CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Vastgestelde notulen DD 21 juni 2022.pdf

Dordtse Dinsdag – Beeld- en oordeelsvormende commissies 21 juni 2022, gemeente Dordrecht55.223 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 6

VERSLAG VAN DE OPENBARE VERGADERING VAN DE DORDTSE DINSDAG DORDRECHT D.D. 21 juni 2022 Vergaderkamer 1

2. Veiligheidsbeeld Dordrecht en proces IVP 2023-2026 Voorzitter: dhr. Klerk Raadsgriffier: dhr. Vullings Verslag: NotuBiz De voorzitter: Goedemiddag, welkom allemaal. In deze vergadering bespreken we het veiligheidsbeeld Dordrecht en het proces omtrent integraal veiligheidsplan. Hartelijk welkonn aan de kijkers thuis en mensen op de publieke tribune. Burgemeester Kolff namens het college, daarnaast Michel Baars, Mirjann Vermaat en Gemma Schmidt, ook hartelijk welkonn. Welkom aan de raadsleden en commissieleden hier aanwezig en ik stel voor dat we eerst een rondje nnaken waarin zij zich voorstellen en daarbij begin ik aan de rechterhand van mu, tegen de klok in. De heer Droog: Andre Droog, ChristenUnie/SGP. De heer Maroof: Abdul Maroof, DENK Dordrecht. De heer Den Heijer: Den Heijer, Dordtse VVD. De heer Tutupoly: Gersom Tutu poly, Op Ons Eiland. De heer Van Dam Tinnmers: Jan Van Dam Timnners, CDA Dordrecht.

De heer Van der Spoel: Wouter Van der Spoel, PydA. De heer Burakcin: Necdet Burakcin, GroenLinks. Mevrouw Kruger: Kitty Kruger, GroenLinks Dordrecht. De heer Okkerse: Mario Okkerse, SP Dordrecht. De heer Roggekamp: Erik -Jan Roggekamp, Gewoon Dordt. De heer Schalken: David Schalken, Beter Voor Dordt. Mevrouw Van Herwijnen: Irma Van Herwijnen, Partij Voor De Dieren. Mevrouw Smid: Gemma Smid, portefeuille directeur veilige stad. Mevrouw Vermaat: Mirjam Vermaat, opgavemanager veilige stad. De heer Baars: Michel Baars, beleidsadviseur veiligheid en projectleider van het integraal veiligheidsplan.

1

De heer Kolff: Wouter KoIff, burgemeester. De voorzitter: Mijn naam is Albert Klerk en ik mag deze vergadering voorzitten. Aan het einde van 2022 moet het integraal veiligheidsplan door de gemeenteraad worden vastgesteld voor de periode 2023-2026. Voordat dat wordt opgemaakt, wordt er een veiligheidsbeeld opgesteld zodat duidelijk is wat in Dordrecht speelt en welke prioriteiten er gesteld moeten worden. In het najaar komt dat dan weer terug ook in de raad. Ja, allereerst geef ik dan nu het woord aan Michel Baars of aan burgemeester Kolff, sorry, voor een inleiding en toelichting. De heer KoIff: Ja, dank, voorzitter. Fijn om hier vandaag op een beeldvormende manier met elkaar stil te staan bij het thema veiligheid. Ik werd net geIntroduceerd als burgemeester Kolff namens het college, dat is correct, ik zit hier namens het college en ik zit hier ook, dat klinkt een beetje formeel, maar als zelfstandig bestuursorgaan burgemeester met bepaalde bevoegdheden. Met taken als het gaat om de veiligheid en de openbare orde in onze stad. Dat is de reden dat ik hier zit. In het college liggen ook vraagstukken die veiligheid raken of die over de leefbaarheid gaan of over andere zaken die veiligheid raken. Die voor een deel ook belegd zijn onder andere bij collega, bij wethouder Merx, hij is ook aanwezig vandaag. Zit hierachter in de zaal.

Maar afgesproken is dat het als het gaat om de integraliteit op het gebied van veiligheid dat ik dat trek. Dat is meteen ook het, een beetje het ingewikkelde aan het dossier veiligheid. Daar zitten natuurlijk allerlei elementen in die mensen raken. Veiligheid kun je ook voor een deel objectief meten, ook hoe het gaat met de veiligheid in de stad, bijvoorbeeld door cijfers, meldingen die mensen doen, aangiftes die mensen doen, et cetera. Voor een deel kun je eigenlijk helennaal filet meten. Gaat het meer om de beleving die mensen hebben om het gevoel wat mensen hebben als ze door de stad rondlopen, op ieder tijdstip zeg ik daar meteen bij, over hoe mensen bejegend worden. Sams hebben we er als gemeente of als overheid eigenlijk helemaal geen invloed op want hebben mensen ook een onveiligheidsgevoel bijvoorbeeld, ik zeg maar wat, over de situatie in de wereld wat dan effect heeft over hoe mensen zich buiten als ze op straat rondlopen zich voelen. Dus veiligheid is een, zeg ik maar even, een heel mooi thema maar ook tegelijkertijd wel een veelkoppig monster waarbij het belangrijk is dat we daar in ieder geval als overheid, als lokale overheid veel aandacht voor hebben omdat het door mensen ontzettend belangrijk wordt gevonden dat ze leven, wonen, werken in een veilige leefomgeving.

Eens in de vier jaar stellen we zoals iedere gemeente, zeg ik daar meteen bij, een zogeheten integraal veiligheidsplan op. Het huidige integraal veiligheidsplan loopt tot en met dit jaar. Dat betekent dat we voor de periode na dit jaar weer voor vier jaar een integraal veiligheidsplan moeten hebben. Ja, voor die cyclus is ook gekozen voor de cyclus van vier jaar omdat dat aansluit bij andere veiligheidsplannen die weer boven ons niveau liggen, bijvoorbeeld regionaal niveau, het niveau van de eenheid van de politie, eenheid Rotterdam waar 25 gemeenten samenwerken als het gaat om de inzet van politie. Dus het sluit ook aan bij de beleidscyclus zoals we die hebben met andere gremia waar we ook weer voor een deel van afhankelijk zijn. Ik noemde net al even, omdat het thema belangrijk wordt gevonden door veel Dordtenaren, dat geldt natuurlijk voor heel veel thema's. Als je kijkt naar alle verkiezingsprogramma's dan heeft bijna elke partij er ook echt wel iets over

2

opgemerkt. In aanloop naar de verkiezingen heeft ons eigen onderzoekscentrum Drechtsteden ook een aantal zaken onderzocht. Welke thema's spelen er nou in Dordt en onder de Dordtenaren. Daar kwam veiligheid, dat was in juni 2021, toch echt wel uit als een prioriteit voor onze stadsgenoten. Ik zei het al, dat integraal veiligheidsplan dat is een plan wat echt ook door de gemeenteraad wordt vastgesteld. Waar u dus als genneenteraadsleden en commissieleden uiteraard ook, maar waar het orgaan gemeenteraad ook echt wat van kan vinden. Waar we prioriteiten stellen over waar we de inzet willen zien, waar we gemeentelijk beleid op willen ontwikkelen en waar niet. Het kenmerk van prioriteiten stellen is natuurlijk ook dat als je lets heel erg belangrijk vindt en bovenaan zet dat automatisch lets anders daar dan onder komt te staan want je kunt niet van alles een prioriteit maken. Ik snap dus ook echt dat er bij verschillende partijen, dat zullen we straks in elk geval niet nu maar in de oordeelsvormende fase vast ook met elkaar gaan ervaren, verschillende prioriteiten hebben.

Maar uiteindelijk moet er wel een plan liggen wat gedragen wordt door de gemeenteraad waar we als gemeente ook weer vier jaar mee vooruit komen en waarin we ook echt aangeven van nou de gemeenteraad van Dordrecht vindt deze en deze en deze zaken echt het allerbelangrijkste en daar zouden dus ook de meeste aandacht naar uit nnoeten gaan. Dat zegt niet, nogmaals, dat er op andere thema's geen inzet wordt gepleegd. Dat IVP is echt een mooi en belangrijk stuk. Het is het soort kapstok waar we de komende vier jaar, net zoals we de afgelopen vier jaar hebben gedaan op werken als het gaat om ontwikkeling van beleid vanuit de gemeente, de samenwerking die we bijvoorbeeld met partners doen in de veiligheidsketen. Zoals bijvoorbeeld het RIEC, het Regionaal Inlichten en Expertise Centrum waar ook onze gemeenteonderdeel van uitmaakt en mede-eigenaar eigenlijk van is. Het RIEC is een centrum waar we kennis kunnen delen, waar we bepaalde zaken aan de orde kunnen stellen en waarin we ook, als we die zaken daar aan de orde hebben gesteld, tussen de partners ook veel meer informatie mogen uitwisselen als het gaat am bijvoorbeeld criminaliteitsbestrijding. Eigenlijk zou je kunnen zeggen: het IVP is de kadernota voor wat betreft het veiligheidsbeleid.

Aangezien het een integraal veiligheidsplan is, komt er dus ook veel meer aan de orde dan waar gaan we de komende jaren onze politiemensen op inzetten. Een verantwoordelijkheid die primair bij mu j ligt maar waar ik wel verantwoording over heb af te leggen aan de gemeenteraad. Het gaat veel breder dan dat. Veiligheid raakt eigenlijk alle domeinen. Het kan gaan am fysieke veiligheid, het kan gaan am veiligheidsbeleving, het kan gaan am leefbaarheid in wijken, et cetera. Dus daarom pakken we dat ook integraal aan. Zoals gezegd, het sluit aan op de beleidscyclus van andere organen waar we mee te maken hebben, bijvoorbeeld die van de politie en de gemeenteraad stelt het was. Tot slot hecht ik eraan am nog even, dat is toch goed voor de beeldvorming, de thema's mee te geven. Dat zijn er vijf die in de afgelopen, in het afgelopen integraal veiligheidsplan nadrukkelijk aan de orde zijn geweest. Dat is ten eerste het tegengaan van overlast. Dat is natuurlijk een ruim begrip want overlast kun je al ervaren doordat je iemand tegen het lijf loopt die iets onaangenaams tegen je zegt maar overlast kan natuurlijk ook structureel zijn als je naast het spoor woont of naast een gebied waar veel evenementen warden georganiseerd. Overlast kan ook ervaren warden als mensen warden lastiggevallen op straat am wie ze zijn.

Het zijn natuurlijk allennaal thema's die eigenlijk onder het fenomeen overlast vallen en zo zijn er nog wel meer vornnen van overlast te benoemen. Tweede thema wat in het IVP stand, was het bestrijden van de georganiseerde

3

criminaliteit. Er zijn natuurlijk wel discussies gaande over in hoeverre je daar als gemeente en oak als burgemeester een rol in hebt. Mijn opvatting is dat dat niet prinnair onze taak is, de georganiseerde criminaliteit bestrijden. Dat zou echt primair de taak moeten zijn van het Openbaar Ministerie en de politie die in opdracht van het Openbaar Ministerie bezig is met strafrechtelijke kwesties. Het is wel zo dat als de georganiseerde criminaliteit ruim baan krijgt in een bepaalde gemeente of in een bepaalde regio dat je die eigenlijk alleen maar kunt bestrijden als je dat oak georganiseerd aanpakt. Dat betekent dat we eigenlijk in alle gemeenten in Nederland steeds meer gewend zijn am de handen in een te slaan, in de driehoek maar oak door middel van het RIEC wat ik net noemde, am die georganiseerde criminaliteit tegen te gaan. Is toch vaak verwant aan drugshandel, aan mensenhandel en andere vormen van criminaliteit die we echt graag de wereld uit zouden willen hebben waar mensen echt de dupe zijn van deze georganiseerde criminaliteit. De best georganiseerde criminaliteit, zeg ik dan maar even, is de georganiseerde criminaliteit die we niet zien waar oak geen overlast van ervaren wordt maar die er wel is en die echt schrijnende situaties veroorzaakt. Dat noemen we ondermijning.

Ondermijning noemen we eigenlijk de vormen van criminaliteit die het minst zichtbaar zijn, die eigenlijk als een soort sluipmoordenaar de samenleving binnendringen en die in hele wijken of soms straten veroorzaken eigenlijk oorzaken voor sociale disbalans. Oak voor het gewoon gaan vinden van bepaalde crinninele activiteiten. Daar moeten we in elk geval volgens het huidige IVP ook stevig op inzetten. Dat hebben we de afgelopen jaren oak gedaan. Een derde thenna was het aanpakken van digitale, vermogens en geweldscriminaliteit. Geweldscriminaliteit moet je denken aan roofovervallen op straat of bij een tankstation of bij een winkel. Vermogensdelicten moet je denken aan fraude bijvoorbeeld bij ouderen waar mensen aan de deur langskomen am gekke dingen te verkopen voor veel te veel geld. Evenals voorbeeld, er zijn meer voorbeelden van te noemen. Oak digitale criminaliteit komt steeds meer op. Mensen die via internet de dupe warden van mensen met verkeerde bedoelingen. Whatsappfraude en andere vormen van digitale criminaliteit. Dan behoud van sociale stabiliteit, een belangrijk thema wat in het IVP stand. Dat is eigenlijk oak heel breed op te vatten maar dat ziet toch met name op het vormen van een samenleving die tegen een stootje kan. Waar mensen weerbaar zijn en waar eigenlijk weinig ruimte is voor radicalisering door wie dan oak. Sociale cohesie, sociale stabiliteit.

Daar wordt oak vooral in geInvesteerd aan de voorkant, dat is meer een preventieve maatregel waarin je eigenlijk het dak moet repareren als het niet regent. Tot slot het beheersen van veiligheidsrisico's. Er zijn allerlei risico's die zich kunnen voordoen op het gebied van veiligheid die zich misschien niet altijd manifesteren maar waar je wel op voorbereid moet zijn oak als lokale overheid en dat valt eigenlijk onder dat kopje. Nou, dit even als algemene aftrap. Ik hoop dat we met elkaar er een mooi proces van maken. Voor mijzelf is het de derde keer dat we een IVP-proces doorlopen. De eerste keer was in mijn vorige gemeente, tweede keer was hier en nu weer hier. Ik moet heel eerlijk zeggen, ik zou het altijd nnooi vinden als hier een plan uit komt waarvan de genneenteraad zegt: hier herkennen wij ons in. Maar niet alleen de gemeenteraad, oak echt de samenleving. Dat de samenleving zegt: ja, die gemeente die maakt op een goede manier werk van onze zorgen als het gaat am veiligheid. Dat is misschien een bruggetje naar de ambtelijke presentatie die nu gegeven gaat warden want ik hecht veel waarde aan de uitkomst maar ik hecht oak veel waarde aan het proces am te komen tot een goed integraal veiligheidsplan. Tot slot,

4

voorzitter, als het mag, ik moet straks even vijf minuten de vergadering verlaten voor een interview met RTV Rijnmond over de asielcrisis. Weer iets heel anders. Dan kom ik daarna snel weer terug. De voorzitter: Oke, dank u wel. Dan geef ik Michel Baars het woord. De heer Baars: Ja, dank u wel. Het integraal veiligheidsplan, een plan wat de burgemeester al benoemd, een belangrijk plan waarin we de doelstellingen voor de komende vier jaar op het gebied van veiligheid vastleggen. Om ook echt te komen tot die doelstellingen is het ook belangrijk dat we eerst een heel goed beeld hebben van de veiligheidssituatie in Dordrecht. Dat beeld dat gaan wij maken, daar zijn we mee bezig, daarvoor hebben we ook de argumentenfabriek benaderd om in eerste instantie een hele, ja dat beeld te maken met vanuit hun optiek die, ben ik even het woord kwijt, een objectieve kijk op de veiligheidssituatie in Dordrecht waarin zij infornnatie tot zich krijgen vanuit documenten, vanuit cijfers, vanuit analyses die zij dan vervolgens kunnen maken tot het veiligheidsbeeld. Tegelijkertijd wordt ook het handhavingsplan opgesteld. Het handhavingsplan vindt niet door het team veiligheid wordt dat opgesteld maar door team handhaving. Maar er zit natuurlijk wel een belangrijke overlap in. Een stukje leefbaarheid kan zich vervolgens uiten richting het stukje veiligheid of vooral onveiligheid.

Maar het integraal veiligheidsplan gaat niet over leefbaarheid, dat gaat over veiligheid. Dus het gaat niet over afval in de omgeving, het gaat niet over stankoverlast, het gaat ook niet over hondenpoep bijvoorbeeld maar heel veel leefbaarheidsvraagstukken bij elkaar kan wel een onveilig gevoel geven waardoor wel die overlap er daadwerkelijk is. Zoals ik al zei, er wordt een objectieve maar ook een wetenschappelijke analysebenadering toegepast door de argumentenfabriek. Zij analyseren de belangrijkste documenten en de belangrijkste onderzoeken vanuit de gemeente en vanuit onze partners. Dan moet je bijvoorbeeld denken aan de trendanalyse van de politie waarin zij voor de komende vier jaar de belangrijkste trends op papier hebben gezet. Dat gaat bijvoorbeeld over de ontwikkeling op het gebied van digitale criminaliteit, op het gebied van georganiseerde crinninaliteit maar ook bijvoorbeeld over de capaciteitsvraagstukken die de politie heeft. Dat heeft natuurlijk ook uiteindelijk invloed op hoe wij binnen onze gemeente veiligheid kunnen aanpakken. Daarnaast belangrijke documenten zijn bijvoorbeeld het politiek akkoord maar ook gebiedsscans die wij per wijk maken in deze gemeente waarin veiligheid, de veiligheidsproblemen per wijk worden beschreven. Het meerjarenbeleidsplan van de politie wat op dit moment in concept is, is een belangrijke input.

Ook bijvoorbeeld het dreigingsbeeld van de nationaal coordinator terrorismebestrijding en veiligheid. Nou, daarnaast heb je nog andere actoren binnen en buiten de organisatie zoals bijvoorbeeld de Veiligheidsregio die een beleidsplan heeft wat natuurlijk ook belangrijk is voor ons veiligheidsbeeld. Als we het hebben over onderzoeken die er al bestaan, waar wij dus gebruik van maken, is bijvoorbeeld de Veiligheidsnnonitor. De Veiligheidsmonitor is een enquete die landelijk wordt gehouden en waardoor we ook verschil kunnen zien tussen gemeenten. We kunnen dus ook de resultaten van die veiligheidsmonitor waarin we veiligheidsbeleving van de inwoners wordt gezien, kunnen we dus weer spiegelen met andere gemeenten en daar ook een uitkomst uit halen. Daarnaast organiseren we sessies met interne en externe partijen. Die interne partijen moet je bijvoorbeeld

5

denken aan het sociaal donnein, wonen, wijken, dus de mensen die echt op straat zijn in de wijken, handhaving is daar bijvoorbeeld bij aangesloten. Externe partijen is politie, de Veiligheidsregio, het RIEC, zorg en veiligheidshuis. Dat zijn partijen waarmee wij al die onderzoeksresultaten uiteindelijk verfijnd hebben, ook in het resultaat wat vandaag besproken gaat worden. Of in ieder geval tussen de tussenreportage die vandaag besproken gaat worden. Op dit moment vindt ook nog een bewonerspanel plaats. Dat is een onderzoek natuurlijk onder de bewoners in Dordrecht. Daarnaast doen we ook een omnibusonderzoek. Dat betekent binnen het bewonerspanel heb je, dat is best wel, dat zijn mensen die maatschappelijk betrokken zijn, die melden zich vaak voor het bewonerspanel. Het omnibusonderzoek doet ook steekproefsgewijs krijgen mensen een brief toegestuurd en wordt gevraagd om diezelfde enqu8te in te vu lien. Daarmee krijgen we een betere afspiegeling van de Dordtse samenleving en daarmee ook een betere afspiegeling met wat er speelt op het gebied van veiligheid in de stad. Vandaag gaan we met jullie het beeld ophalen. We willen graag het beeld ophalen van wat leeft er bij de gemeenteraad op het gebied van veiligheid maar we gaan nog niet kijken naar de prioriteiten want het is echt belangrijk dat we een heel goed beeld hebben voordat we prioriteiten gaan vaststellen.

Anders dan leggen we toch de prioriteiten vast op het verkeerde beeld want dat kan toch nog wijzigen. We willen wel die trends en die factoren die jullie hebben toegestuurd gekregen die willen we gaan bespreken. Daar willen we op gaan inzoomen en vervolmaken. Ja. Tot aan september, in september gaan we dan in de oordeelsvormende vergadering prioriteiten stellen, gaan we, we gaan het stuk schrijven. Het veiligheidsbeeld gaan we dan schrijven. Voordat we dat doen, gaan we ook stadsgesprekken houden. We gaan de boer op, we gaan de straat op, we gaan met mensen praten in de stad, in alle wijken, we gaan met jeugd in gesprek, we gaan in gesprek met ondernenners van verschillende horeca, ondernemers van bedrijventerreinen zodat we daar ook een goede mix in hebben en we gaan ook in gesprek van het netwerk bondgenoten waarin vanuit verschillende Dordtse bevolkingsgroepen vertegenwoordigers zijn. Denk bijvoorbeeld aan iemand vanuit de Somalische hoek, iennand vanuit de Turkse hoek en vanuit de Marokkaanse hoek. Zo ook vanuit een dominee die is aangesloten en ook vanuit de sociale hoek zodat, het netwerk bondgenoten is een netwerk waarin we in geval van onrust daar kunnen we leunen op deze mensen omdat zij de achterban goed kennen. Maar in tijden van vrede moet je daar goede banden mee onderhouden en dat doen wij.

Daarom willen we ze dus ook heel graag betrekken bij het integraal veiligheidsplan. Dan gaan we nu inderdaad dat veiligheidsbeeld dat gaan we schrijven en in dat veiligheidsbeeld zal dan al een concept prioriteiten kunnen we daar al uit halen want dan zien we natuurlijk al wat, welke prioriteiten er bovenkomen drijven op basis van het beeld. In september, bij de oordeelsvormende vergadering, presenteren we het veiligheidsbeeld en met dat veiligheidsbeeld gaan we ook gelijk nog een kleine terugkoppeling geven, een terugblik op de afgelopen vier jaar. Het huidige integraal veiligheidsplan dat loopt nog tot eind dit jaar dus het zal natuurlijk niet een volledige evaluatie kunnen zijn. Een aantal doelstellingen moeten dit jaar nog gewoon aan gewerkt worden. Maar het zal in ieder geval een terugkoppeling beeld geven van de afgelopen vier jaar en dus een soort van evaluatie. Daarnaast zal daar het omnibusonderzoek en het bewonerspanel, daarvan zullen de resultaten ook bekend zijn en die gaan we ook met jullie bespreken. De concept prioriteiten die daar uiteindelijk uit voortkonnen. Die concept prioriteiten die

6

gaan we aan jullie voorleggen en we vragen dan ook om dat te bekijken welke prioriteiten het belangrijkste zijn, welke de meeste aandacht behoeven. Dit doen we gezamenlijk met de consultatie van het regionaal beleidsplan van de politie. Het regionaal beleidsplan van de politie dat is wettelijk moet dat voorgelegd worden aan de raad, dat gebeurt ook eens in de vier jaar en het is een document wat heel nauw moet eigenlijk praten met het integraal veiligheidsplan. Het zou heel raar zijn als in het integraal veiligheidsplan, ja onderwerpen staan of punten staan die tegenspreken met het meer jaren beleidsplan van de politie. Dat zijn twee documenten die gewoon naadloos op elkaar nnoeten aansluiten. Als we de prioriteiten hebben vanuit de raad gaan we daar, gaan we die prioriteiten gebruiken om het integraal veiligheidsplan op te stellen. Daarnnee ook de doelstellingen voor de komende vier jaar te gaan formuleren. Dat is zeg maar wat we tot aan december dan ongeveer gaan doen. In december gaat de besluitvorming dan plaatsvinden. Daarin is het goed om te weten ook dat het gedurende looptijd ook wel op basis van actuele ontwikkelingen zo'n integraal veiligheidsplan soms moet worden bijgesteld.

We hebben dat natuurlijk in de afgelopen vier jaar ook gezien dat rondom Corona, maar nu ook met de opvang van Oekraiense vluchtelingen wat veel capaciteit vraagt binnen heel de organisatie maar ook in het bijzonder team veiligheid, dat het uiteindelijk ook gevolgen kan hebben voor de doelstellingen die we aan het begin hebben geformuleerd. Dus, dat geldt niet alleen voor onszelf maar dat geldt ook voor onze samenwerkingspartners. Als wij doelstellingen formuleren, hele sterke doelstellingen formuleren maar als wij harder !open dan onze partners en onze partners kunnen ons niet bijbenen dan is het soms niet haalbaar om bepaalde doelstellingen te realiseren. Dus daar moeten we goed ook in de samenwerking met onze partners naar kijken en met elkaar die doelstellingen weten te behalen. Het leert ook dat het IVP altijd ruimte moet hebben om bij te kunnen sturen. Die bijsturing die kan ook plaatsvinden, verantwoording van het integraal veiligheidsplan vindt plaats middels de burap. Vandaag gaan we het tussenresultaat dus bespreken. Daarin staan de trends en de factoren die bepalend zijn om het integraal veiligheidsplan op te kunnen stellen of in ieder geval die echt van invloed zullen zijn op hoe het integraal veiligheidsplan eruit komt te zien. Het is een tussenresultaat en het is dus met onze interne en externe partners die ik zojuist al heb benoemd, ja opgesteld.

Dus daarmee is het al zo verfijnd als dat het nu is. De categorieen die jullie in het document zien, die zijn nog niet bepalend voor de hoofdstukindeling van het integraal veiligheidsplan. Ook niet bepalend voor de prioriteiten van het integraal veiligheidsplan. Het zijn echt de teksten in de rechter kolom dat zijn de trend en de factoren en zeg maar de kolom die daar links staat, zoals bijvoorbeeld fysieke veiligheid, sociale stabiliteit, digitale veiligheid, ondermijning en criminaliteit, wonen en leefomgeving burgers en partners, dat staat nog volledig open. Het integraal veiligheidsplan zal worden opgesteld op basis van de prioriteiten die door de raad worden gesteld. Daarbij is dus jullie beeld heel erg belangrijk want jullie beeld zal uiteindelijk ook het totale veiligheidsbeeld vervolnnaken en op basis daarvan kunnen we dus weer die prioriteiten gaan stellen. Nou, daar willen we vandaag gebruik van gaan maken middels de mentinneter. Dus, ik heb een QR-code toegevoegd. Misschien extra makkelijk. Is iedereen ingelogd? Oh kijk, sommige mensen hebben al het een en ander ingevuld. Heel mooi. De vraag is: mist u nog iets? Mist u nog iets in de trends en de factoren die we in de tussenrapportage naar u hebben gestuurd. Als u niks mist dan horen we dat ook heel

7

graag. Hierna komt de vraag wat u het belangrijkste vindt dus dat hoeft u niet te benoemen. Zullen we een aantal eruit halen am ze te bespreken? Econonnische disruptie. Ik weet niet wie hem heeft ingevuld. Zou je hem kunnen toelichten? De heer Boone: Nou, waar ik me wel zorgen om maak is, dat is natuurlijk iets alleen van Dordrecht maar dat is, de oplopende verschillen tussen arm en rijk. Die staat dan deels genoemd maar ik denk oak de kwetsbaarheid van het financiele systeem wereldwijd, gebrek aan grondstoffen maar oak de oplopende ontevredenheid die er is zeg maar in de maatschappij die dan hand in hand gaat met welvaartsvraagstukken. De heer Baars: Ja, dank u wel. Is inderdaad een onderwerp waar veel meer am te doen is. Nachtelijke veiligheid. De heer Roggekamp: We hebben best wel oak berichten gekregen voor de verkiezingen dat mensen 's avonds over straat gewoon zich niet veilig voelden, niet over straat durfden te gaan maar oak als ze buiten bij auto's wat horen dat ze niks durven te doen. Dat in tegenstelling tot overdag waarbij mensen gewoon vrijuit kunnen bewegen dus daar zit oak wel een verschil in, ja voor het moment van de dag zeg maar. De heer Baars: Ja, goed punt. Ik ben oak heel benieuwd wat daaruit komt vanuit het bewonerspanel bijvoorbeeld. Vervoer van gevaarlijke stoffen en spoorveiligheid. Inderdaad een punt die niet direct terug te vinden is op de lijst.

Hij valt onder risico's op rampen en crisis veranderen door groei en verdichting van de stad. Bijvoorbeeld random de sporen. De heer Van der Spoel: Mag ik daar even op reageren? Want op zich kun je ieder ding wat hier op het scherm staat toch wel ergens onder scharen? De heer Baars: Waarschijnlijk, we hebben een breed, een brede trends- en factorenanalyse, zeker. Dit zijn wel de trends en analyses die verandering veroorzaken. Dus niet zo zeer de statische situatie maar vooral de verandering ten opzichte van, de factoren die echt leiden tot een nieuw beeld. Dus bijvoorbeeld dat er cijfers veranderen, dat woninginbraken dalen dat komt bijvoorbeeld zou dat door Corona kunnen komen, dat meer mensen thuis waren. Maar dat is wel een analyse die wij doen en op basis daarvan zou je je prioriteiten kunnen aanpassen. Maar misschien oak juist niet. Mevrouw Vermaat: Ik wil daar op aanvullen dat we hebben natuurlijk zoals Michel zei, we hebben in een groep ambtenaren en oak met partners bij elkaar gezeten en wij kregen een nog veel langere lijst voorgelegd. Met andere woorden, we zijn echt heel uitvoerig te werk gegaan. Alles dat in ons opkwam dat mochten we opschrijven.

Oak nog aanvullend op wat er al in al die rapportages stond die genoennd werden dus het klopt dat je een aantal dingen die genoemd zijn hier dat die onder zijn gegaan in een categorie op de lijst die jullie op het scherm voor jullie zien op jullie eigen scherm, weliswaar. We hebben al een soort samenvatting gemaakt maar we willen echt alles beetpakken en dan gaan we kijken van goh waar kunnen wij nou invloed op uitoefenen en wat vinden oak partners en bewoners het belangrijkste. Ik moet zeggen, de vervoer

8

gevaarlijke stoffen noemden de bewoners ook graag. Dus er zit een goede vertegenwoordiging hier. De heer Baars: Is er nog iennand die een specifiek onderwerp wil toelichten? De heer Schalken: Ja, als ik mag, ik was net even weg, misschien is het al aan de orde gekomen maar ik had ingevuld ook, u gaf aan dat jullie nu aan het ophalen zijn ook en dat het toch echt ook wel zo kan zijn dat wat mensen nu aan antwoorden geven dat dat anders zal zijn dan wanneer je bijvoorbeeld in de winterperiode gaat ophalen als we het hebben over veiligheid. Dus dat was een punt dat ik ook had aangevuld. Ik had zoiets van heb je dan niet misschien ook al in de winter ook al wat moeten ophalen en niet alleen nu deze periode of vraag je echt expliciet aan de mensen van hoe beleeft u de omgeving 's winters in plaats van 's zonners. De heer Baars: Dat is een hele goede vraag. We hebben wel het bewonerspanel expres in mei gedaan omdat er dan ook veel evenementen plaatsvinden. Vier jaar geleden was het ook in die periode zodat we die resultaten met elkaar kunnen vergelijken. Dat in de winter inderdaad, er zijn wel verschillende onderzoeken die in verschillende periodes van het jaar plaatsvinden, denk bijvoorbeeld aan de veiligheidsnnonitor, ik weet niet precies, weet jij dat? Mevrouw Vermaat: Najaar.

De heer Baars: De veiligheidsmonitor heeft dus in het najaar plaatsgevonden, dat is meteen wel gelijk een goede ten opzichte van het bewonerspanel. Maar zo zijn er natuurlijk ook wel verschillende onderwerpen die wel op andere momenten worden onderzocht. De heer Schalken: Als ik daarop mag aanvullen. Sinds, speelt natuurlijk ook als we het hebben over verkeersveiligheid ook gladheid en dat soort dingen een rol en 's zomers misschien wel de verblinding van de zon, ik noem maar wat, op bepaalde wegen. Ik bedoel, dat zijn wel dingen die ook denk ik bij mensen dan anders beleefd warden. De heer Baars: Ja. Ik kan me goed voorstellen, inderdaad. Mevrouw Vermaat: Ik vind het wel nnooi, dit is dus niet, al die ambtenaren en professionals die bij elkaar zaten, hebben deze niet genoemd. Dus ik vind dat toch wel weer grappig am te horen maar misschien ook nog wel met hang- en sluitwerk dat je je ramen open laat staan in de zomer. De heer Schalken: Goed dat we hier zitten. Mevrouw Kruger: Mag ik ook nog even een vraag stellen? Want ik kan me ook zo voorstellen, we zeggen van de invloed van het jaargetijde kan van belang zijn maar in hoeverre is bekend dat bijvoorbeeld social media of gewoon de media in het algemeen die lets droppen van invloed zijn op de veiligheidsgevoelens van mensen? Want bedoel, ik kan me hartstikke veilig voelen maar zodra dat in het nieuws komt en het blijft maar

9

gezonden worden dan ga ik me ook afvragen van oh heb ik dat ook niet en dat soort dingen, dus. De heer Kolff: Dat is een zeer terecht punt want de objectieve veiligheid hangt niet altijd samen met de subjectieve veiligheid, met de veiligheidsbeleving en dat is wel een worsteling die we ook hebben. Soms wil je als je resultaten boekt op het gebied van veiligheid daar heel graag ook iets over laten merken. Soms is dat ook heel erg goed om te laten zien dat inzet op veiligheidsgebied werkt en dat zeg maar criminaliteit niet loont. Tegelijkertijd, hoe vaker erover wordt gecommuniceerd, hoe vaker dat nnensen dat ook lezen in de krant en het gevoel krijgen oh er speelt wel heel erg veel in onze gemeente of de gemeente is onveilig. Dus dat is een hele gevoelige balans die we ook elke keer zoeken. Als het gaat om communicatie rondom veiligheid, dat heeft heel erg nauw verband met veiligheidsbeleving, nnoet je gewoon heel zorgvuldig opereren. Dus wat mij betreft hebben we daar ook altijd veel aandacht voor. De heer Tutupoly: Ik had er nog even bijgezet aanpak van drugsoverlast rondom scholen, sportgelegenheden en horecagelegenheden eigenlijk. Michel had het wel genoemd, de overlast van jeugd daaromtrent. Aileen waar het mij om gaat, is juist die aanpak. Ook als je nu kijkt natuurlijk wat er heel veel speelt dat is eigenlijk ten aanzien van het lachgas.

Landelijk is er aandacht voor maar het lijkt de normaalste zaak van de wereld dat je hier een horecazaak binnenloopt en grote gastanks daar gewoon binnen staan terwijI we eigenlijk zien dat het heel veel leed teweegbrengt bij jongeren. Daar zou ik eigenlijk specifiek wat meer aandacht voor willen want je hoort het veel van bewoners, de drugs langs de scholen, rond de pauzes. Je hoort het, je ziet de gaspatronen bijvoorbeeld bij de sportverenigingen. 's Avonds langs terreinen de autootjes die allemaal bij de sportverenigingen staan. Mensen hebben een onveilig gevoel en ik denk dat daar wel meer aandacht voor mag komen. De heer Kolff: Ja, waarvan akte zou ik willen zeggen. Tegelijkertijd als het gaat om lachgas, u noemde dat er landelijk veel aandacht voor is en dat er lokaal meer aandacht voor zou nnoeten zijn. Nou, er is wat mij betreft nooit genoeg aandacht voor dat soort vraagstukken. Het is wel zo dat als het gaat om beleid hier in Dordrecht op dit moment echt alles hebben gedaan wat we kunnen, in de APV et cetera om lachgas onmogelijk te maken. In ieder geval een verbod erop lokaal zoveel mogelijk te verankeren. Waar we vooral nu op wachten, is de rijksoverheid die eigenlijk een landelijk lachgasverbod er doorheen moet krijgen en dat duurt gewoon wat !anger dan we eigenlijk met elkaar willen.

Maar ik snap dat dit punt wordt genoemd en wat mij betreft komt daar ook zeker aandacht voor in het integraal veiligheidsplan. De heer Tutupolv: Mag ik daar even op reageren? Even los natuurlijk van de aanpak als je het hebt even over een verbod aanpak. Je kunt je natuurlijk ook afvragen in het kader van maatschappelijk verantwoord ondernemen dat je iets aanpakt ten aanzien van horecagelegenheden waar het gewoon de nornnaalste zaak van de wereld is. Bedoel, ook die horecaverenigingen natuurlijk die hebben een functie van maatschappelijk verantwoord ondernemen wat steeds meer belang aan wordt gehecht, ook voor financiers en dergelijk. Dus ik zou zeggen, probeer het anders ook via die kant om daar iets nnee te kunnen.

10

Mevrouw Vermaat: Ik kan er wel iets over zeggen over zowel lachgas als het drugsgebruik. We hebben wel echt bij het lachgas inderdaad zitten we met name te wachten tot het in de Opiumwet terechtkomt dat het op de lijst konnt. Maar daarvan zijn we echt afhankelijk van het rijk. We hebben wel langs verschillende wegen gekeken van goh wat kunnen wij nou als gemeente doen samen en onze lokale partners om dat ook zoveel mogelijk te voorkomen en tegen te gaan. Dat is ook in gesprek met de horecaondernemers geweest, met sportverenigingen, we hebben ook erover gesproken met de organisatoren van evenementen om dat op te nemen in de vergunningsvoorwaarden. Inderdaad in de APV, wat de burgenneester noemt, daar hebben we een verbod op hinderlijk gebruik van lachgas. Dat klinkt dan van heel ingewikkeld maar dat is eigenlijk het hoogst haalbare wat je dan bestuursrechtelijk ook via je APV kan regelen. Hetzelfde geldt overigens ook voor het hinderlijk gebruik van drugs. We legden ook nog, de burgemeester legde ook nog last onder dwangsom op aan drugsdealers om ook de straathandel van drugs eruit te halen. Dat zijn ook nnooie aantallen die we uit onze gemeente weren dus we proberen ook als gemeente te doen wat we kunnen.

De heer Tutupoly: Vandaar dat ik eigenlijk ook maatschappelijk verantwoord ondernemen eigenlijk ter sprake breng want juist voor een naam van een horecagelegenheid bijvoorbeeld, je kan wel zeggen ja het is officieel niet verboden maar als je daar iedere keer de aandacht op vestigt dan lijkt het mij ook voor de omgeving en dergelijke dat een horecagelegenheid zoiets heeft van he ik wil niet onder die naam functioneren. Zeker voor alle berichtgeving wat dus nu eigenlijk steeds meer plaatsvindt over de schadelijke effecten ervan. De heer Baars: Ja, wat ik nog, misschien nog als toevoeging is het wel de normalisatie van drugsgebruik in Nederland. Dat dat, het wordt steeds normaler en dat leidt tot meer problennen dan alleen het gebruik natuurlijk. Ook de ondermijnende criminaliteit zoals jonge mensen die zich sneller laten lenen voor klusjes van drugsdealers. Zoals bijvoorbeeld het brengen van een pakketje ergens, dat wordt steeds normaler gevonden dan dat het vroeger was. Daardoor die normalisatie dat is ook een groot probleem daarin. Dus een trend die daarin plaatsvindt. Mevrouw Kruger: Ja, zonder daar een heel verhaal over te houden maar ik wil daar toch ook wel nog even iets aan toevoegen want we kunnen het hebben over het lachgas en zo maar er zijn zoveel middelen gewoon heel makkelijk te maken zoals GHB.

Liters kan je gewoon voor heel weinig centen, dat zie je ook overal gebruikt worden. Dan hebben we het nog niet eens over allerlei andere middelen die niet in de Opiumwet omdat er net een stofje is toegevoegd waardoor het weer ja wel gebruikt kan worden. Er zijn zoveel middelen die jongeren gebruiken, onder andere Flakka en noem nog maar een aantal andere middelen die levensgevaarlijk zijn, waar we niet eens van weten. Ik denk dat is belangrijk de preventie daarin is belangrijker en dan denk ik dan zou ik heel graag weer eens met de raad een kroegentocht gaan houden en dan in de cafés bij wijze van spreken onderdelen van de GGD of Trimbos instituut, zodat we allemaal weten wat het is en dat we ook met zijn alien daar verantwoordelijk voor zijn. Niet alleen de horecaondernemers maar bijvoorbeeld ook de ouders die thuiszitten en noem alles maar

11

op. Dus dat vind ik nog wat meer uitgebreid als alleen een veiligheidsbeleid dat zegt dit mag niet, dat kan niet en we kunnen het volgens de wet regelen. Nee, er ligt daar nog een stapje voor. De heer Tutupoly: Mag ik daar nog even op reageren? Ik bedoelde niet alleen de horecagelegenheden. Ik heb het ook even aangegeven, sportverenigingen maar ook scholen. We hebben natuurlijk wel leeftijdsgrenzen bijvoorbeeld bij coffeeshops maar juist op de scholen vindt het op jongere leeftijd vaak plaats waar gedeald wordt maar weinig aandacht voor is. Mevrouw Kruger: Kleine reactie. Mag dat? Mag dat, voorzitter? Het is leuk en toch vind ik ook dat de nnensen gewoon op straat en de ouders die zullen daar gewoon de grootste verantwoordelijkheid in moeten dragen want je kan scholen verantwoordelijk stellen maar als kinderen het meenennen pilletjes in de zakken, bedoel, dat gebeurt thuis en niet op een school direct. Ik snap de dealers, die kan je ook aan gaan pakken maar dan is dat nog, het probleenn is nog niet verdwenen. De heer Baars: Bedankt in ieder geval allemaal voor dit onderdeel. We gaan naar de volgende. Welke twee trends en factoren vindt u het belangrijkst om in het IVP een antwoord te geven? De heer Van Dam: Wat wordt er precies bedoeld? Kunt u het lets toelichten? De heer Baars: Op het A4'tje wat u heeft gekregen daar staan aan de rechterkant staan de trends en de factoren.

Welke twee trends en factoren aan die rechterzijde vindt u het belangrijkst? Heeft iedereen kunnen reageren? Heeft er iemand nog niet kunnen reageren? Oke, bedankt. Duidelijk in ieder geval inderdaad de sociale stabiliteit die in ieder geval wel duidelijk naar voren komt. Ondermijning. Zijn onderwerpen die allemaal inderdaad, ook in de trendanalyse duidelijk naar voren komen. Wat wij nu in ieder geval gaan doen, is in ieder geval ook deze, dit meenemen in voor ons veiligheidsbeeld cm te kijken van wat is er belangrijk binnen de raad. Dan hebben we nog een open vraag voor u. Oh. Waar moeten we in het proces, de totstandkoming van het IVP, extra aandacht hebben? Volgens u. De heer Den Heijer: Ik had eigenlijk nog twee korte vraagjes over dat proces want je hebt het over verschillende onderzoeken. Ik vroeg mij eigenlijk af: ga je die separaat toevoegen in dat proces waardoor we ze afzonderlijk kunnen zien? Of voeg je alles bij elkaar en kun je daardoor een wat duidelijkere trend waarneembaar maken? De heer Baars: In september konnen wij met een veiligheidsbeeld en daarin zitten onder andere deze trends en factoren. Die zijn daar bepalend in. Maar ook de onderzoeken die gedaan zijn zoals dat. De heer Den Heijer: Los toegevoegd. De heer Baars: Ze zullen sowieso ook tussen de vergaderstukken zitten maar het zal ook een onderdeel zijn van het veiligheidsbeeld.

12

De heer Den Heijer: Oke. Het tweede wat mij opviel, is er wordt hier gesteld: inwoners van Dordrecht voelen zich over het algemeen veilig maar dit verschilt per wijk. Maar dat is toch juist iets wat we dan gaan onderzoeken nog? Daar vroeg ik me af waarom dat zo geformuleerd staat. De heer Baars: Dat komt uit de veiligheidsmonitor van afgelopen najaar dus die cijfers die zijn daar al uitgehaald maar het bewonerspanel en het omnibusonderzoek gaat daar natuurlijk nog wel specifieker, ja aandacht. De heer Den Heijer: Dus voor de methodiek zet je hem er eigenlijk nu in om te kijken ook hoe mensen daarop reageren? Dat je nnisschien ook een verschil kunt zien. De heer Baars: Nee, dit zijn echt puur de trends en factoren die we echt op basis van die documenten en die analyses al kunnen beschrijven en we gaan dat nog vervolmaken op basis van de informatie die we nog meer tot ons gaan krijgen. Dit is dus een tussenreportage. De heer Roggekannp: Waar ik in het proces wel aandacht voor zou willen hebben, is van we krijgen in september dan ook de evaluatie te zien van het huidige beeld of het huidige IVP. Dingen kunnen nu goed gaan maar omdat er maatregelen genonnen worden en continue genonnen worden, wil niet zeggen dat we daar in een keer van die maatregelen af moeten gaan omdat het veilig is.

Ja, dat is een balans die ook heel moeilijk te zien is maar ik wil er wel aandacht voor vragen om dat in ieder geval mee te nemen. Dat lets nu wel veilig kan voelen maar nnisschien wel omdat we er heel veel voor doen. Als we dan teruggaan in wat we ervoor doen dat het wel weer onveiliger kan zijn. De heer Baars: Ja, een goed punt. We hebben natuurlijk het integraal veiligheidsplan dat legt prioriteiten vast maar daarnaast binnen team veiligheid en al onze samenwerkingspartners hebben we natuurlijk ook heel veel regulier werk waarin we in ieder geval die basis veiligheid zo hoog mogelijk en goed mogelijk willen houden. Het IVP dat stelt dus echt de prioriteit van waar willen we de focus nog leggen in de komende vier jaar,, nog extra aandacht hebben in de komende vier jaar.. Mevrouw Kruger: Als ik mag, ja. Ik vind het wel een interessante vraag op zich, terwijI ik ook denk van ja als je op een gegeven moment een maatregel hebt genomen en omdat iets onveilig was en het wordt veilig, moet je die dan altijd blijven houden of kan je gaan kijken van goh nou de situatie is nu ook veranderd en we kunnen langzaann weer de boel een beetje los houden. Dan krijg je zo op een gegeven moment wat je toch nu al ziet gebeuren in de maatschappij, wetten, regeltjes, wetten, regeltjes enzovoort omdat er lets gebeurd is en we laten niks meer los.

Dus op een gegeven moment kun je ook geen kant meer op want overal is wel een wet of regel voor. Dat maakt het ook benauwd en mensen zijn geneigd om toch ook graag grenzen op te zoeken dus regels te overtreden. Dus in die zin, ja ik vind het wel een hele interessante om eens over te brainstormen wat nu slim is en handig is. Ja. De heer Kolff: Als ik mag, voorzitter. Dat is ook een interessant dilemma. Het wordt terecht door de heer Roggekamp geschetst. Kijk, je stelt elk jaar, elk veiligheidsplan

13

weer ook nieuwe prioriteiten en dat betekent ook dat je bepaalde andere dingen, dat zei ik in de inleiding ook al, weer wat minder moet gaan doen. Je kunt niet alles op het allerhoogste niveau doen. Dat gaat gewoon niet. Als we bijvoorbeeld in de gemeente op enig moment veel woninginbraken zijn dan is het logisch dat je roep om daar wat aan te doen, toeneemt. Dat dus ook de politie bijvoorbeeld daar wat meer op wordt ingezet. De trend nu is dat er juist veel minder woninginbraken zijn. Dat kan allerlei oorzaken hebben, Corona werd al genoemd, ook omdat daar misschien een goede inzet op is geweest, mensen zich bewuster zijn geworden van het felt dat ze hun huid goed moeten beveiligen. Allerlei elementen kunnen daar van invloed op zijn maar je kan ook inderdaad tot de conclusie komen dat als je nu daar geen inzet meer op pleegt, bijna geen inzet meer op pleegt maar je gaat de positie, ik zeg maar wat, ergens anders op inzetten, dat het misschien wel weer ietsje gaat toenemen. Dus dat zijn wel dilemma's en vraagstukken waar we ook in het IVP aandacht voor moeten hebben. De heer Van Dam: Ook voor het proces, allereerst dank natuurlijk voor je verhaal heel interessant, ik ben wel benieuwd of aan die inwoners waar dan gevraagd wordt hoe ze het vinden ook gevraagd wordt wat hun oplossingsrichtingen zijn.

Dat is natuurlijk ook wel interessant om dan te kijken wat denken zij dat nuttig zou zijn. De heer Baars: Ja, we hebben in het bewonerspanel ook een aantal open vragen zitten. In ieder geval een open vraag zitten waarin nnensen ook gewoon kunnen aangeven wat zij nog extra willen toevoegen aan het onderzoek. Dus we hopen dat daar ook reacties komen op basis van misschien wat er in hun eigen leefomgeving bijvoorbeeld afspeelt, dat zij daar een concreet voorstel in kunnen doen. Mevrouw Vermaat: Misschien mag ik nog aanvullen op wat u zei over dingen niet meer doen. Ik denk dat het ook wel belangrijk is dat je ook een heleboel lessen kan leren uit wat je hebt gedaan en dat je die dan weer mee kan nemen als het ergens op popt. Dus het is niet zo dat wij lets wat geen prioriteit meer is dat we dat niet doen. Ik kan een voorbeeld noemen van in de APV is bijvoorbeeld de mogelijkheid om een samenscholingsverbod ergens op te leggen of eigenlijk om extra te gaan handhaven op samenscholing. Dat moet je niet altijd overal willen doen want dan worden de inwoners helemaal gek van ons, denk ik. Bovendien hebben we daar de handhavingscapaciteit niet voor. Maar dat zijn wel van die maatregelen die je heel flexibel in kan zetten. Nou, we hebben natuurlijk Kromhout Kasperspad nu als focusgebied waar we extra op inzetten.

Maar we hopen natuurlijk dat dat met wat extra aandacht gaat normaliseren en dat we dan niet meer daar vanuit veiligheidsoogpunten in ieder geval op in hoeven te zetten. Dus dat, die flexibiliteit houden we er wel in maar zeker wel houden we ook die geleerde lessen vast en als er dan weer ergens iets op popt dat we dan snel weer terug kunnen naar wat we eerder hebben gedaan. De heer Den Heijer: Nou, waar ik altijd een beetje mee stoei, is dat je als politiek van alles kan willen en wat de burgemeester terecht aangeeft van we zouden dit willen doen, dat en dat, maar ik heb eigenlijk op geen enkele nnanier een beeld over hoe het met de capaciteit zit hier in Dordrecht. Zeker omdat, ik heb het bewust net niet gezegd omdat ik denk dat je dat niet als uitgangspunten in het IVP moet opnemen maar ik denk dat vergrijzing ook een serieus probleem is in onze samenleving. Dat heeft zijn weerslag op

14

ons politieapparaat en handhavingscapaciteit. In hoeverre kun je dat schaarse vraagstuk en even, ook ons als raad, goed betrekken bij het goed in kennis stellen van dat serieuze vraagstuk. Ik hoor soms verhalen, het zal niet altijd waar zijn, dat wijkagenten soms echt moeite hebben om in hun wijk actief te kunnen zijn. Dan kunnen wij hier wel van alles gaan zitten verzinnen maar dat soort dingen, dat soort fundamentele dingen eigenlijk onder druk staan nu dan vind ik dat eigenlijk ook nog wel een gesprek waard. De heer KoIff: Dank, zeg ik via de voorzitter aan de heer Den Heijer. Het is ook een terecht punt. Overigens blijft het zo dat ook als je capaciteit marginaal is of als je capaciteit heel ruim is dat je nog steeds prioriteiten zult moeten stellen. Dat is natuurlijk toch vooral de taak van de raad en ook van nnij als burgemeester. Daar waar het gaat om de politie zie je een trend, dat komt ook met enige regelmaat echt wel terug richting de raad als we op een andere nnanier met het OM en de politie thema-avonden organiseren, zie je nu de trend dat er inderdaad sprake is geweest van een forse vergrijzingsgolf en een uitstroonn bij het politieapparaat. In de eenheid Rotterdam werken we heel goed samen, is ongeveer 6,5 duizend agenten. Als je kijkt naar het niveau Zuid-Holland-Zuid en het niveau Dordrecht specifiek dan heb je het over ongeveer 180 agenten in Dordrecht.

Het zijn natuurlijk geen fte, er zijn mensen die ook in ploegendiensten draaien. Wat je de afgelopen jaren hebt gezien, is dat er gewoon eigenlijk telkens te kort was aan capaciteit om echt alles heel goed te kunnen doen. De trend die is ingezet, is dat er veel meer is geInvesteerd in opleidingen en we zien nu eigenlijk in de loop van 2023 als we vooruitkijken dat er een kentering in zit, dat de uitstroom kleiner wordt dan de instroom. Dat is natuurlijk goed nieuws. Dat betekent dat we gewoon meer capaciteit krijgen die ook ter beschikking komt in onze gemeente en onze wijken. Als ik kijk naar de bezetting die wij nu hebben in Dordrecht specifiek, wijkagenten warden daar natuurlijk altijd heel erg specifiek wordt naar gekeken. Ook vanuit de politiek, vanuit de samenleving. Dat zijn de meest zichtbare en aanspreekpunten en agenten in de wijk, dan zitten we aardig op niveau. Dan hebben we ook, voldoen we ook echt ruim aan het gemiddelde van een wijkagent per vijfduizend inwoners zoals dat landelijk is gesteld. Daar zeg ik ook altijd bij, dat mag ook wel in een verstedelijkt gebied met de nodige problematiek. Er zijn natuurlijk ook gebieden waar een op de vijfduizend eigenlijk best wel heel ruim is. Hier is het echt stevig aanpoten. In de tijd tot aan dat we weer in de groeiende trend zitten qua bezetting van de politie is het ook keuzes maken.

Oak binnen het bestaande IVP zijn de bestaande regionale veiligheidsplannen en hebben we ook recent, dat is ook net nog in de vorige raad besproken, gedeeld laat ik het zo zeggen, zijn ook wel keuzes gemaakt. Is ook gezegd van we kunnen ook niet ieder evenement dat niet op de evenementenkalender staat meteen op toestaan vanuit veiligheidsperspectief en we zullen ook bijvoorbeeld wijkagenten voor tien of twintig procent andere dingen moeten laten doen. En dan nog steeds zoveel mogelijk het liefst in eigen wijk maar dan ben je dus niet bezig met de primaire wijkagenten werk waar we ze het liefst graag zouden inzetten. Nogmaals, er ligt echt wel licht aan het einde van de tunnel maar het blijft een aandachtspunt om te zorgen dat de instroom bij de politie groter is en blijft dan de uitstroom. Dat is puur politie als het gaat om handhaving heb je natuurlijk wel zelf meer voor het zeggen. Ik kijk ook even naar de kersverse portefeuillehouder die daar enthousiast mee aan de slag is gegaan en daar is natuurlijk ook de politieke wil in ieder geval en het politiek akkoord

15

om de handhavingscapaciteit uit te breiden. Daar hebben we natuurlijk ook zelf best wel veel vinger in de pap om dat te doen. De heer Den Heijer: Nog een korte vraag. Kun je als, wat zijn nou de mogelijkheden als gemeente om bijvoorbeeld het veel aantrekkelijker te maken voor agenten om hier te komen werken? De heer Kolff: Dat gaat een beetje buiten de scope van het integraal veiligheidsplan maar ik snap de vraag wel. Er zijn natuurlijk wel gemeenten die zeggen van we willen bijvoorbeeld bepaalde doelgroepen sneller kunnen huisvesten. Dan heb je het over, kun je het over agenten hebben, je kunt het over onderwijs over docenten hebben, over mensen die in de zorg werken. Is natuurlijk altijd arbitrair waar leg je dan de grens? De aantrekkelijkheid van het vak zit natuurlijk voor een deel in kun je ergens makkelijk ook gaan wonen als je in de buurt werkt maar zit hem ook in andere elementen. Bijvoorbeeld in de arbeidsvoorwaarden van de politie waar natuurlijk gelukkig vrij recent ook een CAO tot stand is gekomen. Mevrouw Kruger: Maar bedoel leuk als de politieagenten in Dordt wonen maar volgens mij wordt het toch regionaal geregeld? Dus ik hoor heel veel die gewoon in Rotterdam moeten werken omdat dat nou eennnaal vanuit Rotterdam geregeld is. Dus ik vind dat toch wel een beetje. De heer Kolff: Laat ik het zo zeggen.

Medewerkers van de politie die van de opleiding af komen die hebben wel zelf de keuze waar ze solliciteren. Dus ze kunnen van de opleiding af komen en misschien niet bij de eerste maar bij de tweede of derde baan zeggen ik ga lekker solliciteren want dat is zo'n aantrekkelijk woonklimaat. Ik zeg maar even wat. Je wil natuurlijk wel zorgen dat je als regio en ook als stad, voor zover je daar invloed op hebt, dat je ook een aantrekkelijk woonklimaat hebt. Dat mensen hier graag willen wonen en dus ook in onze eigen eenheid werkzaam kunnen zijn. Het is wel lastig als je elke dag als agent van de ene naar de andere kant van het land moet. Laat ik het zo zeggen, de invloed die wij daarop hebben, maar dat reikt een beetje verder dan het IVP, de invloed die wij daar op hebben als gemeente is dat je dus een aantrekkelijk woonklimaat kunt organiseren maar dat is natuurlijk veel breder dan alleen gericht op de politie. De heer Okkerse: Mag ik even, voorzitter? Volgens mij is het bij de politie zo dat de mensen niet hun eigen stad of regio mogen werken. Wel lets verder dan de eigen stad volgens mij. Dus door Dordrecht aantrekkelijk te maken voor agenten heeft niet zoveel invloed volgens mij voor de agenten die hier werken. De heer Kolff: Dat is onjuist.

Er zijn ook agenten die in Dordrecht wonen en werken en bovendien werken we eigenlijk, we werken natuurlijk wel met een vast basisteam maar er zijn veel, er zijn heel veel situaties denkbaar waar ook collega's uit directe omgeving in Dordt worden ingezet en andersom. Dus het is toch altijd belangrijk denk ik, maar goed nogmaals gaat echt verder dan het IVP, om een aantrekkelijk woongebied te zijn met elkaar voor allerlei doelgroepen. Ik noemde net onderwijs en zorg maar het geldt ook voor de politie.

16

De heer Burakcin: Misschien nog heel even kort. Wel iets waar wij wel invloed op hebben, in ieder geval dat andere, ik weet niet of we daar invloed op hebben. Ik hoor, tennninste ik lees net dat er stadsgesprekken pleats gaan vinden en dat er dus met bepaalde doelgroepen gesproken gaat worden. Ik weet niet waar dat gedaan wordt maar het zou heel erg fijn zijn als het op locatie gedaan wordt. Dat er bijvoorbeeld kerkbezoeken, moskeebezoeken, verenigingenbezoeken om daar dus informatie op te halen in plaats van dat we ze hier naartoe halen en via bewonerspanels of wat dan ook. Dat zou natuurlijk wel prettig zijn. De heer Baars: Ja, dat is ook de bedoeling dat we de mensen in de stad opzoeken zoals we bijvoorbeeld met ondernemers gaan praten, dat we naar de ondernemers toe gaan. Bijvoorbeeld horecaondernemers dat we naar hun locatie toe gaan en daar met hen over veiligheid gaan praten. Dat is echt de bedoeling, ja. Nou, belangrijk voor, oh. De heer Tutupoly: Nog even een dingetje. Was eigenlijk veiligheid en evenementen. Bij evenementen moet je natuurlijk gewoon een eigen veiligheidsplan, zal ik maar zeggen, opstellen.

Wij vroegen ons eigenlijk af in hoeverre je daar het een en ander anders kan herstructureren dat vanuit de veiligheid meer sannenwerking bijvoorbeeld met politie en dergelijke gezocht wordt in plaats van dat de verenigingen zelf direct met een plan van aanpak moeten komen. De heer Baars: Ja, evenementen daar is zo dat organisatoren zelf een plan opstellen en dat het wordt door politie, Veiligheidsregio, genneente, omgevingsdienst wordt daarnaar gekeken naar dat plan om daar of te kijken of dat hout snijdt. Ook de geneeskundige dienst, de GOR, die kijkt er ook naar. Zodra zij in zo'n overleg komen om dat plan te bespreken, zullen ze ook geadviseerd worden over waar zij nog extra punten van aandacht moeten hebben. Maar het kan niet andersom zeg maar zijn dat de politie en de Veiligheidsregio het plan gaan opstellen voor de organisatoren want dan gaan we wel tegen capaciteitsproblemen aanlopen. De heer Tutupoly: Dat bedoel ik ook niet, ik kan me zo voorstellen er zijn een aantal evenementen die jaarlijks gewoon terugkomen.

In pleats dat een organisatie zal ik maar zeggen zelf iedere keer een plan van aanpak moet indienen waarnaar gekeken wordt, kan ik me voorstellen dat je er een blauwdruk op een gegeven moment van hebt waarbij misschien gezien de situatie de politie in eerste instantie daar een screening overheen laat in pleats van dat het jaarlijks iedere keer opgesteld moet worden vanuit de organisatie. De heer Kolff: Voorzitter, misschien goed om daar ook even iets over op te helderen. Of dat alleen de politie zou moeten zijn, dat denk ik eerlijk gezegd niet want er wordt altijd vanuit verschillende disciplines naar zo'n plan gekeken. Waar we wel aan het werk mee zijn, dat vind ik ook echt wenselijk, is dat een aantal evenementen inderdaad jaarlijks of tweejaarlijks terugkeert. Zeker de wat grotere evenementen daar is echt een flink draaiboek voor nodig als het gaat om veiligheidsvraagstukken maar tachtig, negentig procent van dat draaiboek is eigenlijk ieder jaar of iedere twee jaar weer hetzelfde. Ik zou er eigenlijk naartoe willen dat we voor dat soort evenementen meerjarige vergunning gaan verstrekken, bijvoorbeeld voor vijf of zes of zeven of acht jaar, waar

17

zo'n organisatie ook misschien eenmalig wat werk in moet stoppen maar daarna ook echt even ermee vooruit kan. Dat we dan voor de afwijkingen, omdat bepaalde elementen net weer anders zijn in een andere jaargang, dat we daar dan een specifieke vergunning maar dat vraagt dan ook vervolgens veel minder werk. Daar zou ik eigenlijk naartoe willen omdat als je kijkt naar bijvoorbeeld een evenement als Dordt in stoom, ja dan is dat eigenlijk voor tachtig, negentig procent iedere keer op eenzelfde vergelijkbare manier georganiseerd en zou je ook kunnen toewerken naar zo'n soort systeem. Dat geldt voor meerdere evenementen. De heer Baars: Tot slot, belangrijk voor een fijne woon- en leefomgeving is een veilige leefomgeving, woon- en leefomgeving ook heel erg belangrijk. Dat sluit misschien mooi aan bij het graag willen wonen in Dordrecht. Ik denk dat we alle vragen behandeld hebben. Als er nog mensen zijn die een vraag hebben, kan dat nu nog en anders zien we jullie heel graag terug in september waarin we ja in de oordeelsvorming gaan kijken naar de prioriteiten die we voor het IVP willen stellen. De heer Tutupoly: Ja sorry, maar dan heb ik toch nog even een puntje. Hetgeen wat ik eigenlijk ook vaak te horen krijg, is ten aanzien van handhaving.

Handhaving is natuurlijk extern belegd, is geen onderdeel meer, zijn geen ambtenaren in dienst en daar krijg je ook vaak te horen van dat er veel wisseling is van mensen minder betrokkenheid en dergelijke omdat het eigenlijk ook geen echt gemeentelijk onderdeel meer is. Dus ik vroeg me eigenlijk af wat je daar nu nog kan, ja wat de reden is om het extern te beleggen en dat je die betrokkenheid misschien ook voor de handhaving op een of andere manier kan vergroten om meer binding met de stad te kunnen krijgen. De heer Kolff: Voorzitter, heel goed dat onze kersverse wethouder ook aanwezig is want die heeft de boa's in zijn portefeuille en die kan daar wat meer over zeggen. Dus via de voorzitter zou. De heer Merx: Voorzitter, dank u wel. Dank voor de vraag ook. Terecht punt. Het is iets waar we nu as we speak, niet op dit moment want ik zit nu hier, maar het wel over hebben in de organisatie hoe we hier antwoord op gaan geven. De aanbesteding gaat binnenkort lopen en daar zijn we nu over aan het nadenken wat we daar precies in moeten meenemen, juist om die binding met die stad te borgen want mensen moeten gekend worden en kennen om het zo maar te zeggen. Daarover zodra we daaruit zijn, gaan we ook de raad erover informeren wat wij daarnnee van plan zijn om dat probleem aan te pakken.

De voorzitter: Dat was het zo? Ik denk dat, ik heb het gesprek zoveel mogelijk zijn beloop laten gaan. Ik denk dat het een goed gesprek is geweest. Hartelijk bedankt voor de duidelijke presentaties. Ja, alle raads- en comnnissieleden, bedankt. Ja, het onderwerp komt later dit jaar, in septennber als ik het goed heb begrepen, weer terug op de agenda. Dank u wel.

18

VERSLAG VAN DE OPENBARE VERGADERING VAN DE DORDTSE DINSDAG VRAGENHALFUUR DORDRECHT D.D. 21 juni 2022 Vergaderkamer 1

Voorzitter: dhr. Schalken-den Hartog Raadsgriffier: mevr. Wepster Verslag: NotuBiz Vragenhalfuur

De voorzitter: Beste mensen, het is 19:00 uur. En we hebben best wel een aantal vragen. Dus ik wil snel van start gaan. Welkom allemaal. Ook welkom aan iedereen op de tribune, of die thuis meeluistert. Ja, het vierde vragenhalfuurtje van deze periode en het laatste alweer voor het zomerreces. En volgens mij is het duidelijk dat er goed gebruik van wordt gemaakt. En dat is mooi. Zoals ik eerder al aangaf, het blijft natuurlijk wel even zoeken naar welke vragen zich nu wel voor dit vragenhalfuurtje lenen en welke wellicht misschien beter op een andere manier. Doordat misschien artikel 40-vragen gesteld kunnen worden. Nog een keer de afspraak. En dat is dat politieke vragen over een actueel onderwerp in dit halfuur kort en bondig gesteld kunnen worden. En dat die vragen dan niet technisch van aard zijn. En zo voor het zonnerreces is het ook een mooi moment -welkom- om de werking van dit halfuur eens te evalueren met elkaar. Met de griffie overleg gehad en ook gevraagd dat iedere fractie zijn feedback kan gaan geven op de manier waarop we het nu de afgelopen keren hebben gedaan. En vanuit de griffie zullen de fracties dus hiervoor worden benaderd. Terug naar vandaag, we hebben zeven vragen. Ja. Een paar vragen waarvan het de vraag zou kunnen zijn of ze hier thuishoren, of niet. Maar we hebben ze nu gewoon door laten gaan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/512/documents/18875