunt de argumenten en wat is hierop de toelichting? Aanleiding In het raadsvoorstel voor de nieuwe Marktverordening, vastgesteld in april 2024, heeft het college tevens nieuw standplaatsbeleid aangekondigd. Dit betreft niet de weekmarktstandplaatsen, maar de solitaire standplaatsen. Dit raadsvoorstel dient een aantal doelen. 1.

Het zijn veelal technische wijzigingen. Dit om te zorgen dat de regelgeving rondom de stand- en staanplaatsen beter aansluit op de marktverordening en de Nederlandse Dienstenwet. Ook worden voorwaarden uit de vergunningen verwerkt in de verordening.

2.

Het geeft standplaatshouders, die nu elk jaar een nieuwe vergunning aan moeten vragen, meer zekerheid.

Zaaknummer

2025-0121901

3.

Het biedt meer flexibiliteit voor ondernemers. Dit omdat het college makkelijker kan afwijken van regelgeving en daarnaast sneller nieuwe plekken kan aanwijzen.

4.

De verantwoordelijkheden die horen bij de kaderstellende taken van de raad, worden terug gebracht naar de raad. De verantwoordelijkheden die horen bij de uitvoerende taken van het college, worden teruggebracht naar het college.

Inhoud In Dordrecht kennen we drie vormen van ambulante handel. De weekmarkten, de solitaire standplaatsen en venten (deur-aan-deur verkoop). In dit raadsvoorstel gaat het over de solitaire standplaatsen. Voor standplaatsen kennen we ook een onderscheid. Zo zijn er de vaste standplaatsen, die u op verschillende plekken van Dordrecht ziet op de openbare weg. Kiosken vallen hier ook onder. Daarnaast hebben we ook seizoenstandplaatsen. Seizoenstandplaatsen zijn standplaatsen die, van oudsher, seizoensgebonden producten verkopen zoals oliebollen, schepijs en kerstbomen. Als extra categorie zien we soms tijdelijke standplaatsen op evenementen. Denk bijvoorbeeld aan de Pasar Malam, de boekenmarkt of foodtrucks bij Big Rivers. Dit noemen we ook wel ‘staanplaatsen’. Solitaire standplaatsen en seizoenstandplaatsen vallen onder de ambulante handel met een langdurend karakter. Dit zijn plekken die ook na afloop van de vergunning van een ondernemer nog aangewezen blijven als ‘plaats’ voor een standplaats. De staanplaatsen vallen onder de ambulante handel met een kortdurend karakter. In deze verordening hebben wij dit verschil beter geduid. Ook voegen we zaken toe en maken we meer flexibiliteit mogelijk. Denk hierbij aan de staanplaatsen, die een maximum vergunningstermijn van 5 jaar kennen.

Dit zorgt voor de mogelijkheid van ambulante handel als tijdelijke oplossing tijdens, bijvoorbeeld, bouwprojecten. Staanplaatsen die een onderdeel zijn van evenementen vallen onder de evenementenvergunning en hebben geen aanwijzing nodig van de Gemeente. Wel dienen zij zich aan dezelfde wet- en regelgeving te houden. Staanplaatsen zijn een alternatief voor standplaatsen. Bij een standplaats krijgt de ondernemer de zekerheid langere tijd aan zijn of haar onderneming te kunnen werken. Bij de staanplaats gaat het om kortdurende initiatieven. Ondernemers krijgen hier minder terugverdientijd, maar kiezen hier bewust voor omdat zij ergens een goede kans zien om hun geld te verdienen. Voor het horeca initiatief in het Weizigtpark denkt het college bijvoorbeeld aan een Staanplaats. Deze ondernemers verbinden zich niet per se voor langere termijn aan een plek in de stad, maar kunnen wel een gat opvullen waar dat valt. Veel van de informatie uit deze nieuwe stand- en staanplaatsverordening is hetzelfde als de informatie uit de marktverordening. Het college kiest hier voor uniformiteit, mede op advies van de Minister van Economische Zaken. Het college wil daarnaast graag meer ondernemersvrijheid mogelijk maken. Dit willen we doen op twee manieren. 1.

In artikel 6 lid 4 en artikel 17 lid 1 vindt u de zinssnede “privégronden met een openbaar karakter”. Het gaat er hier om dat het college kan afwijken bij standplaatsen die op privégrond staan. Denk bijvoorbeeld aan het terrein van een supermarkt of een bouwmarkt. Dit zijn privégronden, die tijdens de openingstijd van de betreffende winkel openbaar toegankelijk zijn. Het college is van mening dat in deze gevallen het hoofdzakelijk belangrijk is om, met toestemming van de eigenaar van de grond, aan te sluiten bij hun wensen.

2.

Staanplaatsen dragen daarnaast bij aan de ondernemersvrijheid. Op dit moment kunnen we enkel standplaatsen aanwijzen met een langdurig karakter. Dit is echter vaak een struikelblok, omdat er bijvoorbeeld een herziening van de buitenruimte komt. Door ‘staanplaatsen’, ofwel ambulante handel met een kortdurend karakter, mogelijk te maken komen we tegemoet aan de wensen van (potentiële ondernemers), zonder grip op ontwikkelingen in de buitenruimte te verliezen.

Daarnaast wil het college de aanwijzing van standplaats graag vatten in een aanwijzingsbesluit. Dit omdat de Gemeente dan de mogelijkheid krijgt om sneller plaatsen aan te wijzen, zowel voor stand- als voor staanplaatsen, en daarmee beter op ondernemersbehoefte in kan spelen. Er zijn

Zaaknummer

2025-0121901

legio voorbeelden van andere plekken waar wel vraag is naar een standplaats waar dat nu niet mogelijk is. Wat moet u als raad weten in het kort?

vergunningen

Het voorstel is om ondernemers van solitaire standplaatsen een vergunning voor 20 jaar te geven.

persoonlijke aanwezigheid

Solitaire standplaatshouders krijgen de mogelijkheid om vervangvergunningen aan te vragen

wet- en regelgeving

Deze wordt makkelijker en duidelijker. De raad krijgt de juiste bevoegdheden en het college ook.

staanplaatsen

Een categorie die al bestond bij evenementen. Deze wordt nu formeel toegevoegd én uitgebreid, ten behoeve van ondernemersvrijheid en het lokale ondernemersklimaat.

afwijken van regels

Het wordt gemakkelijker om ondernemers uitzonderingen te geven op hun openingstijden of data, waar nodig.

flexibiliteit en snelheid d.m.v. aanwijsbesluit

Het wordt voor het college gemakkelijker en sneller om plaatsen aan te wijzen.

Beslispunten 1.

Voor standplaatsen is het beleid verouderd en moet het herzien worden. We kiezen ervoor om zoveel als mogelijk dezelfde lijn te trekken als in de marktverordening. Dit doen wij omdat ondernemers die een standplaats hebben, ook met regelmaat op een markt staan. Soms op de centrummarkt hier in Dordrecht. Het betreft hier hoofdzakelijk technische wijzigingen, waarin voorschriften uit de APV en uit de vergunningen worden samengevoegd. Daarnaast is het voorstel om voortaan met een aanwijsbesluit te werken. Deze vindt u ter informatie bijgevoegd. Een aanwijsbesluit is een collegebevoegdheid. Nu al is het college bevoegd om een vergunning af te geven voor een standplaats, maar is het college niet bevoegd om een plek aan te wijzen. Dit zit verwerkt in de APV. Met dit nieuwe voorstel wordt het voor het college mogelijk om zelf plaatsen aan te wijzen. Een andere technische wijziging die van belang is, is dat standplaatshouders persoonlijk aanwezig moeten zijn volgens hun huidige vergunningen. In de nieuwe verordening kiest het college ervoor om vervangvergunningen toe te staan. Daarnaast is besloten om het verschil tussen een standplaats en een staanplaats duidelijker te definiëren. Een standplaats wordt hierin gezien als een ‘langdurige’ standplaats. Een ondernemer die een vast onderdeel van het aanbod in een gebied is.

Een staanplaats wordt gezien als een kortdurende oplossing voor een gebied waar tijdelijk geen aanbod bestaat. Vanuit het ministerie van Economische Zaken en Klimaat wordt ten behoeve van een gelijk ondernemersspeelveld, gestreefd naar uniformiteit van de vergunningstermijn die gemeenten hanteren rond de ambulante handel. Daartoe wordt regelmatig onderzoek gedaan door SEO in opdracht van het ministerie naar wat een redelijke terugverdientijd is in de ambulante handel. Onlangs zijn hiervan de resultaten gepresenteerd. De terugverdientijd is (inclusief investering rond ZE-zones) 10 tot 13 jaar. Naar aanleiding hiervan en ten behoeve van het nu voorliggende voorstel is advies opgevraagd bij Ten Holter Noordam Advocaten (hierna: THNA).

2.

Het college wil graag de aanwijzing van standplaatsen, in het kader van snelheid, en flexibiliteit verwerken in een aanwijzingsbesluit.

Zaaknummer

2025-0121901

Op het moment is het zo, dat indien een ondernemer navraag doet naar de mogelijkheid om een standplaats op te starten op een plek, die niet is aangewezen, dit via de raad geregeld moet worden. Dit is een proces wat langer duurt dan wanneer het college de plaats kan aanwijzen. Een traject waarop veel ondernemers niet willen wachten. Het college wil graag vaker tegemoetkomen aan de vragen van ondernemers. Daarom verzoekt het college de raad om akkoord te gaan met het wijzigen van de APV. De meeste regels worden dan, als besloten bij beslispunt 1, verwerkt in een verordening. De plaatsen waar de stand- en staanplaatsen mogen komen worden dan verwerkt in een aanwijsbesluit. Wat zijn kanttekeningen en/of risico’s bij dit voorstel? Rondom de marktverordening is uitgebreid met de raad gesproken over de juridische houdbaarheid van de marktvergunning. Zeker door de vastgestelde termijn van 20 jaar. Na de herhaling van het eerdere onderzoek van SEO marktonderzoek naar een redelijk terugverdientijd in de ambulante handel, is advies opgevraagd bij THNA. Voor de weekmarkt is al bij de behandeling van het raadsvoorstel op 9 april 2024 benoemd dat het college geen juridische basis ziet voor vergunningen van 20 jaar. Toch heeft de gemeenteraad om haar moverende redenen toen de vergunningstermijn via amendering aangepast en vastgesteld op 20 jaar.

Het advies van THNA bevestigt dat er geen juridische basis is voor een vergunningstermijn van 20 jaar die significant afwijkt van de terugverdientijd. Voor de standplaatsen is THNA ook van mening dat er geen inhoudelijke reden is om af te wijken van de genoemde terugverdientijd periode. Tegelijkertijd zijn er geen gewijzigde omstandigheden, feiten of redenen dan ten tijde van de besluitvorming door de gemeenteraad om te kiezen voor een vergunningsduur van 20 jaar. Daarom kiest het college in dit voorstel ervoor om ook standplaatshouders in die lijn een vergunning van 20 jaar te verstrekken. De termijn van 20 jaar kan juridisch worden aangevochten door potentieel gegadigden. Dit is een juridisch risico. Het is aan de raad om haar oordeel hierover te vellen. Welk (participatie)proces is doorlopen om tot dit voorstel te komen? In de afgelopen 3 jaar heeft continue contact plaatsgevonden met een breed scala aan (potentiële) ondernemers. Ook is in 2024 al contact geweest met de CVAH omtrent de standplaatshouders, in verhouding tot de marktkooplieden. Hoe wordt dit betaald? Er zijn geen kosten aan dit proces verbonden. Wat is het vervolg op het raadsbesluit? Er worden nieuwe vergunningen van 20 jaar gegeven aan alle ondernemers die in 2025 een standplaats hadden en een nieuwe vergunning willen. Het aanwijsbesluit voor standplaatsen wordt vastgesteld.

Het college van Burgemeester en Wethouders

Zaaknummer

2025-0121901

De raad van de gemeente DORDRECHT; gezien het voorstel van het college van Burgemeester en Wethouders van 2 december 2025 inzake Vaststellen Stand- en Staanplaats Verordening;

gelet op artikel 149 van de Gemeentewet; gelet op Nederlandse Dienstenwet Europese Dienstenrichtlijn;

besluit:

de standplaatsverordening vast te stellen; de Verordening tot wijziging van de Algemene plaatselijke verordening Dordrecht, 23e wijziging vast te stellen;

Aldus besloten in de vergadering van

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/913/documents/45005