CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Rekenkamerrapport "Jong in Dordt: Wonen, leven en leren".pdf

Dordtse Dinsdag – Beeld- en oordeelsvormende commissies 7 oktober 2025, gemeente DordrechtBij agendapunt: 4: Besluit inzake het Rekenkamerrapport 'Jong in Dordt' - Raadsvoorstel17.555 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Colofon Rekenkamer Dordrecht: Steven Oostlander (voorzitter) Femke Sijbrandi (lid) Kasper Buiting (lid) Secretariaat Rekenkamer Postadres: Postbus 8, 3300 AA Dordrecht E-mail: rekenkamer@dordrecht.nl Website: Rekenkamer - Dordrecht

Social media X

@RKCDordrecht

Instagram

@rkdordt

LinkedIn

https://www.linkedin.com/in/rekenkamer-dordrecht-b340081b6

Joost Zwaan | Secretaris-onderzoeker Tel: 078 7704984 E-mail: j.zwaan@dordrecht.nl Sylvia Khadjé | Bestuursassistent E-mail: s.khadje@dordrecht.nl Dit onderzoek is uitgevoerd door: Platform 31

Met medewerking van jongeren aan de focusgroepen: Jullian Goud, Susanne Buijs, Anna Leijs, Sam van Bezooijen, Naomi Wobben, Megan de Groot, Lara Hoffmann, (en andere jongeren), Simone van der Kraan. Auteurs:

Cas Barendregt, Janniek de Vries

Opdrachtgever:

Rekenkamer Dordrecht

Publicatiedatum:

september 2025

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

2

Inhoud Deel 1:.............................................................................................................. 4 Conclusies en aanbevelingen ........................................................................... 5 Inleiding .......................................................................................................... 5 Reactie college............................................................................................... 11 Deel 2:............................................................................................................ 15 Leeswijzer ...................................................................................................... 16 1. Inleiding..................................................................................................... 17 1.1 Aanleiding ............................................................................................... 17 1.2 Doel- en vraagstelling ............................................................................... 17 1.3 Methode .................................................................................................. 19 2. Begripsafbakening ..................................................................................... 24 2.1 Aantrekkelijkheid van een stad ...................................................................

24 2.2 Jongeren ................................................................................................. 27 3. Het perspectief van jongeren en de reflectie in beleid ................................ 30 3.1 Thema 1: Wonen en huisvesting ................................................................. 32 3.2 Thema 2: Levendige binnenstad en cultuur .................................................. 39 3.3 Thema 3: Onderwijs ................................................................................. 47 4. Slotbeschouwing ........................................................................................ 54 5.

Geraadpleegde bronnen ........................................................................... 57

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

3

Deel 1: Conclusies en aanbevelingen en reactie college (Bestuurlijke nota)

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

4

Conclusies en aanbevelingen Inleiding Dit rapport biedt een blik in de belevingswereld van jongeren (18-27 jaar) en hoe zij aankijken tegen de factoren die een stad aantrekkelijk maken Het onderzoek is niet gericht op een statistisch representatief beeld, maar heeft tot doel kwalitatieve inzichten te verzamelen die het huidige beleid kunnen verrijken en nuanceren. De bevindingen uit dit onderzoek kunnen worden gezien als een belangrijke aanvulling op bestaande data over jongerenbeleid. In twee focusgroepen is met elf jongeren gesproken over wat voor hen een stad aantrekkelijk maakt om in te wonen. Hierbij zijn open vragen gesteld, zonder vooraf thema's te benoemen. Uit deze gesprekken zijn drie hoofdthema's naar voren gekomen die volgens de jongeren cruciaal zijn voor de aantrekkelijkheid van een stad als Dordrecht. Deze zijn gerangschikt in een top drie: 1. Wonen en huisvesting 2. Levendige binnenstad en cultuur 3. (Hoger) Onderwijs Om de bevindingen te verdiepen, zijn ze besproken in een focusgroep met professionals die met en voor jongeren werken. Daarnaast kwamen bereikbaarheid en veiligheid ter sprake, maar deze waren niet prominent genoeg om als afzonderlijke hoofdthema’s te worden gerapporteerd. Vervolgens is het onderzoek in de volgende stappen verder verdiept. Voor elk van de drie hoofdthema's zijn de gemeentelijke ambities en het bestaande beleid geanalyseerd.

Er is gesproken met vier wethouders, één raadslid en één commissielid om hun visie op de aantrekkelijkheid van Dordrecht voor jongeren te horen. De voorlopige conclusies, voortkomend uit de focusgroepen, beleidsanalyses en gesprekken, zijn voorgelegd aan een groep ambtenaren die betrokken zijn bij deze hoofdthema’s. In deze bijeenkomst is ook de samenhang tussen het beleid op de drie hoofdthema's besproken. Over het algemeen kan worden geconcludeerd dat op alle drie de domeinen of hoofdthema’s aandacht is voor jongeren. De aandacht op het gebied van wonen en huisvesting en onderwijs kan zelfs (deels) worden beschouwd als een direct gevolg van de ambitie van de gemeente om jongeren voor de stad te behouden. Dit rapport stelt dus niet dat Dordrecht op dit moment aantrekkelijk of onaantrekkelijk is, maar dat er kansen liggen om bestaande inspanningen beter te laten aansluiten bij de belevingswereld van de jonge inwoner. De resultaten van deze analyse worden hieronder per hoofdthema beschreven.

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

5

Wonen en huisvesting Jongeren uit de focusgroep zien de landelijke wooncrisis ook in Dordrecht als een groot knelpunt. Thuis wonen is voor hen de norm en zelfstandig wonen de uitzondering. Dit knelt voor sommigen meer dan voor anderen, minder voor hen die een opleiding dichtbij huis volgen of waarvan de onderwijsinstelling goed bereikbaar is. Breed onder hen leeft het gevoel dat de Dordtse woningmarkt moeilijk te betreden is. Zij geven aan dat het vinden van een betaalbare huurwoning eerder een kwestie van geluk is; een woning kopen ligt voor hun gevoel voorlopig zelfs buiten bereik. Dat Dordrecht goedkoper is dan bijvoorbeeld het dichtbijgelegen Rotterdam, verandert hierin niets. Dit betekent dat ondanks de relatieve betaalbaarheid, de woningmarkt in Dordrecht als moeilijk te betreden wordt ervaren. De gemeente heeft ambities om jongeren aan te trekken via de woningmarkt, maar de realisatie van dit beleid kent een lange doorlooptijd. In visie- en beleidsnota’s worden voornemens uitgesproken om kleinere en goedkopere woningen te bouwen, met de Spoorzone als belangrijk project. Echter, de daadwerkelijke uitvoering is niet vanzelfsprekend. De gemeente kan weliswaar voorwaarden en kaders scheppen, maar is voor de realisatie afhankelijk van externe marktpartijen. Dit vertraagt de voortgang.

Hoewel de gemeente aanzetten heeft gegeven voor concrete verbeteringen – zoals aanpassingen in de Huisvestingsverordening die kansen van jongeren vergroten op kamers en het behoud van hun inschrijftijd – blijken dit gerichte, maar nog geen structurele oplossingen te zijn voor het woningtekort. Geconcludeerd kan worden dat de gemeente zich inderdaad inspant om de toegang tot betaalbare woningen voor jongeren te vergroten en dat het thema op de politieke agenda staat. De bevindingen uit de focusgroep signaleren echter dat de resultaten van deze inspanningen nog onvoldoende zichtbaar zijn in de belevingswereld van de jongeren. Dit laat een potentiële kloof zien tussen beleid en beleving die de effectiviteit op de inspanningen kan belemmeren. Levendige binnenstad en cultuur Jongeren waarderen het historische karakter van de binnenstad, maar missen tegelijkertijd een uitgaanscultuur waarin ze zich thuis voelen. Ze omschrijven het algemene aanbod als beperkt en hebben de perceptie dat potentieel leuke cafés vooral 35-plussers trekken. Ook voelen de jongeren zich slechts in beperkte mate aangetrokken tot Bibelot, de cultuur- en uitgaansplek op het Energieplein. Dit komt deels omdat de locatie in hun beleving niet bij de historische binnenstad hoort en lastig te bereiken is. Daarnaast hebben zij het gevoel dat het aanbod van Bibelot zich voornamelijk op een oudere doelgroep richt.

De behoeften van jongeren zijn divers en uiteenlopend, wat de ontwikkeling van passend beleid bemoeilijkt. Tot slot leggen de jongeren een verband tussen het feit dat Dordrecht geen studentenstad is en de minder levendige uitgaanscultuur in de stad.

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

6

De gemeente erkent de behoefte aan een levendigere binnenstad en onderneemt hiervoor actie. In de cultuurnota (2024) staat bijvoorbeeld dat het nachtleven in Dordrecht een zwakpunt is. De gemeente wil de levendigheid en het aanbod van uitgaansgelegenheden in de binnenstad actief stimuleren, wat blijkt uit de voorwaarden in de horecanota (2023), zoals de verruiming van openingstijden en meer en betere terrassen. Ook is het cultuurbeleid van de gemeente gericht op iedereen, inclusief jongeren. Er is specifieke aandacht voor het stimuleren van een aantrekkelijk aanbod. Terugkerende evenementen op de evenementenkalender, zoals Big Rivers en Lepeltje Lepeltje worden door jongeren gewaardeerd. Ook wordt in 2025 voor de tweede keer een studentenfestival georganiseerd rond de start van het schooljaar. Hiermee laat de gemeente zien dat op beleidsniveau expliciet aandacht bestaat voor de wens van jongeren voor een levendigere (binnen)stad. Al met al blijkt dat de gemeente tegemoetkomt aan de sterkst geuite behoefte van de jongeren in de focusgroepen: een levendigere uitgaanscultuur in de binnenstad. Dit wordt expliciet geadresseerd in de horecanota, waarin voorwaarden worden gecreëerd, en in het cultuurbeleid, waarin jongeren expliciet aandacht krijgen. Echter, de effectiviteit van dit beleid hangt af van de mate waarin het aansluit bij de leefwereld van jongeren zelf.

Onze bevindingen suggereren dat de match tussen beleidsmatige inspanningen en de daadwerkelijke behoeften nog verder kan worden versterkt. (Hoger) Onderwijs Jongeren zijn over het algemeen tevreden over het bestaande onderwijsaanbod, maar een opvallend punt is de beperkte bekendheid met de hbo-opleidingen. Het overgrote deel van de jongeren met wie is gesproken, volgt een opleiding op mbo-, hbo- of universitair niveau en zij waarderen het algemene onderwijslandschap in Dordrecht. Toch merken de jongeren op dat zij onvoldoende op de hoogte zijn van het bestaande hbo-aanbod. Ze hebben de perceptie dat het aanbod daardoor beperkt is, wat hen ertoe aanzet verder te kijken dan de stadsgrenzen. Dit wordt versterkt door de goede bereikbaarheid van studentensteden als Rotterdam, Breda en Tilburg. Ook de profilering van Dordrecht als maritieme techniekstad is onvoldoende bekend bij hen, waardoor het bijbehorende onderwijsaanbod niet in het vizier komt. Dit alles wordt versterkt door het ontbrekende imago van Dordrecht als traditionele studentenstad, wat de zoektocht naar hoger onderwijs buiten de stadsgrenzen logischer maakt. De gemeente Dordrecht onderneemt actie om het hbo-onderwijs te versterken. Sinds 2022 zijn er nieuwe (deeltijd) hbo-opleidingen gestart die een aanvulling vormen op de bestaande voltijdse pabo en het particuliere hbo.

Deze opleidingen zijn aangetrokken met als doel een doorlopende leerlijn te bieden, te voldoen aan de behoefte aan hoger opgeleide werknemers, en bij te dragen aan een gunstig vestigingsklimaat. De ondersteuning van projecten zoals Career Boost en het beleid om kamerverhuur te stimuleren sluiten direct aan bij deze onderwijsambities van zowel het college als de raad.

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

7

Geconcludeerd kan worden dat de gemeente Dordrecht zich inspant om het hbo-aanbod te versterken. Dit beleid dient niet alleen de wens om jongeren te behouden, maar ook het legitieme belang van een gunstig vestigingsklimaat. De resultaten van deze inspanningen zijn echter nog onvoldoende zichtbaar in de belevingswereld van de jongeren uit onze focusgroepen, die het aanbod als beperkt ervaren. Het gebrek aan kennis over de bestaande opleidingen is hierbij een belangrijke factor. Dit wijst op een mogelijke kloof tussen beleid en perceptie, die de effectiviteit van de inspanningen kan belemmeren. De centrale vraag: Aantrekkelijkheid van Dordrecht als woonstad voor jongeren De vraag of Dordrecht een aantrekkelijke woonstad is voor jongeren kan alleen in een bredere context worden beantwoord. Uit gesprekken met jongeren, wethouders, raadsleden en ambtenaren blijkt een hoge mate van betrokkenheid en denkkracht om dit vraagstuk aan te pakken. Dit stemt tot bescheidenheid, en het rapport biedt dan ook geen simpele checklist voor verbetering, maar plaatst de belevingswereld van jongeren in het realistische speelveld van de gemeente. De aanpak van dit vraagstuk is namelijk afhankelijk van de volgende cruciale factoren: Aantrekkelijkheid is een uitdaging die je niet met één oplossing aanpakt: Een stad aantrekkelijker maken om in te wonen is een integraal vraagstuk en domein overstijgend.

Bijvoorbeeld het bouwen van meer betaalbare woningen is niet de enige oplossing die een stad gelijk aantrekkelijker maakt. Zo blijken onder andere een levendige binnenstad en een aantrekkelijk onderwijsaanbod een cruciale rol te spelen. Daarnaast beïnvloeden deze verschillende domeinen elkaar wederzijds. De koers van de gemeente: Een gemeente kan niet zomaar radicaal van koers veranderen, zelfs al zou ze dat willen. Net als bij een olietanker kan de koers worden bijgestuurd, maar niet radicaal worden omgegooid zonder slagzij te maken. Dit komt door verschillende factoren: •

Lange termijn beleid: Gemeentelijk beleid en ambities van een nieuw college moeten zich verhouden tot langlopende agenda’s, ingezet door eerdere besturen.

•

Externe invloeden: De gemeente werkt niet in een vacuüm. De koers wordt mede bepaald door het beleid van andere overheden, zoals het Rijk en de Provincie. Denk hierbij aan wetgeving, maar ook aan regionale afspraken.

•

Onveranderlijke eigenschappen: De geografische ligging van Dordrecht, vlakbij studentensteden als Rotterdam, Breda en Tilburg, is een onveranderlijke factor die de dynamiek van een stad beïnvloedt. Dit is een gegeven waar het beleid zich toe moet verhouden.

•

Complexiteit en capaciteit: Daarnaast is de uitvoering van plannen complex en vraagt tijd. Denk bijvoorbeeld aan de bouw van nieuwe woningen (niet specifiek in Dordrecht, maar in het algemeen). Dit wordt bemoeilijkt door factoren als ambtelijke capaciteit, (lange) vergunningsprocedures en mogelijke bezwaarprocedures van burgers en andere (markt)partijen.

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

8

Het realistisch bewustzijn: Binnen dit veld opereert de gemeente Dordrecht. Wethouders en ambtenaren zijn zich ook bewust van dit realisme. De gesprekken met hen bevestigen dit. Het is het bewustzijn dat Dordrecht een kleine-grote stad is en dat ambities en ontwikkelkansen ook in dat licht moeten worden geformuleerd. Dit realisme lijkt breed gedeeld in Dordrecht. De onderstaande aanbevelingen zijn geformuleerd onder de aanname dat het Dordrecht menens is om de stad aantrekkelijker te maken voor jongeren om zich in te (blijven) vestigen. 1) Coördineer jongerenbeleid expliciet en integraal Hoewel er sectoraal en gebiedsgericht al aandacht is voor jongeren, is deze niet altijd expliciet gecoördineerd. Om meer impact te creëren, is een gecoördineerde aanpak nodig. Aanbeveling: Zorg voor een betere afstemming van de belangen van jongeren over verschillende beleidsterreinen heen. Betrek hierbij een jongerenraad1 als vast adviesorgaan en veranker de aandacht voor jongeren expliciet in gemeentelijke beleidsdocumenten. 2) Stem het woningaanbod af op de woonwensen van jonge inwoners Jongeren in de focusgroepen hebben aangegeven dat zij de woningmarkt als ontoegankelijk ervaren. Het vinden van een betaalbare huurwoning is volgens hen een kwestie van geluk en een koopwoning ligt voorlopig buiten bereik.

Hun woonwensen wijken af van het typische studentenkamermodel: zij zoeken vooral zelfstandige woonruimte met meer ruimte dan één kamer. Aanbeveling: Blijf inzetten op de toegankelijkheid van betaalbare woningen (koop en huur) en houd hierbij expliciet rekening met de woonwensen van jongeren. Benut de groeiambitie van Dordrecht, in het bijzonder bij projecten zoals de Spoorzone, om starters aan te trekken met een passend woningaanbod. 3) Overbrug de kloof tussen beleid en beleving met gerichte communicatie De jongeren uit onze focusgroepen hebben aangegeven dat zij een duidelijke profilering van het hboaanbod in Dordrecht missen. Dit verbeteren kan bijdragen aan binding met de stad. De gemeente doet al veel om het onderwijsaanbod en het culturele leven te versterken – het organiseren van het studentenfestival is een goede stap in die richting – maar dit is nog onvoldoende zichtbaar in de belevingswereld van jongeren.

1

De jongerenraad bestond niet tijdens de onderzoeksperiode, wel het jongerennetwerk van de WMO-adviesraad (waarmee we

goed samenwerkten).

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

9

Aanbeveling: Versterk de zichtbaarheid van het hbo-aanbod, de maritiem-technische profilering en culturele en recreatieve initiatieven. Zorg dat de gemeente proactief communiceert en de jongeren bereikt in hun eigen leefwereld, zodat jongeren op de hoogte zijn van het bestaande aanbod. 4) Blijf de nabijheid van andere steden als een strategisch voordeel benutten De geografische ligging van Dordrecht, vlak bij studentensteden als Rotterdam en Breda, is een gegeven waar het beleid zich toe moet verhouden. Dit kan gezien worden als een uitdaging, maar zeker ook als een kans. Aanbeveling: Benut de nabijheid van andere steden en positioneer Dordrecht als een aantrekkelijke woonstad voor degenen die elders studeren of werken, en speel hierop in bij de woningbouwontwikkeling binnen de Spoorzone.

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

10

Reactie college

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

11

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

12

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

13

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

14

Deel 2: Onderzoeksbevindingen (Nota van bevindingen)

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

15

Leeswijzer Deze Nota van Bevindingen onderzoekt de aantrekkelijkheid van Dordrecht als woonstad voor jongeren. In hoofdstuk 1 wordt de aanleiding, doelstelling en centrale onderzoeksvraag beschreven: ‘in hoeverre sluit het gemeentelijk beleid aan bij wat jongeren belangrijk vinden’. Hierbij staat de beleving van de jongeren met wie gesproken is centraal en dient als uitgangspunt voor de analyse. Hoofdstuk 2 definieert de begrippen ‘aantrekkelijkheid’ en ‘jongeren’ op basis van een beknopte literatuurverkenning. In hoofdstuk 3 staan de ervaringen van de jongeren centraal. Op basis van focusgroepen met jongeren zijn drie thema’s geïdentificeerd: wonen en huisvesting, levendige binnenstad en cultuur, en (hoger) onderwijs. Elk thema wordt besproken vanuit het perspectief van jongeren en vervolgens wordt het gemeentelijk beleid geanalyseerd op de aansluiting met hun ervaringen en leefwerelden. De slotbeschouwing in hoofdstuk 4 reflecteert op de complexiteit van het vraagstuk en verbindt de onderzoeksbevindingen met mogelijke beleidsimplicaties.

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

16

1. Inleiding 1.1 Aanleiding Nederland staat aan de vooravond van ingrijpende demografische veranderingen. De vergrijzing neemt toe, wat betekent dat het aandeel jongeren in de bevolking afneemt. Deze ontwikkeling heeft grote gevolgen voor de samenleving, onder meer op het gebied van woningbouw, arbeidsmarkt en de beschikbaarheid van essentiële voorzieningen, zoals zorg en onderwijs. Ook Dordrecht staat voor deze uitdagingen. De Staatscommissie Demografische Ontwikkeling 2050 (2024) benadrukt het belang van een gematigde bevolkingsgroei om de leefbaarheid en toegankelijkheid van voorzieningen in de toekomst te waarborgen. Tegen deze achtergrond groeit het besef dat een evenwichtige bevolkingssamenstelling belangrijk is voor de vitaliteit van een stad. Jongeren spelen hierin een sleutelrol. Zij brengen energie, innovatie en toekomstgerichtheid met zich mee, eigenschappen die bijdragen aan een levendige en aantrekkelijke stad. Voor Dordrecht betekent dit dat het aantrekken én behouden van jonge inwoners geen vanzelfsprekendheid

is,

maar

een

strategische

opgave

die

vraagt

om

doordacht

beleid

en

samenhangende maatregelen. De aantrekkelijkheid van Dordrecht als (woon)stad voor jongeren raakt meerdere beleidsterreinen: van betaalbare en passende huisvesting tot een bruisend cultureel aanbod, goede onderwijsvoorzieningen en kansen op de arbeidsmarkt. In het Politiek Akkoord 2022–2026 spreekt de gemeente nadrukkelijk de ambitie uit om jongeren aan de stad te binden. De Rekenkamer Dordrecht onderzoekt in dit rapport allereerst wat jongeren (18-27) belangrijk vinden om Dordrecht aantrekkelijk te laten zijn. Hun beleving staat centraal. Vervolgens wordt nagegaan in hoeverre er op de thema’s die zij belangrijk vinden, beleid is gericht op jongeren, en of deze inspanningen een samenhangend geheel vormen. Dit rapport biedt een kwalitatief inzicht in de belevingswereld van jongeren uit de focusgroepen en reikt op basis daarvan handvatten aan. Deze inzichten dienen als aanvulling op het bestaande beleid en reikt inzichten aan om de aansluiting met de behoeften van jongeren te verbeteren.

1.2 Doel- en vraagstelling Voor het bepalen van de doelstelling van het onderzoek moet worden gekeken naar de taak van de Rekenkamer. In algemene zin onderzoekt de Rekenkamer de doeltreffendheid, doelmatigheid en rechtmatigheid van het bestuur. Als het aantrekkelijker maken of houden van Dordrecht als woonstad een politieke keuze is, dan onderzoekt de Rekenkamer of de gemeente haar taken goed uitvoert om

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

17

deze ambitie te realiseren, en of het gevoerde beleid op een doeltreffende en samenhangende wijze bijdraagt aan het bereiken van dit doel. Het doel van het onderzoek is tweeledig: 1. Onderzoeken hoe jongeren de aantrekkelijkheid van Dordrecht ervaren, en in hoeverre dit aansluit bij de ambitie en inspanning die de gemeente levert. 2. Onderzoeken wat de gemeente doet om de aantrekkelijkheid van Dordrecht als woonstad voor jongeren te vergroten en/of te behouden. Het perspectief van jongeren als uitgangspunt De volgorde van de doelstellingen van dit onderzoek is van belang. De analyse van het gemeentelijk beleid is gestuurd door wat jongeren zelf belangrijk vinden. Het onderzoekteam heeft dus niet breed naar alle mogelijke beleidsdocumenten gekeken, maar alleen naar het beleid dat aansluit bij de thema’s die door de jongeren in de focusgroepen zijn aangedragen. Concreet betekent dit dat, hoewel de Biesbosch een aantrekkelijk kenmerk van Dordrecht kan zijn, er in dit onderzoek geen verdere analyse is gedaan van het natuur- en groenbeleid. Dit is omdat de jongeren in de focusgroepen deze thematiek niet als een van de belangrijkste onderwerpen hebben benoemd. Zo is de input van de jongeren leidend en het uitgangspunt van de analyse. Deze aanpak zorgt ervoor dat de bevindingen niet zijn gebaseerd op aannames, maar op de concrete behoefte die de jongeren zelf hebben gesignaleerd.

Onderzoeksvragen De twee hierboven genoemde doelstellingen leiden tot een aantal onderzoeksvragen. In onderzoeksvraag 1 wordt ingegaan op de vraag hoe jongeren de ‘woonstad Dordrecht’ ervaren. Wat is er aantrekkelijk aan en wat minder? Het antwoord op deze vraag vormt het uitgangspunt van de analyse. In vragen 2 en 3 worden de politieke ambitie en de uitwerking daarvan in beleid, alsmede de politieke sturing en controle, in kaart gebracht. 1. Hoe ervaren jongeren Dordrecht als (mogelijke) woonstad? a. Welke domeinen zijn volgens jongeren belangrijk in de bepaling van hun toekomstige stappen/keuzes op het gebied van onderwijs, werk, wonen en woningaanbod, uitgaan en recreëren, toegespitst op de aantrekkelijkheid van Dordrecht? b. In hoeverre sluiten de afwegingen die jongeren maken aan bij de ambitie en uitwerking van de gemeente om Dordrecht aantrekkelijk voor jongeren te laten zijn?

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

18

2. Wat is de ambitie van Dordrecht op de aantrekkelijkheid van de stad voor jongeren? a. Bij welke focuspunten uit het politiek akkoord 2022-2026 “Samen bouwen aan een sterk en groen Dordrecht”, wordt expliciet jongeren genoemd, en welke aangrijpingspunten biedt het om de aantrekkelijkheid van Dordrecht voor jongeren uit te werken. b. In welke andere visiedocumenten en beleidsnota’s blijkt deze ambitie(s) en in welke termen wordt deze verwoord, zowel integraal als op afzonderlijke domeinen? 3. Hoe komt het thema ‘aantrekkelijke woonstad jongeren’ tot uitdrukking in het college van B&W en gemeenteraad? a. Hoe geeft de gemeenteraad invulling aan haar rol als volksvertegenwoordiger, het stellen van kaders en controleur van de uitvoering met betrekking tot Dordrecht als aantrekkelijke woonstad voor jongeren? b. Hoe vult het college van B&W haar rol in met beleidsvoorstellen en uitvoering van beleid met betrekking tot Dordrecht als aantrekkelijke woonstad voor jongeren? c. Hoe kan het samenspel worden gewaardeerd in termen van doeltreffendheid, doelmatigheid en rechtmatigheid?

1.3 Methode Werkwijze De gebruikelijke werkwijze om gemeentelijke ambities te toetsen aan de praktijk is een topdownbenadering (van beleid naar praktijk). Op verzoek van de Rekenkamer Dordrecht is deze werkwijze omgedraaid. Het onderzoek hanteert een bottom-up benadering, waarbij de belevingswereld van jongeren het uitgangspunt vormt. Dit betekent dat het onderzoeksteam eerst heeft geluisterd naar wat voor jongeren van belang is voor een aantrekkelijke woonstad, waarna geanalyseerd is in hoeverre de gemeente zich hierop richt. Kwalitatieve onderzoeksmethoden Dit onderzoek maakt gebruik van kwalitatieve methoden. Deze aanpak is gekozen omdat het doel is om een diepgaand inzicht te krijgen in de belevingswereld van jongeren, in plaats van een statistisch representatief beeld te schetsen. De methoden die zijn gebruikt, zijn geselecteerd om diverse perspectieven te verzamelen en de bevindingen vanuit verschillende invalshoeken te valideren. Focusgroep met jongeren Het onderzoeksteam organiseerde twee focusgroepen met jongeren tussen de 18 en 27 jaar. De gesprekken waren erop gericht om de belangrijkste thema’s en behoeftes in hun beleving te identificeren. De gespreken waren open, om te voorkomen dat jongeren gestuurd werden in hun antwoorden. Deze

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

19

aanpak leidde tot de identificatie van drie thema’s die bepalend zijn voor de aantrekkelijkheid van Dordrecht en de basis vormen voor dit rapport: 1. Wonen en huisvesting 2. Levendige binnenstad en cultuur 3. (Hoger) onderwijs Dit onderzoek hanteert een kwalitatieve aanpak. Het doel is niet om een statistisch representatieve steekproef te trekken, maar om diverse perspectieven te verzamelen en een kijkje te krijgen in de leefwereld van jongeren. Jongeren tussen de 18 en 27 jaar vormen geen homogene groep. Het zijn jongvolwassenen met uiteenlopende culturele achtergronden, opleidingsniveaus en sociaaleconomische omstandigheden, die allemaal een belangrijke levensfase doormaken. Het perspectief van jongeren is niet iets wat kant-en-klaar ligt te wachten om gevonden te worden, maar ontstaat in de interactie tussen de deelnemers en de onderzoekers. In totaal namen 11 jongeren deel aan twee focusgroepen. De werving verliep via diverse netwerken, waaronder het jongerenwerk, het mbo-onderwijs, de gemeenteraad, de WMO-jongerenraad en het Energiehuis. Dit zorgde voor een vrede instroom en voldoende diversiteit, wat de validiteit van de kwalitatieve bevindingen ten goede komt. De deelnemers waren divers in achtergrond en woonsituatie: •

Geslacht: Zeven vrouwen, vier mannen

•

Leeftijd: Tussen de 18 en 28 jaar (gemiddeld 21,8)

•

Woonplaats: Zes wonen in Dordrecht, vijf in omliggende gemeenten, zoals Zwijndrecht, Hendrik-Ido-Ambacht en ’s-Gravendeel

•

Woonsituatie: Negen wonen bij hun ouders/verzorgers, twee wonen zelfstandig in een appartement

•

Opleidingsniveau: De groep bestond uit een mix van mbo-, hbo-, en wo-studenten en werkenden. Enkele deelnemers zijn ook actief in de leerlingenraad, de politiek of het jongerennetwerk van de adviesraad.

Kanttekening focusgroep met jongeren De bevindingen uit de focusgroep zijn niet generaliseerbaar naar de totale populatie jongeren in Dordrecht. Dit onderzoek heeft geen aselecte steekproef gebruikt. De validiteit van de uitspraken komt niet voort uit statistische representativiteit, maar uit diepte en diversiteit. De input van de jongeren biedt een diepgaand inzicht in de belevingswereld van de besproken jongeren en vormt de basis van de analyse.

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

20

Interviews met wethouders en raadsleden Het onderzoeksteam voerde interviews uit met vier wethouders en twee raadsleden. De gesprekken waren gericht op het verkennen van hun beleidsintenties en visie op aantrekkelijkheid van Dordrecht voor jongeren. Gesproken is met vier wethouders. Geen van hen heeft het thema ‘aantrekkelijke (woon)stad voor jongeren’ in de portefeuille, maar allen zijn via andere thema’s betrokken bij het onderwerp. •

Wim van der Kruijff (o.a. Volkshuisvesting en onderwijshuisvesting)

•

Maarten Burggraaf (o.a. Levendige Binnenstad)

•

Chris van Benschop (o.a. Hoger onderwijs en arbeidsmarkt en economie)

•

Rik van der Linden (o.a. Cultuur, Mobiliteit en bereikbaarheid)

Alle wethouders zijn zich bewust van de verwevenheid van het onderwerp in verschillende beleidsdomeinen, en zijn zich ook bewust van het belang om voor jonge mensen een aantrekkelijke stad te zijn om zich te vestigen. Ook zijn er twee raadsleden geïnterviewd: een commissielid (VVD) en een raadslid (GroenLinks) Focusgroep professionals Er is een focusgroep georganiseerd met professionals die met en voor jongeren werken. De gesprekken waren gericht op het verkennen van de onderzoeksvraag (wat maakt een stad als Dordrecht aantrekkelijk voor jongeren?) vanuit het perspectief van de professionals. Opvallende onderwerpen waren de rol van lockdowns en sociale media, die nauwelijks aan de orde kwamen in focusgroepen met jongeren. De focusgroep met professionals diende als aanvulling op de gesprekken met jongeren. Dit gaf de mogelijkheid om de bevindingen vanuit een ander perspectief te valideren en om aanvullende inzichten te verzamelen. Er is gesproken met drie professionals, die via de ambtelijke contactpersoon en diens netwerk zijn benaderd. Het ging om: •

Een professional uit het onderwijs (hbo, directie)

•

Een professional uit de culturele sector (programmeur Energiehuis)

•

Een jongerenwerker van R-Newt

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

21

Focusgroep ambtenaren In de analysefase van het onderzoek heeft het onderzoeksteam een focusgroepbijeenkomst gehouden met zes ambtenaren. In deze sessie zijn voorlopige resultaten gepresenteerd en is feedback verzameld. Daarnaast werd er gezamenlijk gereflecteerd op het centrale vraagstuk van het onderzoek: ‘Dordrecht als aantrekkelijke (woon)stad voor jongeren’. Deze focusgroep diende als validatiemoment voor de voorlopige bevindingen. De bijeenkomst bood de mogelijkheid om de inzichten vanuit de jongeren te bespreken met de ambtenaren die betrokken zijn bij het beleid. Dit hielp om de bevindingen te plaatsen binnen de complexiteit van de beleidsuitvoering. Er is gesproken met zes ambtenaren die afkomstig waren van de domeinen wonen, onderwijs, cultuur en (levendige) binnenstad. Belangrijke aspecten die naar voren kwamen, waren de integraliteit van het vraagstuk en de gemeentelijke ambitie rondom de aantrekkelijkheid van de stad voor jongeren. Documentenanalyse De documentenanalyse is uitgevoerd om inzicht te krijgen in de wijze waarop het gemeentelijk beleid aansluit op de bevindingen uit de focusgroepen. De werkwijze bestond uit de volgende stappen: Het onderzoeksteam verzamelde relevante documenten door gemeentelijke websites te scannen. Deze oogst bis vervolgens voorgelegd aan betrokken ambtenaren, die de selectie bevestigden en aanvullende documenten aanreikten.

De verzameling is gecompleteerd door zoekopdrachten via internet en informatie uit interviews met portefeuillehouders. De verzamelde documenten zijn gecategoriseerd op basis van de volgende kenmerken: •

Type: Onderzoek/advies, beleid, uitvoering, verslag of raadstuk

•

Doelgroep: Jongeren of algemeen

•

Relevantie: Geschikt voor analyse of als achtergrondinformatie

Tijdens de analyse zijn er twee belangrijke uitdagingen geconstateerd. Ten eerste is het beleid rondom de aantrekkelijkheid van Dordrecht voor jongeren niet apart geformuleerd. . Het onderwerp is geïntegreerd in verschillende beleidsdomeinen en is niet herkenbaar als een lineair proces van ambitie, beleid en uitvoering. Een tweede factor die in het onderzoek naar voren komt, is dat het Politiek Akkoord 2022-2026 niet in een vacuüm ontstaat. Voorgaande colleges hebben langjarige plannen en visies opgesteld, waartoe een nieuw college zich dient te verhouden. Dit zorgt voor bestuurlijke continuïteit, wat de gemeente tot een voorspelbare en betrouwbare partner maakt voor burgers en andere partijen. Normenkader Voor de analyse is een normenkader opgesteld. Dit kader is een hulpmiddel om te toetsen in hoeverre de gemeentelijke ambities, beleid en plannen aansluiten bij wat jongeren belangrijk vinden. De normen

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

22

zijn afgeleid van de gesprekken in de focusgroepen met jongeren en zijn gekoppeld aan de drie geselecteerde thema's. De formulering van de normen zijn soms letterlijk zo benoemd door de jongeren. In andere gevallen zijn opmerkingen, observaties of meningen over een thema vertaald naar een norm. Deze normen zijn vervolgens gebruikt om in gemeentelijke documenten en gespreksverslagen met portefeuillehouders na te gaan in hoeverre er sprake is van gemeentelijke aandacht voor deze onderwerpen. De analyse is gebaseerd op twee vragen: 1. Wordt er specifiek aandacht besteed aan jongeren? 2. Zo ja, hoe concreet en uitvoerbaar zijn de ambities en plannen? De onderstaande tabel (Tabel 1) geeft een overzicht van de gebruikte normen per thema. Tabel 1 Normenkader Norm Wonen/ huisvesting

Wordt er aandacht besteed aan jongeren? Als er aandacht wordt besteed jongeren, zijn doelen en afspraken concreet? Het beleid vergroot de kans van jongeren op zelfstandig wonen

Levendige binnenstad

Wordt er aandacht besteed aan jongeren (en zo ja hoe)? Er wordt voorzien in specifiek aanbod voor jongeren onder de 30 jaar? Als er aandacht wordt besteed jongeren, zijn doelen en afspraken concreet? Het aanbod leidt tot een gevarieerd en bruisend uitgaansleven dat jongeren aanspreekt.

Onderwijs

Dordrecht heeft de mogelijkheid om door te studeren op hbo-niveau. Het aanbod is voldoende divers en aantrekkelijk om jongeren in Dordrecht (of Drechtsteden) te houden. Het

hoger

onderwijsaanbod

draagt

bij

aan

een

florerend

uitgaansleven

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

23

Aan het einde van de bespreking van elk thema wordt een conclusie getrokken. Hiervoor wordt een stoplichtmodel gebruikt (zie Tabel 2). De beoordeling is een kwalitatieve inschatting met ruimte voor interpretatie. Tabel 2 Uitleg stoplichtmodel voor beoordeling normenkader Norm

Betekenis

Oordeel

Groen = Voldoet aan de normen. Alles in orde. Oranje = Voldoende, maar er is ruimte voor verbetering. Rood = Voldoet niet. Actie is vereist.

2. Begripsafbakening 2.1 Aantrekkelijkheid van een stad Er is meer nodig dan alleen een dak boven het hoofd om ergens aantrekkelijk te wonen. De aantrekkelijkheid van een woonstad wordt bepaald door een samenspel van fysieke, sociale en ervaringsgerichte factoren. Hoewel de beschikbaarheid van huisvesting essentieel is – iets wat in de huidige woningcrisis maar al te duidelijk wordt – gaat het ook om de kwaliteit van de leefomgeving, de aanwezigheid van voorzieningen en het gevoel van veiligheid en gemeenschap. De ervaring van een (woon)stad is complex. Omdat het beeld van een stad constant onderhevig is aan allerlei invloeden, bestaat er niet zoiets als hét beeld van een stad. Wel is het zo dat groepen tot ongeveer hetzelfde collectieve beeld van een stad komen. Dat beeld verschilt aan de hand van het gebruik van de stad. Een historisch centrum, zoals in Dordrecht, is beeldbepalend, zeker als dat wordt ingezet in citymarketing. Maar de leeftijd of leefstijl, en of de stad van binnenuit of van buitenaf wordt ervaren, zijn van invloed (Hospers, 2009). Een aantrekkelijke woonstad biedt niet alleen huisvesting, maar creëert een omgeving waarin bewoners zich thuis voelen, sociale verbindingen kunnen aangaan en zichzelf kunnen ontwikkelen. Daarnaast spelen beleving en identiteit een belangrijke rol.

Een stad moet aansluiten bij de levensstijl en ambities van haar bewoners om echt aantrekkelijk te zijn. In dit onderzoek wordt specifiek ingezoomd op jongeren in Dordrecht. Hun percepties, ervaringen en overtuigingen over de stad worden onderzocht: hoe ervaren zij Dordrecht als woonstad? Vinden zij Dordrecht een aantrekkelijke stad waar zij zich ook in de toekomst willen vestigen? Welke factoren beïnvloeden hun beeld van Dordrecht als aantrekkelijke woonplek?

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

24

Wat weten we vanuit de literatuur over het begrip ‘aantrekkelijkheid’? Hoewel aantrekkelijkheid een subjectief begrip is, zijn er vanuit de literatuur verschillende manieren om de aantrekkelijkheid van een woonstad te conceptualiseren. De onderbouwing vanuit de literatuur is gebruikt als input voor de focusgroepen met jongeren en vertegenwoordigers van organisaties die zich richten op jongeren (focusgroep professionals). Kwantitatieve analyses Atlas Research en Elsevier Weekblad publiceren jaarlijks een ranglijst van de aantrekkelijkste gemeenten op basis van kwantitatieve analyses. Hoewel in dit onderzoek een meer ervaringsgerichte methode wordt toegepast, worden deze twee benaderingen besproken om vanuit de literatuur een onderbouwing te geven voor het begrip aantrekkelijkheid. Atlas Research Atlas voor Gemeenten meet jaarlijks hoe aantrekkelijk gemeenten zijn om in te wonen. Hiervoor worden diverse kenmerken gebruikt, uitgesplitst in deelcategorieën. Het betreft een statistische analyse op basis van openbare bronnen. In de rangschikking weegt het kenmerk bereikbaarheid zwaarder dan bijvoorbeeld aanwezigheid van universitaire opleidingen. Tot en met 2023 werd een rangschikking van de 50 grootste gemeenten opgesteld; Dordrecht stond daarin op plek 17.

Tegenwoordig worden alle 342 gemeenten meegenomen en staat Dordrecht op plaats 82 (Atlas voor gemeenten, 2023, Atlas Research 2024). Kenmerken: Bereikbaarheid van een plek (meest zwaarwegend criterium). •

•

•

Voorzieningenniveau, inclusief: 

Podiumkunsten

Culinair aanbod

Horeca

Nachtcultuur

Niet-dagelijkse winkels

Veiligheid, gebaseerd op: 

Aantal vernielingen

Geweldsmisdrijven

Overlastmeldingen

Subjectief ervaren (on)veiligheid

Historisch karakter, bepaald door: 

Aantal rijksmonumenten

Aandeel vooroorlogse woningen

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

25

•

Woonomgeving, beoordeeld op:

•

Aandeel woningen met bouwjaar vanaf 2000

Aandeel koopwoningen in de woningvoorraad

Mate van functiemenging in woonwijken

Groen en blauw, bestaande uit:

•

Bereikbare natuur in de omgeving

Aandeel Natura 2000-gebied in de bereikbare natuur

Aandeel groen en blauw in de wijk

Bereikbaarheid van en variatie in universitaire opleidingen

EW EW (voorheen Elsevier Weekblad) organiseert jaarlijks de verkiezing 'Beste Gemeenten' 2, waarbij Nederlandse gemeenten worden beoordeeld op diverse categorieën. Deze categorieën zijn ontworpen om een uitgebreid beeld te geven van de prestaties en leefbaarheid van gemeenten. De belangrijkste categorieën zijn: •

Wonen: beoordeelt de kwaliteit en betaalbaarheid van huisvesting.

•

Werken: evalueert de werkgelegenheid en economische vitaliteit.

•

Veiligheid: meet de criminaliteitscijfers en het veiligheidsgevoel van inwoners.

•

Bereikbaarheid: bekijkt de infrastructuur en toegankelijkheid van de gemeente.

•

Cultuur en vrije tijd: analyseert het aanbod aan culturele en recreatieve voorzieningen.

•

Onderwijs en zorg: beoordeelt de kwaliteit van onderwijsinstellingen en zorgfaciliteiten.

De rangschikkingen van Atlas Research en Elsevier Weekblad zijn gebaseerd op meetbare, ‘objectieve’ factoren. Ze bieden een eerste input voor de conceptualisering van het begrip aantrekkelijkheid. Ervaringsgerichte benadering Een meer ervaringsgerichte benadering van het begrip aantrekkelijkheid komt uit het onderzoek van Wouters (2010). Wouters onderzocht welke factoren van belang zijn voor hoogopgeleide jongeren 3 bij het bepalen van hun woonbeleving, zie Figuur 1. De bevindingen overlappen deels met de lijstjes op basis van openbare bronnen, maar onderscheiden zich door het sociale aspect – zoals de nabijheid van vrienden, familie en leeftijds- en leefstijlgenoten.

2 3

De rankschikking van EW zit achter een betaalmuur. We weten daarom niet op welke plaats Dordrecht staat 18 tot 26-jarige jongeren die een HBO- of WO-opleiding volgen of hebben gevolgd

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

26

Figuur 1: Belang van factoren van beleefde woonaantrekkelijkheid Noot: Data afkomstig van (Wouters, 2010; Wouters 2011). Conclusie In Nederland brengen verschillende onderzoeken en monitors de aantrekkelijkheid van steden in kaart. Hierbij

worden

bestaande statistische gegevens gebruikt, die

niet

specifiek gericht

zijn

op

aantrekkelijkheid voor jongeren. Er wordt aangenomen dat deze algemene kenmerken (ten minste deels) ook opgaan voor jongeren in Dordrecht. Een aspect dat wel is meegenomen in een belevingsonderzoek naar hoger opgeleide jongeren, en niet in de algemene rankings, is: nabijheid van familie, vrienden en leeftijds- en leefstijlgenoten. 2.2 Jongeren Jongeren in beeld In dit onderzoek wordt ingezoomd op jongeren, specifiek jongvolwassenen tussen de 18 en 27 jaar (geen harde

bovengrens).

Deze

leeftijdsgrens

is

niet

willekeurig

gekozen:

zij

sluit

aan

bij

de

verantwoordelijkheden die gemeenten hebben richting deze groep. Denk aan jeugdhulp (tot 18 jaar, en in sommige gevallen verlengd tot 23 jaar) en wettelijke taken vanuit onder andere de Participatiewet en de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, die jongeren tot 27 jaar betreffen (Nederlands Jeugdinstituut, z.d.-a).

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

27

Twee belangrijke beslismomenten De woonvoorkeuren van jongeren worden sterk beïnvloed door de levensfase waarin zij zich bevinden en de keuzes die zij daarin maken. Op weg naar volwassenheid komen zij op verschillende momenten voor belangrijke beslissingen te staan die ook gevolgen hebben voor waar en hoe zij willen wonen. Daarbij vallen grofweg twee beslismomenten te onderscheiden waarop jongeren bewust (of soms onbewust) een keuze maken voor een bepaalde woonomgeving: •

Na de middelbare school (leeftijd 16-20 jaar): op dit moment kiezen jongeren een vervolgopleiding, die soms in een andere stad of regio te vinden is. Zeker wanneer jongeren studeren aan een hbo of universiteit, verlaten zij vaker het ouderlijk huis. Deze stap markeert voor velen het eerste moment van zelfstandigheid.

•

Na hun vervolgopleiding of studie (leeftijd 19-+/-27 jaar): na hun studie zoeken jongeren een meer stabiele woonsituatie, vaak in combinatie met de start van hun loopbaan of een serieuze relatie. De keuze voor werk, woonruimte en partner vallen hier vaak samen en bepalen in belangrijke mate waar zij zich (tijdelijk of langdurig) willen vestigen.

Uit het Woononderzoek (Ministerie van VRO, 2025) blijkt dat zelfstandig wonen, samenwonen of studeren en werken belangrijke verhuisredenen zijn. Deze beslismomenten vormen dan ook belangrijke aangrijpingspunten voor gemeenten die zich willen richten op het aantrekken of behouden van jongeren. Generatie Z De overgang van jeugd naar volwassenheid is een intensieve en vormende periode. Het Nederlands Jeugdinstituut beschrijft deze levensfase, grofweg tussen het 16e en 28e levensjaar, als een tijd waarin jongeren niet alleen fysiek en cognitief ontwikkelen, maar ook op sociaal en emotioneel vlak grote stappen zetten. Zij nemen steeds meer afstand van hun ouders, zoeken autonomie en spiegelen zich in toenemende mate aan leeftijdsgenoten. Die zoektocht gaat gepaard met vragen over identiteit: “Wie ben ik, waar sta ik voor, en in wat voor omgeving kom ik tot mijn recht?” Jongeren willen zich gehoord en begrepen voelen, ruimte krijgen om zichzelf te ontwikkelen, en een omgeving hebben waarin zij zich veilig, vrij, erkend en begrepen voelen (Nederlands Jeugdinstituut, z.d.-b). De generatie die deze levensfase nu doorloopt, Generatie Z (geboren tussen 1997 en 2012), groeit op in een tijd die op een aantal punten verschilt van die van eerdere generaties (Verbiest & Jansen, 2021). Digital natives Generatie Z is van jongs af aan vertrouwd met digitale technologie.

Smartphones, sociale media en constante informatiestromen zijn vanzelfsprekend. Dat biedt kansen, zoals toegang tot kennis en creatieve platforms, maar ook risico’s zoals stress door prikkels en sociale druk. Hun digitale vaardigheden zijn belangrijk in de huidige samenleving (Van Dorsselaer et al., 2021; Kemp, 2022). Deze

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

28

sluiten aan bij 21st century skills: kritisch denken, samenwerken, communiceren en omgaan met verandering (Trilling & Fadel, 2009). Onderwijs en uitgestelde zelfstandigheid In de kennissamenleving staat onderwijs centraal. In 2023 had 56% van de 29-jarigen een hbo- of wodiploma, tegenover 43% tien jaar eerder. Deze toename weerspiegelt niet alleen de hogere verwachtingen van de arbeidsmarkt, maar ook de nadruk op persoonlijke ontwikkeling. Het leidt ertoe dat jongeren later economisch zelfstandig worden, wat doorwerkt in werk, wonen en gezinsvorming (CBS, 2024; NJI, 2023). De krapte op de woningmarkt versterkt dit effect. Opgroeien in crisistijd Generatie Z vormt zich te midden van opeenvolgende maatschappelijke crises. Na de financiële crisis (2008) volgden de coronapandemie (2020–2022), de klimaatcrisis (voortdurend) en een ongekende druk op de woningmarkt. Dat vormt hun wereldbeeld. Veel jongeren ervaren onzekerheid over hun toekomst en hun vertrouwen in instituties is dan ook lager dan dat van eerdere generaties. Tegelijkertijd laten zij zich niet zomaar uit het veld slaan: zij zijn betrokken, kritisch en zoeken actief naar manieren om bij te dragen aan verandering (SCP, 2022). De ‘softe’ generatie? In maatschappelijke discussies rijst soms het beeld op van een “softe” generatie: jongeren die minder weerbaar zouden zijn en sneller uitvallen.

Cijfers laten inderdaad zien dat mentale klachten onder jongeren toenemen, van sombere gevoelens tot prestatiedruk. Toch is het te kort door de bocht om dat te wijten aan kwetsbaarheid. Jongeren durven vandaag de dag vaker hulp te zoeken en praten opener over psychische gezondheid dan generaties vóór hen. Tegelijkertijd staan zij onder hoge druk: het moeten presteren op school of werk, het ontbreken van betaalbare woningen en zorgen over het klimaat leggen een zware last op hun schouders (Stevens et al., 2020; RIVM, 2023). Deze opeenstapeling van maatschappelijke uitdagingen, zoals de woningnood, raakt jongeren niet alleen praktisch, maar ook emotioneel. Uit onderzoek van ING (2024) blijkt dat veel starters belangrijke levensgebeurtenissen, zoals samenwonen, trouwen of het stichten van een gezin, noodgedwongen uitstellen. Dit uitstel voelt voor velen als iets wat buiten hun invloed ligt, wat leidt tot gevoelens van machteloosheid en frustratie. Vooral het gebrek aan betaalbare, passende woonruimte vormt een hardnekkige belemmering. Omdat jongeren vaak pas aan kinderen willen denken in een stabiele woonsituatie, schuiven meerdere levensfases op (ING, 2024).

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

29

Zingeving en authenticiteit Wat misschien wel het meest opvalt aan deze generatie is de behoefte aan zingeving. Jongeren zoeken werk, relaties en levenskeuzes die bij henzelf passen. Zij willen iets doen dat betekenis heeft en strookt met hun waarden. Traditionele structuren zoals kerkgemeenschappen, vaste carrières en de welbekende “9 tot 5 baan” bieden voor velen onvoldoende richting. In plaats daarvan zoeken zij hun eigen pad, met aandacht voor duurzaamheid, mentale gezondheid, maatschappelijke diversiteit en inclusie (Verbiest & Jansen, 2021). In deze context bieden ook conservatieve stromingen een vorm van duidelijkheid en structuur. Zij schetsen vaste rollen en waarden, die voor sommigen aantrekkelijk zijn in een tijd waarin zekerheden – economisch, cultureel en op het gebied van genderrollen – afnemen. Uitgaan Volgens

het

Grote

Uitgaansonderzoek

(Beek

et

al.,

2023)

zijn

in

de

afgelopen

jaren

de

uitgaansvoorkeuren van jongeren veranderd. In het begin van deze eeuw waren het café en de club nog de belangrijkste plekken waar jonge mensen wekelijks kwamen. In het huidige decennium is de frequentie afgenomen. Kosten spelen een rol, maar ook andere activiteiten, zoals gamen, streamen en sociale media. Deze ontwikkeling is deels te verklaren door de nawerking van de coronapandemie. Het Grote Uitgaansonderzoek noemt ook dat alcohol minder populair is dan vroeger, dat het publiek diverser is geworden (gender, seksuele oriëntatie en culturele achtergrond), en dat ook de locaties om uit te gaan meer divers zijn geworden: festivals, eenmalige evenementen, thuisfeesten en “dagfeesten”. Clubs, discotheken en cafés zijn minder dominant dan vroeger. Thuisfeesten worden bijvoorbeeld als veilig, minder duur en persoonlijker ervaren (Willems & Huijnk, 2025).

3. Het perspectief van jongeren en de reflectie in beleid In dit analysehoofdstuk worden de door jongeren in de focusgroepen geprioriteerde thema’s als uitgangspunt genomen voor de analyse. Vervolgens wordt bekeken wat de ambities van de gemeente zijn en welk beleid zij op deze thema’s voor jongeren heeft geformuleerd. Beleving van Dordrecht door jongeren De jongeren in de focusgroepen is op verschillende manieren gevraagd naar hun ervaring met Dordrecht als (woon)stad. Eerst is op een open manier geïnventariseerd welke positieve en negatieve punten zij benoemen over Dordrecht, waarna zij een rangorde hebben aangebracht. Deze twee stappen bepaalden de thema’s die in de resterende tijd met de jongeren zijn besproken.

Als startpunt is de jongeren gevraagd om een aantal (geen minimum of maximum) zaken op te schrijven die zij waarderen en minder waarderen aan Dordrecht. Deze input, weergegeven in Tabel 3 en vormde de basis voor het verdere groepsgesprek.

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

30

Tabel 3 Plus- en minpunten volgens jongeren in de focusgroepen* Pluspunten

Minpunten

Voorzieningen & Bereikbaarheid

Wonen

•

•

•

Bereikbaarheid (t.o.v. andere steden): genoemd Voorzieningenaanbod (winkels, horeca)

•

Onvoldoende woonruimte voor jongeren (prijs/beschikbaarheid) Eenzijdige woonruimte voor jongeren (bv. inzetten op studio's)

Cultuur en geschiedenis

Voorzieningen en vrije tijd

• • •

• • •

Rijke culturele geschiedenis (Muziek)evenementen en festivals Multicultureel karakter van de stad

Architectuur en stadsbeeld •

Binnenstad (sfeer, ‘oude gebouwen’ en historische havens)

Weinig horeca- en uitgaansgelegenheden Weinig evenementen voor jongeren Beperkt winkelaanbod (mode) in vergelijking met grote steden

Bereikbaarheid en mobiliteit: • •

Parkeren (aanbod en kosten) Matige OV binnen Dordrecht

Onderwijs en jongeren specifieke faciliteiten Natuur •

• •

Weinig hbo-opleidingen Geen jongerencentrum

Nabijheid van natuurgebieden Veiligheid en leefomgeving:

Leefbaarheid •

Rust in veel wijken

• • • •

Veiligheid/criminaliteit Weinig groen in de stad Vergrijzing Te druk

*9 jongeren deden aan dit onderdeel mee, in verband met verlate binnenkomst van twee deelnemers.

Rangschikking Vervolgens is aan de jongeren individueel gevraagd welke voorwaarden en thema’s zij belangrijk vinden om prettig in een stad te kunnen wonen. De opdracht was om vijf thema’s te noteren, in volgorde van belangrijkheid. Daarna gaven de jongeren per gekozen thema aan hoe zij vinden dat Dordrecht hierop scoort, met de kwalificaties onvoldoende, voldoende of goed. Tot slot lichtten zij hun beoordeling kort toe. De drie thema’s die het vaakst werden genoemd, zijn vervolgens gezamenlijk besproken in de groep. In beide focusgroepen kwamen de volgende thema’s aan bod: 1. Wonen en huisvesting 2. Levendige binnenstad en cultuur 3. (Hoger) Onderwijs

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

31

Bereikbaarheid en veiligheid waren twee thema’s die regelmatig aan de orde kwamen in relatie tot de drie bovengenoemde onderwerpen, maar groeiden in de gesprekken niet uit tot volwaardige thema’s. In het vervolg van dit hoofdstuk worden in paragrafen 3.1 tot en met 3.3 de drie door jongeren ingebrachte thema’s als uitgangspunt genomen. Telkens wordt eerst beschreven wat hierover in de focusgroepen is opgehaald, gevolgd door een beschrijving van de gemeentelijke ambities en inspanningen, zoals deze tot uitdrukking komen in beleid, uitvoering of relevante documenten. De thema’s die achtereenvolgens worden behandeld zijn: wonen/huisvesting, levendige binnenstad en (hoger) onderwijs. 3.1 Thema 1: Wonen en huisvesting Het beeld dat jongeren Dordrecht verlaten, is niet helemaal eenduidig en ook niet constant. Het laatste Verhuisonderzoek dat is uitgevoerd door Onderzoekscentrum Drechtsteden (OCD) dateert van 2019 4. Dit op gemeentestatistieken gebaseerde onderzoek onderscheidt jongeren in twee leeftijdsgroepen: •

Jongeren van 18-23 jaar, die voor het eerst zelfstandig gaan wonen vanwege studie, uit huis gaan of werk;

•

Starters op de woningmarkt, Drechtstedelingen van 24–29 jaar die alleen of samen een huis huren of kopen.

De cijfers die OCD in het Verhuisonderzoek presenteert, betreffen niet exclusief Dordrecht maar alle Drechtsteden. Op onderdelen wordt wel apart over Dordrecht gerapporteerd. Het meest relevante cijfer over jongeren en starters betreft verhuizingen van en naar Dordrecht (zie Tabel 4). Tabel 4 Verhuisde jongeren en starters Dordrecht, 2019* Vestiging

Vertrek

Saldo

Binnenverhuizingen

Jongeren (18 t/m 23 jaar)

935

799

136

812

Starters (24 t/m 29 jaar)

1316

1063

253

1100

Bron: Verhuisonderzoek 2019, OCD

Tabel 4 laat zien dat in 2019 jongeren en starters bijdragen aan het positieve migratiesaldo van Dordrecht. OCD noemt dat in de periode 2010–2019 het totale migratiesaldo van de Drechtsteden alleen in 2017 en 2019 positief is geweest, maar het aandeel van Dordrecht daarin is niet bekend.

https://www.onderzoekcentrumdrechtsteden.nl/Publicaties/Fysiek/Publicaties_Wonen_en_ruimte:iKVDnZ7MRSyqaL13Cfjy_A/Ve rhuisonderzoek_2019:xC-qup1EToOFw41axBun3A 4

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

32

In algemene zin verwachten de OCD-onderzoekers dat het aantal verhuizingen zal afnemen als gevolg van achterblijvende woningbouw en de coronacrisis (de cijfers zijn uit 2019, de duiding ervan later). Een van de redenen achter dit rekenkameronderzoek zijn de zorgen over vergrijzing en het vertrek van jongeren uit Dordrecht. Bovenstaande cijfers bevestigen dit niet, maar de cijfers zijn ook gedateerd. Het is niet verbazingwekkend dat het thema wonen/huisvesting bovenaan het prioriteitenlijstje staat van de jongeren in de focusgroep. Hierbij moet worden opgemerkt dat voor jongeren die nog op school zitten (mbo, hbo) de urgentie minder groot leek dan voor werkende jongeren of jongeren die met hun opleiding waren gestopt of deze hadden afgerond. 3.1.1 De belevingswereld van jongeren uit de focusgroep Jongeren hebben moeite om in Dordrecht een passende woning te vinden Voor jongeren in de focusgroep die graag in Dordrecht willen blijven, is het vinden van een passende woning een grote uitdaging. Het aanbod aan jongerenwoningen is beperkt, de wachttijden zijn lang en doorstromen naar een grotere woning lukt zelden. Zoals een jongere het verwoordde: “Ik sta sinds mijn 18e ingeschreven, maar heb nog steeds geen jongerenwoning kunnen krijgen.” Dat sommige groepen, zoals jongeren uit de jeugdzorg, voorrang krijgen, leidt bij anderen soms tot frustratie.

Betaalbare woningen voor jongeren en starters zijn schaars. Eén deelnemer gaf aan “heel veel geluk” te hebben gehad dat hij op zijn 23e een appartement voor onbepaalde tijd kon huren (in de binnenstad). De rest van de focusgroep herkende dit: om een betaalbare woning te vinden in Dordrecht moet men vooral geluk hebben (en een ouder hebben die iemand op diens 18e inschrijft als woningzoekende). Door de moeilijke woningmarkt blijft een aantal jongeren uit de focusgroep noodgedwongen bij hun ouders wonen. Voor sommigen is dat acceptabel omdat zij nog op school zitten; voor anderen is het frustrerend. De jongeren berusten deels in deze situatie, maar sommigen zijn ook onrustig en willen weg. Noodgedwongen thuis wonen leidt tot uitstel van belangrijke levenskeuzes en tot een verminderd gevoel van vrijheid en autonomie. Bestaand aanbod sluit niet volledig aan bij de behoefte van jongeren Veel jongerenhuisvesting bestaat uit studio’s, zoals op het Leerpark. Deze worden niet als ideaal ervaren door de jongeren uit de focusgroep: er is regelmatig overlast en de bewonersgroep kan het onderling niet altijd goed met elkaar vinden. Volgens de jongeren uit de focusgroepen vormen studio’s van ongeveer 30 m² het grootste deel van het aanbod op het Leerpark, maar deze worden als te klein gezien. Ook laat de kwaliteit van deze studio’s te wensen over.

Tijdelijke oplossingen zoals containerwoningen of verkamerde panden worden niet als passend ervaren.

Jong in Dordt: Wonen, leven en leren | Rekenkamer Dordrecht

33

Een huis kopen is te duur Hoewel woningen in Dordrecht, vergeleken met Rotterdam en Breda, relatief betaalbaar zijn, blijft een koopwoning voor jongeren uit de focusgroep onbereikbaar. Een deelnemer sprak over vriendinnen die een gezin stichten en zich met twee (hbo+) inkomens wel in Dordrecht weten te vestigen. Zijzelf was daar nog niet aan toe en wil liever de wereld buiten Dordrecht ontdekken. In 2024 lag de gemiddelde WOZ-waarde van koopwoningen in Dordrecht op €380.000, tegenover €441.000 in Rotterdam en €493.000 in Breda. Wat jongeren in de focusgroepen willen •

Meer kans om zelfstandig te wonen

•

Meer betaalbare (huur, koop)

•

Niet alleen kleine studio’s van matige kwaliteit in onprettige omgeving

3.1.2 Ambitie en beleidscontext Wonen en huisvesting als speerpunt Het thema wonen en huisvesting heeft de volle aandacht van het college en de gemeenteraad. Het tekort aan woningen is een van de grote landelijke politieke opgaven van dit moment, en Dordrecht heeft daarin zijn deel. Dat de Rekenkamer Dordrecht in de afgelopen jaren drie studies heeft laten uitvoeren naar de Dordtse woningmarkt, is daarvan een illustratie. Er is ook aandacht voor jongeren en starters op de woningmarkt. In het Politiek Akkoord 2022–2026 (p. 5) staat: 'We willen jongeren aan onze stad binden en Dordtse starters een goede kans geven. We willen betaalbare woningen realiseren voor inwoners met een lager tot modaal salaris zoals de (beginnende) politieagenten, verplegers, schilders en onderwijzers.'' In de formulering van de ambitie in het Politiek Akkoord komt het centrale thema van dit onderzoek terug. Het gaat eerst om het binden van jongeren. Hoewel dit niet wordt toegelicht, valt af te leiden dat hiermee jongeren worden bedoeld die voor de keuze staan om na het voortgezet onderwijs te gaan studeren of werk te zoeken. Het tweede deel van de ambitie betreft starters op de woningmarkt. Vermoedelijk gaat het hierbij om wat oudere jongeren, mogelijk met de wens om samen te gaan wonen en een gezin te stichten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/1047/documents/43196