Ontwerpbegroting 2027 OZHZ.pdf
Tekst van het document
Begroting 2027 Begroting 2027
Ontwerpbegroting Ontwerpbegroting voor het DB van .. april 2026 Vastgesteld door het DB van 9 april 2026
0
Inhoud I
Doelen en ontwikkelingen................................................................................................................................ 3 1.
Inleiding ........................................................................................................................................... 3
2.
Missie, visie en strategie .................................................................................................................. 3
3.
Bestuur ............................................................................................................................................ 4
4.
Planvorming ..................................................................................................................................... 5
5.
Ontwikkelingen ................................................................................................................................ 6
6.
Financiële uitgangspunten van de begroting 2027 .......................................................................... 8
II
Kritische prestatie-indicatoren .......................................................................................................................... 9 1.
Algemene kpi ................................................................................................................................... 9
2.
Vergunningen en meldingen ............................................................................................................ 9
3.
Toezicht en handhaving ................................................................................................................. 10
4.
Beoordeling en beschikkingen bodem ........................................................................................... 10
5.
Overige kpi uit de Nota VTH voor gemeenten ............................................................................... 10
III
Financiën ........................................................................................................................................................ 11 1.
Algemeen....................................................................................................................................... 11
2.
Baten ............................................................................................................................................. 13
3.
Lasten ............................................................................................................................................ 14
4.
Reserves........................................................................................................................................ 16
IV
V
Paragrafen...................................................................................................................................................... 17 1.
Inleiding ......................................................................................................................................... 17
2.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing .................................................................................... 17
3.
Onderhoud kapitaalgoederen ........................................................................................................ 21
4.
Financiering ................................................................................................................................... 22
5.
Bedrijfsvoering ............................................................................................................................... 25 BIJLAGEN ...................................................................................................................................................... 32
Bijlage 1
Omzet 2026 en 2027 ..................................................................................................................... 32
Bijlage 2
Informatie voor verbonden partijen ................................................................................................ 33
Bijlage 3a
Begroting 2027 verdeling primair-overhead ................................................................................... 34
Bijlage 3b
Begroting 2027 verdeling structureel-incidenteel ........................................................................... 35
Bijlage 3c
Begroting 2027 raming EMU saldo ................................................................................................ 36
Bijlage 3d
Begroting 2027 overzicht van dekkingsmiddelen ........................................................................... 37
Bijlage 3e
Begroting 2027 overzicht baten en lasten per taakveld ................................................................. 38
Bijlage 4
Begroting 2027 Wettelijke taken en Plustaken............................................................................... 39
Bijlage 5
Balans meerjarig ............................................................................................................................ 40
1
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
2
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
I
Doelen en ontwikkelingen
1.
Inleiding
De Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid (OZHZ) bestaat sinds 2011. De gemeenten in Zuid-Holland Zuid en de provincie Zuid-Holland bundelen sindsdien hun krachten bij de uitvoering van omgevingstaken: vergunningen, toezicht en handhaving en de inhoudelijke expertise die nodig is om deze taken goed uit te kunnen voeren en gemeenten en provincie te kunnen adviseren bij hun ambities in de leefomgeving: beleid, plannen en lokale regelgeving. OZHZ werkt continu aan het verder verbeteren van de kwaliteit van zijn dienstverlening. Extra aandacht is er voor de relatie met de bestuurlijke en ambtelijke opdrachtgevers en de professionaliteit van de bedrijfsvoering. Een landelijk en een provinciaal traject geven bovendien al enige tijd impulsen voor verdere verbetering en optimalisering.
2.
Missie, visie en strategie
OZHZ actualiseerde zijn missie, visie en strategie. Onze missie Onze missie beschrijft kort wat de permanente opdracht en de doelstellingen van de organisatie zijn. Kortom, waarom OZHZ bestaat. De missie van OZHZ luidt als volgt. Bij OZHZ werken we aan een veilige, gezonde en duurzame leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. Dat doen we in opdracht van de tien gemeenten in Zuid-Holland Zuid en de provincie Zuid-Holland. We dragen met onze vergunningen, toezicht, handhaving en adviezen bij aan een leefbare omgeving voor onze inwoners waarin bedrijven duurzaam kunnen ondernemen. We weten wat er lokaal speelt, wat onze opdrachtgevers belangrijk vinden en zorgen ervoor dat zij onze expertise en data kennen en op tijd inzetten. In een stimulerende werkomgeving en samen met andere omgevingsdiensten ontwikkelen onze medewerkers continu hun vakmanschap. Onze visie en strategie OZHZ heeft zijn ambities voor de toekomst opgenomen in de geactualiseerde visie. Kort gezegd is het onze ambitie om de brede VTH-taken uit te voeren voor alle gemeenten en de advisering verder te professionaliseren conform de landelijke Handleiding over de regionale beleidscyclus van het Interbestuurlijk Programma VTH (IBPVTH). De visie geeft samen met de strategie richting aan toekomstige besluitvorming van het bestuur en de directie.
3
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
Onze visie luidt als volgt: Bij OZHZ willen we de logische en vertrouwde partner voor gemeenten en provincie zijn bij het realiseren van hun ambities voor een veilige, gezonde en duurzame fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. We zetten hiervoor ons instrumentarium, netwerk en onze expertise zo optimaal mogelijk in. Voor al onze opdrachtgevers voeren we daarom een breed en integraal takenpakket uit op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving in de fysieke leefomgeving. Onze adviesrol omvat de hele beleidscyclus van onze opdrachtgevers. We adviseren hen breed over de gevolgen van ontwikkelingen voor de fysieke leefomgeving en de invloed van activiteiten op de leefomgeving. Onze strategie luidt als volgt: De strategie om de ambities in onze visie te realiseren bevat de volgende kernelementen: •
Onze focus ligt op taken die te maken hebben met de fysieke leefomgeving.
•
Onze ambitie is om voor alle deelnemers een breed VTH-takenpakket uit te voeren.
•
We professionaliseren onze adviestaken overeenkomstig de landelijke afspraken in het kader van het IBP-VTH waarbij we, in lijn met de geest van de Omgevingswet, kiezen voor de variant met de meeste aansluiting bij de beleidscyclus van onze opdrachtgevers.
•
We blijven investeren in onze huidige en in nieuwe professionals.
Hiermee bepalen missie, visie en strategie de koers van de organisatie. De strategie bevat op hoofdlijnen de stappen die OZHZ wil zetten om de visie te realiseren, en bestaat uit een afwegingskader voor de taakuitvoering, het versterken van de samenwerking met andere omgevingsdiensten, een strategie voor datagestuurd werken (business-intelligence) en het blijven investeren in professionele medewerkers.
3.
Bestuur
OZHZ is een gemeenschappelijke regeling. De bestuurlijke verantwoordelijkheid voor het beheer van de dienst en de algemene kwaliteit van werken ligt bij het dagelijks bestuur (DB). De gemeenten en de provincie zijn individueel opdrachtgever van OZHZ en zijn ook elk voor zich bestuurlijk verantwoordelijk voor het uitvoeringsbeleid van de taken die OZHZ voor hen uitvoert. Het opdrachtgeverschap voor regionale taken en programma’s en de zorg voor een uniform uitvoeringsbeleid ligt bij het algemeen bestuur (AB). Naast het DB en AB heeft OZHZ een auditcommissie. Deze bestaat uit 3 leden van het AB, die geen DB-leden zijn. Deze commissie adviseert het AB over financiële zaken en bedrijfsvoeringaspecten, in het bijzonder over de gang van zaken rond beleid en de financiële zaken die ermee samenhangen (planning en control cyclus). De auditcommissie richt zich op alle activiteiten die van belang zijn voor een adequate beheersing van OZHZ op het gebied van rechtmatigheid, doelmatigheid en doeltreffendheid ten aanzien van de kaderstellende en controlerende verantwoordelijkheid van het AB. De directeur van OZHZ legt over het functioneren van de dienst verantwoording af aan het DB. Bij de voorbereiding van de vergaderingen van DB en AB adviseren twee adviesgroepen de directie:
•
Vanuit de collectieve opdrachtgeversrol: de Adviesgroep Opdrachtgevers (AGO).
4
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
•
Vanuit de eigenaarsrol: de Adviesgroep Eigenaren (AGE).
Schematisch ziet dat er als volgt uit:
4.
Planvorming
Het AB is zowel collectief eigenaar als collectief opdrachtgever. OZHZ werkt met vier vormen van plannen.
1.
Individuele jaarprogramma's gemeenten en provincie
De opdrachten voor OZHZ staan in de individuele jaarprogramma’s per gemeente en provincie. 2.
Collectieve programma's: Ontwikkelaanpak 2026 – 2029 en Toezicht Midden
De Ontwikkelaanpak is het innovatieprogramma van OZHZ. Hiermee is het voor OZHZ mogelijk werkwijzen en producten te vernieuwen, met inzet van expertise, innovatieve technieken en data. Samen met de vier andere Zuid-Hollandse omgevingsdiensten is bovendien een gezamenlijk innovatieprogramma opgesteld, waarvoor ruimte is gecreëerd in deze aanpak. De Ontwikkelaanpak 2026 - 2029 bestaat uit twee programma's:
5
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
-
Versterken VTH-expertise voor de leefomgeving. Dit programma richt zich op de doorontwikkeling van onze kerntaak vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) en de bijbehorende expertise.
-
Versterken ruimtelijke gebiedsontwikkeling. Dit programma richt zich op het versterken van de rol van OZHZ in ruimtelijke vraagstukken. Door zijn expertise eerder in de beleidscyclus in te zetten kan OZHZ helpen bij het versnellen van maatschappelijke opgaven.
De programma’s worden jaarlijks uitgewerkt in projecten. In 2026 richt OZHZ zich bijvoorbeeld op microplastics, het bevorderen van gebruiksvriendelijk bouwmateriaal, het Circulair Materialenplan, CE, drones en de kaderrichtlijn water. Het versterken van ruimtelijke gebiedsontwikkeling gaat o.a. over de circulaire agenda, wateren bodem sturend en ontwikkeling en toepassing van omgevingsdata. OZHZ houdt hierbij nauw contact met de gemeenten en provincie. Het Programma Toezicht Midden is gebaseerd op de gemeentelijke Nota VTH en bevat informatie over het projectmatig en thematisch toezicht dat OZHZ elk jaar uitvoert. OZHZ doet dat branchegericht (zoals bij veehouderijen) maar ook branche-overstijgend (zoals bij natte koeltorens, gevaarlijke stoffen en ZZS). Binnen het taakveld milieu voert OZHZ de meeste projecten uit voor alle gemeenten. Binnen het taakveld Brandveilig gebruik en bestaande bouw voert OZHZ projecten uit voor de gemeenten Alblasserdam, Dordrecht, HardinxveldGiessendam en Molenlanden. 3.
Nota Uitvoering
De wijze waarop de dienst inhoudelijk de taken uitvoert (het hoe) staat in het uitvoeringsbeleid dat de gemeenten en provincie zelf hebben vastgesteld. Voor gemeenten betreft dit de 'Nota Vergunningen, Toezicht & Handhaving (VTH) voor de gemeentelijke taken door OZHZ 2025 – 2028'. Voor provinciale taken werkt OZHZ aan de hand van het provinciale uitvoeringsbeleid. Alle gemeenten en de provincie passen bovendien de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht toe voor de taken die OZHZ voor hen uitvoert. Het bestuur van OZHZ is zelf niet bevoegd om uitvoeringsbeleid vast te stellen voor de uitvoering van de VTHtaken. Wel stelt OZHZ een aparte 'Nota Uitvoering' vast, die de beleidskaders van gemeenten en provincie samenvat en nieuwe ontwikkelingen benoemt. 4.
Nota Bedrijfsvoering
De Nota Bedrijfsvoering geeft de meerjarige kaders voor de bedrijfsvoering. Op grond van deze kaders richt OZHZ zijn organisatie in. Zo wordt de effectieve en efficiënte uitvoering van de taken structureel geborgd. De kaders maken het ook mogelijk om adequaat in te spelen op de uitdagingen van de toekomst. Tot slot biedt de nota duidelijkheid over de afspraken die OZHZ individueel kan maken met de opdrachtgevers. De nota wordt in 2026 geactualiseerd.
5.
Ontwikkelingen
In de richtlijnen voor de begroting 2027 (AB 27 november 2025) benoemden we de meest relevante ontwikkelingen: -
Financiële ontwikkelingen.
-
Implementatie van de missie en visie van OZHZ.
-
Robuuste omgevingsdiensten en kwaliteit VTHA.
6
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
-
Maatschappelijke en wettelijke ontwikkelingen.
Voor een uitgebreide toelichting hierop kan worden verwezen naar de begrotingsrichtlijnen 2027. Kort samengevat gaat het om het volgende. Financieel kader OZHZ werkt in een financieel onzeker klimaat door inflatie, beperkte begrotingsruimte en een krappe arbeidsmarkt. Van de 5% taakstelling is 4% ingevuld door kostenreducties; de resterende 1% moet komen uit procesoptimalisatie, mogelijke uitbreiding van VTH‑taken en beleidsaanpassingen van opdrachtgevers. Taakverbreding bij gemeenten kan leiden tot aanzienlijk kostenvoordeel en kwaliteitsverbetering. De aanpassing van de financieringssystematiek bij Bedrijfsvoering Drechtsteden vormt een belangrijk financieel risico. Missie, visie en strategie OZHZ ontwikkelt zich tot een brede expertisedienst voor een veilige, gezonde en duurzame leefomgeving. Focus ligt op het uitvoeren van brede VTH‑taken, versterken van adviestaken en intensivering van samenwerking met omgevingsdiensten en partners. Investeren in kennis, data en professionalisering blijft essentieel. Robuuste omgevingsdiensten OZHZ voldoet per april 2026 aan landelijke robuustheidscriteria. De samenwerking met de Zuid‑Hollandse omgevingsdiensten wordt verdiept via gezamenlijke projecten op data, informatiebeveiliging, inkoop, toezicht en innovatie.
Maatschappelijke en wettelijke ontwikkelingen OZHZ vertaalt maatschappelijke en wettelijke ontwikkelingen door in de uitvoering. Belangrijk voor 2027: -
Omgevingswet: de harmonisatie van milieuthema’s loopt door. Daarnaast zet OZHZ in op monitoring en vroegtijdig adviseren. De financiële impact is nog niet volledig duidelijk.
-
Bodemtaken: nieuwe gemeentelijke verantwoordelijkheden vragen om regionale afstemming. De budgetten moeten aansluiten bij eerdere ramingen.
-
Circulaire economie: er is sprake van toenemende regelgeving. OZHZ ondersteunt gemeenten en ondernemers (o.a. Circulair Loket). Het is belangrijk om toe te werken naar structurele financiering.
-
Energiebesparing: toezicht is een wettelijke taak. Er is budget nodig voor toezicht en stimulering. Structurele middelen voor het stimuleringsdeel zijn noodzakelijk. Er wordt een nieuwe subsidie verwacht na 2026.
Organisatieontwikkelingen Naast de relevante ontwikkelingen zoals beschreven in de begrotingsrichtlijnen 2027 is het belangrijk om benadrukken dat 2027 een bijzonder jaar zal worden. Nadat in 2026 een wisseling in de wacht heeft plaatsgevonden op de functie van adjunct-directeur (mevrouw Tolsma ging met pensioen), zal in 2027 de heer Visser met pensioen gaan en de functie van directeur opnieuw ingevuld worden. De volledige directie is dan met nieuwe personen ingevuld.
7
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
6.
Financiële uitgangspunten van de begroting 2027
De gemeenten en gemeenschappelijke regelingen in de regio Zuid-Holland Zuid werken met eenduidige kaders voor de begroting. Daarnaast stelt de provincie Zuid-Holland (PZH) jaarlijks de provinciale (financiële) uitgangspunten op en aandachtspunten voor de meerjarenbegroting. Op grond van de regionale en provinciale kaders beslist het AB elk jaar in november over de kaders of richtlijnen voor de begroting van het jaar t+2 van OZHZ. Het AB stelde op 27 november 2025 de richtlijnen voor de begroting 2027 vast. Deze zijn de basis voor de voorliggende begroting: 1.
Het AB stelde de inhoudelijke onderwerpen voor de begrotingsrichtlijnen 2027 vast. Deze zijn verwerkt in de voorjaarsbrief die OZHZ in maart 2026 stuurde naar de gemeenten en provincie. Zie voor nadere toelichting de tekst van de begrotingsrichtlijnen 2027.
2.
Inzake de indexering besloot het AB als volgt: -
Het uurtarief 2027 te indexeren met 4,65%. Daarnaast een besparing door te voeren van 0,5%. Per saldo bedraagt de tariefontwikkeling daarmee 4,15%.
-
Het uurtarief 2027 komt daarmee uit op € 117,51.
-
De budgetten wettelijke taken (jaarprogramma’s), inwonerbijdrage én tarieven 2027 te indexeren met 4,15%.
-
Indien opdrachtgevers hun jaarprogramma niet of met een lager percentage indexeren, dit te beschouwen als een volumetaakstelling waarop de frictiebepaling van de bijdrageverordening OZHZ van toepassing is.
8
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
II
Kritische prestatie-indicatoren
OZHZ rapporteert in de bestuursrapportages en in de jaarstukken over de kritische prestatie-indicatoren (kpi) die met de deelnemers zijn afgesproken. Algemene kpi: dit betreft de kpi die zijn opgenomen in de bijdrageverordening en de Nota Bedrijfsvoering en de kpi die voortvloeien uit landelijke afspraken over de robuustheid van omgevingsdiensten. Overige kpi: dit betreft de kpi over de vergunningverlening, het toezicht, de handhaving en adviestaken die OZHZ voor de 10 gemeenten en PZH uitvoert.
1.
Algemene kpi
Speerpunt
Kpi
Taakuitvoering vindt plaats binnen de door het AB gestelde kaders voor financiën en kwaliteit (bijdrageverordening en de landelijke robuustheidscriteria).
OZHZ voldoet aan de landelijke criteria voor robuustheid van omgevingsdiensten, waaronder de VTH-kwaliteitseisen.
Opdrachtgevers worden actief geïnformeerd.
Eén keer per jaar voortgangs- en eenmaal per jaar jaarrapportages conform planning in jaarprogramma.
Periodiek overleg met de opdrachtgever.
Eens per twee maanden vindt een gesprek met de gedeputeerde plaats. Twee keer per jaar vindt gesprek plaats met de wethouders.
Klanttevredenheid
Het gemiddelde van het klanttevredenheidsonderzoek is minimaal een 7.
Productiviteit
Het aantal productieve uren per FTE bedraagt 1.381 uur.
Flexibele capaciteit
Het aandeel uren inhuur ten opzichte van het totaal aantal uren is gemiddeld 10%.
Aandeel overhead
Het aandeel uren overhead ten opzichte van het totaal aantal uren is genormeerd op 27,3%.
Ziekteverzuim
OZHZ hanteert een norm van 5% voor ziekteverzuim.
2.
Producten en prestaties worden gerealiseerd binnen een bandbreedte van 90 - 110% van het jaarprogramma. Volumeafspraken voor de uitvoering van de wettelijke en additionele wettelijke taken voldoen aan de afgesproken bandbreedten.
Eens per zes maanden vindt een ambtelijk MARAP-overleg plaats.
Vergunningen en meldingen
Speerpunt
Prestatie indicator
Tijdige vergunningverlening
Vergunningen onder de Omgevingswet: 95% van de vergunningen wordt binnen de wettelijke termijn verleend. Bodembeschikkingen: Minimaal 90% van de producten wordt afgerond binnen de termijn.
Juridische kwaliteit
99% van de in mandaat genomen besluiten blijft in stand in bezwaar, beroep of hoger beroep.
9
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
Nota VTH gemeenten
3.
Minimaal eenmaal per 5 jaar worden vergunningen getoetst op actualiteit. Als actualisering van de vergunning noodzakelijk is, wordt in hetzelfde jaar de procedure gestart.
Toezicht en handhaving
Speerpunt
Kpi
Toezichtdichtheid en naleving PZH.
Grijs: TD grijs = 100% NA grijs >= 60% Rood: NA bouw en sloop =90% Groen: TD groen = 100% NA groen >= 80%
Toezichtdichtheid en naleving gemeenten. (Nota VTH gemeenten)
Omgevingsgestuurd: NA bodem: 70% NA bouw en sloop: 70% Overheidsgestuurd: TD hoog = 100% NA hoog = 70%
Juridische kwaliteit.
4.
80% van de in mandaat genomen besluiten blijft in stand in bezwaar, beroep of hoger beroep.
Beoordeling en beschikkingen bodem
Speerpunt
Kpi
Tijdigheid
Minimaal 90% van de producten wordt afgerond binnen de termijn.
Juridische kwaliteit
99% van de in mandaat genomen besluiten blijft in stand in bezwaar, beroep of hoger beroep.
Dienstbaarheid
Klanttevredenheid: het gemiddelde van het KTO is minimaal een 7.
5.
Overige kpi uit de Nota VTH voor gemeenten
Speerpunt
Kpi
Analyseren van data
Jaarlijks opstellen van top 10 meest voorkomende bijzonderheden. Jaarlijks voor minimaal 10 branches een analyse in naleving opleveren.
OZHZ rapporteert over deze kpi alleen in de jaarstukken.
10
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
III Financiën 1.
Algemeen
De begroting 2027 is gebaseerd op de door het AB vastgestelde begrotingsrichtlijnen 2027 (zie I, paragraaf 6). Onderstaande tabel geeft het meerjarige begrotingsbeeld.
De begroting is meerjarig in evenwicht. Het was niet nodig om het positieve bedrijfsresultaat in 2025 aan te wenden voor het aanvullen van het weerstandsvermogen. Het weerstandsvermogen is ultimo 2025 weer op het vereiste niveau en voldoet daarmee ook weer aan de landelijke robuustheidseisen voor omgevingsdiensten. Met ingang van 2026 geldt voor alle gemeenschappelijke regelingen ook dat de notitie overhead van toepassing is. Het BBV schrijft voor dat kosten van bedrijfsvoering (in BBV-termen ‘Overhead’) afzonderlijk worden begroot en verantwoord. In bijlage 3a is de begroting 2027 verdeeld naar overhead en primair. De door het AB op 20 maart 2025 vastgestelde nota Overhead vormt de basis hiervoor. Daarnaast heeft de commissie BBV de notitie structurele baten en lasten op 8 december 2025 gepubliceerd en geactualiseerd. De bepalingen en richtlijnen van deze notitie treden in werking met ingang van het begrotingsjaar 2027. Op basis van deze notitie is in bijlage 3b de begroting meerjarig inzichtelijk gemaakt zodat het zichtbaar is wat het structurele begrotingssaldo is. Om te bepalen of er in de begroting en meerjarenraming sprake is van structureel evenwicht dient inzichtelijk gemaakt te worden welke incidentele baten en lasten de begroting en meerjarenraming bevat.
Door het betrekken van het overzicht van incidentele baten en lasten bij het begrotingssaldo met de cijfers uit het overzicht van de (totale) lasten en baten wordt inzicht gegeven in het begrotingssaldo. 11
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
In het besluit Begroting en Verantwoording (BBV, art 19) is de verplichting vastgesteld dat de gemeenschappelijke regelingen ramingen van het EMU saldo dienen te verstrekken. De begroting van OZHZ is opgesteld conform een (gemodificeerd) stelsel van baten en lasten. Het EMU saldo gaat niet uit van baten en lasten, maar gaat uit van ontvangsten en uitgaven van OZHZ, berekend op transactiebasis en overeenkomstig de voorschriften van het Europese systeem van nationale en regionale rekeningen in de Europese Unie. Als gevolg van Europese regelgeving mogen EU-lidstaten een begrotingstekort (EMU-saldo) hebben van maximaal 3% van het bruto binnenlands product (bbp). Aan dit maximale tekort van 3% hebben, naast de Rijksoverheid, ook de decentrale overheden een aandeel. In bijlage 3c is de raming van het EMU saldo opgenomen. In het besluit Begroting en Verantwoording (BBV, art 17) is de verplichting vastgesteld dat het overzicht van baten en lasten in de begroting bevat het overzicht van de geraamde algemene dekkingsmiddelen, de geraamde kosten van overhead, het geraamde bedrag van de heffing voor de vennootschapsbelasting en het geraamde bedrag voor onvoorzien. Dit overzicht is opgenomen in bijlage 3d. Volgens de richtlijnen in het besluit Begroting en Verantwoording (BBV, art 7 lid 3 sub c) dient de gemeenschappelijke regeling inzicht te geven in de baten en lasten per taakveld.
De indeling in taakvelden is vanuit het BBV voorgeschreven. Het overzicht van baten en lasten per taakveld is opgenomen in bijlage 3 e. Financieel technische uitgangspunten Bij het opstellen van de begroting 2027 en het financieel meerjarenperspectief zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: Baten De ramingen voor de baten zijn gebaseerd op: -
De jaarprogramma’s 2026 van gemeenten en provincie wat resulteert in een verwacht werkaanbod van ca. 311.000 declarabele uren.
-
De begroting 2026.
-
Het vastgestelde tarief ad € 117,51 per uur.
-
De vastgestelde realisatiecijfers 2025.
OZHZ heeft voor het jaar 2026 voor het eerst de incidentele omzet uit wettelijke taken uit het voorgaande jaar voor 70% doorgetrokken als zijnde “structureel”. Dit uitgangspunt is doorgetrokken voor de jaren 2027 en verder. Op basis van het verleden is de constatering namelijk dat deze incidentele omzet een structureel karakter heeft. Op basis van het voorzichtigheidsprincipe hebben we 70% van deze omzet doorgetrokken. Dit biedt OZHZ mede in het kader van benodigde bezuinigingen op met name externe inhuur de mogelijkheid om hier vast personeel op in dienst te nemen. In de bijdrage van de deelnemers is dit echter nog niet verwerkt (zie ook bijlage 1), zodat het voor de deelnemers incidenteel blijft. De frictiebepaling uit de bijdrageverordening is hierop niet van toepassing. Lasten -
Conform de september-circulaire 2025 d.d. 16 september 2025 is rekening gehouden met een gemiddelde loonkostenstijging met behulp indexcijfer cf. prijs overheidsconsumptie, beloning medewerkers ad 5,7%.
12
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
-
Conform de september-circulaire 2025 d.d. 16 september 2025 is rekening gehouden met een gemiddelde prijsstijging met behulp indexcijfer cf. prijs overheidsconsumptie, netto materieel (imoc) ad 2,2%.
-
De vastgestelde realisatiecijfers 2025.
-
Het hiervoor, onder ‘Baten’, beschreven werkaanbod vraagt een benodigde formatie voor het primaire proces van 218,4 fte (die we met vast personeel en inhuur realiseren).
-
Er wordt rekening gehouden met een declarabiliteitsnorm van 1.381 uur per fte.
-
Het BBV schrijft voor dat kosten van bedrijfsvoering (in BBV-termen ‘Overhead’) afzonderlijk worden begroot en verantwoord. Volgens de definitie van het BBV worden tot de bedrijfsvoering gerekend “Alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces”;
-
De formatieomvang van bedrijfsvoering bedraagt 68,7 fte.
-
Om mogelijke tegenvallers adequaat te kunnen opvangen wordt rekening gehouden met een post onvoorzien van € 192.310. Deze post staat ter beschikking van het dagelijks bestuur.
-
De effecten van een mogelijke nieuwe CAO zijn als volgt ingeschat: o
01-04-2027: 2,25%.
2. Baten Inwonerbijdrage (€ 2,7 mln.) De inwonerbijdrage is een lumpsumbudget, te zien als een algemeen dekkingsmiddel. De inwonerbijdrage heeft een omvang van € 2,7 mln. Vanuit de inwonerbijdrage worden gedekt: •
Kosten voor instandhouding van het bestuur en bedrijfsvoering van de dienst.
•
De taken en werkzaamheden van inspecteurs, vergunningverleners en adviseurs, die indirect ten goede komen aan alle opdrachtgevers en producten, zoals relatiebeheer, kwaliteitszorg, externe communicatie en rapportages, etc.
•
De regionale uitvoering van de wachtdienst.
Wettelijke taken (€ 33,3 mln.) De wettelijke taken omvatten producten en prestaties die per kwartaal op voorschotbasis bij de opdrachtgevers (gemeenten en provincie) in rekening worden gebracht. Jaarlijks vindt nacalculatie plaats aan de hand van de geleverde prestaties. De taken op het gebied van bouw- en woningtoezicht worden eveneens op voorschotbasis bij de opdrachtgevers in rekening gebracht. Het betreft de PZH en de gemeenten Alblasserdam, Dordrecht, Hardinxveld-Giessendam en Molenlanden 1. De omzetraming is gebaseerd op de meerjarige doorwerking van de jaarprogramma's. Bijlage 1 bevat het overzicht van de jaarprogramma's per opdrachtgever. In de aangepaste begroting 2026 is duidelijk te zien dat ten opzichte van de primaire begroting 2026 de baten uit hoofde van wettelijke taken zijn toegenomen met ruim € 1,0 mln. Dit wordt verklaard door zowel toegenomen omzet op wettelijke taken van zowel de gemeenten als provincie. Voor nadere informatie wordt verwezen naar deel I, paragraaf 5. Ontwikkelingen.
1
Het betreft enkel de uitvoering van toezicht bouw. 13
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
Offerte en subsidietaken (€ 2,6 mln.) Opdrachtgevers verstrekken op basis van een offerte of programma een opdracht voor een specifiek advies of onderzoek. Afrekening vindt plaats op basis van gerealiseerde kosten of een vaste opdrachtsom. Daarnaast ontvangt OZHZ subsidiebijdragen of kan er sprake zijn van detachering van personeel. In de raming is ook rekening gehouden met BRIKS 2-taken die worden uitgevoerd voor de provincie Zuid-Holland en de DCMR. Uitgangspunt voor de structurele raming is de realisatie van afgelopen jaren en de ontwikkelingen die inmiddels realistisch worden ingeschat (bijv. toekenning van subsidies). In 2026 is sprake van een verwachte totale omzet ad € 2,7 mln waarvan € 0,4 mln incidenteel is. Dit betekent voor 2027 en later dat we vooralsnog uitgaan van een structurele (geïndexeerde omzet ad € 2,6 mln. Overige baten (€ 200.000) Dit post renteopbrengsten vormt binnen de overige baten de belangrijkste post. De realisatie van 2025 laat een opbrengst zien van € 192.040. Het is aannemelijk om deze opbrengst met inachtneming van enige voorzichtigheid meerjarig te verwerken.
3.
Lasten
Personeelskosten (€ 32,2 mln.) De personeelskosten zijn gebaseerd op de vaste formatie en de benodigde flexibele capaciteit van OZHZ. De salarislasten zijn berekend op basis van de werkelijke loonkosten. Daarbij is rekening gehouden met schaalfrictie, individuele rechten, pensionering en de verwachte CAO wijziging voor de jaren 2026 tot en met 2027. Wij hebben deze CAO wijziging ingeschat op: 01-07-2026: loonstijging 1,25% (volgens reeds afgesloten CAO die loopt t/m 31-03-2027 01-01-2027: loonstijging 1,6% (volgens reeds afgesloten CAO die loopt t/m 31-03-2027 01-04-2027: loonstijging 2,25% (inschatting naar best wetens) Kapitaallasten (€ 398.000) De kapitaallasten worden gevormd door enerzijds reeds gedane investering die voor de komende jaren conform het afschrijvingsbeleid worden afgeschreven. Anderzijds hebben we een investeringsbegroting opgesteld om de huidige faciliteiten in het kader van het nieuwe werk concept (hybride werken) te kunnen continueren. OZHZ verwacht tot slot in 2027 en volgende jaren investeringen op ICT gebied om met name laptops, mobiele telefoons, enz. regulier te vervangen conform het afschrijvingsbeleid. Dat geldt ook voor reguliere vervanging van meubilair en huisvesting.
Ondersteuning BD (€ 2,1 mln.) Bedrijfsvoering Drechtsteden (voorheen: de Servicegemeente Dordrecht, hierna aangeduid als BD) voert de taken uit op het gebied van ICT, personeels- en salarisadministratie, juridische diensten en aanbestedingen. De overeenkomst betreft de ICT (€ 1,67 mln.) en overige dienstverlening, zoals inkoop, juridisch kenniscentrum en verzekeringen (€ 436.000). De paragraaf "Bedrijfsvoering" (deel IV) bevat meer achtergrondinformatie.
2
Vergunningverlening en toezicht met betrekking tot bouwen, reclame, inrit, kappen en slopen.
14
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
Huisvesting (€ 750.000) OZHZ is gevestigd in het pand Post120 in Dordrecht. De huurkosten worden doorbelast door de verhuurder op basis van de getekende huurovereenkomst. De huisvestingskosten zijn opgebouwd uit de kale huurprijs en servicekosten en worden jaarlijks geïndexeerd. Overige bedrijfskosten (€ 2,1 mln.) De overige bedrijfslasten betreffen onder meer, print- en drukkosten, bedrijfsgezondheidszorg, kwaliteitszorg, externe advieskosten en telefoonkosten. De grootste onderdelen binnen deze begrotingspost zijn de software onderhoud (€ 1.170.000), facilitaire kosten (€ 174.000), externe expertise en accountant (€ 183.000), leaseauto's (€ 90.000), verzekeringspremies (€ 85.000), telefonie en internet (€ 61.000) en voorlichting en communicatie (€ 63.000). In de raming is rekening gehouden met € 175.000 aan extra kosten voor versterking van de functies van privacyen gegevensbescherming en informatiebeveiliging. Uitgangspunt is dit te doen in samenwerking met de omgevingsdiensten Zuid-Holland. Additionele productkosten (€ 1,0 mln.) Binnen deze begrotingspost zijn de additionele productkosten verantwoord voor de taakuitvoering van OZHZ. Daarbij gaat het om kosten die worden gemaakt door OZHZ en vervolgens een op een worden doorbelast aan de opdrachtgevers. Tegenover de additionele productiekosten staat dus een overeenkomstige omzet.
Ook het materiële budget van de provincie Zuid-Holland voor het uitvoeren van de provinciale taken is binnen deze begrotingspost verantwoord. Onvoorzien (€ 192.000) De post onvoorzien is onderdeel van het weerstandsvermogen en bedraagt 0,5% van de totale lasten voor reservering. Voor meer informatie wordt verwezen naar de paragraaf weerstandsvermogen (deel IV).
15
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
4. Reserves 4.1 Mutaties reserves Onderstaand de meerjarige mutaties van de reserves: Reserves
Beginsaldo
2026
2027
Saldo
Algemene reserve
773
0
0
773
Materieel budget PZH
155
0
0
155
Ontwikkelaanpak
26
0
0
26
Werkconcept
34
0
0
34
Onverdeeld resultaat
0
1.756
0
1.756
988
1.756
0
2.744
Totaal Bedragen * € 1.000
Algemene reserve De algemene reserve is onderdeel van het weerstandsvermogen. Voor de beleidsuitgangspunten, omvang, en samenstelling van het weerstandsvermogen en de bijbehorende risico’s wordt verwezen naar de paragraaf weerstandsvermogen. De toename in 2026 betreft het positieve resultaat 2025. Materieel budget PZH De reserve is bedoeld voor eventuele complexe dossiers van PZH. Ontwikkelaanpak OZHZ en zijn opdrachtgevers zien in de maatschappelijke opgaven van de gemeenten en provincie in de komende periode belangrijke kansen en uitdagingen. De ontwikkelaanpak (voorheen regieplan) biedt een programmatische, doelgerichte, aanpak. Werkconcept De reserve is niet meer actueel en in 2026 wordt er aan het AB een voorstel gedaan om deze bestemmingsreserve op te heffen en vrij te laten vallen ten gunste van het resultaat 2026. Onverdeeld resultaat Het positieve financiële resultaat 2025 bedraagt € 1.756.190. Er is een voorstel gemaakt om van dit resultaat een bedrag ad € 600.000 te bestemmen in een bestemmingsreserve en het resterende deel ad € 1.156.190 terug te betalen aan de deelnemers. De geraamde exploitatieresultaten 2026 - 2030 zijn nog niet verwerkt in het overzicht. Conform de regionale afspraken worden deze toegevoegd aan het weerstandsvermogen indien dat onder het vereiste niveau zit. In totaal gaat het om € 737.000.
16
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
IV Paragrafen 1.
Inleiding
In het Besluit Begroting en Verantwoording staat dat in de Programmabegroting in elk geval de navolgende paragrafen opgenomen moeten zijn: 1.
Lokale heffingen
2.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
3.
Onderhoud kapitaalgoederen
4.
Financiering
5.
Bedrijfsvoering
6.
Verbonden partijen
7.
Grondbeleid
De paragrafen Lokale heffingen, Verbonden partijen en Grondbeleid zijn niet op OZHZ van toepassing, omdat OZHZ niet wordt gefinancierd door heffingen, niet participeert in verbonden partijen en geen gronden in bezit heeft. Bijlage 2 bevat informatie voor de paragraaf verbonden partijen van de deelnemers. De overige paragrafen zijn hieronder toegelicht.
2.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Het weerstandsvermogen geeft aan hoe robuust de meerjarenbegroting is en geeft inzicht in de financiële draagkracht van OZHZ indien zich onvoorziene gebeurtenissen voordoen. Een exact sluitende meerjarenbegroting zonder toereikende buffer betekent dat elke onvoorziene financiële tegenvaller direct dwingt tot bezuinigen om alsnog een structureel sluitende begroting te houden. In dat geval staat het beleid van OZHZ ook direct onder druk. Daarom heeft OZHZ op elk moment voldoende weerstandscapaciteit nodig. 2.1
Begripsomschrijving
Het weerstandsvermogen is de relatie tussen de risico’s, waarvoor geen specifieke maatregelen zijn getroffen enerzijds, en de capaciteit van middelen en mogelijkheden (weerstandscapaciteit) die de organisatie heeft om niet begrote kosten op te vangen anderzijds. Hoe groot die weerstandscapaciteit moet zijn, is afhankelijk van de risico’s die OZHZ op dat moment loopt. Hiertoe worden strategische risico’s onderscheiden van de reguliere. Reguliere risico’s doen zich regelmatig voor en zijn over het algemeen goed meet- en beheersbaar. Voorbeelden van beheersmaatregelen zijn het afsluiten van verzekeringen, het vormen van voorzieningen, het creëren van bestemmingsreserves en het inrichten van de administratieve organisatie en interne controle. Kenmerkend aan strategische risico’s is dat er sprake is van niet of nauwelijks beïnvloedbare (externe) risico’s. Meestal is de kans dat het risico zich voordoet klein, terwijl de financiële gevolgen groot kunnen zijn. Beide zijn moeilijk in te schatten. Dergelijke risico’s kunnen samenhangen met bezuinigingen bij opdrachtgevers, onvoorziene kostenstijgingen, productiviteitsverlies en veranderingen in de vraag.
17
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
De verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit geeft het weerstandsvermogen aan. 2.2
Beleid OZHZ inzake risico’s en weerstandsvermogen
De weerstandscapaciteit van OZHZ bestaat uit de algemene reserve, het budget onvoorzien en de (structureel) aanwezige begrotingsruimte. Voorzieningen behoren niet tot de weerstandscapaciteit. Uitgangspunt is dat de structurele begroting van OZHZ sluitend is. Echter, als OZHZ geconfronteerd wordt met incidentele uitgaven die leiden tot een nadelig exploitatieresultaat, dan wordt dit nadelige resultaat ten laste gebracht van de deelnemers in de GR OZHZ. De wijze waarop dit gebeurt is vastgelegd in de financiële verordening OZHZ. Het weerstandsvermogen/de algemene reserve van OZHZ wordt gevoed uit de positieve exploitatieresultaten, totdat de vereiste weerstandscapaciteit is bereikt. In paragraaf 2.3 vindt een verdere uitwerking plaats van het risicoprofiel. De totale benodigde weerstandscapaciteit wordt vervolgens gerelateerd aan de aanwezige weerstandscapaciteit. 2.3
Risicoprofiel Omgevingsdienst Categorie
Omschrijving
Effect
Impact
Kans
Beheersmaatregel
risico
Financieel
Benodigde
risico
weerstandscapaciteit
1
Wettelijke taken
Bezuiniging
Schaalnadeel
Medium
Medium
Frictiekostenregeling
382
191
Regionaal Uitvoeringsniveau Tarifering 2
Overige omzet (offerte
Bezuiniging
Schaalnadeel
Groot
Hoog
Flexibele schil
632
474
Hoger dan de
Exploitatieverlies
Groot
Laag
Verzuimbeleid
543
136
Exploitatieverlies
Klein
Hoog
Bestuurlijk overleg
145
109
1.702
910
en subsidie) 3
Ziekteverzuim
4
BD samenwerking
norm (5%) Hogere kosten
Totaal benodigde weerstandsvermogen Bedragen x € 1.000 Stand jaarrekening 2025
Waarschijnlijkheid Zeer hoog
Kans > 75%
Hoog
Kans > 50% en < 75%
Medium
Kans > 25% en < 50%
Laag
Kans < 25%
Impact Groot
financieel risico > € 400.000
Medium
financieel risico > € 150.000 en < € 400.000
Klein
financieel risico < € 150.000
18
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
Algemeen In de jaarrekening 2025 is een voordelig exploitatieresultaat gepresenteerd van ruim € 1,8 mln. Dit resultaat wordt deels bestemd in een bestemmingsreserve en deels terugbetaald aan de deelnemers. Verdere dotatie aan het weerstandsvermogen is overbodig. Het AB heeft besloten om in vier jaar (2023 - 2026) het weerstandsvermogen weer op het gewenste niveau te brengen, door in elk geval de (eventuele) positieve rekeningresultaten uit die jaren, toe te voegen aan de algemene reserve (en dus niet terug te geven aan de deelnemers). Bij de jaarrekening 2025 is het benodigde weerstandsvermogen opnieuw bepaald en resulteert in een bedrag ad € 910.000. De omvang van het weerstandsvermogen ultimo 2025 bedraagt € 955.000 exclusief het positieve exploitatieresultaat voor het jaar 2025. 1.
Bezuiniging wettelijke taken
Met de uitvoering van wettelijke taken is een budget van circa € 31,8 mln. gemoeid. Gegeven de financiële positie van gemeenten is de kans op bezuinigingen medium (50%). Met inbegrip van onderstaande beheersmaatregelen is de financiële impact medium (€ 382.000). Daarbij is ervan uitgegaan dat het effect gedurende een periode van 2 jaar kan worden gedekt uit het weerstandsvermogen. Beheersmaatregelen -
De gemeenten hebben een minimaal regionaal uitvoeringsniveau (RUN) vastgesteld voor de uitvoering van milieutaken. Daarmee is een zekere mate van continuïteit gewaarborgd.
-
PZH heeft in dit kader de nota Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH) vastgesteld.
-
Daarnaast zijn in de bijdrageverordening bepalingen opgenomen ten aanzien van de meerjarige budgetten. Opdrachtgevers die individueel meer willen bezuinigen dan de norm van 2% per jaar, dienen een frictievergoeding te betalen.
-
Het capaciteitsbeleid van OZHZ. Voor de wettelijke taken geldt dat budgetten binnen zekere marges mogen fluctueren. Doelstelling is om 90% van de benodigde capaciteit in te vullen met eigen formatie.
-
Voor het restant wordt de zogenaamde “flexibele schil” ingezet.
-
Structurele effecten worden opgevangen in het tarief.
Benodigde weerstandscapaciteit Vanwege bovengenoemde beheersmaatregelen beperkt de benodigde weerstandscapaciteit zich grotendeels tot de schaalnadelen, in geval van bezuinigingen. Inschatting is een bedrag van circa € 191.000. 2.
Overige omzet
De overige taken betreffen onder meer de offertetaken en subsidies. Met de uitvoering is een budget van circa € 2,1 mln. per jaar gemoeid. De kans op bezuinigingen is hoog (75%). Gerekend over een periode van 1 jaar en met inbegrip van onderstaande beheersmaatregelen wordt de financiële impact ingeschat op hoog (€ 632.000). Beheersmaatregelen Voor de adviestaken geldt dat er tot nu toe geen sprake is van enige verplichting naar gemeenten om werk bij OZHZ neer te leggen. Doelstelling is om 90% van de benodigde capaciteit in te vullen met eigen formatie. Voor het restant wordt de zogenaamde “flexibele schil” ingezet. Daarmee kan flexibel worden ingespeeld op omzetfluctuaties.
19
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
Benodigde weerstandscapaciteit Vanwege bovengenoemde beheersmaatregelen beperkt de benodigde weerstandscapaciteit zich tot de schaalnadelen, in geval van bezuinigingen. Op basis van de jaarrekening is de inschatting circa € 474.000. 3.
Ziekteverzuim
In de begroting wordt uitgegaan van een norm voor ziekteverzuim van 5%. In geval van een hoger ziekteverzuim, is er sprake van productiviteitsverlies. Een laag risico is reëel gezien de ervaringscijfers over 2025 (uitkomst ziekteverzuim over 2025 is 4,55% (12-maands voortschrijdend gemiddelde)); de financiële impact met inbegrip van onderstaande beheersmaatregelen is groot (€ 543.000), gerekend over een periode van een jaar. De kans wordt ingeschat op laag (25%). Beheersmaatregelen: -
Het verzuimbeleid van OZHZ.
-
Monitoren ziekteverzuim gedurende het jaar.
-
De norm van 5% is financieel vertaald in de begroting.
Benodigde weerstandscapaciteit Door bovengenoemde beheersmaatregel is een weerstandscapaciteit benodigd van circa € 136.000. 4.
Samenwerking met BD
Op dit moment wordt er gewerkt aan een nieuw dienstverlenings- en financieringsmodel van BD. De financiële effecten van dit model zijn op dit moment nog niet te overzien. OZHZ accepteert een risico tot een bandbreedte van 7,5% van het offertebedrag voor de jaren 2026 en 2027. Het offertebedrag bedraagt € 1.930.000. De kans wordt ingeschat op hoog (75%). Beheersmaatregelen: -
Actief overleg met deelnemers.
-
Marktverkenning.
Benodigde weerstandscapaciteit Door bovengenoemde beheersmaatregel is een weerstandscapaciteit benodigd van circa € 109.000.
2.4
Weerstandscapaciteit versus benodigde weerstandscapaciteit
De weerstandscapaciteit van OZHZ bestaat uit de algemene reserve en de post onvoorzien. De omvang van het weerstandsvermogen per ultimo 2025 bedroeg € 955.000. (exclusief het positieve resultaat 2025). Gegeven het risicoprofiel is een weerstandsvermogen van € 909.000 benodigd. Het aanwezige weerstandsvermogen overtreft dan ook het benodigde niveau.
20
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
3.
Onderhoud kapitaalgoederen
De omvang van de kapitaalgoederen is relatief beperkt, aangezien OZHZ de kapitaalgoederen grotendeels huurt of leaset. Het gaat daarbij om:
Het huurcontract inzake de locatie Post 120.
De uitbesteding van de ICT-dienstverlening bij BD (en derhalve geen eigen investering in een netwerk, rekencentrum en generieke hardware). Leasecontracten voor het wagenpark.
Onderstaand een overzicht van de materiële vaste activa per categorie. Boekwaarde 2024
Boekwaarde 2025
a
Omschrijving Huisvesting
600.478
458.109
b
ICT en audiovisuele investeringen
181.009
202.920
c
Meubilair
165.059
125.822
d
Software
50.705
28.325
e
Bedrijfsmiddelen
13.456
9.204
f
Vaartuigen
2.626.535
2.515.000
3.637.242
3.339.380
Totaal Bedragen x €
Onderstaand zijn de meerjarig geplande investeringen aangegeven: Groep
Omschrijving
2026
2027
2028
2029
2030
a
Huisvesting
150.000
25.000
25.000
25.000
25.000
b
ICT en audiovisuele
130.000
110.000
110.000
160.000
110.000
investeringen c
Meubilair
90.000
10.000
10.000
10.000
10.000
d
Software
10.000
10.000
10.000
10.000
10.000
e
Bedrijfsmiddelen
5.000
5.000
5.000
30.000
5.000
f
Vaartuigen
-
-
-
-
-
385.000
160.000
160.000
235.000
160.000
Totaal Bedragen x €
De kapitaalgoederen van OZHZ betreffen voornamelijk gedane investeringen in de sfeer van huisvesting. Daarbij hoorden niet alleen de investeringen in het gebouw, maar ook de aanschaf van laptops voor alle medewerkers, docking stations voor alle werkplekken op kantoor, verbeterde audiovisuele apparatuur in de vergader- en projectruimtes, etc. Op deze apparatuur wordt snel afgeschreven, dat resulteert in het feit dat er jaarlijks geïnvesteerd moet worden in vernieuwing van dergelijke hardware. Hieronder geven wij een toelichting op de relevante investeringen per onderdeel voor de komende jaren: a.
Huisvesting Een deel van de sloten van de lockers zal nog vervangen moeten worden. Daarnaast vinden er vervangende investeringen plaats op het vlak van vloerbedekking en keukenapparatuur;
21
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
b.
ICT en audiovisuele investeringen Dit betreft de reguliere vervanging van laptops, Ipads en mobiele telefonie;
c.
Meubilair Dit betreft de reguliere vervanging van bureaustoelen alsmede de aanschaf van vergadertafels en vergaderstoelen;
d.
Software Het merendeel van de software die OZHZ gebruikt, werkt in de cloud en nemen we af als Saas applicatie (Software as a Service) en komt daarom niet in aanmerking als investering. De jaarlijkse post betreft dan ook slechts kleine applicaties;
e.
Bedrijfsmiddelen Dit betreft de reguliere vervanging van kleinere bedrijfsmiddelen waaronder meetapparatuur;
f.
Vaartuigen OZHZ heeft 2 boten in bezit (Pandion en RIB) die gebruikt worden bij de uitvoering van milieutoezicht. De onderhoud- en gebruikskosten van deze activa worden gedekt uit de provinciale bijdrage.
Bovenstaande items zijn concreet en reëel in te schatten. Daarnaast zal er een kantoorplan worden gemaakt waarbij inzichtelijk gemaakt wordt wat de kosten zijn om het huidige werkconcept te continueren gezien het maximum waar we tegenaan lopen met betrekking tot het aantal werkplekken. De verwachte uitbreiding van de bezetting noopt ons tot het maken van keuzes. Op dit moment is het inschatten van de verwachte investeringen nog niet mogelijk en dat zullen we in de begroting van 2028 verwerken. De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs, verminderd met de van derden ontvangen investeringsbijdragen en afschrijvingen. De verkrijgingsprijs bestaat uit de inkoopprijs en de bijkomende kosten. De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten van het product of dienst en de overige kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegekend. Afschrijving vindt lineair plaats op basis van de geschatte economische levensduur. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht. De bijdrage van PZH aan de vaartuigen is geen investeringsbijdrage maar een bijdrage in de kapitaallasten en wordt derhalve niet op de investering in mindering gebracht.
De gehanteerde afschrijvingstermijnen zijn bepaald op basis van artikel 8, tweede lid, van de Financiële en controleverordening Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid.
4.
Financiering
De financieringsparagraaf in de begroting is een belangrijk instrument voor het sturen, beheersen en controleren van de financieringsfunctie. In het Treasurystatuut Omgevingsdienst Zuid-Holland-Zuid (vastgesteld door het Algemeen Bestuur op 20 maart 2025) zijn het begrippenkader en de doelstellingen van de treasuryfunctie geformuleerd en geconcretiseerd naar de verschillende deelgebieden van treasury, risicobeheer, financiën en kasbeheer. Ook zijn de organisatorische randvoorwaarden weergegeven. Tot slot zijn in het statuut de uitgangspunten vastgelegd voor de informatie die noodzakelijk is om het gehele proces beheersbaar en meetbaar te houden.
4.1 Algemene ontwikkelingen
22
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
De treasury functie is gebaseerd op de Wet Fido. Een belangrijk element is het meer zicht krijgen op de ontwikkeling van de financieringspositie, zowel op de korte als lange termijn. Dit betreft met name het in beeld brengen van de behoefte aan financieringsmiddelen, gerelateerd aan de investeringsplanning en de inzet van vrijvallende dan wel beschikbaar komende financieringsmiddelen. Per 16 december 2013 is het Schatkistbankieren ingegaan. Decentrale overheden zijn verplicht om dagelijks overtollige kasgelden over te boeken naar het Rijk.
4.2 Risicobeheer Algemene uitgangspunten met betrekking tot het risicobeheer zijn:
Leningen en garanties uit hoofde van de "publieke taak" worden uitsluitend verstrekt aan door het Algemeen Bestuur goedgekeurde derde partijen;
Uit hoofde van de treasury functie kunnen middelen worden uitgezet indien deze uitzettingen een prudent
Het gebruik van derivaten is niet toegestaan.
karakter hebben en niet gericht zijn op het genereren van inkomen door het lopen van overmatig risico;
4.3 Renterisicobeheer Algemene uitgangspunten met betrekking tot het renterisicobeheer zijn:
Geen overschrijding van de renterisico norm conform de Wet Fido;
Nieuwe leningen/uitzettingen worden afgestemd op de bestaande financiële positie en de liquiditeitsplanning;
De rente typische looptijd en het renteniveau van de betreffende lening/uitzetting wordt zo veel mogelijk afgestemd op de actuele rentestand en de rentevisie;
Streven naar spreiding in de rent typische looptijden en uitzettingen.
4.4 Kasgeldlimiet Met de kasgeldlimiet is in de wet Fido een norm gesteld voor het maximumbedrag waarop de organisatie haar financiële bedrijfsvoering met kortlopende middelen (looptijd < 1 jaar) mag financieren. Deze norm bedraagt 8,5% van het begrotingstotaal aan lasten voor bestemming, dus met uitzondering van de stortingen in de reserves. Voor 2027 bedraagt deze limiet 8,5% van € 38,7 miljoen = € 3,3 miljoen.
4.5 Renterisico norm Het renterisico op de lange financiering wordt wettelijk begrensd door de renterisico norm. Als lange financiering wordt volgens de wet Fido aangemerkt: alle financieringsvormen met een rente typische looptijd groter dan 1 jaar. Het renterisico wordt gedefinieerd als het minimum van de netto nieuw aangetrokken schuld en de betaalde aflossingen, vermeerderd met het saldo van de contractuele renteherzieningen op de opgenomen en uitgezette geldleningen. Het renterisico op de lange termijn wordt beperkt tot de in de wet genoemde 20% van de restant hoofdsom van de rente typische langlopende leningen. Achterliggende reden voor het gebruik van de renterisico norm is de spreiding van het renterisico over de jaren. OZHZ heeft geen financieringsvormen met een rentetypische looptijd van langer dan een jaar en verwacht deze ook niet aan te gaan in 2027. De renterisico norm bedraagt voor 2027: € 7,8 miljoen.
23
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
4.6 Relatiebeheer Het betalingsverkeer is geconcentreerd bij de NV Bank voor Nederlandse Gemeenten. In 2013 heeft OZHZ een (verplichte) overeenkomst afgesloten met het ministerie van Financiën inzake het schatkistbankieren.
4.7 Leningenportefeuille Voor het begrotingsjaar 2027 heeft OZHZ geen langlopende leningen in de portefeuille. De liquiditeitspositie is momenteel ruim voldoende. Tot slot kan, op grond van onderstaande financiële indicatoren, worden geconcludeerd dat de vermogenspositie van OZHZ op orde is. Indicatoren financiering
Rekening 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Netto schuldquote
-0,7%
-1.3%
-2,2%
-3,1%
-3,9%
-4,8%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen
-0,7%
-1.3%
-2,2%
-3,1%
-3,9%
-4,8%
Solvabiliteitsratio
15,5%
16,7%
17,4%
17,8%
18,4%
19,1%
Grondexploitatie
0,0%
0,0%
0,0%
0,0%
0,0%
0,0%
Belastingcapaciteit
0,0%
0,0%
0,0%
0,0%
0,0%
0,0%
Structurele exploitatieruimte
0,5%
0,5%
0,5%
0,5%
0,5%
0,5%
Een lage netto schuldquote houdt in dat OZHZ een flexibele begroting heeft. Concreet zitten middelen maar voor een beperkt deel vast in onderdelen als kapitaallasten en is bijsturing van de begroting dus voor een deel mogelijk. De solvabiliteitsratio is de verhouding tussen eigen vermogen en de totale passiva. Bij een tekort aan eigen vermogen staan de deelnemers aan de gemeenschappelijke regeling garant voor het aanvullen van het eigen vermogen. De structurele exploitatieruimte is de post onvoorzien, die onderdeel is van het weerstandsvermogen.
4.8 Schatkistbankieren Conform het Schatkistbankieren zijn decentrale overheden verplicht om dagelijks overtollige kasgelden over te boeken naar het Rijk. OZHZ mag gemiddeld € 1 mln. aan middelen aanhouden buiten de schatkist (het zogenaamde drempelbedrag). Om te voorkomen dat OZHZ het drempelbedrag overschrijdt zijn de afspraken met de BNG inzake de afroming en overboeking aangescherpt. BNG roomt het banksaldo dagelijks automatisch af vanaf 200.000 euro en boekt het overschot over naar de schatkistrekening bij het Rijk.
24
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
5.
Bedrijfsvoering
De Nota Bedrijfsvoering van OZHZ geeft de kaders weer voor de bedrijfsvoering. Verdere uitwerking vindt plaats in de paragrafen bedrijfsvoering, financiering, weerstandsvermogen en onderhoud kapitaalgoederen van deze begroting.
5.1 Personeel & Organisatie Strategische HR-agenda 2026 - 2027 De koers van OZHZ is stevig verankerd in de missie, visie en strategie van de organisatie. Medewerkers spelen een cruciale rol in het realiseren daarvan. Hiervoor is de volgende HR-doelstelling geformuleerd: “OZHZ is een aantrekkelijke (potentiële) werkgever waar gekwalificeerde medewerkers in zelforganiserende teams werken.” Op basis van deze doelstelling is de strategische HR-agenda opgesteld, met de volgende pijlers: werving, aantrekkelijk werkgeverschap (boeien en binden), investeren in vakmanschap, welzijn en organisatieontwikkeling. In de jaarstukken 2025 is verslag gedaan over de stappen die zijn gezet richting een robuuste en toekomstbestendige organisatie. Dit betreft onder andere afname van het verloop, een toenemende instroom, effectief wervingsbeleid en ziekteverzuim dat onder controle is. Ook de preventieve aanpak heeft positieve effecten op de duurzame inzetbaarheid van de medewerkers. Belangrijk aandachtspunt blijft het aantrekken van nieuwe (senior) collega’s, met name voor de specialistische functies. Dit vraagt om versterking van arbeidsmarktcommunicatie en een herkenbaar sterk werkgeversmerk.
OZHZ gaat extra inzetten op het verder verstevigen van het eigen werkgeversmerk door onder andere samen op te trekken met de andere vier Omgevingsdiensten in Zuid-Holland op gebied van arbeidsmarktcommunicatie. Hiervoor en voor het invullen van de lastig vervulbare vacatures is gerichte inzet van recruitment essentieel. OZHZ onderzoekt daarnaast ook de mogelijkheden voor inzet van actief recruitment. Om blijvend te voldoen aan de VTH-kwaliteitscriteria is verdere borging nodig, onder meer door deze criteria een vaste plek te geven in diverse HR-instrumenten en –processen. OZHZ blijft extra investeren in het intern opleiden van medewerkers o.a. via de Omgevingsdienst NL Academie, om continuïteit, kwaliteit en eenduidige vakontwikkeling te waarborgen. Opleiding en training blijft essentieel om te voldoen aan de VTH‑kwaliteitseisen. Tevens wordt er gewerkt aan een strategisch opleidingsplan waarin kennisontwikkeling en interne en externe ontwikkelingen samenkomen. Ook vraagt strategische personeelsplanning (SPP) verdere uitwerking, onder andere voor het creëren van doorgroeimogelijkheden en loopbaanpaden. Steeds meer richtinggevend hiervoor zijn de inzichten uit de MARAP, de talentschouw en rapportages van HR-data.
Om eerst een goede basis neer te zetten, is OZHZ in nauwe samenwerking met Bedrijfsvoering Drechtsteden bezig om zich voor te bereiden op de actualisatie van het functiehuis. Ook blijft de ontwikkeling richting zelforganisatie een belangrijke en gezamenlijke opgave. Het coaching programma als onderdeel van het Management Developmenttraject zal voor het management deze gezamenlijke beweging ondersteunen. Tot slot zijn diverse instrumenten beschikbaar voor duurzame inzetbaarheid: een opleidingsprogramma voor jonge medewerkers, coaching en mentorschap voor alle medewerkers, en passende regelingen voor senioren. Het onboardingsprogramma voor nieuwe medewerkers wordt voortgezet.
25
Begroting 2027. Ontwerpbegroting, vastgesteld door het DB van 9 april 2026.
Aanpak van het ziekteverzuim Vanwege een relatief hoog ziekteverzuimpercentage in 2022 (6,6%) is met de arbodienst Bezig de strategie uitgezet om de medewerkers zo snel mogelijk weer op de been te krijgen. Dit wierp zijn vruchten af want in de afgelopen jaren is het ziekteverzuimpercentage gedaald naar 4,6% in 2025. De focus ligt nu op duurzame inzetbaarheid van medewerkers door te acteren op preventie en werk-privébalans (met nadruk op psychisch verzuim). Dit blijft de komende jaren een belangrijke uitdaging.