CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Regionale Agenda Laadinfrastructuur - Raadsinformatiebrief.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 23 maart 2021, gemeente DordrechtBij agendapunt: 30: Raadsinformatiebrief Regionale Agenda Laadinfrastructuur - Raadsinformatiebrief1.682 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeentebestuur Spuiboulevard 300 3311 GR DORDRECHT

Aan de gemeenteraad

Datum

2 maart 2021

Zaaknummer

InProces BBV: 2021-0026831 Regionale Agenda Laadinfrastructuur

Betreft

Vergadering van Portefeuillehouder: Begrotingsprogramma Pijler Kernteam/Opgave: Auteur: E-mail: Verantwoordelijke: Openbaar:

Rik van der Linden Duurzaam en Innovatief Dordrecht Fysieke Leefomgeving Stad - Mobiliteit, Milieu & Economie Karen van den Ouweland-Smeekens k.van.den.ouweland@dordrecht.nl Joost Leemans Ja

Raadsinformatiebrief Hoe zijn de bevoegdheden rond dit onderwerp verdeeld?  Regionale Agenda Laadinfrastructuur ZW (RAL ZW): bevoegdheid samenwerkingsregio Zuid West Nederland. Dit zijn de provincies Zeeland en Zuid Holland.  Integrale visie voor laadinfrastructuur: vaststelling door gemeenteraad.  Plaatsingsbeleid laadinfrastructuur (beleidsregels): college van B&W. Wat is de aanleiding om deze informatie kenbaar te maken? Een belangrijk onderdeel van het Klimaatakkoord is het ontwikkelen van een toekomstbestendig, dekkend, toegankelijk en betrouwbaar netwerk van laadinfrastructuur voor alle soorten elektrisch vervoer. Door de afspraken in het Klimaatakkoord over de groei van het elektrisch vervoer is dit een enorme opgave die grote impact heeft op het elektriciteitsnet en de openbare ruimte. Daarom heeft de rijksoverheid met decentrale overheden (Inter Provinciaal Overleg (IPO) en Vereniging Nederlandse Gemeenten(VNG)), marktpartijen en netbeheerders afspraken gemaakt over de ontwikkeling van voldoende laadinfrastructuur en een slim dekkend, toegankelijk en betrouwbaar netwerk. Deze afspraken zijn opgenomen in de Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL). In de NAL zijn onder andere afspraken gemaakt over het opstellen van integrale visies, plaatsingsbeleid en versnelde procedures voor de uitrol van laadinfrastructuur.

Gemeenten hebben een belangrijke rol in de uitrol van laadinfrastructuur omdat een deel van de laadvraag moet worden opgevangen in de publieke ruimte. De gemeente faciliteert de uitrol van voldoende publieke laadinfrastructuur op de juiste plek en met een goede ruimtelijke inpassing, zowel voor de rijder van een elektrisch voertuig als de omwonende die nog niet elektrisch rijdt. Om gemeenten te ondersteunen bij de realisatie van voldoende laadinfrastructuur voor elektrisch vervoer is in de NAL ook afgesproken om samenwerking op landsdeelniveau te organiseren. ZuidHolland en Zeeland zijn door het Rijk ingedeeld als samenwerkingsregio Zuidwest. De beide provincies zijn verzocht om deze samenwerking samen met gemeenten binnen landsdeel Zuidwest verder vorm te geven in een Regionale Aanpak Laadinfrastructuur (RAL).

Zaaknummer

InProces BBV: 2021-0026831

Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland en Zeeland hebben de Regionale Aanpak Laadinfrastructuur Zuidwest (RAL ZW) op 19 januari 2021 vastgesteld. Deze is met input van regio’s, gemeenten en netbeheerders tot stand gekomen. Met deze brief informeren wij u op hoofdlijnen over de inhoud van de RAL ZW en geven we aan hoe wij als gemeente deelnemen en wat wij doen aan de realisatie van laadinfrastructuur. Wat is de te delen informatie? Regionale Aanpak Laadinfrastructuur Zuidwest Voor de periode t/m 2023 hebben de provincies Zeeland en Zuid-Holland een Rijksbijdrage van € 2.120.047, - (excl. BTW) toegekend gekregen voor het opstellen en uitvoeren van de RAL ZW. Hiermee kunnen de provincies gemeenten ondersteunen bij de uitvoering van de afspraken uit de NAL. In overeenstemming met afspraken die tussen het Rijk en de provincies Zeeland en ZuidHolland zijn gemaakt wordt cofinanciering geleverd in de vorm van werkzaamheden. Het betreft werkzaamheden van gemeenten in de beide provincies die gemoeid zijn met het plaatsen van publieke laadpunten. In de RAL ZW staat hoe invulling wordt gegeven aan de regionale samenwerking en aan de afspraken met het Rijk. Het dient als werkplan voor de betrokken partijen, biedt inzicht in de geplande ondersteuning, en is onderdeel van de verantwoording die de provincies afleggen aan het Rijk.

De provincies Zeeland en Zuid-Holland, in dit kader bekend als Samenwerkingsregio Zuidwest, komen met een pakket aan ondersteunende activiteiten waar gemeenten gebruik van kunnen maken. Op basis van de afspraken in de NAL en de input van gemeenten en netbeheerders is de ondersteuning van de Samenwerkingsregio Zuidwest verdeeld in vijf categorieën:     

Bewustwording en kennisdeling Visievorming en beleid Uitrol van laadinfrastructuur Samenwerking met netbeheerders Relatie met nationale ontwikkelingen

De RAL ZW kunt u binnenkort vinden op de regiopagina Zuidwest van de Nationale Agenda Laadinfrastructuur: https://agendalaadinfrastructuur.nl/. De RAL ZW wordt jaarlijks geactualiseerd om de uitvoering in de pas te laten lopen met de beoogde resultaten. Planning op hoofdlijnen In het eerste jaar van de RAL ZW wordt ondersteuning geboden om inzicht te krijgen in de opgave voor gemeenten door middel van prognoses en plankaarten openbaar laden voor personenauto’s. Daarnaast wordt hulp geboden voor het opstellen van een integrale visie op laadinfrastructuur, wordt gewerkt aan een regionale snellaadvisie en wordt er ondersteuning geboden voor het opstellen van plaatsingsbeleid. De integrale visie gaat in op verschillende modaliteiten en vormen van laden en op de laadtechniek. Plaatsingsbeleid gaat in op het wanneer, waar en met welke eisen laadpunten geplaatst mogen worden. Ook wordt er aandacht besteed aan het opzetten van een loket ten behoeve van kennisdeling en informatievoorziening. In de jaren daarna blijft er aandacht voor de uitrol van laadpunten voor personenauto’s maar komt er ook aandacht voor onder andere stadslogistiek en zwaarder goederenvervoer over weg en water.

Relatie met de Regionale Energiestrategie en het Regionaal Mobiliteitsprogramma Door provincies, gemeenten en netbeheerders wordt de verbinding gelegd met andere trajecten zoals de Regionale energiestrategieën (RES’en) en Regionale Mobiliteitsprogramma’s (RMP’s) die uitwerkingen zijn van de werelden in het Klimaatakkoord. De inhoudelijke samenhang tussen de werelden van het klimaatakkoord en tussen de RAL ZW, RMP’s en RES’en is een gedeelde verantwoordelijkheid van gemeenten, regio’s en provincies.

Zaaknummer

InProces BBV: 2021-0026831

Samenwerking met de Drechtstedengemeenten Als Drechtstedengemeenten hebben wij een afvaardiging in het kernteam van de RAL. Op deze manier zijn wij betrokken en hebben wij invloed op de regionale aanpak. Wij werken als Drechtsteden gemeenten intensief samen en streven er naar om de aanpak, de visie en het beleid zo veel mogelijk te uniformeren en op elkaar af te stemmen. Waarbij de ruimte blijft om een lokale invulling te geven. Door deze manier van werken kunnen we op een efficiënte en effectieve manier invulling geven aan de grote opgave waar we de komende jaren voor staan. Hoe verder na deze raadsinformatiebrief? U heeft als gemeenteraad de verantwoordelijkheid om de kaders vast te stellen waarbinnen wij als gemeente de uitrol van de laadinfrastructuur in de openbare ruimte gaan realiseren. Wij komen daarom het komende jaar met een voorstel naar u toe, namelijk om een integrale visie laadinfrastructuur vast te stellen. De planning is om deze visie in september aan u aan te bieden. De termijn is echter wel afhankelijk van de voortgang die binnen de RAL gemaakt wordt. De vastgestelde visie zullen wij vervolgens verder concretiseren in beleid en beleidsregels die wij naar verwachting in het derde kwartaal van dit jaar aan het college zullen aanbieden. Ten slotte De markt is volop in ontwikkeling.

Het staat daarom ook nog niet vast hoe de wereld van elektrisch rijden en laden er over 10 jaar uitziet. De verwachting is dat de dat de vraag naar laadinfrastructuur de komende jaren toeneemt en dat er hierdoor een flinke opgave ligt om in die behoefte te voorzien. Ook worden er sinds vorig jaar regels middels het Bouwbesluit opgelegd voor de aanleg van laadinfrastructuur voor elektrische voertuigen in de private gebouwde omgeving. Bij nieuwbouw of ingrijpende renovatie (meer dan 25% van de gebouwschil wordt vervangen) van gebouwen met meer dan 10 parkeervakken geldt het volgende:  Utiliteitsgebouwen moeten worden voorzien van minimaal 1 laadpunt en van loze leidingen voor de aanleg van laadpunten bij minstens 1 op de 5 parkeervakken.  Bij woongebouwen moet voortaan elk parkeervak voorzien worden van loze leidingen. (Bij renovatie geldt een uitzondering wanneer de kosten van de laadinfrastructuur meer dan 7% van de renovatiekosten betreffen.) Per 2025 moeten alle bestaande utiliteitsgebouwen met meer dan 20 parkeervakken voorzien zijn van minimaal 1 laadpunt. In de tussentijd wordt er niet stilgezeten en zijn er flink wat laadpalen aanwezig in Dordrecht, 240 publieke laadpalen in 2020 (bron: evrijders.nl). De locaties en het gebruik zijn terug te vinden op de website: https://www.oplaadpalen.nl/.

Om te komen tot plaatsing van de laadpalen blijven we voorlopig werken volgens de bestaande beleidsregels. Dit betekent dat een inwoner met een elektrische auto (die niet op eigen terrein kan parkeren) een aanvraag indient bij een exploitant van laadpalen. De exploitant vraagt bij de gemeente een vergunning aan om een laadpaal te mogen plaatsen. Wij beoordelen de aanvraag en wanneer deze voldoet aan de regels in ons beleid dan verlenen wij vergunning. Vervolgens nemen we als gemeente een verkeersbesluit om een parkeerplaats aan te wijzen voor het opladen van een elektrisch voertuig. Na de bezwaartermijn kan de exploitant een aanvraag indienen bij de netwerkbeheerder. Deze laatste partij heeft wettelijk gezien 18 weken de tijd om de laadpaal te plaatsen. In praktijk benutten zij deze periode volledig. Met alle deze stappen en termijnen is het plaatsen van een laadpaal nu een tijdrovend proces met een lange doorlooptijd. Het doel van de NAL en RAL is om dit te versnellen. Door de beschreven aanpak verwachten wij dat het mogelijk is om met ondersteuning van Rijk en Provincie op een goede manier in te kunnen spelen op de toenemende vraag naar laadvoorzieningen om het elektrisch rijden zo optimaal mogelijk te faciliteren.

Zaaknummer

InProces BBV: 2021-0026831

Welke kosten zijn verbonden aan het proces? Voor de periode t/m 2023 hebben de provincies Zeeland en Zuid-Holland een Rijksbijdrage van € 2.120.047, - (excl. BTW) toegekend gekregen voor het opstellen en uitvoeren van de RAL ZW. Hiermee kunnen de provincies gemeenten ondersteunen bij de uitvoering van de afspraken uit de NAL. In overeenstemming met afspraken die tussen het Rijk en de provincies Zeeland en ZuidHolland zijn gemaakt wordt cofinanciering geleverd in de vorm van werkzaamheden. Het betreft werkzaamheden van gemeenten in de beide provincies die gemoeid zijn met het plaatsen van publieke laadpunten. In de RAL ZW staat hoe invulling wordt gegeven aan de regionale samenwerking en aan de afspraken met het Rijk. Het dient als werkplan voor de betrokken partijen, biedt inzicht in de geplande ondersteuning, en is onderdeel van de verantwoording die de provincies afleggen aan het Rijk. Wat zijn de belangrijkste gerelateerde besluiten? Raadsinformatiebrief over beleidsregels oplaadinfrastructuur elektrische voertuigen (30-01-2014, RIS 1208875).

Het college van Burgemeester en Wethouders

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/251/documents/8290