Visie Extinction Rebellion op jachtrecht Dordrecht.pdf
Tekst van het document
aan Agendacommissie over de jacht Gemeente Dordrecht betreft Zienswijze uitgave jachtvergunning datum 16 september 2024
van David Klein woordvoerder Extinction Rebellion Drechtsteden
Geachte commissie aangaande jachtvergunning, Op dinsdag 3 september vond er een vergadering plaats over de beheer- en plezierjacht op het eiland van Dordrecht. Ons was ter ore gekomen dat menselijke belanghebbenden zoals boeren en jagers opgeroepen waren om publiekelijk aanwezig te zijn bij die vergadering. Dat is natuurlijk hun goed democratische recht, maar wij maakten ons er zorgen over, dat dieren zichzelf niet kunnen vertegenwoordigen om via hun aanwezigheid zachte druk uit te oefenen op de vergadering. Daarom hebben wij ons best gedaan om de gejaagden alsnog te vertegenwoordigen. Met deze brief willen wij onze zienswijze verhelderen. Zoals u hopelijk gemerkt heeft, zijn wij er niet op uit om het democratische proces te verstoren. Op af en toe een instemmend knikje bij een argument waar wij ons in konden vinden, of een fronsende blik als wij onze bedenkingen hadden, hebben wij vooral stilzwijgend en met veel interesse de vergadering gevolgd. Sterker nog: wij willen graag méér democratie. Bijvoorbeeld eentje waarin de rechten van andere dan menselijke inwoners van Dordrecht met voldoende aandacht meegenomen worden. Maar ook één, waarin de langtermijn belangen van een grote groep zonder stemrecht of economische macht niet gedomineerd worden door de persoonlijke en economische kortetermijn belangen van een kleine groep burgers, die wel economische en politieke macht heeft.
Die grote groep bestaat uit zowel menselijke als dierlijke bewoners van het eiland van Dordrecht. Want ook de natuur heeft intrinsieke rechten. En ook mensen elders en die nog niet geboren zijn hebben die. Er is een menselijke economie, maar ons Aardse ecologische systeem is ook een economie; een huishouden. Dat huishoudboekje blijkt helaas niet goed op orde. Wetenschappers zeggen: wij zitten momenteel in het zesde massa extinctie evenement sinds het ontstaan van de Aarde. Diersoorten sterven in hoog tempo uit en ecosystemen storten ineen. Als gevolg daarvan, zullen nog veel meer diersoorten uitsterven. Als dat op zichzelf nog niet reden genoeg is voor grote zorgen: sommige soorten zijn ook van cruciaal belang voor de mens. De economie van de Aarde in haar geheel is nauw verbonden met de menselijke. Zo’n groot concept is misschien nauwelijks te bevatten hier op ons kleine eilandje van Dordrecht. Toch hebben ook wij hier plaatselijk onze verantwoordelijkheid te nemen. Als wij dat hier niet doen vanwege eerder genoemde persoonlijke en economische kortetermijn belangen van een kleine groep burgers; hoe kunnen wij dan verwachten dat anderen elders dat wel doen? Vandaar de leuze:
Think global, act local En andersom is trouwens ook waar. Nu terug naar de situatie hier in Dordrecht. Voor de details verwijzen wij graag naar de experts die tijdens de vergadering op 3 september gesproken hebben over de beheersing van de wildstand, zoals de Stichting 1/3
Natuur- en Vogelwacht Biesbosch en Nettie Dekker, schrijfster van het boek Jagerslatijn, wiens visies wij in grote lijnen delen. Met name het verhaal over de jacht op reeën heeft ons er van overtuigd, dat die geen nut of noodzaak heeft. Min of meer daar recht tegenover stonden de presentaties van ondermeer de Wild Beheer Eenheid (WBE) Hoeksche Waard en vertegenwoordigers van agrariërs die schade ondervinden. In de presentatie van het WBE wordt een onderzoek aangehaald naar de mening van de gemiddelde Nederlander over de jacht. Een bronvermelding ontbreekt helaas, dus de achtergronden van dat onderzoek zijn niet goed te achterhalen. De gepresenteerde conclusies roepen vragen op.
Is dit een selectieve greep uit een verzameling veel genuanceerdere resultaten? Wie was de opdrachtgever van dat onderzoek? Onder welke doelgroep was de enquête verspreid? Welke groep mensen was oververtegenwoordigd bij het invullen, wellicht vanwege groot persoonlijk belang? Hoe neutraal was de vraagstelling? Hoe geïnformeerd waren de geënquêteerden over voors en tegens? Om maar gelijk tegengas te geven, in december 2021 deed i&o Research een onderzoek in opdracht van de Partij voor de Dieren met als titel “Hoe denkt Nederland over ‘de jacht’?” Zie IenO-Researchjachtenquete.pdf (partijvoordedieren.nl) Een kleine greep uit de uitkomsten: “Nederlanders staan –in het algemeen – vaker negatief (39%) dan positief (24%) tegenover de jacht op dieren door jagers.” “Ruim zeven op de tien Nederlanders (72%) vinden het niet acceptabel dat jagers voor hun eigen plezier mogen jagen, 17 procent wel.” “Een meerderheid van de Nederlanders vindt ook dat: • de jacht door niet-professionals verboden moet worden (71%) en alleen door professionals gedaan mag worden (65%); • de jacht alleen toegestaan mag worden bij een bewezen noodzaak (zoals schadebestrijding of vanwege de volksgezondheid; 69%).” In dit onderzoek is er ook naar gekeken hoe sterk de mening van de geênqueteerden afhankelijk is van de manier waarop vragen gesteld worden.
Het aantal mensen dat voor de vrije bejaagbaarheid is van konijnen, houtduiven, wilde eenden, hazen en fazanten bleek sterk af te nemen, als ze eerst de volgende korte inleiding te horen kregen over de actuele wildstand. “Het aantal broedparen van de wilde eend is sinds de jaren ’90 afgenomen met 30 procent. Haas en konijn staan op de Rode Lijst van bedreigde/kwetsbare zoogdieren en hun aantal is sinds tweede helft vorige eeuw met 60 à 70 procent afgenomen.” Bij konijnen daalde de groep voorstanders met maar liefst 43% (van 40% voorstanders zonder inleiding naar slechts 23% voorstanders met inleiding). Dit om maar aan te geven dat een diervriendelijke, economisch verstandige en -in algemene zinrechtvaardige beheersing van de wildstand niet te baseren is op enquêtes onder leken. Zeker niet omdat die uitkomsten makkelijk te manipuleren zijn door middel van informatievoorziening en vraagstelling. Dan nog een reactie op de presentatie van een vertegenwoordiger van de agrarische sector. Deze persoon gaf aan dat hij dit jaar op één perceel van 4 hectare inmiddels zo’n 15% aan schade had geleden door met name ganzen. Om die reden was hij voorstander van beheersing van de wildstand met behulp van jacht. Vanzelfsprekend zijn wij als XR het belang in van de productie van voedsel en gunnen wij onze boeren een eerlijke beloning voor de door hen verrichte arbeid en hun ondernemerschap.
Dat staat buiten kijf. Voor ons als relatieve leken in het publiek was de verstrekte info echter ontoereikend om de werkelijke ernst van de situatie te kunnen beoordelen. Voor hoeveel agrariërs was de geschetste situatie representatief? Hoe ernstig was de geleden economische schade ten opzichte de totale omzet over alle percelen? Hoe is die schade verspreid over het gebied waar de jachtvergunning nu over gaat? 2/3
Met het prachtige natuurgebied de Biesbosch in de buurt is het te verwachten dat er dieren zullen zijn die de door mensen bedachte grenzen niet zullen herkennen, laat staan respecteren. Het is niet makkelijk zo niet onmogelijk om een harde grens te stellen tussen natuurgebied en agrarisch gebied. Handhaven alsof die grens wel haarscherp te trekken is, zal ten koste gaan van de natuur. Dat is onrechtvaardig. Maar het is óók onrechtvaardig als een aan een natuurgebied grenzende boer aanzienlijk minder inkomen heeft, dan een boer die geen hinder heeft van dieren die een graantje meepikken van de opbrengst. Misschien vraagt een dergelijke situatie wel om een ander soort boer, dan degene die inkomen haalt uit het maximaliseren van de opbrengst? Of een compensatieregeling gebaseerd op indicatoren die waarde toekennen aan biodiversiteit? Mens en natuur komen vaak met elkaar in conflict. Een soort niemandsland tussen hun beiden in, kan daar misschien de scherpste kanten vanaf halen. Er moet een goed compromis mogelijk zijn tussen boer en natuur, waarbij een redelijk inkomen voor de eerste gewaarborgd blijft. Immers, door spectaculaire efficiëntieverhogingen in de landbouw produceren hedendaagse boeren tientallen malen meer voedsel per persoon, dan zij twee eeuwen geleden deden.
Dat hun verdienmodel onder druk staat, ligt op de lange termijn niet aan 10 of zelfs 20% procent verlies door fouragerende vogels en dieren, maar aan meedogenloze marktwerking. De grootste boosdoener hierin is niet de natuur, maar een economische systeem dat blind is voor langetermijn effecten. Tot slot was daar de presentatie van de Fauna Beheer Eenheid Zuid-Holland. Uit de getoonde grafieken blijkt dat schade uitkeringen gerelateerd aan de knobbelzwaan, de smient en de meerkoet sinds 2015 danwel 2020 sterk toegenomen zijn. De grauwe gans is met afstand de meest schadelijke vogel. De schade door die vogels is veel hoger dan in andere delen van het land, maar gegevens ontbreken om de werkelijke ernst te kunnen beoordelen. Welk deel van de omzet wordt verminderd door schade? Is dat deel ook wel zoveel groter dan die in andere provincies? En wat is een redelijke hoeveelheid schade om te accepteren? Kortom: er is wederom meer informatie nodig om een zorgvuldig gewogen besluit te nemen dat recht doet aan alle betrokkenen. Twaalf jaar gunning is een lange tijd. Neem dan ook voldoende tijd om goede kaders te stellen. In ons drukbevolkte land is het een hele puzzel om mens en natuur naast elkaar te laten bestaan. Onze oproep is om bij de keuzes die daarin gemaakt worden, alle zorgvuldigheid te betrachten.
Neem daarin niet alleen de economisch kwantificeerbare kortetermijn belangen van een relatief kleine groep mensen mee, maar ook de langetermijn belangen van allen. Inclusief de intrinsieke rechten van de natuur zelf; de rechten van toekomstige generaties; en die van mensen elders. Mocht dit probleem te ingewikkeld zijn om er als gemeenteraad uit te komen, adviseren wij om de hulp van burgers in te roepen. Niet via vrijblijvende enquêtes, makkelijk te manipuleren referenda en zelfs niet via het ontransparante filter van verkiezingen, maar via een landelijk inmiddels behoorlijk beproefd instrument: het burgerberaad. Hoe dan ook: wij wensen de raad veel wijsheid toe bij de besluitvorming over de jacht. We hopen dat er een besluit komt dat recht doet aan alle betrokkenen. Aan mens en dier. Voor nu en voor de toekomst. Met vriendelijke groet, David Klein woordvoerder Extinction Rebellion Drechtsteden, maar vooral: een bezorgde Dordtse en wereldburger 3/3