Openbare besluitenlijst DD 15 september 2026
Tekst van het document
OPENBARE BESLUITENLIJST DORDTSE DINSDAG – BEELD- EN OORDEELSVORMENDE COMMISSIES VAN 15 SEPTEMBER 2026 Vergaderzaal 1 Johan de Witt 1. Werkbezoek Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid (OZHZ) Besluit 9 commissieleden van 8 fracties waren aanwezig op deze informatieve bijeenkomst. Het betrof vooral een kennismaking met het werk van de omgevingsdienst. Dit werd gedaan door drie locaties te bezoeken en daarbij te vertellen wat de dienst op deze locaties aan werkzaamheden heeft verricht of nog gaat verrichten. Het ging daarbij om geluidsoverlast van horeca op het Schefferplein, de parkeergarage Spuihaven en het gebied langs de Spuiboulevard. 2. Vragenhalfuur 3. Brief aan gemeenteraad over Beperkte zondag openstelling supermarkten Besluit Supermarkteigenaren Lemkes (Jumbo) en Buning (Plus) hebben de raad per brief verzocht in gesprek te gaan over de openingstijden van supermarkten op zon- en feestdagen. Ze zouden graag op zondag al om 10:00 uur opengaan in plaats van 12:00 uur en feestdagen behandelen als een reguliere zondag. Aan het ronde tafelgesprek nemen ook dhr. Lam (Plus 't Lam) en dhr. Huisman (Adviesraad voor de Detailhandel) deel. Dhr. 't Lam is als supermarkteigenaar een andere mening toegedaan en bewaakt graag de zondagsrust. Dhr. Huisman licht toe dat er bij andere ondernemers geen grote weerstand is tegen langere openstelling, al varieert dat per branche. Dhr.
De Jong (ambtelijk medewerker) geeft een overzicht van de relevante wetgeving. De raad kan uitzonderingen op de winkeltijdenwet verordenen. De lokale verordening is verouderd en kent een aantal specifieke uitzonderingen. Een meer generieke formulering ligt voor de hand. Er wordt onderzoek gedaan naar de wensen en mogelijkheden. Eind 2026 verwacht het college de onderzoeksresultaten voor te leggen aan de raad via een Raadsinformatiebrief. Enkele fracties geven aan zonder meer voorstander te zijn van het verruimen van de openingstijden. De commissie besluit de huidige brief van de supermarkteigenaren voor kennisgeving aan te nemen, de toegezegde onderzoeksresultaten af te wachten en te zijner tijd zo nodig het onderwerp opnieuw op de agenda te zetten. 4. Beantwoording door het college van artikel 40-vragen RvO van de fractie Op Ons Eiland over Weeskinderendijk 5 met huurder BNM Motoren - Antwoordbrief artikel 39/40 5. Beantwoording door het college van aanvullende artikel 40-vragen RvO van de fractie Op Ons Eiland over Weeskinderendijk 5 te Dordrecht met huurder BNM Motoren - Antwoordbrief artikel 39/40 6. Beantwoording door het college van artikel 40-vragen RvO van de fractie DENK over Toekomst Event Center Dordrecht - Antwoordbrief artikel 39/40 Besluit Insprekers (Mw. Bakker van BNH motoren en dhr. Razaq van het EventCentre) huren bedrijfsruimte aan de Weeskinderendijk.
Omdat de gemeente hier een groot aantal nieuwe woningen wil realiseren, hebben zij te maken met een onteigeningsprocedure. Ze zijn op zoek naar een alternatieve locatie in Dordrecht, maar hebben daarbij gezien de aard van het bedrijf specifieke wensen. Zo doet BNH motoren zowel aan verkoop als reparatie van motoren, waardoor een gecombineerde bestemming nodig is. Deze is maar beperkt voorhanden. Voor het EventCentre geldt dat de nieuwe locatie voldoende omvangrijk en bereikbaar moet zijn. Het is daarom de eigenaren nog niet gelukt een nieuwe locatie te vinden. Zij hebben enkele gesprekken gevoerd met de gemeente, maar zouden graag meer hulp krijgen bij het vinden van een geschikte locatie. De wethouder geeft aan de urgentie van het probleem te onderkennen, maar ook dat de gewenste locaties zeer beperkt beschikbaar zijn of vrij komen. De commissie constateert dat er een verschil zit tussen het verhaal van het college over de aangeboden hulp en hoe deze is ervaren door de ondernemers. Ze verzoekt het college zich tot het uiterste in te spannen, al is er geen resultaatverplichting. De brief wordt ter kennisgeving aangenomen met daarbij het verzoek aan het college de raad actief op de hoogte te houden Vergaderzaal 3 Hugo Muys van Holy 1. Agendacommissie 2.
Agenderingsverzoek College over Toeristisch beleid Besluit De commissie sprak over de ontwikkeling van nieuw toeristisch beleid richting 2030. Gestart wordt met een presentatie van de heer Geense van Dordrecht Marketing & Partners die het belang van gastvrijheid en de ontwikkeling van toeristisch beleid voor Dordrecht toelicht. De heer Geense heeft in zijn presentatie feiten en cijfers opgenomen. Hij heeft aangeboden om de achterliggende data later na te zenden. Mevrouw Veenstra en de heer Smit van adviesbureau Ginder geven een toelichting op de aanpak om te komen tot nieuw toeristisch beleid, waarbij ze hun eerste bevindingen delen met de commissie. De raads- en commissieleden hebben het college onder meer de volgende aandachtspunten meegegeven voor de verdere ontwikkeling van het beleid. Leefbaarheid en belangen van inwoners centraal stellen. T oerisme mag niet ten koste gaan van de kwaliteit van leven in de stad. Meerdere leden waarschuwden voor “Amsterdamse toestanden” en gaven aan dat een goede balans tussen bezoekers, leefbaarheid en natuur essentieel is. Sturen op kwaliteit in plaats van kwantiteit. Er was brede steun voor het aantrekken van bezoekers die langer verblijven, meer besteden en meer waarde toevoegen aan de stad, zoals verblijfstoeristen, hotelgasten en zakelijke bezoekers. Zakelijk toerisme biedt kansen.
Diverse leden zagen potentie in de verdere ontwikkeling van zakelijk toerisme, onder meer rondom het stationsgebied en in combinatie met andere stedelijke voorzieningen. Riviercruises vragen om duidelijke kaders. Er werd aandacht gevraagd voor de economische opbrengsten, maar ook voor de gevolgen voor milieu, gezondheid, leefbaarheid en bereikbaarheid. Raadsleden gaven mee dat riviercruises niet volledig aan de markt moeten worden overgelaten en dat de gemeente actief moet sturen, onder andere op walstroom en duurzaamheid. Bescherming van de Biesbosch en natuurwaarden. Bij verdere toeristische ontwikkeling moet een goede balans worden gevonden tussen recreatie en natuurbehoud. Logiesheffing nadrukkelijk meenemen. Verschillende leden vroegen aandacht voor een eerlijke en toekomstbestendige logiesheffing, eventueel als percentage van de overnachtingsprijs en met oog voor verschillende doelgroepen. Doelgroepenbeleid verder uitwerken. Er werd positief gereageerd op de focus op data en doelgroepen, maar gevraagd om breder te kijken dan de huidige focus op de Belgische en Duitse markt. Onder andere de Aziatische markt werd genoemd, mede in combinatie met Kinderdijk en Rotterdam. Lokale economische opbrengst vergroten. De wens is dat toerisme aantoonbaar ten goede komt aan lokale ondernemers en de Dordtse economie.
Daarbij werd aandacht gevraagd voor all-inclusive arrangementen van de riviercruises en de vraag in hoeverre bezoekers daadwerkelijk geld uitgeven in de stad. Mobiliteit en bereikbaarheid verbeteren. Verkeer, touringcars, vervoer binnen de stad en de relatie tussen toeristische locaties vragen verdere aandacht. Ook werd gewezen op de toeristische beleving die kan worden verstoord door autoverkeer. Meer samenhang in het toeristisch aanbod. Genoemd werden betere verbindingen met Kinderdijk, aandacht voor campings, toegankelijkheid voor minder validen, arrangementen die bezoekers ontzorgen en de verdere ontwikkeling van Dordrecht als evenementenstad. Samenvattend steunt de commissie de ontwikkeling van een datagedreven en doelgroepgericht toeristisch beleid, maar geeft het college nadrukkelijk mee om te sturen op kwaliteit, duurzaamheid, leefbaarheid en economische meerwaarde voor Dordrecht, met speciale aandacht voor riviercruises, natuurbescherming, mobiliteit, logiesheffing en de belangen van inwoners en lokale ondernemers. Groei van toerisme wordt daarbij niet als doel op zichzelf gezien. Vergaderzaal 5 Adriaan van Blijenburg 1. CTOO 2. Raadsinformatiebrief over Beleidsregels prioritering woningbouwprojecten ivm netcongestie - Raadsinformatiebrief Besluit 1. Oordeelsvormende bespreking over de volgende politieke vragen, allemaal van PRO Dordrecht: 1.
Vinden wij het wenselijk dat de raad geen zeggenschap krijgt in de – door omstandigheden noodzakelijke – prioritering van woningbouwprojecten? 2. Is de raad tijdig en voldoende meegenomen in de totstandkoming van de criteria op basis waarvan woningbouwprojecten worden geprioriteerd? 3. Welke weging willen wij als raad voor de verschillende criteria op basis waarvan woningbouwprojecten worden geprioriteerd? De nadruk in het debat ligt op het besluitvormingsproces door het college en het hierbij betrekken van de raad. Een aantal fracties vindt dat de raad niet goed in positie is gebracht. In april zijn al schriftelijke vragen gesteld over hoe raad wordt betrokken bij de prioritering. Aan de door het college vastgestelde prioritering liggen volgens hen ook politieke keuzes ten grondslag. Daar had de raad eerder in gekend kunnen en moeten worden. Welke ruimte is er om dat alsnog te doen? Andere fracties geven aan dat we ons geen uitstel kunnen permitteren. De spelregels kun je niet tijdens de wedstrijd aanpassen. Het college moet aan de slag met deze beleidsregels. Daarbij wordt gevraagd of de wethouder bereid is de beleidsregels te evalueren en deze evaluatie naar de raad te sturen voorafgaand de volgende indienronde.
Daarnaast wordt nog benoemd dat het lastig is de criteria voor de prioritering te wegen als nog altijd niet duidelijk is hoeveel capaciteit op het net beschikbaar is. Ook wordt gevraagd onder welke voorwaarden het college bereid is om de realisatie van kleinschalige stroomnetten of buurt electra-units te onderzoeken en stimuleren. Wethouder Burggraaf geeft aan dat het formele antwoord is dat vaststelling van beleidsregels een bevoegdheid van het college is. De wethouder heeft nog geen gemeente gevonden waar de raad direct betrokken is. Het college wilde de raad wel graag informeren. De tijd was ontzettend kort. Pas eind juni werd voor het eerst duidelijk dat er een rol voor gemeenten zou komen, pas begin juli was er een modelverordening van de VNG. 14 juli was de laatste raad voor het reces, die ochtend lag het pas voor het eerst in het college. Daardoor is de RIB pas tijdens het zomerreces naar de raad gekomen. Het college had de raad er wellicht explicieter op kunnen wijzen dat de RIB er lag. Het college wil graag evalueren na deze indienronde. De wethouder zegt toe de raad actief bij de evaluatie te betrekken en de raad te informeren over de uitkomsten. Het college heeft vooral nadruk willen leggen op projectrijpheid. De criteria hiervoor zijn op technische gronden gemaakt. Prioritering bij gelijke score is gebaseerd op door de raad vastgestelde beleidskaders.
Er worden gesprekken met Stedin gevoerd om informatie te krijgen. Stedin zit middenin ontwikkeltraject. Er zijn mogelijkheden voor decentrale energieopwekking, daar is de raad eerder al over geïnformeerd. Het college probeert dit te faciliteren en stimuleren. De wethouder doet de suggestie om een keer apart in de commissie dieper in te duiken op wat de mogelijkheden zijn om de netcapaciteit te vergroten. Er is onvoldoende steun voor het verzoek van PRO Dordrecht om de RIB als bespreekstuk naar de raad te sturen. De commissie besluit de RIB daarom ter kennisname naar de raad te sturen. PRO Dordrecht geeft aan een motie te overwegen. Als het tot een motie komt wordt het automatisch een bespreekstuk in de raad.