ONGETEKENDE RIB Ontwerp Warmteprogramma.pdf
Tekst van het document
Gemeentebestuur Spuiboulevard 300 3311 GR DORDRECHT
Aan de gemeenteraad
Datum Zaaknummer
1 juli 2025
Betreft
Ontwerp Warmteprogramma
2025-0066282
Vergadering van Portefeuillehouder: Begrotingsprogramma Kernteam/Opgave: Auteur: E-mail: Verantwoordelijke: Openbaar:
Tanja de Jonge Groen, Duurzaam en Ruimtelijk Dordrecht Ruimtelijke Strategie en Beleid - Milieu en Energie Kristie van Damme ka.van.damme@dordrecht.nl Ja
Deadline Behandeling in het college op 1 juli 2025. Raadsinformatiebrief Hoe zijn de bevoegdheden rond dit onderwerp verdeeld? Het college is bevoegd om het Warmteprogramma en de daaruit voortvloeiende wijkuitvoeringsplannen vast te stellen. De raad is bevoegd om het omgevingsplan te wijzigen. Wat is de aanleiding om deze informatie kenbaar te maken? In 2050 worden gebouwen in Nederland niet meer met aardgas verwarmd. Dat is nodig om de uitstoot van CO2 terug te dringen, klimaatverandering tegen te gaan en de afhankelijkheid van aardgas uit het buitenland te verminderen. Ook in Dordrecht gaan we onze huizen en andere gebouwen op een andere manier verwarmen. De ambitie is om die overstap al in 2040 gezet te hebben. Deze ambitie maakt deel uit van het programma Dordrecht Klimaatneutraal 2040 en is opgenomen in de Omgevingsvisie. Hoe die overstap wordt gemaakt, wordt vastgelegd in een Warmteprogramma. Dit is de opvolger van de Transitievisie Warmte uit 2021. We geven aan in welke buurten we de komende 10 jaar aan de slag gaan. Voor de andere buurten geven we aan wat het perspectief voor aardgas is. De overstap naar een andere manier van verwarmen is complex. Het raakt bewoners achter de voordeur.
Vanuit de partners is dan ook een belangrijke randvoorwaarde meegegeven die we gedurende het hele proces telkens tegen het licht hebben gehouden en blijven houden bij het vervolg in de wijkuitvoeringsplannen: de wijk en de inwoners staan centraal en we zijn open over onzekerheden, kosten en planningen. Waarom nu? Sinds 2021 is er veel gebeurd op het gebied van de warmtetransitie. De afgelopen 5 jaar heeft Dordrecht veel stappen gezet in de warmtetransitie en zijn er nieuwe inzichten opgedaan. Er is nieuwbouw aangesloten en corporaties hebben met financiële ondersteuning vanuit de Stimuleringsregeling Aardgasvrije Huurwoningen delen van hun bezit aangesloten. Maar er is meer nodig. In januari 2024 is daarom door alle gemeenten in de Drechtsteden, alle woningcorporaties, de provincie Zuid-Holland, HVC en Stedin het Versnellingsprogramma Drechtsteden 100%
Zaaknummer
2025-0066282
aardgasvrij ondertekend. Hierin hebben we vastgelegd dat zowel de individuele oplossingen als het collectieve spoor in de warmtetransitie een versnelling nodig heeft. Een van de afspraken uit het Versnellingsprogramma is dat de gemeenten in 2025 de warmteprogramma’s hebben opgesteld. Dit is eerder dan de wettelijke actualisatietermijn van 31 december 2026. Met deze planning wordt voldaan aan het zo snel mogelijk inzichtelijk maken van de gewenste duidelijkheid waar welke warmteoptie de voorkeur heeft. Zes van de zeven Drechtsteden, te weten Alblasserdam, Dordrecht, Hendrik-Ido-Ambacht, Papendrecht, Sliedrecht en Zwijndrecht, hebben in een gezamenlijk traject gewerkt aan het Warmteprogramma. Wat is de te delen informatie? De warmtetransitie raakt vroeg of laat iedereen in Dordrecht. Met het warmteprogramma geven we duidelijkheid en handelingsperspectief aan onze inwoners, professionele partners, ondernemers en andere gebouweigenaren. Ook draagt het bij aan een zorgvuldige basis voor de uitvoeringsplannen die we gaan opstellen om een wijk of buurt aardgasvrij te maken. Het warmteprogramma herijken we iedere 5 jaar met de meest actuele informatie, dit kan ook eerder indien nodig. Het warmteprogramma is een verplicht programma onder de Omgevingswet.
In dit programma beschrijven we onze plannen voor de verduurzaming en het aardgasvrij maken van buurten en wijken voor de komende 10 jaar. En daar waar dit bekend is wordt ook het perspectief van de overige buurten of wijken gegeven. Het warmteprogramma is de opvolger van de Transitievisie Warmte die in 2021 is vastgesteld. Uitgangspunten en afwegingscriteria Uw raad heeft in 2021 uitgangspunten en afwegingscriteria voor de Transitievisie Warmte vastgesteld. Voor het warmteprogramma hebben we die opnieuw tegen het licht gehouden. De conclusie is dat deze onverminderd van kracht blijven. De warmtetransitie slaagt alleen als het voor iedereen haalbaar en betaalbaar is en als iedereen mee kan doen. We pakken de warmtetransitie stap voor stap aan en gaan aan de slag waar dit kan. Daar waar de overstap naar aardgasvrij nog niet haalbaar en betaalbaar is, gaan we op zoek naar tussenstappen. Een belangrijke eerste stap is het toepassen van isolatie en andere vormen van energiebesparing. Procesaanpak Het betrekken van bewoners bij de warmtetransitie is erg belangrijk en noodzakelijk. Het gaat om woningen waarin zij wonen, waarvan zij de huur betalen of waarin ze moeten investeren. We onderscheiden in de aanpak een technische wat-vraag en een sociaal-maatschappelijke hoe-vraag, waarbij er niet één juiste manier is om de verschillende groepen bewoners te betrekken.
De wat-vraag, namelijk welk alternatief voor aardgas de voorkeur heeft in een buurt of wijk, hebben we samen met HVC, Stedin, Drechtse Stromen en de woningcorporaties bepaald vanuit het technisch-systeemperspectief. Met de uitgangspunten en afwegingscriteria is in het Warmteprogramma de basis gelegd voor de keuze van de warmteoptie per wijk. Er wordt altijd gestart met energie besparen. Per buurt is daarna onderbouwd bepaald wat de beste warmteoptie is en hoe de fasering eruit ziet. We keken naar de laagste nationale kosten volgens de Startanalyse van het Planbureau voor de Leefomgeving 2025, naar het perspectief op duurzame bronnen, de impact op de openbare ruimte, koppelkansen, de duurzaamheid van de warmteopties en de lokaal opgedane ervaringen. Het resultaat is weergegeven in een perspectiefkaart, die per buurt het perspectief richting duurzame warmteopties weergeeft. De hoe-vraag gaat over de uitvoering. De warmtetransitie gaat vooral gepaard met sociaalmaatschappelijke uitdagingen. Het gaat om wijkbewoners en partners die in de wijk aanwezig zijn. Dat is maatwerk. Niet alle bewoners hebben dezelfde (financiële) mogelijkheden, hebben dezelfde planning en/of voelen dezelfde urgentie. In een buurt- of wijkuitvoeringsplan werken we dit verder uit.
Zo’n uitvoeringsplan kent geen blauwdruk; elke wijk is anders, en dat heeft gevolgen voor wat er moet gebeuren en hoe er wordt samengewerkt. We ontwikkelen daarom per doelgroep en per wijk een aanpak. De komende 10 jaar gaan we samen met onze partners en de inwoners in vier wijken in Dordt West met een buurtaanpak aan de slag. Het gaat om buurten in Crabbehof, Ouden Nieuw-Krispijn en Wielwijk. In de andere buurten waar het warmtenet al ligt starten we nog niet met een buurtaanpak, maar kijken we welke kansen zich voordoen om het aantal aansluitingen te vergroten. In de buurten waar het warmtenet op de lange termijn is voorzien en in de
Zaaknummer
2025-0066282
besparingsbuurten stimuleren we inwoners om energie te besparen. Via een bewonersonderzoek hebben we onderzocht hoe onze inwoners betrokken willen worden. Resultaat Voor een aantal buurten is het perspectief ten opzichte van de Transitievisie Warmte veranderd. Er zijn minder perspectieven dan op de warmteperspectiefkaart in de Transitievisie Warmte. We hebben voor het aanleggen van het warmtenet nog twee varianten in plaats van drie. Het warmtenet komt er voor 2035 of na 2035. Het perspectief voor klimaatneutraal gas is beperkt. Deze variant kent grote onzekerheden, maar is voor een groot deel van het historisch centrum de enige optie. In de Transitievisie Warmte was er sprake van alleen een doelgroepenbenadering. Nieuwe wetgeving, zoals de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw, inzetten aanwijsbevoegdheid) en de Wet collectieve warmte (Wcw, vaststellen voorlopig warmtekavel en aanwijzen warmtebedrijf) zorgt ervoor dat we kunnen versnellen en meer buurt- of wijkgericht aan de slag kunnen. Zodra deze wetgeving in werking treedt zal de gemeente daar waar dat al mogelijk is de aanwijsbevoegdheid gebruiken om een wijk binnen acht jaar aardgasvrij te maken. We hebben getest wat het effect is van de gewenste duurzame warmteopties, zoals die op perspectiefkaarten staan, op het energiesysteem.
Het warmtenet uit het Warmteprogramma voorziet in bijna de helft van de energievraag. Ook zien we dat het warmtenet tot een vermindering van zo’n 12% in piekbelasting op elektriciteit leidt. Hoe verder na deze raadsinformatiebrief? Het ontwerp Warmteprogramma wordt bekendgemaakt en zes weken ter inzage gelegd voor het naar voren brengen van zienswijzen. De zienswijzen worden door ons verwerkt in een reactie en indien nodig passen wij het actieplan aan. Vervolgens stellen wij het definitieve actieplan vast en zullen wij de stukken publiceren. We zullen u informeren over de door ons vastgestelde stukken. In het najaar informeren we uw raad over de vastgestelde en nog vast te stellen nieuwe wet- en regelgeving. Welke kosten zijn verbonden aan het proces? Voor de uitvoering zijn zowel landelijke als gemeentelijke middelen beschikbaar. De haalbaarheid van de ambitie om in 2040 aardgasvrij te zijn is grotendeels afhankelijk van de beschikbaarheid en continuïteit van financiële middelen. Voor onze inwoners om de transitie betaalbaar te maken, voor onze partners, maar ook voor ons als gemeente om de ondersteuning te kunnen bieden die nodig is. Er is een veelvoud van landelijke regelingen beschikbaar. In de vorm van een investeringssubsidie, fiscale maatregelen of financieringsregelingen.
Inwoners kunnen gebruik maken van verschillende subsidieregelingen om de overstap naar aardgasvrij wonen te bekostigen. Via de Investeringssubsidie Duurzame Energie (ISDE) is er financiële tegemoetkoming voor bijvoorbeeld een aansluiting op het warmtenet of de aanschaf van een warmtepomp. De subsidie is niet kostendekkend. Specifiek voor VvE’s is er de subsidieregeling Verduurzaming voor Vereniging van Eigenaars (SVVE) om te ondersteunen bij onderzoek, advies en het nemen van maatregelen. De woningcorporaties konden in de afgelopen jaren een beroep doen op de SAH. Hiermee konden zij de kosten voor aanpassingen in de woning en de kosten voor aansluiting op het warmtenet verlagen. Het budget is nu uitgeput. Vanaf 2026 komt er waarschijnlijk een nieuwe regeling. Warmteleveranciers kunnen de Warmtenetten Investeringssubsidie aanvragen voor de aanleg van primaire en secundaire netten. Hiermee wordt de onrendabele top verlaagd en als gevolg ook de bijdrage aansluitkosten voor woningeigenaren. De voorwaarden waren echter zodanig dat voor bestaande netten zoals in Dordrecht een aanvraag niet loonde. Medio 2025 gaat er een nieuwe tranche met nieuwe voorwaarden open. De gemeente ontvangt voor de jaren 2023-2025 jaarlijks € 2,1 miljoen van het Rijk uit de tijdelijke regeling Capaciteit Decentrale Overheden voor Klimaat- en Energiebeleid (CDOKE).
Deze middelen mogen alleen voor uitvoeringscapaciteit (apparaatskosten) klimaat- en energiebeleid gericht op de reductie van broeikasgasemissies worden ingezet. De middelen zijn niet bedoeld voor bijvoorbeeld onderzoek, innovaties of extra financiële ondersteuning voor inwoners. Het merendeel van het nu
Zaaknummer
2025-0066282
beschikbare CDOKE-budget wordt ingezet voor de uitvoering van de isolatie-opgave, een belangrijke eerste stap naar aardgasvrij wonen. Gemeenten mogen de ontvangen klimaat- en energiegelden als structurele baat in de begroting tot en met 2027. Het is echter nog niet zeker of er ook een vervolgregeling komt. Op dit moment hebben we eigen gemeentelijke middelen beschikbaar voor de energietransitie via het Programma Energietransitie. Hier is tot en met 2026 € 2,7 miljoen voor vrijgemaakt, waarvan € 500.000 voor de warmtetransitie. Hieruit bekostigen we onderzoek, zoals het onderzoek naar de warmteopties in de historische binnenstad, maar ook het in stand houden van de postcodecheck voor huishoudens. Via deze check is te zien welk perspectief voor warmte er is en welke no-regret maatregelen er al getroffen kunnen worden. Wat zijn de belangrijkste gerelateerde besluiten? Transitievisie Warmte - raadsvoorstel (Door)Startnotitie Programma Energietransitie 2023-2026 - raadsvoorstel Afhandelen motie 230207/M2 Afwegingskader Warmte - raadsinformatiebrief Aanpak Energiebesparing - raadsinformatiebrief Routekaart Klimaatneutraal Dordrecht 2040 - raadsvoorstel Voortgangsrapportage Energietransitie - raadsinformatiebrief Subsidieregeling ‘Crabbehof Isoleert’ - publicatie subsidieregeling d.d. 02-06-2025 Het college van Burgemeester en Wethouders
C.H.W.M. Post secretaris
N. Mol burgemeester