CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota Lokale Heffingen - Toelichting op antwoordbrief van 6 juli 2021.pdf

Commissie Bestuur en Middelen Dordrecht 28 september 2021, gemeente DordrechtBij agendapunt: 4: Vaststellen Nota Lokale Heffingen (9e wijziging Financiële Verordening) - Raadsvoorstel739 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Van: Jack <jjtlam@gmail.com> Verzonden: donderdag 19 augustus 2021 12:26 Aan: Burggraaf, MD (Maarten) <md.burggraaf@dordrecht.nl> CC: ronald <ronald@portier.eu>; Raadsgriffie <Raadsgriffie@dordrecht.nl>; Bakker, JC (Harco) <jc.bakker@dordrecht.nl>; Esser, JML (Jacqueline) <JML.Esser@dordrecht.nl> Onderwerp: Onvolledig beantwoorde vragen Nota Lokale heffingen

Beste wethouder Burggraaf, Op de agenda van de commissie B&M staat bij de nieuwe behandelvoorstellen het antwoord van het college op onze vragen over de toepassing van de Nota Lokale Heffingen. De meeste vragen zijn door het college slechts van een reactie of gedeeltelijk antwoord voorzien. Daarom het verzoek om nog voor 31 augustus 2021 alle vragen van een compleet antwoord te voorzien. Vraag 1 en 2: het antwoord is gebaseerd op een verwachting bij de Kadernota 2018 en de veronderstelling dat er tegenover de toename een zelfde afname is geweest. In de Nota staat dat mutaties in het areaal ALTIJD worden gecorrigeerd op de te ramen opbrengst (raming vorig jaar + inflatiecorrectie). Daarom nogmaals de vraag naar de concrete raadsbesluiten waarbij het college toestemming kreeg om in de jaren 2019 tm 2021 af te mogen wijken van de nota dan wel de concrete opgaaf van toename en afname areaal waaruit blijkt dat dit in de betreffende jaren exact gelijk was. Antwoord: In onze antwoordbrief van 6 juli jl. zijn we transparant over onze uitvoering van de Nota Lokale Heffingen. Voorop staat de richtinggevende uitspraak van de Nota Lokale Heffingen, dat de totale OZB-opbrengst mede beïnvloed dient te worden door eventuele toe- of afname van areaal. We hebben de areaal-aanname uit de kadernota 2018 (i.c.

per saldo geen financieel effect van toe-/afname van niet-woningen) jaarlijks op hoofdlijnen getoetst en tot en met 2021 gecontinueerd. Daarbij speelden ook de complexiteit van de (waarderings-) materie en enkele organisatorische imperfecties mee. Deze areaal-aanname voor nietwoningen is inderdaad vanaf 2019 t/m 2021 niet meer expliciet vermeld bij P&C-documenten c.q. raadsvoorstellen bij de tariefverordeningen. Het beeld van de impact van de areaalomvang is gewijzigd met de realisatie van fase 1 van Distripark.

In de kadernota 2022 is dan ook aangekondigd, dat de door te rekenen OZB-effecten hiervan worden verwerkt. Inmiddels kunnen we de OZB-effecten van de areaalwijzigingen van nietwoningen bij de begroting 2022 kwantificeren.

Vraag 3 is niet beantwoord. Uiteraard was er een extra opbrengst/verlies als er in enig jaar een mutatie in het areaal was, maar vervolgens werd dit effect bij de berekening voor het volgend jaar niet meegenomen. Alleen als uit de bij vraag 1 en 2 gevraagde specificatie blijkt dat toe- en afname exact gelijk waren kan beantwoording achterwege blijven. Antwoord: Zoals hierboven aangegeven, is het (met terugwerkende kracht) exact berekenen van areaaluitbreidingen c.q. hieraan gerelateerde OZB-opbrengsten technisch en qua daarvoor benodigde tijdsinzet lastig. Om vanaf 2018 terug te kijken, moeten wij de mogelijkheden bij Gemeentebelastingen & Basisinformatie Drechtsteden nagaan. Wij kunnen op voorhand dus niet aangeven of en op welke termijn uw vraag beantwoord kan worden.

Bij vraag 4 geeft u vooral aan hoe u handelt. Vraag blijft wanneer de raad concreet besloot een correctie voor leegstand toe te passen in afwijking van de Nota. In de betreffende begrotingen en belastingverordeningen kan ik er niets over terugvinden. Onze vraag sinds wanneer u dit doet is niet beantwoord. Antwoord: Uw vraag betreft de werking van de vigerende Nota Lokale Heffingen, die uw raad in 2013 heeft vastgesteld. Wij hebben de tekstpassage over leegstandscorrectie in/vanaf de begroting 2015 opgenomen, zodat u hierover expliciet geïnformeerd werd. Wij hebben (nog) niet kunnen achterhalen vanaf wanneer (dus voor 2015) de werkwijze rondom de correctie van leegstand werd geïmplementeerd.

Bij vraag 5 vraag ik waarom u de leegstand bij de gebruikers verhaalt. U geeft daar geen antwoord op. Dus nogmaals de vraag waarom moeten gebruikers betalen voor de leegstand van andere panden. Zij hebben daar immers geen enkele invloed op. Antwoord: Zoals eerder aangegeven, wordt de leegstand bij niet-woningen op de gebruikers van nietwoningen verhaald om de begrote OZB-opbrengsten voor gebruik niet-woningen te kunnen realiseren. Wij hanteren deze werkwijze reeds vele jaren.

Het verdelingsvraagstuk voor het heffen van OZB-opbrengsten over eigenaren van woningen, eigenaren van niet-woningen en gebruikers van niet-woningen is een politieke keuze. Een alternatieve oplossing –zoals u voorstaat- is bijvoorbeeld om leegstand op de eigenaren van niet-woningen te verhalen. Deze eventuele beleidswijziging zou een bredere impactanalyse en toets op maatschappelijk draagvlak vragen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/359/documents/12560