overeenkomst stichting Vorrinklaan concept 15 januari 2021 met pandrecht SDE.pdf
Tekst van het document
OVEREENKOMST VAN GELDLENING De ondergetekenden: 1. De publiekrechtelijke rechtspersoon gemeente Dordrecht in deze rechtsgeldig vertegenwoordigd door Mr. A.W. Kolff, ter uitvoering van het collegebesluit d.d. dd-mm2021 om onderhavige overeenkomst aan te gaan, hierna te noemen de “Gemeente”; en 2. De Stichting Vorrinklaan, gevestigd te Dordrecht, Adriaan van Bleijenburgstraat 59, 3311LA Dordrecht en ingeschreven in het handelsregister onder nummer 24451293 , in deze rechtsgeldig vertegenwoordigd door Mr. Drs. A. Driesprong en Mr. L.C. Makkinga hierna te noemen “Geldnemer”. Overwegende: • dat de gemeente reeds garant staat voor de financiering van de hal van de geldnemer; • dat geldnemer ten behoeve van verduurzaming van de eigen energiebehoefte, via aanleg van zonnepanelen op het eigen complex, (hierna: installatie) aanvullende kapitaalbehoefte heeft • dat de gemeente deze investering wenselijk vindt en zich bereid heeft verklaard hiervoor een lening te verstrekken; Verklaren het volgende te zijn overeengekomen: Artikel 1 Geldlening 1.1 De Gemeente zal aan Geldnemer ter leen verstrekken en deze zal bij de Gemeente opnemen een bedrag van € 175.000,- (zegge: honderdvijfenzeventig duizend euro). 1.2 De stortingsdatum van de lening is bepaald op 1 maart 2021.
1.3 De uitbetaling van het geleende bedrag zal geschieden door overschrijving van het bedrag ten gunste van bank/girorekeningnummer NL47RABO0378118595 van Geldnemer. 1.4 De geldlening heeft een looptijd van 15 jaar te rekenen vanaf de in artikel 1.2 genoemde stortingsdatum, en dient door Geldnemer op 1 mei 2036 geheel te zijn terugbetaald. 1.5. De lening is uitsluitend bestemd voor voorbereidingskosten van en de aanleg van de installatie. Artikel 2 Rente 2.1 Geldnemer zal over het schuldrestant een vaste rente verschuldigd zijn van 1% procent per jaar, te voldoen op 1 mei van elk jaar, voor het eerst op 1 mei 2022; er thans van uitgaande dat dit de datum van ingebruikstelling van de installatie is. Indien de installatie op een andere datum in gebruik wordt genomen dient Geldnemer dit schriftelijk aan de Gemeente t.a.v. afdeling treasury te berichten en is die datum bepalend voor de betaling van de jaarlijkse termijnen. 2.2. Bij de berekening van de rente wordt elke maand op dertig dagen en elk jaar op driehonderdzestig dagen gesteld. Artikel 3 Aflossing 3.1 Geldnemer zal de lening lineair op de in artikel 1.4 genoemde uiterlijke terugbetalingsdatum aflossen. 3.2 Vervroegde aflossing zal te allen tijde zijn toegestaan.
1
3.3
Betalingen van rente en aflossing door Geldnemer aan Gemeente dienen plaats te vinden in overeenstemming met het als bijlage aan deze overeenkomst gehechte schema.
3.4
Betalingen van rente en aflossing door Geldnemer aan Gemeente zullen worden verricht ten gunste van bankrekening NL76BNGH0285002058 van Gemeente Dordrecht onder vermelding van "rente en aflossing Stichting Vorrinklaan" .
Artikel 4 Boete Indien enige termijn van rente en/of aflossing niet op de vervaldatum als voren omschreven mocht zijn betaald, zal door de Gemeente van de dag af waarop Geldnemer in verzuim is tot die van de dag van betaling een vergoeding van 1 procent per maand verschuldigd zijn over het achterstallige bedrag, waarbij gedeelten van een maand voor een hele maand worden gerekend. Artikel 5 Vervreemding en bezwaring installatie Vervreemding en bezwaring van (delen van) de installatie is zonder toestemming van de geldnemer niet toegestaan. Artikel 6 Pandrecht op SDE subsidie Ter meerdere zekerheid verleent Geldnemer aan de gemeente openbaar pandrecht op SDE-subsidietegoeden die voortvloeien uit de aangehechte beschikking van RVO d.d. 6 december 2018 kenmerk SDE1828899/1.6.6.F. Geldnemer heeft hiervan RVO derhalve zelf uiterlijk op de dag voor de dag van ondertekening van deze overeenkomst schriftelijk en aangetekend in kennis gesteld onder gelijktijdig verzending van een afschrift van deze kennisgeving aan Gemeente. Artikel 7 Opeisbaarheid door Gemeente De hoofdsom van de lening of het restant daarvan, zal geheel opeisbaar zijn, zonder dat een betalingsherinnering, ingebrekestelling door een bevel of een soortgelijke akte of rechterlijke tussenkomst nodig zal zijn: a.
bij niet, niet-tijdige of niet behoorlijke nakoming door Geldnemer van één of meer van de in deze overeenkomst omschreven bepalingen of aangegane verplichtingen; b. bij door Geldnemer gedaan verzoek tot verkrijgen van surséance van betaling of aankondiging het voornemen daartoe te hebben; c. bij faillissement, eigen aangifte, verzoek of vordering tot faillietverklaring of aanbieding van akkoord buiten faillissement; d. bij beslag op eigendommen van Geldnemer; e. bij ontbinding of verlies van rechtspersoonlijkheid van Geldnemer f. bij niet-naleving van artikel 5 alles onverminderd de bevoegdheid van Gemeente om te allen tijde alle zodanige maatregelen te nemen tot behoud van haar rechten of tot verhaal van haar vordering als de wet te harer beschikking stelt en haar nuttig of nodig zullen voorkomen. Geldnemer is verplicht om, zodra één of meer dezer feiten plaatsvindt, welke ingevolge het in deze overeenkomst bepaalde de geldlening opeisbaar doet zijn, Gemeente onverwijld hiervan in kennis te stellen. Artikel 8: Onderhouds- en verzekeringsplicht Geldnemer draagt gedurende de looptijd van de lening zorg voor het correct blijven functioneren van de installatie en laat het onderhoud ervan door deskundigen uitvoeren. Geldnemer draagt tevens zorg voor permanente verzekering van de installatie; met inbegrip van het diefstalrisico voor de zonnepanelen.
2
Artikel 9: interne controle betalingen installatie De penningmeester van geldnemer draagt er zorg voor dat uitsluitend betalingen aan leveranciers van de installatie worden voldaan die zijn voorzien van een akkoordverklaring door óf een lid van de bouwcommissie óf een ander lid van het bestuur. Voor zover bestuursleden van geldnemer tevens lid zijn van de bouwcommissie dient een ander bouwcommissielid hierin te voorzien. Deze overeenkomst is opgemaakt en in tweevoud op
2021 getekend.
Geldgever
Geldnemer
Naam: A.W. Kolff
Naam:
Functie: burgemeester
Functie: voorzitter Naam:
Mr. Drs. A. Driesprong
Mr. L.C. Makkinga
Functie: secretaris
Bijlagen: -Rente- en aflossschema -Beschikking SDE
3
Bijlage: rente- en aflosschema
Schuldres Datum
Rente
Aflossing
1-3-2021 1-5-2022 €
1.750,00
€
1-5-2023 €
1.633,33
€
1-5-2024 €
1.516,67
€
1-5-2025 €
1.400,00
€
1-5-2026 €
1.283,33
€
1-5-2027 €
1.166,67
€
1-5-2028 €
1.050,00
€
1-5-2029 €
933,33
€
1-5-2030 €
816,67
€
1-5-2031 €
700,00
€
1-5-2032 €
583,33
€
1-5-2033 €
466,67
€
1-5-2034 €
350,00
€
1-5-2035 €
233,33
€
1-5-2036 €
116,67
€
Totaal
€ 11.666,67 13.416,67 € 11.666,67 13.300,00 € 11.666,67 13.183,34 € 11.666,67 13.066,67 € 11.666,67 12.950,00 € 11.666,67 12.833,34 € 11.666,67 12.716,67 € 11.666,67 12.600,00 € 11.666,67 12.483,34 € 11.666,67 12.366,67 € 11.666,67 12.250,00 € 11.666,67 12.133,34 € 11.666,67 12.016,67 € 11.666,67 11.900,00 € 11.666,62 11.783,29
4
na aflossing €
175.000,00
€
163.333,33
€
151.666,66
€
139.999,99
€
128.333,32
€
116.666,65
€
104.999,98
€
93.333,31
€
81.666,64
€
69.999,97
€
58.333,30
€
46.666,63
€
34.999,96
€
23.333,29
€
11.666,62
€
0,00-
5
INGEKOMEN 1 1 DEC 2018 Rijksdienst voor Ondernemend Nederland
n/a > Retouradres Postbus 10073, 8000 GB
Rijksdienst voor Ondernemend Nederland Hanzelaan 310
Zwolle
8017 IK Zwolle Postbus 10073 8000 GB Zwolle
Subvention B.V. T.a.v. de heer M. Laarman Postbus 10055 8000 GB ZWOLLE
www.rvo.nl Contactgegevens E sde@lrvo.nl
ililiulliulliillilluililuilliillilllll 111111 Datum:
Contactpersoon DUMMY SDE SPA T (088) 0420000
6 december 2018
Projectnummer SDE1828899
Ten name van Stichting Vorrinklaan te DORDRECHT Vorrinklaan Project Beschikking tot subsidieverlening Betreft
Kenmerk SDE 1828899/166f Bijlage( n)
Geachte heer Laarman, ontvangen. ik Op 16 oktober 2018 heb ik uw SDE-subsidieaanvraag voor uw project subsidie te verlenen.
heb besloten
vergoeding per geproduceerde De subsidie wordt uitgekeerd in de vorm van een op de voor deze MWh. In deze beschikking wordt puntsgewijs ingegaan verplichtingen subsidiebeschikking relevante onderwerpen. ik verwijs u voor de behorende bij deze beschikking naar de bijlage.
1. Projectgegevens verleend, heeft de volgende De productie-installatie waarvoor subsidie wordt kenmerken: Locatie: : Vorrinklaan Naam Vorrinklaan 202 : Adres N.v.t. : aanduiding Kadastrale : DORDRECHT Plaats
Installatie
Nominaal vermogen Type productie-installatie Type aansluiting
: 0,231000 MW : Zon pv: =>15 kWp < 1 MWp : > 3 x 80A (gr00tverbrU1keraan51u1t1ng)
2. Subsidieperiode De subsidie wordt verleend over de periode: : 1 maart 2019 De subsidieperiode start op : 28 februari 2034 op eindigt De subsidieperiode
3. Maximale subsidietarief Maximale vergoeding per MWh
Rijksdienst voor Ondernemend Nederland
U hebt een aanvraag ingediend voor de categorie Zon in fase 2 van de subsidieregeling SDE. De onderstaande bedragen voor netlevering en niet netlevering zijn voor u van toepassing: Het subsidiebedrag voor netlevering: Het fasebedrag bedraagt: De basisenergieprijs bedraagt: Het maximale subsidietarief bedraagt:
€ € €
104,00 per MWh 22,00 per MWh 82,00 per MWh
Het subsidiebedrag voor niet-netlevering: Het fasebedrag bedraagt: € De basisenergieprijs bedraagt: € Het maximale subsidietarief bedraagt: C
104,00 per MWh 47,00 per MWh 57,00 per MWh
Over de gehele subsidieperiode van 15 jaar ontvangt u een vergoeding per MWh die uw productie-installatie produceert en waarvoor Garanties van Oorsprong zijn afgegeven (zie bijlage). Hierboven is de maximale vergoeding vermeld. De werkelijke vergoeding wordt jaarlijks bepaald aan de hand van de correctiebedragen voor netlevering en niet-netlevering. 4. Subsidiabele productie Er is een maximum te subsidiëren elektriciteitsproductie per jaar. De subsidiabele jaarproductie is maximaal het vermogen van uw productie-installatie vermenigvuldigd met 950 vollasturen. De subsidiabele jaarproductie bedraagt: 219,450
MWh/jaar
De som van de maximale subsidiabele jaarproducties bedraagt voor de gehele looptijd van uw beschikking: 3.291,750 MWh. Het maximaal aan u te verlenen subsidiebedrag komt tot stand door het maximale subsidietarief voor netlevering per MWh te vermenigvuldigen met de maximale jaarproductie en het aantal jaren waarover subsidie wordt verstrekt. Dit bedraagt: (104,00 €/MWh 22,00 C/MWh) x 3.291,750 MWh = C 269.924,00. -
De uit te betalen subsidie kan jaarlijks verschillen. Dit komt doordat er wordt uitbetaald op basis van de gerealiseerde productie en het subsidietarief dat jaarlijks varieert. De daadwerkelijke vergoeding per MWh wordt jaarlijks bepaald en is onder meer afhankelijk van de opbrengsten uit de elektriciteitsproductie Deze opbrengsten worden genoemd in artikel 14 van het Besluit en vormen opgeteld de jaarlijks te bepalen correctiebedragen voor netlevering en niet-netlevering. De correctiebedragen voor netlevering en niet-netlevering kunnen nooit lager worden dan de basisenergieprijs. De te ontvangen subsidie is het verschil tussen het fasebedrag en de correctiebedragen voor netlevering en niet-netlevering. Meer informatie over de bevoorschotting vindt u in de bijlage. 5. Banking Voor deze subsidieverlening zijn twee vormen van Onderproductie
banking van toepassing.
Rijksdienst voor Ondernemend Nederland
Subsidiabele productie, die in enig jaar niet is benut, wordt meegenomen naar de volgende kalenderjaren, met de mogelijkheid deze alsnog te realiseren. Na de reguliere subsidieperiode kunt u verzoeken deze periode met maximaal één productiejaar te verlengen met de mogelijkheid om de ongebruikte subsidiabele productie alsnog te produceren. Indien uw project start en eindigt in de loop van een kalenderjaar, dan wordt de hoeveelheid niet benutte subsidiabele productie in het eerste gebroken kalenderjaar bepaald door het verschil tussen de maximaal subsidiabele productie gerekend naar rato van het aantal maanden ten opzichte van een volledig kalenderjaar en de werkelijke productie in het eerste gebroken kalenderjaar. Overproductie Productie die hoger is dan de maximaal subsidiabele jaarproductie wordt meegenomen naar een volgend jaar en wordt gebruikt als in een later jaar de productie lager is dan de maximaal subsidiabele jaarproductie. Aan de hoeveelheid productie die wordt meegenomen is een maximum gesteld
van 25 % van de maximaal subsidiabele jaarproductie. Bij de benutting van meegenomen overproductie geldt dat deze wordt verdeeld in een deel netlevering en een deel niet-netlevering op basis van de verhouding tussen de geproduceerde energie die aan het net geleverd is en de energie die niet aan het net geleverd is in het voorgaande jaar. 6. Negatieve elektriciteitsprijs Indien uw productie-installatie een vermogen heeft groter dan of gelijk aan 0,5 MW of het totaal aangesloten vermogen van meerdere productie-installaties op de netaansluiting is groter dan of gelijk aan 0,5 MW dient u rekening te houden met het volgende: als gedurende een periode van 6 uur of meer de elektriciteitsprijs op de markt negatief is, zal de productie voor netlevering van elektriciteit in deze periode in mindering worden gebracht op de productie waarvoor u Garanties van Oorsprong (GVO) hebt gekregen. U dient zelf zorg te dragen voor de meetwaarden voor netlevering van elektriciteit. Rijksdienst voor Ondernemend Nederland zal u na afloop van het kalenderjaar vragen deze meetwaarden te verstrekken. 7. Bezwaarprocedure Heeft u vragen en/of opmerkingen over dit besluit, dan kunt u telefonisch contact met ons opnemen via telefoonnummer 088 042 0000.
Bent u het, eventueel na een telefonische toelichting, niet eens met dit besluit, dan kunt u binnen zes weken na de bovenvermelde verzenddatum bezwaar aantekenen bij: Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, afdeling Juridische Zaken, Postbus 40219, 8004 DE Zwolle, onder vermelding van "bezwaar" op de enveloppe en op het bezwaarschrift. Uw aanvraag is bij Rijksdienst voor Ondernemend Nederland bekend onder projectnummer 5DE1828899. U kunt dit nummer vermelden bij verdere correspondentie. Met vriendelijke groet, de Minister van Economische Zaken en Klimaat namens deze: Joop Koekoek
Rijksdienst voor Ondernemend Nederland
Teammanager SDE/MEP, Rijksdienst voor Ondernemend Nederland NB. Deze brief is digitaal aangemaakt en geaccordeerd en daarom niet ondertekend
Rijksdienst voor Ondernemend Nederland
Bijlage: De voorwaarden van het Besluit stimulering duurzame energieproductie, de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie op basis waarvan deze beschikking is verstrekt zijn integraal van toepassing. In deze bijlage vindt u een selectie van de verplichtingen en overige belangrijke informatie horende bij de beschikking. Hieraan dient u te voldoen.
Verplichtingen Er zijn verplichtingen waaraan u moet voldoen om subsidie te krijgen. • U sluit de productie-installatie aan op een Nederlands elektriciteitsnet via een aansluiting met een totale maximale doorlaatwaarde van meer dan •
• •
3 x 80 A (grootverbruikeraansluiting). Voor wijzigingen in bijvoorbeeld locatie en tenaamstelling moet u vooraf toestemming vragen aan Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Rijksdienst voor Ondernemend Nederland zal uw verzoek dan toetsen aan de voorwaarden van de regeling. U kunt uw verzoek indienen via SDE@rvo.nl onder vermelding van uw projectnummer. Dit projectnummer kunt u vinden bovenaan deze beschikking. U meet de productie van hernieuwbare elektriciteit per beschikking tot subsidieverlening (artikel 4 van de Uitvoeringsregeling). U neemt de productie-installatie zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen 1,5 jaar na de datum van de beschikking in gebruik.
Startdatum subsidie U hoeft niet aan te geven dat u de startdatum van de subsidie wilt wijzigen. Deze gaat in op de datum van ingebruikname die Rijksdienst voor Ondernemend Nederland ontvangt van CertiQ, mits de startdatum valt binnen de wettelijke termijn voor ingebruikname. Indien u zelf de startdatum wenst aan te passen dan kunt u dit voorafgaand aan de ingebruikname van de productie-installatie doen. Uw grootverbruikeraansluiting Als u vóór het indienen van uw SDE-subsidieaanvraag nog geen afspraak heeft gemaakt met de netbeheerder over het terugleveren van duurzame energie, dan adviseren wij u om dit zo snel mogelijk te doen. Weet u niet wie uw netbeheerder is? Doe dan de check op www.eancodeboeknl.
De energieproductie Alleen over de gerealiseerde elektriciteitsproductie wordt subsidie betaald. Voorwaarde is dat u over deze productie Garanties van Oorsprong (GVO) hebt gekregen. Deze GVO's worden afgegeven door CertiQ voor de duurzame elektriciteit die uw productie-installatie heeft geproduceerd. CertiQ verstrekt informatie aan Rijksdienst voor Ondernemend Nederland over de hoeveelheid duurzame elektriciteit die uw productie-installatie heeft geproduceerd en waarvoor GVO's zijn afgegeven. Deze informatie baseert CertiQ op de meetwaarden die zij krijgt aangeleverd van uw regionale netbeheerder. Bevoorschotting Nadat uw productie-installatie is geplaatst en in gebruik is genomen, meldt u zich aan bij CertiQ. Via CertiQ wordt uw regionale netbeheerder op de hoogte gebracht van uw aanmelding. Uw regionale netbeheerder stelt vast dat u producent van duurzame elektriciteit bent. Op basis van deze vaststelling zal CertiQ starten met
Rijksdienst voor Ondernemend Nederland
het afgeven van Garanties van Oorsprong (GVO's) voor de door uw productieinstallatie geproduceerde elektriciteit als voldaan wordt aan de daarvoor gestelde criteria. Rijksdienst voor Ondernemend Nederland zal op basis van de vaststelling als producent van duurzame elektriciteit starten met het uitbetalen van uw maandelijkse voorschotten. Op basis van deze beschikking en van de vaststelling als producent van duurzame elektriciteit, ontvangt u een voorschot dat in maandelijkse termijnen wordt uitbetaald. Het voorschotbedrag bedraagt maximaal 80 procent van de maximaal subsidiabele jaarproductie, vermenigvuldigd met de geldende voorlopige subsidietarieven voor netlevering en niet-levering. Indien uw project start en eindigt in de loop van een kalenderjaar, dan is de maximaal subsidiabele productie per kalenderjaar berekend naar rato van het aantal maanden ten opzichte van een volledig jaar. Voor het aandeel netlevering en niet-netlevering wordt uitgegaan van de verhouding tussen netlevering en niet-netlevering uit het voorgaande jaar of in het eerste jaar van datgene dat u heeft opgegeven in het aanvraagformulier. Ieder jaar wordende voorlopige subsidietarieven voor netlevering en nietnetlevering voor het volgende jaar vóór 1 november bekend gemaakt en gepubliceerd op www.rvo.nl/sde. Jaarlijks voor 1 april worden de geldende subsidietarieven over het voorgaande jaar vastgesteld.
Binnen 6 maanden na afloop van een kalenderjaar wordt het voorschot verrekend. De verrekening vindt plaats op basis van de energieproductie waarvoor door CertiQ GVO's zijn verstrekt en de vastgestelde subsidietarieven voor netlevering en niet-netlevering. In het geval de subsidiabele jaarproductie in het voorgaande kalenderjaar is overschreden wordt de energieproductie voor netlevering en niet-netlevering gemaximeerd in de verhouding waarop netlevering en niet-netlevering in het betreffende kalenderjaar heeft plaatsgevonden. Na de verrekening ontvangt u een aanvullende betaling of wordt het teveel ontvangen bedrag verrekend met de eerstvolgende voorschotten. Zowel over de bevoorschotting als over de verrekening wordt u schriftelijk geïnformeerd. Informatie over de voorlopige en definitieve subsidietarieven kunt u vinden op www.rvo.nl/sde.
Milleusteunkader (MSK) In het Europese Milieusteunkader (MSK) is bepaald hoeveel financiële steun aan projecten op het gebied van milieubescherming is toegestaan. Indien u voor uw project naast SDE+ nog andere vormen van overheidssteun ontvangt of gaat ontvangen, kan het zijn dat u meer steun ontvangt dan het MSK toestaat. Met behulp van de cumulatietoets MSK kan de steunsituatie van uw project worden bepaald. Een jaar na ingebruikname van uw productie-installatie ontvangt u een brief waarin u wordt verzocht de gegevens voor de MSK-toets aan te leveren. De gegevens die onder andere worden gevraagd zijn een specificatie van de totale investeringskosten, een overzicht van de ontvangen subsidies en overige steun en (voor een aantal categorieën) een overzicht van de exploitatielasten en -baten. Als het SDE-verleningsbedrag van uw project hoger is dan € 125.000, moet uw specificatie van de investeringskosten en de steunsituatie vergezeld worden van
Rijksdienst voor Ondernemend Nederland
een accountantsverklaring. Het model accountantsverklaring met bijbehorend protocol kunt u vinden op Als uit de cumulatietoets MSK blijkt dat u te veel steun ontvangt of zal ontvangen, zal het aantal MWh dat over de totale subsidieperiode in aanmerking komt voor subsidie, worden beperkt.
Vaststelling
Na afloop van de subsidieperiode wordt uw subsidie vastgesteld.