CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Uitgangspuntennotitie Dordtse Culturele Basis 2027-2030.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 16 december 2025, gemeente DordrechtBij agendapunt: 37: Vaststellen Uitgangspuntennotitie Dordtse Culturele Basis - Raadsvoorstel7.389 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Uitgangspuntennotitie Dordtse Culturele Basis 2027-2030

Versie 1.0 Datum 2 oktober 2025

1

Inhoud Samenvatting ........................................................................................................................................... 3 1

Inleiding ........................................................................................................................................... 5

2

Aanleiding en doel heroverweging Dordtse Culturele Basis ........................................................... 5

3

2.1

Huidige subsidiemogelijkheden cultuur................................................................................. 5

2.2

Waarom subsidiesystematiek wijzigen?................................................................................. 6

2.3

Doelen .................................................................................................................................... 6

Samenstelling Dordtse Culturele Basis ............................................................................................ 7 3.1

Inleiding.................................................................................................................................. 7

3.2

Algemene uitgangspunten ..................................................................................................... 7

3.3

Onderbouwing samenstelling ................................................................................................ 8

3.3.1

Inleiding ............................................................................................................................. 8

3.3.2

DNA van Dordrecht: de stad die we zijn en willen zijn? .................................................... 8

3.3.1

Culturele cyclus .................................................................................................................. 9

3.3.2

Ringenmodel .................................................................................................................... 11

3.3.3

Ambities Cultuurnota Dordrecht ..................................................................................... 13

3.4 3.4.1 4

5

6

Samenstelling in functies ..................................................................................................... 13 Niet in subsidieregeling ................................................................................................... 15

Beoordelingscriteria en voorwaarden ........................................................................................... 16 4.1

Inleiding................................................................................................................................ 16

4.2

Voorwaarden........................................................................................................................ 16

4.3

Individuele beoordelingscriteria .......................................................................................... 16

4.4

Integrale beoordelingscriteria .............................................................................................. 18

Van begrotingsubsidies naar meerjarensubsidies ......................................................................... 18 5.1

Periode ................................................................................................................................. 18

5.2

Subsidieplafonds en verdeling ............................................................................................. 19

Werkwijze aanvragen en beoordeling ........................................................................................... 20 6.1

Aanvragen ............................................................................................................................ 20

6.2

Beoordeling .......................................................................................................................... 20

6.3

Samenstelling externe adviescommissie ............................................................................. 20

6.4

Beschikking en uitbetaling ................................................................................................... 21

6.5

Tussentijdse gesprekken ...................................................................................................... 21

6.6

Eindverantwoording ............................................................................................................. 21

Bijlage: Proces........................................................................................................................................ 22 2

Samenvatting De gemeente Dordrecht herziet de verlening van structurele culturele subsidies (“de Dordtse Culturele Basis”), voortkomend uit de Cultuurnota 2030. Doel is een transparanter en eerlijker systeem voor structurele subsidies aan professionele culturele instellingen. Aanleiding De huidige subsidiëring is historisch gegroeid en alleen gebaseerd op de algemene subsidieverordening in combinatie met het cultuurbeleid. Het is onvoldoende duidelijk op basis waarvan culturele organisaties structurele subsidie ontvangen en hoe nieuwe organisaties daarvoor in aanmerking kunnen komen. Jurisprudentie vereist dat schaarse publieke middelen via een open, transparant systeem worden verdeeld. Daarnaast is er behoefte aan meerjarige zekerheid voor instellingen en vermindering van administratieve lasten. Nieuwe systematiek Er komt een subsidieregeling waarin functies worden benoemd die bijdragen aan het culturele profiel van Dordrecht en beoordelingscriteria worden vastgelegd. Een functie is een categorie van bepaalde activiteiten of diensten, gericht op een bepaald resultaat, die door één of meer organisaties kunnen worden gerealiseerd. Dit komt in plaats van de huidige begrotingssubsidies die gekoppeld zijn aan organisaties. Per functie wordt een maximaal aantal organisaties meerjarig gesubsidieerd. De regeling biedt ruimte voor nieuwe aanvragers en bestaande instellingen.

Samenstelling Dordtse Culturele Basis De gewenste samenstelling van de Dordtse Culturele Basis in functies en maximaal aantal organisaties per functie is als volgt: • • • • • • • • • •

Schouwburg, max 1 Organisatie voor cultuureducatie en -participatie, max 1 Poppodium, max 1 Museum op het gebied van beeldende kunst, max 1 Musea op het gebied van erfgoed/historie, max 1. naast Hof en Huis van Gijn Presentatie-instelling voor beeldende kunst, max 1 Podium voor jazz en wereldmuziek, max 1 Broedplaats, max 1 Stadsgezelschap, max 1 Cultureel festival, max 1

Deze omvang en samenstelling van de Dordtse Culturele Basis past bij Dordrecht, want: • • • •

Het sluit aan bij het DNA van Dordrecht (de stad die we zijn en willen zijn). Het behoudt de vitale onderdelen van de culturele cyclus en een goed werkend cultureel ecosysteem. Het past bij een stad van 100.000+ gemeenten, zoals beschreven in het Ringenmodel. Het sluit aan bij de pijlers en ambities van de Cultuurnota Dordrecht 2030.

3

Beoordeling & proces Aanvragen worden beoordeeld op: • • • • • •

Aansluiting bij Dordts DNA Bereik doelgroepen en zichtbaarheid Maatschappelijke waarde Artistieke en inhoudelijke kwaliteit Samenwerken en ontwikkelen Zakelijke kwaliteit

Daarnaast kijken we hoe ze bijdragen aan het gehele Dordtse culturele ecosysteem door: • •

Bijdrage aan diversiteit van het aanbod Bijdrage aan de keten

Een externe adviescommissie beoordeelt de aanvragen. De subsidieperiode is 2027–2030. Jaarlijkse gesprekken en eindverantwoording zijn onderdeel van het proces. Financiën Subsidieplafonds worden per functie vastgesteld, gebaseerd op huidige begrotingsposten.

4

1

Inleiding

Een aantal professionele Dordtse culturele organisaties ontvangt al gedurende lange tijd een structurele begrotingssubsidie. Vanaf de cultuurnota 2020-2024 is aan dit historisch gegroeide palet van culturele organisaties de term ‘Dordtse culturele basisinfrastructuur’ gekoppeld. In de Cultuurnota Dordrecht 2030 werd daar een onderscheid aan toegevoegd tussen ‘kerninstellingen’ en ‘specifieke organisaties’, naar voorbeeld van andere gemeenten. Gezamenlijk bieden zij een divers aanbod van culturele activiteiten in de stad. De culturele basisinfrastructuur vormt de ruggengraat van het lokale culturele ecosysteem: een organisch geheel van organisaties, makers en initiatieven die culturele uitingen produceren, presenteren, verspreiden en faciliteren en in verbinding staan met elkaar en met andere beleidsterreinen zoals onderwijs, sport, zorg en welzijn en het bedrijfsleven. Een van de acties uit de Cultuurnota Dordrecht 2030 is de heroverweging van de samenstelling van de huidige culturele basisinfrastructuur en de verlening van de structurele subsidies voor culturele organisaties die daartoe nu worden gerekend en een overgang naar meerjarensubsidie voor deze organisaties. In deze notitie schetsen we de uitgangspunten voor de samenstelling van de Dordtse culturele basisinfrastructuur, vanaf nu genoemd Dordtse Culturele Basis.

Allereerst geven we de aanleiding voor het proces van heroverweging van de samenstelling van de basisinfrastructuur. Vervolgens vertalen we de Cultuurnota in nadere uitgangspunten en criteria voor de samenstelling. We maken daarmee een bewuste keuze wat past bij onze stad. Op basis hiervan stelt het college een subsidieregeling op. Culturele organisatie die daarvoor in aanmerking willen komen, kunnen een aanvraag voor meerjarensubsidie indienen.

2

Aanleiding en doel heroverweging Dordtse Culturele Basis

2.1

Huidige subsidiemogelijkheden cultuur

De organisaties die we rekenen tot de Dordtse Culturele Basis bieden we een solide basis met structurele begrotingssubsidies. Op dit moment worden die jaarlijks verleend en vastgesteld. Er is geen subsidieregeling voor deze subsidies. Het zijn posten in de gemeentebegroting en op basis van besluiten in de loop der jaren zo gegroeid. Daarnaast bieden we regelingen voor incidentele subsidies voor culturele activiteiten. Deze zijn breed toegankelijk, ook voor makers en nieuwe initiatieven. Op dit moment hebben we de volgende incidentele subsidieregelingen: •

• •

Subsidieregeling Amateurkunst, Evenementen, Culturele Initiatieven en Producties gemeente Dordrecht voor: o Amateurkunst: voor presentatie-activiteiten van amateurkunstverenigingen of –stichtingen, aanvragen tot maximaal € 5.000; budget voor 2026: € 59.830 o Evenementen: voor kleine (€ 1.500) tot grote (€ 45.000) evenementen in Dordrecht; budget voor 2026: € 281.805 o Culturele initiatieven: voor culturele projecten of activiteiten, aanvragen tot maximaal € 5.000, budget voor 2026: € 59.830 o Subsidieregeling beeldende kunst en vormgevers. Startsubsidies voor beginnende kunstenaars, bijdragen aan projecten en beurzen. Budget voor 2026: € 202.238. Deze gaan we in 2026 evalueren en mogelijk integreren in een nieuwe brede makersregeling. Subsidieregeling Producties voor professionele voorstellingen, aanvragen tot max. € 30.000; jaarlijks budget: €100.000 uit incidentele middelen, geen dekking voor het continueren vanaf 2026. Subsidieregeling Impuls jongerencultuur: tijdelijke regeling voor culturele activiteiten met jongeren als doelgroep; uit incidentele Rijksmiddelen bekostigd. (Budget: €185.00). Eind 2025 eindigt deze regeling.

5

Het onderscheid tussen de structurele en incidentele subsidiemogelijkheden geeft geen enkel oordeel over de kwaliteit of betekenis voor de stad. Tijdens de besluitvorming van de cultuurnota zijn wel vragen gesteld over de verdeling van het cultuurbudget tussen organisaties binnen de Dordtse Culturele Basis en tussen structurele subsidies en incidentele regelingen. Er werd geconstateerd dat het grootste deel van het cultuurbudget naar de Dordtse Culturele Basis gaat en daarvan het grootste deel naar de kerninstellingen (Dordrechts Museum, Kunstmin, Stichting Cultuureducatie en Bibelot). Deels is het logisch gezien het brede takenpakket en omdat deze organisaties in grote en bijzondere gebouwen zitten en veel geld dus vastzit in ‘stenen’. Tegelijkertijd zien we dat zowel grotere als kleinere organisaties te maken hebben met dezelfde financiële uitdagingen, onder meer door gestegen kosten, zoals bij het toepassen van de Fair Practice Code. Ook zien we dat het budget voor incidentele subsidies ten opzichte van de Dordtse Culturele Basis relatief klein is in vergelijking met andere gemeenten. Bovendien is voor een vervolg van de incidenteel gefinancierde subsidieregelingen Producties en Impuls jongerencultuur vanaf 2026 geen dekking meer. De verhouding tussen het budget voor structurele subsidies en incidente subsidies wordt dan nog schever.

2.2

Waarom subsidiesystematiek wijzigen?

Uit de discussies bij het opstellen van de cultuurnota, tijdens de besluitvorming en uit een korte inventarisatie bij culturele organisaties en jurisprudentie komen de volgende argumenten naar voren voor wijziging van de huidige systematiek voor het verlenen van structurele begrotingssubsidies: •

•

•

•

2.3

Het is nu onvoldoende duidelijk op basis waarvan culturele instellingen wel of niet tot de Dordtse Culturele Basis behoren. Er is geen regeling op basis waarvan een nieuwe organisatie een aanvraag kan doen voor structurele begrotingssubsidie en in de cultuurnota is niet bepaald welke disciplines en soorten organisaties in de basisinfrastructuur vertegenwoordigd moeten zijn, hoe de ideale verdeling eruitziet. Culturele organisaties ervaren hierdoor geen eerlijk speelveld: sommige organisaties zijn afhankelijk van incidentele subsidies, terwijl andere organisaties structurele subsidie ontvangen. Er zijn de afgelopen jaren nieuwe culturele organisaties ontstaan, die ook een kans willen om in aanmerking te komen voor structurele subsidie om hun exploitatie te verstevigen. Op grond van jurisprudentie is het noodzakelijk dat de subsidiesystematiek voor het verdelen van structurele begrotingssubsidies (‘schaars publiek recht’) wordt aangepast. (Potentiële) subsidieontvangers moet ruimte worden geboden om naar de beschikbare subsidiemiddelen mee te dingen in het kader van het gelijkheidsbeginsel. Dit vraagt om een vernieuwde systematiek met heldere en transparante voorwaarden. Het instellen van een subsidieregeling voor structurele subsidies biedt hier een oplossing voor.

De verwachtingen in de stad over wat vooral grote organisaties in de Dordtse Culturele Basis moeten en kunnen betekenen voor kleinere organisaties en makers in de culturele keten in de stad zijn nu niet helder. De structurele subsidies verlenen we op dit moment jaarlijks. Dat vergt een jaarlijkse aanvraag en verantwoording. Meerjarensubsidie zorgt voor vermindering van administratieve lasten en meer zekerheid en vertrouwen bij de organisaties, zonder dat dit ten koste gaat van de afstemming tussen gemeente en organisatie en monitoring van de subsidie.

Doelen

Voorgaande geeft aanleiding om de huidige werkwijze aan te passen en de verdeling van structurele middelen beter te onderbouwen. 6

Met deze notitie geven we de basis voor een nieuwe transparante en weloverwogen wijze van verdeling van de structurele subsidies voor culturele organisaties: de Dordtse Culturele Basis. We bepalen welke soorten culturele organisaties (functies) een bijdrage leveren aan het profiel van de stad en welke eisen we aan hen stellen. De uitgangspunten en beoordelingscriteria uit deze notitie vertalen we in een subsidieregeling. Het proces voor de subsidieverlening wordt hiermee verder geprofessionaliseerd. Het dwingt de organisaties die nu jaarlijks een begrotingssubsidie ontvangen tot zelfreflectie en het is duidelijk voor andere organisaties aan welke voorwaarden zij moeten voldoen om in aanmerking te komen voor een structurele subsidie. Het zorgt voor eerlijker en beter onderbouwde keuzes en een betere legitimatie van de positie van culturele organisaties met structurele subsidie. De overgang van de huidige systematiek van jaarlijkse begrotingssubsidie naar meerjarensubsidies zorgt bovendien voor vermindering van administratieve lasten en geven meer zekerheid en vertrouwen bij organisaties. Dat sluit aan bij de ambitie voor een toekomstbestendige cultuursector. Naast de structurele subsidies blijven we met projectfinanciering via incidentele subsidieregelingen ruimte bieden voor eenmalige projecten en voor experiment en vernieuwing.

Hiermee wordt recht gedaan aan de dynamiek van de sector. We onderzoeken komend jaar, zoals aangekondigd in de Cultuurnota, mogelijkheden voor verbreding en bundeling van een deel van de huidige incidentele regelingen naar een brede makersregeling.

3

Samenstelling Dordtse Culturele Basis

3.1

Inleiding

In dit hoofdstuk benoemen we op basis van de cultuurnota een aantal algemene uitgangspunten voor de samenstelling van de Dordtse Culturele Basis. Daarna geven we de onderbouwing voor het bepalen van de gewenste samenstelling. Dat doen we vanuit het DNA van de stad, een aantal theoretische modellen (Ringenmodel en Culturele cyclus) en de ambities uit de cultuurnota. Tot slot geven we op basis daarvan de gewenste samenstelling in functies weer.

3.2

Algemene uitgangspunten

De algemene uitgangspunten, op basis van de Cultuurnota Dordrecht 2030, voor de gewenste samenstelling van de Dordtse Culturele Basis zijn: • • •

•

De samenstelling moet idealiter zo breed en divers mogelijk zijn ten aanzien van culturele disciplines en werkgebied. De organisaties bedienen samen een breed en divers publiek van zowel Dordtse inwoners als bezoekers en toeristen. De Dordtse Culturele Basis biedt een goede basis voor ontwikkeling en innovatie. Dit biedt ruimte om te (blijven) vernieuwen: het maakt kruisbestuiving mogelijk tussen disciplines en tussen diverse organisaties en individuele makers. Ze draagt ook bij aan talentontwikkeling. De organisaties binnen de Dordtse Culturele Basis hebben de mogelijkheid en verantwoordelijkheid om makers en andere initiatieven in de stad te ondersteunen: door presentatieplekken te bieden, samen te werken en opdrachten te geven. De gemeente streeft naar gezonde, toekomstbestendige culturele organisaties. Dat betekent dat kwaliteit boven kwantiteit gaat.

7

3.3

Onderbouwing samenstelling 3.3.1

Inleiding

Om te bepalen welke functies passend zijn binnen de Dordtse Culturele Basis kijken we naar de volgende aspecten: -

Het DNA van Dordrecht/ welke stad we zijn en willen zijn; Het model van de culturele cyclus; Het Ringenmodel; De ambities uit de Cultuurnota.

Een functie is een categorie van bepaalde activiteiten of diensten, gericht op een bepaald resultaat, die door één of meer organisaties kunnen worden gerealiseerd. 3.3.2

DNA van Dordrecht: de stad die we zijn en willen zijn?

Bij het maken van keuzes in de gewenste functies is van belang in hoeverre deze voldoende passen bij het DNA van de stad: de stad we in de kern zijn en willen zijn1. DNA van de stad Dordrecht is een stad met een verleden, maar ook met een toekomst: historie en ambitie. In Dordrecht zijn in het verleden veel bijzondere dingen begonnen en er beginnen nog steeds bijzondere dingen. Dordrecht is een aansprekende historische stad op het knooppunt van drie rivieren. De oudste stad van Holland waar met de eerste vrije Statenvergadering het huidige Nederland ooit begon. Een koopmansstad met een rijke historie, die terug te zien is in de werken van zeventiende-eeuwse meesters en vandaag de dag nog te ervaren. Dordrecht is ook een ambitieuze stad met een hedendaags karakter die een sterke toekomst nastreeft voor bewoners, bezoekers en bedrijven. Het is een stevige thuisbasis voor mensen en bedrijven, een sterke motor voor de regio en goed vertrekpunt voor toeristen die Nederland willen verkennen en beleven. Uniek Dordrecht De oudere, historische zus van Rotterdam. Echt, authentiek en vol karakter waar je in een overzichtelijk centrum kan genieten van eigentijdse horeca en verrassende winkeltjes terwijl je in een openluchtmuseum wandelt. Dordrecht is het centrale punt tussen Nationaal Park de Biesbosch en Werelderfgoed Kinderdijk.

Kernwaarden Daarbij hoort een aantal kernwaarden die relevant zijn voor de profilering van de stad door middel van het culturele aanbod en ook in beoordelingscriteria (zie 4.1.2.) worden opgenomen: 1. Ondernemend, eigenzinnig, dwars: er is ruimte voor vernieuwing en talentontwikkeling 2. Oorspronkelijk, echt; de unieke elementen van Dordrecht zijn zichtbaar binnen de programmering;

1

Op basis van Het Merkboek, Dordrecht Marketing en voorlopige uitkomsten update.

8

3. Sociale samenhang; draagt bij aan de trots op de stad en samenwerking en contacten tussen inwoners. Denk hierbij ook aan de betrokkenheid van vrijwilligers; 4. Verantwoordelijk; de activiteiten zijn duurzaam en inclusief. DNA en cultuur Cultuur is een belangrijke drager van het DNA van Dordrecht. Daarin komt het karakter van de stad tot uiting. Cultuur is een belangrijk middel in Dordrecht als verbindende kracht, waarbij verhalen gedeeld blijven worden, inwoners elkaar ontmoeten en trots kunnen zijn op de stad. Erfgoed speelt een belangrijke rol in ons culturele aanbod: veel organisaties zijn gehuisvest in monumentale gebouwen en we hebben een ruim aanbod van musea die zich richten op erfgoed en geschiedenis. Zoals eerder ook betoogd door Gerard Marlet en Roderick Pons van Atlas Research scoort Dordrecht ten opzichte van andere gemeenten vooral sterk op erfgoed en beeldende kunst2. Dat koesteren we. Tegelijkertijd willen we ook een stad zijn en blijven met ruimte voor experiment, innovatie en talentontwikkeling door een levendig kunstenaarsklimaat, met ateliers, broedplaatsen, galeries, presentatieplekken. Juist kruisbestuiving tussen disciplines stimuleert vernieuwing. Daarom willen we een breed cultureel aanbod houden. 3.3.1

Culturele cyclus

Het model van de culturele cyclus is goed bruikbaar om aan te geven wat de toegevoegde waarde is van de functies binnen het culturele ecosysteem van Dordrecht, waarin ruimte is voor talentontwikkeling. Dit model geeft aan wat de vitale onderdelen zijn van een goed werkend ecosysteem met een doorgaande lijn voor talentontwikkeling.

2

Verslag-startbijeenkomst-15-mei-2019-3.pdf

9

Figuur 1: Culturele cyclus

• • • •

Leren gebeurt in het reguliere onderwijs, bij muziekscholen/kunstencentra en in amateurkunstverband. Produceren van kunst vindt plaats in werk- en oefenruimten, zowel voor amateurs als voor professionals. Presenteren van kunstuitingen voltrekt zich op podia en festivals, in galeries, bibliotheken, musea en zelfs de openbare ruimte. Interesseren voor kunst gebeurt via allerlei acties voor en door culturele instellingen, vaak in samenwerking met andere maatschappelijke domeinen.

Bovenstaand model kunnen we toepassen op de huidige situatie van Dordrecht. In onderstaande tabel schetsen we de ketens van beeldende kunst, muziek en theater. Deze koppelen we aan de doorgaande lijn van talentontwikkeling. Niet iedere organisatie hoeft alle onderdelen van de culturele cyclus te vervullen. Meerdere organisaties vormen idealiter samen een complete culturele cyclus. Tabel Culturele cycli Dordrecht Beeldende kunst Leren

Produceren Presenteren

Interesseren

Via het onderwijs, bijvoorbeeld door deelname aan het Cultuurmenu, via lessen bij ToBe, workshops bij (lokale) kunstenaars, amateurkunstverenigingen, de kunstacademie (buiten Dordrecht) voor talenten die zich verder willen ontwikkelen richting professionele kunstenaars. In een culturele broedplaats zoals DOOR of DS17, gemeenschappelijke werkruimten, gemeentelijke ateliers zoals Singel 222. Bij Dordrechts Museum, Pictura, Kunstkerk, bibliotheek, hal van het Stadskantoor, galeries, in de openbare ruimte, wijk- en buurtcentra: in Dordrecht zijn diverse presentatie-instellingen waarbij ruimte wordt geboden aan zowel gevestigde kunstenaars als nieuwe, talentvolle kunstenaars. Een kennismaking met beeldende kunst kan door een bezoek aan één van de presentatie-instellingen, maar ook bijvoorbeeld door een eerste kennismaking met kunst in de wijk, bijvoorbeeld door een workshop van het Dordrechts Museum in een wijkcentrum, een schilderworkshop door de schilderclub in Sterrenburg, een muurschildering in de wijk.

10

Muziek Leren

Produceren

Presenteren

Interesseren

Via het onderwijs, bijvoorbeeld door deelname aan het Cultuurmenu, via lessen bij ToBe, amateurkunstorkesten/koren, diverse muziekscholen, workshops van (lokale) artiesten. In een oefenruimte in het Energiehuis (Popcentrale), Podium N3, DS17, Muziekpodium DJS, waarbij ruimte wordt geboden aan experiment en de ontwikkeling van talentvolle muzikanten én amateurs, zowel bij amateurkunstverenigingen als in informeel verband. Een divers aanbod van podia, waarbij beginnende muzikanten kunnen starten met een optreden bij de Popcentrale, DOOR, Muziekpodium DJS, klein podium bij festivals als Voorstraat-Noord festivalen het voorprogramma van Brand Parkies. Talenten die zich verder doorontwikkelen tot gevestigde artiest kunnen doorgroeien naar bijvoorbeeld het grote podium van Bibelot, Kunstmin, Wantijpop. Ook aan de amateurs wordt ruimte geboden, bijvoorbeeld bij lokale podia in de wijk, zoals het Fidus Muziekcentrum, of het tweejaarlijkse festival Cultuur op de Hoek. Talentvolle, opkomende muzikanten of juist gevestigde artiesten kunnen dienen als inspiratiebron voor bijvoorbeeld jongeren. Het is vooral van belang om aanraking te komen met muziek, een eerste kennismaking kan bijvoorbeeld zijn op het schoolplein via de Popcentrale on Wheels, een muziekoptreden in de wijk, een muziekles op school.

Theater Leren

Produceren

Presenteren

Interesseren

Via het onderwijs, bijvoorbeeld door deelname aan het Cultuurmenu, via lessen bij ToBe, theaterscholen zoals Theater Tortilla, amateurverenigingen zoals Inter Amicos en improvisatietheater Fijndankuwel. Bij het Energiehuis, schouwburg Kunstmin, het Weeshuistheater, Theater de Oude School, Inter Amicos, Theater Tortilla, DOOR: op diverse plekken in de stad is er ruimte voor het ontwikkelen van theatervoorstellingen en het repeteren. Bovengenoemde instellingen bieden niet alleen ruimte voor de ontwikkeling, maar ook voor de presentatie van theatervoorstellingen. Daarnaast worden ook de bibliotheek, diverse musea, de Kunstkerk, Muziekpodium DJS gebruikt als presentatieplek. Ook wordt de stad als decor gebruikt tijdens locatietheater, bijvoorbeeld bij voorstellingen van het Weeshuistheater, of Muziektheater Hollands Diep, die met een rijdend muziekpodium de wijken in trekt. Eerste kennismaking met theater via school, door bijvoorbeeld een bezoek aan Kunstmin, maar ook door een theateroptreden bij een buurtcentrum, door een toevallige ontmoeting met theater door het rijdend muziekpodium.

Deze tabel laat zien dat we voor deze disciplines de onderdelen voor een complete cyclus voor talentontwikkeling in de stad hebben. Een deel van de schakels in deze cycli kan functioneren zonder structurele subsidie en welke organisaties onderdeel uitmaken van de keten kan veranderen. In de Dordtse Culturele Basis horen in ieder geval de functies die de basis en kern vormen en ruimte bieden voor andere organisaties en de verantwoordelijkheid voor deze ketens voor talentontwikkeling hebben. Daar kunnen ook andere onderdelen van de keten van profiteren. 3.3.2

Ringenmodel

De belangrijkste factor voor het bepalen van de omvang en samenstelling van de culturele infrastructuur heeft betrekking op de financiële middelen waarover de gemeente vrij kan beschikken. Die middelen zijn vooral afhankelijk van de bevolkingsomvang. Daardoor is er een duidelijk verband tussen de grootte van een gemeente (inwonertal) en de aard en omvang van de culturele infrastructuur. De VNG ontwikkelde een model voor gemeentelijk cultuurbeleid: het Ringenmodel. In onderstaande afbeelding is het Ringenmodel toegepast op de situatie van Dordrecht. Daarbij is 11

aangegeven welke functies in Dordrecht voorkomen en welke functies op dit moment structurele begrotingssubsidies betreffen. Dordrecht valt in de categorie 100.000+ gemeenten, maar is gezien de ligging nabij steden als Rotterdam en Breda waar al veel culturele functies aanwezig zijn, deels vergelijkbaar met middelgrote gemeenten. We hoeven in Dordrecht niet het complete aanbod te hebben. Inwoners van onze regio kunnen gebruik van aanbod in Rotterdam voor aanbod dat hier niet of minder aanwezig is. Figuur 2 Ringenmodel

12

Kijkend naar het Ringenmodel en de toepassing daarvan op Dordrecht, kunnen we concluderen dat de gewenste functies voor een stad met deze omvang (grotendeels) aanwezig zijn. 3.3.3

Ambities Cultuurnota Dordrecht

Met de nu aanwezige culturele functies (zie paragraaf 3.3.1 en 3.3.2) kunnen de ambities uit de Cultuurnota 2030 naar onze verwachting goed uitgevoerd worden. Ze passen bij de pijlers Cultuur voor en door iedereen, Vergroten aantrekkelijkheid & levendigheid van de stad en Toekomstbestendige culturele sector. We hebben vertrouwen in het huidige culturele ecosysteem met een breed palet aan culturele functies dat gedurende vele jaren is opgebouwd. Toevoegen van nieuwe functies lijkt nu niet noodzakelijk om de ambities te halen. Met meer financiële middelen zouden we de Dordtse Culturele Basis kunnen verbreden met andere functies of nieuwe/ extra organisaties binnen een functie. Deze middelen zijn op dit moment echter niet beschikbaar. Vanuit de ambitie dat we inzetten op een toekomstbestendige culturele sector, laten we kwaliteit boven kwantiteit gaan. We kiezen er daarom nu voor om het aantal functies en organisaties dat we structureel subsidiëren niet uit te breiden. Met onderzoek (bijvoorbeeld Culturele doelgroepenmodel en Behoefteonderzoek OCD) monitoren we de komende jaren in hoeverre het culturele veld een breed publiek bereikt. Na deze eerste periode evalueren we mede op basis daarvan het nieuwe proces en stellen zo nodig een wijziging of aanvulling van de Dordtse Culturele Basis voor.

Ook binnen de huidige functies zien we ruimte voor vernieuwing en innovatie in programmering en samenwerkingspartners, die bijdraagt aan bereiken van nieuwe doelgroepen en vergroten van de levendigheid en aantrekkelijkheid van de stad. Het proces dat nu is ingericht biedt ook de mogelijkheid aan culturele organisaties die nu niet tot de Dordtse Culturele Basis behoren om een aanvraag in te dienen. Hoewel het overigens goed is om te benoemen dat vernieuwing ook nu al wordt gevonden bij de bestaande organisaties. Voldoende financiële ruimte uit subsidie en cultureel ondernemerschap zijn daarvoor wel noodzakelijk. We dagen de organisaties uit om daar in hun plannen op te reflecteren en dit mee te nemen in de beschrijving van de manier waarop ze invulling geven aan de ambities uit de cultuurnota. In de beoordelingscriteria (zie in hoofdstuk 4) nemen we die aspecten ook mee.

3.4

Samenstelling in functies

Op basis van het voorafgaande (het DNA van Dordrecht, de stad die we zijn en we willen zijn, en de hiervoor gemaakte analyse op basis het model van de culturele cyclus, het Ringenmodel en de ambities van de Cultuurnota Dordrecht 2030) rekenen we de volgende functies tot de Dordtse Culturele Basis. Deze nemen we op in de subsidieregeling. Per functie geven we aan wat we in het kort tot de taken van deze functie rekenen en wat het maximale aantal organisaties is dat we subsidie zullen verlenen (zie ook 5.2). 1. Schouwburg Podium dat een breed en artistiek gebalanceerd en hoogwaardig programma biedt met diverse genres van theater/muziekgezelschappen uit het land, stad en regio voor diverse doelgroepen. Ze maakt ook eigen producties in samenwerking met theatermakers uit het land, stad en regio. De schouwburg heeft als kerninstelling de verantwoordelijkheid om bij te dragen aan de keten van

13

talentontwikkeling binnen de podiumkunsten en biedt presentatiemogelijkheden voor Dordtse amateur- en professionele gezelschappen. Maximaal aantal: 1 2. Organisatie voor cultuureducatie en -participatie Organisatie voor het bieden van cursussen en lessen in diverse culturele disciplines voor alle leeftijden, met accent op 0-27 jaar, en is daarmee belangrijk voor de jeugd in de kennismaking met cultuur. De organisatie vervult de rol van intermediair op het gebied van cultuureducatie- en participatie, amateurkunst en talentontwikkeling. Scholen en organisaties kunnen er terecht voor advies, projectleiding en matchmaking. Als kerninstelling hebben zij een extra verantwoordelijkheid voor talentontwikkeling in met name de keten muziek. De organisatie beschikt over oefenruimtes en diverse ruimtes voor cursusaanbod. Ook heeft de organisatie de taak om de verbinding te leggen tussen cultuur en andere sectoren, zoals het sociaal domein, sport en andere vormen van vrijetijdsbesteding en in te zetten op het bereiken van mensen die minder makkelijk in aanraking komen met cultuur. Maximaal aantal: 1 3. Poppodium Presentatieplek voor popmuziek door artiesten, (inter-)nationaal en uit stad en regio Het podium biedt artistiek hoogwaardige en een breed programma met diverse genres binnen de popmuziek en is onderdeel van de nacht- en jongerencultuur.

Het poppodium heeft als kerninstelling een verantwoordelijkheid in de keten van talentontwikkeling binnen het genre popmuziek. Maximaal aantal: 1 4. Museum op het gebied van beeldende kunst Belangrijke presentatieplek voor beeldende kunst uit vele eeuwen en voor moderne kunst uit het stad en regio, maar ook elders uit het land én internationaal. Maximaal aantal: 1 NB. Het Dordrechts Museum vervult deze functie, maar kan niet onder de nieuwe subsidieregeling vallen, omdat het onderdeel is van de gemeentelijke organisatie. Dit museum willen we wel behouden. 5. Musea op het gebied van erfgoed/historie Presentatieplekken voor erfgoed en (cultuur)historie van Dordrecht en de regio. Voor deze functie is het van belang dat de organisatie beschikt over de officiële museumstatus. Maximaal aantal: 1 op het gebied van erfgoed en historie, naast Huis van Gijn en Het Hof. Huis van Gijn en Het Hof, onderdeel van de Dordrechts Museum Organisatie (DMO) passen binnen deze functie, maar kunnen niet onder de nieuwe subsidieregeling vallen, omdat ze onderdeel zijn van de gemeentelijke organisatie. Deze musea willen we wel behouden. Huis van Gijn en Het Hof vervullen als musea voor erfgoed een belangrijke functie voor het presenteren van het cultureel erfgoed en het verhaal van de stad.

14

6. Presentatie-instelling voor beeldende kunst Presentatieplek voor beeldende kunst waarbij kunstenaars de mogelijkheid krijgen om te experimenteren, talenten te ontwikkelen en hun publiek ontmoeten en waar ruimte is voor lezingen, kunstenaarsgesprekken, vernissages, finissages en workshops. Maximaal aantal: 1 7. Podium voor jazz en wereldmuziek Podium voor jazzmuziek, blues en wereldmuziek door (inter-)nationale artiesten en uit stad en regio. Het podium biedt ruimte aan jonge, nieuwe makers en draagt daarmee bij aan de keten van talentontwikkeling in muziek. Maximaal aantal: 1 8. Broedplaats Een verzameling werkplekken voor amateurkunstenaars en professionele makers uit verschillende kunst- en cultuurdisciplines, waarbij verschillende functies in elkaar overlopen: ontmoeting, experiment en presentatie. De organisatie draagt zorg voor het beheer van de ateliers. De organisatie werkt samen met andere culturele partners in de stad en organiseert culturele activiteiten. Maximaal aantal: 1 9. Stadsgezelschap Theatergezelschap gevestigd en werkzaam in Dordrecht met voorstellingen die aansluiten op het DNA van Dordrecht en het verhaal van de stad kunnen vertellen. Het gezelschap kan ook buiten Dordrecht spelen en daarmee het bereik vergroten. Maximaal aantal: 1 10.

Cultureel festival Cultureel evenement met artistiek hoogwaardige en diverse culturele programmering met accent op genre klassieke muziek en culturele crossovers. Het festival draagt het DNA van Dordrecht uit en heeft landelijke uitstraling. In voorbereiding op het tweejaarlijkse evenement verleent het ook opdrachten aan makers en in de tussenliggende periode biedt het aansluitende culturele activiteiten. Maximaal aantal: 1 3.4.1

Niet in subsidieregeling

De volgende functies cq organisaties laten we buiten het proces van heroverweging van de Dordtse Culturele Basis en de nieuwe subsidieregeling: -

-

Evenementen: we stellen in 2026, in aansluiting op het nieuwe Evenementenbeleid, een vergelijkbaar proces op voor ‘Specials’ (structurele begrotingssubsidies evenementen). Stichting Torenmuziek: hieronder vallen de activiteiten van de stadsbeiaardier. Net als andere Dordtse bijzondere makers: stadsorganist en de stadsdichter zullen we deze op basis van een aparte overeenkomst financieren en niet als subsidie in de Dordtse basisinfrastructuur. Dordrechts Museum, Hof van Nederland en Huis van Gijn. Zoals ook hiervoor (zie 3.3.4) aangegeven kunnen deze niet onder de nieuwe subsidieregeling vallen, omdat ze onderdeel zijn van de gemeentelijke organisatie. Zoals aangegeven willen we deze instellingen 15

behouden vanwege hun belang voor de stad: ze passen heel goed binnen het (culturele) DNA en zijn belangrijk voor de aantrekkelijkheid van de stad. Taken en functies die op basis van incidentele subsidies (mede) vanuit het Rijk worden bekostigd (zoals Brede combinatieregeling en Cultuureducatie met kwaliteit). Amateurkunst: de regeling Dordtse Culturele Basis richt zich op professionele culturele instellingen. Onder culturele amateurkunstorganisaties verstaan wij vrijwilligersorganisaties waarvan de deelnemers een kunstvorm beoefenen op een niet-beroepsmatige basis. Voor amateurkunstverenigingen- en organisaties hebben wij een aparte (incidentele) subsidieregeling Amateurkunst. We vragen organisaties in de Dordtse Culturele Basis om hen waar mogelijk meer te ondersteunen door het bieden van goed betaalbare oefen- en presentatieruimte. De komende jaren monitoren we de ontwikkelingen in het amateurkunstveld en bezien we of er bijstelling van de subsidiemogelijkheden voor amateurkunst nodig is.

-

4

Beoordelingscriteria en voorwaarden

4.1

Inleiding

In de nieuwe subsidieregeling ‘Dordtse Culturele Basis’ worden naast de functies ook voorwaarden en beoordelingscriteria opgenomen die gelden bij de beoordeling van de aanvragen. Dordtse culturele instellingen kunnen op basis hiervan een aanvraag indienen voor meerjarige subsidie die door een externe adviescommissie worden beoordeeld (zie ook volgende hoofdstuk Werkwijze).

4.2

Voorwaarden

Organisaties moeten in ieder geval voldoen aan deze voorwaarden: • • •

4.3

De professionele culturele organisatie is minimaal 3 jaar gevestigd en werkzaam in Dordrecht, met uitzondering van de functie ‘broedplaats’. Rechtspersoon zonder winstoogmerk. Specifiek voor musea: de instelling heeft de officiële museumstatus.

Individuele beoordelingscriteria

Aan de hand van de beoordelingscriteria a t/m f worden organisaties beoordeeld. Per criterium zijn punten te verdienen. Deze criteria wegen even zwaar. a. Dordts DNA: De mate waarin de activiteiten passend zijn bij de kernwaarden van het DNA van Dordrecht: 1. Ondernemend, eigenzinnig, dwars: is er ruimte voor vernieuwing en talentontwikkeling; 2. Oorspronkelijk, verdiepend; Zijn de unieke elementen van Dordrecht zichtbaar binnen de programmering; 3. Sociale samenhang; draagt het bij aan de trots op de stad en samenwerking en contacten tussen inwoners. Denk hierbij ook aan de betrokkenheid van vrijwilligers; 4. Verantwoordelijk; zijn de activiteiten duurzaam en inclusief. b. Bereik doelgroepen en zichtbaarheid: 1. De organisatie heeft een duidelijke visie op publiek en doelgroepen, o.a. aan de hand van het culturele doelgroepenmodel; 16

2. De organisatie zet zich actief in om ook nieuwe, specifieke doelgroepen te bereiken, blijkend uit een passende benadering van deze doelgroepen; 3. De organisatie is zichtbaar in de stad en draagt daarmee bij aan de aantrekkelijkheid en levendigheid van de stad; 4. Toepassing Code diversiteit en inclusie. In de aanvraag moet worden toegelicht hoe de code wordt geïmplementeerd in de dagelijkse praktijk van de aanvrager aan de hand van een reflectie op de vier P’s uit de code. c. Maatschappelijke waarde 1. De organisatie draagt bij aan cultuureducatie, - participatie, talentontwikkeling en/of sociale samenhang en positieve gezondheid. Dit kan door middel van programma's, workshops en samenwerkingen met scholen en andere instellingen. 2. De organisatie zet naast betaalde krachten vrijwilligers in bij de uitvoering van de activiteiten. d. Artistieke en inhoudelijke kwaliteit: De aanvraag geeft blijk van een artistieke hoogwaardige programmeringen en/of bewezen kennis en kunde ten aanzien van de activiteit en de doelgroep. Dit wordt beoordeeld op basis van de volgende onderdelen: 1. Oorspronkelijkheid: uit de aanvraag blijkt een duidelijke artistieke identiteit, waarmee de organisatie zich onderscheidt van andere organisaties. De artistieke identiteit is terug te zien in de activiteiten 2.

Vakmanschap: de aanwezigheid van kennis, vaardigheden, kunde en competenties om de activiteiten op een goed niveau te kunnen realiseren., 3. Zeggingskracht: de organisatie heeft met haar activiteiten het vermogen om het publiek/de doelgroep te raken, te prikkelen, aan het denken te zetten. Bij de ene instelling ligt de nadruk meer op de productie van artistieke activiteiten, bij de andere instelling op de presentatie van artistieke of inhoudelijke activiteiten en weer bij een andere instelling wordt gefocust op inhoudelijke, ondersteunende activiteiten. Het profiel van de instelling bepaalt de context waarbinnen de artistieke of inhoudelijke kwaliteit wordt beoordeeld. e. Samenwerken en ontwikkelen: 1. De organisatie werkt actief samen met andere culturele organisaties en zelfstandige makers in de stad en daarbuiten; 2. Ze bevordert en draagt bij aan kennisuitwisseling, versterking, experiment en vernieuwing van de culturele sector; 3. De organisatie zet zich in om verbinding te maken met andere beleidsterreinen, zoals het sociaal domein. f.

Zakelijke kwaliteit 1. Een sluitende en realistische begroting; 2. De organisatie zorgt voor een gezonde financieringsmix die aansluit bij het type organisatie: naast gemeentelijke subsidie ook eigen inkomsten uit (kaart)verkoop, contributies, donaties en fondsen; 17

3. Goede risicoanalyse waaruit blijkt hoe wordt omgegaan met tegenvallende inkomsten en uitgaven en welke maatregelen er dan getroffen kunnen worden; 4. Gezonde financiële situatie die vertrouwen biedt voor de toekomst (op basis van solvabiliteit, liquiditeit, weerstandsvermogen); 5. Toepassing Fair Practice Code, waarbij wordt gekeken of er eerlijke beloningen worden gehanteerd. Uit de aanvraag blijkt wat het beloningsbeleid is en waar dit op is gebaseerd/ hoe dit tot stand is gekomen; 6. Toepassing Code Cultural Governance. Dit wordt beoordeeld ten aanzien van de volgende onderdelen: de aanstelling van een onafhankelijk bestuur en onafhankelijke raad van toezicht, een overzicht van de organisatiestructuur, de vastlegging van taken en verantwoordelijkheden van bestuur, directie en medewerkers en de formulering van beleid voor een veilige werkomgeving;

4.4

Integrale beoordelingscriteria

We kijken naast bovengenoemde criteria ook naar de plaats die de organisatie inneemt in het Dordtse culturele ecosysteem: wat draagt de organisatie bij aan de totaliteit van het culturele aanbod in Dordrecht en welke plaats neemt de organisatie in binnen de keten. Daarom passen we aanvullend op de individuele criteria ook twee integrale beoordelingscriteria toe. Deze criteria wegen net zo zwaar als de individuele criteria. a. Bijdrage aan de diversiteit van het aanbod: de mate waarin de activiteiten bijdragen aan een zo breed en divers mogelijk cultureel aanbod in Dordrecht, waarbij gekeken wordt naar het onderscheidende karakter van de activiteiten; b. Bijdrage aan de keten: de mate waarin de aanvrager ruimte biedt voor productie en presentatie van lokale makers en initiatieven, verbindingen legt in de keten van productie tot presentatie en zich inzet voor talentontwikkeling. Als aanvragers precies dezelfde score krijgen op basis van alle criteria, dan heeft de organisatie die het beste scoort op criterium a van de integrale beoordelingscriteria voorrang. Als ook daar een gelijke score uitkomt, wordt er geloot.

5

Van begrotingsubsidies naar meerjarensubsidies

Op basis van de nieuwe subsidieregeling verlenen we voortaan meerjarige subsidies in plaats van jaarlijkse begrotingssubsidies. Doel van de meerjarensubsidies is dat het zorgt voor vermindering van administratieve lasten en meer zekerheid en vertrouwen biedt voor de culturele organisaties, zonder dat dit ten koste gaat van de afstemming tussen gemeente en organisatie en monitoring van de subsidie.

5.1

Periode

De aanvragers waar op basis van de beoordeling positief over wordt besloten, komen in aanmerking voor meerjarensubsidie voor de periode 2027-2030. De periode 2027-2030 sluit niet aan bij de landelijke regeling voor de Culturele Basisinfrastructuur (BIS) (nu 2025-2028). Op termijn is dat wel handiger voor organisaties die dan in één keer voor beide regelingen een aanvraag kunnen voorbereiden. Het is niet wenselijk om nu slechts een periode tot 2028 te nemen, gezien de tijdsinvestering voor alle betrokkenen. Een periode van 6 jaar is nu ook niet verstandig. Er is een wetswijziging in voorbereiding. Er wordt gesproken over mogelijke verlening van 8 in plaats van de huidige 4 jaar. De planning voor de besluitvorming en inhoud van de nieuwe wet is nog niet zeker. 18

Nadat we ervaring hebben opgedaan met deze voor Dordrecht nieuwe subsidiesystematiek en na vaststelling van de nieuwe wet, kunnen we bezien of we er bij een volgende periode wel op kunnen en willen aansluiten.

5.2

Subsidieplafonds en verdeling

Per functie wordt een subsidieplafond bepaald. Deze worden vastgesteld door het college. We zien zoals eerder aangegeven geen noodzaak en financiële ruimte voor het verbreden van de Dordtse Culturele Basis. De voorgestelde samenstelling in functies en maximaal aantal organisaties per functie past bij het huidige financiële kader. Op basis van ervaringen van afgelopen jaren met de organisaties die de functies nu uitoefenen, houden we de verdeling van de middelen over de functies gelijk aan het huidige budget per begrotingspostsubsidie, met wel de jaarlijkse indexatie. Het uitgangspunt is dat de organisaties de functie op een goede, gezonde en toekomstbestendige manier kunnen uitvoeren. Op basis daarvan verdelen we het beschikbare budget (subsidieplafond) per functie over een maximaal aantal organisaties. We investeren het geld liever in één sterke, gezonde organisatie per functie dan in meerdere organisaties, die daardoor een financieel zwakkere basis zouden hebben. Iedere organisatie die voldoet aan de gestelde voorwaarden kan in aanmerking komen voor de subsidie. Op basis van de beoordelingscriteria adviseert een adviescommissie vervolgens welke organisatie het meest passend is voor de invulling van de functie. In onderstaande tabel zijn de subsidieplafonds per functie weergegeven zoals ze ook verwerkt zullen worden in de begroting 2026: Functie

Schouwburg Organisatie voor cultuureducatie en -participatie

Huidig budget/subsidieplafond per jaar3 € 3.227.000 € 2.443.000

Poppodium

€ 845.000

Presentatieplek voor beeldende kunst

€ 102.000

Stadsgezelschap

€ 97.000

Podium voor jazz en wereldmuziek

€ 23.000

Museum op het gebied van erfgoed/historie

€ 35.000

Broedplaats

€ 23.000

Cultureel festival

€ 105.000

Mochten er later nog middelen voor structurele culturele subsidies vrij komen te vallen na afloop van het proces of tijdens de looptijd van de subsidieperiode, kan dit op meerdere manieren worden ingezet: -

3

Vergroten van de incidentele subsidiemogelijkheden. Het maximaal aantal organisaties dat in aanmerking komt voor een subsidie per functie verhogen; Verhogen van de subsidieplafonds per functie en daarmee de huidige functies versterken.

Deze bedragen worden, indien van toepassing, jaarlijks geïndexeerd.

19

Als meest wenselijke van deze opties, zien we het vergroten van de incidentele subsidiemogelijkheden. Het college zal als dit zich voordoet een besluit nemen om het toe te voegen aan incidentele regelingen.

6 Werkwijze aanvragen en beoordeling 6.1

Aanvragen

De subsidieregeling ‘Dordtse Culturele Basis’ zal uiterlijk 1 maart 2026 worden opengesteld voor het indienen van aanvragen. Organisaties die in aanmerking willen komen voor een meerjarige subsidie en voldoen aan de gestelde voorwaarden (zie 4.1.1.) vragen we om uiterlijk 1 april 2026 de volgende zaken aan te leveren: a. Een meerjarenplan voor de periode 2027 – 2030, waarin het volgende staat omschreven: • De visie, ambities en doelstellingen van de culturele organisatie; • De wijze waarop invulling wordt gegeven aan de beoordelingscriteria; • Een globale meerjarenplanning voor de activiteit(en) waarvoor subsidie wordt aangevraagd; • Een gedetailleerde beschrijving van de activiteiten die in 2027 worden uitgevoerd. b. Een sluitende, onderbouwde en toegelichte meerjaren-exploitatiebegroting voor de periode 2027-2030. c. In het geval van een negatief eigen vermogen legt de subsidieaanvrager, ondersteund door een accountant, in een plan van aanpak uit hoe de organisatie zorgt voor de continuïteit van de bedrijfsvoering. d. In geval van een aanvraag voor activiteiten onder de functie ‘museum op het gebied van erfgoed/historie’ een bewijs van officiële museumstatus.

6.2

Beoordeling

Alle aanvragen worden na een ambtelijke toets beoordeeld door een externe adviescommissie. Als een aanvrager niet voldoet aan de voorwaarden, komt deze niet in aanmerking voor subsidie. De aanvraag wordt dan niet meer inhoudelijk getoetst aan de beoordelingscriteria. Als de aanvrager wel voldoet aan de voorwaarden, wordt de aanvraag inhoudelijk beoordeeld door een nog aan te stellen adviescommissie. Organisaties krijgen de mogelijkheid om langs te komen bij de adviescommissie en hun plannen verder toe te lichten en eventuele vragen te beantwoorden. Vervolgens worden de plannen getoetst aan de hand van de beoordelingscriteria, zoals beschreven in paragraaf 4.3 en 4.4. Op basis daarvan kan de commissie adviseren om het bedrag toe te kennen, gedeeltelijk toe te kennen of te weigeren. De commissie houdt daarbij ook rekening met het maximaal aantal toe te kennen subsidies per functie en het subsidieplafond. Voor een deel van de functies maakt alleen de huidige organisatie kans om die functie uit te oefenen op basis van de criteria (bijvoorbeeld schouwburg, poppodium en organisatie voor cultuureducatie en -participatie). We nemen deze wel op in de regeling en laten deze ook door de adviescommissie beoordelen. Dit doen we enerzijds in het kader van het gelijkheidsbeginsel.

Anderzijds vinden we het belangrijk om ook de huidige organisaties scherp te houden op hun bijdrage aan de uitgangspunten. Daarvoor is de aanvraag en beoordeling bedoeld als kritische toets in hoeverre de aanvragen voldoen aan de criteria en uitgangspunten. Dit is een goede basis voor de meerjarenafspraken.

6.3

Samenstelling externe adviescommissie

De aanvragen zullen worden beoordeeld door een externe onafhankelijke adviescommissie die: 20

-

-

Bestaat uit 5 tot 7 leden In staat is om de pluriformiteit aan culturele functies te beoordelen, door een mix van diverse expertises; Ruime ervaring heeft met de culturele sector, en in staat is om zowel de financiële als artistiek-inhoudelijke kant te beoordelen; Bestaat uit leden die binding hebben met Dordrecht en affiniteit hebben met de Dordtse culturele sector zonder er direct belang in te hebben en leden die de commissie kunnen verrijken met een frisse blik van buiten Dordrecht; Inhoudelijk ondersteund wordt door een ambtelijk technisch voorzitter en een ambtelijk secretaris. De voorzitter en secretaris hebben geen stemrecht.

De adviescommissie brengt advies uit aan het college. Het college heeft de mogelijkheid om af te wijken van dit advies.

6.4

Beschikking en uitbetaling

Als de meerjarige subsidie wordt verleend, wordt er een beschikking afgegeven voor de meerjarige subsidie voor 4 jaar. De uitbetaling van het subsidiebedrag vindt per jaar of kwartaal plaats. Indien van toepassing, zullen de subsidiebedragen jaarlijks geïndexeerd worden.

6.5

Tussentijdse gesprekken

De subsidieafspraken maken we voor 4 jaar. Wel voeren we jaarlijks tussentijdse gesprekken. De organisaties leveren hiervoor een beknopte jaarrapportage aan met beschrijving van de gerealiseerde activiteiten, een onderbouwing van de gemaakte kosten en een beknopt activiteitenplan voor het komende jaar. Aan de hand van die documenten voeren we met elkaar het gesprek. Mocht het zo zijn dat er grote wijzigingen plaatsvinden, inhoudelijk en/of financieel, dan dienen organisaties dit tussentijds te melden bij de gemeente, op grond van artikel 13 lid 1 van de Algemene Subsidieverordening. Zo nodig wordt de beschikking na overleg tussentijds herzien.

6.6

Eindverantwoording

Aan het einde van de subsidieperiode 2027-2030 dienen organisaties binnen 6 maanden na afloop van de periode de eindverantwoording in. Voor de eindverantwoording levert de organisatie de volgende stukken aan: a. een inhoudelijk eindverslag waarin wordt gereflecteerd op de doelstellingen, de gerealiseerde activiteiten en de wijze waarop invulling is gegeven aan de culturele codes; b. een financieel eindverslag waarin de realisatie wordt gekoppeld aan de ingediende begroting en een toelichting wordt gegeven op de eventuele verschillen; c. de jaarrekeningen over de afgelopen vier jaar; d. voor subsidies van € 80.000 tot € 200.000 per subsidieperiode geldt dat er aanvullend een beoordelingsverklaring van een onafhankelijk accountant over de jaarrekeningen aangeleverd dient te worden; e. voor subsidies vanaf € 200.000 per subsidieperiode geldt dat er aanvullend een controleverklaring van een onafhankelijk accountant over de jaarrekeningen aangeleverd dient te worden.

21

Bijlage: Proces Op basis van een op te stellen subsidieregeling kunnen alle organisaties (huidige en andere) een aanvraag indienen en worden zij beoordeeld. In onderstaand schema staan de besluitvormingsstappen die nodig zijn en de planning voor aanvraag en beoordeling. 1 Besluit Uitgangspuntennotitie (raad)

8. Beschikking met meerjarenafspraken 20272030

Q4 2025

<1 juli 2026

2. Vaststellen subsidieregeling

7. Definitief besluit

(college) dec/jan 2026

door college <1 juli 2026

3. Werven en benoemen adviescommissieleden

6. Beoordeling door adviescommissie

Q1 2025

april-juni 2026

4. Publiceren Regeling, proces, voorwaarden publiceren en openzetten voor aanvragen Q1 2026

9. Bezwaartermijn

Evt. afbouwperiode bij stop begrotingssubsidie

2028 Start voorbereiding nieuwe periode 2031 >

5. Opstellen en indienen aanvragen door culturele organisaties <1 april 2026

22

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/913/documents/44586