ONGETEKENDE RIB Beantwoorden motie M16 Groenonderhoud goed regelen.pdf
Tekst van het document
Gemeentebestuur Spuiboulevard 300 3311 GR DORDRECHT
Aan de gemeenteraad
Datum Zaaknummer
16 september 2025
Betreft
Beantwoorden motie M16 Groenonderhoud goed regelen
2025-0094064
Vergadering van Portefeuillehouder: Begrotingsprogramma Kernteam/Opgave: Auteur: E-mail: Verantwoordelijke: Openbaar:
Marc Merx Groen, Duurzaam en Ruimtelijk Dordrecht Ruimtelijk Beheer - Groen en Spelen Lisa Lieftink e.lieftink@dordrecht.nl Jürgen Scholten Ja
Deadline Uiterlijk 16-09-2025 dient het college een besluit te nemen, zodat de RIB op 30-09-2025 voor kan liggen bij de agendacommissie (deadline RIB = Q3 2025). Raadsinformatiebrief Wat is de aanleiding om deze informatie kenbaar te maken? Op 5 november 2024 heeft uw raad bij het vaststellen van de Begroting 2025 de motie ‘Groenonderhoud goed regelen’, ingediend door de fractie Partij van de Dieren, aangenomen. Wat is de te delen informatie? In de motie verzoekt uw raad het college: •
‘bij college -en raadsvoorstellen om groen toe te voegen ook een structureel budget voor groenonderhoud mee te nemen, en;
•
de raad beter over groenonderhoud in te lichten, door: •
de onderhoudskosten van het bestaande binnenstedelijke groen voor de raad inzichtelijk te maken;
•
de te verwachten onderhoudskosten van binnenstedelijk groen in te realiseren projecten voor de raad inzichtelijk te maken;
•
het in de afgelopen jaren gerealiseerde onderhoudsniveau van het binnenstedelijke groen in kaart te brengen, waarbij per doelstelling wordt beoordeeld of de onderhoudsdoelstellingen uit het Groenblauwprogramma worden bereikt
•
de raad uiterlijk in Q3 van 2025 door middel van een Raadsinformatiebrief over de resultaten te informeren.’
Definities Areaalwijziging = Het veranderen van het areaal, in de vorm van uitbreiding of mutatie; Areaaluitbreiding = Het toevoegen van nieuw areaal (extra oppervlak), bijvoorbeeld bij stadsuitleg; Areaalmutatie = Het aanpassen van (het type of de kwaliteit van) bestaand areaal, bijvoorbeeld van wegen naar groen, of van intensief gemaaid gras naar een bloemenveld.
Zaaknummer
2025-0094064
Huidige werkwijzen Bij ontwikkelprojecten (stadsinbreiding/-uitbreiding) wordt eerst een projectvoorstel gemaakt. Dit voorstel gaat naar het college of uw raad. In het voorstel staat meestal niets over de structurele kosten voor het beheer en onderhoud van het project. Als het project is goedgekeurd, volgen de planning en daarna de uitvoering. Projecten voor onderhoud, zoals meerjaren groot onderhoud (MOP) en middelgroot onderhoud (MGO), worden niet standaard aan het college of uw raad voorgelegd. Als het definitieve ontwerp van een (ontwikkel- of MOP/MGO) project is vastgesteld, berekenen we de beheer- en onderhoudskosten van het groen. Hierbij vergelijken we het oude areaal (oppervlak) met het nieuwe areaal. Elk jaar berekenen we het totaal aan nieuw groenareaal uit alle projecten. De extra structurele beheer- en onderhoudskosten hiervan worden opgevoerd als onontkoombare claim in de perspectiefnota (areaalwijziging). Areaalmutaties De bestaande areaalwijziging gaat om het extra beheer en onderhoud voor nieuw groen (areaaluitbreiding). Aanpassingen aan het bestaande groen (areaalmutatie) worden hier niet in opgenomen. Deze aanpassingen aan het bestaande groen kunnen bijvoorbeeld gedaan worden voor klimaatadaptatie, biodiversiteit of een gezonde leefomgeving.
Denk aan een groenvak dat meer regenwater op kan vangen, of een stuk groen met meer biodiverse beplanting of meer schaduw. Voor deze aanpassingen is soms extra geld nodig voor beheer en onderhoud. Maar er is nog geen vaste werkwijze om dat aan te vragen. Wel wordt de aanpassing van het type areaal (bijvoorbeeld van Wegen naar Groen) al meegenomen in de berekeningen, die onder de huidige werkwijze beschreven zijn. Aanbestedingsnadelen Het reguliere onderhoud van het traditionele groenonderhoud (maaien, snoeien, e.d.) besteden we uit aan groenaannemers. Hiervoor zijn er acht onderhoudscontracten (wijkbestekken), waarin staat welke oppervlaktes onderhouden moeten worden en op welke kwaliteitsniveaus. Minimaal eens per vier jaar worden de bestekken opnieuw aanbesteed (afhankelijk van de looptijd). Door marktwerking en prijsstijgingen was het budget dat we hiervoor hadden de afgelopen jaren onvoldoende. De tekorten (de aanbestedingsnadelen) worden geclaimd in de perspectiefnota en zijn tot nu toe altijd toegekend. We zijn aangesloten bij de Benchmark Gemeentelijk Groen van de Wageningen Universiteit, om onze cijfers te vergelijken met andere gemeenten en hiervan te leren.
Structureel budget voor groenonderhoud bij college- en raadsvoorstellen om groen toe te voegen Zoals hierboven beschreven, is het nog niet standaard om bij alle college- en raadsvoorstellen waarbij groen wordt toegevoegd, aan te geven hoeveel structureel budget er extra nodig is voor het groenonderhoud. Op dit moment wordt gewerkt aan een verbetering van het proces voor areaalwijzigingen. Eén van de intenties is dat elk nieuw college- en raadsvoorstel over de openbare ruimte verplicht een beheer- en onderhoudsparagraaf krijgt. Deze paragraaf zou een inschatting van de kosten voor het beheer en onderhoud bevatten en een voorstel hoe deze kosten gedekt kunnen worden. Het groenbeheer- en onderhoud zou dan onderdeel zijn van deze paragraaf. Onderhoudskosten van het bestaande groen De beheer- en onderhoudsbudgetten van het bestaande groen in 2025 zijn als volgt verdeeld:
Zaaknummer
2025-0094064
Toelichting: Het grootste deel van het budget is voor het reguliere (standaard) beheer en onderhoud van het groen (wijkbestekken; 70%) en voor het beheer- en onderhoud van de bomen (11%). De overige kosten (19%) zijn voor verschillende andere doeleinden, waaronder ‘plaagdieren, dierverzorging en dierenopvang’, ‘wateronderhoud’ (maaien van onderwater- en oeverplanten) en ‘materiaal en materieel’. Te verwachten onderhoudskosten van binnenstedelijk groen in te realiseren projecten In de huidige werkwijze berekenen we na vaststelling van het definitieve ontwerp wat de beheeren onderhoudskosten zijn voor het groen. Er wordt vooraf geen inschatting gemaakt van de te verwachten onderhoudskosten voor toekomstige projecten. Dit kunnen we alleen doen voor projecten waar een ontwerp voor is. In de perspectiefnota heeft de raad besloten robuust financieel beleid te voeren. In dit kader wordt op dit moment gewerkt aan een verbetering van het proces voor areaalwijzigingen. Eén van de intenties is dat elk nieuw college- en raadsvoorstel over de openbare ruimte verplicht een beheeren onderhoudsparagraaf krijgt. Hierdoor zouden de beheer- en onderhoudskosten en dekking vooraf inzichtelijk worden voor de nog te realiseren (ontwikkel)projecten. Hiervoor is het noodzakelijk dat we een systematiek ontwikkelen die de verandering in de beheerlasten van een project indicatief kunnen berekenen.
Onderhoudsniveau van het binnenstedelijke groen en onderhoudsdoelstellingen uit het Groenblauwprogramma Het groen is verdeeld in verschillende zones. Een deel van de zones wordt traditioneel beheerd en het andere deel wordt ecologisch beheerd. Traditionele zones In de traditionele zones ligt de focus op het versterken van de cultuurhistorische-, esthetische- en gebruikswaarden. Op ecologische waarden wordt hier ingezet wanneer dit niet erg botst met de overige functies. Aan iedere traditionele zone is een beeldkwaliteitsniveau (van het Kennisinstituut CROW) gekoppeld. Met lettercode A+ t/m D wordt aangegeven op welk niveau de verschillende beheergroepen moeten worden onderhouden. A+ staat hierbij voor een zeer net beeld en zeer intensief beheer. D staat voor het allerlaagste niveau van onderhoud waarbij er alleen wordt geanticipeerd op onveilige situaties. Deze niveaus worden opgenomen in de onderhoudscontracten (wijkbestekken), waardoor de groenaannemers deze kwaliteit moeten borgen. Het grootste deel van de stad is de afgelopen jaren beheerd op kwaliteitsniveau B. Voor de binnenstad, enkele winkelcentra, De Hoven en een aantal parken geldt kwaliteitsniveau A. Als
Zaaknummer
2025-0094064
gevolg van de bezuinigingen wordt de kwaliteit voor de gehele stad vanaf 2027 (door nu nog lopende onderhoudscontracten) niveau B. Binnen de traditionele zones is steeds meer aandacht voor het verhogen van de biodiversiteit. Zo maaien we al jaren niet meer bij rondom bomen en wordt het gras steeds vaker alleen langs de paden en wegen op de oorspronkelijke frequentie gemaaid. Soms staat het beeld dat hierbij ontstaat voor een deel van de Dordtenaren op gespannen voet met de meer traditionele kijk op het groenonderhoud. Het algemene netheidsbeeld verandert. We begrijpen dat dit andere beeld enige gewenning van de stad vraagt. Ecologische zones In de ecologische zones (ongeveer 1/3 deel van het groenblauwe areaal) ligt de focus op versterking van natuurwaarden. Het verhogen van de biodiversiteit is daar het belangrijkste leidende principe. De onderhoudswerkzaamheden worden hier zo vaak als nodig, op de meest gunstige wijze en het meest gunstige tijdstip voor de biodiversiteit uitgevoerd, om het ecologisch meest waardevolle resultaat te bereiken. De ecologische zones worden niet op beeldkwaliteitsniveau beheerd, maar volgens de randvoorwaarden van het Natuureffectbestek. In dit bestek staat per beheergroep (natuurdoeltype) beschreven wat het gewenste eindbeeld is en welk beheer uitgevoerd moet worden om dit gewenste eindbeeld te bereiken.
Daar wordt dan ook op gecontroleerd en op gerapporteerd. Kwaliteitscontrole De door de aannemers behaalde kwaliteit wordt door gemeentelijke groenopzichters gecontroleerd. Per steekproef controleert de groenopzichter of er wordt voldaan aan de afspraken uit het onderhoudscontract (beeldkwaliteitsniveau CROW en Natuureffectbestek). De resultaten worden bijgehouden in een database. De afgelopen jaren is in 90-95% van de gevallen de beeldkwaliteit behaald. Voor de gevallen waar de afgesproken kwaliteit niet behaald is, volgt voor de groenaannemer een aanvullende opdracht, die binnen de afgesproken herstelperiode voldaan moet worden. In het voorjaar zien we ieder jaar dat het aantal Fixi-meldingen over het groenonderhoud toeneemt. Dat is een gevolg van de combinatie van groeizaam weer (warmte én regen) en, als gevolg daarvan, de druk op de capaciteit bij onze aannemers. Hierdoor wordt in dit deel van het jaar niet altijd de gewenste beeldkwaliteit gehaald, maar als dat het geval is, dan worden onze aannemers daarop aangesproken. Voor de beeldcontroles worden beeldmeetlatten gebruikt. Zo is er bijvoorbeeld een beeldmeetlat voor de hoogte van het gras. Voor biodiversiteit bestaat zo een meetlat nog niet. Daarom zijn we aangesloten bij een werkgroep onder leiding van het CROW, die werkt aan de ontwikkeling van een ‘Beeldmeetlat Biodiversiteit’.
Hiermee werken we toe naar toetsing van het biodiversiteitsdoel uit het Groenblauwprogramma. Onderhoudsdoelstellingen uit het Groenblauwprogramma Hoewel het Groenblauwprogramma en de bijbehorende ambities zijn vastgesteld, is dit gedaan zonder extra budget. We proberen zoveel mogelijk in de geest van het programma te werken, binnen de huidige mogelijkheden. Er zijn in het Groenblauwprogramma geen SMARTonderhoudsdoelstellingen opgenomen, maar vooral randvoorwaarden die we stap voor stap en indien mogelijk integreren in de bedrijfsvoering en de onderhoudscontracten. Een voorbeeld hiervan is de randvoorwaarde om afvalstomen en restproducten bij beheer en onderhoud zoveel mogelijk te voorkomen. Hier worden al concrete stappen in gezet: Waar mogelijk blijft bladafval liggen in plantsoenen en wordt oorspronkelijke beplanting teruggeplant wanneer een plantvak op de schop gaat door werkzaamheden aan kabels en leidingen. Waar het ontstaan van afvalstromen niet voorkomen kan worden, wordt circulariteit toegepast. Voorbeelden die we al toepassen zijn het herplanten van te verwijderen bomen op nieuwe locaties en het maken van boompalen uit gekapte bomen. Het beheer is adaptief. Dat betekent dat het beheer en onderhoud zo is georganiseerd dat aan de vier doelen (uit het Groenblauwprogramma) wordt bijgedragen. Dit passen we al toe in de ecologische zones met het Natuureffectbestek.
Tegelijk betekent adaptief beheer ook dat we blijven leren en aanpassen. We zijn daarom bezig met kennisontwikkeling en afstemming met
Zaaknummer
2025-0094064
experts op gebied van klimaat, ecologie en gezondheid. De inzichten proberen we te verwerken in de onderhoudscontracten. Daarnaast vereist adaptief beheer regelmatig maatwerk, wat soms wringt met de beschikbare budgetten en beschikbare capaciteit. Een goed voorbeeld is het Maaibeheerplan, dat dient als leidraad voor het grasbeheer in Dordrecht. Er wordt steeds meer gestuurd op gefaseerd maaien en het niet meer bijmaaien rondom bomen. Volledig stoppen met klepelbeheer is echter niet haalbaar zonder extra financiële middelen. Hoe verder na deze raadsinformatiebrief? Het college beschouwt de motie hiermee als afgehandeld. We gaan verder met de maatregelen en onderzoeken die in de tekst benoemd zijn. Welke kosten zijn verbonden aan het proces? Niet van toepassing. Wat zijn de belangrijkste gerelateerde besluiten? Motie M16 Groenonderhoud goed regelen – Gemeenteraad Dordrecht 5 november 2024 14:00:00, Gemeente Dordrecht Het college van Burgemeester en Wethouders
C.H.W.M. Post secretaris
N. Mol burgemeester