CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota van reactie Governance_nadb1.pdf

Commissie Sociale Leefomgeving Dordrecht 9 maart 2021, gemeente DordrechtBij agendapunt: 6: Brief van Serviceorganisatie Jeugd ZHZ aan Gemeenteraad over Terugkoppeling Zienswijzen SOJ8.944 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota van reactie zienswijzen Governance onderzoek Serviceorganisatie Jeugd Gemeente Alblasserdam

Inbreng De gemeente geeft de volgende zienswijze: 1.

Het gelopen proces wordt duidelijk geschetst in de documenten die zijn opgesteld. In de adviesbrief worden concrete inhoudelijke aanbevelingen gedaan, die overeenkomen met onze visie in Alblasserdam op het sociaal domein. In de onderzoeksrapportage komen verschillende projecten op het gebied van jeugdhulp samen en wordt de verbinding gelegd tussen de partijen te weten gemeenten, SOJ, Stichting Jeugdteams en de aanbieders. We delen de urgentie om nu al een aantal aanbevelingen op te starten om tot een kostenreductie te komen.

Governance 2. Alblasserdam is er voorstander van om de SOJ onder de directeur van de DG&J te positioneren. Deze maatregel kan de integraliteit bevorderen, geeft het bestuur één hiërarchisch eindverantwoordelijke terwijl de goede bestuurlijke verbinding met SOJ in stand blijft. Wij zien voornamelijk voordelen in meer verbinding te creëren tussen aanpalende taken van de GGD (JGZ, Voortijdig Schoolverlaten, Veilig Thuis, e.d.) op het gebied van preventie, veiligheid en de jeugdhulp. Deze verschillende onderdelen hebben veel raakvlakken met elkaar, zowel inhoudelijk als op financieel gebied. Dit past bij de integrale benadering van Alblasserdam op het sociaal domein. 3. Door samenwerking ontstaat ook samenhang. Wij vragen het Netwerk-MTplus om het overzicht van verschillende projecten te bewaren en actief te sturen op deze samenhang en verbinding.

Reactie

1.

Wij nemen kennis van u door u geschetste algemene kader.

2.

Het Dagelijks Bestuur heeft inmiddels een opdracht geformuleerd aan de directeuren van DG&J/SOJ om een inhoudelijke verkenning te verrichten om te komen tot een ‘programma Jeugd’ en een blauwdruk te ontwikkelen voor de inrichting / programmatische sturing op zo’n programma. Dit omvat het invlechten van SOJ binnen DG&J (onder voorbehoud besluitvorming AB) en nauwe verbindingen tussen de betrokken organisatieonderdelen van;, Veilig Thuis, Leerplicht/Voortijdig schoolverlaten (VSV), Toezicht Kinderopvang, Jeugdgezondheidszorg (opgroeien en opvoeden). Dit programma zal zich richten op het creëren van maatschappelijk effect en toegevoegde waarde voor gemeenten op het brede veld van veilig en gezond opgroeien. Het netwerk MT jeugd ZHZ zal deze rol gaan vervullen.

3.

4.

Het gaan ons inziens niet alleen om de financiële belangen maar bovenal om een betere lokale samenhang tussen preventieve programma’s, voorliggende voorzieningen, onderwijsinstellingen en (integrale) wijkteams. Hierdoor ontstaat een krachtiger alternatief

1

Gemeente

Inbreng 4. Wij zijn het met u eens dat, gelet op de grote financiële belangen, gemeenten meer zeggingskracht krijgen over de lokale inzet van Stichting Jeugdteams. Daarom steunen wij het voorgenomen besluit om andere contractafspraken met de Stichting te maken om die lokale aansturing te verstevigen.

Reactie op lokaal niveau voor de kostbare specialistische jeugdhulpvoorzieningen. Gemeenten hebben hierdoor vanuit de wijkteams bovendien beter zicht en sturing op de toeleiding en doelmatigheid van benodigde specialistische inzet. Zeker als ze hierover ook goede afspraken maken met de lokale huisartsen.

5. 5. Wij zijn van mening dat onze bijdrage aan de SOJ, voor zover het de Stichting Jeugdteams betreft, wordt omgelegd als wij als gemeente direct gaan sturen op de Stichting. 6. Nogmaals, net als in onze zienswijze over uw eerste Burap en de begrotingswijziging willen wij u oproepen de eerder genomen besluiten om door middel van diverse projecten grip op het geld te krijgen zo snel mogelijk succesvol uit te voeren.

6.

Vanuit de organisatorische blauwdruk zoals vernoemd onder punt 1 wordt ook goed gekeken naar een integrale bekostiging van het Programma Jeugd waarin dit aspect zal worden meegenomen. Het is belangrijk om scherp te houden dat veel van de aanbevelingen die tot kostenreductie moeten leiden zich richten tot de gemeenten. De individuele gemeenten zijn dus vooral aanzet. De SOJ heeft ondertussen een implementatieplan gemaakt voor de aanbevelingen die in haar domein liggen.

2

Gemeente Dordrecht

Inbreng De gemeente geeft de volgende zienswijze: 1.

Alvorens onze zienswijze te geven op de besluitpunten 4 en 5 willen wij een algemeen kader schetsen van waaruit de gemeenteraad van Dordrecht de jeugdzorg wil benaderen. Door het besluit van het AB om de financiële solidariteit af te bouwen in de komende jaren, zijn wij van mening dat juist een dergelijke afbouw kansen biedt aan de individuele gemeenten om te komen tot een volledig autonoom jeugdbeleid. De veronderstelde organisatorische- en inhoudelijke samenhang blijft uiteraard van belang bij de uitwisseling van kennis en ervaringen. Dit is vooral van belang voor het uitvoerende niveau en zien wij minder van belang voor het bestuurlijke niveau. Dat laatste niveau speelt uiteraard een rol van belang bij het uitrollen van zaken die het werk verbeteren op grond van de positieve ervaringen in het werkveld. Hiertoe is of zijn er allerlei vormen van overleg nodig op verschillende niveaus van de in het werkveld werkzaam zijnde organisaties. Een regionaal centrum kan hierin een faciliterende rol spelen Met deze fundamentele visie op de ontwikkeling van de komende jaren komen wij tot een volgende zienswijze op de door u gevraagde beslispunten.

Punt 4 betreft de Service Organisatie Jeugd: 2. De huidige Service Organisatie Jeugd zien wij als een organisatie die uitsluitend en alleen diensten verleent aan het brede veld van de jeugdzorg, waarbij de organisatie faciliterend optreedt voor zowel werkzame organisaties als gemeenten. Deze organisatie dient zorg te dragen voor de inkoop, de (financiële) administratie, de rapportages en specifieke ontwikkelingen op wet- en regelgeving alsmede de beleidsontwikkelingen in kaart te brengen. Wij zien nadrukkelijk geen beleidsmatige taken voor deze

Reactie

1.

We nemen kennis van het door u geschetste algemeen kader

2.

Het DB juicht het toe dat gemeenten in toenemende mate zelf een lokale visie op het sociaal domein opstellen en hier hun beleid en uitvoering op baseren. De Serviceorganisatie Jeugd ondersteunt deze ontwikkeling door kennis en expertise beschikbaar te stellen. Regionale afstemming van deze lokale ontwikkelingen vind in toenemende mate plaats in het Ambtelijk Overleg Jeugd en het Netwerk MT+ (voortaan Netwerk MT jeugd ZHZ) De Serviceorganisatie Jeugd ZHZ richt zich primair op de gedelegeerde taken zoals

3

Gemeente

Inbreng organisatie. Door de keuze om lokaal verantwoordelijkheid te nemen voor de uitgaven zal er ook lokaal beleid dienen te worden gemaakt op welke wijze deze uitgaven gedaan zullen gaan worden. Dit betekent dat elke gemeente voor zich de keuze kan maken om geen kind tussen wal en schip te laten vallen of juist te kiezen om strak binnen de (veronderstelde) bijdrage van het Rijk te blijven. Een politieke keuze die niet (meer) ingegeven wordt door een meerderheid binnen een gemeenschappelijk regeling. De Dordtse gemeenteraad maakt het uiteindelijk niet uit via welke constructie we deze taken beleggen, maar vraagt zich tegelijk af of de huidige vorm wel voldoende recht doet aan hoe we het met elkaar hebben bedacht.

3.

Dit laatste brengt ons bij nog een punt van aandacht namelijk de Mandaat- en Delegatieregeling van de GR. In het onderzoeksrapport concludeert men dat er geen aanpassingen hoeven te worden gedaan op deze regeling. De regeling heeft voldoende flexibiliteit in zich om lokale regie te regelen. Wij twijfelen geen moment aan deze constatering van de onderzoekers. Echter constateren wij tegelijkertijd dat er in de afgelopen jaren door verschillende partijen kritiek is geleverd op juist deze regeling. Dit feit, in combinatie met het opnieuw vaststellen van de governance, schijnt ons toe als een uitstekend moment om, in dialoog met de verschillende raden, de gehele regeling nog eens tegen het licht te houden. Kernvraag bij deze toetsing dient te zijn of het afgegeven mandaat of gedelegeerde bevoegdheid nog passend is in deze tijd waarin de eigen regie meer en meer op de voorgrond zal treden.

Reactie die in uw zienswijze genoemd worden, maar begeleidt en faciliteert daarnaast in samenspraak met gemeenten en de stichting Jeugdteams in voorkomende gevallen multidisciplinaire werkgroepen en overlegtafels die gerelateerd zijn aan het jeugdhulplandschap. In enkele gevallen zijn dit bovenregionale werkgroepen bijvoorbeeld met betrekking tot JeugdzorgPlus en Jeugdbescherming/ Jeugdreclassering. Het DB ziet dit niet als beleidstaken, maar als onderdeel van het werkveld van de Serviceorganisatie. Het staat de gemeente Dordrecht vrij om de Serviceorganisatie niet te gebruiken voor beleidstaken, de overige gemeenten moeten daar hun eigen afweging in maken.

3.

Het Dagelijks Bestuur heeft inmiddels een opdracht geformuleerd aan de directeuren van DG&J/SOJ om een blauwdruk te ontwikkelen voor het invlechten van SOJ binnen DG&J (onder voorbehoud besluitvorming AB) en nauwe verbindingen tussen de betrokken organisatieonderdelen van;, Veilig Thuis, Leerplicht/Voortijdig schoolverlaten (VSV), Toezicht Kinderopvang, Jeugdgezondheidszorg (opgroeien en opvoeden). Als onderdeel van deze blauwdruk zal ook een advies worden opgesteld welke aanpassingen er juridisch en inhoudelijk nodig zijn in de gemeenschappelijke regeling DG&J. Zichtbaar is nu al dat de mandatering van de Serviceorganisatie voor de contracttering van de stichting Jeugdteams dient te vervallen omdat de gemeenten deze contracttering zelf gaan uitvoeren.

Beslispunt 5 betreft de Stichting Jeugd Teams:

4

Gemeente

Inbreng 4. Wij onderschrijven het besluit om het contract met de SJT pro -forma per 31/12/2020 op te zeggen. Dit geeft gemeenten de ruimte om begin 2021 lokale opdrachten uit te werken, waardoor er uiteindelijk volledig lokaal gestuurd kan worden op integrale wijkteams. Hiermee sluit de Dordtse gemeenteraad ook niet uit dat er uiteindelijk een enkele opdrachtnemer voor het sociale wijkteam in Dordrecht komt. 5. Naast deze ontwikkeling heeft de gemeenteraad van Dordrecht al meerdere malen gepleit voor een versterking van de toegang (een van de aanbevelingen uit het rapport). Deze versterking zal moeten plaatsvinden in de wijkteams, die een onderdeel zijn van de toegang tot de jeugdzorg. Vanuit dit team zou er meer, dan wel uitsluitend, zorg moeten worden gedragen voor het casemanagement bij cliënten. Daar dient de feitelijke regie te liggen voor het in-; op- en afschakelen van de specialistische jeugdzorg. 6. Door het geheel op een andere wijze te organiseren kan het personeel dat zich niet (meer) bezig hoeft te houden met deze regiefunctie, ingezet worden voor ambulante hulpverlening, waarvoor nog geen specialistische zorg nodig is. 7. Dit alles moet niet alleen leiden tot een kostenbesparing, het moet markt voor jeugdzorg meer vraaggericht maken in plaats van het huidige aanbodgerichte model.

Niet de organisaties dienen centraal te staan maar de vraag van de cliënt dient leidend te zijn. 8. Tot Slot; in deze zienswijze en de zienswijze met betrekking tot de inkoop, komt duidelijk tot uitdrukking dat wij, ondanks de aanbeveling in het rapport van AEF, van mening zijn dat de regie weer op lokaal niveau komt te liggen. Faciliterende diensten kunnen in een dergelijk geval regionaal worden ingericht. Door veel meer dan de helft lokaal in te vullen kan het bijna niet anders dan dat er op lokaal niveau een verordening komt die de jeugdzorg

Reactie 4. 5, 6 en 7: Het Dagelijks Bestuur is blij met deze steun en vertrouwt erop dat hierdoor een betere lokale samenhang ontstaat tussen preventieve programma’s, voorliggende voorzieningen, onderwijsinstellingen en (integrale) wijkteams. Hierdoor ontstaat een krachtiger alternatief op lokaal niveau voor de kostbare specialistische jeugdhulpvoorzieningen. Gemeenten hebben hierdoor vanuit de wijkteams bovendien beter zicht en sturing op de toeleiding en doelmatigheid van benodigde specialistische inzet. Zeker als hierover ook afspraken worden gemaakt met de lokale huisartsen.

8.

Er is een ambtelijke werkgroep actief die begin 2021 met een advies komt gericht op afbakening en normalisering van jeugdhulp. Op basis van dit advies kan iedere gemeente lokale afwegingen verwerken in haar verordening Jeugdhulp en de nadere regels daarbij. Het Netwerk MT Jeugd ZHZ voert hierop de regie.

5

Gemeente

Inbreng regelt. Logischerwijs missen wij deze aanbeveling maar wij zouden deze graag toevoegen aan het geheel.

Reactie

Gemeente Gorinchem

Inbreng De gemeente geeft de volgende zienswijze:

Reactie

1.

1. Allereerst maken we van de gelegenheid gebruik om wat complimenten uit te delen. Voor de aanpak, dat ook in Coronatijd interactief kon plaatsvinden, voor het onderzoek en de uitgebreide rapportage daarover en het document waarin in één oogopslag helderheid wordt gegeven. Het geeft nog weer eens de samenhang tussen de verbeterpunten weer. Alsook de urgentie en de verantwoordelijkheden die daarbij horen. Het hoeft geen toelichting dat dit alles plaatsvindt in een complex speelveld. Wij waarderen het dat het dagelijks bestuur alvast actief aan de slag is met de verbeterpunten. Wij zien ook de samenhang met de regionale vraagstukken waarvoor een aanjaagteam is ingesteld. Uiteraard nemen wij ons eigen aandeel serieus en nemen wij de aanbevelingen van AEF ter harte waar het over de lokale verantwoordelijkheden gaat. In de daarvoor beoogde momenten laten wij graag zien hoe dat er in Gorinchem uitziet. U kunt een bericht van ons college van BenW tegemoet zien over onze visie op het sociaal domein, de opdrachtverlening aan een regionaal netwerk op directeuren/ managementniveau en ambtelijk deelname aan regionale opgaves.

1.

Wij zien U bericht met belangstelling tegemoet.

2.

Het Dagelijks Bestuur onderschrijft de noodzaak tot integraliteit. Breed over het hele sociale domein, maar zeker ook binnen de DG&J. Het DB heeft daarom inmiddels een

2. Zienswijze op punt 4 2. Gorinchem heeft integraliteit als onderlegger voor het sociaal beleid en ziet deze lijn graag geborgd binnen de setting van de gemeenschappelijke regeling. De samenhang tussen de jeugdgezondheidszorg,

6

Gemeente

Inbreng gezondheidsbevordering, epidemiologie & onderzoek, Leerplicht, Veilig Thuis & Zorg en Overlast geeft daar alle aanleiding toe. Wij staan een aanpak vanuit positieve gezondheid voor. Wij benadrukken dat preventieve interventies en een bespiegeling van wat als ‘normaal’ mag worden gezien voor ons belangrijke elementen zijn in de brede zorg voor jeugd. Wij verwachten dat dit steeds zichtbaar onderdeel is van uw besluitvorming en werkwijze. Niet alleen voor de integrale benadering als GR maar ook het volume dat we als 10 gemeenten daarmee hebben om krachtig te opereren. Wij verzoeken u onze zienswijze over het inkoopkader Jeugd hierbij nadrukkelijk te betrekken. 3.

U maakt de stap dat het voor een eenduidige aansturing nodig is om de SOJ integraal onderdeel te laten uitmaken van de DG&J ZHZ. Wij volgen deze redenatie en zijn bereid daarin mee te gaan, mede omdat op dit moment de functie van directeur SOJ al ad interim wordt ingevuld. We hebben echter ook enige terughoudendheid vanwege de energie die daarin gestoken moet worden. U hebt het voornemen om de aansturing van de meer strategisch/ tactisch regionale vraagstukken vorm te geven middels een regionaal netwerk-MT plus. Mogelijk kan het integraal aansturen samenvallen met deze bredere aansturing op het snijvlak van de Jeugdwet én aanpalende wetgeving. Er liggen flinke opgaven, het is aan te bevelen dat de directeur van de DG&J versterkt door de interim directeur SOJ hierin een belangwekkend aandeel leveren. We kunnen ons voorstellen dat de Corona-crisis ook een belangrijk beslag legt. Kortom geven we u mee om wat tijd te kopen voor dat stappen worden genomen tot een organisatieverandering.

Reactie opdracht geformuleerd aan de directeuren van DG&J om een inhoudelijke verkenning te verrichten om te komen tot een ‘programma Jeugd’ en een blauwdruk te ontwikkelen voor de inrichting / programmatische sturing op zo’n programma. Dit omvat het invlechten van SOJ binnen DG&J (onder voorbehoud besluitvorming AB) en nauwe verbindingen tussen de betrokken organisatieonderdelen van; Veilig Thuis, Leerplicht/Voortijdig schoolverlaten (VSV), Toezicht Kinderopvang, Jeugdgezondheidszorg (opgroeien en opvoeden). Dit programma zal nauw samenwerken met de andere werkgebieden van DG&J en zal zich richten op het creëren van maatschappelijk effect en toegevoegde waarde voor gemeenten op het brede veld van veilig en gezond opgroeien. 3.

Wij verwijzen naar voorgaand antwoord. Deze blauwdruk zal een realistische planning en bemensing omvatten.

Zienswijze op punt 5

7

Gemeente

Inbreng 4. U geeft aan samen met ons een nieuw meerjarig contract, met lokale dienstverleningsovereenkomsten, voor de stichting Jeugdteams te willen uitwerken. Wij zien zeker kansen bij een lokaal contract met de stichting. Wij hebben hier ook al ervaring mee in de vorm van de lokale opdrachtverlening voor de inzet van jeugdprofessionals in het onderwijs en de huisartsenpraktijken en de integrale opdracht voor het sociaal team Gorinchem. Wij willen er wel voor waken dat de brede expertise die de stichting in huis heeft in Gorinchem beschikbaar blijft. Wij zien voordelen in het behouden van een gezamenlijke basis aangevuld met ruimte voor lokale invulling.

Reactie 4.

De door u genoemde visie vormt de basis voor het contract met de SJT. Er wordt momenteel, in opdracht van het netwerk MT jeugd ZHZ, gewerkt aan een raamwerk voor de lokale contracten. Dit raamwerk heeft nadrukkelijk als doel om de door u geschetste voordelen van een gezamenlijke basis te behouden en daarnaast voldoende ruimte te bieden voor lokale invulling.

5.

Het DB juicht het toe dat gemeenten in toenemende mate zelf een lokale visie op het sociaal domein opstellen en hier hun beleid en uitvoering op baseren. Dit bevordert de lokale samenhang tussen preventieve programma’s, voorliggende voorzieningen, onderwijsinstellingen en (integrale) wijkteams. Hierdoor ontstaat een krachtiger alternatief op lokaal niveau voor de kostbare specialistische jeugdhulpvoorzieningen. Gemeenten hebben hierdoor vanuit de wijkteams bovendien beter zicht en sturing op de toeleiding en doelmatigheid van benodigde specialistische inzet. Omdat alle gemeenten diensten afnemen van de stichting Jeugdteams blijft regionale afstemming van belang. Dit zal gebeuren onder regie van het netwerk MT jeugd ZHZ. Daarnaast vraagt de inrichting van het contract- en

Aanbevelingen; Wij hechten er aan nu al vast een aantal aandachtpunten te benoemen die wij willen betrekken in de opdrachtverlening. Deze hebben ook verband met de uitwerking van het inkoopkader en treft u dus ook aan in de zienswijzebrief daarover. 5.

Wij zien graag uitgewerkt hoe ver de lokale sturing reikt en hoe deze zich verhoudt tot de regionale samenwerking. In de lokale bevoegdheid in het contractmanagement, welke rol de stichting Jeugdteams daarin zou hebben en welke maatregelen getroffen kunnen worden. Bijvoorbeeld in de mogelijkheden om te besluiten hulp af te schalen of te stoppen. Dit hangt samen met de regiefunctie die de stichting Jeugdteams heeft. Ook is het van belang zicht te houden op de balans in formatie in het licht van het totaal aan taken. In de verhouding regionaal (specialismen) – lokaal als ook in het afschalen in de veiligheidsketen en de verschuiving naar meer beschikkingsvrije jeugdhulp. Verder zien wij het als een lokale uitdaging om daar waar mogelijk verbeteringen aan te brengen en staan open voor uitwisseling van ideeën en samen optrekken.

8

Gemeente

Inbreng

Reactie relatiebeheer met aanbieders aandacht. De serviceorganisatie maakt hiervoor een plan van aanpak.

Tot slot 6. Wij kregen van u een beschrijving van zeven goede gewoonten bij de inkoop jeugdhulp. Een mooie opsomming die we hier graag nog eens memoreren. • Doe je huiswerk • Formuleer concrete doelstellingen • Gebruik alle (inkoop) instrumenten • Denk samen • Stuur op inhoud en toekomst • Begin op tijd • Regel je mandaat Wij willen hiermee aangeven dat wij zeker stappen vooruit zien, maar dat waakzaamheid nodig blijft om op ZHZ niveau daadkrachtig te blijven en de doelen te behalen. Het is nu tijd om alle instrumenten te gebruiken en te doen wat nodig is. Wij zien uit naar de uitwerking van het implementatieschema.

6

Het DB heeft er vertrouwen in dat het voorliggende besluit ten aanzien van de Governance Jeugd in de regio ZHZ te samen met het opgestelde Inkoopkader richting geeft. Wij onderschrijven de noodzaak om hierop te blijven sturen en elkaar ook te blijven aanspreken op het in praktijk brengen van deze zeven goede gewoonten. Daarnaast realiseren wij ons expliciet dat we in een groeiproces zitten. In het groeipad van goed naar beter en best zijn de onderzoeken die we in 2020 hebben uitgevoerd van grote waarde. Het zal ons helpen om in 2021 en 2022 als elke individuele gemeenten en samen met elkaar (ook SOJ, SJT, aanbieders) verdere verbeteringsstappen te zetten.

9

Gemeente HardinxveldGiessendam

Inbreng De gemeente geeft de volgende zienswijze: 1.

Reactie

Het gelopen proces wordt duidelijk geschetst in de documenten die zijn opgesteld. Wij willen onze waardering uitspreken over de manier en de mate waarin de raden zijn meegenomen in dit proces. In de adviesbrief worden concrete inhoudelijke aanbevelingen gedaan, die overeenkomen met onze visie in Hardinxveld-Giessendam op het sociaal domein. We zijn blij in de onderzoeksrapportage te lezen hoe verschillende projecten op het gebied van jeugdhulp samenkomen en verbinding wordt gezocht. Tot slot prijzen wij de doorzettingskracht om een aantal aanbevelingen nu al op te starten op tot een kostenreductie te komen. Deze urgentie delen wij ook.

Opdrachtgeverschap door gemeenten 2. De aanbevelingen die u voorschrijft om de lokale visie op het sociaal domein te actualiseren nemen wij ter harte. Hardinxveld-Giessendam heeft de afgelopen tijd hard gewerkt aan een integrale visie van het sociaal domein, waarin alle facetten van het sociaal domein samenkomen. Na de decentralisaties in 2015 hebben wij gekozen voor een brede benadering van het sociaal domein. In het 0-100 sociaal team wordt domein overstijgend gewerkt, waar een jeugdige onderdeel is van een systeem en niet alleen vanuit één levensgebied naar het kind wordt gekeken, maar breed en vanuit meerdere levensgebieden in samenhang met elkaar. Beleidsterreinen komen hier ook samen om een integraal aanbod te realiseren. Deze benadering heeft ervoor gezorgd dat wij al sinds 2014 een goede samenwerkingsrelatie met de huisartsen in Hardinxveld-Giessendam hebben. Met de komst van de jeugdmodule is de samenwerking nog verder verbetert. Ook in het project jeugdhulp naar de voorkant betrekken

2.

Het DB juicht het toe dat gemeenten in toenemende mate zelf een lokale visie op het sociaal domein opstellen en hier hun beleid en uitvoering op baseren. Dit bevordert de lokale samenhang tussen preventieve programma’s, voorliggende voorzieningen, onderwijsinstellingen en (integrale) wijkteams. Hierdoor ontstaat een krachtiger alternatief op lokaal niveau voor de kostbare specialistische jeugdhulpvoorzieningen. Gemeenten hebben hierdoor vanuit de wijkteams bovendien beter zicht en sturing op de toeleiding en doelmatigheid van benodigde specialistische inzet.

10

Gemeente

Inbreng we de huisartsen en maken we gebruik van hun expertise. We organiseren regelmatig overleggen tussen de huis – en jeugdartsen, beleid van de gemeente, de wethouder en de coördinator van het sociaal team. Deze investeringen laten zich in onze resultaten terug zien. Eenzelfde samenwerking zien wij ook graag met de jeugdhulpaanbieders. Daarom neemt Hardinxveld-Giessendam op dit moment het initiatief om met verschillende GGZ aanbieders het gesprek te voeren om zowel de samenwerking te verbeteren als om te onderzoeken wat zij lokaal kunnen bieden vanuit het sociaal team. 3. In het opdrachtgeverschap richting de Stichting Jeugdteams (SJT) zien wij kansen bij een lokaal contract met SJT. Deze ervaring hebben wij de afgelopen jaren al met de jeugdmodule. Afspraken en verwachtingen staan op papier, deze worden jaarlijks geëvalueerd, en deze inzet wordt door de gemeente gemonitord. Er wordt zowel data geregistreerd door de POH jeugd als gemonitord door middel van het dashboard van de SOJ. De gemeente heeft een cijfermatige onderbouwing van de resultaten. Dit is de manier waarop Hardinxveld-Giessendam in het verleden ook keuzes heeft gemaakt betreffende zorginzet. We zijn dan ook erg tevreden met het ontwikkelde dashboard dat ons inzicht geeft in de cijfers, waarop wij onze keuzes baseren en kunnen onderbouwen.

We zien dat een verdere doorontwikkeling ons nog beter kan helpen verstandige keuzes te maken. 4. Bij de decentralisatie zijn veel gemeentelijke taken verschoven naar de SOJ. We zijn blij om te zien dat steeds meer taken weer terugkomen naar de gemeenten in ZuidHolland Zuid. Zo wordt het eigenaarschap en ook de grip op de jeugdhulp vergroot. In Hardinxveld-Giessendam hebben wij altijd geïnvesteerd in ons lokale sociale domein en ingezet op goed opdrachtgeverschap. Wij zullen de aanbevelingen die uit het onderzoek van AEF voortkomen

Reactie

3.

Het DB is verheugd om te horen dat het dashboard Jeugd en de maandelijkse rapportages vanuit de Serviceorganisatie en vanuit de lokale teams zoveel input levert voor sturing en beleidsontwikkeling.

4.

Zie punt 1 en 2

11

Gemeente

Inbreng spiegelen aan ons opdrachtgeverschap en daar waar nodig verbeteren. Governance 5. Hardinxveld-Giessendam is er voorstander van om de SOJ onder de directeur van de DG&J te positioneren. Deze maatregelen kunnen de integraliteit bevorderen, geven het bestuur één hiërarchisch eindverantwoordelijke terwijl de goede bestuurlijke verbinding met SOJ in stand blijft. Wij zien voornamelijk voordelen in meer verbinding te creëren tussen aanpalende taken van de GGD (JGZ, Voortijdig Schoolverlaten, Veilig Thuis, e.d.) op het gebied van preventie, veiligheid en de jeugdhulp. Deze verschillende onderdelen hebben veel raakvlakken met elkaar, zowel inhoudelijk als op financieel gebied. Dit past bij de integrale benadering van Hardinxveld-Giessendam op het sociaal domein. 6.

Door samenwerking ontstaat ook samenhang. Wij vragen het Netwerk-MTplus om het overzicht van verschillende projecten te bewaren en voor verbinding te zorgen.

Maatregelen ter beheersing van de zorgkosten 7. Om tot een betere beheersing van zorgkosten te komen adviseert AEF goed opdrachtgeverschap en goed opdrachtnemerschap. Volgens AEF kan een eenduidige definitie van jeugdhulp hier ook aan bijdragen. Hardinxveld-Giessendam meent dat de termen normaliseren en demedicaliseren hier ten grondslag aan liggen. Onze lokale inzet zoals de jeugdmodule en de waakvlam hebben dit als uitgangspunt. Daarbij ligt de focus niet alleen op de individuele situatie, maar ook op het gezin en de omgeving. Een opvoedingsvraag is niet altijd jeugdhulp, maar soms ligt er een ander probleem onder. Wij voeren het gesprek over de afbakening van jeugdhulp

Reactie

5.

6.

7.

Het Dagelijks Bestuur heeft inmiddels een opdracht geformuleerd aan de directeuren van DG&J/SOJ om een inhoudelijke verkenning te verrichten om te komen tot een ‘programma Jeugd’ en een blauwdruk te ontwikkelen voor de inrichting / programmatische sturing op zo’n programma. Dit omvat het invlechten van SOJ binnen DG&J (onder voorbehoud besluitvorming AB) en nauwe verbindingen tussen de betrokken organisatieonderdelen van; Veilig Thuis, Leerplicht/Voortijdig schoolverlaten (VSV), Toezicht Kinderopvang, Jeugdgezondheidszorg (opgroeien en opvoeden). Dit programma zal zich richten op het creëren van maatschappelijk effect en toegevoegde waarde voor gemeenten op het brede veld van veilig en gezond opgroeien. Het netwerk MT jeugd ZHZ zal deze rol gaan vervullen. Er zal 2 x per jaar gerapporteerd worden over de voortgang.

Er is een ambtelijke werkgroep actief die begin 2021 met een advies komt gericht op afbakening en normalisering van jeugdhulp. Op basis van dit advies kan iedere gemeente lokale afwegingen verwerken in haar verordening Jeugdhulp en de nadere regels daarbij. Dan kan ook bezien worden welke acties op regionaalniveau noodzakelijk zijn. Het Netwerk MT Jeugd ZHZ voert hierop de regie. De Serviceorganisatie koopt in nauwe samenspraak met de gemeenten specialistische jeugdhulp in. Iedere gemeente bepaalt vervolgens zelf welke hulp (producten/ behandelingen) zij wil toewijzen. Een gemeente hoeft derhalve niet alle ingekochte

12

Gemeente

Inbreng graag lokaal, maar zijn ook van mening dat we regionaal afspraken moeten maken welke jeugdhulp we wel inkopen en welke niet. Dit raakt dan ook sterk het nieuwe inkoopkader jeugdhulp. 8. Hardinxveld-Giessendam is altijd voorstander geweest van het afschaffen van de Nee-Tenzij regeling, we zien dit als een gemiste kans dat dit niet gebeurd is. We betreuren dat het lang duurt voor we een alternatief hebben waardoor er in het proces voor de aanbieder geen begrenzing zit. Samen met twee andere gemeenten zullen wij in een pilot een verkenning doen naar de afschaffing van de Nee-Tenzij regeling.

Reactie

8.

behandelingen in te zetten. En indien een gemeente een maatwerkvoorziening, dan wel een niet gecontracteerde aanbieder wil inzetten, dan zal de Serviceorganisatie dit aanvullend contracteren. De Serviceorganisatie zal ondersteuning en kennis leveren aan de pilot van u gemeente. Het DB onderschrijft de behoefte om de Nee-tenzij regeling in de huidige vorm af te schaffen. Daarom wordt gewerkt aan een normenkader dat uiterlijk per 1 januari 2022 in werking moet treden. In de tussenliggende periode zal de huidige regeling zoveel mogelijk aangescherpt worden.

13

Gemeente Hendrik-Ido-Ambacht

Inbreng De gemeente geeft de volgende zienswijze: Algemene opmerking 1. Vanaf 2015 zijn wij als gemeente verantwoordelijk voor de Jeugdhulp aan onze inwoners. Gezamenlijk zijn wij als regio Zuid-Holland-Zuid de uitvoering daarvan aangegaan. De uitgangspunten voor die uitvoering hebben wij toen beschreven in het Beleidsrijk Regionaal Transitie Arrangement Jeugdhulp Zuid-Holland-Zuid (BRTA). Daarna hebben zich o.a. het Meerjarenperspectief Jeugdhulp ZHZ 2018-2022: 'Duurzaam investeren in onze jeugd', een plan van aanpak 'Grip op de jeugdhulp' en de Omdenknotitie regio ZHZ diverse wijzigingen voorgedaan. Met het nu voorliggende inkoopkader en de aanbevelingen over de governance worden weer abstracte uitgangspunten geformuleerd. Wij zouden straks graag de Serviceorganisatie Jeugd ZHZ (SOJ), de uitvoerders binnen de Jeugdhulp en uw bestuur willen aanspreken op het nakomen van deze uitgangspunten. Wij zijn ons er van bewust dat dit alleen maar kan wanneer de SOJ en de uitvoerders binnen de Jeugdhulp ook in staat zijn om daar in voldoende mate invulling aan te geven. AEF Governanceonderzoek Jeugdzorg ZHZ Specifiek bij uw voorgenomen besluit over de uitkomsten en aanbevelingen over het AEF onderzoek naar de governance van de Jeugdzorg in ZHZ heeft u gevraagd een zienswijze te geven op: 4.

Het wijzigen van de aansturing van de SOJ binnen de gemeenschappelijke regeling en het versterken van de verbinding tussen SOJ en de andere onderdelen van de Dienst Gezondheid & Jeugd. 5. Het opzeggen van het contract met de Stichting Jeugdteams ZHZ, zoals dat nu door SOJ voor de 10 gemeenten wordt afgesloten, per 31 december 2020. 2021 als een overgangsjaar

Reactie

1.

U refereert aan de verschillende visie, beleids- en uitvoeringsplannen die de afgelopen jaren zijn opgesteld. De uitvoering van deze plannen is een gezamenlijke inspanning van de individuele gemeenten en de regionale uitvoeringorganisaties. Het advies van AEF geeft bruikbare inrichtingsadviezen aan zowel de gemeenten als aan de uitvoeringsorganisaties. Het DB neemt deze adviezen ter harte en heeft voor de DG&J inmiddels een opdracht geformuleerd aan de directeuren van DG&J om een inhoudelijke verkenning te verrichten om te komen tot een ‘programma Jeugd’ en een blauwdruk te ontwikkelen voor de inrichting / programmatische sturing op zo’n programma. Dit omvat het invlechten van SOJ binnen DG&J (onder voorbehoud besluitvorming AB) en nauwe verbindingen tussen de betrokken organisatieonderdelen van; Veilig Thuis, Leerplicht/Voortijdig schoolverlaten (VSV), Toezicht Kinderopvang, Jeugdgezondheidszorg (opgroeien en opvoeden). Dit programma zal zich richten op het creëren van maatschappelijk effect en toegevoegde waarde voor gemeenten op het brede veld van veilig en gezond opgroeien. Een kern in de aanbevelingen van AEF is dat gemeenten meer eigenaarschap kunnen tonen. Het DB constateert dat ook deze aanbeveling door alle gemeenten wordt onderschreven. Dat betekent dat elke gemeente ook zelf aan zet is om gewenste veranderingen door te voeren.

Daarnaast stellen we voor om de effecten van de adviezen uit het AEF-rapport medio 2022 te evalueren.

14

Gemeente

Inbreng te beschouwen. En vanaf 2022 de 10 gemeenten individueel een dienstverleningsovereenkomst te laten afsluiten met SJT.

Reactie

2.

Met betrekking tot punt 4. merken wij op dat hierdoor een eenduidige aansturing ontstaat voor zowel het dagelijks en algemeen bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling DG&J als ook voor de interne aansturing van deze Dienst. Tevens zal hiermee de kwetsbaarheid van de SOJ verminderen.

2.

Dank voor deze steun. In punt is reeds beschreven welke stappen het DB hierin zet.

3.

Uw voorgenomen besluit onder 5. om gemeenten zelf met de SJT overeenkomsten te laten aangaan sluit aan bij de oproep die al eerder door ons is gedaan. Nu kunnen wij lokaal betere afspraken maken over de inzet van de jeugdprofessionals in onze gemeente en deze beter laten aansluiten op onze eigen lokale situatie en ambities binnen het sociaal en jeugddomein.

3.

Het DB beoogt hiermee een impuls te geven aan de lokale samenhang tussen preventieve programma’s, voorliggende voorzieningen, onderwijsinstellingen en (integrale) wijkteams en meer eigenaarschap bij de gemeenten neer te leggen. Hierdoor ontstaat een krachtiger alternatief op lokaal niveau voor de kostbare specialistische jeugdhulpvoorzieningen. Gemeenten hebben hierdoor vanuit de wijkteams bovendien beter zicht en sturing op de toeleiding en doelmatigheid van benodigde specialistische inzet. Zeker als ze daar ook afspraken over maken met de lokale huisartsen. Daarnaast blijft regionale afstemming van belang. Onder meer in de formatie en sturing van de jeugdteams. Dit zal gebeuren onder regie van het netwerk MT jeugd ZHZ.

Uw voorgenomen besluiten over het AEF Governanceonderzoek kunnen wij dan ook onderschrijven.

15

Gemeente Hoeksche Waard Definitieve zienswijze d.d. 13-11-2020

Inbreng De gemeente geeft de volgende zienswijze:

Reactie

U vraagt aan ons als raad om een zienswijze uit te brengen over de beslispunten 4 en 5. In deze brief geven wij onze zienswijze ten aanzien van deze punten weer. Op de overige punten is het algemeen bestuur bevoegd. Met die punten gaat het dagelijks bestuur daarom alvast actief aan de slag. Wij juichen dit toe, omdat wij hiertoe ook de urgentie zien. Tevens willen we onze waardering uitspreken over de wijze hoe wij als raden betrokken zijn bij het proces. Zienswijze beslispunt 4 Beslispunt 4 is: "Dat in het belang van een eenduidige aansturing binnen de gemeenschappelijke regeling en het versterken van de verbinding tussen Service Organisatie Jeugd (SOJ) en de andere onderdelen van de Dienst Gezondheid en Jeugd (DG&J) het wenselijk is dat de SOJ integraal onderdeel gaat uitmaken van de DG&J. Waarbij wordt vastgesteld dat de begrotingen wel gescheiden blijven. Draagt het DB op een voorstel en het daarvoor benodigde besluitvormingsproces te laten voorbereiden". 1. Belang eenduidigheid aansturing en verbinding. Als raad kunnen we ons hier in vinden. We zien het belang van een eenduidige aansturing binnen de gemeenschappelijke regeling en het versterken van de verbinding tussen SOJ en de andere onderdelen van de DG&J. De inhoudelijke verbinding als het gaat om o.a. de Jeugdgezondheidszorg en Voortijdig Schoolverlaten heeft meerwaarde.

Hierdoor kunnen we een verdere stap zetten in de transformatie, waarbij uitgangspunt is normaliseren en zoveel mogelijk in het voorveld afhandelen. 2. Aanscherping structuur Wij zien dat hierdoor de structuur ook aangescherpt wordt, waarbij er een eindverantwoordelijke functie is binnen de

1.

2 en 3; Het Dagelijks Bestuur heeft inmiddels een opdracht geformuleerd aan de directeuren van DG&J/SOJ om een inhoudelijke verkenning te verrichten om te komen tot een ‘programma Jeugd’ en een blauwdruk te ontwikkelen voor de inrichting / programmatische sturing op zo’n programma. Dit omvat het invlechten van SOJ binnen DG&J (onder voorbehoud besluitvorming AB) en nauwe verbindingen tussen de betrokken organisatieonderdelen van; Veilig Thuis, Leerplicht/Voortijdig schoolverlaten (VSV), Toezicht Kinderopvang, Jeugdgezondheidszorg (opgroeien en opvoeden). Dit programma zal zich richten op het creëren van

16

Gemeente

Inbreng DG&J (te weten de directeur DG&J, die tevens secretaris van het algemeen bestuur (AB) is). Dit heeft als voordeel dat er eenduidig leiding en sturing en eenduidige advisering aan het AB gegeven wordt. 3. Verscherping opdrachtgeverschap Er zijn een aantal uitdagende opgaven voor de komende periode, zoals het verscherpen van het opdrachtgeverschap n.a.v. het onderzoek, de inkoop en maatregelen om de kosten te beheersen. Met deze wisseling van aansturing moet dit goed belegd worden in een structuur, die recht doet aan de complexiteit van deze opgaven. Dit betekent ook een zorgvuldige borging van de werkzaamheden van de interim-directeur naar zijn opvolger. 4. Gescheiden begrotingen Als raad zijn wij het tevens eens om de begrotingen gescheiden te houden. Dit om het transparant te houden, maar ook om te voorkomen dat andere onderdelen van DG&J de tekorten vanuit SOJ moeten opvangen. 5.

Integrale aanpak sociaal domein Tevens willen wij opmerken dat wij verheugd zijn om te zien dat de optie met de Sociale Dienst Drechtsteden (SOD), zoals genoemd in het rapport, niet is overgenomen in het advies van AEF. We hebben als Hoeksche Waard samen met Gorinchem en Molenlanden per brief onze zorgen hierover uitgesproken naar de Drechtsteden. Wij zijn van mening dat een inhoudelijke integrale aanpak van het sociaal domein op een andere wijze tot stand kan komen dan door de samenvoeging met de SDD. Uiteraard zijn wij hier wel een grote voorstander van. Juist om voor onze inwoners uit te gaan van 1 plan, 1 regisseur, 1 huishouden of ook wel genoemd de perspectiefbenadering.

Reactie maatschappelijk effect en toegevoegde waarde voor gemeenten op het brede veld van veilig en gezond opgroeien.

4.

5.

Het DB neemt deze aanbeveling mee waarbij het overweging verdient om een onderscheid te maken tussen een mogelijke integrale operationele begroting van de DG&J en een afzonderlijke begroting van kosten voor jeugdhulp. Financieel beheer en sturing zullen dan ook integraal onderdeel zijn van de blauwdruk die ontwikkeld wordt door DG&J (zie punt 1). Het DB sluit aan bij deze zienswijze. DG&J zal niet alleen zorgdragen voor interne integraliteit op het vlak van veiligheid en jeugd, maar ook samen optrekken met SDD, AVRES, Hoekse Waard Werkt en de betrokken gemeenten om de perspectiefbenadering mogelijk te maken.

17

Gemeente

Inbreng Reactie Zienswijze beslispunt 5 Beslispunt 5 is: "Dat de aansturing van de Stichting Jeugdteams (SJT) andere contractafspraken vraagt. Dat daarom pro forma het contract met de SJT per 31-12-2020 wordt opgezegd. Daarmee wordt 2021 een overbruggingsjaar, waarin in de directeur SJT gevraagd wordt de SJT aanbevelingen ter hand te nemen. En om samen met de gemeenten en de SOJ een nieuw meerjarig contract uit te werken, naast een dienstverleningsovereenkomst met elk van de 10 gemeenten". 6. Als raad zijn we hier mee eens 6. Samen met het nieuwe inkoopkader ontstaat de mogelijkheid om Wij vinden ook dat de aanbevelingen die in het rapport ook lokaal dienstverleningsovereenkomsten te sluiten. Het DB warden gedaan over de governance en specifieke rol van beoogt hiermee een impuls te geven aan de lokale samenhang opdrachtgevers als gemeente en opdrachtnemer als SJT om tussen preventieve programma’s, voorliggende voorzieningen, andere contractafspraken vraagt. In de Hoeksche waard onderwijsinstellingen en (integrale) wijkteams. Hierdoor ontstaat zien we de toegang als een belangrijk instrument om te een krachtiger alternatief op lokaal niveau voor de kostbare zorgen dat kinderen en jeugdigen de juiste ondersteuning specialistische jeugdhulpvoorzieningen. De gemeente heeft krijgen.

Hierbij hanteren we de uitgangspunten zoveel hierdoor vanuit de wijkteams bovendien beter zicht en sturing op mogelijk normaliseren, inzetten op het voorliggende veld de toeleiding en doelmatigheid van benodigde specialistische en duidelijke afspraken met aanbieders over doelrealisatie. inzet. Omdat alle gemeenten diensten afnemen van de stichting Wij zijn er dan ook voorstander van dat we als gemeenten Jeugdteams blijft regionale afstemming van belang. Onder meer in de mogelijkheid krijgen om, door het verschuiven van de formatie en sturing van de jeugdteams. Dit zal gebeuren onder middelen naar de voorkant, met aanbieders hierover regie van het netwerk MT Jeugd ZHZ concrete afspraken te maken (dichtbij de jeugdteams). Dit deden wij al langer door de inzet van Youz als GGZexpertise in de jeugdteams. Ook hebben wij al met de jeugdteams ingezet op de verbinding met huisartsen en onderwijs. Wij vinden het dan ook van groot belang om naast het meerjarige regionale contract ook een dienstverleningsovereenkomst op maat voor onze gemeente af te sluiten. Hierdoor wordt onze opdrachtgeversrol scherper en kunnen we beter sturen en monitoren. 7. Wij blijven graag op de hoogte van dit proces. Daarom 7. We zullen het netwerk MT jeugd ZHZ vragen hierover 2x per vragen wij u ons in 2021 minimaal 2 keer op de hoogte te jaar een voorgangsbericht op te stellen.

brengen van wordt gedaan met de aanbevelingen en wat dit voor resultaten heeft opgeleverd.

18

Gemeente Molenlanden

Inbreng De gemeente geeft de volgende zienswijze:

Reactie

Allereerst willen wij aangeven dat wij in dit traject voldoende zijn meegenomen. Daarnaast is het goed om te lezen dat uit het onderzoek van AEF blijkt dat we in de regio de Governance goed geregeld hebben. En tegelijkertijd geeft het aantal aanbevelingen weer dat er nog veel moet gebeuren. U vraagt ons een zienswijze op punt 4 en 5 van het voorgenomen besluit van de AB vergadering van 24 september met betrekking tot het rapport van AEF over Governance. Wat betreft het voorgenomen besluit over de positionering van de SOJ en de opdrachtverlening aan SJT is onze zienswijze als volgt: 1. 2.

3.

Wij zijn akkoord met het voorstel om de SOJ bij de huidige GR DG & J te positioneren. Wat betreft SJT zijn wij akkoord met rechtstreekse opdrachtverlening van onze gemeente aan SJT. Onderscheid regionale en lokale opdrachtverlening vraagt aandacht. De inhoudelijke en financiële aansturing dient zo efficiënt mogelijk te gebeuren. Hierbij ook rekening houdend met de regionale opdrachten en budgetten die reeds zijn gereserveerd en worden ingezet. Tot slot verzoeken wij u om ons als raad periodiek te informeren over de resultaten van de actiepunten die in het implementatieschema van AEF zijn opgenomen. Wij zien de uitvoering van deze actiepunten met vertrouwen tegemoet.

1.

Het DB zal de verdere uitvoering hiervan ter hand nemen.

2.

Omdat alle gemeenten diensten afnemen van de stichting Jeugdteams blijft regionale afstemming inderdaad van belang. Dit zal gebeuren onder regie van het netwerk MT jeugd ZHZ

3.

We zullen het netwerk MT jeugd ZHZ vragen hierover 2x per jaar een voorgangsbericht op te stellen.

19

Gemeente Papendrecht

Inbreng De gemeente geeft de volgende zienswijze:

Reactie

Graag maken wij van deze gelegenheid gebruik om onze zienswijze naar voren te brengen. Wij waarderen het dat adviesbureau AEF in onze commissiesamenleving van 16 september hun aanbevelingen gepresenteerd hebben . De aanbevelingen en voorgestelde beslispunten nemen wij ter harte. 1.

Wij hebben wat betreft de aanbevelingen reeds gevraagd om gezamenlijk te komen tot een afbakening en definiëring van jeugdhulp/-zorg binnen de regio. Deze oproep heeft u 1 oktober jl. ontvangen rondom de begrotingswijziging SOJ 2020. Hierbij hebben wij meegegeven een aanzet tot deze (aangescherpte) definiëring graag voor het eind van het jaar te ontvangen.

1.

2.

Verder willen wij nog één punt meegeven dat nader uitgewerkt dient te worden rondom de begrotingen. Wij begrijpen de keuze voor de korte termijn om de begrotingen van de DG&J en SOJ gescheiden te houden. Voor de lange termijn vinden wij het wenselijk om te komen tot één begroting om volledige integraliteit te bewerkstelligen. Wij verwachten dat u een evaluatiemoment met elkaar vastlegt over 3 á 4 jaar om over te gaan tot één begroting voor de gehele gemeenschappelijke regeling.

2.

Het is vooral een lokale verantwoordelijkheid om te komen tot een afbakeningen en definiëring van jeugdhulp/zorg. Er is echter wel een ambtelijke werkgroep actief die begin 2021 met een advies komt gericht op afbakening en normalisering van jeugdhulp. Op basis van dit advies kan iedere gemeente lokale afwegingen verwerken in haar verordening Jeugdhulp en de nadere regels daarbij. Het Netwerk MT Jeugd ZHZ voert hierop de regie. Het DB neemt deze aanbeveling mee waarbij het overweging verdient om een onderscheid te maken tussen een mogelijke integrale operationele begroting van de DG&J en een afzonderlijke begroting van kosten voor jeugdhulp. Financieel beheer en sturing zullen dan ook integraal onderdeel zijn van de blauwdruk die ontwikkeld wordt door DG&J (zie punt 1).

Wij vragen u ons op de hoogte te houden van de voortgang van de implementatie van de aanbevelingen van AEF en de daaruit vooruitkomende acties. Wij verzoeken u bovenstaande punten uit onze zienswijze mee te nemen en van een reactie te voorzien. We vertrouwen erop u op deze wijze voldoende te hebben geïnformeerd.

20

Gemeente Sliedrecht

Inbreng De gemeente geeft de volgende zienswijze:

Reactie

Allereerst willen wij u complimenteren dat u er, ook in deze moeilijke tijden, in bent geslaagd, in samenspraak met betrokken partijen, te komen tot een onderzoek naar hoe passend de huidige governance van de jeugdhulp in ZuidHolland Zuid nog is en vervolgens te komen tot aanbevelingen voor verbetering. Zeven hoofdlijnen van verbetering 1. Wij vinden het een goede ontwikkeling dat er wordt ingezet op meer lokale sturing op inhoud. Ook vinden wij het een goede aanbeveling aan gemeenten om samen te werken en van elkaar te leren. Als gemeente Sliedrecht hebben wij in dit kader goede ervaringen opgedaan met de projecten "veilig opgroeien is teamwerk", en "jeugdhulp naar de voorkant". 2. Het voorstel om regionaal te komen tot een "definitie van jeugdzorg", vinden wij moeilijk te rijmen met de eerste hoofdlijn, meer lokale sturing op inhoud. Bovendien moet worden voorkomen dat binnen de jeugdhulp strakke kaders worden neergezet die maatwerk belemmeren. Wel zijn wij het ermee eens, dat moet worden ingezet op normaliseren. In dat kader zien wij meer in het definiëren van "gebruikelijke zorg" dan in het definiëren van "jeugdzorg". 3. Betere sturingsinformatie en betere beheersing van de kosten gaan wat ons betreft hand in hand. Hierbij vinden wij ook onderzoek naar effectiviteit van interventies en het (kostenbesparend) effect van preventieve maatregelen belangrijk.

Graag gaan wij met de Serviceorganisatie jeugd en de Stichting Jeugdteams in gesprek over de mogelijkheden voor een dergelijk onderzoek.

2.

Het is niet de bedoeling om tot een regionale definitie van jeugdzorg te komen. Er is wel een ambtelijke werkgroep actief die begin 2021 met een advies komt gericht op afbakening en normalisering van jeugdhulp. Op basis van dit advies kan iedere gemeente lokale afwegingen verwerken in haar verordening Jeugdhulp en de nadere regels daarbij. Het Netwerk MT+ Sociaal Domein voert hierop de regie.

3.

Het DB juicht dit toe. In onder meer de gemeente Hoekse Waard zijn hier reeds goede ervaringen mee opgedaan.

21

Gemeente

Inbreng 4. Het advies om keuzes te maken, vraagt naar onze mening specifieke aandacht in relatie tot "meer lokale sturing". In het verleden hebben wij gezien dat lokale initiatieven door de wisselwerking met de regio niet, of onvoldoende, van de grond kwamen. Het advies om keuzes te maken, richt zich nu dan ook op de keuze maken voor meer lokale sturing en gemeenten daarvoor dan ook daadwerkelijk de ruimte te geven. Specifieke lokale wensen moeten mogelijk worden gemaakt en niet stranden op de regionale overlegtafels.

5.

De laatste verbeterlijn over organisatie- en governance gevolgen vraagt om nadere uitwerking. De keuze om meer taken lokaal te beleggen, vraagt om een verschuiving van inzet van regionaal naar lokaal. Zoals een verschuiving van de regionale zorgmarkt naar de lokale teams vraagt om uitbreiding binnen de lokale teams en inkrimpen van de aanbieders in de zorgmarkt, vraagt verschuiving van taken van de Serviceorganisatie Jeugd naar de gemeenten versterking van de inzet binnen de gemeenten en afname van de inzet binnen de Serviceorganisatie Jeugd. Graag zien wij hier een concreet advies over van AEF, als onafhankelijke partij.

Reactie 4.

5.

Het DB juicht het toe dat gemeenten een lokale visie op het sociaal domein opstellen en hier hun beleid en uitvoering op baseren. Die lokale visie moet immers de basis vormen voor de inzet van de jeugdzorg. Dit bevordert de lokale samenhang tussen preventieve programma’s, voorliggende voorzieningen, onderwijsinstellingen en (integrale) wijkteams. Hierdoor ontstaat een krachtiger alternatief op lokaal niveau voor de kostbare specialistische jeugdhulpvoorzieningen. Gemeenten hebben hierdoor vanuit de wijkteams bovendien beter zicht en sturing op de toeleiding en doelmatigheid van benodigde specialistische inzet. Zeker als daar over afspraken worden gemaakt met de lokale huisartsen. Daarbij kunnen de gemeenten in ZHZ ook leren van elkaar en best practices uitwisselen. Het Netwerk MT Jeugd ZHZ kan hierin faciliteren. Uit het AEF rapport komt naar voren dat de omvang van de SOJ passend is bij haar taken. Het rapport roept gemeenten op om invulling te geven aan de taken die ook reeds nu bij de gemeenten liggen. Het staat u vrij om AEF te vragen hier een onderzoek naar te doen. Het DB heeft deze behoefte niet.

Zienswijze voorgenomen AB besluiten U heeft ons gevraagd specifiek een zienswijze te geven op twee concrete voorgenomen besluiten van het AB. Ten eerste: "dat in het belang van een eenduidige aansturing binnen de gemeenschappelijke regeling en het versterken van de verbinding tussen SOJ en de andere onderdelen van de DG&J het

22

Gemeente

Inbreng wenselijk is dat de SOJ integraal onderdeel gaat uitmaken van de DG&J. Waarbij wordt vastgesteld dat de begrotingen wel gescheiden blijven. Draagt het DB op een voorstel en het daarvoor benodigde besluitvormingsproces te laten voorbereiden."

Reactie

Wij kunnen hiermee instemmen. Ten tweede: "Dat de aansturing van de SJT andere contractafspraken vraagt. Dat daarom pro forma het contract met de SJT per 31-12-2020 wordt opgezegd. Daarmee wordt 2021 een overbruggingsjaar waarin in de directeur SJT gevraagd wordt de SJT aanbevelingen ter hand te nemen. En om samen met de gemeenten en de SOJ een nieuw meerjarig contract uit te werken naast een dienstverleningsovereenkomst met elk van de 10 gemeenten." 6.

Hoewel wij er groot voorstander van zijn om lokaal een overeenkomst af te sluiten met de Stichting Jeugdteams, en begrijpen dat daarvoor het huidige contract formeel opgezegd dient te worden, willen wij hieraan wel een voorwaarde stellen. Het is op dit moment nog niet duidelijk hoe de dienstverleningsovereenkomsten van de verschillende gemeenten er uit komen te zien. Wanneer de totale omvang van de dienstovereenkomsten kleiner is dan de huidige overeenkomst met de Stichting Jeugdteams ontstaat er een risico op frictiekosten. Als voorwaarde zal daarom moeten worden gesteld, dat de gemeenten die een kleinere dienstverleningsovereenkomst aangaan met de Stichting Jeugdteams dan hun huidige aandeel in deze Stichting, de ontstane frictiekosten voor hun rekening nemen.

6.

De huidige systematiek voorziet niet in een frictiekostenregeling. In het traject naar nieuwe lokale opdrachten kunnen hier nadere afspraken overgemaakt worden.

23

Gemeente

Inbreng Procedure In algemene zin roepen wij u nadrukkelijk op de raden bij zienswijzen, of andere onderwerpen die een raadsbesluit vragen, steeds voldoende gelegenheid te geven het debat hierover voor te bereiden en te voeren. Die besluitvormingstijd staat naar ons gevoel met regelmaat onder druk.

Reactie

24

Gemeente Zwijndrecht

Inbreng De gemeente geeft de volgende zienswijze:

Reactie

U heeft ons in het bijzonder gevraagd onze zienswijze te richten op een tweetal punten uit het onderzoeksrapport van AEF: Ad 1. SOJ als integraal onderdeel van de DG&J 1. Wij kunnen ons vinden in het voorstel om de serviceorganisatie Jeugd integraal onderdeel te laten zijn van de Dienst Gezondheid & Jeugd. Daarmee wordt SOJ niet meer nevengeschikt, maar ondergeschikt aan de Dienst Gezondheid & Jeugd. Dit geeft meer helderheid in de aansturing binnen de gemeenschappelijke regeling en bevordert ook de duidelijkheid in de rollen van opdrachtnemer en opdrachtgever. Verder draagt deze verandering bij aan de integraliteit van werken binnen de DG&J als geheel. Ad. 2 De aansturing van de SJT vraagt andere contractafspraken. 2. Ook in deze aanbeveling kunnen wij ons als gemeenteraad vinden. Er wordt een overgangsjaar in acht genomen, waarin toegewerkt wordt naar een dienstverleningsovereenkomst per gemeente. Dit biedt gelegenheid de opdracht geheel naar de Zwijndrechtse situatie in te vullen, passend bij wat er in onze gemeente speelt. Daarmee worden de rollen van de gemeente als opdrachtgever en de Stichting jeugdteams als opdrachtgever helder en kunnen deze goed worden ingevuld.

3.

Aanvullend op het zienswijzeverzoek willen wij hierbij ingaan op het uitgangspunt: 'lokaal wat kan, regionaal wat moet'. Al eerder is aangegeven dat de regie weer op lokaal

1.

2.

3.

Het Dagelijks Bestuur heeft inmiddels een opdracht geformuleerd aan de directeuren van DG&J/SOJ om een inhoudelijke verkenning te verrichten om te komen tot een ‘programma Jeugd’ en een blauwdruk te ontwikkelen voor de inrichting / programmatische sturing op zo’n programma. Dit omvat het invlechten van SOJ binnen DG&J (onder voorbehoud besluitvorming AB) en nauwe verbindingen tussen de betrokken organisatieonderdelen van;, Veilig Thuis, Leerplicht/Voortijdig schoolverlaten (VSV), Toezicht Kinderopvang, Jeugdgezondheidszorg (opgroeien en opvoeden). Dit programma zal zich richten op het creëren van maatschappelijk effect en toegevoegde waarde voor gemeenten op het brede veld van veilig en gezond opgroeien. Het DB juicht het toe dat gemeenten in toenemende mate zelf een lokale visie op het sociaal domein opstellen en hier hun beleid en uitvoering op baseren. Dit bevordert de lokale samenhang tussen preventieve programma’s, voorliggende voorzieningen, onderwijsinstellingen en (integrale) wijkteams. Hierdoor ontstaat een krachtiger alternatief op lokaal niveau voor de kostbare specialistische jeugdhulpvoorzieningen. Zwijndrecht heeft hierdoor vanuit de wijkteams bovendien beter zicht en sturing op de toeleiding en doelmatigheid van benodigde specialistische inzet. Zeker als daarover afspraken worden gemaakt met de lokale huisartsen.

Dit is in lijn met de manier waarop de governance nu wordt ingericht. Bovendien is het DB van mening dat er nu afgewogen aanbevelingen voorliggen die in een zorgvuldig

25

Gemeente

Inbreng niveau moet komen te liggen. We willen als raad zelf de koers bepalen en komen aan het roer te staan. Het kan dan ook bijna niet anders dat gemeenten vervolgens een lokale verordening die ingaat op de jeugdhulp opstellen. Met het loslaten van de financiële solidariteit is het niet meer dan logisch dat de gemeenten elkaar ook op die beleidsterreinen loslaten waar dat kan. Regel lokaal wat kan en regionaal alleen wat moet. Dit punt van primaat lokaal hebben wij in eerdere zienswijzen ook steeds kenbaar gemaakt. Wij zouden dit graag toevoegen aan het geheel. 4. De uitkomsten van het onderzoeksrapport dat is opgeleverd door AEF, sluiten aan op het transformatieplan Sociaal Domein zoals de gemeenteraad van Zwijndrecht deze in mei 2020 heeft vastgesteld. Dit geeft dan ook ruimte om verder uitvoering te geven aan het transformatieplan. De voorgestelde veranderingen bieden met name kaders voor gemeenten om lokaal meer sturing te hebben op het domein van jeugdhulp in de regio ZuidHolland Zuid. Dan is het in onze ogen logisch om de huidige delegatie- en mandatenregeling tegen het licht te houden Wij zien dan ook graag dat de samenwerking in de regio Zuid-Holland Zuid hier meer op aansluit dan nu het geval is. Een samenwerking gebaseerd op mandaatbesluiten, in plaats van op basis van delegatie van bevoegdheden past hierbij.

Dit sluit eveneens aan op de ontwikkelingen in de governance van de Drechtsteden-samenwerking. 5. Wij kunnen ons vinden in de 'overdenkingen' die de regionale werkgroep Sociaal Domein heeft opgesteld. Deze hebben wij in de bijlage bijgevoegd.

Reactie gezamenlijk proces zijn ontwikkeld en die in de rapportages in alle nuance en duidelijkheid zijn beschreven. Algemene principes zoals 'lokaal wat kan, regionaal wat moet' lijken duidelijkheid te scheppen maar de vraag is of ze dat ook daadwerkelijk doen. Ze kunnen ook juist voor verwarring zorgen omdat iedereen dergelijke algemene uitspraken anders interpreteert.

4.

Als onderdeel van de blauwdruk voor aanpassing van de GR zal ook een advies worden opgesteld welke aanpassingen er juridisch en inhoudelijk nodig zijn in de gemeenschappelijke regeling DG&J. Zichtbaar is nu al dat de mandatering van de Serviceorganisatie voor de contractering van de stichting Jeugdteams dient te vervallen omdat de gemeenten deze contractering zelf gaan uitvoeren. Voorst zullen wij ook kijken naar aansluiting bij andere ontwikkelingen in de regio.

5.

Het DB heeft kennisgenomen van de bijlage.

26

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/254/documents/7931