CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Verordening hondenbelasting 2022.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 9 november 2021, gemeente DordrechtBij agendapunt: 17: Vaststellen Verordeningen op de heffing en invordering van onroerendezaakbelastingen, afvalstoffenheffing, rioolheffing en hondenbelasting 2022 - Raadsvoorstel1.631 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verordening op de heffing en invordering van hondenbelasting 2022 De RAAD van de gemeente Dordrecht;

gezien het voorstel van het college van Burgemeester en Wethouders van 5 oktober 2021 inzake vaststellen Verordeningen op de heffing en invordering van onroerendezaakbelastingen, afvalstoffenheffing, rioolheffing en hondenbelasting 2022;

overwegende, dat het noodzakelijk is om een nieuwe, integrale Verordening op de heffing en invordering van een belasting op honden vast te stellen in verband met wijziging van de tarieven;

gelet op de artikelen 216 en 226 van de Gemeentewet;

besluit:

vast te stellen de navolgende Verordening op de heffing en invordering van hondenbelasting 2022

Artikel 1 Belastbaar feit Onder de naam hondenbelasting wordt een directe belasting geheven op honden die binnen de gemeente worden gehouden.

Artikel 2 Belastingplicht 1. Belastingplichtig is de houder van één of meer honden. 2. Als houder wordt aangemerkt degene die onder welke titel dan ook een hond bezit, ter verzorging of onder toezicht heeft, tenzij blijkt dat een ander houder is. 3. Het houden van een hond door een lid van het huishouden wordt aangemerkt als het houden van een hond door een door de in artikel 231, tweede lid,

onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar aan te wijzen lid van dat huishouden. 4. Als leden van het huishouden worden aangemerkt de bij het hoofd van het huishouden inwonende bloed- of aanverwanten, tenzij blijkt dat die personen tot verschillende op zichzelf staande huishoudens behoren. 5. De houder van een of meerdere honden die bij een ander inwoont zonder tot diens huishouden te behoren is persoonlijk belastingplichtig.

Artikel 3 Maatstaf van heffing en tarief 1. De belasting wordt geheven per hond. 2. De belasting bedraagt per belastingjaar: a. voor de eerste hond: € 48,96 b. voor de tweede hond: € 107,88 en voor iedere volgende hond telkens € 46,32 meer dan voor de vorige hond wordt geheven. 3. Voor het houden van honden in kennels, bedraagt de belasting per kennel per jaar: € 400,08. Voor de toepassing van de vorige volzin wordt onder kennel verstaan een inrichting als bedoeld in artikel 3.7, eerste lid, van het Besluit houders van dieren, bestemd en gebruikt voor het fokken van honden voor de verkoop of aflevering van nakomelingen.

Artikel 4 Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

Artikel 5 Wijze van heffing De belasting wordt geheven bij wege van aanslag.

Artikel 6 Ontstaan van de belastingschuld en bepalingen over aanvang en einde van de belastingplicht in de loop van het belastingjaar 1. De belastingschuld is verschuldigd bij de aanvang van het belastingjaar of, indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, bij de aanvang van de belastingplicht. 2. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, dan wel het aantal honden in de loop van het belastingjaar toeneemt, is de belasting respectievelijk de hogere belasting in verband met het aantal toegenomen honden, verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten als er in dat jaar, na het tijdstip van de aanvang van de belastingplicht, respectievelijk de toename van het aantal honden, nog volle kalendermaanden overblijven. 3. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, dan wel het aantal honden in de loop van het belastingjaar vermindert, kan aanspraak

worden gemaakt op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten als er in dat jaar, na het tijdstip van beëindiging van de belastingplicht respectievelijk de vermindering van het aantal honden, nog volle kalendermaanden overblijven. 4. Het aanvangen, wijzigen en/of eindigen van de belastingplicht dient binnen zes weken na het tijdstip daarvan schriftelijk te worden doorgegeven.

Artikel 7 Minimumaanslagbedrag 1. Belastingbedragen van minder dan € 10,- worden niet geheven. 2. Voor de toepassing van het eerste lid wordt het totaal van op één aanslagbiljet verenigde belastingaanslagen aangemerkt als één belastingbedrag.

Artikel 8 Vrijstellingen 1. In dit artikel wordt verstaan onder hondenasiel: aan één locatie gebonden ruimte of ruimtes bestemd of gebruikt voor het in bewaring houden van honden die zwervend zijn aangetroffen, dan wel waarvan door de eigenaar permanent afstand is gedaan, welke locatie als inrichting is aangemeld overeenkomstig artikel 3.7, eerste lid, van het Besluit houders van dieren. 2. De belasting wordt niet geheven met betrekking tot honden: a. beneden de leeftijd van twee maanden, voor zover zij tegelijk met de moederhond worden gehouden; b. boven het aantal van twee, indien de honden uitsluitend voor verkoop worden gehouden in een inrichting als bedoeld in artikel 3.7, eerste lid, van het Besluit houders van dieren en waarbij geen sprake is van een kennel als bedoeld in artikel 3, derde lid van deze verordening; c. die in een hondenasiel verblijven; d. die uitsluitend dienen om blinde personen, doven of slechthorenden te leiden of personen met een motorische handicap behulpzaam te zijn dan wel hiervoor in opleiding zijn onder overlegging van een verklaring van een medisch specialist; e. waarvan de houder in het bezit is van een geldig diploma van de Koninklijke Nederlandse Politiehondenvereniging, mits de houder zich verbonden heeft zijn hond met een geleider, aan wiens bevelen de hond gehoorzaamt, op aanvraag ter beschikking van de politie te stellen.

Artikel 9 Termijnen van betaling 1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald uiterlijk op de laatste dag van de tweede maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. 2. In afwijking van het eerste lid geldt, in geval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag

bevat het bedrag daarvan, minder is dan € 20.000,- en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnen, waarbij de eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. 3. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.

Artikel 10 Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2022. 2. De "Verordening hondenbelasting 2021", vastgesteld op 10 november 2020, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid bedoelde datum van ingang van de heffing met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 3. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2022. 4. Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening hondenbelasting 2022".

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 9 november 2021.

De griffier,

De voorzitter,

A.E.T. Wepster

A.W. Kolff

Toelichting Verordening Hondenbelasting 2022 De hondenbelasting kan worden gezien als een algemene belasting waarvan de opbrengst ten goede komt aan de algemene middelen. Voor de hoogte van de tarieven gelden geen beperkingen. De hondenbelasting had oorspronkelijk regulering tot doel: het aantal honden beperken in het belang van de openbare veiligheid en gezondheid. Het aspect 'openbare veiligheid en gezondheid' heeft in de loop van de tijd aan betekenis verloren. Gaandeweg is de hondenbelasting tot een meer fiscale heffing geworden. Hoewel de belasting juridisch niet als een bestemmingsbelasting, maar als een algemene belasting moet worden gekarakteriseerd, wordt zij in de gemeente Dordrecht ingezet voor de kosten, die zijn gemoeid met het de uitvoering van het hondenbeleid. Hondenbelasting wordt geheven van de houders van één of meerdere honden. Indien een houder meerdere honden heeft, wordt per hond een hogere belasting geheven.

Tarieven 2022 De tariefsaanpassing voor 2022 is conform reeds eerder door de raad vastgestelde besluiten tot stand gekomen:  Kadernota 2022 (vastgesteld op 13 juli 2021): "Het tarief voor de eerste hond is in 2021 vastgesteld op € 59,88. Met de vaststelling van de beleidswens Hondenbelasting is in de Begroting 2022 nogmaals € 50.000 beschikbaar. Op basis van het meest recente, bekende aantal honden en met inzet het bedrag van € 50.000 zal het tarief 2022 definitief worden bepaald. Vanuit dit perspectief is er geen sprake van indexatie van de tarieven".  Het amendement 'De vervuiler betaalt', aangenomen bij de vaststelling van de Begroting 2018 op 14 november 2017: "De hoogte van de heffing wordt jaarlijks vastgesteld aan de hand van de afrekening hondenbelasting van enig voorafgaand jaar, waarbij overschotten in de afrekening betekenen dat er een korting kan worden verstrekt op de hoogte van de belasting en tekorten in de afrekening kunnen leiden tot een verhoging van de belastingheffing". Uitgaande van het principe dat de totale inkomsten uit de hondenbelasting niet meer dan de kosten van het hondenbeleid dekken (aangenomen motie 'Verlaag Dordtse hondenbelasting' bij de vaststelling van de Kadernota 2018 op 27 juni 2017), moet het tariefvoorstel voor 2022 € 342.000 opleveren.

In deze geraamde opbrengst is de met de beleidswens 'Hondenbelasting' (Begroting 2019) beschikbaar gestelde, verlaging van de opbrengst 2022 van € 50.000 verrekend. In tegenstelling tot 2019, 2020 en 2021 waarbij alle tarieven daalden, sluiten we in 2022 aan bij het enkel effectueren van de verlaging op het tarief van de eerste hond zoals dit ook het geval was in 2018. Dit om het ontmoedigingsbeleid dat we hanteren, om mensen meer dan één hond te laten nemen, nog eens te onderstrepen. Door de coronamaatregelen hebben er in 2021 nog geen controles plaatsgevonden op hondenbezit. Naar verwachting neemt het werkelijke aantal honden toe, wanneer

de controles later in het jaar kunnen worden hervat. Tarief 2017

Tarief 2018

Tarief 2019

Tarief 2020

Tarief 2021

Tarief 2022

1e hond

108,48

98,40

91,92

64,08

59,88

48,96

2e hond

154,80

154,80

139,92

112,08

107,88

107,88

Voor iedere volgende hond telkens meer dan voor de vorige hond wordt geheven

46,32

46,32

46,32

46,32

46,32

46,32

Kennels

714,24

714,24

500,04

450,00

400,08

400,08

* Tarieven zijn deelbaar door 12.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/344/documents/13405