CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

OGV_1.0_Definitief_23032021-V02.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 28 april 2021, gemeente DordrechtBij agendapunt: 38: Vaststellen Omgevingsvisie Dordrecht 1.0 - Raadsvoorstel24.096 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Omgevingsvisie 1.0 9 maart 2021 Ontwerp Begin met lezen

>

Colofon Ontwerp Omgevingsvisie 1.0

Gemeente Dordrecht

OMGEVINGSVISIE 1.0

28 april 2021

Inhoudsopgave 1. Dordrecht naar integraal omgevingsbeleid 1.1 Aanleiding Omgevingsvisie 1.2 Omgevingswet 1.3 Sturingsfilosofie 1.4 Participatie 1.5 Leeswijzer

1 1 2 6 11 11

Hoofdstuk 6 Dordrecht naar een dynamische uitvoering

163

Hoofdstuk 2.Het profiel van Dordrecht: het verhaal van het eiland 13 2.1 Dit is Dordrecht 2.2 Dordrecht in haar omgeving 2.3 Wij maken Dordt  Hoofdstuk 3 Opgaven en doelen 

13 14 17 19

4. De systemen in Dordrecht

63

4.1 Groenblauwe systeem 63 4.2 Waterveiligheid systeem 67 4.3 Milieu systeem 69 4.4 Energie systeem 80 4.5 Verkeer systeem 84 4.6 Ondergrond systeem 90 4.7 Bebouwing inclusief welstand en hoogbouwvisie  97 5. De gebieden in Dordrecht 5.1 Centrum 5.2 Woonwijken 5.3 Werkgebieden 5.4 Poldergebied 5.5 Spoorzone 5.6 Dordwijkzone

101 103 113 125 135 143 157

OMGEVINGSVISIE 1.0

3.1 Afspraken binnen de Drechtsteden 19 3.2 Hoofdopgave: groei van aantal inwoners en arbeidsplaatsen 22 3.3 Doelen uit de omgevingsvisie 25

c

d

OMGEVINGSVISIE 1.0

1. Dordrecht naar integraal omgevingsbeleid In dit hoofdstuk geven we aan wat de status is van de omgevingsvisie volgens de Omgevingswet. We leggen uit hoe de beleidscyclus werkt en welke rol de omgevingsvisie en de (uitvoerings) instrumenten uit de Omgevingswet hebben. Vervolgens geven we aan wat de sturingsfilosofie van onze gemeente is. Dat doen we aan de hand van leidende principes, het werken met de doelen als randvoorwaarden, de resultaten uit de beoordeling van de impact op de fysieke leefomgeving en de rollen die de gemeente kan innemen. Tot slot vertellen we hoe we participatie hebben georganiseerd. Dit alles om één visie op de fysieke leefomgeving te ontwikkelen.

In de structuurvisie uit 2013 staat: ‘’Stedelijke ontwikkeling is de komende decennia fundamenteel anders dan we gewend zijn. Ook de rol van de overheid verandert. We zitten op veel terreinen in een overgangssituatie naar een nieuwe ordening. Dat vraagt om een nieuwe kijk op de rol en positie van de overheid, haar sturingsmogelijkheden en de instrumenten die daarbij nodig zijn. Eén van die instrumenten is de structuurvisie. Bij deze actualisering is een nieuwe ontwikkelstrategie, gebaseerd op uitnodigingsplanologie, de leidraad’’. We kunnen stellen dat de omgevingsvisie een concrete stap is in die nieuwe verordening. De Omgevingswet vraagt om een andere rol van de overheid. In de omgevingsvisie (en het omgevingsplan) maakt de gemeente keuzes over hoe zij wil functioneren in het fysieke domein en welke ambities zij daar heeft. Dit gaat dus om de bevoegdheidsverdeling, sturingsmogelijkheden, afwegingsruimte en (de)regulering. Met de Omgevingswet en omgevingsvisie geven we meer ruimte aan initiatieven in en uit de stad. Mogelijk lokaal omgevingsbeleid speelt in op lokale behoeften en doelstellingen. Er gelden meer algemene regels, in plaats van gedetailleerde vergunningen. Het doel staat voorop en niet het middel om er te komen. De houding bij het beoordelen van plannen wordt daarom ‘ja mits’ in plaats van ‘nee tenzij’.

Zo ontstaat ruimte voor bijvoorbeeld bedrijven en organisaties om met ideeën te komen.

Daarnaast geven de, in het coalitieakkoord gemeente Dordrecht 2018 – 2022 vastgestelde, opgaven aanleiding voor een herijking van de huidige Structuurvisie Dordrecht 2040. Die is met name gebaseerd op beheren en beheersen. In plaats van het accent op een kleinschalige en organische ontwikkeling van de stad ligt er nu een forse groeiopgave. Tot slot vraagt een integrale en brede kijk op de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving op het Eiland van Dordrecht om deze omgevingsvisie Dordrecht 1.0. Een versie 1.0 omdat we nu een eerste stap zetten in het kader van de Omgevingswet en de bijbehorende nieuwe werkstructuur. Deze versie is grotendeels gebaseeerd op staand beleid. Zodra de Omgevingswet is ingevoerd zal daarna gewerkt worden aan een 2.0 versie waarin ook nieuwe aandachtspunten een plek kunnen krijgen.

OMGEVINGSVISIE 1.0

1.1 Aanleiding Omgevingsvisie

1

• •

Het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. Het doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving om er maatschappelijke behoeften mee te vervullen.

   

  

   

De Omgevingswet betreft een grote wetgevingsoperatie. De wet bundelt wetgeving en regels voor onder meer ruimte, wonen, infrastructuur, milieu, natuur en water. Het doel van deze operatie is:

   

1.2 Omgevingswet

       

 

  



OMGEVINGSVISIE 1.0

a. Omgevingsvisie De wetgever stelt een omgevingsvisie verplicht, ook voor gemeentes. Zie kwadrant 1 van de beleidscyclus, beleidsontwikkeling. In deze visie geeft de gemeenteraad aan wat de kernkwaliteiten zijn van de gemeente, wat de ambities zijn voor de lange termijn en welke kaders er zijn voor toekomstige ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving.

      

2

1. Inzichtelijker omgevingsrecht: het huidige recht over de fysieke leefomgeving is namelijk versnipperd geraakt. 2. De fysieke leefomgeving moet op een samenhangende manier centraal staan in beleid, besluitvorming en regelgeving. 3. Er moet meer afwegingsruimte zijn voor overheden, waaronder gemeentes, om doelen voor de leefomgeving te bereiken. 4. De besluitvorming over projecten in de leefomgeving moet sneller en beter. Bij het ontwerp van dit nieuwe stelsel is de beleidscyclus gebruikt om te beoordelen welke verschillende instrumenten nodig zijn in de diverse fasen van deze cyclus. Deze beleidscyclus ziet er als volgt uit. De vier belangrijke instrumenten zijn:

 

    

  

Met het vernieuwen van het zogenaamde omgevingsrecht wil de wetgever de volgende verbeteringen bereiken:

    

  

fig 1.1 Beleidscyclus conform de Omgevingswet

fig 1.2 Beleidsontwikkeling conform de Omgevingswet

Deze omgevingsvisie beschrijft doelen in de fysieke leefomgeving voor Dordrecht, op integrale wijze en voor de langere termijn. De visie heeft een zelfbindend karakter en biedt de basis voor de inzet van andere gemeentelijke instrumenten op grond van de Omgevingswet. De omgevingsvisie vervangt de Structuurvisie Dordrecht 2040 inclusief herzieningen en brengt verkeers- en vervoersplannen, milieubeleidsplannen, waterplannen, woonvisies en allerlei andere visies op het gebied van ruimtelijke ordening samen. In bijlage 1 is een overzicht opgenomen van de onderliggende beleidsstukken. Dit betekent dat de omgevingsvisie Dordrecht 1.0 een integraal en samenhangend verhaal is waarin al het beleid, dat voorheen in fysieke sectorale plannen was opgenomen, op hoofdlijnen samenkomt.

1. Een uitwerking van het beleid voor ontwikkeling, gebruik, beheer, bescherming en behoud van de fysieke leefomgeving zijn. 2. Maatregelen bevatten om aan omgevingswaarden te voldoen. 3. Maatregelen bevatten om één of meer andere doelstellingen voor de fysieke leefomgeving te bereiken. Burgemeester en wethouders stellen deze programma’s vast. In hoofdstuk 3, 4 en 5 staat welke programma’s burgemeester en wethouders opstellen om de omgevingsvisie uit te voeren. Voor elk nieuw programma organiseren ze participatie. Alle te maken programma’s die op dit moment voortkomen uit de omgevingsvisie zijn op een rij gezet in hoofdstuk 6 (Dordrecht naar een dynamische uitvoering). Hierin is te zien aan welke doelen deze bijdragen. Daarnaast heeft de gemeente een aantal visies/beleidsnota’s etc. die we in de

fig 1.3 Beleidsdoorwerking conform de Omgevingswet

OMGEVINGSVISIE 1.0

b. Programma’s Het programma is een nieuw instrument dat meerdere doelen kan dienen. Dit instrument is opgenomen in kwadrant 2: beleidsdoorwerking. Het programma kan:

3

systematiek van de Omgevingswet als programma kunnen zien. Deze blijven dus bestaan. Zie bijlage 1 voor een overzicht hiervan. Deze tabel is niet volledig. Vanwege bijvoorbeeld actualiteiten kan behoefte ontstaan aan het opstellen van een programma. Een programma moet altijd bijdragen aan de 7 doelen.

OMGEVINGSVISIE 1.0

c. Omgevingsplan Net zoals het bestemmingsplan de vertaling is van de huidige structuurvisie, is het omgevingsplan de juridische vertaling van de omgevingsvisie. Zie kwadrant 3: uitvoering algemene regels. De gemeenteraad stelt één omgevingsplan vast (of wijzigingen ervan). Voor de uitvoering van de visie brengt de gemeente na inwerkingtreding van de Omgevingswet wijzigingen van het omgevingsplan in procedure.

4

Het omgevingsplan bevat in principe alle regels die de gemeenteraad aan en over de fysieke leefomgeving wil stellen. Dit alles maakt het omgevingsplan tot hét centrale juridische instrument van de gemeente. Voor het omgevingsplan is een heldere omgevingsvisie, waarin de belangrijkste keuzes zijn gemaakt, van groot belang. Het omgevingsplan is tenslotte niet meer of minder dan de juridische vertaling van vastgesteld beleid. Bij afwijking van het omgevingsplan is toetsing aan de omgevingsvisie nodig. d. Omgevingsvergunningen De omgevingsvergunning (kwadrant 3) is een belangrijk uitvoeringsinstrument. Voor het uitvoeren van bepaalde activiteiten kan men met een aanvraag toestemming krijgen. De Omgevingswet bevat een aantal vergunningstelsels, maar ook het omgevingsplan kan verboden (afgezien van vergunning) bevatten. Daarnaast is het mogelijk om met een omgevingsvergunning van het omgevingsplan af te wijken. Bij deze afweging om af te wijken, speelt de omgevingsvisie een rol. Draagt het initiatief bij aan de gestelde doelen?

fig 1.4 Uitvoering conform de Omgevingswet

e. Monitoring Het sluitstuk van de beleidscyclus (kwadrant 4, terugkoppeling) is toezicht en handhaving en monitoring en evaluatie. Levert de inzet van bovengenoemde instrumenten gezien de opgaven en doelen van deze visie en de uitgangspunten het beoogde resultaat op? Daarmee is de beleidscyclus doorlopen en kan deze opnieuw starten. Verschillende redenen kunnen hiervoor aanleiding geven, zoals de terugkoppeling van kwadrant 4, beleidswensen of -aanpassingen, nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen, wensen vanuit de samenleving, een nieuw gemeentebestuur en nieuwe wetgeving. De gemeenteraad houdt de vinger aan de pols. De omgevingsvisie wordt een levend document.

Cyclus

Instrument

inhoud

Bevoegdheid Nu

Straks

Beleids ontwikkeling

Omgevingsvisie

Ambitie

Raad

Raad

Beleids doorwerking

Programma

Maatregelen

Raad

College

Uitvoering

Omgevingsplan

Regelgeving

Raad

Raad

Vergunning

Uitvoering

College

College

Raad

College

Raad

Raad

Afwijking bp/op Terugkoppeling

Monitoring

Terugkoppeling

OMGEVINGSVISIE 1.0

fig 1.5 Terugkoppeling conform de Omgevingswet

fig 1.6 Bevoegdheden van raad en college onder de Omgevingswet

5

1.3

Sturingsfilosofie

Leidende principes Met de omgevingsvisie wil de gemeente de groeiopgaven, zoals vastgesteld in het coalitieakkoord verwezenlijken. In het coalitieakkoord zijn zes leidende principes vastgesteld: Dordrecht Groeit, Dordrecht Zorgt, Dordrecht Verdient, Dordrecht Verbindt, Dordrecht Geeft Ruimte en Dordrecht Neemt Verantwoordelijkheid. Dordrecht Groeit is een belangrijk leidend principe. De andere principes staan deels in het teken van Dordrecht Groeit, maar hebben ook zelfstandige betekenis. De leidende principes helpen ons scherpe keuzes te maken en het beleid voor de jaren in deze coalitieperiode (20182022) af te blijven stemmen op de bestemming, om de stad die we in 2030 willen zijn. We stellen ons bij elke keuze de vraag of dit bijdraagt aan de zes bovengenoemde leidende principes.

OMGEVINGSVISIE 1.0

De omgevingsvisie vormt het kader voor enkel de fysieke leefomgeving. Daarin speelt het Leidende principe Dordrecht Groeit een belangrijke rol. Vanuit deze fysieke hoek dragen de zeven doelen uit deze Omgevingsvisie ook bij aan dit belangrijk leidend principe Dordrecht Groeit!

6

Samenwerken We werken voortdurend aan een goede kwaliteit van de fysieke leefomgeving. Dat doen we door zoveel mogelijk samen te werken om onze doelen te behalen en de kwaliteit van de leefomgeving te verbeteren. Binnen Dordrecht, door ruimte te geven aan initiatieven en daarbij te zorgen voor een samenhangende benadering van initiatieven en opgaven. Een goed voorbeeld daarvan is het rode loper traject, een traject dat ervoor zorgt dat initiatiefnemers sneller weten waar zij aan toe zijn. Door heldere kaders vooraf te stellen, hebben zij daarbinnen vervolgens meer ruimte voor eigen invulling van hun initiatief. Initiatiefnemers zorgen zelf voor vroegtijdige participatie van belanghebbenden, want ruimte geven werkt alleen als initiatiefnemers ook verantwoordelijkheid nemen. Buiten Dordrecht trekken we met partners op om gezamenlijk onze doelen te verwezenlijken. Welke coalities daarvoor noodzakelijk zijn verschilt per onderwerp en per situatie.

fig 1.7 Leidende principes conform het coalitieakkoord

De bestaande stad en ontwikkelingen kunnen beiden in meer of mindere mate bijdragen aan elk van de genoemde zeven doelen. Over het Eiland van Dordrecht heen kunnen bepaalde doelen meer of minder prioriteit hebben en kan het wenselijk zijn om aan andere doelen meer aandacht te besteden. Voor een specifieke plek of de samenhang van plekken kan om diverse redenen een bepaald doel meer aandacht verdienen dan de andere doelen. Zo levert verdichting in de Spoorzone een grotere bijdrage aan bijvoorbeeld de aantrekkelijkheid van de stad, maar moet er ook aandacht zijn voor biodiversiteit. Op deze manier leiden de zeven doelen uit de omgevingsvisie voor zowel nieuwe ontwikkelingen als voor de bestaande stad tot integrale ontwikkeling van de fysieke leefomgeving.

programma's rekening mee gehouden kan of moet worden. De aandachtspunten zijn erop gericht om te zorgen dat het milieu- en fysieke omgevingsbelang gewaarborgd zijn in de omgevingsvisie of de uitwerking daarvan, bijvoorbeeld in programma’s of omgevingsplan(nen). De belangrijkste aandachtspunten uit de beoordeling van de impact op de fysieke leefomgeving zijn: •

Voorzieningen: groei vraagt mogelijk om extra voorzieningen, met name op locaties waar de dekkingsgraad van basisvoorzieningen nog niet optimaal is. Tegelijk moeten we voorkomen dat nieuwe basisvoorzieningen (teveel) ten koste gaan van het draagvlak van bestaande voorzieningen. Dit vraagt om een duidelijk inzicht in de huidige staat en kwaliteit van basisvoorzieningen. Het vraagt verder om een duidelijke keuze waar en op welke manier we op ontwikkellocaties nieuwe basisvoorzieningen realiseren.

•

Verkeer en mobiliteit: groei zorgt voor een forse toename van (auto)verkeersbewegingen. De vraag is hoe hiermee om te gaan. Traditioneel verder faciliteren van de groei van autoverkeer of maximaal inzetten op aanpassing van de vervoerswijzekeuze? Voor het aspect verkeer zal een programma opgesteld moeten worden. Waarin we duidelijke analyses en keuzes maken hoe we om willen gaan met verkeer en mobiliteit.

•

Hinder: door groei ontstaat meer hinder, met name op het gebied van geluid en luchtkwaliteit. De landelijke situatie bepaalt voor een groot deel de luchtkwaliteit. Alleen met landelijke, gezamenlijke aanpak kunnen we die verbeteren. Soms kan groei ook een verbetering bewerkstelligen zoals de investering in geluidsschermen ten behoeve van nieuwe woningen waar ook de bestaande inwoners van profiteren.

Beoordeling van de impact op de fysieke leefomgeving Er is een beoordeling van de impact op de fysieke leefomgeving van de groeiopgave opgesteld. Dat is gedaan om de keuzes en belangenafweging te maken en zo te sturen op de inrichting van de fysieke leefomgeving. In de impactbeoordeling is onderzocht wat de impact van de hoofdopgaven in de omgevingsvisie van Dordrecht (groei met 10.000 woningen en 4.000 banen) is op de fysieke leefomgeving. Vanuit en voor de zeven doelen in de omgevingsvisie zijn aandachtspunten benoemd voor de groeiambities. Voor Dordrecht algemeen en daar waar nodig voor ontwikkellocaties. Deze aandachtspunten worden ‘teruggegeven’ aan de omgevingsvisie. Het zijn namelijk aandachtspunten waar in de omgevingsvisie en bij de verdere uitwerking in bijvoorbeeld

OMGEVINGSVISIE 1.0

Zeven doelen Om de groei te faciliteren, is een nieuwe en integrale visie nodig. Hierin formuleren we doelen, maken we keuzes en stellen we prioriteiten. De opgaven zijn tenslotte groot, maar de fysieke ruimte is beperkt. De gestelde zeven doelen die centraal staan in de omgevingsvisie moeten ervoor zorgen dat de ruimtelijke ingrepen bijdragen aan de groeiopgaven.

7

•

Klimaat, water, biodiversiteit en energietransitie: groei geeft lokaal aandachtspunten ten aanzien van klimaat, water, biodiversiteit en energie. Stadsbreed zijn er vooral kansen. Dat is te zien in de ‘visie op het groenblauwe eiland’. Stikstof is en blijft de komende jaren aandachtspunt voor ruimtelijke ontwikkelingen.

De doelen zijn in deze omgevingsvisie op hoofdlijnen beschreven en worden verder uitgewerkt. Door de Omgevingswet beschikt het college van burgemeester en wethouders over de mogelijkheid om uitwerking vorm te geven in programma’s. In deze omgevingsvisie geeft de gemeenteraad aan waar nadere uitwerking in een programma plaats moet vinden, welke doelen bijvoorbeeld meer prioriteit hebben, en/of welke aandachtspunten daarbij in het bijzonder van belang zijn.

OMGEVINGSVISIE 1.0

De gemeente kan de kaders opnemen in het omgevingsplan. Op die manier stelt de visie niet alleen ambities, maar waarborgt het de uitvoering van deze ambities ook. Door bijvoorbeeld een groennorm op te nemen in het omgevingsplan, waarborgen we de uitwerking van deze doelstellingen bij nieuwe ontwikkelingen.

8

De doel en gebied specifieke bevindingen uit dit rapport (zie bijlage 2) zijn verwerkt in de volgende hoofdstukken. De aandachtspunten uit dit leefmilieurapport krijgen in programma’s en andere uitwerkingen van deze omgevingsvisie verdere aandacht. In hoofdstuk 6 leest u op welke wijze monitoring plaats gaat vinden en volgens welk uitvoeringsprogramma.

Rollen Voor de inzet van de verschillende instrumenten is het van belang welke rollen de gemeente wenst te vervullen. Om bepaalde doelen te bereiken is het soms nodig om actief te handelen, bijvoorbeeld bij de aankoop van grond. Om andere doelen te behalen is samenwerking nodig, zoals bij de bouw van woningen. Voor andere situaties is de samenleving aan zet. De rol die de gemeente aanneemt kan veranderen gedurende processen. Vaststaat dat de gemeente het niet alleen kan en de samenwerking met de samenleving zoekt. Dat geldt andersom uiteraard ook. In deze visie onderscheiden we de volgende rollen: •

• • •

Kaderstellend (waaronder regulerend en instruerend). Dit is de meer traditionele rol, de gemeente geeft aan wat er (niet) mag en onder welke voorwaarden. Samenwerkend (waaronder regisserend en stimulerend). Ondersteunend (ook faciliterend). Overlatend aan de samenleving.

Eén van de vertrekpunten van de Omgevingswet is vertrouwen. Vertrouwen tussen overheid en samenleving, vertrouwen tussen markt en overheid en tussen markt en samenleving. Het opbouwen van wederzijds vertrouwen kost tijd. Belangrijk daarbij is het geven van duidelijkheid in rollen en verwachtingen als gemeente en door het inzetten van participatiemogelijkheden.

OMGEVINGSVISIE 1.0

fig 1.8 De rollen van de gemeente

9

OMGEVINGSVISIE 1.0 10

fig 1.9 Beelden van het participatieproces

Participatie

De omgevingsvisie is van en voor Dordtenaren. De Omgevingswet vraagt een andere houding van de overheid: meer flexibiliteit en meer mét de samenleving. Participeren, meedoen is belangrijk. Dat staat ook in de Omgevingswet. De wetgever vindt het namelijk belangrijk dat burgers, bedrijven en maatschappelijke organisaties invloed kunnen uitoefenen op de omgevingsvisie. Voor alles zijn gedeelde ambities en doelstellingen een must om deze daadwerkelijk te kunnen laten slagen. Met Nieuw Dordts Peil (zie hoofdstuk 2) is al veel informatie opgehaald bij inwoners. Ook de structuurvisie 2040 (opgesteld in 2013), het coalitieprogramma 2018-2022 en andere al vastgestelde beleidskaders geven richting aan de inhoud van de omgevingsvisie. Dordrecht kan niet ineens een hele andere versie van zichzelf worden. Sterker nog, het moet ontwikkelen tot een betere versie van zichzelf. Daarom hebben we de participatie voor de omgevingsvisie compact gehouden. En toch is er door veel mensen volop meegewerkt aan deze visie. Deze omgevingsvisie is tot stand gekomen met input van beleidsmedewerkers, stakeholders zoals ondernemers, woningcorporaties, andere overheidsorganisaties en bewoners. Een werkgroep van 5 gemeenteraadsleden volgde het proces en informeerde de hele raad over de voortgang. De verantwoordelijke wethouder is natuurlijk op de hoogte gehouden van voortgang en tussenresultaten.

Dit heeft hij op zijn beurt gedeeld met het hele college. De inbreng van de genoemde groepen is door participatie tot stand gekomen. Dit kende vele vormen: interviews, samenvattingen, gespreken, e-mails, bijeenkomsten (check-ins, check-outs, open dag omgevingsvisie, interactieve avond presentatie ontwerp-omgevingsvisie), onderzoek GGD en de inspraakprocedure via het indienen van zienswijzen. Ook zijn er ambtelijk nog minimale aanpassingen doorgevoerd. Via verschillende trajecten zijn de beleidskeuzes verwoord en vertaald naar de uitwerking per gebied. In bijlage 3 is een uitgebreid verslag van dit proces en het verwerken van de input opgenomen.

1.5

Leeswijzer

De omgevingsvisie Dordrecht, een stad geworteld in het verleden, kan niet anders dan beginnen met het beschrijven van het profiel van de stad. Dit gebeurt in hoofdstuk 2. Vervolgens komen in hoofdstuk 3 de opgaven uit het coalitieakkoord en de doelen voor de fysieke leefomgeving aan bod. Daarna beschrijven we in hoofdstuk 4 de stadsbrede systemen. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om het groen- en verkeerssysteem. Belangrijke vraag is welke randvoorwaarden deze systemen geven aan de ontwikkeling van de verschillende gebieden in Dordrecht. Denk hierbij aan het poldergebied en woongebieden. De uitwerking hiervan gebeurt in hoofdstuk 5. Belangrijk hierin zijn de bevindingen uit het beoordelingsrapport impact op de fysieke leefomgeving. Hoofdstuk 6 bevat tot slot een beschrijving van de manier waarop de gemeente de doelen wenst te realiseren. De titel ervan spreekt voor zich: ‘Dordrecht naar een dynamische uitvoering’.

OMGEVINGSVISIE 1.0

1.4

11

12

OMGEVINGSVISIE 1.0

Hoofdstuk 2.

Het profiel van Dordrecht: het verhaal van het eiland

Het profiel van Dordrecht is in de loop van de jaren vrij constant gebleven en is recent besproken met de stad en beschreven in de Structuurvisie Dordrecht 2040, Nieuw Dordts Peil en het coalitieakkoord 2018-2022. Actualisatie is niet nodig, want Dordrecht is geworteld in het verleden. Het profiel van de stad is de basis van onze fysieke leefomgeving. Dit is Dordrecht

Deze oriëntatie op het water betekent dat er geen grote historische marktpleinen in Dordrecht zijn: de goederen werden vooral op de kades verhandeld. Zo is de Grote Markt niet het historisch hart van Dordrecht, maar ontstaan als gevolg van het saneringsplan. De tijden van weleer zijn voorbij, maar die bijzondere band met het water is nog altijd van invloed op het leven en werken in de stad. Het (regionale) arbeidsmarktbeleid ziet nieuwe kansen in de maritieme sector, de branche waarin stad en regio een schat aan kennis en ervaring bezitten. Het water oefent een ongekende aantrekkingskracht uit op bezoekers. Met kleine en grotere schepen komen zij om de cultuur(historie) van de stad op te snuiven en een terras te bezoeken.

Het water is vriend en soms vijand. De uitbreidingen van stad en eiland zijn nog terug te zien in de dijkenstructuur die over het eiland loopt. Deze dijken spelen nu en in de toekomst een rol in de bescherming tegen het hoge water. Dordrecht neemt deel aan diverse internationale kennistrajecten rond duurzame oplossingen voor het hoogwatervraagstuk. De kwaliteit van het cultureel erfgoed van Dordrecht is, ook internationaal gezien, buitengewoon. Dordrecht heeft bijna 2.000 monumenten en één van de gaafste historische stadsgezichten met een nog bijna volledig intacte middeleeuwse structuur. Het heeft één van de meest geschilderde rivierfronten van Europa. De historische binnenstad is één van de parels van Dordrecht. De deels buitendijkse ligging aan het water maakt de Dordtse binnenstad uniek ten opzichte van andere Nederlandse steden. De historische binnenstad van Dordrecht is hét kloppend hart van de regio. In de afgelopen jaren heeft de gemeente miljoenen geïnvesteerd in projecten en culturele voorzieningen om de stad nog aantrekkelijker te maken. De helft daarvan is gebruikt om de binnenstad verder te verlevendigen, o.a. door de ontwikkeling van het Energiehuis en het Dordrechts Museum.

OMGEVINGSVISIE 1.0

2.1

De oorsprong van de groei van de stad ligt in de historische binnenstad. Deze binnenstad met haar oorspronkelijke middeleeuwse structuur en talrijke monumenten levert ook vandaag een belangrijke bijdrage aan de aantrekkelijkheid van de stad. De stad is ontstaan op de plek waar drie belangrijke waterwegen samenkomen. Die ligging aan het water heeft de stad tot bloei gebracht. Scheepvaart en scheepsbouw floreerden er en dankzij het stapelrecht vloeide er geld in de stedelijke stadskist. Een groot deel van de historische binnenstad ligt buitendijks, ontstaan langs havens die in de 15e tot 17e eeuw zijn aangelegd, zoals de Nieuwe Haven en de Wolwevershaven.

13

RUIMTELIJKE HOOFDSTRUCTUUR Integraal kaartbeeld

2.2

Dordrecht in haar omgeving

OMGEVINGSVISIE 1.0

a. Drechtsteden Met zes buurgemeenten, die aan dezelfde levensader liggen, vormt Dordrecht een hecht samenwerkingsverband onder de naam Drechtsteden. Gemeenten trekken samen op om hun regio economisch sterk te maken en hun inwoners goede voorzieningen te bieden. Samen hebben we de Groeiagenda Drechtsteden opgesteld en de Regiodeal Drechtsteden-Gorinchem. Met het Rijk, de provincie en nietoverheidspartners uit de regio werken we aan de realisatie. b. De Zuidelijke Randstad Dordrecht maakt in de ruimtelijke hoofdstructuur van de provincie Zuid-Holland onderdeel uit van de hoogstedelijke zone Leiden – Dordrecht. Het is één van de dichtstbevolkte regio’s van Europa. De Zuidelijke Randstad wil uitgroeien tot een vitaal, hoogwaardig ingericht en goed bereikbaar metropolitaan gebied en daartoe de agglomeratiekracht versterken. Samen met de stedelijke regio’s, provincie Zuid-Holland, andere gemeenten waaronder Rotterdam en Den Haag en het Rijk werken we samen op het gebied van de (hoogwaardig openbaar vervoer) mobiliteit én de verstedelijkingsopgave (wonen, onderwijs, economie en innovatie).

Dordrecht is onder meer partner in de Verstedelijkingsalliantie Leiden – Dordrecht, het programma MOVE (deel Oude Lijn Leiden – Dordrecht), de Woondeal en het Verstedelijkingsakkoord Zuidelijke Randstad en betrokken bij de Investeringsagenda Zuidelijke Randstad en de Verstedelijkingsstrategie van de provincie..

De ruimtelijke hoofdstructuur toont de essentie en de samenhang van verschillende ruimtelijke beleidskeuzes uit de Omgevingsvisie. Het integrale kaartbeeld van de ruimtelijke hoofdstructuur is opgebouwd uit de volgende kaartbeelden: •

het dagelijks stedelijk systeem, dat bestaat uit de stedelijke agglomeratie en de daarmee via hov verbonden regiokernen

•

de hoogstedelijke zone tussen leiden en dordrecht

•

het logistiek-industriële systeem van mainport, greenports langs vaarwegen en zware infrastructuur

•

de samenhang van grote landschappelijke eenheden met de stedelijke agglomeratie

•

de groene ruimte en de groenblauwe structuur

•

het bodem- en watersysteem

•

energie

Aanvullend hierop toont de ruimtelijke hoofdstructuur van de ondergrond indicatief de ruimtelijke situatie van de ondergrond.

boven: fig 2.1 Drechtsteden onder: fig 2.2 Ruimtelijke Hoofdstructuur (bron: provincie Zuid-Holland)

14

6

c.

De Maritieme Delta en de goederencorridor Oost-A-15 In internationaal perspectief heeft Nederland een sterke maritieme positie. Een samenhangend netwerk van zeehavens en achterlandknooppunten heeft deze positie bepaald. De regio Drechtsteden maakt onderdeel uit van dit Havenindustrieel complex en daarom zijn wij ook partner in de Maritieme Delta. Dordrecht heeft als onderdeel van de delta niet alleen banden met het noorden maar ook met het zuidwesten (en het oosten). Eveneens zijn wij betrokken bij de Goederencorridor Zuid waarvan onder meer het goederenvervoer over het spoor onderdeel uitmaakt.

OMGEVINGSVISIE 1.0

fig 2.3 Corridor Rotterdam- Antwerpen (bron:provincie Zuid-Holland

15

16

OMGEVINGSVISIE 1.0

2.3

Wij maken Dordt

Dordrecht is een vitale en aantrekkelijke stad. Dat willen we ook in de toekomst zijn. Daarvoor is het belangrijk dat we groeien. Met de bouw van duizenden extra woningen hopen we in 2030 ruimte te bieden aan 140.000 inwoners. In het eindresultaat van een intensief participatieproces met de stad (2016-2017) met de naam ‘Nieuw Dordts Peil’ is de toekomst van onze stad mooi omschreven:

laaggeletterdheid en minder eenzaamheid. Dordrecht is in 2030 een stad waar inwoners voor zichzelf een positief toekomstperspectief zien, waar meer mensen méédoen en in staat zijn om met fysieke, emotionele en sociale uitdagingen in het leven om te gaan. Zijn uitdagingen (even) te groot om zelf of samen met de naaste omgeving aan te pakken, dan kunnen mensen terugvallen op snelle, passende en betaalbare ondersteuning.

Dordrecht heeft haar unieke positie langs de weg, water en spoor maximaal benut. Als gevolg daarvan zijn logistieke bedrijven zich in Dordrecht en de Drechtsteden gaan vestigen. In hun kielzog is ook de bedrijvigheid in de zakelijke en financiële dienstverlening, kennis gedreven maakindustrie, toerisme en recreatie fors toegenomen. Dit aanbod van werk op beroepsgericht, midden- en hbo/universitair-niveau heeft ook de aandacht getrokken van hbo’s die hier specifieke opleidingen zijn gestart. Tot slot is Dordrecht met haar topklinisch ziekenhuis een belangrijk speler in de gezondheidszorg.

OMGEVINGSVISIE 1.0

Dordt is in 2030 een nog betere versie van zichzelf: een groene, levendige stad die beweegt naar 140.000 inwoners, met een veerkrachtige bevolking en een hoger welvaartsniveau, sociaaleconomisch in balans. Een stad waar geboren en getogen Dordtenaren en steeds meer nieuw gevestigde ‘eilanders’ profiteren van het beste van twee werelden: de eigenheid, de zelfbewustheid en de grootstedelijke voorzieningen van Dordrecht enerzijds en de uitstekende connecties met de Randstad anderzijds. Want zeg nou zelf: waar kun je zo dicht bij Rotterdam wonen in een historische stad, omringd door water en met een Nationaal Park als achtertuin?

De groei van de stad en de verbondenheid met de metropoolregio bieden ondernemers en inwoners volop kansen op werk. Meer werk betekent ook minder armoede, minder 17

18

OMGEVINGSVISIE 1.0

Hoofdstuk 3

Opgaven en doelen

De centrale ambitie van Dordrecht is de verdere ontwikkeling van de gemeente naar een groene, levendige stad met een veerkrachtige bevolking en een hoger welvaartsniveau zodat het huidige voorzieningenniveau ook in de toekomst kan worden gewaarborgd. Een inclusieve en sociaaleconomisch sterke stad, waar iedere Dordtenaar van profiteert. Hiervoor wil de gemeente uitbreiden met woon- en werkgelegenheid. Voor Dordrecht staat daarom de komende jaren groeien centraal. Binnenstedelijke groei zien wij als aanjager voor kwaliteitsverbetering van de stad en het vergroten van de leefbaarheid. Deze hoofdopgave moet passen binnen de doelen van de gemeente, binnen de kaders van provincie en Rijk en binnen de afspraken die de gemeente binnen de regio Drechtsteden heeft gemaakt. 3.1

Afspraken binnen de Drechtsteden

OMGEVINGSVISIE 1.0

Dordrecht is onderdeel van het Stedelijke Netwerk Nederland (volgens de Nationale Omgevingsvisie (NOVI)) en daarbinnen nauw verbonden met de Drechtsteden. Over belangrijke ontwikkelingen hebben we daarom regionale afspraken gemaakt, die onze stad aangaan en werken we samen in de regio en met de provincie, het Rijk en andere partners in gremia als de Verstedelijkingsalliantie Leiden – Dordrecht, de Maritieme Delta en bij de uitwerking van gemaakte afspraken in de Groeiagenda, de Regiodeal Drechtsteden – Gorinchem, de Woondeal Zuidelijke Randstad en het Verstedelijkingsakkoord Zuidelijke Randstad. Op dit moment werkt de provincie aan een regionale verstedelijkingsstrategie en het Rijk aan een Uitvoeringsprogramma NOVI. Voor onze opgaven en doelen zijn bovengenoemde kaders en programma’s van belang samen met die van de regio: de groeiagenda 2030, de energiestrategie Drechtsteden en de regionale woonvisie.

fig 3.1 Kaartbeeld Stedelijk Netwerk Nederland (NOVI)

19

Groeiagenda 2030 Het doel is helder: een regio met 300.000+ inwoners. Mensen die goed leven in een compleet, dynamisch, meerkernig gebied met unieke woon- en werkmilieus, een omvangrijk en divers aanbod aan bedrijvigheid. Een regio waar creativiteit bloeit en het onderwijs en de cultuur floreren, in een historische setting gelegen tussen drie rivieren in een uniek Hollands landschap. Uitgangspunten uit de groeiagenda zijn:

OMGEVINGSVISIE 1.0

Goed wonen Doel is door te groeien naar 300.000+ inwoners en te komen tot een evenwichtiger verdeling van de woonsegmenten. De kwalitatieve woonvraag van binnen en buiten de regio is het uitgangspunt. Dat doen we door het toevoegen van woonwijken: duurzame, gezonde woongebieden die aantrekkelijk zijn voor een volgende generatie. De unieke gebiedskwaliteiten, zoals wonen aan het water worden volop benut. Zo ontstaan onderscheidende woonmilieus: in de historische binnenstad, langs de rivieroevers of ontspannen wonen in het groen.

20

In de Regionale Woonvisie is geregeld hoe we samen willen werken aan goed wonen in de Drechtsteden. Dit stimuleren we in de bestaande voorraad en in de nieuwbouw. Met de woonvisie dragen we bij aan de groeiagenda door in te zetten op de gebiedskwaliteiten van de Drechtsteden. Er vindt jaarlijks tussen de zeven gemeenten afstemming plaats over zowel de beoogde groei, de prognoses, kwalitatieve aspecten en de verdeling over de zeven gemeentes van het woningbouwprogramma. Transformatie oevers De rivier is het unieke kenmerk van de Drechtsteden. De locaties waar we de verbinding met de rivier kunnen maken, zijn belangrijk voor de ontwikkeling van de Drechtsteden. Oeverlocaties ontwikkelen we met een hoge kwaliteit. Het

gaat om integrale versterking van de locaties, zodat er naast ruimte om te wonen ook ruimte is om te werken en te recreëren. De locaties maken deel uit van het bestaande stedelijk netwerk en zijn verbonden met de omringende wijken. Centraal station Dordrecht Project Spoorzone Dordrecht/Zwijndrecht. Voor doelgroepen die georiënteerd zijn op het openbaar vervoer en de levendigheid van de stad focussen we op wonen rond het centraal station Dordrecht in de buurt van de historische binnenstad. De ontwikkeling van het wonen rondom de openbaar vervoerlijn Dordrecht/Zwijndrecht draagt bij aan het draagvlak voor het OV-knooppunt en de verbetering van het openbaar vervoer in de hele regio. Wonen in het groen Naast wonen op bijzondere locaties aan de oevers en de Spoorzone is er behoefte aan wonen in het groen. We profiteren van de combinatie van de goede bereikbaarheid over weg, spoor en water, de historische binnenstad van Dordrecht en de groene uitstraling aan de randen van de Drechtsteden. Goede bereikbaarheid De regio ontwikkelt zich alleen als de verbindingen voor woon-/werkverkeer en goederenvervoer goed functioneren. Het bedrijfsleven maakt op de A15/A16 momenteel veel ‘verliesuren’. De bereikbaarheid moet beter per weg, over het spoor en over het water. Het Rijk heeft een eventuele verbreding van de A16 in de planning staan.

De gemeente Dordrecht moet hiervoor ruimte reserveren, evenals voor de mogelijke komst van de RoBel-lijn t.b.v. goederenvervoer en ter ontlasting van de bestaande spoorlijn om die beter te kunnen benutten voor personenvervoer. We verbinden hotspots met elkaar en het autogebruik dringen we terug ten gunste van het openbaar vervoer en fiets (weg en water). Het ruimtelijk-economisch versterken van

ling is om voor 2030 49% CO2 te reduceren ten opzichte van 1990. Dit betekent dat we alle energie die we gebruiken, duurzaam gaan opwekken. Om dit te bereiken zetten we sterk in op energiebesparing en doorontwikkeling van het warmtenet. Verder gaan we op zoek naar ruimte en manieren om energie duurzaam op te wekken.

Goed werken Doel is het versterken van de economische positie van de regio en de inwoners door nieuwe, hoogwaardige bedrijvigheid en ondernemers aan te trekken. Daarnaast stimuleren we de groei en het innovatief vermogen van bestaande bedrijvigheid. Dit moet leiden tot 30.000 extra arbeidsplaatsen voor de Drechtsteden. Deze groei vindt vooral plaats in de groothandel/logistiek, ICT, financiële- en zakelijke dienstverlening en zorg en welzijn. Uiteraard moet in de overal vertegenwoordigde maakindustrie het aantal banen toenemen. Naast de zorg voor een aantrekkelijk vestigingsen ondernemersklimaat, is een op de vraag van de bedrijven toegesneden (kwalitatieve) beroepsbevolking (op alle niveaus) van groot belang.

Groeiopgave De groeiagenda gaat uit van een groei van de Drechtsteden op alle fronten. Alle gemeenten houden rekening met een bijdrage aan deze groei. Dit betekent dat we binnen de mogelijkheden van de gemeenten zoeken naar locaties waar woningbouw kan bijdragen aan de groei.

Energietransitie Met creatieve, innovatieve oplossingen gaan de Drechtsteden aan de slag voor een groene en schone toekomst. Op zoek naar alternatieve energiebronnen, aardgasvrije woningen, elektrisch vervoer en zonne- en windenergie. De energietransitie loopt als een rode draad door alle pijlers heen. Ook binnen wonen, werken en bereikbaarheid speelt duurzaamheid een zeer grote rol. De ambitie van de zeven gemeenten van de Drechtsteden, de provincie en twee waterschappen is verwoord in de Energiestrategie Drechtsteden Energieneutraal 2050 en in de concept RES Drechtsteden. RES staat voor Regionale Energie Strategie. De concept RES beschrijft hoeveel energie we opwekken in 2030. Het is één van de bouwstenen van het Klimaatakkoord om de ambitie van een CO2-neutraal energiesysteem in 2050 te realiseren. De nationale doelstel-

OMGEVINGSVISIE 1.0

het stationsgebied Dordrecht CS heeft prioriteit en draagt op essentiële wijze bij aan de aantrekkingskracht van de Drechtsteden. De nieuwe woon- en werklocaties die we de komende jaren ontwikkelen, vereisen een goede koppeling aan een hoogwaardig OV-systeem. Dit is essentieel voor de toekomstige bereikbaarheid van Drechtsteden.

21

3.2 Hoofdopgave: groei van aantal inwoners en arbeidsplaatsen Een groei met 10.000 woningen Het tegengaan en omkeren van het dalende inwoneraantal is één van de uitdagingen voor de gemeente Dordrecht. We willen de stad aantrekkelijk maken en houden voor met name jongeren en jonge gezinnen. Dit helpt mee aan een evenwichtige opbouw van de bevolking van Dordrecht. De ligging aan de rand van de Randstad en de goede verbindingen met onder andere Rotterdam en Breda maken van Dordrecht een geschikte woonlocatie voor studenten en werkenden.

Dordrecht doordat mensen met midden en hogere inkomens die nu wegtrekken, behouden blijven voor de stad. Voor een gevarieerd woningaanbod en sterkere wijken zijn ook ingrepen in de bestaande voorraad nodig. Een deel van de woningvoorraad voldoet niet meer aan de eisen van deze tijd en kan sloop tegemoet zien. Dit zijn vooral sociale huurwoningen in het bezit van woningcorporaties. Met name woningcorporaties bouwen de gesloopte aantallen sociale woningen allemaal terug. Op deze manier blijft het aantal sociale huurwoningen op peil. Hiermee kunnen ook inwoners die zijn aangewezen op een sociale huurwoning, een thuis vinden in Dordrecht.

OMGEVINGSVISIE 1.0

De stad kent daarnaast een aantrekkelijk en levendig stadshart en diversiteit aan grootstedelijke voorzieningen en recreatiemogelijkheden. Om voorzieningen in de binnenstad en in de wijken betaalbaar te houden, moeten we bouwen aan de stad. Dit betekent nieuwe woningen op aantrekkelijke binnenstedelijke locaties, die jongeren, studenten en gezinnen aan Dordrecht binden. Meer mensen betekent meer draagkracht voor de voorzieningen van de stad.

22

Om de kwaliteiten van de open polders en natuurgebieden te behouden zet de gemeente in op binnenstedelijke groei. De groene omgeving van de stad heeft juist een aantrekkelijke werking voor nieuwe inwoners en moet dus behouden blijven. Dordrecht is een stad van en voor iedereen. Daarom is er in de toe te voegen woningen ruimte voor iedere doelgroep. De gemeente wil een gevarieerd woningaanbod realiseren. Variatie in soorten woningen en in kwaliteit is van belang om alle mensen een plek te kunnen geven. Ook variatie in woonmilieus en woningen in buurten zorgt voor een aantrekkelijke gemeente. Op dit moment kenmerkt de woningvoorraad zich door een groot aantal goedkope woningen. Het accent bij nieuwbouw ligt daarom op woningen in het hogere segment. Dit bevordert de doorstroming op de woningmarkt. Daarnaast versterkt het de sociaaleconomische positie van fig 3.2 Schetsmatige weergave van aantal nieuwe woningen per gebied

Een groei van 4.000 banen Voor de huidige bestuursperiode 2018 – 2022 zet Dordrecht in op een toename van 4.000 banen. De jaren daarop moet deze opwaartse lijn verder worden doorgetrokken, met als perspectief 13.000 tot 15.000 banen erbij in 10 tot 20 jaar. Overigens gaat het hier om nieuwe toevoeging van banen. Vertrek van banen als gevolg van faillissement of vertrek uit de stad brengen we niet in mindering. Een sociaaleconomisch sterk Dordrecht vraagt om een verbreding van de economische basis van de stad en regio. Dat begint bij (goed) opgeleide inwoners en vervolgens eventueel een afgeronde vervolgopleiding die resulteert in werk. De gemeente zet in op goed opgeleide mensen door onder andere promotie van MBO techniekopleidingen, doorlopende leerlijnen en de toevoeging van hoger onderwijs aan de stad en de regio. Dit laatste gebeurt onder meer met de

komst van de Dordrecht Academy, een tweejarige bacheloropleiding toegesneden op de uitdagingen van de relevante sectoren van de Drechtsteden, met een sterke basis in ICT en techniek. Voor een groei van 4.000 banen in deze collegeperiode, moet de gemeente nieuwe werkgevers naar de stad trekken. Enerzijds ligt de focus daarbij op het uitgeven van nieuwe werklocaties zoals het Distripark en het geven van ruimte aan bedrijven die willen groeien onder het credo: ‘juiste bedrijf op de juiste plek’. Anderzijds ligt de focus op het koppelen van innovatiekracht aan de productiekracht, waarin de regio groot is geworden: de maritieme (maak) industrie. Daarnaast investeert Dordrecht in het actief aanbieden van alle vestigingsvoorwaarden die deze werkgevers aan de stad verbinden.

Verder brengt de vergrijzing en de beoogde groei van de stad met de woningbouwopgave, een groei van de verzorgende economie met zich mee. Dan gaat het om groei van het aantal banen in de zorgsector, maar ook om banen in de daaraan gerelateerde verzorgende diensten. De agenda is wel verschoven. Voorheen lag de nadruk vooral op programmeren/uitgeven van gronden (de stenen). Nu richten we ons meer en meer op het stimuleren binnen de ‘human capital’ (het d.m.v. onderwijs investeren in mensen) agenda, innovatie, netwerkvorming en op kwaliteitssprong op bestaande werklocaties. Dit is daadwerkelijk anders dan pakweg 10 jaar geleden. Beschikbaarheid van een goed opgeleide bevolking staat daarbij met stip op nummer 1 voor bedrijven om zich te vestigen.

fig 3.3 Schetsmatige weergave van aantal nieuwe arbeidsplaatsen per gebied

OMGEVINGSVISIE 1.0

De 4.000 extra banen moeten met name een plek krijgen in de Westelijke Dordtse Oever en het Spoorzonegebied, vanaf Businesspark Amstelwijck tot aan de stationsomgeving.

23

Vanuit het coalitieakkoord – ondernemende stad – zetten we actief in op het verplaatsen van bedrijven naar de juiste plek. Dit tegen de achtergrond van de steeds schaarser aanwezige gronden en het optimaal benutten van de bestaande ruimte. Met het Distripark beschikt Dordrecht over het laatste vrij uitgeefbare bedrijventerrein. Dit betekent dat we de focus voor de toekomst vooral leggen op betere benutting en een kwaliteitssprong van bestaande werklocaties, met ruimte voor groei van Dordtse bedrijven en vestiging van nieuwe bedrijven.

OMGEVINGSVISIE 1.0

Dordrecht heeft de ambitie om tot de top 5 MKB vriendelijkste grote gemeenten van Nederland te behoren. Hiervoor zetten we onder andere extra in op het begeleiden van ondernemers.

24

3.3

Doelen uit de omgevingsvisie

De ontwikkeling van onze stad vullen we samen met onze inwoners, ondernemers, maatschappelijke partners en (boven)regionale partners in. Daarbij houden we rekening met alle aspecten van de fysieke leefomgeving. Hiervoor zijn zeven doelen geformuleerd. De hoofdopgaven voor het toevoegen van woningen en arbeidsplaatsen en de keuzes die de gemeente daarin maakt moeten passen binnen deze zeven doelen. Per doel is aangegeven hoe de uitwerking plaatsvindt. Deze lijst is niet volledig, maar geeft aan wat er ieder geval de komende periode op de agenda staat. In bijlage 4 is een meer uitgebreide onderbouwing van de subdoelen te vinden.

De totale impactbeoordeling is terug te vinden in bijlage 2.

fig 3.4 De doelen van de omgevingsvisie als randvoorwaarden

OMGEVINGSVISIE 1.0

Tot slot zijn de effecten en aandachtspunten uit de impactbeoordeling van de fysieke leefomgeving weergegeven per doel, zodat duidelijk is dat we deze moeten meenemen in de verdere uitwerking en bij ruimtelijke ontwikkelingen.

25

OMGEVINGSVISIE 1.0 26

fig 3.5 Verbeelding Doel 1: Aantrekkelijke stad

Dordrecht is een aantrekkelijke stad

Dordrecht is een stad met een rijke geschiedenis. De stad is omsloten door rivieren en Nationaal Park De Biesbosch en heeft daardoor water en natuur in de directe omgeving. Dordrecht is een aantrekkelijke stad waar veel te doen is en steeds meer mensen ontdekken dat. De binnenstad met haar vele historische kwaliteiten heeft veel toeristische waarde en de Dordtenaren gebruiken het als ‘tweede huiskamer’. We willen die aantrekkelijkheid op verschillende vlakken borgen en uitbouwen: •

Behoud en waar mogelijk versterking van de cultuurhistorische waarden

Cultuurhistorie en erfgoed spelen een grote rol in de beleving, identiteit, herkenbaarheid, ‘leesbaarheid’ en aantrekkelijkheid van de stad. Zo speelt het een rol bij de ontwikkeling van onze identiteit en is het een inspiratiebron voor het maken van ruimtelijke plannen. Wij koesteren daarom de historische binnenstad met zijn vele monumenten, het is het visitekaartje van Dordrecht. Dordrecht is de oudste stad van Holland en heeft net als het hele eiland een cultuurhistorische hoofdstructuur die bestaat uit drie lagen. De bovenste laag is het meest zichtbaar: de wegen, dijken, waterlopen, groenstructuren en de bebouwing. De middelste laag is de bouwhistorie, die verborgen zit in de gebouwen. Vooral in de binnenstad bevinden zich achter de voorgevels vaak (sporen van) gebouwen die veel ouder zijn dan de buitenkant verraadt. De onderste laag is de archeologie (zie hoofdstuk 4, paragraaf 4.6). Alle lagen vragen om nader onderzoek, zodat de geschiedenis zich openbaart.

Ook de historische groenblauwe structuren willen we behouden en waar mogelijk versterken, bijvoorbeeld door ze te verbinden met cultuurhistorische plekken. Het welstandsbeleid (zie hoofdstuk 4, paragraaf 4.7) is er op gericht om aansluiting te zoeken bij het karakteristieke van de omgeving. •

Het water in de Dordtse havens optimaal benutten

De strategische ligging aan het water op het snijvlak van zeearmen en rivieren bezorgde Dordrecht in de vroege middeleeuwen een sterke groei. Dit is nog steeds te zien aan het vele gebruik van het water, de havens en kades. De gemeente wil de positionering van de stad aan het water versterken en de havens en kades optimaal en toekomstbesteding gebruiken. Dit moet dynamisch en veilig gebeuren. Natuurlijk houden we hierbij rekening met de behoefte van de diverse gebruikers en belanghebbenden in de omgeving, de meerwaarde voor de stad en de karakters van de havens en de kades. •

Voldoende ruimte bieden aan voorzieningen en daarbij streven naar multifunctioneel ruimtegebruik

De gemeente draagt zorg voor een voorzieningenstructuur die past bij een middelgrote stad, waarin Dordtenaren zich kunnen ontwikkelen en hun behoeften kunnen vervullen. Het gaat om een breed palet aan basisvoorzieningen. Van sportmogelijkheden tot zorg, van ontspanning tot werk en onderwijs, van culturele activiteiten tot groenvoorzieningen, sociale ontmoetingen en activiteiten. De stad heeft deze voorzieningen nodig om aantrekkelijk te zijn en te blijven. Per project hanteren we normgetallen voor voldoende voorzieningen, waarbij we altijd zoeken naar mogelijkheden voor multifunctioneel gebruik. We onderzoeken of we dit kunnen vastleggen in het omgevingsplan.

OMGEVINGSVISIE 1.0

Doel 1

27

kaart KOR

Historische Binnenstad* 19e eeuwse schil Woonwijken Bedrijventerreinen/Kantoorgebieden Ontwikkelgebieden Dordtwijkzone*

OMGEVINGSVISIE 1.0

Wantijzone* Buitengebieden Hoofdwegen Wijkontsluitingswegen Dijken* Wijkcentra Parken Sportparken Pleinen Oevers/Kades* Killen*

fig 3.6 Voorlopige Stedelijke structuur conform het Kwaliteitshandboek Openbare Ruimte (KOR) (de kaart is nog in bewerking)

28

Sterke, gedifferentieerde en inclusieve woonwijken

We vinden het belangrijk dat Dordtenaren zich in hun wijk thuis voelen en dat verschillende doelgroepen in een wijk kunnen samenwonen en samenleven. De gemeente en haar partners realiseren daarom in iedere wijk een zo gedifferentieerd mogelijk woningaanbod. Het streven daarbij is een betere balans tussen de oostkant en de westkant van de stad. Ook garanderen we, via ons woningbouwprogramma en de afspraken die we maken met woningcorporaties, dat er voldoende woningen beschikbaar zijn en blijven voor de Dordtenaren met een lager inkomen. Tegelijkertijd zetten we in op het stimuleren van doorstroming, waardoor ook bestaande woningen eerder vrij komen. Daarnaast is er ruimte voor specifieke doelgroepen, zoals minder-zelfredzame mensen, arbeidsmigranten en woonwagenbewoners, om in Dordrecht geschikte huisvesting te vinden. •

Waar nodig verbeteren van de kwaliteit van de huidige woningvoorraad

Een aantrekkelijke stad betekent aantrekkelijke woningen, zowel bouwkundig, esthetisch als in gebruik en energieverbruik. Door het op orde hebben en houden van de kwaliteit van de woningvoorraad creëren we een veilige en gezonde leefomgeving, voorkomen we overlast en kunnen ouderen en mensen met een beperking zo lang mogelijk thuis blijven wonen. •

Hoogwaardige inrichting en onderhoud van de openbare ruimte

De openbare ruimte is belangrijk voor de kwaliteit en de beleving van stad, wijk en buurt, en daarmee voor de aantrekkelijkheid. Dordrecht streeft naar een hoogwaardig inrichtingsniveau en beheer van de openbare ruimte. Hierbij staan gezondheid, duurzaamheid, klimaatadaptatie, biodiversiteit, veiligheid, inclusiviteit en mobiliteit centraal. Op

deze manier vergroot de stad haar leefbaarheid. De openbare ruimte is van en voor iedereen en daarom willen we inwoners meer betrekken bij het inrichten en verzorgen van de openbare ruimte. We zien het als een gedeelde verantwoordelijkheid. •

Het behoud van het groenblauwe karakter zowel binnen als buiten de stad

Het Eiland van Dordrecht is aantrekkelijk door haar groene parken, haar buitengebied en haar sterke relatie met het water. Om deze aantrekkelijkheid te waarborgen is behoud en waar mogelijk versterking van de groenblauwe structuur van belang. Dit heeft ook een sterke relatie met doel 3: Gezonde Stad en doel 5: Klimaatbestendige Stad. Uitwerking in programma’s, afspraken en/of omgevingsplan • Verbeteren ruimtelijke kwaliteit en betere inpassing in de historische structuur van de Grote Markt en omgeving en het Otto Dickeplein. • Havenbeheersverordening. • Programma Sportparken. • Vastleggen normgetallen voorzieningen. • Wijkvisies Wielwijk, Crabbehof en Sterrenburg. • Prestatie-eisen voor nieuwbouw (GPR) via het omgevingsplan. • Afspraken woningcorporaties (= jaarlijks terugkerende en wettelijke verplichting Prestatie Afspraken Lange Termijn). • Welstandsnota Dordrecht. • Handboek KOR: het KOR krijgt via het omgevingsplan juridische werking. De gemeente wil dit doen door een duidelijke set aan regels te stellen bij de inrichting van de openbare ruimte (KOR). Daarnaast door bewonersparticipatie zoveel mogelijk te faciliteren en te stimuleren. • Groenblauw programma (combinatie van groenbeheer, rioolbeheerdeel, Staart en integrale maatregelen deel).

OMGEVINGSVISIE 1.0

•

29

30

OMGEVINGSVISIE 1.0

Aandachtspunten vanuit de impactbeoordeling De gemeentelijke ambitie om te voorzien in voldoende basisvoorzieningen per wijk vraagt om goede sturing van de gemeente. Een programma biedt de mogelijkheid om gemeentebreed beleid op te stellen voor dit thema. Door het aanbod en de beschikbaarheid van basisscholen en huisartsen te monitoren, kan men tijdig signaleren waar knelpunten kunnen ontstaan en uitbreiding nodig is. De noodzaak voor uitbreiding of nieuwe vestigingen kan men dan als voorwaarde meegeven bij nieuwe ontwikkelingen, zoals woningbouw of herontwikkeling van wijken. Wel is het belangrijk hierbij vraag en aanbod van basisvoorzieningen te monitoren (bijvoorbeeld door rekening te houden met wachtlijsten) en afstanden tot basisvoorzieningen in acht te houden om verkeersbewegingen te verminderen.

Effecten, aandachtspunten en randvoorwaarden voor groeiopgave vanuit de impactbeoordeling Subdoel

Aandachtspunten en randvoorwaarden

Effecten op basisvoorzieningen

Naar verwachting is, ondanks de groei van Dordrecht, behoefte aan maximaal twee nieuwe basisscholen. De locatie hiervoor is afhankelijk van de woningbouwlocaties. Met de groei van Dordrecht zijn naar verwachting acht extra huisartsen nodig om te voldoen aan de normpraktijk.

OMGEVINGSVISIE 1.0

Door de groei van het aantal klanten zal de ruimtevraag voor supermarkten in stedelijk gebied toenemen.

31

OMGEVINGSVISIE 1.0 32

fig 3.7 Verbeelding Doel 2: Bereikbare stad

Dordrecht is een bereikbare stad

Dordrecht wil een stad zijn die nu en in de toekomst goed bereikbaar is over water, spoor en weg. Om als centrumstad van de regio en toegangspoort tot de Randstad te fungeren, is bereikbaarheid cruciaal. De opgaven om 10.000 extra woningen en 4.000 extra banen te creëren leidt tot nieuwe verplaatsingen. Wanneer al deze verplaatsingen met de auto plaatsvinden, komt de bereikbaarheid en leefbaarheid van de stad onder druk te staan. Bovendien is er onvoldoende ruimte om het autogebruik in de toekomst verder te faciliteren. Om in verblijfsgebieden, waaronder woongebieden ruimte te geven aan het aangenaam verblijven (spelen, wandelen etc.) is het belangrijk het autoverkeer in de stad verder te verminderen en te verduurzamen. Gemotoriseerd verkeer is op veel plaatsen ondergeschikt. Dit komt ten goede aan de verkeersveiligheid en gezondheid. De gemeente zet daarom in op infrastructurele maatregelen om het autogebruik te beperken en het stimuleren van alternatieve vervoerwijzen zoals het openbaar vervoer, de fiets en deelvoertuigen. Om dit mede mogelijk te maken is het van belang om zogenaamde knooppunten goed in te richten, zodat overstappen makkelijk is. Zo benutten we de totale verkeersinfrastructuur maximaal. Het slimmer koppelen van de netwerken en organiseren van het gebruik zijn de sleutels. Om de bereikbaarheid van de stad te waarborgen, leggen wij de volgende accenten: •

We maken Dordrecht een fietsstad

Meer gebruik van de fiets (en daarmee minder gebruik van de auto) is noodzakelijk om de bereikbaarheid van de stad in de toekomst te garanderen. Een hoog fietsgebruik draagt ook bij aan een vitale, gezonde en duurzame stad. Daarom willen we meer Dordtenaren op de fiets krijgen: in 2024 moet 30% van alle verplaatsingen met de fiets gebeuren.

Voor langere afstanden willen we (regionale) snelfietsroutes verbeteren of de ontbrekende schakels realiseren. Op hoofdfietsroutes pakken we knelpunten aan. Directheid, comfort en veiligheid van routes staan hierbij centraal. Met aantrekkelijke fietsroutes over de dijklinten leggen we een betere verbinding naar het buitengebied. Extra fietsparkeerplaatsen in de binnenstad en o.a. bij wijkwinkelcentra stimuleren het fietsgebruik voor korte afstanden. Het uitbreiden van de fietsparkeercapaciteit op knooppunten (o.a. zuidzijde centraal station, station Stadspolders en station Zuid) stimuleert het gebruik van de combinatie van fiets + openbaar vervoer als de afstanden te groot zijn om te fietsen. •

Stimuleren van het (hoogwaardig) openbaar vervoer (HOV)

De gemeente wil het reizen per spoor aantrekkelijker maken voor de Dordtenaren. Daarom zet de gemeente in op het versterken van het spoornetwerk met vaker komende en gaande treinen, snellere treinen en meer bestemmingen. Daarnaast wil de gemeente vervoerwijzen op stationslocaties in alle richtingen verknopen. Naast behoud van een goede frequente IC-verbindingen is de inzet om hoogfrequent met Light Rail materieel te rijden tussen Rotterdam Centraal en Dordrecht. Deze nieuwe verbinding biedt kansen voor nieuwe haltes Leerpark/ Gezondheidspark en Amstelwijck. Voor snel en frequent openbaar vervoer over de weg is een verbetering van het HOV-busnetwerk wenselijk tussen de Drechtsteden onderling en richting Rotterdam Zuidplein en Rotterdam Kralingse Zoom. Om het hoogwaardig openbaar vervoer door te ontwikkelen naar R-Net zijn directe routes van A naar B nodig, moet de frequentie omhoog en moeten goede OV-knooppunten (Dordrecht CS en Leerpark/ Gezondheidspark) beschikbaar zijn.

OMGEVINGSVISIE 1.0

Doel 2

33

Voor de ontsluiting van voorzieningen en ontwikkelingen aan het water, is regiovervoer over water een aanvullende schakel in het huidige en toekomstige OV-systeem. Daarom zetten we in op uitbouw van het netwerk, het verhogen van de frequentie en de kwaliteit. Verbetering van de ketenintegratie met andere vervoersmiddelen, met name de fiets, is daarbij van belang. Hierbij zijn het opnieuw vormgeven van 2 waterbushaltes Merwedekade/Otto Dickeplein en de halte Biesbosch erg belangrijk. De waterbus is namelijk ook een toeristische trekpleister. •

Parkeerbeleid en innovatieve verkeersoplossingen

OMGEVINGSVISIE 1.0

De gemeente zet primair in op meer duurzaam vervoer, maar ook de bereikbaarheid voor auto’s is van belang. Het is de opgave om slim om te gaan met autogebruik, juist om de stad en haar centrum bereikbaar te houden. Daarom willen we het gemotoriseerde verkeer zoveel mogelijk bundelen op verkeersaders zoals de A15, A16, N3 en Laan der VN. Het parkeerbeleid willen we hierop aanpassen.

34

Dit kan bijvoorbeeld door slimme verkeersregelinstallaties, te differentiëren in parkeerkosten en transferia (knopen) aan de randen van de stad te realiseren waar automobilisten kunnen overstappen op een ander vervoermiddel (OV, fiets, te voet). Transferpunten die hiervoor in beeld zijn: Weeskinderendijk, Gezondheidspark, Merwedekade en Biesbosch ten behoeve van toerisme en recreatie. Een verplichting die onze gemeente heeft, is ruimte reserveren voor een eventuele verbreding van de A16. Het Rijk heeft verbreding van de A16 in de planning staan. Naar verwachting na 2030 en Dordrecht dient hieraan mee te werken. Als het project van start gaat, kunnen wij er mogelijk wel een aantal wensen aan koppelen.

•

Optimale bereikbaarheid kerngebieden

van

economische

De bereikbaarheid van de industrie- en bedrijventerreinen vraagt aparte aandacht. Zij liggen langs de westelijke en noordelijke oevers van de stad. Met de herstructurering van de Mijlweg en de realisatie van de knoop N3-A16 zijn de investeringen in de optimalisatie van de bereikbaarheid van de Westelijke Dordtse Oevers groot. Gelet op de geschiktheid voor de vestiging van risicorelevante bedrijven, zijn de terreinen aan de Westzijde van de stad (Dordtse Kil I, tot en met IV alsmede de Zeehaven) aangesloten op een stedelijke route gevaarlijke stoffen. Op dit moment is er geen aanleiding om de bereikbaarheid van de Zeehaven te wijzigen. Dit betekent dat de Zeehaven bereikbaar blijft via het spoor. Uitwerking in programma’s, afspraken en/of omgevingsplan • Fietsvisie en uitvoeringsprogramma Dordt fietst verder! • Verkeersstructuurplan centrum 2013-2023. • Verkeersstructuurplan Spuiboulevard. • Aanpak verkeersonveilige locaties. • Integrale visie op laadinfrastructuur. • Volgen van de planning van het Rijk en tijdig een plan maken voor de reconstructie van verbreding A16 (Wielwijk). De reservering voor de verbreding van de A16 nemen we op in het omgevingsplan. • Actieplan duurzame mobiliteit.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/264/documents/9075