ONGETEKENDE RIB Financiële afspraken MIRT Oude Lijn - Knoop Dordrecht.pdf
Tekst van het document
Aan de gemeenteraad Datum 16 juni 2026 Zaaknummer 2026-0069267 Betreft Financiële afspraken MIRT Oude Lijn - Knoop Dordrecht Vergadering van Portefeuillehouder: Joost Veldman BegrotingsprogrammaBouwend en Bereikbaar Dordrecht Kernteam/Opgave:Opgaven / Gebiedsontwikkeling / Programma's - Bouwende Stad Openbaar:Nee Deadline Deadline agendering college 16 juni Raadsinformatiebrief Hoe zijn de bevoegdheden rond dit onderwerp verdeeld? Het college is, binnen de door de raad gestelde kaders, bevoegd privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten. De raad is bevoegd tot het vaststellen van de ruimtelijke en financiële kaders waarbinnen een project uitgevoerd dient te worden. Wat is de aanleiding om deze informatie kenbaar te maken? In het bestuurlijk overleg MIRT (hierna BO MIRT) van 5 januari 2026 is voor de Knoop Dordrecht een voorkeursalternatief vastgesteld en is binnen dit voorkeursalternatief een zogenaamde eerste zinvolle stap gedefinieerd. Hierover bent u in november 2025 bijgepraat in een beeldvormende sessie over de maatregelen voor de Knoop Dordrecht in het MIRT Oude Lijn. De keuze voor fasering met een eerste zinvolle stap is ingegeven door financiële overwegingen. Voor de Knoop Dordrecht is ten tijde van de startbeslissing door partijen €140 miljoen gereserveerd.
De huidige geraamde kosten voor het volledige Voorkeursalternatief voor de Knoop Dordrecht (hoofdstation Dordrecht en directe omgeving)bedragen € 348 miljoen. Voor de eerste zinvolle stap daarvan zijn de kosten nu op € 275 miljoen geraamd. Door te kiezen voor fasering kan het station Dordrecht al een toekomstgerichte kwaliteitsslag maken, zonder dat al het geld behorend bij het Voorkeursalternatief al geregeld hoeft te zijn. Ten tijde van het BO MIRT van 5 januari 2026 was de benodigde financiering nog niet volledig geregeld. Dit is reeds gemeld de raadsinformatiebrieven van 3 februari 2026 (2026-0005788) en 17 maart 2026 (2026- 0026619).
Voor de Knoop Dordrecht is toen een besluit genomen onder voorwaarde van aanvullende financieringsafspraken. Deze aanvullende afspraken zijn recent gemaakt in een overleg tussen de gemeente, provincie en het ministerie die daarover in de achterliggende maanden intensief contact hadden. De afspraken zijn bekrachtigd in het bestuurlijk overleg Oude Lijn van 24 juni 2026. In die aanvullende afspraken zijn ook financiële afspraken gemaakt voor de realisatie van het nieuwe station Campus Leerpark, waarmee het totale investeringspakket waarvoor nu de middelen beschikbaar zijn voor Dordrecht op ongeveer € 340 miljoen uitkomt. De financiële afspraken zijn gemaakt onder voorbehoud van goedkeuring door uw raad. Deze goedkeuring verloopt via de Perspectievennota 2027 waarin de bijdrage van Dordrecht is verwerkt.
Gemeentebestuur Spuiboulevard 300 3311 GR DORDRECHT Zaaknummer 2026-0069267 Wat is de te delen informatie? Op 5 januari 2026 is in het BO MIRT gekozen voor een Voorkeursalternatief bestaande uit een verbreding van perron 2/3, het toevoegen van een nieuw perron aan de parkzijde in samenhang met het uit functie nemen van perron 1, het verbinden van de perrons met een centrale oversteek (traverse) die ook de beide zijden van de stad met elkaar verbindt, een nieuwe transferfunctie voor het monumentale stationsgebouw, het opnieuw inrichten van de centrumzijde en de parkzijde van het station en het verbeteren van de routes voor voetgangers en fietsers in de Transvaaltunnel en de Krispijntunnel. Voor de eerste zinvolle stap in dit pakket is een geraamd bedrag van € 275 miljoen benodigd. Op 5 januari waren de financiën nog niet volledig rond, met name waar het ging om de hoogte van de zogenaamde regionale inbreng van de provincie en gemeente gezamenlijk. In de hierop volgende periode is intensief overleg geweest met het ministerie van I&W, de provincie Zuid Holland en de gemeente Dordrecht. Dit heeft recent geleid tot financiële overeenstemming met betrekking tot de bijdrage van de verschillende partijen aan de eerste zinvolle stap in de Knoop Dordrecht en een bijdrage van de gemeente Dordrecht aan de realisatie van station Leerpark.
De formele besluitvorming over de exacte locatie van station Leerpark volgt later dit jaar in het BO MIRT van november 2026. De nu gemaakte financiële afspraken zijn daarvoor voorwaardelijk. De gemeente Dordrecht zorgt – onder voorbehoud van goedkeuring door uw raad - voor een totale financiële inbreng van € 32,9 miljoen vanuit een nieuw te vormen bestemmingsreserve MIRT die wordt gevuld uit de bestemmingsreserve Spoorzone (Stadsas Dordt). Daarnaast is voor de maatregelen aan tunnel(s) tussen noord- en zuidzijde van de spoorlijn een investeringsbedrag van € 15,4 miljoen opgenomen in de Perspectiefnota 2027. De te nemen maatregelen aan de Transvaaltunnel zijn op hoofdlijnen uitgekristalliseerd. De Krispijntunnel vraagt nog om nader onderzoek. In deze bedragen heeft de gemeente rekening gehouden met prijsindexatie gekoppeld aan fasering in de uitvoering van de nu bekende maatregelen. Met het oog op projectbeheersing en financiële control wordt gewerkt met een gescheiden financiële huishouding. Naast de bijdrage van Dordrecht stelt de provincie een aanvullend bedrag beschikbaar om de gevraagde regionale bijdrage te kunnen garanderen. De overige middelen komen vanuit het ministerie van I&W.
Deze stap is cruciaal en hiermee komt Dordrecht op gelijk besluitvormingsniveau als de andere knopen van de Oude Lijn zijnde Leiden, Laan van NOI en Schiedam. Zonder een Voorkeursbesluit met een sluitend financieel plaatje, is er geen mogelijkheid het MIRT-proces voort te zetten. Hiermee zouden de voor onze stad belangrijke en grootschalige investeringen in Station Dordrecht en station Leerpark op de lange baan worden geschoven. Tegelijkertijd volgt er nog een lange weg. De eerstvolgende stap is het sluiten van een samenwerkingsovereenkomst voor de Knoop Dordrecht met de betrokken partijen waarin de contouren van de volgende fase, de zogenaamde planning- en studiefase, worden vastgelegd. Hoe verder na deze raadsinformatiebrief? De verkenningsfase van het MIRT Oude Lijn is met deze stap ook voor de Knoop Dordrecht afgerond. Op dit moment loopt de voorbereiding van de opstart van de volgende fase, de zogenaamde planning- en studiefase. De start van deze fase zal worden geformaliseerd in een samenwerkingsovereenkomst tussen de betrokken partijen, te weten het ministerie van I&W, de provincie Zuid-Holland, ProRail, NS Stations en de gemeente Dordrecht. De verwachting is dat de Planning- en Studiefase ongeveer drie jaar zal duren. In deze fase worden de plannen verder uitgewerkt tot een zodanige mate van concreetheid dat de plannen realistisch uitvoerbaar zijn.
In deze fase zullen nadere afspraken worden gemaakt over opdrachtgeverschap en scope van (deel)projecten, zal de benodigde financiering verder worden onderzocht en vastgelegd en worden afspraken gemaakt over risicobeheersing van de diverse (deel)projecten. Voor het station Leerpark is met deze afspraak de basis gelegd voor de financiering. Het definitieve locatiebesluit voor de exacte toekomstige ligging van het station moet in het BO MIRT van november 2026 worden bekrachtigd met de afronding van het onderzoekstraject Citysprinter/Nieuwe Stations binnen de MIRT-verkenning Oude Lijn. Zaaknummer 2026-0069267 Welke kosten zijn verbonden aan het proces? Bovengenoemde kosten betreffen zowel studie- als investeringskosten voor zover wij dit op dit moment kunnen overzien. Tijdens de planning- en studiefase zullen deze ramingen geactualiseerd worden op basis van verder uitgewerkte plannen. De gemeente Dordrecht zorgt – onder voorbehoud van goedkeuring op de Perspectiefnota 2027 door uw raad - voor een totale financiële inbreng van € 32,9 miljoen vanuit een nieuw te vormen bestemmingsreserve MIRT die wordt gevuld uit de bestemmingsreserve Spoorzone (Stadsas Dordt) en daarnaast voor een investeringsbedrag van € 15,4 miljoen voor de maatregelen aan tunnel(s).
Wat zijn de belangrijkste gerelateerde besluiten? RIB-MIRT-verkenning-Oude-Lijn-over-station-Dordrecht-en-het-nieuwe-station-Campus-Leerpark- 17 maart 2026 Het college van Burgemeester en Wethouders secretaris burgemeester