CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Technische vragen Begroting 2022 DEF.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 9 november 2021, gemeente DordrechtBij agendapunt: 13: Vaststellen Begroting 2022 - Raadsvoorstel7.935 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

MEMO

Contactpersoon Dhr. M. Muller T 078 770 4212

Van

Cluster Versterking Bestuur en Organisatie

Aan

Griffie

Datum

2 november 2021

E M.Muller@dordrecht.nl

Kenmerk Betreft

Beantwoording technische vragen Begroting 2022

SP 1

OZB: Kunnen we een berekening krijgen voor de 3 nieuwe OZB tarieven, d.w.z. de CBS waarde die gehanteerd wordt en de gewenste opbrengst (begroting 2021, inflatie, wijziging areaal en bedrag voor leegstand), zodat we kunnen vaststellen of het voorgestelde tarieven kloppen. In het voorstel wordt gesproken over ongeveer € 300.000 mutatie areaal, terwijl in de begroting € 245.000 is geraamd. Waar wordt nu rekening mee gehouden als toename areaal in 2022 t.o.v. 2021?

2

1

Hondenbelasting: In het raadsvoorstel staat “Uitgaande van het principe dat de totale inkomsten uit de hondenbelasting niet meer dan de kosten van het hondenbeleid dekken (aangenomen motie 'Verlaag Dordtse hondenbelasting' bij de vaststelling van de Kadernota 2018 op 27 juni 2017), moet het tariefvoorstel voor 2022 € 342.000,- opleveren”.

Zie voor berekening de aangehechte bijlage onderaan dit document. In de Begroting 2022 is rekening gehouden met € 245.000 voor met name DK IV. Het hogere bedrag van € 300.000 houdt verband met areaaluitbreidingen nietwoningen elders in de stad, buiten DK IV. Deze ontwikkeling werd in een laat stadium bekend en is daarom nog niet verwerkt in de Begroting 2022. Bij het tarief is hiermee al wel rekening gehouden. Los van areaalopbrengst merken wij op dat de CBS gegevensstand per 1 januari dé hoofdfactor is voor de gemeentelijke OZB inkomsten. Gezien de zeer turbulente marktontwikkelingen bij woningen is het denkbaar dat er zich afwijkingen voordoen en per saldo een afwijking in inkomsten ontstaat. Dit is vooraf niet calculeerbaar. En dergelijke afwijkingen zullen zich altijd voordoen. Onderstaand vindt u een overzicht van de kosten en een specificatie van de opbrengsten. Kwijtschelding is voor de hondenbelasting niet mogelijk. Voor de volledigheid merken wij op dat dit dekkingspercentage pro forma is. In beginsel is hondenbelasting een algemeen dekkingsmiddel.

Kenmerk Datum

2 november 2021

Wilt u ons de opbouw van de kosten van het hondenbeleid verstrekken en een berekening op basis van het gehanteerde aantal honden voor 2022, zodat ons de genoemde € 342.000 duidelijk wordt. Tenzij de heffings- en invorderingskosten en de kwijtschelding voor de hondenbelasting al in de opbouw van de kosten hondenbeleid zitten horen we ook graag met welke bedragen hiervoor in de begroting 2022 rekening wordt gehouden?

3

2

Stukjes tekst uit het raadsvoorstel.

Het gaat hier om een incidenteel budget voor de volledige volgende bestuursperiode t/m 2026. Wij stellen voor dit budget te dekken uit de algemene reserve. U vindt dit

Kenmerk Datum

2 november 2021

In de Begroting 2022 is financiële ruimte opgenomen voor besluiten/wensen vanuit de raad. Om het financieel meerjarenperspectief niet verder te belasten worden deze mutaties incidenteel gedekt uit de algemene reserve. Om de Dordtse inzet op public affairs te verstevigen is in de begroting 2022 een meerjarig budget van € 200.000,opgenomen. Deze plusvariant dekken we uit de revenuen die vanuit specifieke lobbydossiers in de projecten de structurele financiële ontstaan, of door verdere samenwerking met andere gemeenten te zoeken. Op deze wijze wordt de structurele financiële opgave niet verzwaard. In 2022 werken wij hier een raadsvoorstel voor uit.

terug onderaan de tabel op pagina 181. Deze verwerking sluit aan bij de lijn die de afgelopen jaren is aangehouden, waarbij nieuw beleid incidenteel is gedekt en niet ten laste van het exploitatiesaldo is gebracht. Belangrijkste reden is dat de structurele financiële opgave hiermee niet wordt vergroot.

Deze teksten zijn nogal tegenstrijdig. a. In de begroting is het meerjarig budget van € 200.000 opgenomen t/m 2025 (blz. 181). Gaat het nu om een structureel of incidenteel budget? b. Vindt de dekking nu uit de reserve of uit de andere in het raadsvoorstel genoemde wijze plaats en waar vinden we de dekking in de begroting terug? 4

Vanaf komend jaar willen we 1.000 woningen per jaar toevoegen aan de markt (blz. 3).

Ook sociale huurwoningen vallen hieronder. Onder doelstelling 1 van het programma Bouwend en bereikbaar is aangegeven dat naast het terugbouwen van sociale huurwoningen ook 10% van de groeiambitie sociale huurwoningen betreft.

Betekent markt dat het om verkoopbare woningen gaat of vallen er ook sociale huurwoningen onder uw term “markt”? 5

3

In het raadsvoorstel OZB tarieven 2022 staat dat er geen rekening wordt gehouden met mutaties in het areaal omdat nieuw te bouwen woningen en te slopen woningen elkaar opheffen. Hoe spoort dit met de bij vraag 2 aangehaalde

De extra 1.000 woningen per jaar die we vanaf 2022 willen realiseren hebben pas effect op de tariefberekening vanaf 2023 en verder. Voor de tariefberekening 2022 is alleen de areaalontwikkeling in 2021 relevant. Voor 2021 is de doelstelling om 650 extra woningen te realiseren. Vanuit deze doelstelling is bij de start van deze

Kenmerk Datum

2 november 2021

passage uit de begroting dat we 1.000 woningen per jaar toevoegen?

bestuursperiode een extra OZB-opbrengst geraamd. Bovenop deze al eerder ingerekende areaalontwikkeling is voor de OZB-tarieven geen rekening gehouden met extra mutaties. We zien dat sloop het aantal toegevoegde woningen negatief beïnvloedt, maar verwachten op basis van de BAG-registratie nog steeds op de doelstelling van 650 woningen in 2021 uit te komen.

6

Bij alle programma’s staan doelstellingen. Komen deze doelstellingen uit eerder vastgestelde beleidsstukken? Zo ja, kunnen die er dan voortaan aan worden toegevoegd? Zo nee, waarom formuleert het college dan doelstellingen die niet gebaseerd zijn op door de raad vastgesteld beleid?

De in de Begroting genoemde doelstellingen per beleidsprogramma zijn vastgesteld aan het begin van de Raadsperiode 2018-2022 (Begroting 2019) en zijn gebaseerd op het Coalitieakkoord 2018-2022 (BvD, VVD, CDA, CU/SGP). De doelstellingen gelden voor de gehele raadsperiode en blijven die gehele 4 jaar onveranderd. De activiteiten om de doelstellingen te bereiken kunnen wel per jaarschijf wisselen.

7

Het dividend voor Stedin neemt met € 0,4 miljoen extra af (blz. 181). De gemeente kocht voor € 20 miljoen nieuwe aandelen. Waar vinden we het dividend van deze nieuwe aandelen in de begroting en had de nu vermelde tegenvaller van € 0,4 miljoen nog hoger geweest als we geen nieuwe aandelen hadden gekocht?

Dit nieuwe dividend is al bij de Kadernota 2022 verwerkt en heeft ervoor gezorgd dat bij de Kadernota een minder groot nadeel gepresenteerd kon worden.

8

Op grond van de verwachte cijfers voor 2022 stijgen de kosten voor de jeugdzorg met € 8,7 miljoen (blz. 182). Waarom wordt er vanuit gegaan dat dit een eenmalig bedrag is?

Wij gaan ervan uit dat het nieuwe kabinet ook meerjarig compenserende middelen beschikbaar stelt. Vanwege de onzekerheden over de omvang van zowel deze middelen als de verwachte uitgaven vanaf 2023, hebben we vooralsnog de baten en lasten voor jeugdhulp meerjarig niet geactualiseerd.

9

Er wordt uitgegaan van budgettair neutraal indexeren (blz. 182), terwijl bekend is dat de compensatie vanuit het Gemeentefonds achter blijft. Dit betekent dat budgetten op voorhand niet toereikend zijn. Welk bedrag is nodig als we wel correct indexeren?

In de begroting gaan wij uit van correct indexeren. Het nadeel vanuit correct indexeren is opgenomen in de Kadernota 2022 (zie tabel 1 Kadernota). Bij de Begroting stellen wij voor dit nadeel volledig in stand te houden, door de dekkingsmaatregel "budgetneutraal indexeren" niet in te zetten.

4

Kenmerk Datum

2 november 2021

10

De raming voor de OZB woningen is in 2021 geraamd op € 12.663.000. Inflatiecorrectie + compensatie wegvallende precariobelasting is 3,9%. In de begroting is geen mutatie voor het areaal geraamd. Dat is toegelicht in het raadsvoorstel OZB tarieven 2022. De opbrengst 2022 zou daarmee uit moeten komen op € 13.157.000. Op blz. 118 is echter € 13.381.000 geraamd. Waarom is er € 224.000 meer geraamd?

Zie vraag 5. Dit zijn de geraamde opbrengsten vanuit de groeiambitie.

11

De raming voor de OZB niet-woningen (eigenaren en gebruikers) is in 2001 geraamd op € 12.401.000. Inflatiecorrectie + compensatie wegvallende precariobelasting is 3,9%. Dit leidt tot een opbrengst van € 12.885.000. Op blz. 118 is geraamd € 13.117.000. Dat is € 232.000 meer. Dit zou dan de mutatie in het areaal moeten zijn. In de begroting is rekening gehouden met € 245.000. In het raadsvoorstel OZB tarieven 2022 wordt gesproken over ongeveer € 300.000. Hoe zit dit nu precies?

Zie vraag 1

12

De precariobelasting daalt met ruim € 6,1 miljoen (blz. 118). Ter compensatie is de OZB met 2,6% extra verhoogd. De totale OZB verhoging, dus inclusief de normale inflatiecorrectie en toename areaal, levert slechts € 1,4 miljoen op. Betekent dit dat door maar gedeeltelijke compensatie van de wegvallende precariobelasting de begrotingspositie structureel met € 4,7 miljoen is verslechterd?

In de Begroting 2019 meldden we, dat de precario-opbrengsten vanaf 2022 wegvallen. Om deze tegenvaller op de korte termijn te dekken, verhogen we de OZB in 2022 en zijn we enkele jaren geleden overgestapt op een andere afschrijvingsmethodiek voor wegen. Op de korte termijn levert deze gewijzigde afschrijvingsmethodiek aanzienlijke begrotingsruimte op, die in de loop van de tijd afneemt als gevolg van toenemende kapitaallasten. Op deze manier is tijd en ruimte gecreëerd om in te groeien in de compensatie van de wegvallende precarioopbrengsten. Zie link voor een uitgebreidere toelichting.

5

Kenmerk Datum

13

2 november 2021

Op de balans staat de algemene reserve (blz. 189). Die is toegelicht op blz. 196. De verwijzing met een link helpt me niet verder. Is er een gespecificeerd overzicht van de verschillen in de jaren 2023 t/m 2025 ten opzicht van 2022 (zonder verwijzingen)?

Onderstaand de specificatie, met een verwijzing naar de betreffende p&cdocumenten (Begroting 2022 en Kadernota 2022). Daar waar geen verwijzing staat is sprake van een separaat raadsvoorstel.

Omschrijving WK Ijshockey KN2022

6

Bedrag 2022

Bedrag 2023

Bedrag 2024

Bedrag 2025

Bedrag 2026

-

70.000

-

-

-

Merwedeheuvel KN2022

175.000

-

-

-

-

Groenblauwe schoolpleinen B2022

100.000

-

-

-

-

Public affairs B2022

200.000

200.000

200.000

200.000

200.000

Programma sportparken B2022

300.000

-

-

-

-

Leerpark 2F

325.000

-

-

-

-

450 jaar Eerste Vrije Statenvergadering KN 2022

400.000

-

-

-

-

Zwerfafval B2022

480.000

-

-

-

-

Aandachtsgebied Kromhout/Kasperspad KN2022

1.500.000

-

-

-

-

ICT Verandert

1.800.000

-

-

-

-

Stedin KN2022

3.900.000

-

-

-

-

Stedin B2022

400.000

-

-

-

-

Restauratiefonds KN2022

100.000

-

-

-

-

Kenmerk Datum

2 november 2021

Hans Petri fontein KN2022

14

Op blz. 213 staat het overzicht op taakvelden. Een heel interessant overzicht. Immers het is de enige informatie die je met andere gemeenten kan vergelijken. Er zijn nogal wat zaken die na 2022 een afwijkend resultaat hebben. Een toelichting ontbreekt. Ook het in de begroting erna opgenomen autorisatieoverzicht is niet toegelicht. Daarom het verzoek de in onderstaand overzicht genoemde taakvelden toe te lichten aan de hand van de er onder geformuleerde vragen. Hoewel er veel meer opvallende afwijkingen zijn, heb ik me in de vraag beperkt tot enkele taakvelden.

0.4 Waarom in 2023 een voordeel van € 2,6 miljoen, dat in de jaren erna weer richting huidige kosten afneemt? 0.5 Waarom vanaf 2023 een structureel voordeel van ca € 5 miljoen? 0.7 Waarom vanaf 2023 een structureel nadeel van ca € 15 miljoen.

7

300.000

-

-

-

-

9.980.000

270.000

200.000

200.000

200.000

De verschillen zijn als volgt te verklaren: 0.4: De wijziging in 2023 ten opzichte van 2022 komt door incidentele lasten die in 2022 zijn opgenomen voor ICT Verandert (€ 1,8 miljoen) en knelpunten vanuit de Kadernota 2022 (€ 0,25 miljoen Ontwikkelingen ICT en € 0,43 miljoen Subsidieinformatiesysteem). In 2024 stijgen de lasten weer doordat vanaf 2024 lasten voor het Huis van Stad en Regio (€ 1,7 miljoen) zijn opgenomen. 0.5: Dit betreft vooral het dividend van Stedin dat in 2022 incidenteel met € 4,9 miljoen is afgeraamd. 0.7: Dit taakveld bestaat vooral uit baten vanuit het Gemeentefonds. De raming van de algemene uitkering uit het Gemeentefonds fluctueert van jaar-op-jaar. Van 2022 naar 2023 is sprake van een grote fluctuatie, vooral doordat in 2022 vooralsnog eenmalig de extra rijksmiddelen voor jeugdhulp zijn begroot. Twee minder grote effecten op de afname van inkomsten zijn de ontwikkeling van het accres en in 2022 toegekende rijksmiddelen ter compensatie/bestrijding van de gevolgen van Corona. 3.2: Op dit taakveld staan de baten en lasten voor de ontwikkeling van bedrijfsterreinen. Deze baten en lasten fluctueren van jaar-op-jaar. 6.1: Het sociaal innovatiebudget loopt vanaf 2019 t/m 2022. We hebben hiervoor bijna € 2 miljoen aan lasten in onze begroting 2022 opgenomen. Vanaf 2023 hebben we geen middelen voor het sociaal innovatiebudget begroot.

Hierdoor is vanaf 2023 sprake van lagere lasten. 6.72: Op dit taakveld staan de lasten voor jeugdhulp. Vanaf 2023 zijn de lasten nog niet geactualiseerd (zie ook vraag 8). Dit geeft ogenschijnlijk een voordeel in de begroting.

Kenmerk Datum

2 november 2021

3.2 Waarom is er in 2023 een eenmalig nadeel van € 3 miljoen? 6.1 Waarom vanaf 2023 een structureel voordeel van ca € 2 miljoen? 6.72 Waarom vanaf 2023 een structureel voordeel van ca € 11 miljoen? D66 15

Naar aanleiding van de behandeling van de Kadernota en de grote financiële resultaatsverschillen tussen de Kadernota 2022 en de nu gepresenteerde Begroting is de vraag of de Burap in de toekomst niet eerder kan worden opgesteld, voorafgaand aan de Kadernota. Dit geeft een realistischer beeld van de Kadernota bij het vertrekpunt eindsaldo begroting 2022 en het uiteindelijke resultaat.

In de Kadernota nemen we alle relevante informatie mee, die tot dat moment beschikbaar is. Daarbij nemen we de resultaten van de jaarrekening van het voorgaand jaar mee, maar ook ontwikkelingen die zich later hebben aangediend. Ook als de effecten hiervan nog niet zijn opgenomen in de Burap. Dit geeft een zo realistisch mogelijk beeld op het moment van opstellen van de Kadernota. Het naar voren halen van de Burap op zichzelf draagt naar verwachting niet bij aan dit beeld. De Burap heeft bovendien slechts een heel beperkt effect op de Begroting 2022. De grote verschillen tussen Kadernota 2022 en Begroting 2022 komen vooral door ontwikkelingen die zich rond het zomerreces voordoen. De belangrijkste zijn de meien septembercirculaire en het Rijksbesluit om in 2022 middelen voor jeugdhulp beschikbaar te stellen. Het mogelijk vervroegen van de Burap wordt meegenomen als mogelijkheid in het proces Kiezen Sturen Verantwoorden, dat in het voorjaar van 2022 als separaat voorstel naar uw raad zal gaan.

16

Waarom heeft het college er bij de begroting 2022 niet voor gekozen om bijvoorbeeld de Cultuurnota nu voor het benodigde bedrag in de begroting en het meerjarenperspectief op te nemen? De structurele exploitatieruimte laat het toe.

Als we kijken naar het meerjarenperspectief in de Begroting 2022, dan is vanaf 2024 sprake van een structureel begrotingstekort. Daarbij is nog geen rekening gehouden met eventuele nadelen op dividendopbrengsten vanuit Stedin. Ook moet het nieuwe kabinet nog een aantal voor de gemeente bijzonder relevante, financiële besluiten nemen over 2023 en verder, zoals de opschalingskorting. Dat betekent dat er naar huidig inzicht nog steeds een uitdaging ligt om de komende jaren tot een sluitende begroting te komen. Wij willen deze financiële opgave op dit moment niet vergroten

8

Kenmerk Datum

2 november 2021

en het structureel maken van incidenteel gedekt beleid aan het nieuwe gemeentebestuur laten. Specifiek voor de Cultuurnota geldt dat tot en met 2024 incidentele middelen beschikbaar zijn gesteld, omdat structurele dekking niet beschikbaar was. Een besluit over de periode na 2024 moet door het nieuwe gemeentebestuur worden genomen. 17

In de begrotingsprogramma’s wordt bij Streefwaarde 2022 aangegeven dat de trend in 2022 hoger moet zijn dan de Nulwaarde. De nulwaarde betreft in de meeste gevallen een actualiteitswaarde van 2019 of 2016. In de begroting worden geen concrete acties benoemd waarmee je als raadslid gevoel krijgt bij de geformuleerde Streefwaarde. Hoe komt de Streefwaarde tot stand? Zit er een methodiek achter?

Afhankelijk van de indicator en de doelstellingen zijn de streefwaarden uitgedrukt in een kwantitatief cijfer of in een trendbeweging die we samen willen gaan maken; hoger of lager dan de 0-waarde. Soms is de streefwaarde heel concreet (kwantitatief), dit is het geval als er in het coalitieakkoord een duidelijk doel is vastgelegd. Bijvoorbeeld bij 4.000 nieuwe banen (programma Samenwerkend en Verbindend Dordrecht), of de streefwaarde van 9.000 voor het aantal aangesloten woningen op het warmtenet (programma Duurzaam en Innovatief Dordrecht). Echter, in veel gevallen is er geen duidelijke kwantitatieve streefwaarde te koppelen aan een indicator. Dit is bijvoorbeeld bij programma Leefbaar en Veilig Dordrecht, waar trendwaarden zijn benoemd. De indicator veiligheidsbeleving uit dit programma kent een rapportcijfer 7 als 0-waarde. We willen deze veiligheidsbeleving omhoog, maar het is niet per definitie goed als hier als streefwaarde bijvoorbeeld een 7,5 aan is gekoppeld. Dit zegt inhoudelijk namelijk weinig. Daarom is de trend die vanaf de 0-waarde volgt in de huidige waarde relevanter. Met de auditcommissie is deze systematiek aan het begin van deze raads- en coalitieperiode zo vastgelegd.

18

Programma Samenwerkend en Verbindend Dordrecht: De actuele waarde onder B Initiatieven is 4% lager dan de nulwaarde. Om de Streefwaarde in 2022 te bereiken zal het college 5% hoger moeten scoren dan de actuele waarde. Hoe realistisch is dit percentage met de tekst “we werken aan” of we monitoren en evalueren”. Wat gaat er concreet in 2022 om de streefwaarde te realiseren?

De meting van deze indicator "Initiatieven: Het aandeel bewoners dat het (helemaal) eens is met de stelling: inwoners en organisaties krijgen voldoende ruimte om ideeën en initiatieven te realiseren" wordt jaarlijks gemeten door het OCD via de Monitor Dordtse Initiatieven. Na de 0-waarde van 33% in 2019, waren de actuele waarden vervolgens in 2020 28% en in 2021 29%. Eind 2022 zal het OCD wederom een onderzoek uitvoeren. De activiteiten in dit programma m.b.t. de doelstelling initiatieven voor 2022 zijn erop gericht om ruimte te geven aan initiatieven uit de samenleving, zie daarvoor de activiteiten en toelichtingen op pagina 21 van de begroting, met name:

9

Kenmerk Datum

2 november 2021

-

-

We faciliteren initiatieven beter door één online portaal en een initiatieventeam: In 2021 is het proces voor initiatieven gestroomlijnd en geborgd, is er een nieuwe webpagina rondom initiatieven gelanceerd (www.dordrecht.nl/initiatieven) en is een fonds ingericht voor maatschappelijke initiatieven. Het initiatieventeam fungeert in 2022 als aanspreekpunt voor complexe initiatieven en zal het proces rondom initiatieven monitoren. In 2022 wordt het online portaal breed gepromoot. We werken aan online participatie mogelijkheden: Vanuit het in 2021 opgestelde participatiebeleid wordt in 2022 de online participatie verder ontwikkeld. We zetten in op een participatieplatform waardoor inwoners gemakkelijk in allerlei projecten en activiteiten kunnen meedenken en meedoen.

19

Programma Leefbaar en Veilig Dordrecht Er worden in dit programma een aantal belangrijke ontwikkelingen genoemd die betrekking hebben op de Dordtse samenleving zoals : “meer polarisatie in de samenleving”, “zelf – en samenredzaamheid van onze bewoners”, noodzaak om te investeren in veerkracht en weerbaarheid van alle Dordtenaren”. Daar blijft het volgens mij bij. Ik zie geen concrete doelstellingen, geen acties, geen indicatoren. Wat gaat de gemeente Dordrecht in 2022 in het 1e kwartaal in gang zetten om bovengenoemde ontwikkelingen aan te pakken?

Het programma Leefbaar en Veilig Dordrecht kent naast het onderdeel "belangrijkste ontwikkelingen" onder meer doelstellingen en activiteiten (vanaf pagina 30 in de begroting), en indicatoren (op pagina 37). Alle begrotingsprogramma's zijn langs dezelfde lijn opgebouwd, zie daarvoor de pagina "Leeswijzer programma's" op pagina 16 in de begroting.

20

Programma Groen en Ruimtelijk Dordrecht a. 1 van de doelstellingen is: “we starten met het vormgeven van een investeringsprogramma voor de Biesbosch. Waarom is deze doelstelling in 1 van de businesscases Enecomiddelen opgenomen? Immers bij het opheffen van de Gemeenschappelijke Regeling Parkschap op 1 januari 2021 was al bekend dat voor het beschermen en ontwikkelen van natuurwaarden, het bewaren en ontwikkelen van het

Onder doelstelling 6 (Dordrecht leeft en ontwikkelt zich in en met de natuur) van het programma Groen en Ruimtelijk Dordrecht is onder meer de activiteit opgenomen: "We starten met het vormgeven van een uitvoeringsprogramma voor de Biesbosch". Daarin komen onderwerpen terug die vallen onder de thema's: Educatie, Communicatie en Marketing, Bezoekersmanagement, Recreatie & Toerisme, Belangenbehartiging en Toezicht & Handhaving. Dit uitvoeringsprogramma wordt voornamelijk opgesteld voor gebieden die voorheen in het Parkschap ondergebracht waren. Echter geldt ontwikkeling op deze thema's ook voor de andere delen van de

10

Kenmerk Datum

2 november 2021

landschappelijk karakter en de zorg voor de ontwikkeling van de recreatie in het gebied Hollandse Biesbosch er behoefte is aan aanvullende of alternatieve geldstromen; de opgave om de basis op orde dringend is. Welke plannen heeft het college ontwikkeld? Wat staat hiervoor in de begroting 2022? Wat is het echte financiële knelpunt, ook in meerjarig perspectief tot 2025? Waarom wel beginnen aan een nieuw project Sportpark XL en voor een bestaand probleem geen knelpunt zichtbaar maken?

Hollandsche Biesbosch. In de gestelde vraag wordt echter gedoeld op een investeringsprogramma voor de Biesbosch. Hier is geen activiteit in de Begroting onder programma Groen en Ruimtelijk Dordrecht voor opgenomen. Het is goed om te benadrukken dat er een onderscheid is tussen de Biesbosch enerzijds en Dordtwijck zone anderzijds. Er wordt voor de Biesbosch gewerkt aan een integrale visie van Merwelanden, Nieuwe Dordtse Biesbosch en de Elzen. Naast de al opgesomde onderdelen zal de financiële vertaling een plaats moeten krijgen in de nieuwe raadsperiode.

21

Programma Sociaal en Zorgzaam Dordrecht. Er wordt in dit programma als ontwikkeling gemeld dat de tweedeling in de maatschappij en het belang van inclusiviteit in onze samenleving belangrijke thema’s zijn om aan te pakken. In dit programma hiervoor geen geformuleerde doelstelling, geen indicatoren etc, Wat gaat er in deze begroting 2022 concreet gebeuren om tweedeling in onze samenleving te verkleinen en te zorgen dat iedereen deel kan nemen?

Op pagina 53 van de begroting staan de doelstellingen van het programma Sociaal en Zorgzaam Dordrecht. Meerdere doelstellingen zijn erop gericht om de tweedeling in de maatschappij te verminderen en inclusiviteit te bevorderen. Dit is onder meer te zien in de activiteiten onder de doelstellingen "Het vergroten van de zelfredzaamheid van (kwetsbare) inwoners" en "Alle Dordtenaren kunnen naar eigen vermogen meedoen". Ook onder het onderdeel "Indicatoren" is er aandacht voor deze zaken, zo blijkt uit de indicator "aandeel Dordtenaren dat bekend is met het sociaal wijkteam" (inmiddels gestegen naar 66%). Ook de indicator: "aandeel huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum (inmiddels gedaald naar 10,1%).

22

Programma Levend en Ondernemend Dordrecht. Als ontwikkeling wordt in dit programma genoemd de groeiende kansenongelijkheid in het onderwijs. Ook voor deze ontwikkeling wordt geen doelstelling genoemd, komt niet terug in wat willen we bereiken, geen indicatoren. Wat gaat het college doen om dit grote probleem aan te pakken, Wat gaan we doen om alle talenten voor de toekomst van Dordrecht in te zetten?

Op pagina 64 van de begroting staan onder meer twee doelstellingen die betrekking hebben op onderwijs en het tegengaan van kansenongelijkheid, te weten: Het versterken en aansluiten van het opleidingsaanbod op de vraag van de arbeidsmarkt. Goed en aantrekkelijk onderwijs, waarin iedereen kan meedoen naar vermogen, met gelijke ontwikkelkansen voor alle Dordtenaren.

11

Onder deze twee doelstellingen staan meerdere activiteiten beschreven om iedereen te kunnen laten meedoen, onder meer het "Dordtse leerprogramma", "Glansrijke

Kenmerk Datum

2 november 2021

toekomst voor jongeren 12-27 jaar", en de samenwerking en aansluiting tussen onderwijs en jeugdhulp.

23

24

12

Programma Gezond en Levendig Dordrecht. a. De raad heeft al diverse keren de noodzaak van een integrale sportvisie uitgesproken. Ziet het college deze noodzaak ook? Zo ja wanneer is de verwachting dat deze er ligt? b. In de begroting 2022 staat het percentage aantal nietsporters al 5 jaar (!) op 58%. Wat is er vanuit de gemeente nodig om dit percentage in 2025 op 49% te krijgen? Waarom blijft dit percentage nu al zo lang op 58% staan?

a.

Programma Duurzaam en innovatief Dordrecht. a. Als doelstelling wordt genoemd dat de wettelijke verplichting voor het scheiden van afval in 2025 90% moet zijn (= 30 kg restafval per inwoner per jaar). Met welk scheidingspercentage en aantal kg restafval per inwoner is in de begroting 2022 rekening gehouden? b. De energieprijzen stijgen enorm. Als Duurzaamheidsopgave? voor de bedrijven is in deze begroting niets opgenomen, is dat juist? Is er bij het college een raming wat de stijging van de gasprijzen voor de nabije toekomst van Dordtse Horeca en het Dordtse bedrijfsleven betekend? Ook in relatie met de werkgelegenheidsdoelstellingen zoals in de begroting geformuleerd.

Onderdeel A: Het vastgestelde Grondstoffenbeleidsplan gaat uit van 187 kg fijn restafval en 23 kg grof restafval per inwoner. Het scheidingspercentage komt daarmee uit op circa 62%. Daarmee komt Dordrecht dicht bij het gemiddelde van 64% voor gemeenten in hoogbouw klasse B (gemeenten met 35 tot 50% hoogbouw; Dordrecht 45%).

b.

Binnenkort wordt de sportparkenvisie voorgelegd waar de raad om heeft gevraagd. Daarnaast zijn er inmiddels een aantal activiteiten opgestart om onze inwoners te stimuleren meer te gaan sporten. In verenigingsverband of individueel. Het aandeel niet-sporters is een BBV-indicator, niet zelf door de gemeente gemeten. Het aandeel van 58,1% komt uit 2016, inmiddels zijn nieuwe cijfers bekend uit 2020 en is het aandeel gedaald naar 52,6% (bron: waarstaatjegemeente.nl). Dit cijfer als nieuwe waarde is abusievelijk niet gecorrigeerd in de begroting.

Onderdeel B: De stijgende energieprijzen zijn een zorg voor elke bedrijfssector en ook onze inwoners. Landelijk worden er maatregelen voorbereid om de plotselinge impact van de stijgende prijzen te beperken. Vanwege de plotselinge stijging zijn er dan ook geen middelen voorzien voor extra lokale inzet hierop. Vanuit de opgave duurzame stad werken we via verschillende lijnen aan de verduurzaming van ons bedrijfsleven. Dat doen we door energiebesparing te stimuleren onder andere in samenwerking met de OZHZ en ook het stimuleren van de opwek van duurzame energie door onder andere zon op Bedrijfsdaken. We staan op het punt om de campagne 'slim energie besparen'' te lanceren waarin we voor alle doelgroepen het stimulerend spoor intensiveren.

Kenmerk Datum

25

2 november 2021

Programma Bouwend en Bereikbaar Dordrecht: a. Als 1 van de ontwikkelingen wordt gemeld dat Stikstofproblematiek remt de woningbouw nabij natuurgebieden. In Dordrecht is dat momenteel niet het geval. Wat wordt met deze laatste zin concreet bedoeld? Of had de zin kunnen zijn: “Dordrecht heeft voor haar woningbouwplannen geen last van de Stikstofproblematiek?” b. Bij aanvullende indicatoren in dit programma: Openbaar Vervoer: “aandeel bewoners dat erg tevreden is over het OV in de gemeente Dordrecht. De trend moet hoger zijn in 2022 dan de nulwaarde 80%. Wat gaat de gemeente doen om dat percentage in 2022 hoger te krijgen?

Onderdeel A: Elk woningbouwproject wordt getoetst aan de regelgeving rond onder meer stikstof. Voor Dordrecht betekent dat er soms aanpassingen worden gedaan aan projecten om aan de regelgeving te voldoen. De wetgeving heeft dus wel degelijk invloed op de projecten en dit kost soms veel extra inzet van betrokken partijen. Uiteindelijk zijn er altijd oplossingen gevonden. Geen van onze projecten loopt vertraging op door de stikstofproblematiek. In Dordrecht remt deze stikstofproblematiek dus niet de woningbouwplannen. Onderdeel B: De meting van deze indicator "Openbaar Vervoer: Het aandeel dat (erg) tevreden is over het OV in de gemeente" wordt tweejaarlijks gemeten via de Veiligheidsmonitor. Na de 0-waarde van 80% in 2018, was de actuele waarde vervolgens in 2019 82%. De hoge 0-waarde kent dus reeds een stijgend verloop en volgt daarbij de streefwaarde. Eind 2021 zal een nieuw onderzoek plaatsvinden, waarbij deze gegevens in de eerste helft van 2022 bekend zullen worden.

VSP 26

13

De lokale lasten (OZB< riool etc.) zijn verdeeld over 1 en meer persoonshuishoudens. Een eenpersoonshuishouden krijgen 5 % korting, die weer betaald wordt door de meer persoonshuishoudens. Door wie is deze wijziging aangebracht? En is de OZB niet gebaseerd op het onroerend goed i.p.v. op personen? Is dit landelijk of lokaal beleid? Is volgens de VSP nooit in de gemeenteraad aan de orde geweest.

De 5% korting heeft alleen betrekking op de afvalstoffenheffing. De korting volgt uit de vaststelling van het grondstoffenbeleid 2021-2030 in december 2020 en dan specifiek het besluit om "het tarief voor éénpersoons huishoudens 5% lager te stellen dan het tarief voor meerpersoonshuishoudens" (zie blad 2). Op de OZB is geen sprake van korting voor éénpersoonshuishoudens. De OZB (artikel 216 en 220 Gemeentewet) is een belasting voor het eigendom van woningen en niet-woningen en voor het gebruik van niet-woningen (i.c. 3 OZB-typen). Belastingplichtig zijn eigenaren van woningen en niet-woningen en gebruikers van niet-woningen.

Kenmerk Datum

27

2 november 2021

Er is een bouwopgave in Dordrecht op korte termijn van 4000 woningen. Hoeveel daarvan kunnen gebouwd gaan worden (aanbesteed) en welk deel daarvan is bereikbaar voor het sociale segment? En het aantal verdwenen aantal sociale woningen (afgebroken om plaats te maken voor nieuwbouw).

Van de 4.000 woningen zijn er (sinds 2018) 1.834 gebouwd. Voor nog eens 3.150 (waarvan 600 sociale huurwoningen) hebben we het mogelijk gemaakt om volgens het bestemmingsplan te bouwen. Hiermee kunnen ontwikkelaars en corporaties aan de slag. Eind 2022 moet dit in totaal 2.900 woningen opleveren, waarvan 800 sociale huurwoningen. Het aantal gesloopte sociale huurwoningen is sinds 2018: 700

Groenlinks 28

Om te beginnen zijn er volgens ons bij twee toelichtingen niet de juiste teksten geplaatst. Het betreft a. p. 45 bij het punt “De openbare ruimte in Sterrenburg 1 wordt meer ingericht op bewegen”; b. op p. 75 bij het punt “We starten met het opstellen van een nieuw evenementenbeleid” Klopt dat? Zo ja, wat zijn dan de juiste teksten?

Door een technische fout zijn bij de twee genoemde activiteiten onbedoeld verkeerde teksten geplaatst. De technische fout is inmiddels hersteld. De juiste teksten zijn: a. Bij de activiteit: "De openbare ruimte in Sterrenburg 1 wordt meer ingericht op bewegen": We komen met voorstellen voor de inrichting van de openbare ruimte in Sterrenburg 1 om ervoor te zorgen dat met name jongeren en ouderen er beter kunnen bewegen. b. Bij de activiteit "We starten met het opstellen van een nieuw evenementenbeleid": We starten in 2022 met het opstellen van nieuw evenementenbeleid op basis van de uitkomsten van het in het najaar van 2021 uitgevoerde onderzoek naar evenementenbeleid in tien Nederlandse steden.

29

Bij het eindsaldo Begroting 2022 worden geheel andere bedragen genoemd dan in het memo n.a.v. de Septembercirculaire. Hoe kan dat?

In de RIB septembercirculaire geven we de gevolgen van de Septembercirculaire voor het structurele begrotingssaldo weer. Hiermee willen wij aangeven hoe het structurele saldo zich ontwikkelt ten opzichte van de gepresenteerde reeks in de Kadernota 2022 (zie link, tweede tabel). Dit structurele saldo is relevant voor het toezichtsregime dat de Provincie toepast en heeft daarmee impact op de slagkracht van de gemeente. Het eindsaldo van de Begroting 2022 laat niet het structurele begrotingssaldo zien, maar het begrotingssaldo inclusief incidentele baten en lasten. Dit is met andere woorden een andere grootheid. Daarnaast geldt ook dat in het begrotingsproces meerdere ontwikkelingen zijn meegenomen dan alleen de septembercirculaire. Ook deze andere ontwikkelingen zorgen voor verschillen tussen gepresenteerde bedragen.

14

Kenmerk Datum

2 november 2021

30

M.b.t. de lokale lastendruk wordt aangegeven dat Dordrecht op 93% van het landelijk gemiddelde zit (zie bijv. p. 5). Er wordt vervolgens gesteld dat er dus eventueel ruimte is voor verhoging tot maximaal 100%. Waarom is dat de bovengrens? Het feit dat Dordrecht op 93% zit, betekent toch dat er ook gemeenten zijn die op méér dan 100% zitten?

Wij geven uitsluitend aan dat sprake is van onbenutte belastingcapaciteit die, "wanneer noodzakelijk, kan worden ingezet voor verbetering van de exploitatie". In hoeverre de belastingcapaciteit wordt ingezet is een politieke keuze. Daarbij geldt dat de 100% inderdaad een gemiddelde is waarbij grosso modo de helft van de Nederlandse gemeente boven de 100% zit.

31

Bij de bespreking van de programma’s (p. 18 – p. 99) wordt regelmatig naar financiering vanuit bestemmingsreserves verwezen. Die maken echter geen onderdeel uit van de begroting zoals weergegeven op de pagina’s ‘wat mag het kosten’. Kan per programma expliciet onderscheid worden gemaakt tussen wat er uit de reserves en wat uit de exploitatie wordt gefinancierd en om welke bedragen dat gaat?

Op de pagina's "wat mag het kosten" is in de tabel het volgende aangegeven: 1) Welke lasten op het betreffende programma drukken. 2) Welke baten daar tegenover staan. 3) Welk bedrag uit reserves wordt onttrokken. 4) Welk bedrag aan reserves wordt toegevoegd. In onderdeel 3 en 4 zijn ook de mutaties in bestemmingsreserves opgenomen.

32

Bij doelstelling 1 van het programma Gezond en Levendig Dordrecht (p. 75) is te lezen dat de Hoflezingen en het Hoffestival in overleg met het Dordts Cultuur team omgezet zijn in een meerdaags kunst en cultuurprogramma, waarin het Hof als locatie centraal staat. Wat moeten we verstaan onder “in overleg met”? Heeft het DCT hier andere partijen bij betrokken? Zijn er particuliere initiatieven bekeken?

Onder programma Gezond en Levendig Dordrecht wordt in geen van de activiteiten verwezen naar de hier gestelde vraag. De vraag heeft dan ook niet direct betrekking op een activiteit uit de begroting. In de activiteit "We herdenken de eerste vrije statenverkiezing" is wel een doorkliklink opgenomen naar de eerder vastgestelde Kadernota 2022 opgenomen. Daarin wordt een uiteenzetting gegeven over de beleidswensen, waaronder de Eerste Vrije Statenvergadering. De Hoflezingen en het Hoffestival worden daarin benoemd, waarbij met het Dordtse Cultuurteam overleg is gevoerd over de invulling hiervan. In het Dordtse Cultuurteam zitten directeuren van de grote culturele instellingen, waaronder het Dordrechts Museum. De genoemde activiteiten blijven behouden in de uitwerking van het plan voor de Eerste Vrije Statenvergadering, maar dan onder de noemer kunst- en cultuurmanifestatie. Inmiddels zijn daarvoor uitgangspunten geformuleerd. Binnenkort wordt contact gezocht met diverse partners in de stad, naast bestaande contacten met het al

15

Kenmerk Datum

2 november 2021

betrokken Dordts Cultuurteam. De Stedenvergadering is gepland op 8 juli 2022. De kunst- en cultuurmanifestatie staat gepland voor 8, 9 en 10 juli 2022. 33

Een van de acties bij doelstelling 1 van het programma Duurzaam en Innovatief Dordrecht is “We concretiseren de Transitievisie Warmte 2021” (p. 84). Mag uit de toelichting worden geconcludeerd dat alle eigenaren actief met informatie en advies worden benaderd (zoals eind 2019 door de raad gevraagd)?

Het is correct dat alle eigenaren actief met informatie en advies worden benaderd. We starten binnenkort met de campagne Slim energie besparen. Onderdeel hiervan is om onze inwoners actief te informeren over het alternatief voor gas bij hen in de buurt. Samen met het Regionaal Energieloket hebben we een tool Aardgasvrij wonen ontwikkeld die onze inwoners handelingsperspectief biedt. Energie besparen en het nemen van spijtvrije maatregelen zijn hierbij belangrijke onderdelen

34

Een andere actie bij dezelfde doelstelling is “We geven uitvoering aan de Regionale Energiestrategie (RES) 1.0”. Wat is in dat verband precies de Dordtse taakstelling m.b.t. duurzame opwekking, gasloos maken van woningen en andere gebouwen en andere doelen van de RES?

Er is nog geen exacte verdeling gemaakt welke gemeente wel aandeel van de totale gezamenlijke ambitie qua duurzame opwek invult. Vooralsnog hanteren wij in Dordrecht de vuistregel dat gegeven de omvang en het inwonertal wij circa 50% van de ambitie kunnen gaan invullen. In de uitvoeringsplannen die alle gemeenten zullen gaan opstellen zal duidelijk worden welke bijdrage zij individueel denken te kunnen realiseren voor 2030.

35

Op p. 85 valt het begrip bouwhub. Kan de inrichting en werking daarvan en de bijdrage daarvan aan circulariteit en het reduceren van de stikstop depositie worden toegelicht?

De circulaire bouwhub is een samenwerking van een aantal Dordtse bedrijven, de gemeente en Trivire. De bouwbedrijven leveren hun overige bouwmaterialen en bouw 'afval' aan de hub. Materialen uit de sloop die nog bruikbaar/te repareren zijn worden ook naar de hub gebracht. Denk bijvoorbeeld aan een wastafel, kozijn of deur. Op de hub worden de materialen gerepareerd, gerefurbished, schoongemaakt, etc. zodat ze weer ingezet kunnen worden bij bouwprojecten. En hier wordt ook een waarde aan gegeven. De deelnemende bedrijven kunnen deze materialen bij de hub weer gebruiken en dan hoeven er geen nieuwe materialen ingezet te worden. De gemeente is de initiator van dit idee geweest en doet nu mee als ondersteunende en faciliterende partij die mogelijk als opdrachtgever van veel bouwprojecten het gebruik van de hub kan stimuleren om deze zo op te schalen. Door de materialen uit een lokale hub te halen, verminderen we het aantal vervoersbewegingen waarmee ook de uitstoot van stikstof wordt gereduceerd.

16

Kenmerk Datum

2 november 2021

36

Op p. 90 staat dat de stikstofproblematiek momenteel woningbouw in Dordrecht niet belemmert. Er wordt echter op p. 86 wel gesproken over maatregelen om de stikstordepositie te verminderen. Kan nader worden aangegeven onder welke condities stikstof wel belemmerend wordt voor bouwen en waarom dat nu niet het geval is?

Elk woningbouwproject wordt getoetst aan de regelgeving rond onder meer stikstof. Voor Dordrecht betekent dat er soms aanpassingen worden gedaan aan projecten om aan de regelgeving te voldoen. De wetgeving heeft dus wel degelijk invloed op de projecten en dit kost soms veel extra inzet van betrokken partijen. Uiteindelijk zijn er altijd oplossingen gevonden. Geen van onze projecten loopt vertraging op door de stikstofproblematiek. In Dordrecht remt deze stikstofproblematiek dus niet de woningbouwplannen.

37

Bij doelstelling 1 van het programma Bouwend en Bereikbaar Dordrecht (p. 93) wordt bij de activiteit “We wijzen locaties aan voor het terugbouwen van sociale huurwoningen” aangegeven dat met corporaties wordt samengewerkt om de planvoorraad te vergroten. Hoe gebeurt dat? Welke bijdrage levert de gemeente daar zelf aan? Gaat dat bijv om lagere grondprijzen die aan corporaties in rekening worden gebracht waarbij een verlies op de GREX wordt ingecalculeerd?

We werken samen met de corporaties aan het vergroten van de planvoorraad door (1) te verdichten, met andere woorden méér woningen toe te voegen op bestaande locaties, en (2) door locaties (in bezit van de gemeente) aan te wijzen als bouwlocatie voor sociale huurwoningen. Het klopt dat er afspraken gemaakt zijn over lagere grondprijzen om de ontwikkeling mogelijk te maken.

38

Op p. 96 wordt gesteld dat de Omgevingsvisie aangescherpt en bijgesteld moet worden. Aan welke punten en in welke richting wordt daarbij gedacht?

De richting wijzigt niet, de genoemde zeven doelen blijven het uitgangspunt. Maar we weten zeker dat er bijstellingen/aanscherpingen zullen komen, omdat een eerste versie altijd verbeterd kan worden, er ontwikkelingen zijn die vragen om aanpassingen en uiteraard nieuw beleid. Dit zal ook komen vanuit een nieuwe raad en een nieuw college in 2022.

39

Bij de ontwikkeling m.b.t. de dekkingsmiddelen is de herijking van het gemeentefonds belangrijk. Eerdere informatie suggereerde dat de voorlopige herziening niet bepaald gunstig was voor Dordrecht. De memo n.a.v. de

De herijking van het Gemeentefonds kent een lange voorgeschiedenis, waarbij de invoering al een aantal keer is uitgesteld. Inmiddels zijn verschillende rapporten gepubliceerd over de herijking en hebben de fondsbeheerders meerdere voorstellen gedaan voor de nieuwe integrale verdeling van het gemeentefonds. Hier komt ook

17

Kenmerk Datum

2 november 2021

Septembercirculaire bevestigt dat. Waarom is het dus prematuur om nu al op herziening te anticiperen?

iedere keer een ander herverdeeleffect voor individuele gemeenten uit naar voren. Deze voorstellen leiden tot veel landelijke discussie. Ook is onlangs een kritisch advies vanuit de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) over het herijkingsonderzoek naar de Minister verstuurd. Op basis hiervan vinden wij verwerking van de meest recent gepubliceerde herverdeeleffecten prematuur.

40

In de definitie van ‘risico’ op p 133 wordt ook het niet of slechts gedeeltelijk realiseren van maatschappelijke doelen/effecten opgenomen. Hoe worden deze aspecten in de risicoanalyse, het vereiste weerstandsvermogen en de weerstandsratio meegenomen?

Hoe om te gaan met de vertaling van het niet of gedeeltelijk realiseren van maatschappelijke doelen/effecten in risico's, of in financiële indicatoren (zoals weerstandsratio), is landelijk een zich ontwikkelend vakgebied van beleidscontrol. Voor de gemeente Dordrecht is dat niet anders. Vooralsnog is dit aspect niet meegenomen in de bepaling van het risicoprofiel (en dus ratio) omdat de risico's niet één op één gekoppeld zijn aan programmadoelstellingen of maatschappelijke effecten. Wel is een financiële vertaling gemaakt via de risicoanalyse. Zoals in de ontwerpbegroting 2022 aangegeven, zullen wij voor de nieuwe collegeperiode de Nota risicobeheersing en weerstandsvermogen actualiseren. Wij zullen waar dit kan, dit aspect meenemen in de nieuwe versie van deze nota.

41

Bij de mutaties (p. 181) wordt gesproken over een vervangingsinvestering voor de trekkenwand van Kunstmin. Er wordt € 50.000 per jaar uitgetrokken voor deze investering. Kunt u toelichten hoe een jaarlijks budget van € 50.000 euro zich verhoudt met een vervanging? Wordt er jaarlijks een stukje vervangen? Of wordt er niets vervangen maar onderhoud gepleegd?

Een deel van de vervangingsinvestering nodig voor de trekkenwand is al ondergebracht bij de gemeente. Met deze bijdrage wordt gespaard voor groot onderhoud c.q. vervanging van die onderdelen die een vervangingscyclus van 6 tot 20 jaar kennen en waarvoor nog niets geregeld was. Vervanging geschiedt niet jaarlijks, maar is gekoppeld aan de levensduur van betreffende onderdelen en geschiedt clustergewijs. Het jaarlijkse onderhoud is belegd en komt voor rekening van de huurder.

42

Op p. 186 worden incidentele baten en lasten genoemd. Bij sommige posten is ons niet duidelijk waarom die incidenteel en niet structureel zijn, bijv. Waterstad klimaatbestendig, bestrijding boomziekten, ecologisch beheer NDB, Samen

We hebben het hier over incidentele lasten, omdat deze lasten uitsluitend voor de bestuursperiode 2018-2022 in de begroting zijn opgenomen. Vanaf 2023 is voor deze onderwerpen geen budget in de begroting opgenomen.

18

Kenmerk Datum

2 november 2021

tegen Armoede, gratis OV voor 65+. Kunt u dit nader toelichten? Fractie Nijhof 43

Kan het college uitleggen hoe zij omgaat met het grote verschil van baten en lasten in het programma Leefbaar en Veilig t.o.v. van de andere 7 programma’s waar de baten aanzienlijk groter zijn?

De gemeente voert een groot aantal overheidstaken uit, waar geen rechtstreekse inkomsten tegenover staan. De taken op het gebied van leefbaarheid en veiligheid zijn bij uitstek taken waarvoor dit geldt. Deze taken worden bekostigd uit de algemene middelen, die vooral bestaan uit de rijksbijdrage vanuit het Gemeentefonds en de onroerende zaakbelasting. Deze baten (totaal € 348 miljoen in 2022) verantwoorden wij bij de Algemene Dekkingsmiddelen.

44

Ten aanzien van Programma Sociaal en Zorgzaam: 1. Op welke wijze gaat de Gemeente de bestaanszekerheid van onze inwoners verbeteren? 2. Op welke wijze gaat de Gemeente leunen op professionele partners en vele vrijwilligers terwijl er steeds minder vrijwilligers zijn?

Onderdeel 1: Op pagina 53 van de begroting staan de doelstellingen van het programma Sociaal en Zorgzaam Dordrecht waar we voor een belangrijk deel ook regionaal aan werken. Meerdere doelstellingen zijn erop gericht om de tweedeling in de maatschappij ter verminderen en inclusiviteit te bevorderen, alsmede de bestaanszekerheid te verbeteren. Dit is onder meer te zien in de activiteiten onder de doelstellingen "Het vergroten van de zelfredzaamheid van (kwetsbare) inwoners" en "Alle Dordtenaren kunnen naar eigen vermogen meedoen". Ook onder het onderdeel "Indicatoren" is er aandacht voor deze zaken, zo blijkt uit de indicator "aandeel Dordtenaren dat bekend is met het sociaal wijkteam" (inmiddels gestegen naar 66%). Ook de indicator: "aandeel huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum (inmiddels gedaald naar 10,1%). Als antwoord op vraag 2: We hebben gemerkt dat in de coronaperiode veel mensen bereid waren tot vrijwillige inzet, met name ook veel jongeren. Tegelijkertijd stopten kwetsbare vrijwilligers ook omwille van corona. Deze ervaring laat zien dat er veel mensen zijn die vrijwilligerswerk willen doen en dat zij vooral geïnspireerd en aangesproken moeten worden. Daarom zetten we ten aanzien van het werven van vrijwilligers in 2022 extra in op de werving en matching door actief vacatures aan de website van INZET078! te koppelen.

Tevens werken we aan extra promotie en doen we dit door de 'expeditie nieuwe gezichten' te organiseren (een methode om nieuwe

19

Kenmerk Datum

2 november 2021

vrijwilligers te vinden én te binden onder doelgroepen waarbij vrijwillige inzet nog niet zo gebruikelijk is).

45

Ten aanzien van Programma Gezond en Levendig: 1. Op welke wijze gaat de Gemeente het samenwerken en het delen van kennis en ervaring tussen partijen stimuleren? Wanneer is deze stimulans geslaagd? 2. Op welke wijze gaat de Gemeente sportvoorzieningen verbeteren? 3. Op welke wijze gaat de Gemeente Dordtenaren stimuleren om (meer) te sporten en te bewegen, zodat dit een positieve invloed heeft op de stad? 4. Zijn er geen andere verbonden partijen hierbij verbonden?

1.

2.

3.

20

De scope van de gestelde vraag is heel breed. In het algemeen is samenwerking essentieel om gestelde doelen te bereiken, dit is dan ook een belangrijk uitgangspunt bij onze manier van werken, opgavengericht en altijd samen met partners uit de stad. Het begrotingsprogramma Samenwerkend en Verbindend Dordrecht richt zich ook specifiek op het geven van ruimte aan initiatieven uit de samenleving en het ontwikkelen van samenspel met onze partners. Ook in de communicatie met de stad laten we zien dat we samen aan de lat staan van opgaven voor Dordrecht in de campagne "Wij maken Dordt". We blijven inzetten op het verbeteren van sportvoorzieningen. Dit proberen we te realiseren door middel van slimme en creatieve oplossingen en optimalisaties en door kleinere (extra) investeringen aan de gemeenteraad voor te leggen bijvoorbeeld bij geplande renovaties. Het vertrouwen van de Dordtse sportaanbieders is vorig jaar toegenomen door tastbare resultaten op de sportparken Krommedijk en Schenkeldijk, dit vertrouwen willen we vasthouden. Doelstelling 2 van het programma Gezond en Levendig Dordrecht op pagina 76 van de begroting is verder gericht op het verbeteren van sportvoorzieningen ("Het verbeteren en centraliseren van sportvoorzieningen"). De activiteiten die hier voor 2022 genoemd zijn, dragen bij aan het bereiken van deze doelstelling.

Het gaat onder meer om de uitvoering van het programma Sportparken, en projecten op Krommedijk en Schenkeldijk. Om de sportdeelname te vergroten zetten we al vele jaren stimuleringsprogramma's voor verschillende doelgroepen op en bieden we sportverenigingen ondersteuning aan. In 2022 blijven we dit doen en zetten we intensiever in op de doelgroepen jongeren en senioren. Bij jongeren kijken we niet alleen naar sporten in verenigingsverband, maar juist ook naar andere vormen die op dit moment hun aandacht hebben. Voor de doelgroep ouderen kijken we wel nadrukkelijk naar samenwerking met sportverenigingen omdat hierbij ontmoeting een extra bijkomend positief effect op hen heeft. Ook vanuit het sportaccommodatiebeleid is er aandacht voor het realiseren van voldoende en geschikte sportvoorzieningen die belangrijk zijn om de sportdeelname in de stad te vergroten. Doelstelling 3

Kenmerk Datum

2 november 2021

4.

van het programma Gezoend en Levendig Dordrecht op pagina 77 van de begroting is verder gericht op het stimuleren van sporten en bewegen ("Het stimuleren van sportdeelname en vergroten van de maatschappelijke waarde van sport). De activiteiten die hier voor 2022 genoemd zijn dragen bij aan het bereiken van deze doelstelling. Op dit moment is dit de enige verbonden partij die aan dit programma is verbonden. Voorheen werd hier ook de verbonden partij GR Nationaal Park de Biesbosch vermeld.

Informatiesessie Begroting 2022 d.d. 26 oktober Met welke risicobedragen is voor de grootste risico's op webpagina 134 rekening gehouden?

Het in de Begroting 2022 gepresenteerde totale risicoprofiel bedraagt € 18,3 miljoen. Dit bedrag komt tot stand via een simulatie van alle negatieve en positieve risico's. Op totaalniveau hanteren we hierbij een zekerheidspercentage van 75%. Alle individuele risico's binnen het profiel kennen een eigen kanspercentage en minimum- en maximumbedrag. In onderstaand overzicht is het aandeel van de grootste risico's die gepresenteerd zijn in de Begroting 2022 opgenomen. Risico

Jeugdhulp Dividend Stedin Versterking bestaanszekerheid Ontwikkelingen aanvragen WMO Belthurepark Hogere kosten Veiligheidsregio ZHZ Borgstellingen Onderhoud/vervanging voorzieningen Stadskantoor

21

Aandeel binnen risicoprofiel van € 18,3 miljoen € 4,7 miljoen € 4,0 miljoen € 2,0 miljoen € 1,9 miljoen € 1,1 miljoen € 0,8 miljoen € 0,4 miljoen € 0,3 miljoen

Kenmerk Datum

Bijlage OZB

22

2 november 2021

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/344/documents/13464