CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Ruimtelijke Strategie Drechtsteden 2025-2050.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 10 maart 2026, gemeente DordrechtBij agendapunt: 13: Vaststellen Uitvoeringsprogramma en Begroting 2026 Smart Delta Drechtsteden en Gorinchem Samenwerking - Raadsvoorstel11.364 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

DE GEZONDE MARITIEME DELTA 2050 KLIMAATBESTENDIGE EN GEZONDE GROEI

RUIMTELIJKE STRATEGIE

Slim • samen • vooruit

SAMEN STERK ALS DÉ GEZONDE, MARITIEME DELTA! Van verhaalkracht naar daadkracht. Dat is wat onze regio nu nodig heeft. Met duidelijke, gebiedsgerichte en ambitieuze opgaven, als antwoord op urgente problemen. Met ruimte voor dromen, maar met de voeten in de klei. Een ruimtelijke strategie in de vorm van een ambitieus en realistisch beeld, dat uitgaat van dat wat hier kan, gebaseerd op dat wat hier hard nodig is. Om samen en in de eigen gemeente concreet te maken én bovenal uit te voeren. Voor u ligt onze Ruimtelijke Strategie - de Gezonde Maritieme Delta. Eén verhaal, één heldere, integrale en gedragen strategie om dit unieke gebied met trots verder te brengen. Een verhaal met een klip en klare boodschap over urgentie en kansen, over identiteit en over de aanpak. Het is een strategie waarin is samengebracht wat wij de afgelopen jaren aan vele visies, documenten en verkenningen hebben verzameld, aangevuld op basis van gesprekken, kansbeelden, trends en ontwikkelingen. Al die plannen hadden en hebben hun waarde maar zijn pas krachtig in hun vertaling naar één verhaal. Met het doel om eenduidigheid en commitment te creëren in wat we als regio al zijn, nog nodig hebben én – bovenal- moeten doen. Samen met het Rijk, de provincie, met de regiopartners én binnen de lokale mogelijkheden. De Ruimtelijke Strategie biedt een positief perspectief, gebaseerd op de potentie van dit gebied.

Een gebied dat door ligging, karakter, arbeidsethos en historie prachtige kansen biedt. Dat positieve perspectief is het antwoord op een minder positieve huidige werkelijkheid, zoals onvoldoende passende woningen, vastlopende wegen, een vol energienet, klimaatdoelen die onder druk staan en achterblijvende inkomens. Een pijnlijke constatering die ons, als bestuurders, dwingt tot gezamenlijke actie en het maken van keuzes vanuit regionaal belang. Ons gezamenlijk commitment op de strategie is onmisbaar om de noodzakelijke stappen goed te kunnen zetten. De Regionale Strategie krijgt daarom een passende plek in onze lokale Omgevingsvisies én we geven samen inhoud aan een Regionale Investeringsagenda (RIA). Dat doen we ‘Slim Samen Vooruit’ maar eenieder ook vanuit de eigen mogelijkheden en verantwoordelijkheden: binnen en tussen de regiogemeenten en met onze maatschappelijke partners en partners uit onderwijs en het bedrijfsleven. SAMEN OP WEG NAAR EEN GEZONDE, MARITIEME DELTA IN 2050.

1

RUIMTELIJKE STRATEGIE VOOR DE DRECHTSTEDEN

INHOUDSOPGAVE VOORWOORD 1.

NAAR EEN GEZAMENLIJK PERSPECTIEF

BLZ. 5

2.

UITWERKING VAN DE GEZONDE MARITIEME DELTA 2050

BLZ. 9

3. SAMENWERKEN VANUIT EEN DUIDELIJKE ROLOPVATTING a. Bovenregionaal: initiëren en agenderen b. Regionaal: coördineren en ontwikkelen c. Lokaal: stimuleren en faciliteren

BLZ. 12

4.

OPGAVEGERICHT WERKEN – GEBIEDSGERICHT EN THEMATISCH

BLZ. 17

5.

VAN VERHAALKRACHT NAAR DAADKRACHT – EEN REGIONALE BLZ. 41 INVESTERINGSAGENDA

BIJLAGEN: VERHAALLIJNEN VAN DE GEZONDE MARITIEME DELTA 2050

2

BLZ. 45

RUIMTELIJKE STRATEGIE VOOR DE DRECHTSTEDEN Dit is de strategie voor de ruimtelijke ordening van de Smart Delta Drechtsteden. Deze strategie omvat het gewenste gezamenlijke perspectief als regio, de Gezonde Maritieme Delta en hoe we dit perspectief een werkelijkheid maken. Niet ieder voor zichzelf, maar slim samen vooruit. Met een heldere focus op vijf gebiedsgerichte opgaven: • • • • •

Regionaal Landschapspark ‘Albert Cuyp’ De ‘Drechtstedenring’ van OV en hubs Ontwikkeling Regionale Spoorzones Regionale Maritieme Clusters Regionaal Energiesysteem

Waarom een Ruimtelijke Strategie

De Ruimtelijke Strategie Drechtsteden is bewust opgezet als een strategie en niet als een allesomvattende ‘regionale omgevingsvisie’. De strategie richt zich specifiek op onderwerpen die een regionale aanpak vragen en voortkomen uit gesprekken over gezamenlijke prioriteiten en de meerwaarde van samenwerking. Ze overschrijden gemeentegrenzen of zijn te complex om als gemeente zelf op te lossen. Hiervoor is het van belang dat gemeenten gezamenlijk en ‘grensontkennend’ als één regio acteren. Deze onderwerpen komen voort uit de diverse gesprekken over wat we samen belangrijk vinden en waar de samenwerking toegevoegde waarde biedt ten opzichte van wat gemeenten individueel doen. Het perspectief van een Gezonde Maritieme Delta in 2050 en de bijbehorende verhaallijnen zijn richtinggevend en bieden een gedeelde koers. Binnen deze strategie is er ruimte voor flexibiliteit: per onderwerp of opgave wordt de samenwerking afgestemd op de juiste partners. Dit betekent dat de samenstelling van samenwerkende partijen kan variëren, afhankelijk van de behoefte en de toegevoegde waarde die zij elkaar bieden. Zo wordt maatwerk mogelijk en blijft de samenwerking gericht op impact en effectiviteit.

Verbindende Gebiedsstrategie als inspiratie

DRECHTSTEDEN VERBINDENDE GEBIEDSSTR ATEGIE Een agenda voor 2040

De Verbindende Gebiedsstrategie biedt een visionair kader voor de ontwikkeling van de regio Drechtsteden. Het document legt de nadruk op ruimtelijke samenhang en identiteitsversterking, met aandacht voor thema’s zoals water, natuur, wonen, en mobiliteit. Ambities uit de Verbindende Gebiedsstrategie hebben een plek gekregen bij de sturingsfilosofie in de Ruimtelijke Strategie. Het concept van de gezonde maritieme delta bouwt voort op de integratie van natuur en stedelijke ontwikkeling. Daarnaast geven we prioriteit aan verdichting rond infrastructuur, duurzame mobiliteit en het benutten van de maritieme kracht van de regio.

3

Waarom juist nu

Gemeenten kunnen de acute en toekomstige problemen niet oplossen zonder de samenwerking met Rijk, provincie en andere partners. Samenwerking en hulp komen niet vanzelf maar beginnen met een krachtig regionaal verhaal. Juist dat is relevanter dan ooit, nu Rijk en provincie meer regie naar zich toetrekken op de ruimtelijke ordening. Met de Ruimtelijke Strategie maken we onze gezamenlijke inbreng kenbaar voor de nieuwe Nota Ruimte en andere kabinetsplannen, en voor het Ruimtelijk Voorstel van de provincie Zuid-Holland. Deze Strategie is natuurlijk niet alleen voor anderen, maar vooral ook voor onszelf. De Strategie creëert duidelijkheid over wat we als regio écht belangrijk vinden, daar onze focus op houden en hoe we dit vervolgens samen oppakken en borgen.

Er ligt al een basis

Met de regionale Groeiagenda als uitgangspositie en de Verbindende Gebiedsstrategie als inspiratiedocument ligt er al een inhoudelijke basis voor een gezamenlijk regionaal verhaal. Daarnaast zijn ook coalitieakkoorden, lokale Omgevingsvisies en diverse andere beleidsdocumenten meegenomen. Met deze Ruimtelijke Strategie leggen we nadrukkelijk de focus op de rollen die we als regio gezamenlijk hebben. De vervolgstap is de vertaling van de Ruimtelijke Strategie naar een Regionale Investeringsagenda (RIA) met een regionaal projectenportfolio voor doorwerking en uitvoering.

Totstandkoming Ruimtelijke Strategie

De Strategie is het resultaat van een intensief werkproces met alle regiogemeenten tezamen. In 2024 hebben we drie verschillende ‘Werkplaatsen’ georganiseerd met en voor de ambtelijke experts van alle gemeenten, en de programmalijnen van de regio. Hier zijn inhoudelijke fundamenten gelegd voor de Ruimtelijke Strategie. Hiernaast hebben we in alle gemeenten afzonderlijk zogenoemde ‘Zomergesprekken’ gevoerd waarin we lokaal in gesprek gingen met vertegenwoordigers van bedrijven, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties, op uitnodiging van de wethouder RO. Bovendien hebben we september 2024 een brede Raadsoploop georganiseerd waarbij we met raadsleden uit de regio in dialoog zijn gegaan over diverse aspecten van deze strategie. Het is tevens in bestuurlijke overleggen met wethouders, RO en andere programmalijnen, uit de regio volop aan de orde geweest.

De Groeiagenda als uitgangspositie

GROEIAGENDA VAN DE ZEVEN DRECHTSTEDENGEMEENTEN 2023 | SLIM SAMEN VOORUIT

4

De Groeiagenda van Smart Delta Drechtsteden is een gezamenlijk visiedocument van de zeven gemeenten in de regio. Het legt de basis voor sectorale samenwerking op ruimtelijke, economische en sociale opgaven, met brede welvaart als overkoepelend doel. In de Ruimtelijke Strategie wordt brede welvaart vertaald naar het concept van de gezonde maritieme delta, waarin thema’s zoals een veilige leefomgeving, duurzame mobiliteit, en sterke economische clusters een invulling krijgen. De behoefte voor een integrale benadering en samenwerking wordt in de Ruimtelijke Strategie verwerkt in de drie rollen voor de regio. Hiermee verbinden we ruimtelijke ontwikkeling met economische en sociale ambities voor een toekomstbestendige regio en creëren we mandaat voor integrale regionale samenwerking.

1. NAAR EEN GEZAMENLIJK PERSPECTIEF De kracht van onze regio: water bindt ons

Onze regio ligt in het hart van een dynamisch deltasysteem, waarin water niet alleen een ecologische- en vervoersfunctie, maar ook een economische- en culturele functie vervult. De rivieren vormen de fysieke en symbolische verbinding tussen de gemeenten. Water stimuleert onze rijke maritieme traditie, die teruggaat tot de middeleeuwen en die de regio vandaag positioneert in de top drie van maritieme regio’s in Europa. Water vormt de ruggengraat van de economie, met een focus op watergebonden bedrijvigheid en innovaties in scheepsbouw, scheepsvaart en hightech maakindustrie zoals luchtvaart en watertransport. Water geeft vorm aan de natuur en recreatieve waarden van de bredere regio. Nationaal Park De Biesbosch, UNESCO werelderfgoed Kinderdijk en de historische binnenstad van Dordrecht benadrukken het belang van water voor het natuurlijke en culturele erfgoed. Daarentegen kan water ook zeer bedreigend zijn: de bescherming tegen hoog water, piekbuien en het waarborgen van droge voeten vraagt om meer actie dan ooit. Tegelijkertijd biedt water mogelijkheden voor meer recreatie, een betere bereikbaarheid en sterkere verbinding tussen onze gemeenschappen. Water is de drager van de historie én toekomst van de Drechtsteden, waarin de kwaliteiten van onze waterrijke delta, de maritieme kracht en deze gedeelde identiteit samen moeten komen.

5

Brede welvaart onder druk

Onze hardwerkende inwoners houden onze economie draaiend. Toch zien we dat een toenemend deel van de mensen het steeds lastiger heeft. Dat raakt de kwaliteit van leven, wonen en werken. Dit blijkt niet alleen uit de Index Brede Welvaart 2024 (waar de Drechtsteden terug te vinden zijn op plaats 231 t/m 335); we zien dit direct in onze gemeenschappen, wijken en buurten. Onze inwoners maken zich zorgen over hun bestaanszekerheid. We zien een toenemende sociale onbalans, zeker in kwetsbare wijken in een aantal gemeenten. Het inkomen en opleidingsniveau in onze regio blijven achter ten opzichte van vergelijkbare regio’s. We zien lage WOZ-waarden en te hoge cijfers op criminaliteit. Inwoners maken zich zorgen over hun fysieke en mentale gezondheid. Ze worden minder oud dan gemiddeld, zijn minder gezond en de kwaliteit van hun leefomgeving is lager dan gemiddeld in Nederland. Ze hebben al jaren te maken met slechte luchtkwaliteit en wonen vlak bij het spoor dat intensief gebruikt wordt voor vervoer van gevaarlijke stoffen. Ook maken zij zich zorgen of zij als gevolg van klimaatverandering in de toekomst nog droge voeten hebben. Daarbovenop worden inwoners nu geconfronteerd met milieuschandalen als gevolg van Chemours. Delen van speeltuinen worden gesloten, (zwem)water is niet meer toegankelijk voor recreatie en het wordt afgeraden om zelf verbouwde groenten uit de moestuin te eten.

Kortom, de leefbaarheid in onze regio, de bestaanszekerheid en gezondheid van onze inwoners en de regionale economie staan onder druk. Deze neerwaartse spiraal moeten we krachtig doorbreken. Dat betekent dat een schep boven op de huidige inzet nodig is én dat we nieuwe manieren moeten verkennen om meer effect te hebben. Voor onze eigen inwoners, maar ook voor het verdienvermogen van Nederland en de strategische positie van Europa. Dat kunnen we niet alleen.

6

Demografische ontwikkelingen en trends vragen nu al om actie

Er zijn meerdere demografische ontwikkelingen en trends die de komende 15 tot 20 jaar een groeiende impact hebben maar waarvan de gevolgen nu al zichtbaar zijn of die nu al om een (andere) aanpak vragen. Onze brede welvaart komt nóg verder onder druk te staan als we hier geen actie op ondernemen. Demografische ontwikkelingen en trends die onze manier van werken, zorgen, leren en samenleven veranderen zijn: •

•

• •

• •

De gevolgen van klimaatverandering - de regio is kwetsbaar voor zeespiegelstijging en bodemdaling, terwijl ook extremere droogte en regenval negatieve gevolgen hebben voor gezondheid en biodiversiteit Vergrijzing en ‘ontgroening’ - een ouder wordende bevolking terwijl de aanwas achterblijft, wat leidt tot een groeiende zorgbehoefte en leefbaarheidsproblemen en veranderingen binnen de beroepsbevolking. Groeiende onbereikbaarheid - files en luchtvervuiling nemen nog altijd toe, terwijl grootschalig onderhoud aan infrastructuur jarenlang tot forse verkeershinder gaat leiden in de regio. Energietransitie - de overgang naar niet-fossiele energie en duurzame ontwikkelingen zoals waterstof als brandstof vergroten de vraag naar elektriciteit. Netcongestie is nu al een rem op de ontwikkeling van de regio. Naast grote uitbreiding van de energie infrastructuur vraagt dit om slimme oplossingen. Verdere flexibilisering en digitalisering - krapte en flexibilisering van de arbeidsmarkt (zzp) en digitale revolutie in de maakindustrie, zorg en MKB door AI en robotisering. Groeiende druk op de ruimte - De druk neemt toe vanuit wonen, werken en mobiliteit in bebouwd én landelijk gebied. Een voorbeeld is de spanning tussen maritieme bedrijvigheid en woonkwaliteit in oude havengebieden.

In de Drechtsteden zijn we als geen ander bekend met de uitdagingen die ontstaan wanneer een watergebonden industriële regio moet verduurzamen, bereikbaar moet blijven én een aantrekkelijk woon- en leefklimaat wil garanderen. Die complexe opgave vraagt om een gerichte regionale strategie.

We voorkomen afwenteling

De keuzes die we vandaag maken, hebben gevolgen voor de generaties na ons. Daarom streven we naar een ruimtelijke ontwikkeling die duurzaam, evenwichtig en toekomstbestendig is. Dit betekent dat we geen problemen afwentelen op toekomstige generaties, andere gebieden of andere functies. Om te zorgen dat onze keuzes op de lange termijn houdbaar zijn, hebben we een gezamenlijk regionaal perspectief ontwikkeld. Dit perspectief vormt de stip op de horizon en helpt ons richting te geven aan ruimtelijke ontwikkeling en investeringen. Tegelijkertijd moeten we realistisch blijven over de ruimtelijke beperkingen en mogelijkheden.

7

Hier biedt de drie-lagenbenadering waardevolle inzichten. Door de regio te analyseren aan de hand van ondergrond (zoals water en bodem); netwerken (zoals infrastructuur) en occupatie (zoals wonen en werken); krijgen we zicht op de fysieke randvoorwaarden en spanningen die onze keuzes beïnvloeden. De drie-lagenbenadering helpt bij het begrijpen van de ruimtelijke kaders waarbinnen we ons perspectief moeten realiseren. Door deze methodiek toe te passen, sluiten we aan bij nationaal en provinciaal beleid en zorgen we ervoor dat onze ruimtelijke strategie niet alleen ambitieus, maar ook haalbaar en veerkrachtig is.

Het gezamenlijk Perspectief: een Gezonde Maritieme Delta in 2050

De Gezonde Maritieme Delta staat voor een toekomst waarin onze regio uitgroeit tot het toonbeeld van klimaatbestendige en gezonde groei. Gezondheid staat hierbij centraal en gaat hiermee verder dan alleen de gezondheid van mens en dier: het gaat om een gezonde regio, waarin de ruimtelijke ontwikkelingen bijdragen aan een betere balans tussen natuur en economie en tussen bebouwd gebied en landschap. De Gezonde Maritieme Delta staat voor brede welvaart: een aantrekkelijke regio waar inwoners wonen en werken in een gezonde, schone leefomgeving en toegang hebben tot vervoer wat fossielvrij is en geen negatieve impact heeft op de gezondheid van mens en dier. Natuur en economie versterken elkaar in plaats van dat ze als tegenpolen worden gezien. Water, groen en infrastructuur zitten elkaar niet in de weg, maar zijn slim samengebracht. De rivieren spelen hierin een centrale rol. Door getijdenparken, waterbergingen en aantrekkelijke oevers wordt het water niet alleen beheerst, maar ingezet als waardevolle drager van verstedelijking. Juist de unieke ligging aan het water, de innovatieve maritieme ontwikkeling en de pragmatische, nuchtere werkcultuur bieden de regio kansen om veerkrachtig om te gaan met zowel de huidige opgaven als met toekomstige ontwikkelingen.

8

2. UITWERKING VAN DE GEZONDE MARITIEME DELTA 2050 In onderstaande verhaallijnen, waarin de sterke punten van de regio centraal staan, is de Gezonde Maritieme Delta verder uitgewerkt. Deze verhaallijnen zijn sterk met elkaar verbonden en op veel manieren te combineren. Zo biedt een gezonde en groene regio ook kansen voor een aantrekkelijke woonregio, een maritieme topregio en andersom. Deze verhaallijnen hebben geleid tot een selectie van opgaven waar waar we een rol voor de regio zien (hoofdstuk 3) en hoe die samenkomen in een aantal grote gebiedsopgaven (hoofdstuk 4). Een verdieping op de verhaallijnen is te vinden in bijlage 1.

1. Een veilige en klimaatbestendige delta

In de Gezonde Maritieme Delta is waterveiligheid verweven met een klimaatbestendige aanpak. Waterbescherming is verbonden met de leefbaarheid voor bewoners. De rivieren hebben genoeg ruimte via getijdenparken, waterbekkens en natuurvriendelijke oevers, die piekbelasting opvangen en de druk op dijken verminderen. Ruimte rondom de waterkeringen is vrijgehouden om de regio blijvend te beschermen tegen hoog water. Regionaal zijn hooggelegen vluchtlocaties ingericht als veilige schuilplaatsen bij overstromingen. Nieuwe ontwikkelingen worden klimaatbestendig uitgevoerd zodat de negatieve gevolgen van wateroverlast zo klein mogelijk zijn.

2. Versterking biodiversiteit en gezond groen

In de Gezonde Maritieme Delta zijn biodiversiteit en groene leefgebieden versterkt en robuust door natuurlijke verbindingen en getijdenparken langs de rivieren. Groene corridors naar de Biesbosch, Hoeksche Waard, en het Groene Hart verbinden stad en natuur. Een heldere zonering maakt onderscheid tussen locaties voor recreatieve activiteiten in het groen en gebieden voor de vrije ontwikkeling van flora en fauna. Het groen is klimaatadaptief en kan daarmee langere perioden tegen droogte en wateroverlast. Groene zones in kernen, zoals parken en ecologische oevers, zorgen voor betere luchtkwaliteit, leefbaarheid en verkoeling bij hitte. Deze zones bieden ook ruimte voor sport, bewegen, ontmoeting en recreatie in bebouwd gebied en omliggende recreatie- en natuurgebieden.

3. Robuust decentraal energiesysteem

De Gezonde Maritieme Delta heeft een robuust decentraal energiesysteem waardoor duurzame energie voor iedereen beschikbaar en betaalbaar is. Hiermee is invulling gegeven aan de nationale klimaatdoelstelling, is bijgedragen aan de bestaanszekerheid van onze inwoners én is ons regionale vestigingsklimaat verstevigt. Congestieproblemen zijn opgelost, onder andere door zo min mogelijk energie te verbruiken én in elke laag van het energiesysteem de opwek en het verbruik zo dicht mogelijk bij elkaar te brengen. Het energiesysteem is zo snel mogelijk uitgebreid en verzwaard, met fors meer ruimte en locaties voor elektriciteits-, warmte- en trafostations bovengronds en extra kabels en leidingen ondergronds. Het regionale warmtenet is maximaal gerealiseerd, waarmee voor tienduizenden woningen de elektrificatie van de warmtevraag is voorkomen. Innovatieve lokale oplossingen zijn nodig. Zo delen bedrijven in de (maritieme) maakindustrie lokaal al energiehubs en innoveren zij met schone technologieën. De energietransitie wordt versneld door lokale opwekking en opslag van duurzame energie. Deze aanpak wordt ook toegepast in de wijken.

9

4. Duurzaam bereikbare regio

In de Gezonde Maritieme Delta krijgen lopen, fietsen, ov en deelmobiliteit prioriteit. Woon- en werkgebieden zijn gemixt en compact zodat woon-werkverkeer wordt beperkt of op loop- en fietsafstand is. Voorzieningen zoals buurtsupermarkten zijn waar mogelijk toegevoegd zodat deze wél weer op loop- en fietsafstand toegankelijk zijn. Daar waar de afstanden te groot worden voor lopen en fietsen, zijn duurzame OV-verbindingen beschikbaar. Gebieden rond OV-knooppunten, zoals treinstations en bushaltes zijn maximaal verdicht met zoveel mogelijk woningen, werkplekken, voorzieningen en andere functies. Hubs langs de Oude Lijn en de spoorlijn MerwedeLingelijn en waterbushaltes zijn voorzien van deelvervoer zoals (elektrische) fietsen en elektrische deelauto’s en wijkhoppers. Door regionale doorfietsroutes zoals de F15, F16, de Metropolitane Fietsroute en wandelnetwerken worden regionale kernen en groene recreatiegebieden met elkaar verbonden, waardoor de bereikbaarheid en gezondheid voor inwoners én economie zijn verbeterd.

5. Wonen en voorzieningen in balans

Diverse en toekomstbestendige woningvoorraad De Gezonde Maritieme Delta heeft een toekomstbestendige woningvoorraad, afgestemd op de behoeften van jong en oud. Huidige en nieuwe woonwijken bieden een evenwichtiger mix van woningen; naar typologie, eigendom (huur en koop), prijsniveaus en woonmilieus. Hierdoor kunnen huidige, voormalige en nieuwe bewoners in de regio, hun woonplek of hun wijk blijven wonen; ongeacht levensfase, inkomen of hun gezondheidssituatie. Mensen met een zorgvraag kunnen langer of weer opnieuw zelfstandig wonen door de beschikbaarheid van voldoende passende woningen. Een aantal grootschalige nieuwbouwlocaties langs de spoorlijnen hebben een belangrijk aandeel gehad in de woningbouwopgave met een divers aanbod van woningen, voorzieningen en werkgelegenheid op loop en fietsafstand. Woninglocaties aan de rivieren zijn met het gezicht naar het water ontwikkeld, met toegankelijke oevers voor natuur, recreatie en ontspanning. Wijken die een grote kwaliteitsopgave hadden, hebben een flinke impuls gekregen voor wat betreft verduurzaming en leefbaarheid. Ruimtelijke kwaliteit is in elke wijk toegevoegd en niet alleen op nieuwe locaties.

Voorzieningen In de Gezonde Maritieme Delta worden niet alleen woningen gebouwd, maar wordt gebouwd aan een gezonde en veilige woon- en leefomgeving waar alle inwoners fijn wonen, werken en recreëren. Het voorzieningenniveau is daarom hoog. De Delta is een bereikbare ‘15-minutenregio, waar de belangrijkste dagelijkse bestemmingen te voet of fiets bereikbaar zijn binnen 15 minuten van huis. Omdat die 15 minuten verschilt van persoon tot persoon, is er extra aandacht voor mensen die minder mobiel zijn. Dagelijkse voorzieningen, zoals winkels, zorg en groen, zijn lokaal op loop- en fietsafstand en toegankelijk voor alle inwoners. De gemeenten zijn geen gebieden met harde grenzen maar onderdeel van een regionaal netwerk waar mensen reizen voor werk, school, recreatie en meer (‘daily urban system’). Grote voorzieningen, zoals sport- en cultuurcentra, hebben een strategisch gekozen locatie in dit regionale netwerk. Hierbij is rekening gehouden met de (boven)regionale functie van de (historische) binnenstad van Dordrecht.

10

6. Innovatieve maritieme topregio

De Gezonde Maritieme Delta is een innovatieve en concurrerende topregio voor de (maritieme) maakindustrie, die voorop loopt in circulariteit en de energietransitie. Bedrijven ontwikkelen circulaire productiemethoden en hebben uitstoot en afval geminimaliseerd door recycling en hergebruik van grondstoffen. Emissieloze scheepstechnologie en hightech oplossingen zijn geïntroduceerd voor een gezondere luchtkwaliteit op een van de drukste vaarroutes van Europa. De regionale economie is verduurzaamd en heeft een gezonde arbeidsmarkt met passende banen die perspectief bieden voor de beroepsbevolking. De juiste bedrijven zitten op de juiste plaats. Zo zijn oeverlocaties vrijgespeeld voor watergebonden bedrijvigheid en worden efficiënter gebruikt. Bedrijven binnen dezelfde ‘waardeketen’ zijn regionaal geclusterd, waardoor ze elkaar versterken. De regio heeft meerdere grote campussen, waar onderwijs, startups en bedrijfsleven samen de motor vormen voor kennisontwikkeling en toepassing in de duurzame en schone maakindustrie. Bedrijven, hebben een duidelijk toekomstperspectief in de regio en kunnen hierdoor blijven investeren. Zo zijn cruciale bedrijven in ons toeleveranciersnetwerk behouden voor de regio. Naast de grote clusters hebben ook kleinere, gemengde bedrijventerreinen een grote kwaliteitsimpuls gekregen.

Bedrijventerreinen zijn verduurzaamd op het gebied van transportbewegingen, gebouwen en profiteren van de energietransitie.

11

3. SAMENWERKEN VANUIT EEN DUIDELIJKE ROLOPVATTING De Gezonde Maritieme Delta als regionaal perspectief is niet vrijblijvend maar vraagt om gezamenlijke actie. Dit vereist naast doorvertaling van deze Ruimtelijke Strategie in lokaal omgevingsbeleid, ook slim en slagvaardig samenwerken met Rijk, provincie en met andere partners. Daarom is onze strategie: Samenwerken aan de Gezonde Maritieme Delta vanuit een duidelijke rolopvatting.

We werken al veel samen in allerlei verbanden

Op allerlei vlakken werken de gemeenten in de regio samen. Zo doen we dat al stevig op het gebied van ruimtelijke ordening, bouwen, wonen, bereikbaarheid, economie, energietransitie en arbeidsmarkt zoals beschreven in de Groeiagenda. Dat doen we niet alleen als regiogemeenten, maar in een open netwerksamenwerking: met bedrijven, onderwijs, maatschappelijke instellingen en buurgemeenten. Een voorbeeld hiervan is de Economic Development Board.

Samenwerking op ruimtelijke ordening wordt steeds urgenter

In de regio is al veel draagvlak voor het versterken van de samenwerking ook op het gebied van ruimtelijke ordening. Afgelopen jaren zijn hiervoor al inhoudelijke producten gemaakt. Denk bijvoorbeeld aan de Groeiagenda of de Verbindende Gebiedsstrategie. Deze brede visies hebben zeker hun invloed, maar er is behoefte aan nog meer focus en praktische sturing op de manier waarop we regionaal samenwerken. We zien namelijk dat Rijk en provincie meer regie naar zich toetrekken op de ruimtelijke ontwikkeling en hiervoor hun eigen trajecten lopen. Bovendien vragen de omvang en complexiteit van de opgaven om een sterkere integrale samenwerking, om daarmee de regio beter te positioneren. We spelen daarop in door de regie in eigen hand te nemen en leveren waar mogelijk een bijdrage aan provinciaal en nationaal beleid. Overheid en markt kunnen elkaar versterken, bijvoorbeeld met doorbouwakkoorden en het bundelen van schaarse capaciteit (in kennis en kunde). Daarom is er een gezamenlijk perspectief nodig om op te kunnen sturen.

Onderscheid maken in verschillende rollen

In de praktijk zien we dat de regionale samenwerking zich uit op verschillende niveaus en dat op elk schaalniveau een andere rol wordt ingenomen. We werken daarom vanuit een duidelijke rolopvatting. Hiermee zorgen we voor een scherpe inhoudelijke focus, een efficiëntere organisatie en hebben we meer impact op doorwerking en uitvoering. Vanuit de regionale programma’s wordt het gezamenlijke perspectief gewaarborgd. Dit vraagt ook om het lokaal borgen van regionale ambities en afspraken in Omgevingsvisies, beleidsplannen en bestuurlijke akkoorden. In de regionale samenwerking onderscheiden we drie verschillende rollen in de ontwikkeling en uitvoering van de regionale opgaven:

1. Bovenregionaal: initiëren en agenderen --- regio agendeert, andere overheden doen. Gemeenten initiëren en agenderen gezamenlijk als regio naar provincie, Rijk en Europa.

2. Regionaal: coördineren en ontwikkelen --- regio stemt af, gemeenten doen het samen. Gemeenten stemmen als regio onderling af en coördineren met en voor gemeenten.

3. Lokaal: stimuleren en faciliteren --- regio helpt, gemeenten doen het ieder zelf. Als regio stimuleren en ondersteunen de gemeenten elkaar, gezamenlijk en afzonderlijk.

13

3A. BOVENREGIONAAL: INITIËREN EN AGENDEREN Grootschalige ingrepen met grote impact

In deze Ruimtelijke Strategie zetten we in op een aantal (inter)nationale opgaven, die verbonden zijn aan de nieuwe beleidsagenda’s van het Rijk en Europese Unie. Het gaat om grootschalige ingrepen in de nationale ruimtelijke hoofdstructuur, verwoord in de (voorontwerp) Nota Ruimte, waarvoor het Rijk een directe verantwoordelijkheid draagt. Denk bijvoorbeeld aan de grote infrastructuurcorridors zoals de A15, A16 en goederenvervoer (voor gevaarlijke stoffen), maar ook aan de waterveiligheid langs de grote rivieren en de nieuwe hoogspanningslijn die onze regio gaat doorsnijden. Deze maatregelen overstijgen de maat en schaal van onze regio. De ingrepen hebben een belangrijke voorwaardenscheppende betekenis en zijn van doorslaggevende belang voor de ruimtelijke ontwikkeling van onze regio. Het tijdig agenderen van mee-koppel-kansen is hierbij randvoorwaardelijk en vragen om een actieve lobby plus een aanbod dat men niet kan weigeren.

Rol van de regio: initiëren en agenderen

Op bovenregionaal niveau neemt de regio het voortouw voor initiëren en agenderen van urgente vraagstukken en grote ingrepen of projecten. De regio zet zich in om grootschalige opgaven, die uitvoering geven aan de nationale doelen, onder de aandacht te brengen bij nationale en internationale beleidsmakers. De Ruimtelijke Strategie biedt een kader voor beïnvloeding van de strategische beleidsvorming en lobby naar provincie, Rijk en Europa, en zo mogelijk (inter)nationale investeerders. Door een proactieve en zelfbewuste houding beïnvloeden we als regio de (inter)departementale investeringsprogramma’s en benutten we de Europese structuurfondsen. Zo trekken we nieuwe ruimtelijke investeringen aan.

Kansen voor de Gezonde Maritieme Delta

Vanuit het perspectief van Gezonde Maritieme Delta zien we kansen voor een aantal grootschalige landschappelijke ingrepen en integrale gebiedsontwikkelingen. Het zijn integrale complexe projecten waarin verschillende doelen en opgaven bij elkaar komen. En van zo’n grote maat en schaal zijn dat de regio dit alleen kan realiseren in samenwerking met provincie en Rijk: Verbindend regionaal landschapspark Regionale aanpak waterveiligheid en bodemdaling Energie rond grote infrastructuur Drechtstedenring met multimodale mobiliteitshubs Ontwikkeling van regionale spoorzones Innovatiekracht van de maritieme werkgebieden Leefbaarheid rond grote infrastructuur

14

Figuur uit Toekomstatelier NL2100

3B. REGIONAAL: COÖRDINEREN EN ONTWIKKELEN Regionale afstemming en regionale projecten

Naast grootschalige ingrepen komen in deze Ruimtelijke Strategie regionale opgaven aan de orde, die van groot strategisch belang zijn voor de ontwikkeling van de Drechtsteden als geheel. Het gaat om concrete opgaven op regionaal niveau, zowel wat betreft beleid als uitvoering.

Rol van de regio: coördineren en ontwikkelen

Als coördinator brengt de regio verschillende partijen (waar nodig triple helix) samen en zorgen we voor de afstemming en integrale aanpak van het omgevingsbeleid en regionale projecten. In termen van beleid heeft de regio een coördinerende rol: de regio stemt lokale en regionale belangen op elkaar af, bewaakt de voortgang van projecten en zorgt voor een soepele samenwerking tussen overheden, bedrijven en maatschappelijke organisaties. Dit vraagt om sturing en procesregie, waarbij de regio ontwikkelingen in goede banen leidt en zorgt voor samenhang en efficiëntie. De regio is actief bezig met programmalijnen, Regio Deals, de Economic Development Board en samenwerkingsverbanden met een breed triple helix netwerk. De nadruk ligt nu vaak op sectorale vraagstukken. De regio kan zich sterker maken door de integraliteit te bewaken tussen de sectoren en zorg dragen voor samenhang en efficiëntie in de regionale samenwerking.

Kansen voor de Gezonde Maritieme Delta

De volgende kansen zien we als onderwerp van regionale afstemming en coördinatie waarbij we ook regionale projecten afstemmen. Het gaat om de volgende regionale opgaven:

Groenblauwe verbindingen in natuur en recreatie Robuust regionaal energiesysteem Regionaal netwerk van mobiliteitshubs Regionale doorfietsroutes Regionale woningbouwprogrammering Regionale campussen voor werken, leren en innoveren Beter benutten van watergebonden bedrijventerreinen

Figuur uit Toekomstatelier NL2100

Grote voorzieningen regionaal afstemmen

15

3C. LOKAAL: STIMULEREN EN FACILITEREN Lokale inrichtingsopgaven

De Ruimtelijke Strategie land uiteindelijk in elke gemeente, immers de (boven)regionale opgaven en projecten werken door naar de inrichting van elke gemeente. Hier moet het streven naar ruimtelijke kwaliteit concreet gestalte krijgen. Het gaat om inrichtingsvraagstukken, waarvoor de invulling en uitvoering primair een zaak is van gemeenten in een open samenwerking met maatschappelijke organisaties, marktpartijen, bedrijfsleven en particulieren. Het zijn daarmee vooral concrete initiatieven van onderop, van gemeenten of andere betrokkenen.

Rol van de regio: stimuleren en faciliteren

Als regio hebben we een indirecte rol voor de lokale inrichtingsopgaven. Aangezien op lokaal niveau de gemeente zelf aan zet is, vervult de regio een rol om de ruimtelijke, beleidsmatige of financiële condities te verbeteren, waarbinnen de gemeente de inrichtingsopgave concreet vorm en inhoud geven. Gemeenten ondersteunen elkaar met kennis en kunde door actief de kennisuitwisseling te organiseren en in de gemeente zelf mee te helpen met verankeren van beleid of het opzetten van innovatieve projecten.

Kansen voor de Gezonde Maritieme Delta

De volgende kansen zien we als onderwerp voor het stimuleren en faciliteren door de regio. Het gaat primair om lokale projecten van regionaal belang of impact of lokale projecten die de gemeentegrenzen overschrijden en waarbij de regio toegevoegde waarde heeft. Het gaat om de volgende opgaven voor het stimuleren en faciliteren:

Waterbergend vermogen vergroten Klimaatadaptief inrichten van wijken Lokale energiecoöperaties stimuleren Actieve mobiliteit in openbare ruimte Verduurzaming van verouderde wijken Kwaliteitsimpuls voor lokale bedrijventerreinen Nabijheid van dagelijkse voorzieningen

16

Figuur uit Toekomstatelier NL2100

4. OPGAVEGERICHT WERKEN – GEBIEDSGERICHT EN THEMATISCH In de Ruimtelijke Strategie hebben we onze opgaven voor een Gezonde Maritieme Delta benoemd naar drie schaalniveaus (bovenregionaal, regionaal en lokaal) en de rol die we als regio hierin pakken. Wat we zien is dat op ieder schaalniveau meerdere opgaven spelen die sterk met elkaar verweven zijn, en niet los van elkaar gezien kunnen worden. Deze losse opgaven komen daarom samen in vijf grote gebiedsgerichte opgaven. Daarnaast zien we een aantal thematische opgaven.

Gebiedsgerichte opgaven

De Ruimtelijke Strategie is duidelijk over welke opgaven regionaal opgepakt worden en welke rol op het juiste schaalniveau hiervoor nodig is. Als we een aantal opgaven niet gebiedsgericht bij elkaar brengen ontstaan er risico’s. Zo kan bijvoorbeeld op bovenregionaal niveau moeilijk een regionale spoorzone ontwikkeling worden geagendeerd als er op regionaal niveau geen overeenstemming is over de benodigde woningdichtheden of arbeidsintensieve werkgelegenheid die dan nodig zijn rond de stations. Via de gebiedsgerichte aanpak ontstaan er vanuit de integrale benadering juist kansen. Iedere gebiedsgerichte opgave raakt (bijna) alle gemeenten en is een belangrijke motor voor de uitvoering.

Thematische opgaven

Niet alle opgaven zijn aan een gebied te verbinden. We zien ook opgaven die een meer thematisch karakter hebben. Denk bijvoorbeeld aan het afstemmen van grote voorzieningen in de regio; energie- en warmtenetwerken of leefbaarheid rond grote infrastructuur zoals de A15, A16 of de waterweg.

Het perspectief Gezonde Maritieme Delta kent deze vijf grote gebiedsgerichte opgaven: Regionaal Landschapspark ‘Albert Cuyp’

Een verbindend landschapspark van formaat waarin maatregelen voor waterveiligheid, bodemdaling, oeverontwikkeling en getijdenparken worden gecombineerd met parken en groene dooradering in bebouwd gebied voor actief bewegen, sport en spel en ontmoeting. We verbinden zo de oevers (het hart van de regio: drierivierenpark) via de steden en dorpen met de ons omringende nationale landschappen en -parken.

De ‘Drechtstedenring’ van OV en hubs

De ontwikkeling van een ‘Drechtstedenring’ bestaande uit een extern en intern deel. De externe ring is een regionaal netwerk van mobiliteitshubs langs de autowegen met een snelle overstap van auto naar hoogwaardig OV richting Breda, Rotterdam en Nijmegen, maar ook naar deelvervoer en fiets. Een interne ring zorgt ervoor dat de regiogemeenten ook onderling beter verbonden zijn met hoogwaardig OV en mobiliteitshubs voor overstappen. De interne ring zorgt in samenhang met het netwerk van de waterbus voor een fijnmazig ov-netwerk dat goed aansluit op de mogelijk heden voor lopen en fietsen in de regio.

17

Ontwikkeling Regionale Spoorzones

Gezamenlijke integrale ontwikkeling van de spoorzones in de regio, te weten de Spoorzone Dordrecht-Zwijndrecht in kader van de Verstedelijkingsalliantie voor de Oude Lijn Leiden-Dordrecht en de integrale ontwikkeling van stationsgebieden aan de MerwedeLingelijn, zoals Sliedrecht-Noord en ‘t Oog in Hardinxveld-Giessendam, waarbij ook spoorverdubbeling het streven is.

Regionale Maritieme Clusters

Regionaal verbinden van clusters van de maritieme maakindustrie met uitwisseling van kennis, innovaties en educatie en afstemming en uitruil van beschikbare (watergebonden) ruimte voor circulaire economie, logistiek, grondstoffen en energiehubs.

Regionaal Energiesysteem

Doorzetten op het realiseren van een robuust decentraal energiesysteem waardoor duurzame energie voor iedereen beschikbaar en betaalbaar is. Hiermee geven we invulling aan de nationale klimaatdoelstelling, dragen we bij aan de bestaanszekerheid van onze inwoners én verstevigen we het regionale vestigingsklimaat.

REGIONA AL L ANDSCHAPSPARK ‘ALBERT CUYP’

RUIMTELIJKE KEUZES EN AANDACHTSPUNTEN VOOR HET LANDSCHAPSPARK • •

•

• •

•

•

•

•

•

20

Het Landschapspark wordt ingericht als één geheel, maar met lokaal maatwerk. Ontbrekende schakels in het Landschapspark (bijvoorbeeld bestaande bebouwde gebieden) worden vergroend met aandacht voor maatwerk. Barrières (zoals de A15, A16, Rangeerterrein Kijfhoek en Betuwelijn) worden daar waar mogelijk doorbroken met doorgaande verbinders (fietstunnels, ecoducten) of volledig verwijderd. We passen (grote) infrastructurele ingrepen, zoals aan (spoor)wegen en energie, zorgvuldig landschappelijk in De inrichting van het landschapspark is klimaatadaptief om langere perioden van droogte en wateroverlast te kunnen doorstaan. Bij iedere nieuwbouwontwikkeling of herontwikkeling wordt rekening gehouden met een bijdrage aan de vervolmaking van het Landschapspark en/of het robuuster maken van wijken tegen extreem weer en klimaatverandering. Dit vraagt om het zo goed mogelijk implementeren van de ‘3 - 30 - 300 regel’ (3 bomen zien vanuit je pand, 30% schaduw in de straat, maximaal 300 meter tot het nabijgelegen park). In het Landschapspark moet zoveel mogelijk groen toegankelijk zijn voor inwoners, werknemers en bezoekers. We voorkomen dat bestaand groen verder wordt afgeschermd en zorgen dat nieuw groen zowel ruimte biedt voor natuur als recreatie.

Ruimtelijke ontwikkeling aan de oevers levert een bijdrage aan het openbaar, toegankelijk en aantrekkelijker maken van de oevers, door openbare paden voor fietsers en voetgangers en vergroening. Hoger gelegen buitendijkse gebieden worden niet afgeschreven maar juist benut voor passende ontwikkelingen, zoals de vluchtlocaties op Maasterras en De Staart in Dordrecht tijdens overstromingen. De waterbus speelt een belangrijk rol in de bereikbaarheid en de aantrekkelijkheid van de oevers, door naast halte ook een bestemming te zijn. Naast een hogere frequentie en langere vaartijden vraagt dit om een hogere dichtheid van woningen in de nabijheid van haltes.

Gebiedsprogramma

Gebiedsprogramma

REGIONAAL LANDSCHAPSPARK ‘ALBERT CUYP’ De regio kiest voor een verbindend landschapspark van formaat waarin maatregelen voor waterveiligheid, bodemdaling, oeverontwikkeling en getijdenparken worden gecombineerd. Via nieuw en meer groen/ blauw worden grote ecologische verbindingen hersteld tezamen met meer ruimte voor recreatie, actieve mobiliteit en betere leefbaarheid. Het Regionaal Landschapspark staat niet op zichzelf maar is onderdeel van een groter geheel, namelijk het Landschapspark Zuidvleugel in de Provincie Zuid-Holland.

21

DE DRECHTSTEDENRING VAN OV EN HUBS

RUIMTELIJKE KEUZES EN AANDACHTSPUNTEN VOOR DE DRECHTSTEDENRING •

•

•

•

•

•

•

•

24

Alblasserdam, Papendrecht en Hendrik-Ido-Ambacht worden met prioriteit aangesloten op het regionale treinnetwerk bij Sliedrecht Baanhoek (Rnet) en Zwijndrecht (NS) dankzij een hoogwaardige OV- verbinding. Het is noodzakelijk dat Dordrecht haar volwaardige status als intercitystation terugkrijgt als belangrijke schakel tussen de Randstad en de Brabantse stedenrij. Alle regiogemeenten gaan uit van het ontwerpprincipe STOMP, waarmee we bij woningbouw en de (her)inrichting van straten eerst denken aan lopen, fietsen en ov en als laatste denken aan de plek voor de auto. We erkennen dat automobiliteit tegen haar limiet loopt. We nemen maatregelen die autogebruik en de druk op de wegen vermindert. Snelwegverbredingen zijn niet onze eerste keuze, maar sluiten dit niet uit als dat nodig is om de regio bereikbaar te houden. Om echt een aantrekkelijk alternatief te zijn voor de auto moeten treinen, bussen en waterbussen veel vaker en langer doorrijden/doorvaren; betrouwbaarder zijn en meer comfort bieden. De waterbus sluit naadloos aan bij van de dienstregeling van ander openbaar vervoer om tot een sterk en betrouwbaar netwerk te komen. Gebieden rond treinstations, bushaltes en waterbushaltes worden maximaal benut voor verdichting met woningen, werkplekken, en andere functies (winkels, sportschool, kapper). Dit vergroot het draagvlak voor frequenter en langer rijdend/varend OV.

Parkeernormen zijn zo laag mogelijk in de nabijheid van stations en haltes, waar ook het openbaar vervoer wordt verbeterd, om het ov zo goed mogelijk te stimuleren

Gebiedsprogramma

Gebiedsprogramma

DE ‘DRECHTSTEDENRING’ VAN OV EN HUBS De ontwikkeling van een ‘Drechtstedenring’ (auto, OV en hubs) met regio-interne De ‘Drechtstedenring’ (auto, OV en hubs) bestaat uit een interne en externe ring. De externe ring bestaat uit een regionaal netwerk van mobiliteitshubs langs de wegen A15, A16 en N3 voor de overstap van auto naar hoogwaardig OV, deelmobiliteit en fiets. Dit biedt een goed alternatief voor bewoners aan de randen van regio die verder het stedelijk gebied in moeten reizen, maar ook voor automobilisten die normaal gesproken richting Rotterdam, Den Haag, Nijmegen of Breda rijden. Hiermee dringen we het aantal autobewegingen terug in de wijken en ontlasten we tegelijkertijd de rijkswegen. Anderzijds zorgt de interne ring er juist voor dat de regiogemeenten ook onderling beter verbonden zijn via (hoogwaardig) openbaar vervoer, namelijk via trein, bus en waterbus. De Drechtstedenring vervult daarmee ook een belangrijke rol in het versterken van de MerwedeLingelijn als feeder van de Oude Lijn. HUB

Bestaande haltes upgraden

HUB

HUB

25

HUB HUB

ONT WIKKELING REGIONALE SPOORZONES

Ruimtelijke keuzes en aandachtspunten voor de Regionale Spoorzones •

•

•

• •

• •

• •

•

28

De trein is een duurzaam alternatief voor de auto. Dit betekent dat het spoor prioriteit krijgt bij investeringen, zoals een spoorverdubbeling van de MerwedeLingelijn en woningbouwontwikkeling rond stations. Rond alle treinstations wordt maximaal verdicht met zoveel mogelijk woningen, werkplekken, voorzieningen en andere functies. Met name de eerste 300 meter rondom de stations, waarvoor geen ander voor- of natransport dan lopen nodig is, wordt maximaal benut voor verschillende functies. De nieuwbouwgebieden ten noorden van het spoor in het buitengebied (waaronder ’t Oog in Hardinxveld-Giessendam en Sliedrecht-Noord) zijn noodzakelijk voor een toekomstbestendige MerwedeLingelijn en zorgen voor een grote toevoeging van woningen die op een duurzame en gezonde manier bereikbaar zijn. Om de trein maximaal te faciliteren worden parkeernormen lager in stationsgebieden en -omgevingen Looproutes verbinden de belangrijkste bestemmingen in de directe leefomgeving met elkaar. Samen vormen zij een compleet en samenhangend netwerk, zowel binnen het gebied als met omliggende gebieden.

Alle stations en het gehele gebied eromheen krijgen een hoge verblijfskwaliteit, waarbij de voor- en achterkant van stations niet voor elkaar onder doen en goed ontsloten zijn met loop- en fietsroutes Stationsgebieden bieden reuring, bijvoorbeeld met allerhande voorzieningen in of rond het station (supermarkt, sportschool, etc.); ze zijn een aantrekkelijke plek om te verblijven en te wachten op verschillende momenten van de dag. Dit kan verschillen per station, passend bij het karakter van de locatie. Naast verdichting en optimaal gebruik rondom de huidige stations, worden ook nieuwe stations aan de spoorzone toegevoegd. In ieder geval geldt dit voor Leerpark en Amstelwijck. Naast mobiliteitshubs worden ook fietsroute F15 Gorinchem-Dordrecht en de F16 Dordrecht-Rotterdam doorgetrokken en/of verbetert, onder andere door het verwijderen van obstakels (haaientanden, oversteekpunten, scherpe bochten). Daarnaast wordt de Metropolitane Fietsroute Dordrecht-Rotterdam langs de Noord voltooid. Beperkingen voor gebiedsontwikkelingen die voortvloeien uit het Basisnet worden zoveel mogelijk geagendeerd. Het Basisnet is een landelijk netwerk voor het vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg, vaarweg en spoor.

Gebiedsprogramma

Gebiedsprogramma

ONTWIKKELING REGIONALE SPOORZONES Gezamenlijke integrale ontwikkeling van de spoorzones in de regio, i.c. Spoorzone DordrechtZwijndrecht in kader van de Verstedelijkingsalliantie voor de Oude Lijn Leiden-Dordrecht en de integrale ontwikkeling van stationsgebieden aan de MerwedeLingelijn.

29

REGIONALE MARITIEME CLUSTERS

RUIMTELIJKE KEUZES EN AANDACHTSPUNTEN VOOR DE REGIONALE MARITIEME CLUSTERS • • •

•

• • •

• • •

• •

• •

32

De regio heeft vier grote maritieme clusters, namelijk Oude Maas/ Kil, De Noord, De Merwede en Hardinxveld-Werkendam. Deze vier clusters hebben alle vier een eigen (maritiem) profiel. We zorgen dat bedrijven binnen dezelfde ‘waardeketen’ in de juiste cluster vestigen, waardoor bedrijven elkaar versterken. Oeverlocaties in de maritieme clusters worden vrijgespeeld voor bedrijven in de maritieme maakindustrie door terreinen actief aan te kopen voor herontwikkeling. De regio besluit gezamenlijk wat de meest kansrijke locaties zijn en waarvoor grip op uitgifte nodig is. De vier maritieme clusters krijgen met prioriteit de kwaliteitsimpuls die wordt verwacht bij de status van een hoogwaardige cluster. Dit vraagt om een aantrekkelijke buitenruimte met veel meer groen, beleving, voorzieningen. De clusters overlappen in bepaalde zones met het Regionale Landschapspark, wat kansen biedt voor de kwaliteitsimpuls in deze clusters. Dit vraagt om maatwerk. De vier clusters maar ook andere bedrijventerreinen zetten in op duurzamere transport en op duurzame mobiliteit. Bedrijven die een betere bereikbaarheid nodig hebben worden geclusterd waardoor milieuruimte deelbaar is of circulair afval en grondstoffen uitgewisseld kunnen worden. Dit maakt de logistiek efficiënter.

De Drechtstedenring en versterking van de regionale spoorzones bieden een duurzaam alternatief voor de auto voor werknemers en werkgevers. We zetten in op maritieme energietransitieprojecten, zoals de laad-haveninfrastructuur. Bedrijventerreinen met een hoge milieuzonering die toekomstbestendig zijn door hun ligging en vestigingsfactoren worden behouden en daadwerkelijk gebruikt door bedrijven met de daadwerkelijke milieucategorie. Bedrijven met lage milieucontouren bieden kansen voor gemixte gebieden met woningen en voorzieningen. Onderwijs, startups en bedrijfsleven worden in een beperkt aantal regionale campussen samengebracht, die een ecosysteem vormen voor kennisontwikkeling en innovaties in duurzame en schone maakindustrie. Onderwijsaanbod wordt niet verder versnipperd over de hele regio. Smart Campus Leerpark Dordrecht is het hart van dit netwerk. Bovenstaande campussen moeten goed te bereiken zijn te voet, per fiets en met het OV. De extra ruimte die nodig is voor de ontwikkeling naar een circulaire economie is nog onbekend maar vraagt wel om regionale regie. Voor circulaire op- en overslag voor de rest van de provincie Zuid-Holland gaat de regio daarentegen geen ruimte vrijmaken.

Gebiedsprogramma

Gebiedsprogramma

REGIONALE MARITIEME CLUSTERS Regionaal worden de clusters van de maritieme maakindustrie verbonden met uitwisseling van kennis, innovaties en educatie en afstemming en uitruil van beschikbare (watergebonden) ruimte voor circulaire economie, logistiek, grondstoffen en energiehubs. Door kennis te delen en toe te passen blijft de regio innoveren, draagt het bij aan de nationale duurzaamheidsdoelen en versterkt het onze internationale concurrentiepositie.

33

REGIONA AL ENERGIESYSTEEM

Gebiedsprogramma

Gebiedsprogramma

REGIONAAL ENERGIESYSTEEM Doorzetten op het realiseren van een robuust decentraal energiesysteem waardoor duurzame energie voor iedereen beschikbaar en betaalbaar is. Hiermee geven we invulling aan de nationale klimaatdoelstelling, dragen we bij aan de bestaanszekerheid van onze inwoners én verstevigen we het regionale vestigingsklimaat.

36

KEUZES EN AANDACHTSPUNTEN VOOR HET REGIONAAL ENERGIESYSTEEM •

•

•

•

• • • •

•

38

Het realiseren van één warmtenet in 2050, met een omvang van 60.000 woningen is van groot belang om verdere netcongestie tegen te gaan. Hoe meer huizen zijn aangesloten, hoe kleiner de elektriciteitsvraag. Zo snel mogelijk uitbreiden en verzwaren vraagt om fors meer ruimte en locaties voor elektriciteits-, warmte- en trafostations bovengronds en extra kabels en leidingen ondergronds. Dit heeft echter ook invloed op de ruimtelijke kwaliteit van de regio en verdere verrommeling van het landschap. Daarom wordt vroegtijdig in planvorming gekeken naar slimme oplossingen, zoals inpassing in het landschap en dubbelgebruik. De potentie van het opwekken en opslaan van duurzame energie in de buffers langs snelwegen wordt onderzocht. Doordat deze buffers veel beperkingen hebben voor andere functies, zijn ze zeer kansrijk voor een combinatie van energie en groen. De Drechtsteden willen 0,37 TWh aan duurzame elektriciteit opwekken in het jaar 2030, goed voor 1,1% van de Nederlandse opwek. De energiewegen leveren al 0,16 TWh. De regio heeft grote potentie als waterstofhub met tank- en laadstations langs snelwegen en haventerreinen voor de verduurzaming van zwaar transport en scheepsvaart. Gezien de huidige negatieve gezondheidseffecten op onze inwoners van zwaar transport via weg, spoor en het water, is het belangrijk deze kans te verzilveren.

Zonneparken worden verkend in de gemeenten Zwijndrecht, Hardinxveld-Giessendam, Sliedrecht en Dordrecht. Energienetwerken van opwek, opslag en gebruik moeten zo kort mogelijk zijn. Elektrificatie van logistiek kan ondersteunend worden door snellaadinfrastructuur bij bedrijventerreinen en multimodale knooppunten. Naast de vijftien bestaande energiehubs in de regio worden nog meer energiehubs toegevoegd. Door bedrijven lokaal energie met elkaar te laten delen worden zij minder afhankelijk van het elektriciteitsnet, wat leidt tot minder congestie en minder verzwaring van het energienet. Lokaal geproduceerd groen gas kan op verschillende manieren worden ingezet, bijvoorbeeld voor de flexibiliteit van ons energiesysteem, door energieproductie en energievraag beter op elkaar aan te laten sluiten.

THEMATISCHE OPGAVEN Sommige opgaven zijn niet gekoppeld aan een specifiek gebied maar komen terug in de gehele regio. Ook deze thematische opgaven verdienen aandacht:

Regionaal woningbouwprogramma De regiogemeenten staan voor de uitdaging 16.000 woningen te bouwen voor de autonome en acute behoefte tot 2035. Rekening houdend met het landelijk beleid om 67% betaalbare woningen te realiseren in nieuwe plannen (waaronder 30% sociaal) is er noodzaak om in gezamenlijkheid stevige regionale regie te voeren op de woningbouwprogrammering met als doel een divers, evenwichtig en samenhangend woningbouwprogramma. Als je regionaal niet tot programmeren komt, kom je lokaal niet tot realiseren. Voor de woningbouwprogrammering betekent dat gezamenlijk wordt ingezet op een uitwerking van een gezamenlijke volkshuisvestelijke programmering met 30% sociaal en 2/3 betaalbaar voor de regio als geheel. Het programma is vertaald naar locaties waar dit al vastligt (korte termijn, en of die plannen daadwerkelijk in ontwikkeling komen) en waar dit nog niet vastligt. We maken ook afspraken over hoe we toewerken naar meer betaalbaar programma: definities, beleidsregels en instrumentarium (ook voor aanpassing bestaande plannen). Ook betekent dit het maken van afspraken over wat het voor elkaar betekent (solidariteit) als we hier (nog) niet aan komen.

39

Voorzieningen • Het draagvlak voor grote regionale voorzieningen, zoals een zwembad, theater of sportcomplex, staat lokaal onder druk. Voorzieningen van regionaal belang worden ook op regionaal niveau afgestemd en gecoördineerd in ontwikkeling, beheer en exploitatie op lange termijn. • Regionale voorzieningen worden geplaatst op strategische locaties, met aandacht voor toegankelijkheid en bereikbaarheid vanuit meerdere gemeenten. Denk hierbij aan stationsgebieden, langs snelle buslijnen en regionale doorfietsroutes. • Ook de nabijheid van dagelijkse voorzieningen staat centraal, zowel in nieuwbouw en herstructurering. Het behouden en versterken van lokale voorzieningen zoals winkels, zorg, ontmoetingsplaatsen en recreatief groen zijn belangrijk voor de leefbaarheid van wijken en dorpen

Waterveiligheid en bodemdaling: • Enkele buitendijkse gebieden, zoals het Maasterras en de Staart in Dordrecht, worden ‘schuillocaties’ waar inwoners naartoe kunnen vluchten bij grote overstromingen en als centrale plek (hub) om noodhulp. • Doorgaande bodemdaling is een probleem op verschillende plekken in de regio en vraagt om een gemeenschappelijke aanpak. • Binnenstedelijk wordt bodemdaling goed geborgd in aanleg en onderhoud van de openbare ruimte om schade en hoge kosten te voorkomen.

40

5. VAN VERHAALKRACHT NAAR DAADKRACHT – EEN REGIONALE INVESTERINGSAGENDA Deze Ruimtelijke Strategie is de opmaat voor een Regionale Investeringsagenda (hierna te noemen: RIA) met een gebiedsgericht projectenportfolio. Het gaat om projecten van regionaal belang en impact die bepalend zijn voor het toekomstperspectief van de Gezonde Maritieme Delta. Hiermee bouwen we voort op het succes van de Regio Deals. Oftewel, we gaan regionaal samenwerken aan strategische projecten en laten daarmee aan het Rijk, provincie en andere partners duidelijk zien dat we serieus zijn in het doorvertalen van onze strategie naar actie. En bovenal leggen we focus op wat écht nodig is.

Doorkijk naar de Regionale Investeringsagenda

Het voorstel voor een gebiedsgerichte en thematisch projectenportfolio is bedoeld als een opmaat voor het vervolgtraject om te komen tot een RIA. Op nationaal niveau wordt regionale samenwerking steeds vaker gezien als de sleutel tot de oplossing voor grote ruimtelijke opgaven. Een RIA is een instrument voor het aanbrengen van focus op benodigde investeringen om de regio leefbaar en competitief te houden. De nadruk komt dan meer te liggen bij projecten en investeringen (tactisch). Hiertoe worden verschillende bovenlokale projecten, plannen, programma’s en geldstromen (zowel publiek als privaat) met elkaar verbonden zodat deze elkaar versterken. Omdat een RIA geen nieuw beleid introduceert, moet er al een basis liggen van een gedeeld perspectief en een vorm van samenwerking. Deze Ruimtelijke Strategie Drechtsteden is daarom een sterke basis. De RIA wordt ook gezien als de opvolger van onze Regio Deals Drechtsteden-Gorinchem die op dit moment lopen.

Een projectenportfolio

Het gebiedsgericht en thematisch samenwerken biedt een stevig kader voor de uitvoering van regionale projecten. Een gebiedsgerichte opgave bestaat uit meerdere kleinere en grotere projecten die vanuit een samenhangend perspectief worden ontwikkeld. Dit zijn deels lopende projecten waarmee we versterkt verdergaan, en deels ook nieuwe projecten die we samen nader willen verkennen en uitwerken. We stellen voor dat iedere grote gebiedsopgave en iedere thematische opgave werkt met een projectenportfolio: een serie concrete projecten - van ruw idee tot ontwikkelplan tot uitvoeringsproject - die in samenhang worden geprogrammeerd, gefaseerd en gemonitord. Het maken van een gedragen projectenportfolio vraagt om een stevige set van uitgangspunten en spelregels.

We onderscheiden drie verschillende fasen in het projectenportfolio: Verkenning Dit is een idee, ‘droom’ of concept. Het vereist verdere studie, analyse, ontwerp en uitwerking om van idee naar concreet project te komen.

Ontwikkeling

Een concreet gedefinieerde bestuurs- of projectopdracht in ambitie, doelstelling en proces dat inhoudelijke ontwikkeling en besluitvorming behoeft.

Uitvoering

Een concreet uitvoerbaar investeringsproject waarvoor nadere besluitvorming en/of (mede) financiering nodig is om tot uitvoering te komen.

41

Voorbeelden van projecten in een projectenportfolio: Verkenning • •

Water in de delta: visie op de Waterveiligheid en bodemdaling in de regio, met aandacht voor dijkversterking en aanpassing van het aan- en afvoersysteem van water. Gebiedsgerichte agenda bedrijventerreinen: verkenning naar kansen en mogelijkheden voor uitruil, kavelruil en herschikking van bedrijven in regionaal verband.

Ontwikkeling • •

Afstemmen van regionale voorzieningen: verkenning naar kansen en mogelijkheden voor samenwerking op grote maatschappelijke voorzieningen tussen gemeenten. Werf van de Toekomst: ontwikkelen van innovaties voor de verduurzaming van de maritieme industrie met digitalisering en robotisering en inzet van duurzame energiebronnen, w.o. waterstof.

Uitvoering • •

Energienetwerk: verzwaring en uitbouw van het elektriciteitsnet en uitbreiding van het warmtenetwerk en lokale energiehubs naar andere woon- en werkgebieden in de regio. Doorfietsroutes: verbeteren en afmaken van doorfietsroutes F15 en F16 - missing links verbeteren.

Afwegingskader voor projectselectie

Het opstellen van een RIA vraagt om een duidelijke keuze voor een selectief aantal projecten. Daarom wordt op basis van de Ruimtelijke Strategie een afwegingskader voor de RIA uitgewerkt. Dit afwegingskader helpt met het inventariseren, beoordelen en prioriteren van projecten die mogelijk een plek moeten krijgen in de RIA. De keuze voor projecten wordt uiteindelijk gebaseerd op hun impact op een aantal criteria, zoals bijdrage aan de gebiedsopgaven, impact op lange termijn, regionale meerwaarde, omvang van bijdrage en de beschikbaarheid van cofinanciering.

42

Spelregels

Samenwerken doen we ook met een verschillende mate van intensiteit. Dat is niet vrijblijvend, maar vraagt om afspraken over het gewenste niveau van intensiteit. Elkaar informeren of met elkaar afstemmen heeft bijvoorbeeld een lager intensiteitsniveau dan samen beleid maken of samen investeren. Hier horen de volgende spelregels bij: • We betrekken vroegtijdig elkaar en andere stakeholders bij planvorming en uitvoering; • We zetten in op samenwerking met verschillende intensiteiten: niet iedereen kan of hoeft mee te doen; • We werken samen in triple-helix allianties rond concrete uitvoeringsprojecten; • We spreken elkaar aan op onze ambities, inzet en betrokkenheid, ook in mindere tijden; • We zetten in op het lokaal doorvertalen van de Ruimtelijke Strategie in gemeentelijke Omgevingsvisies.

Verankering en borging van projecten

Naast het uitvoeren van regionale projecten heeft ook de beleidsmatige afstemming een belangrijke rol in de regionale samenwerking. In het ruimtelijk domein gaat het primair om het afstemmen van de woningbouwprogrammering en van nieuwe gebiedsontwikkelingen (transformatie en uitleg). Ook het afstemmen van werkfuncties en bedrijventerreinen is een belangrijk vraagstuk. Dergelijke vraagstukken vragen ook om het onderlinge afstemmen van de gemeentelijke Omgevingsvisies. Daarnaast vragen de gebiedsprogramma’s met hun projectenportfolio’s om een goede verankering en borging in lokale beleidsplannen en investeringsprogramma’s.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/1070/documents/46499