CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Memo tweede actualisatie BRP.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 9 april 2024, gemeente DordrechtBij agendapunt: 23: Raadsinformatiebrief over Tweede actualisatie bovenregionaal plan jeugdhulpplus - Raadsinformatiebrief1.447 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan: Colleges van Burgemeester en Wethouders van de deelnemende gemeenten binnen de jeugdhulpregio Zuid-Holland-Zuid Van:

S. van Die – regionaal portefeuillehouder Jeugd

Onderwerp:

Tweede actualisatie bovenregionaal plan jeugdhulpplus landsdeel Zuidwest

Datum:

8 januari 2024

Bijgevoegd:

Tweede actualisatie bovenregionaal plan

Inleiding De VNG en het ministerie van VWS hebben op advies van de Jeugdautoriteit de 11 coördinerende gemeenten gevraagd om hun bovenregionale plannen ‘af- en ombouw gesloten jeugdhulp’ halfjaarlijks te actualiseren. De eerste actualisatie heeft begin 2023 plaatsgevonden voor het landsdeel Zuidwest1. De gemeente Rotterdam is de coördinerende gemeente wat betreft de beleidsinhoudelijke planvoorbereiding van de om- en afbouw van de jeugdhulpplus. In het AB van de DG&J van 6 april 2023 is de eerste actualisatie besproken. Op 14 december jl. heeft het AB kennis genomen van de tweede actualisatie van het bovenregionale plan. Middels deze raadsinformatie informeer ik u hierover (de actualisatie is als bijlage toegevoegd). Tevens informeer ik u over de huidige stand van zaken rond de herstel- en continuïteitsplannen van de jeugdhulpplusaanbieders iHUB en Schakenbosch. Tweede actualisatie bovenreginaal plan jeugdhulpplus Voor deze tweede actualisatie gelden nog steeds de al in eerdere plannen omschreven uitgangspunten: - Geen kind ontvangt buiten het landsdeel jeugdhulp; - Geen kind onder de 12 jaar wordt in de gesloten jeugdhulp opgenomen; - Gesloten jeugdhulp vindt maximaal een half jaar op locatie plaats. De tweede actualisatie moet enerzijds gezien worden als een tussentijdse evaluatie en monitoring van de voortgang van de onderdelen van het bovenregionaal plan.

Anderzijds is er ook sprake van een herijking van de uitgangspunten en fasering. Dat laatste is met name gericht om tot een (meer) realistisch eindbeeld te komen waarmee meer sturing kan worden gegeven aan het doorontwikkelingsproces van de jeugdhulpplusaanbieders en het realiseren van alternatieven voor de jeugdhulpplus. a. Terugbrengen aantal gesloten jeugdhulpplekken De afbouw van de gesloten jeugdhulp gaat minder hard dan de afgelopen jaren. Het streven in de eerste actualisatie was om per 2024 uit te gaan van 135 plekken (90 gesloten en 45 hybride). Maar er verblijven nu rond de 120-/135 jeugdigen binnen het landsdeel in de gesloten jeugdzorg. Hier lijken (voozichtig) twee verklaringen voor: 1. De vraag naar jeugdhulpplus stagneert, maar neemt niet verder af; 2. De ontwikkeling van hybride groepen en alternatieven voor de jeugdhulpplus vertraagt.

1

Het landsdeel Zuidwest bestaat uit de jeugdhulpregio's Haaglanden, Holland-Rijnland, Midden-Holland, RotterdamRijnmond en Zuid-Holland-Zuid.

1

Om de beweging naar de vermindering van het aantal plekken en de opbouw van hybride groepen en alternatieven voor jeugdhulpplus niet te frustreren is besloten voor 2024 en 2025 de jeugdhulpplusaanbieders de ruimte te geven om maximaal 45 hybride plekken extra aan te houden. Deze plekken moeten per 1/1/26 in het totaal van 135 weer zijn ondergebracht. Daarna zal een verdere terugloop moeten plaatsvinden naar 54 plekken per 2028. Belangrijk om te vermelden is dat het aantal jeugdigen binnen de jeugdhulpplus in ZuidHolland-Zuid laag blijft ten opzichte van de andere regio’s in het landsdeel (op 1/10/23 waren dat er negen). b. Hybride groepen In de eerste actualisatie is een definitie voor 'hybride bedden' opgenomen. Deze blijkt bij verdere uitwerking niet te voldoen. In overleg met de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) is er voor gekozen hun definitie van een hybride groep te hanteren: “Een hybride groep is een groep waarin jeugdigen geplaatst kunnen worden met en zonder machtiging gesloten jeugdhulp. Deze groep wordt gekenmerkt door een open leefklimaat. Een hybride groep kan alleen vormgegeven worden op locaties waar een machtiging gesloten jeugdhulp mag worden uitgevoerd”. Bij de verdere uitwerking wordt nu het begrip 'hybride groep' gehanteerd. In een groep van zes kan het aantal jeugdigen met of zonder machtiging gesloten jeugdhulp variëren.

Binnen een hybride groep ontvangen jeugdigen zeer intensieve zorg. Daarvoor is dus niet altijd een machtiging gesloten jeugdzorg meer nodig. Zo kan bijvoorbeeld een jeugdige die met extra 1 op 1 begeleiding in een reguliere residentiele setting verblijft, maar waarvoor een machtiging nog (net) niet kan worden aangevraagd, geplaatst worden. Maar de jeugdige die gestart is met een machtiging gesloten jeugdhulp, en waar de machtiging van is ingetrokken, maar die wel nog behoefte heeft aan intensieve zorg, kan nog even binnen de groep blijven. Hoeveel jeugdigen gebruik gaan maken van een hybride groep zonder machtiging gesloten jeugdhulp is moeilijk in te schatten. Wel blijkt dat iHUB het aantal jeugdigen in hun herstel- en continuïteitsplan aanzienlijk hoger stelt dan dat in het landsdeel wordt ingeschat. Het tarief voor de hybride groep is in het landsdeel Zuidwest vastgesteld op hetzelfde bedrag als dat van de jeugdhulpplus. Vanzelfsprekend is dat de betreffende aanbieders voldoen aan de gestelde (kwaliteit)eisen en criteria in de opgestelde productomschrijving. c. Ontwikkelopdracht Weging & triage De toeleiding naar hybride groepen vraagt om juiste weging van problematiek van de jeugdige. Voorkomen moet worden dat jeugdigen met te lichte casuïstiek instromen of dat de plekken dichtslibben.

Een verdere procesbeschrijving wordt opgesteld, Die moet ervoor zorgen dat jeugdigen zonder machtiging gesloten jeugdhulp op de juiste wijze kunnen in- en uitstromen. d. Regionale alternatieven Het terugdringen van het aantal gesloten plaatsingen kan alleen maar plaatsvinden wanneer alternatieven beschikbaar zijn. Het ontwikkelen van die alternatieven is niet eenvoudig en vraagt tijd. In Zuid-Holland-Zuid hebben wij de afgelopen jaren al een aantal kleinschalige alternatieven opgezet met ASVZ (Pand8 en De Break) en met Enver (crisisopvang de Opper en Het Kompas). Het duurde ongeveer twee jaar om deze te realiseren. En het blijkt dat doorontwikkeling continue moet plaatsvinden door de veranderende problematiek van de jeugdigen. Op dit moment wordt met behulp van BREN-middelen (subsidie die via de gemeente Rotterdam wordt verstrekt vanuit het boven regionale expertise netwerk) door Timon in Dordrecht gewerkt aan het

2

opzetten van een kleinschalige woonvorm voor maximaal zes jeugdigen, die vanwege hun complexe gedrag niet elders terecht kunnen. Alternatieven zullen echter niet alleen uit nieuwe kleinschalige woon/-verblijfsvoorzieningen bestaan, ook zal moeten worden geïnvesteerd in verbeteren van bestaande verblijfsvoorzieningen, ambulante hulpverlening en ligt er ook een taak binnen het preventieve veld, het onderwijs en de toegang tot de jeugdhulp. Stand van zaken herstel- en continuïteitsplannen iHUB en Schakenbosch De door iHUB en Schakenbosch aangeleverde herstel- en continuïteitsplannen zijn voornamelijk financieel en bedrijfsmatig gericht. De beleidsmatige aansluiting op de actualisatie van het bovenregionaal plan ligt alleen op de uitwerking van de hybride groepen. Situatie Schakenbosch Schakenbosch heeft medio 2023 een herstel- en continuïteitsplan opgeleverd. Zij gaan ervanuit dat zij ingaande 2024 zonder aanvullende steun van de gemeenten hun zorg kunnen leveren. Het totaal aan frictieen transformatiekosten blijft binnen het bedrag van € 4,3 miljoen dat begin 2022 is genoemd (bijdrage voor Zuid-Holland-Zuid: € 344k welke is verwerkt in de tweede burap van 2023). Situatie iHUB Het door iHUB aangeleverde herstel- en continuïteitsplan is een ander verhaal.

Daarin zitten nog een aantal verder door te rekenen en op te pakken onderdelen, zoals doorvoeren van besparingen binnen de eigen bedrijfsvoering, exacte invulling van de hybride groepen en opbrengsten van de verkoop van vastgoed. Ook de situatie van de locatie 't Anker in Harreveld2 moet nog verder worden uitgewerkt nu het ministerie van VWS en de VNG hebben aangegeven daarover de regie te willen oppakken om er landelijke expertisecentrum van te willen maken. Afwikkeling Herstel- en continuïteisplannen Omdat de regie wat betreft financiën en bedrijfsvoering ligt bij de accounthoudende gemeente Den Haag wat betreft Schakenbosch en voor iHUB is dat de accounthoudende regio Rotterdam-Rijnmond (GRJR), is er voor gekozen om Den Haag en de GRJR daarop een meer sturende rol te geven binnen een vast financieel kader. Dat financiële kader zijn de middelen die zijn opgenomen in de Hervormingsagenda Jeugd. Te weten: - € 180 miljoen over de periode 2023 -2028 voor de af- en ombouw van de gesloten jeugdhulp; - € 115 miljoen over dezelfde periode voor de af- en ombouw van de overige residentiële jeugdhulp. Deze middelen bieden de mogelijkheid om frictiekosten te vergoeden.

Daar waar zowel wat betreft bezetting als aantal bedden ons landsdeel Zuidwest 25% uitmaakt van de capaciteit van het land wat betreft gesloten jeugdhulp wordt verwacht dat er maximaal €45 miljoen beschikbaar is voor frictiekosten. Afgesproken is met de accounthouders dat er geen deal komt met de aanbieders als alle kosten niet volledig gedekt worden uit het hiervoor genoemde bedrag. Naast de hiervoor genoemde SPUK voor de frictiekosten kan het landsdeel ook nog beschikken over BRENmiddelen. Hierover is nu afgesproken dat die kunnen worden ingezet voor verdere transformatie kosten. 2 Op de locatie 't Anker in Harreveld (regio Achterhoek) wordt aan jeugdigen tussen de 12 en 18 jaar, met o.a. een forensisch profiel,

hoog specialistische zorg geboden. Ook is er een kwalitatief hoogstaand onderwijsaanbod. Deze locatie heeft een landelijke/bovenregionale rol. Ongeveer 40% van de daar opgenomen jeugdigen komt van buiten het landsdeel Zuidwest. 3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/752/documents/31219