ontwerpbegroting OZHZ 2025.pdf
Tekst van het document
Ontwerpbegroting 2025 Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
Inhoud I
Algemene doelstellingen en ontwikkelingen .................................................................................................... 2 1.
Inleiding ...................................................................................................................................................... 2
2.
Missie, visie en kernwaarden ..................................................................................................................... 2
3.
Bestuur ....................................................................................................................................................... 3
4.
Planvorming ............................................................................................................................................... 4
5.
Ontwikkelingen ........................................................................................................................................... 5
6.
Financiële uitgangspunten van de begroting 2025 ................................................................................... 12
II
Kritische prestatie-indicatoren ........................................................................................................................ 13 1.
Algemene kentallen .................................................................................................................................. 13
2.
Vergunningen en meldingen ..................................................................................................................... 14
3.
Toezicht en handhaving ........................................................................................................................... 15
4.
Beoordeling en beschikkingen bodem ...................................................................................................... 15
III
Financiën ........................................................................................................................................................ 16 1.
IV
V
Algemeen ................................................................................................................................................. 16 Paragrafen...................................................................................................................................................... 21
1.
Inleiding .................................................................................................................................................... 21
2.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing .............................................................................................. 22
3.
Onderhoud kapitaalgoederen ................................................................................................................... 26
4.
Financiering .............................................................................................................................................. 29
5.
Bedrijfsvoering .......................................................................................................................................... 31 BIJLAGEN ...................................................................................................................................................... 39
Bijlage 1
Omzet 2024 en 2025 ....................................................................................................................... 39
Bijlage 2
Informatie voor verbonden partijen .................................................................................................. 41
Bijlage 3
Balans meerjarig .............................................................................................................................. 42
Bijlage 4
Begroting 2025 Structureel en incidenteel ....................................................................................... 44
1
Ontwerpbegroting 2025. Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
I
Algemene doelstellingen en ontwikkelingen
1.
Inleiding
De Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid (OZHZ) bestaat sinds 2011. De gemeenten in Zuid-Holland Zuid en de provincie Zuid-Holland bundelen sindsdien hun krachten bij de uitvoering van omgevingstaken: vergunningen, toezicht en handhaving en de inhoudelijke expertise die nodig is om deze taken goed uit te kunnen voeren en gemeenten en provincie te kunnen adviseren bij hun ambities en plannen in de leefomgeving. OZHZ werkt continu het verder verbeteren van de kwaliteit van zijn dienstverlening. Extra aandacht is er voor de relatie met de bestuurlijke en ambtelijke opdrachtgevers en de professionaliteit van de bedrijfsvoering. Een landelijk en een provinciaal traject geven bovendien impulsen voor verdere verbetering en optimalisering.
2.
Missie, visie en kernwaarden
“De Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid draagt bij aan een veilige, gezonde, duurzame en leefbare omgeving.” “OZHZ voert omgevingstaken uit voor de provincie Zuid-Holland en de gemeenten in Zuid-Holland Zuid. OZHZ verleent vergunningen, houdt toezicht, handhaaft waar nodig en handelt klachten af. Specialisten op het gebied van lucht, geluid, bodem en externe veiligheid ondersteunen bij het opstellen van ruimtelijke plannen. Ook houdt OZHZ toezicht op natuurgebieden in de provincie. OZHZ voert deze taken efficiënt en met kennis van het gebied uit en draagt daarmee bij aan een veilige, gezonde, duurzame en leefbare omgeving." “OZHZ creëert samen met de gemeenten en de provincie een veilige, gezonde, duurzame en economische vitale leefomgeving voor inwoners en bedrijven. De medewerkers van OZHZ doen dat op een transparante, oplossingsgerichte, efficiënte wijze, met kennis van het gebied. De focus ligt daarbij op het leveren van een concrete bijdrage aan maatschappelijk gewenste ontwikkelingen.
OZHZ biedt daarvoor een professionele werkomgeving, geeft ruimte aan de eigen ontwikkeling en stimuleert integraal denken en handelen." Ontwikkelingen en ambities Mede naar aanleiding van de landelijke (IBP; Interbestuurlijk programma Versterking VTH-stelsel) en overige (resultaten van de externe visitatie in 2023) ontwikkelingen (zie hoofdstuk 5) is de vraag gesteld naar de toekomst van de dienst. Waar zit OZHZ zichzelf over 5 jaar staan en hoe ziet de dienstverlening er dan uit. In het plan van aanpak naar aanleiding van de toetsing aan de robuustheidscriteria (AB van 28 maart 2024) zijn de ambities van OZHZ voor de toekomst verwoord. Samengevat luiden deze als volgt: •
Uitvoering van brede omgevingstaken voor zoveel mogelijk gemeenten in Zuid-Holland Zuid. OZHZ voert voor zijn opdrachtgevers al een breed pakket aan omgevingstaken uit. Niet alleen op het gebied van milieu, maar voor enkele opdrachtgevers ook op het gebied van bouwen, brandveiligheid, APV en enkele bijzondere wetten. Dat maakt het mogelijk om vraagstukken integraal te benaderen en de opdrachtgevers goed te adviseren. Ambitie is om deze brede taakuitvoering uit te voeren voor zoveel mogelijk gemeenten in Zuid-Holland Zuid. Zowel voor de kwaliteit van de leefomgeving als
2
Ontwerpbegroting 2025. Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
kostentechnisch geeft dit de gemeenten belangrijke schaalvoordelen. Zeker met het oog op de financiële ombuigingen vanaf 2026 lijkt een verkenning in deze meer dan de moeite waard. •
Intensivering van de samenwerking van de Zuid-Hollandse omgevingsdiensten. In Zuid-Holland gaan de vijf omgevingsdiensten verder met intensivering van de samenwerking. Dit met als doel dat zij ook in de toekomst voldoende robuust zijn voor de uitdagingen en opgaven die dan spelen. Dit heeft de afgelopen jaren al geleid tot goede resultaten, bijvoorbeeld op het gebied van arbeidsmarkt (‘De Betere Wereldbaan’) en kennisdeling. Samenwerking vanuit de inhoud zal leiden tot verbetering van de uitvoering en tot mogelijk andere schaalgrootte op taakniveau. Naar de toekomst toe zou dat organisatorische veranderingen kunnen opleveren, maar die vraag is nu nog niet aan de orde. Onder andere gaan de vijf omgevingsdiensten de samenwerking op schaarse expertises en bij de aanpak van innovatie (zoals de maatschappelijke transitieopgaven) verder versterken, in navolging van de acties die zij al hebben ingezet bij de strafrechtelijke handhaving en bij het datagestuurd werken ten behoeve van prioriteitstelling, programmering en uitvoering van de VTH-taken. De gezamenlijke besturen van de omgevingsdiensten hebben de omgevingsdiensten hiertoe een bestuurlijke vervolgopdracht gegeven.
Voor de organisatie van OZHZ betekenen deze ontwikkelingen dat verder geïnvesteerd moet worden in: •
Het optimaliseren van de datahuishouding en het inzicht waar data het verschil kan maken.
•
Het op orde brengen en houden van noodzakelijke expertises en competenties overeenkomstig de strategische personeelsplanning.
•
Het implementeren van nieuwe sturingsafspraken binnen de dienst, waarbij zelforganisatie van de teams in de plaats komt van de zelfsturing van de medewerkers en met oog voor de genoemde kernwaarden van de organisatie.
3.
Bestuur
OZHZ is een gemeenschappelijke regeling. De bestuurlijke verantwoordelijkheid voor het beheer van de dienst en de algemene kwaliteit van werken ligt bij het dagelijks bestuur (DB). De gemeenten en de provincie zijn individueel opdrachtgever van OZHZ en zijn ook elk voor zich bestuurlijk verantwoordelijk voor het uitvoeringsbeleid van de taken die OZHZ voor hen uitvoert. Het opdrachtgeverschap voor regionale taken en programma’s en de zorg voor een uniform uitvoeringsbeleid ligt bij het algemeen bestuur (AB). Naast het DB en AB heeft OZHZ een auditcommissie. Deze bestaat uit 3 leden van het AB, die geen DB-leden zijn. Deze commissie adviseert het AB over financiële zaken en bedrijfsvoeringaspecten, in het bijzonder over de gang van zaken rond beleid en de financiële zaken die ermee samenhangen (planning en controlcyclus). De auditcommissie richt zich op alle activiteiten die van belang zijn voor een adequate beheersing van OZHZ op het gebied van rechtmatigheid, doelmatigheid en doeltreffendheid ten aanzien van de kaderstellende en controlerende verantwoordelijkheid van het AB. De directeur van OZHZ legt over het functioneren van de dienst verantwoording af aan het DB. Bij de voorbereiding van de vergaderingen van DB en AB adviseren twee adviesgroepen de directie:
• •
Vanuit de collectieve opdrachtgeversrol: de Adviesgroep Opdrachtgevers (AGO). Vanuit de eigenaarsrol: de Adviesgroep Eigenaren (AGE).
3
Ontwerpbegroting 2025. Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
4.
Planvorming
Het AB is zowel collectief eigenaar als collectief opdrachtgever. OZHZ werkt met vier vormen van plannen.
1.
Individuele jaarprogramma's gemeenten en provincie
De opdrachten voor OZHZ (wat) staan in de individuele jaarprogramma’s per gemeente en provincie. 2.
Ontwikkelaanpak 2022 - 2025
OZHZ en zijn opdrachtgevers zien daarnaast in de maatschappelijke opgaven van de gemeenten en provincie in de komende periode belangrijke kansen en uitdagingen. Deze opgaven zijn van dermate omvang en belang dat gekozen is voor een programmatische, doelgerichte aanpak. Voor 2022 tot en met 2025 heeft OZHZ meerdere programmalijnen, die aansluiten op wat de regio het hardst nodig heeft, wat op rijksniveau speelt en die passen in de huidige collegeprogramma's. Deze aanpak (de 'innovatieagenda' van OZHZ) bestaat 4 programma's: •
Werken met de Omgevingswet.
•
Toekomstgerichte gebiedsontwikkeling.
•
Samen meer grip op milieuschade.
•
Beter benutten van data.
4
Ontwerpbegroting 2025. Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
De ontwikkelaanpak werkt met jaarschijven. Dit maakt een meerjarige aanpak mogelijk. We behouden daarmee ook flexibiliteit (en dus ook budgetruimte) om in te spelen op actuele opgaven. 3.
Nota Uitvoering
De wijze waarop de dienst inhoudelijk de taken uitvoert (hoe) is primair vastgelegd in het uitvoeringsbeleid van de gemeenten en provincie. In 2024 wordt aan elke gemeente gevraagd de herziene 'Nota Vergunningen, Toezicht & Handhaving (VTH) voor de gemeentelijke taken door OZHZ 2025 – 2028' vast te stellen. Voor provinciale taken werkt OZHZ aan de hand van het provinciale uitvoeringsbeleid. Alle gemeenten en de provincie passen bovendien de Landelijke Handhavingstrategie Omgevingsrecht toe voor de taken die OZHZ voor hen uitvoert. Genoemde beleidsdocumenten zijn in 2023 geactualiseerd met het oog op inwerkingtreding van de Omgevingswet. Vanwege de overgang van bodemtaken van provincie naar gemeenten is ook een regionaal uitvoeringsniveau voor deze taken opgesteld (het RUN Bodem). Het bestuur van OZHZ is zelf niet bevoegd om uitvoeringsbeleid vast te stellen voor de uitvoering van de VTHtaken. De Nota Uitvoering vat alleen samen met welke beleidskaders van gemeenten en provincie OZHZ de opgedragen VTH-taken uitvoert en welke ontwikkelingen te verwachten zijn de komende jaren. OZHZ actualiseert de Nota Uitvoering in 2024. 4.
Nota Bedrijfsvoering
De Nota Bedrijfsvoering geeft de meerjarige kaders voor de bedrijfsvoering. Op grond van deze kaders kan OZHZ de organisatie verder inrichten. Daarmee wordt een effectieve en efficiënte uitvoering van de taken structureel geborgd. Anderzijds maken de kaders het mogelijk om adequaat in te spelen op de uitdagingen van de toekomst. Tot slot biedt de nota duidelijkheid over de afspraken die OZHZ individueel kan maken met de opdrachtgevers. De nota is in 2021 geactualiseerd en bestuurlijk vastgesteld voor de periode 2022-2026. Landelijke ontwikkelingen in het kader van het Interbestuurlijk Programma ter versterking van het VTH-stelsel en ontwikkelingen in de interne bedrijfsvoering maken dat het financieringsmodel van OZHZ, en daarmee ook de Nota Bedrijfsvoering, dient te worden geactualiseerd. Dit wordt naar verwachting in 2025 gedaan.
5.
Ontwikkelingen
Maatschappelijke en economische ontwikkelingen hebben een groot effect op de fysieke leefomgeving. Zij zijn een belangrijk ingrediënt voor de keuzes en afwegingen bij gemeenten en provincie. Denk aan opgaven en ambities over woningbouw, klimaat, stikstof, energie en veiligheid. Deze zorgen voor een grote druk op de fysieke leefomgeving. OZHZ faciliteert bij uw afwegingen in de fysieke leefomgeving Maatschappelijke en economische ontwikkelingen hebben een groot effect op de fysieke leefomgeving. Met expertise op het gebied van lucht, geluid, bodem, externe veiligheid en duurzaamheid is OZHZ de aangewezen partij om uw afwegingen te faciliteren. Actuele vraagstukken over woningbouw, klimaat, energie en veiligheid benadrukken het belang van een robuuste en bestuurlijk goed verankerde omgevingsdienst. Nieuwe rolverdeling tussen overheid, inwoners en ondernemers Nieuwe wet- en regelgeving leidt tot een andere rolverdeling tussen overheid, inwoners en ondernemers. Belangrijk voorbeeld is de Omgevingswet. OZHZ bereidde zich samen met zijn deelnemers voor op de
5
Ontwerpbegroting 2025. Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
inwerkingtreding per 2024. Tegelijkertijd verschoof het bevoegd gezag voor een groot deel van de bodemtaken van provincie naar gemeenten. Met de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) ging de markt een deel van het bouwtoezicht uitvoeren maar blijft de overheid verantwoordelijk voor het totale systeem van toezicht. Het toezicht op de energiebesparing kreeg een belangrijke impuls door een sterkere wettelijke verankering. Tot slot regelt de Wet open overheid, op termijn, het actief openbaar maken van onder meer vergunningen en handhavingsbeschikkingen. Veilig, gezond en duurzaam wonen, werken en recreëren Onze inwoners willen veilig, gezond én duurzaam wonen, werken en recreëren. OZHZ voert, in opdracht, de VTH-taken (vergunningverlening, toezicht en handhaving) uit voor uw bestuur. Ook ondersteunen wij uw bestuur met expertise op het gebied van ruimtelijke ordening en milieu. Hierna beschrijven we de belangrijkste opgaven waar wij als omgevingsdienst, samen met de deelnemers, voor staan. Soms is dit vanuit hun rol als eigenaar, dan weer vanuit de rol als opdrachtgever of bevoegd gezag. De opgaven voorzien we zoveel mogelijk van een financiële vertaling. OZHZ gaat over de specifieke invulling daarvan met de deelnemers in gesprek in aanloop naar hun eigen begroting 2025. Het gaat om de volgende onderwerpen: 1.
Algemene financiële context.
2.
Kwaliteitsimpuls vergunningverlening, toezicht en handhaving.
3.
Inwerkingtreding van de Omgevingswet.
4.
Overdracht van bodemtaken.
5.
Zeer Zorgwekkende Stoffen.
6.
Stikstof en soortenbescherming.
7.
Energieagenda, energielabel C en personenmobiliteit.
8.
De bouwopgave.
9.
Circulaire economie
10.
Uitdagingen in de bedrijfsvoering.
De onderstaande tekst bevat een samenvatting van de belangrijkste onderwerpen zoals benoemd in onze begrotingsrichtlijnen 2025 (AB 30 november 2023). In de bestuursrapportages doet OZHZ verslag over de voortgang en overige ontwikkelingen op deze onderwerpen. Ad 1) Algemene financiële context De inflatie, toekomstige begrotingsruimte en krappe arbeidsmarkt leiden al enige tijd tot grote (financiële) onzekerheid bij gemeenten, provincie en OZHZ. OZHZ dekte het effect van de inflatie in 2023 incidenteel uit de eigen begroting. Dit leidde tot een afname van het weerstandsvermogen. Er zijn afspraken gemaakt om het weerstandsvermogen weer op niveau te brengen. Constatering eind 2023 was ook dat het noodzakelijk was de begroting 2024 aan te passen door een extra verhoging van de tarieven met 2% toe te passen. OZHZ had in de tarieven van 2024 namelijk rekening gehouden met een fors lagere loonontwikkeling ten opzichte van de loonontwikkeling uit de Septembercirculaire 2023. Ook de inflatie voor de prijsontwikkeling was hoger dan gemiddeld. De inwonerbijdrage diende te worden verhoogd met de genoemde 2%. Het AB stelde op 28 maart 2024 daarom de eerste wijziging van de begroting 2024 vast.
6
Ontwerpbegroting 2025. Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
Vanaf 2026 dalen de inkomsten uit het Gemeentefonds (ravijnjaar). Op 28 maart 2024 stelde het AB daarom de volgende bestuursopdracht vast: "Het nader uitwerken van bezuinigingsmogelijkheden en/of inhoudelijke keuzes die bijdragen aan het beheersbaar houden van de financiële positie van de gemeenten en provincie. Uitgangspunt is een collectieve aanpak langs de volgende lijnen: •
Externe budgetten OZHZ.
•
Efficiëntie in processen.
•
Inhoudelijke keuzes van de deelnemers (individueel of regionaal).
•
Kostenbesparingen bij de deelnemers door taken regionaal uit te laten voeren.
De uitwerking krijgt gestalte in nauwe samenwerking met de ambtelijke vertegenwoordigers van gemeenten en provincie. Bestuurlijke agendering van de resultaten vindt plaats bij de Begrotingsrichtlijnen 2026". Ad 2) Kwaliteitsimpuls vergunningverlening, toezicht en handhaving OZHZ is nauw betrokken bij het Interbestuurlijk Programma Versterking VTH-stelsel (het IBP), een rijksbreed traject ter versterking van de VTH-taken van omgevingsdiensten. Landelijk lopen initiatieven om te zorgen voor een duurzaam vervolg na afloop van dit programma (halverwege 2024). Het IBP leidt tot eisen waaraan alle omgevingsdiensten voor 1 april 2026 duurzaam moeten voldoen. De robuustheidscriteria stellen onder andere eisen aan de financiering van de VTH-taken en de mogelijkheden tot innovatie en opleidingen. Ook de kwaliteit, het gebruik en het uitwisselen van data is een eis die vanuit robuustheid wordt gesteld. OZHZ berichtte het ministerie van IenW eind 2023 aan welke eisen nog niet helemaal wordt voldaan, i.c. de hoogte van het opleidingenbudget en business-intelligence. OZHZ richt de versterking vooral op de informatiepositie, samenwerking in de keten en het opbouwen en behouden van expertise in de krappe arbeidsmarkt.
Een en ander staat in de plannen van aanpak die het AB op 28 maart 2024 vaststelde naar aanleiding van de zelftoetsing aan de landelijke robuustheidscriteria en van de externe visitatie van OZHZ. OZHZ werkt hierin samen met de andere omgevingsdiensten in Zuid-Holland op basis van een bestuursopdracht van de gezamenlijke DB's. Dekking is voorzien in de begroting 2025 en verder. OZHZ rapporteert vanaf 2024 via de reguliere BURAPs over de stand van zaken. Bij het aanbieden van hun plannen van aanpak over de robuustheidscriteria (voor 1 april 2024) wijzen de ZuidHollandse omgevingsdiensten de staatssecretaris van IenW bovendien op zijn stelselverantwoordelijkheid zoals ook al eerder door IPO en VNG geformuleerd. Over de reikwijdte hiervan is namelijk regelmatig discussie. OZHZ sluit zich aan bij de definitie dat stelselverantwoordelijkheid inhoudt het “scheppen van de juiste randvoorwaarden om het VTH-stelsel goed te kunnen laten functioneren”, ook na afloop van het IBP VTH en binnen de verantwoordelijkheidsverdeling van het stelsel. Dit betekent het structureel organiseren van: •
Het schrijven van goede, heldere en actuele regelgeving, op basis van ervaringen in de uitvoeringspraktijk, zodat uitvoerders tijdig de instrumenten hebben om in de praktijk adequaat te handelen.
•
Het borgen van een goed functionerende landelijke kennisinfrastructuur met landelijke regie en betrokkenheid van alle partijen die bijdragen aan een goede uitvoering van VTH-taken.
•
Het organiseren en borgen van een landelijke uniforme informatie-uitwisseling en informatievoorziening.
7
Ontwerpbegroting 2025. Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
•
Het beschikbaar stellen van structurele passende financiering voor het doorvoeren van de door het IBP voorgestelde verbeteringen in de VTH-taken in de praktijk en het bestendigen van deze verbeterslag in de toekomst.
•
Het maken van afspraken over ieders rol binnen een goed functionerend VTH-stelsel, en elkaar daar ook op durven aan te spreken.
In 2024 werkt OZHZ verder uit wat nodig is om te voldoen aan de landelijke robuustheidscriteria en andere bedrijfsmatige componenten vanuit het IBP. Een en ander wordt dan opgenomen in de geactualiseerde Nota Bedrijfsvoering. Ad 3) Inwerkingtreding van de Omgevingswet OZHZ heeft inhoudelijke en financiële basisafspraken gemaakt met gemeenten over de consequenties van de Omgevingswet. Deze gelden met ingang van 1 januari 2024. OZHZ neemt het initiatief om met de opdrachtgevers in gesprek te blijven over de goede werking van deze afspraken. OZHZ monitort actief de uitvoering van de Omgevingswet. Belangrijke signalering nu al is dat gemeenten geen uniforme definities opnemen in hun omgevingsplannen. Dat komt de uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid niet ten goede en in de uitvoering kan het ook kostenverhogend werken. Daarnaast zijn goede afspraken nodig met de bevoegde gezagen over het integraal beoordelen van ingekomen vergunningaanvragen. Door het vervallen van het onlosmakelijkheidscriterium (de situatie waarin bijvoorbeeld alleen een vergunning voor het bouwen wordt aangevraagd terwijl ook een (aparte) vergunning voor milieu of natuur nodig is) bestaat het risico op klachten en handhaving achteraf en op vertraging bij de initiatiefnemer.
2024 staat in het teken van het opdoen van ervaringen en het maken van aanvullende specifieke afspraken over een aantal taken (bodemsanering, natuurwetgeving, lucht en geluid). Uitgebreidere uitwerking vindt plaats in de individuele jaarprogramma's 2025. Inbedding van deze afspraken kan vragen om maatwerk per opdrachtgever. Indien het niet in de jaarprogramma’s past dan worden extra financiële afspraken gemaakt. Ad 4) Overgang van bodemtaken Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet ging het bevoegd gezag over de bodemtaken grotendeels over van de provincie naar de gemeenten. De omvang van de rijksmiddelen blijft echter nog onzeker. Er komen geen specifieke extra middelen in het gemeentefonds voor de apparaatskosten. Het nieuwe Regionaal Uitvoeringsniveau (RUN) bodem biedt een basis voor de begroting van de VTH-taken voor bodem. 2024 is het eerste jaar waarin risicogericht bodemtoezicht plaatsvindt op basis van het RUN-bodem. Daarbij brengt OZHZ de financiële consequenties in kaart ten behoeve van de jaarprogrammering 2025. OZHZ adviseerde de gemeenten in de voorjaarsbrief om, naast het structurele budget, ook het incidentele budget opnieuw te reserveren. Ad 5) Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) ZZS zijn voor mens en milieu gevaarlijke stoffen. Negatieve effecten kunnen zich zowel op korte als op lange termijn voordoen.
De actuele ontwikkelingen rondom de PFOA-emissies van Chemours krijgen inmiddels op regionaal, provinciaal en landelijk niveau veel bestuurlijke en maatschappelijke aandacht. Vanuit het budget 2025 voor de Ontwikkelaanpak (innovatieagenda) vindt verder onderzoek plaats naar de organisatie van taken op het gebied van ZZS. Het is nog veel pionieren, onderzoeken en daarna organiseren. Continue aandacht voor dit thema blijft nodig, onder andere voor het ontwikkelen van een data- en risicogerichte werkwijze voor (nieuwe) ZZS-en en het ontwikkelen van VTH-werkwijzen voor meldingsplichtige MBA's onder de Omgevingswet.
8
Ontwerpbegroting 2025. Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
De provincie Zuid-Holland vraagt om het onderwerp ZZS vanaf 2026 goed te integreren in de vaste afspraken in de jaarprogramma's van de Omgevingsdiensten. OZHZ werkt uit of en hoe dit voor gemeenten kan worden opgepakt. Ad 6) Stikstof en soortenbescherming De stikstofproblematiek en de uitspraak van de Raad van State leiden tot uitdagingen op het gebied van vergunningverlening. In de Wet stikstofreductie en natuurverbetering is opgenomen dat in 2035 tenminste 74% van de ‘kritische depositiewaarden’ (KDW) niet meer wordt overschreden. Het thema stikstof raakt de grotere opgaven van gemeenten, zoals woningbouw en economische ontwikkelingen. OZHZ adviseert de gemeenten bij vragen en door middel van nieuwsberichten over de actualiteiten op het gebied van stikstof en bij vragen. Op het gebied van soortenbescherming is belangrijk dat de woningeigenaar bij isolatiewerkzaamheden rekening moet houden met de eventuele aanwezigheid van vleermuizen in spouwmuren. Dit is een extra stimulans voor gemeenten om soortenmanagement-plannen (SMP's en pre-SMP's) op te stellen. OZHZ kan de gemeente adviseren ten aanzien van SMP's. OZHZ controleert namens de provincie Zuid-Holland op de voorschriften die in deze SMP's zijn opgenomen en natuurlijk op andere ontheffingen en vergunningen die door de Omgevingsdienst Haaglanden worden afgegeven ten aanzien van beschermde soorten.
Ad 7) Energieagenda, energielabel C en personenmobiliteit Energieagenda De E-agenda is een programma van OZHZ om de energietransitie in de regio te versnellen. Het programma draagt bij aan de besparingsdoelen van de Regionale Energiestrategieën (RES). De toezichttaken binnen de Eagenda behoren tot de basistaak van OZHZ. Het stimulerend spoor (de inzet van preventieve instrumenten om bovenwettelijke duurzame maatregelen te stimuleren) is noodzakelijk, omdat met alleen wettelijk verplichte maatregelen de RES-doelstellingen niet worden gerealiseerd. Doorzetten van de E-agenda is noodzakelijk. Energietoezicht is een basistaak en het stimulerend spoor draagt verder bij aan het realiseren van de RES-doelstellingen. De invulling is afhankelijk van de behoeften van onze opdrachtgevers en van landelijke en lokale ontwikkelingen. Om de energiebesparingsdoelstelling kracht bij te zetten stelt het rijk extra middelen in een SPUK-subsidie beschikbaar voor additioneel toezicht op energiebesparing. Voor OZHZ gaat het om circa € 250.000 per jaar tot en met 2026. Energielabel C Sinds 1 januari 2023 moeten alle kantoren groter dan 100 m2 voorzien zijn van energielabel C of hoger. OZHZ voert het toezicht uit indien de gemeenten dat verzoeken en structureel financieren omdat het een doorlopende taak is en het de verwachting is dat de verplichting periodiek wordt aangescherpt.
Personenmobiliteit Vanaf maart 2025 controleren de omgevingsdiensten de rapportageplicht personenmobiliteit. Bedrijven met meer dan 100 fte moeten vanaf 1 juni 2024 de personenmobiliteit registreren. OZHZ brengt de financiële consequenties van deze nieuwe taak in kaart ten behoeve van de jaarprogrammering 2025. Gemeenten ontvangen hiervoor middelen via het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, als onderdeel van de bredere regeling voor uitvoeringslasten klimaatbeleid.
9
Ontwerpbegroting 2025. Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
Ad 8) Bouwopgave Onderzoekers verwachten een dip in de woningbouwproductie de komende twee jaar vanwege de prijsstijgingen en stikstofproblematiek. Tegelijkertijd is er sprake van een forse bouwopgave. Verwachting is dat de dip meer dan gecompenseerd wordt in de jaren daarna. De uitdaging is daarom om de capaciteit bij gemeenten en OZHZ beschikbaar te houden. OZHZ en gemeenten maken hierover waar mogelijk en gewenst nadere afspraken. OZHZ voert op dit moment de bouwtaken uit voor de gemeenten Alblasserdam en Dordrecht. Ambitie is om dit voor meer gemeenten te gaan doen. Deze ambitie is ook onderdeel van de uitwerkingsopgave van de bestuursopdracht als bedoeld in ad 1). De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) heeft gevolgen voor alle gemeenten. Per saldo leidt het nieuwe stelsel tot meerwerk voor de gemeenten. Daarnaast heeft de Wkb effect op de legesinkomsten. Na de start van de Wkb is toezicht nodig op de lopende trajecten (oude regime), terwijl de leges al in het jaar of de jaren voorafgaand aan de Wkb ontvangen zijn. OZHZ monitort de gevolgen van de Wkb en adviseert de gemeenten een deel van de legesinkomsten te reserveren voor 2025, als ook verbouw onder de Wkb valt. Ad 9) Circulaire economie Het Rijksbrede programma 'Nederland circulair in 2050' streeft naar een afvalvrije economie met als doel in 2030 50% minder primaire grondstoffen in Nederland te gebruiken.
Wetgeving wordt aangepast om een circulaire economie te stimuleren, maar ook omdat de huidige wetgeving soms een belemmering is bij het streven naar een circulaire economie. OZHZ bereid zich voor op deze veranderingen omdat deze directe gevolgen heeft voor de VTH-taken. Waar het Landelijke Afvalbeheerplan het toetsingskader bij vergunningverlening was wordt dit het Circulair Materialenplan. Deze voorbereidingen financiert OZHZ uit de Ontwikkelaanpak en uit provinciaal budget. Gezien de kennis die OZHZ opdeed vanuit de primaire taakuitvoering is met gemeenten het gesprek gevoerd over wat OZHZ kan betekenen. Hier is onder meer uit voortgekomen dat OZHZ een voorzitter levert voor het overleg van de circulaire regio waar alle gemeenten uit de regio Zuid-Holland Zuid aan deelnemen. Doel van het overleg is het delen en ontwikkelen van kennis. Gezien de kennis die OZHZ heeft over de bedrijven in de regio kunnen bijvoorbeeld ook analyses gemaakt worden van het regionale circulariteitspotentieel van bedrijventerreinen. Ook kan OZHZ inzicht geven in regionale en/of provinciale grondstofstromen. OZHZ heeft de gemeenten in de voorjaarsbrief al voorgesteld om vanaf 2025 budget te reserveren voor de uitvoering van collectieve taken. In het AB van 11 juli 2024 komt OZHZ met een concreet voorstel. De financiële vertaling volgt daarna in de jaarprogrammering 2025.
Ad 10) Uitdagingen in de bedrijfsvoering Bestuurlijke en maatschappelijke ontwikkelingen vragen verandering van taakinvulling, rol, cultuur en processen binnen de organisatie. De Omgevingswet gaat bijvoorbeeld uit van een meer integrale benadering van vraagstukken en van meer maatwerkoplossingen. De energiebesparingsplicht vraagt om een goed evenwicht tussen het adviseren en het uitoefenen van toezicht. Ook bij de woonopgave in de regio komen vergunningverlening, ruimtelijke ordening, natuurwetgeving en stikstof steeds nadrukkelijker samen. Het rijksbrede traject ter verbetering van het VTH-stelsel vraagt om een intensivering op het gebied van expertiseopbouw en informatiehuishouding.
10
Ontwerpbegroting 2025. Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
Krappe arbeidsmarkt De maatschappelijke opgaven gaan gepaard met een grote krapte op de arbeidsmarkt. We zien landelijk een tekort aan ervaren personeel. Dit speelt inmiddels op alle fronten; van bouwkundig personeel (vergunningverleners, constructeurs, toezichthouders), milieuspecialisten (bijvoorbeeld voor externe veiligheid, lucht en geluid) tot ICT-adviseurs. De huidige arbeidsmarkt leidt direct tot krapte op de inhuurmarkt en hoge tarieven. De normale ‘inhuurbuffer’ bij vacatures komt daarbij onder druk te staan. OZHZ is zeer actief in het werven van nieuwe medewerkers en werkt daarbij samen met de andere omgevingsdiensten in het land. In maart 2024 is een landelijke campagne van start gegaan om het werken bij omgevingsdiensten te promoten en de naamsbekendheid te vergroten: www.werkenbijdeomgevingsdiensten.nl. Met actieve werving en opleidingen doet OZHZ er alles aan om al het werk op het afgesproken kwaliteitsniveau uit te voeren, binnen de wettelijke termijnen. Ondanks dat zijn sommige functies kwetsbaar bij uitval of vertrek van medewerkers of bij pieken in het werkaanbod. Meer fundamentele oplossingen zijn nodig om medewerkers verder te boeien en binden aan de organisatie; bijvoorbeeld verruiming van de mogelijkheden tot ontplooiing en groei.
Data en informatie Maatschappelijke ontwikkelingen en wetgeving zoals de Wet open overheid vragen om steeds meer publieke informatie en inzicht in de besluitvorming van de overheid. Ook de Omgevingswet vereist dat applicaties, processen en documenten duurzaam toegankelijk zijn. OZHZ schoont momenteel de archieven op. In het verlengde werken we uit hoe we willen omgaan met de informatie uit de archieven (geheel of gedeeltelijk digitaliseren), maar ook hoe we de data in de toekomst het beste kunnen gaan opslaan. Belangrijk is dat we de data-toegankelijkheid en de kwaliteit van de data optimaliseren. Het is zoals gezegd een van de eisen uit de landelijke robuustheidscriteria (business intelligence). Door de vorming van de unit Data en ICT verankeren we de strategische en tactische sturing op data en ICT. En gaat data concreet waarde toevoegen aan de producten van OZHZ. Uitgangspunten van de werkwijze zijn: risicogericht, datagestuurd en een ketenaanpak. Ook bij de Omgevingswet en de wettelijke energiebesparingsplicht neemt het belang van data toe. Aanpassingen in de bedrijfsvoering OZHZ blijft de bedrijfsvoering herzien om effectief in te spelen op al deze ontwikkelingen.
Naast de vorming van de unit Data en ICT kijkt OZHZ kritisch naar de mogelijkheden in het financieringsmodel om innovatie, de noodzakelijke opbouw en het behoud van expertise, het inwerken van nieuwe medewerkers en het inregelen van nieuwe taken te faciliteren. Ook het verminderen van de administratieve lastendruk heeft hoge prioriteit. Dit heeft effect op de indicatoren van de Nota Bedrijfsvoering. Voorbeelden zijn de productiviteit, overhead, flexibele capaciteit en de tariefstructuur.
11
Ontwerpbegroting 2025. Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
6.
Financiële uitgangspunten van de begroting 2025
De gemeenten en gemeenschappelijke regelingen in de regio Zuid-Holland Zuid werken met eenduidige kaders voor de begroting. Daarnaast stelt de provincie Zuid-Holland (PZH) jaarlijks de provinciale (financiële) uitgangspunten op en aandachtspunten voor de meerjarenbegroting. Op grond van de regionale en provinciale kaders beslist het AB elk jaar in november over de kaders of richtlijnen voor de begroting van het jaar t+2 van OZHZ. Het AB stelde op 30 november 2023 de kaders (richtlijnen) voor de begroting 2025 vast. Deze zijn de basis voor de voorliggende begroting. Het besluit van het AB was als volgt. 1.
Het AB stelde de inhoudelijke onderwerpen voor de begrotingsrichtlijnen 2025 vast. Deze zijn verwerkt in de voorjaarsbrief die OZHZ in maart 2024 stuurde naar de gemeenten en provincie. De daarin opgenomen onderwerpen zijn hiervoor al samengevat.
2.
Inzake de indexering besloot het AB als volgt: a)
Het uurtarief 2024 aanvullend te indexeren met 2%. Het uurtarief 2024 komt daarmee uit op € 107,87.
b)
De budgetten wettelijke taken (jaarprogramma’s) en inwoner-bijdrage 2024 aanvullend te indexeren met 2%.
c)
De budgetten wettelijke taken (jaarprogramma’s), inwoner-bijdrage en tarieven 2025 te indexeren met 4,3%.
d)
Het uurtarief 2025 vast te stellen op € 112,46.
e)
Indien opdrachtgevers hun jaarprogramma niet of met een lager percentage indexeren, dit te beschouwen als een volumetaak-stelling waarop de frictiebepaling van de bijdrageverordening OZHZ van toepassing is.
Daarbij besloot het AB tevens om: -
De voorgenomen wijziging van de begroting 2024 vanwege de aanvullende indexering 2024 snel na de besluitvorming op 30 november 2023 voor zienswijze voor te leggen aan de raden en Provinciale Staten. De ingekomen zienswijzen hebben niet geleid tot aanpassing van het voorgenomen besluit. Het AB stelde daarom op 28 maart 2024 de begrotingswijziging 2024 ongewijzigd vast. Met gemeenten die hun volume willen aanpassen worden maatwerkafspraken gemaakt. Voor zover tijdig beschikbaar zijn die afspraken in de voorliggende begroting verwerkt.
-
Aan onderdeel e van besluit 2 een pragmatische uitwerking te geven, waarbij ruimte is voor maatwerk in de volumes. OZHZ is hierover in gesprek gegaan met de deelnemers die in hun zienswijzen aangaven behoefte te hebben aan genoemd maatwerk in de volumes. Het maatwerk is in de voorliggende begroting verwerkt.
-
Samen met de andere gemeenschappelijke regelingen en omgevingsdiensten de verdere efficiency- en samenwerkingsmogelijkheden te onderzoeken. Het AB stelde hiertoe op 28 maart 2024 de eerdergenoemde bestuursopdracht vast.
12
Ontwerpbegroting 2025. Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
II
Kritische prestatie-indicatoren
1.
Algemene kentallen
Het AB heeft in de bijdrageverordening de kaders voor financiën en kwaliteit opgenomen. In de algemene prestatie indicatoren is de naleving van deze verordening opgenomen. Naast het rapporteren van (financiële) gegevens als zodanig, is ook het tijdig bespreken en tussentijds informeren en communiceren met de opdrachtgevers een belangrijke algemene prestatie indicator. Met de deelnemers zijn prestatieafspraken gemaakt. OZHZ moet deze afspraken binnen een bandbreedte van 90% - 110% realiseren. Essentieel voor het behalen van de omzetdoelstelling is de productiviteit van de medewerkers. Voor een sluitende exploitatie van OZHZ is het noodzakelijk dat de productieve medewerkers voor gemiddeld 1.388 uur per FTE productief zijn. De gemiddelde productiviteit is gedaald van 1.410 naar 1.388 uur per FTE. Oorzaak hiervan is de harmonisatie van het bovenwettelijk verlof per 1 januari 2023 (1 extra vrije dag vanaf 2023) en het Principeakkoord cao's voor de gemeentelijke sector (1 extra vrije dag in 2023 en 1 extra vrije dag vanaf 2024). De omzet van OZHZ is per taakveld in verschillende mate variabel. Voor de wettelijke (VTH) taken geldt dat budgetten binnen zekere marges mogen fluctueren. Voor de adviestaken geldt dat er tot dusver geen sprake is van enige verplichting voor gemeenten om opdrachten bij OZHZ neer te leggen.
Tegen deze achtergrond hanteert OZHZ de doelstelling van een gemiddelde flexibele schil van 10%. Het aandeel overhead (ondersteuning en management) wordt begrensd op 27,3% van de totale formatie, inclusief de capaciteit van de flexibele schil met overheadtaken. Zie hierover de Nota Bedrijfsvoering van OZHZ. In de begrotingsrichtlijnen 2025 is opgemerkt dat OZHZ een fundamentele herziening start op de bedrijfsvoering. Landelijk zullen in 2024 vanuit het IBP voorstellen aan alle omgevingsdiensten worden gedaan voor herziening van het financieringsmodel. Dit heeft mogelijk effect op de belangrijkste uitgangspunten van de Nota Bedrijfsvoering en de hieruit volgende indicatoren. Voorbeelden zijn de productiviteit, overhead, flexibele capaciteit en de tariefstructuur. OZHZ legt zo mogelijk in de loop van 2024 voorstellen tot bijstelling aan het bestuur voor. Dat kan ertoe leiden dat onderstaande kpi's nog wijzigen. Vanuit het Interbestuurlijk Programma voor de versterking van het VTH-stelsel wordt sinds 2024 gerapporteerd over een tweetal aanvullende prestatie-indicatoren: -
De landelijke robuustheidscriteria, waartoe onder andere ook behoren de VTH-kwaliteitseisen waarover OZHZ al enkele jaren rapporteert.
-
De uitvoering van het plan van aanpak vanwege de externe visitatie.
Speerpunt
Prestatie indicator
Taakuitvoering vindt plaats binnen de door het AB gestelde
Taakuitvoering van OZHZ voldoet aan de landelijke
kaders voor financiën en kwaliteit (bijdrageverordening), de
robuustheidscriteria.
landelijke robuustheidscriteria en het plan van aanpak
Producten en prestaties worden gerealiseerd binnen een
vanwege de externe visitatie
bandbreedte van 90-110% van het jaarprogramma. Volumeafspraken voor de uitvoering van de wettelijke en additionele wettelijke taken voldoen aan de afgesproken bandbreedten.
13
Ontwerpbegroting 2025. Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
Projecten uit het plan van aanpak vanwege de externe visitatie worden volgens planning uitgevoerd. Opdrachtgevers worden actief geïnformeerd.
2 maal per jaar voortgangs- en 1 maal per jaar jaarrapportages volgens planning in jaarprogramma.
Periodiek overleg met de opdrachtgever
1 maal per maand vindt gesprek met de gedeputeerde plaats. 2 maal per jaar met wethouders. 1 maal per 4 maanden ambtelijk MARAP-overleg.
Klanttevredenheid
Het gemiddelde van het klanttevredenheidsonderzoek is minimaal een 7.
Productiviteit
Het aantal productieve uren per FTE bedraagt 1.388 uur.
Flexibele schil
Het aandeel uren inhuur ten opzichte van het totaal aantal uren is gemiddeld 10%.
Aandeel overhead
Het aandeel uren overhead ten opzichte van het totaal aantal uren is genormeerd op 27,3%.
Ziekteverzuim
OZHZ hanteert een norm van 5% voor ziekteverzuim.
OZHZ levert expertise op het gebied van geluid, lucht, bodem en externe veiligheid aan de gemeenten en provincie voor het ontwikkelen, inrichten en beheren van een veilige, gezonde en duurzame leefomgeving. Om de kwaliteit van de producten, waarvoor geen wettelijke termijn bestaat en ook een toets bij de rechter niet van toepassing is, te beoordelen is een klanttevredenheidsonderzoek (KTO) de beste aanpak. OZHZ voert regulier klanttevredenheidsonderzoek uit met behulp van projectevaluaties voor de adviestaken.
2.
Vergunningen en meldingen
Vergunningaanvragen moeten binnen wettelijke termijnen worden afgehandeld en meldingen moeten beoordeeld worden op juistheid en volledigheid. De door de inwoners en bedrijven ingediende documenten worden getoetst en leiden bij volledigheid en juistheid tot een bevestigingsbrief of een beschikking. Speerpunt
Prestatie indicator
Tijdige vergunningverlening
Reguliere procedure: 99% van de reguliere vergunningen wordt binnen de wettelijke termijn verleend. Uitgebreide procedure: 95% van de uitgebreide vergunningen wordt binnen de wettelijke termijn verleend. Bodembeschikkingen: Minimaal 90% van de producten wordt afgerond binnen de termijn.
Juridische kwaliteit
99% van de in mandaat genomen besluiten blijft in stand in bezwaar, beroep of hoger beroep.
14
Ontwerpbegroting 2025. Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
3.
Toezicht en handhaving
OZHZ voert in opdracht van gemeenten en provincie toezichts- en handhavingstaken uit. Hierbij hanteert OZHZ de landelijke handhavingsstrategie die alle gemeenten en de provincie als onderdeel van hun uitvoeringsbeleid hebben vastgesteld. Kritische prestatie-indicatoren in deze zijn de toezichtdichtheid (TD) en naleving (NA). Deze zijn als volgt omschreven: •
TD is het percentage uitgevoerde planmatige controles in een verslagperiode ten opzichte van het aantal geplande controles in het jaarprogramma.
•
NA is het aantal uitgevoerde initiële controles zonder overtredingen ten opzichte van het aantal uitgevoerde initiële controles aan het einde van een verslagperiode.
Speerpunt Toezichtdichtheid en naleving provincie
Prestatie indicator Provincie Grijs: TD grijs = 100% NA grijs >= pm Provincie Groen: TD groen = 100% NA groen >= pm
Toezichtdichtheid en naleving gemeenten
Gemeenten: TD = 100% NA Risico Midden >= 30% NA overig >= 70%
Juridische kwaliteit
80% van de in mandaat genomen besluiten blijft in stand in bezwaar, beroep of hoger beroep.
4.
Beoordeling en beschikkingen bodem
OZHZ levert expertise op het gebied van geluid, lucht, bodem en externe veiligheid aan de gemeenten en provincie voor het ontwikkelen, inrichten en beheren van een veilige, gezonde en duurzame leefomgeving. Om de kwaliteit van de producten, waarvoor geen wettelijke termijn bestaat en ook een toets bij de rechter niet van toepassing is, te beoordelen is een klanttevredenheidsonderzoek (KTO) de beste aanpak. OZHZ voert regulier klanttevredenheidsonderzoek uit met behulp van projectevaluaties voor de adviestaken. Voor de beoordelingen en beschikkingen bodem voert OZHZ periodiek een klanttevredenheidsonderzoek uit, omdat bij deze taak sprake is van een relatief kleine klantenkring. OZHZ rapporteert hierover alleen in de jaarstukken en niet in de tussentijdse rapportages. Beoordeling en beschikking bodem Tijdigheid
Minimaal 90% van de producten wordt afgerond binnen de termijn.
Risicobeheersing
99% van de in mandaat genomen besluiten blijft in stand in bezwaar, beroep of hoger beroep.
Dienstbaarheid
Klanttevredenheid: Het gemiddelde van het KTO is minimaal een 7.
15
Ontwerpbegroting 2025. Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
III Financiën 1.
Algemeen
De ontwerpbegroting 2025 is gebaseerd op de door het AB vastgestelde begrotingsrichtlijnen 2025 (zie I, paragraaf 6). Onderstaande tabel geeft het meerjarige begrotingsbeeld.
Bedragen * € 1.000
De begroting is meerjarig in evenwicht. Opvallend is de hoge incidentele omzet in 2024 ten opzichte van het meerjarige beeld. Daarbij gaat het met name om conjunctuurgevoelige bouwbudgetten en externe tijdelijke SPUK-subsidies. OZHZ is met diverse opdrachtgevers in gesprek over het structureel financieel borgen van nieuwe wettelijke taken. Het positieve bedrijfsresultaat in 2024, 2025 en 2026 wordt aangewend voor het aanvullen van het weerstandsvermogen. Daarmee komt het weerstandsvermogen ultimo 2026 weer op het vereiste niveau.
16
Ontwerpbegroting 2025. Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
2.
Baten
Inwonerbijdrage (€ 2,6 mln.) De inwonerbijdrage is een lumpsumbudget, te zien als een algemeen dekkingsmiddel. De inwonerbijdrage heeft een omvang van € 2,6 mln. Vanuit de inwonerbijdrage worden gedekt: •
Kosten voor instandhouding van het bestuur en bedrijfsvoering van de dienst
•
De taken en werkzaamheden van inspecteurs, vergunningverleners en adviseurs, die indirect ten goede komen aan alle opdrachtgevers en producten, zoals relatiebeheer, kwaliteitszorg, externe communicatie en rapportages, etc.
•
De regionale uitvoering van de wachtdienst.
Wettelijke taken (€ 28,3 mln.) De wettelijke taken Milieu omvatten producten en prestaties die per kwartaal op voorschotbasis bij de opdrachtgevers (gemeenten en provincie) in rekening worden gebracht. Het regionaal uitvoeringsniveau (RUN) vormt daarbij het bestuurlijke vastgestelde kader. Jaarlijks vindt nacalculatie plaats aan de hand van de geleverde prestaties. De wettelijke taken Bouw- en Woningtoezicht worden eveneens op voorschotbasis bij de opdrachtgevers in rekening gebracht. Het betreft de PZH en de gemeenten Alblasserdam, Dordrecht en Molenlanden 1. De omzetraming is gebaseerd op de meerjarige doorwerking van de jaarprogramma's. Bijlage 1 bevat het overzicht van de jaarprogramma's per opdrachtgever. In 2024 is sprake van een hoge incidentele omzet (€ 3,4 mln.). Deze heeft voornamelijk betrekking op bouwtaken, bodemtaken en de e-agenda. Onzeker is nog het effect van de overgang van de taken van de bodemtaken van provincie naar gemeenten. 2024 is het eerste jaar waarin risicogericht bodemtoezicht plaatsvindt op basis van het RUN-bodem. Daarbij brengt OZHZ de financiële consequenties in kaart ten behoeve van het jaarprogramma 2025. Vooralsnog gaat de begroting uit van de huidige omvang van de bodembudgetten. Voor nadere informatie wordt verwezen naar deel I, paragraaf 5. Ontwikkelingen.
Offerte en subsidietaken (€ 2,5 mln.) Opdrachtgevers verstrekken op basis van een offerte of programma een opdracht voor een specifiek advies of onderzoek. Afrekening vindt plaats op basis van gerealiseerde kosten of een vaste opdrachtsom. Daarnaast ontvangt OZHZ subsidiebijdragen of kan er sprake zijn van detachering van personeel. In de raming is ook rekening gehouden met BRIKS 2-taken die worden uitgevoerd voor de provincie Zuid-Holland en de DCMR. Uitgangspunt van de structurele raming in 2024 is de realisatie van afgelopen jaren. In 2024 is sprake van een hoge incidentele omzet. Belangrijkste reden zijn SPUK subsidies voor energiebesparing en de kwaliteits verbetering VTH, bodemsaneringen (Spoed en Nazorg) en detacheringen. Overige baten (€ 52.000) Dit betreft renteopbrengsten.
1
Het betreft enkel de uitvoering van toezicht bouw.
2
Vergunningverlening en toezicht met betrekking tot bouwen, reclame, inrit, kappen en slopen.
17
Ontwerpbegroting 2025. Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
3.
Lasten
Personeelskosten (€ 26,8 mln.) De personeelskosten zijn gebaseerd op de vaste formatie (€ 24,0 mln.) en de flexibele capaciteit (€ 2,8 mln.) van OZHZ. De salarislasten zijn berekend op basis van de werkelijke loonkosten. Daarbij is rekening gehouden met schaalfrictie, individuele rechten, pensionering en de cao-wijziging in 2024. De personeelskosten in 2025 zijn aanzienlijk lager (-/- € 2,2 mln.) dan in 2024. Dit houdt verband met de incidentele omzet in 2024 (extra inhuur), de instroom en opleiding van nieuwe medewerkers en een hoger aandeel eigen personeel in 2025. De paragraaf bedrijfsvoering gaat nader in op het capaciteitsbeleid (deel IV). Een gezonde verhouding tussen het structurele en incidentele budget brengt OZHZ beter in staat om een robuuste organisatie op te bouwen rondom de kerntaken. Met de huidige omzetverhouding moet een groot deel van de capaciteit worden ingehuurd. Naast hogere uitvoeringskosten door hoge inhuurtarieven en meer overdrachtsmomenten, belemmert dit de opbouw van lokale kennis. Kapitaallasten (€ 513.000) In het kader van het nieuwe werk concept (hybride werken) OZHZ heeft de afgelopen jaren investeringen gepleegd in ICT-voorzieningen en het huidige kantoorpand. Ook is in 2022 een vaartuig vervangen. In 2024 vindt vervanging plaats van de Pandion. De geraamde totale investering bedraagt circa € 2,4 mln.
Bij de overdracht van het materieel van PZH naar OZHZ in 2011, zijn afspraken gemaakt over de financiële dekking van de vervanging van de vloot. De extra kapitaallasten worden gedekt door een extra bijdrage uit het jaarprogramma PZH. De exploitatielasten worden gedekt uit het materieel budget PZH. Per saldo heeft de vervanging van de vloot een neutraal effect op de exploitatie OZHZ. OZHZ verwacht tot slot in 2024 en 2025 forse investeringen op ICT gebied. Naast de reguliere vervanging van apparatuur (€ 185.000) gaat het om de inrichting van een nieuw DMS (€ 140.000), de ontwikkeling van dashboards (€ 155.000) en de uitbreiding van het datawarehouse (€ 60.000). Vanwege de extra investeringen in de vloot en ICT nemen de kapitaallasten toe tot en met 2027. Daarna is sprake van een daling omdat dan de initiële investering in het inbouwpakket van het pand is afgeschreven. Ondersteuning SGD (€ 2,1 mln.) Met ingang van 1 januari 2022 voert de Servicegemeente Dordrecht de taken uit die tot dan door het SCD werden uitgevoerd. Voor OZHZ gaat het om taken op het gebied van ICT, personeels- en salarisadministratie, juridische diensten en aanbestedingen. De overeenkomst betreft de ICT (€ 1,7 mln.) en overige dienstverlening, zoals inkoop, juridisch kenniscentrum en verzekeringen (€ 458.000). De paragraaf "Bedrijfsvoering" (deel IV) bevat meer achtergrondinformatie.
Huisvesting (€ 818.000) OZHZ is gevestigd in het pand Post120 in Dordrecht. De huurkosten worden doorbelast door de verhuurder op basis van de getekende huurovereenkomst. De huisvestingskosten zijn opgebouwd uit de kale huurprijs en servicekosten en worden jaarlijks geïndexeerd. De kosten zijn fors gestegen vanaf 2023. Oorzaak is de hoge inflatie, gebaseerd op de Consumenten Prijs Index, en de hoge energielasten. Overige bedrijfskosten (€ 1,9 mln.) De overige bedrijfslasten betreffen onder meer, print- en drukkosten, bedrijfsgezondheidszorg, kwaliteitszorg, externe advieskosten en telefoonkosten. De grootste onderdelen binnen deze begrotingspost zijn de
18
Ontwerpbegroting 2025. Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
softwarelicenties (€ 900.000), facilitaire kosten (€ 157.000), externe expertise en accountant (€ 175.000), leaseauto's (€ 83.000), verzekeringspremies (€ 82.000), telefonie (€ 61.000) en voorlichting en communicatie (€ 61.000). In de raming is rekening gehouden met € 150.000 aan extra kosten voor versterking van de functies van privacy en gegevensbescherming en informatiebeveiliging. Uitgangspunt is dit te doen in samenwerking met de omgevingsdiensten Zuid-Holland. Additionele productkosten (€ 1,0 mln.) Binnen deze begrotingspost zijn de additionele productkosten verantwoord voor de taakuitvoering van OZHZ. Daarbij gaat het om kosten die worden gemaakt door OZHZ en vervolgens een op een worden doorbelast aan de opdrachtgevers. Tegenover de additionele productiekosten staat dus een overeenkomstige omzet. Ook het materiële budget van de provincie Zuid-Holland voor het uitvoeren van de provinciale taken is binnen deze begrotingspost verantwoord. Onvoorzien (€ 166.000) De post onvoorzien is onderdeel van het weerstandsvermogen en bedraagt 0,5% van de totale lasten voor reservering. Voor meer informatie wordt verwezen naar de paragraaf weerstandsvermogen (deel IV).
19
Ontwerpbegroting 2025. Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
4. Reserves 4.1 Mutaties reserves Onderstaand de meerjarige mutaties van de reserves: Reserves
Beginsaldo
2024
2025
Saldo
Algemene reserve
798
-629
0
169
Materieel budget PZH
155
0
0
155
Ontwikkelaanpak
26
0
0
26
Frictiekosten
271
-271
0
0
Werkconcept
34
0
0
34
Onverdeeld resultaat
-629
629
0
0
Totaal
655
-271
0
384
Bedragen * € 1.000
Algemene reserve De algemene reserve is onderdeel van het weerstandsvermogen. Voor de beleidsuitgangspunten, omvang, en samenstelling van het weerstandsvermogen en de bijbehorende risico’s wordt verwezen naar de paragraaf weerstandsvermogen. De afname in 2023 betreft het negatieve resultaat 2023. Materieel budget PZH De reserve is bedoeld voor eventuele complexe dossiers van PZH. Ontwikkelaanpak OZHZ en zijn opdrachtgevers zien in de maatschappelijke opgaven van de gemeenten en provincie in de komende periode belangrijke kansen en uitdagingen. De ontwikkelaanpak (voorheen regieplan) biedt een programmatische, doelgerichte, aanpak. Frictiekosten De reserve is bedoeld voor improductiviteit ten gevolge van het inwerken van nieuwe medewerkers en het bevorderen van uitstroom of doorstroom naar andere functies. Beiden zijn nodig om de formatie kwalitatief en kwantitatief op orde te brengen. Onverdeeld resultaat Het financieel resultaat 2023 bedraagt -/- € 629.000. Dit bedrag wordt toegevoegd aan de algemene reserve ter versterking van het weerstandsvermogen. De geraamde exploitatieresultaten 2024-2028 zijn nog niet verwerkt in het overzicht. Conform de regionale afspraken worden deze toegevoegd aan het weerstandsvermogen. In totaal gaat het om € 567.000.
20
Ontwerpbegroting 2025. Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
IV Paragrafen 1.
Inleiding
In het Besluit Begroting en Verantwoording staat dat in de Programmabegroting in elk geval de navolgende paragrafen opgenomen moeten zijn: 1.
Lokale heffingen
2.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
3.
Onderhoud kapitaalgoederen
4.
Financiering
5.
Bedrijfsvoering
6.
Verbonden partijen
7.
Grondbeleid
De paragrafen Lokale heffingen, Verbonden partijen en Grondbeleid zijn niet op OZHZ van toepassing, omdat OZHZ niet wordt gefinancierd door heffingen, niet participeert in verbonden partijen en geen gronden in bezit heeft. Bijlage 2 bevat informatie voor de paragraaf verbonden partijen van de deelnemers. De overige paragrafen zijn hieronder toegelicht.
21
Ontwerpbegroting 2025. Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
2.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Het weerstandsvermogen geeft aan hoe robuust de meerjarenbegroting is en geeft inzicht in de financiële draagkracht van OZHZ indien zich onvoorziene gebeurtenissen voordoen. Een exact sluitende meerjarenbegroting zonder toereikende buffer betekent dat elke onvoorziene financiële tegenvaller direct dwingt tot bezuinigen om alsnog een structureel sluitende begroting te houden. In dat geval staat het beleid van OZHZ ook direct onder druk. Daarom heeft OZHZ op elk moment voldoende weerstandscapaciteit nodig. 2.1
Begripsomschrijving
Het weerstandsvermogen is de relatie tussen de risico’s, waarvoor geen specifieke maatregelen zijn getroffen enerzijds, en de capaciteit van middelen en mogelijkheden (weerstandscapaciteit) die de organisatie heeft om niet begrote kosten op te vangen anderzijds. Hoe groot die weerstandscapaciteit moet zijn, is afhankelijk van de risico’s die OZHZ op dat moment loopt. Hiertoe worden strategische risico’s onderscheiden van de reguliere. Reguliere risico’s doen zich regelmatig voor en zijn over het algemeen goed meet- en beheersbaar. Voorbeelden van beheersmaatregelen zijn het afsluiten van verzekeringen, het vormen van voorzieningen, het creëren van bestemmingsreserves en het inrichten van de administratieve organisatie en interne controle. Kenmerkend aan strategische risico’s is dat er sprake is van niet of nauwelijks beïnvloedbare (externe) risico’s. Meestal is de kans dat het risico zich voordoet klein, terwijl de financiële gevolgen groot kunnen zijn. Beide zijn moeilijk in te schatten. Dergelijke risico’s kunnen samenhangen met bezuinigingen bij opdrachtgevers, onvoorziene kostenstijgingen, productiviteitsverlies en veranderingen in de vraag. De verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit geeft het weerstandsvermogen aan. 2.2
Beleid OZHZ inzake risico’s en weerstandsvermogen
De weerstandscapaciteit van OZHZ bestaat uit de algemene reserve, het budget onvoorzien en de (structureel) aanwezige begrotingsruimte. Voorzieningen behoren niet tot de weerstandscapaciteit. Uitgangspunt is dat de structurele begroting van OZHZ sluitend is. Echter, als OZHZ geconfronteerd wordt met incidentele uitgaven die leiden tot een nadelig exploitatieresultaat, dan wordt dit nadelige resultaat ten laste gebracht van de deelnemers in de GR OZHZ. De wijze waarop dit gebeurt is vastgelegd in de financiële verordening OZHZ. Het weerstandsvermogen/de algemene reserve van OZHZ wordt gevoed uit de positieve exploitatieresultaten, totdat de vereiste weerstandscapaciteit is bereikt. In paragraaf 2.3 vindt een verdere uitwerking plaats van het risicoprofiel. De totale benodigde weerstandscapaciteit wordt vervolgens gerelateerd aan de aanwezige weerstandscapaciteit.
22
Ontwerpbegroting 2025. Vastgesteld door het DB op 11 april 2024
2.3
1
Risicoprofiel Omgevingsdienst
Benodigde weerstandcapaciteit
Categorie
Omschrijving risico
Effect
Impact
Kans
Beheersmaatregel
Financieel restrisico
Wettelijke taken
Bezuiniging
Schaalnadeel
Medium
Medium
Frictiekostenregeling
347
174
Regionaal Uitvoeringsniveau Flexibele schil Tarifiëring 2
Overige omzet (offerte en subsidie)
Bezuiniging
Schaalnadeel
Groot
Hoog
Flexibele schil
603
453
3
Ziekteverzuim
Hoger dan norm (5%)
Exploitatieverlies
Groot
Laag
Verzuimbeleid
495
124
4
Omgevingswet
Omzetdaling
Schaalnadeel
Groot
pm
Frictieregeling
pm
pm
1.446
750
Separaat wetgevingstraject Totaal benodigd weerstandsvermogen Stand jaarrekening 2023
Waarschijnlijkheid Zeer hoog
Kans > 75%
Hoog
Kans > 50% en < 75%
Medium
Kans > 25% en < 50%
Laag
Kans < 25%
Impact Groot
financieel risico > € 400.000
Medium
financieel risico > € 150.000 en < € 400.000
Klein
financieel risico < € 150.000
Algemeen In de jaarrekening 2023 is een nadelig exploitatieresultaat gepresenteerd van ruim € 0,6 mln. Dit resultaat wordt ten laste gebracht van het weerstandsvermogen van OZHZ. Het AB heeft besloten om in vier jaar (2023-2026) het weerstandsvermogen weer op het gewenste niveau te brengen, door in elk geval de (eventuele) positieve rekeningresultaten uit die jaren, toe te voegen aan de algemene reserve (en dus niet terug te geven aan de deelnemers). Ook voor 2024 werd een tekort voorzien vanwege een hogere stijging van CAO-lonen en inhuurtarieven dan geraamd in de begroting 2024. Het AB heeft op 29 maart 2024 een begrotingswijziging vastgesteld om de tarieven met 2% te indexeren; om die reden zijn loon- en prijsontwikkeling en de ontwikkeling van inhuurtarieven niet meegenomen in bovenstaand risicoprofiel. 1.