Voorstel Al dan niet indienen van zienswijze Ingroeiperiode kostenverdeelprincipes GR Sociaal - Raadsvoorstel.pdf
Tekst van het document
Gemeentebestuur Spuiboulevard 300 3311 GR DORDRECHT
Aan de gemeenteraad
Datum Zaaknummer
14 februari 2023
Betreft
Al dan niet indienen van zienswijze Ingroeiperiode kostenverdeelprincipes GR Sociaal
2023-0022087
Vergadering van Portefeuillehouder: Begrotingsprogramma Kernteam/Opgave: Auteur: E-mail: Verantwoordelijke: Openbaar:
Peter Heijkoop Gezond, Sociaal en Zorgzaam Dordrecht Stad - Zorg & Ondersteuning Inge Hulswit ict.hulswit@dordrecht.nl Ja
Voorgesteld besluit geen zienswijze over het voorstel voor versnelde ingroeiperiode van het kostenverdeelmodel in te dienen. Raadsvoorstel Wat is het doel? Op 5 oktober 2021 heeft de Drechtraad een besluit genomen over de kostenverdeelprincipes van de GR Sociaal vanaf 1 januari 2023. Hierbij is afgesproken dat er voor de inwerkingtreding van deze nieuwe kostenverdeelprincipes een ingroeiperiode wordt gehanteerd van vier jaar. Op dit moment is het proces rondom de herijking van het minimabeleid in volle gang en komt bijna tot een afronding. Hierbij is het voor gemeenten van belang dat lokaal gemaakte keuzes in het beleid ook in financiële zin kunnen worden toegerekend aan de betreffende gemeente. Door de manier waarop de ingroeiperiode op dit moment is verwerkt in de begroting, is dat op dit moment nog niet (volledig) het geval. Daarom is de GR Sociaal voornemens om, conform het advies van Bosland (zie bijlage), de ingroeiperiode op een andere manier te verwerken in de begroting van 2023 en om de ingroeibijdrage in één keer af te rekenen tussen gemeenten. De in 2021 vastgestelde wijzigingen in de kostenverdeelprincipes zorgden ervoor dat de gemeentelijke bijdrage van een aantal gemeenten zou gaan stijgen, terwijl dit voor andere gemeenten zou dalen. Om deze herverdeeleffecten te dempen, is een ingroeiperiode afgesproken van vier jaar, die in 2023 in is gegaan.
De wijze waarop nu deze ingroeiperiode is verwerkt in de begroting zorgt ervoor dat gemeenten de komende jaren nog (deels) meebetalen aan maatwerkkeuzes van andere gemeenten. Het alternatieve voorstel wat nu voor ligt zorgt ervoor dat de te betalen of te ontvangen ingroeibijdragen (de in de tijd afbouwende compensatie voor de herverdeeleffecten) hetzelfde blijven, dat deze in één keer wordt verrekend en dat tegelijkertijd de gehele begroting vanaf 2023 kan worden ingericht volgens de nieuwe verdeelprincipes. Dit betekent dat bijvoorbeeld de kosten van het minimabeleid vanaf 2023 al volledig worden verdeeld op basis van nut per gemeente. Hiermee wordt het besluit van de Drechtraad van 5 oktober 2021 gerespecteerd en tegelijkertijd
Zaaknummer
2023-0022087
het principe van de GR Sociaal dat maatwerkkeuzes financieel worden toegerekend aan de betreffende gemeente. Voor de gemeente Dordrecht is het financieel effect van de voorgestelde versnelde ingroeiperiode dus neutraal. Het betekent voor 2023 dat er geen wezenlijk effect is maar slechts een verandering van de geldstroom, van betalen aan de GR Sociaal naar direct betalen (compenseren) aan de andere gemeenten. Daarnaast betekent het dat er over het totaal voor 2024/2025 er is sprake van een verschuiving van middelen 2024/2025 naar 2023. Over 3 jaar gezien is ook dit effect neutraal: De lasten in 2023 zijn voor Dordrecht incidenteel hoger, waarna de lasten vanaf 2024 structureel lager liggen. Wat zijn per beslispunt de argumenten en wat is hierop de toelichting? Het college wordt gevraagd de Raad te verzoeken geen zienswijze in te dienen op de versnelde ingroeiperiode van de kostenverdeelprincipes. Reden hiervoor is dat de effecten van het voorstel neutraal zijn en per direct lokale maatwerkkeuzes geen invloed hebben op de bijdragen van andere gemeenten. Wat zijn kanttekeningen en/of risico’s bij dit voorstel? Niet van toepassing. Welk (participatie)proces is doorlopen om tot dit voorstel te komen? Niet van toepassing.
Hoe wordt dit betaald? Bij de kadernota 2024 / 1e Burap 2023 worden de exploitatielasten voor het boekjaar 2023 met € 735.000 verhoogd en in de meerjarenraming 2024/2025 met hetzelfde bedrag verlaagd. Vanaf 2026 liggen de exploitatielasten, los van lokale maatwerkkeuzes en autonome kostenontwikkelingen, structureel lager, omdat de solidariteit op de uitvoeringskosten geheel is vervallen. Wat is het vervolg op het raadsbesluit? De effecten van de versnelde ingroei van het kostenverdeelmodel zullen in de kadernota 2024 worden verwerkt. Het college van Burgemeester en Wethouders
Zaaknummer
2023-0022087
De raad van de gemeente DORDRECHT; gezien het voorstel van het college van Burgemeester en Wethouders van 14 februari 2023 inzake Al dan niet indienen van zienswijze Ingroeiperiode kostenverdeelprincipes GR Sociaal;
besluit:
geen zienswijze over het voorstel voor versnelde ingroeiperiode van het kostenverdeelmodel in te dienen.
Aldus besloten in de vergadering van