Voorstel Vaststellen Participatieverordening gemeente Dordrecht - Raadsvoorstel.pdf
Tekst van het document
Gemeentebestuur Spuiboulevard 300 3311 GR DORDRECHT
Aan de gemeenteraad
Datum Zaaknummer
16 december 2025
Betreft
Vaststellen Participatieverordening gemeente Dordrecht
2025-0128017
Vergadering van Portefeuillehouder: Begrotingsprogramma Kernteam/Opgave: Auteur: E-mail: Verantwoordelijke: Openbaar:
Tanja de Jonge Bestuurlijk en Ondersteunend Dordrecht Opgaven / Gebiedsontwikkeling / Programma's - Inclusieve Stad Martine Breedveld m.breedveld@dordrecht.nl Martine Breedveld Ja
Voorgesteld besluit de Participatieverordening gemeente Dordrecht vast te stellen. Raadsvoorstel Hoe zijn de bevoegdheden rond dit onderwerp verdeeld? De gemeenteraad is bevoegd tot het vaststellen en wijzigen van verordeningen. Wat is het doel? In maart 2025 heeft de gemeenteraad een visie en aanpak voor participatie vastgesteld, inclusief het bijbehorende afwegingskader (de Dordtse Participatie Praatplaat). Samen met het Beleidskader Participatie, dat in 2022 reeds de spelregels voor participatie onder de Omgevingswet vastlegde, vormen deze beleidsnota’s het kader voor participatie in Dordrecht. Als gevolg van de Wet versterking participatie op decentraal niveau, die op 1 januari 2025 in werking is getreden (Stb. 2024, 203) wordt van gemeenten verlangd dat zij inwoners en maatschappelijke partijen niet alleen betrekken bij de voorbereiding, maar ook bij de uitvoering en evaluatie van beleid. Daarnaast introduceert de wet het uitdaagrecht, waarmee inwoners en maatschappelijke partijen het initiatief kunnen nemen om gemeentelijke taken over te nemen. De wet versterking participatie op decentraal niveau legt meer nadruk op participatie (in brede zin) en minder op formele inspraak als apart instrument. Gemeenten kiezen daarom in toenemende mate voor één geïntegreerde participatieverordening.
Waar inspraak vooral gericht was op het geven van zienswijzen bij beleidsvoornemens, richt participatie zich op samenwerking in alle fasen van beleid: voorbereiding, uitvoering én evaluatie. In de visie- en aanpak voor participatie, die de raad in 2025 heeft vastgesteld, staat deze beweging centraal. De Participatieverordening is een technische en juridische doorvertaling van de Dordtse werkwijze voor participatie die eerder is vastgesteld. Omdat de wijzigingen substantieel zijn, is er voor gekozen geen was/wordt overzicht toe te voegen, maar een nieuwe verordening op te stellen. Er is een (artikelsgewijze) toelichting opgesteld, die als aparte bijlage wordt meegestuurd. Het participatietraject dat is doorlopen om tot het beleidskader te komen, heeft geleid tot een visie en een concrete aanpak voor (burger)participatie. Vanuit het gesprek met de stad en via DoeMeeDordrecht, is zichtbaar geworden welke waarden, wensen en werkprincipes leidend moeten zijn. In aanvulling op het proces rondom de visie- en aanpak voor participatie zijn in 2025 meerdere sessies met de gemeenteraad (raadswerkgroepbijeenkomsten en raadsbrede sessie in
Zaaknummer
2025-0128017
oktober 2025) georganiseerd. De raad maakt door middel van de participatieverordening keuzes over de werking, reikwijdte en grenzen van participatie. Het vormgeven van dergelijke juridische en procedurele bepalingen behoort tot de rol en verantwoordelijkheid van de raad. Daardoor kunnen de visie en aanpak die eerder zijn vastgesteld binnen een helder en zorgvuldig vastgesteld bestuurlijk kader worden uitgevoerd. Met het beleidskader voor participatie en de Participatieverordening beoogt de gemeente om de samenwerking met inwoners en maatschappelijke partijen te stimuleren, het draagvlak voor gemeentelijk beleid te vergroten en de lokale democratie te versterken. Gemeenten staan voor complexe maatschappelijke opgaven zoals klimaat, leefbaarheid & veiligheid en inclusie. Vroegtijdige en betekenisvolle participatie draagt bij betere plannen en besluitvorming, het versterken van gemeenschappen en sociale samenhang en betere relaties en samenwerking. Met het vaststellen van de Participatieverordening is tevens voldaan aan motie 20250923/M8 'Heldere participatie in onze mooie stad'. De verordening ziet tevens toe op monitoring en evaluatie en zal daardoor bijdragen aan het continue volgen van de oproep van de indieners. Wat zijn per beslispunt de argumenten en wat is hierop de toelichting? De raad wordt gevraagd de Participatieverordening vast te stellen.
Daarmee brengen we de verordening niet alleen in lijn met het vastgestelde beleidskader, maar voldoen we tevens aan de verplichting, voortvloeiend uit de Wet versterking participatie op decentraal niveau, om de participatie- en inspraakverordening uit 2017 te herijken. Wat zijn kanttekeningen en/of risico’s bij dit voorstel? De gemeenteraad heeft in maart 2025 de visie en aanpak (burger)participatie vastgesteld, in aanvulling op het eerder vastgestelde Beleidskader participatie (2022). Deze kaders, aangevuld met de bepalingen t.a.v. werking, reikwijdte en grenzen van participatie die voortvloeien uit de opbrengsten van de raadsbrede bijeenkomst over (overheids)participatie, vormen de basis voor de Participatieverordening. Bij de bespreking van de visie en aanpak voor (burger)participatie is benadrukt dat participatie vraagt om een aanpak waarin responsiviteit centraal staat. Dat geldt zowel voor burger- als voor overheidsparticipatie. Het uitgangspunt is een uitnodigende houding en bereidheid om samen te leren.
In dat licht is het belangrijk om de kanttekening te maken dat met de geformuleerde aanpak weliswaar vorm en inhoud wordt gegeven aan de ambitie uit het politiek akkoord om tot een herkenbare aanpak voor participatie te komen, maar dat dit nadrukkelijk vraagt om ingroeien en een gezamenlijk leertraject waarin ook inwoners, maatschappelijke partijen en initiatiefnemers uit de stad zijn betrokken. Dit geldt in het bijzonder voor overheidsparticipatie (de omgang met initiatieven vanuit de stad en het uitdaagrecht). Welk (participatie)proces is doorlopen om tot dit voorstel te komen? In lijn met het vastgestelde beleidskader voor participatie en in de geest van de Wet versterking participatie op decentraal niveau, is vroegtijdig participatie ingezet. In 2024 zijn binnen de gemeente en in de stad (participatie)bijeenkomsten georganiseerd om in kaart te brengen wat de uitgangspunten zijn voor een goed participatietraject. Dat is gedaan door in bijeenkomsten stil te staan bij de lessen die getrokken kunnen worden uit eerdere participatietrajecten en door bij inwoners na te vragen wat voor hen belangrijk is bij participatie. Deze bijeenkomsten waren aanvulling op een online enquête die is uitgezet via Doe Mee Dordrecht.
De uitkomsten van de participatie zijn te lezen op www.doemeedordrecht.nl/participatie De inbreng van inwoners, zowel vanuit de enquête als de participatiebijeenkomsten, is vertaald naar de uitgangspunten en basisregels voor participatie - zoals vastgesteld door de raad in de visie- en aanpak (burger)participatie. Aanvullend zijn sessies georganiseerd met medewerkers van de gemeente om geleerde lessen met betrekking tot (eerdere) participatietrajecten te bespreken. Deze betrokken medewerkers zijn onder andere werkzaam als projectleider, projectmanager, planjurist, gebiedsmanager, omgevingsmanager, wijkmanager of beleidsmedewerker. Ook is met andere gemeenten gesproken over hun aanpak en ervaringen op het gebied van participatie, onder andere met de gemeente Den Haag en de gemeente Amsterdam. Na vaststelling van het beleidskader in maart 2025, is op 8 april en 10 juni een raadswerkgroep (burger)participatie bij elkaar geweest met als taak de vertaling van de vastgestelde visie naar de nieuwe Participatieverordening vanuit de raad te begeleiden. Op 28 oktober 2025 is vervolgens een
Zaaknummer
2025-0128017
raadsbrede bijeenkomst georganiseerd waarin, onder leiding van de VNG, aan de hand van casuïstiek is gesproken over de werking, reikwijdte en grenzen van participatie. En in het bijzonder de uitzonderingsgronden voor participatie en kaders voor het uitdaagrecht. De raad heeft aangegeven het van belang te vinden dat de gemeente uitnodigend is en in beginsel positief reageert op initiatieven uit de stad. Samenwerking met initiatiefnemers en maatschappelijke partijen is belangrijk. Van de gemeente wordt verwacht dat ze goed doorvraagt als een initiatiefnemer zich meldt. Niet om af te wijzen, maar om na te gaan of het initiatief kansrijk is en wat er eventueel nodig is aan ondersteuning. De gemeente blijft verantwoordelijk, daarom is het ook belangrijk om duidelijk te zijn als het initiatief onvoldoende kansrijk is of onvoldoende bijdraagt aan maatschappelijke doelen. Van initiatiefnemers uit de stad kan niet verwacht worden dat ze alles op exact dezelfde wijze doen als de gemeente. Dat hoeft ook niet. Maar het is ook niet zo dat alles maar moet kunnen. Daarom is het belangrijk om duidelijke kaders op te nemen. Draagvlak in de buurt is van belang. Als er een voorstel wordt gedaan om het uitdaagrecht toe te passen, moet er binnen een bepaalde termijn worden gereageerd. Ook moeten afspraken worden vastgelegd in een overeenkomst.
Het is van belang om daarin ook evaluatiemomenten in te bouwen en de eindigheid ervan te bepalen. Zowel voor burger- als voor overheidsparticipatie is het van belang om goed te communiceren, duidelijk te zijn en verwachtingen te managen. Ook goede terugkoppeling is van belang. Voor participatietrajecten waar een uitzonderingsgrond van toepassing is, moet de gemeente duidelijk zijn over de beperkte ruimte die er is voor participatie. In zo'n geval, bijvoorbeeld als het gaat om de huisvesting van een kwetsbare doelgroep zoals bijvoorbeeld het geval is bij Skaeve Huse, kan geen participatie plaatsvinden op het besluit. Wel dient te worden bekeken of op deelaspecten, zoals randvoorwaarden of het proces, participatie wel van toepassing kan worden verklaard. Wat zijn de belangrijkste gerelateerde besluiten? - Vaststellen Beleidskader Participatie 1.0 (Omgevingswet) - raadsvoorstel - Startnotitie participatie Programma Dordrecht - startnotitie - Gezamenlijke startbijeenkomst van raad en college (2023). - Stand van zaken Programma Participatie - raadsinformatiebrief - Visie- en aanpak (burger)participatie (2025) Hoe wordt dit betaald? Er zijn structurele middelen vrijgemaakt voor het programma Participatie. Die middelen zijn onder andere ingezet voor het traject om tot een vastgestelde visie-, aanpak en participatieverordening te komen.
De structurele middelen worden benut voor het monitoren, evalueren, leren en ontwikkelen in het kader van burger- en overheidsparticipatie. Wat is het vervolg op het raadsbesluit? Met de herijking van de participatie- en inspraakverordening uit 2017, brengen we de Participatieverordening in lijn met het eerder vastgestelde beleid. Eerder is de kanttekening al gemaakt dat met de geformuleerde aanpak weliswaar vorm en inhoud wordt gegeven aan de ambitie uit het politiek akkoord om tot een herkenbare aanpak voor participatie te komen, maar dat dit nadrukkelijk vraagt om ingroeien en een gezamenlijk leertraject waarin ook inwoners, maatschappelijke partijen en initiatiefnemers uit de stad zijn betrokken. De focus voor het vervolg ligt daarom op een lerende aanpak op basis van (praktijk)ervaringen. In 2025 zijn daarvoor binnen de gemeente Dordrecht o.a. twee bijeenkomsten voor ambtenaren georganiseerd over burger- en overheidsparticipatie. Bij de meest recente bijeenkomst in november 2025 waren ook initiatieven uit de stad aanwezig om hun ervaringen t.a.v. samenwerking met de gemeente te delen en daarover in gesprek te gaan. In 2026 wordt deze lerende aanpak voortgezet. Er worden o.a. een uitwisseling georganiseerd met de gemeente 's Hertogenbosch, waar al twee bestuursperiodes wordt geïnvesteerd in bestuurlijke vernieuwing middels een programmatische aanpak.
De bijeenkomst zal gaan over samenwerking met (burger)initiatieven en het programma dat de gemeente 's Hertogenbosch heeft om sociale structuren en gemeenschapszin in de stad te versterken. In maart 2026 wordt een bijeenkomst georganiseerd over het uitdaagrecht. Aanvullend wordt met het Huis van Actief burgerschap Dordrecht verkend hoe we - door middel van een aantal bijeenkomsten in 2026 - ambtenaren en initiatieven in de stad met elkaar in gesprek kunnen brengen in de Buitenwacht.
Zaaknummer
2025-0128017
Het programma Participatie is ook graag bereid om een bijdrage te leveren aan verdere bijeenkomsten met de raadswerkgroep Participatie in 2026. Het college van Burgemeester en Wethouders
Zaaknummer
2025-0128017
De raad van de gemeente DORDRECHT; gezien het voorstel van het college van Burgemeester en Wethouders van 16 december 2025 inzake Vaststellen Participatieverordening gemeente Dordrecht;
gelet op artikel 149 van de Gemeentewet;
besluit:
de Participatieverordening gemeente Dordrecht vast te stellen.
Aldus besloten in de vergadering van