Jaarstukken 2020 GR Dienst Gezondheid Jeugd Zuid-Holland Zuid.pdf
Tekst van het document
Uitvoeren van projecten uit het Meerjarenperspectief jeugdhulp ZHZ (MJP)
Transformatie van de jeugdhulp en vermindering van de kosten, door een gebundelde inzet op drie niveaus:
In 2020 heeft geen (regionaal ingegeven) aanpassing plaatsgevonden van gemeentelijke Verordeningen Jeugdhulp, Nadere regels en Beleidsregels. Wel hebben de SOJ en gemeenten gezamenlijk voorbereidingen getroffen voor aanpassingen vanwege Jeugdhulp naar Voren en als gevolg van jurisprudentie.
1) elke gemeente voert een lokaal plan van aanpak uit voor een betere inrichting van het (preventieve) voorveld en de verbinding met het bredere sociale domein;
1) Elke gemeenten heeft zich in 2020, mede met behulp van de lokale data-analyses ondersteund door de SOJ, nader georiënteerd op de inrichting van het (preventieve) voorveld en de wijze waarop dit moet worden verbonden met het bredere sociale domein waaronder ook de jeugdhulp. Dit heeft geleid tot een lokale verbinding met jeugdhulpaanbieders (de uitvoering van jeugdhulp naar voren), waarbij gemeenten zelf middels een enkelvoudige onderhandse procedure jeugdhulpaanbieders contracteren voor hun lokale opgave.
2) gemeenten en de SOJ zorgen voor meer lokale sturing op de taakuitvoering van de jeugdprofessionals in de (sociale) teams;
2) Gemeenten en de SOJ hebben gezamenlijk de opdracht 2021 voor de Stichting Jeugdteams opgesteld.
3) De SOJ voert verschillende MJPprojecten uit om de regionale specialistische zorgmarkt te transformeren, waardoor jeugdigen en gezinnen effectiever worden ondersteund en (sneller) de passende hulp ontvangen.
3) Projecten:
Passend onderwijs en verbinding jeugdhulp: voor de verdere uitwerking van de in 2018 met alle stakeholders geformuleerde doelen, zijn in 2020: • in de lokale overleggen van gemeenten met het onderwijs (LEA) in elke gemeente afspraken gemaakt over de inzet van een vaste schakel binnen de zorgstructuur van de scholen; • de uitvoering van jeugdhulp op school contractueel mogelijk gemaakt vanaf het schooljaar 2020-2021. Middelen naar de voorkant: op 5 maart 2020 heeft het Algemeen Bestuur besloten dat gemeenten uiteindelijk maximaal 13% van de gemeentelijke bijdrage aan de regionale jeugdhulp (peiljaar 2018) per gemeente kunnen inzetten om ambulante jeugdhulp naar de voorkant te organiseren. Om dit proces op gang te brengen js in totaal 400.000 euro uit het
Gemeenschappelijke Reqelinq Dienst Gezondheid & Jeuqd Zuid-Holland Zuid I Jaarstukken 2019 GR DG&J
43
Pi
resultaat
___________ Stand van zaken_____ Transformatiefonds vrijgemaakt voor gemeenten om uitbreiding van de lokale teams mogelijk te maken in de vorm van jeugd- en opvoedingshulp. Veilig opqroeien is teamwerk: op basis van de positieve ervaringen in de pilot in Sliedrecht, Gorinchem en Zwijndrecht hebben de betrokken organisaties, ondersteund door de SOJ, een gezamenlijk werkproces vastgelegd en de regionale uitrol van de werkwijze Veilig opgroeien is teamwerk voorbereid. Vanwege de Corona-crisis heeft de uitrol met vertraging per 15 juni 2020 plaatsgevonden. Naast de 3 teams in de pilot-gemeenten, zijn er ook samenwerkende teams gevormd om de 15 andere lokale teams in de regio. Met middelen uit het Transformatiefonds heeft de SOJ de teams gefaciliteerd met externe procesbegeleiding om het proces van elkaar leren kennen en het op gang brengen van samenwerking te ondersteunen en stimuleren. Daarnaast zit de SOJ het Actieteam Veilig opgroeien is teamwerk voor, waarin de Stichting Jeugdteams, Veilig Thuis, Gecertificeerde Instellingen en Raad voor de Kinderbescherming met elkaar de uitrol volgen en waar nodig bijsturen. Verder zijn in 2020 de voorbereidingen getroffen om de regionale beschermingstafel te vervangen door lokale beschermingsgesprekken als onderdeel van de werkwijze Veilig opgroeien is teamwerk.
Tot slot heeft de SOJ in 2020 vanuit het regionale jeugdhulpbudget bijgedragen aan de procesregie voor de jeugd(straf)tafel in het Veiligheidshuis. Humanitas heeft in het kader van het project Wel Thuis in 2020 20 koppelingen van vrijwilligers gerealiseerd met gezinnen waarin de veiligheid van kinderen in het geding was en/of de ontwikkeling werd bedreigd. Er zijn 15 koppelingen gemaakt met gezinnen met een kinderbeschermingsmaatregel en 5 met gezinnen in het vrijwillig kader al dan niet in de combinatie met de werkwijze Veilig opgroeien is teamwerk.
Aanpassing Nee, tenzii-reqelinq: het Algemeen Bestuur heeft op 24 september 2020 besloten tot het ontwikkelen van een normenkader als alternatief voor de Nee-tenzij regeling. Tevens is besloten dat de regeling in 2021 strenger moet worden toegepast totdat het normenkader is ontwikkeld en contractueel ingebed. Het normenkader maakt onderdeel uit van de inkoop voor 2022 en verder.
Analyse aanpak versterking zelfredzaamheid en dagbesteding: de analyse die is uitgevoerd heeft geen afzonderlijk vervolg gekregen in 2020. Versterking zelfredzaamheid en dagbesteding maken onderdeel uit van de voorbereidingen op de inkoop voor 2022 en verder.
Gemeenschappelijke Repelinq Dienst Gezondheid & Jeuod Zuid-Holland Zuid I Jaarstukken 2019 GR DG&J
44
Prodi
resultaat
Stand van zaken
Perspectiefbenadering: de SOJ heeft in 2020 een eerste voorstel gedaan voor de uitwerking van de perspectiefbenadering. Hieruit bleek dat dit thema niet uitsluitend vanuit de jeugdhulp is te benaderen, maar een sociaal domein brede aanpak vraagt. In overleg met gemeenten is de opdracht in 2020 overgedragen aan het regionale Netwerk MT plus van de 10 gemeenten.
Expertiseteam: in 2020 is intensief gewerkt aan de (landelijke) kerntaken die een regionaal expertteam moet vervullen. Tevens is onderzocht hoe verschillende casuïstiekoverleggen in de regio samengevoegd kunnen worden tot een goed werkend regionaal expertteam dat de expertise (lokaal) dichtbij brengt. De ervaringen met het crisismeldpunt dat in 2020 is ontstaan als gevolg van de Corona-crisis zijn hierbij betrokken. Een voorstel voor een regionaal expertteam is aangeboden aan het regionale Netwerk MT plus van de 10 gemeenten ter besluitvorming. Contractmanagement 2.0: contractmanagement is een continue proces om in control te blijven i.r.t. contractuele afspraken. In 2019 zijn stappen gezet voor de verdere borging van contractmanagement binnen de SOJ. Eén van de stappen hierin is de aanschaf en start van implementatie van een contract- en leveranciersmanagementsysteem. Dit systeem (Negometrix) stelt ons samen met het dashboard inkoop in staat om op termijn nog beter in control te komen voor wat betreft contractuele afspraken tussen de SOJ en gecontracteerde partijen. Ontwikkelingen zoals Jeugdhulp naar Voren vragen om verdere dóórontwikkeling van het contractmanagement, waarbij wordt getoetst op basis van ervaringen van jeugdprofessionals en cliënttevredenheid over zowel de geleverde jeugdhulp als de mate van samenwerking van aanbieder(s) met de Stichting Jeugdteams.
De SOJ en gemeenten werken dit verder uit in 2021.
Uitvoeren van projecten in het kader van het transformatiefonds
Er is een Alliantie van jeugdhulpaanbieders die zorgt voor maatwerkoplossingen voor kinderen die complexe hulp nodig hebben die niet in de regio voorhanden is. Versnelling van de transformatie van de jeugdhulp.
De Alliantie heeft in meerdere casussen langdurige buitenregionale plaatsingen weten te voorkomen. De leerresultaten zijn verwerkt in de voorstellen voor het regionaal expertteam en de perspectiefbenadering en worden betrokken bij de voorbereidingen op de inkoop voor 2022 en verder. Voor vier projecten in het kader van het Transformatiefonds (Overbruggingszorg, Harmonicavoorziening, Alliantieteam en Expertiseteam) is in 2020 aan de hand van de methodiek van het 'social profil canvas' de (maatschappelijk toegevoegde) waarde van de projecten en de samenhang tussen de projecten in kaart gebracht. Dit heeft de samenwerking tussen de betrokken partijen versterkt. De adviezen vanuit dit proces zijn verwerkt in de voorstellen voor het regionaal expertteam en de perspectiefbenadering.
Gemeenschappelijke Reqelinq Dienst Gezendheid & Jeuqd Zuid-Holland Zuid I Jaarstukken 2019 GR DG&J
45
Beoogd resultaat
Faciliteren gemeenten voor bezwaar en beroep
Stand van zaken
De ingekomen bezwaarschriften zijn behandeld door de bezwaarschriften commissie Jeugd ZHZ.
in 2020 zijn er in totaal 8 bezwaarschriften ingekomen. Van de 8 zaken zijn er 2 bezwaarschriften ingetrokken en 6 ongegrond verklaard.
De bezwaarschriften commissie Jeugd ZHZ maakt een eigen jaarverslag over 2020.
Er stonden nog 4 zaken open uit 2019. Daarvan zijn 4 openstaande bezwaarschlften in 2020 afgerond. De resultaten zijn als volgt: 1 ingetrokken, 2 gegrond en 1 ongegrond.
De ingekomen (hoger) beroepschriften zijn behandeld. Bij de behandeling van beroepschriften is de SOJ juridisch ondersteund door het Juridisch Kenniscentrum van het Servicecentrum Drechtsteden.
Er is 1 voorlopige voorziening hangende een bezwaarschrift ingediend die door de rechtbank ongegrond is verklaard.
In 2020 is er 1 beroepschrift bij de rechtbank Rotterdam ingediend en zijn er 3 hoger beroepschriften bij de Centrale Raad van Beroep ingekomen. Het beroep staat open en wacht op behandeling. De hoger beroepschriften staan nog open en wachten op een zitting bij de Centrale Raad van Beroep.
De rechtbank heeft in 2020 uitspraak gedaan in 10 zaken met het resultaat: 4 gegrond en 6 ongegrond. 7 beroepen zijn ingetrokken. In 2020 zijn 3 uitspraken van de Centrale Raad van Beroep geweest. Het resultaat was: 1 ongegrond en 2 gegrond. 1 hoger beroep is ingetrokken. De wachttijd bij zowel rechtbank als Centrale Raad van Beroep was in 2020 erg lang vanwege de Corona-crisis, zowel voor de inhoudelijke behandeling/zitting als de uitspraak.
Opvallend is dat over 2020 redelijk veel beroepen zijn ingetrokken. Dit is altijd op verzoek van advocaat en/of ouders. Dit kan zonder opgaaf van reden worden gedaan. Het aantal bezwaarschriften over 2020 is minimaal afgenomen in aantal. De resultaten in 2020 zijn wel opvallend meer ongegrond dan gegrond zoals voorgaande jaren.
Borgen van inbreng diëntervaringen
Het Jeugd ervaringsdeskundigen team (JET) geeft gevraagd en ongevraagd advies aan de SOJ.
Het Ouderplatform behartigt de belangen van ouders uit de regio wiens kind te maken heeft (gehad) met jeugdhulp of jeugdbescherming.
In 2020 is extra geïnvesteerd in het betrekken van het cliëntperspectief. Door het JET is een regionaal cliëntennetwerk opgericht met advies en cliëntenraden uit de gehele regio.
Het JET en het Ouderplatform zijn sinds 2020 op structurele wijze betrokken bij lopende en nieuwe projecten in de regio. De SOJ overlegt maandelijks met het JET, waarbij het JET input geeft op belangrijke thema's, zoals het inkoopproces voor 2022 en verder, de impact van de Corona-crisis en het project Veilig opgroeien is teamwerk.
Vertegenwoordigers van het JET en het Ouderplatform hebben actief deelgenomen aan de gesprekken met alle stakeholders aan de ontwikkeltafels voor de inkoop voor 2022 en Gemeenschappeliike Repelinq Dienst Gezondheid & Jeuod Zuid-Holland Zuid I Jaarstukken 2019 GR DG&J
46
Product/activiteit/project
Stand van zaken
Beoogd resultaat
verder. Dit heeft geleid tot concrete aandachtspunten voor de inkoop, onder andere bijvoorbeeld over het inzetten van ervaringsdeskundigheid door jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen. Daarnaast hebben het JET, het Ouderplatform en de Adviesraad WMO/Jeugd Dordrecht gezamenlijk een brief aan de gemeenten geschreven over de impact van de Corona-crisis op de jeugdhulp. Verschillende gemeenten en de SOJ hebben hier vervolgens acties op ondernomen.
De ervaringen van cliënten met jeugdhulp zijn kwantitatief en kwalitatief gemeten door middel van het cliëntervaringsonderzoek (CEO)
Vanaf 2019 wordt het CEO middels continue meten uitgevoerd. Gemeenten beschikken over een digitaal dashboard met actuele cijfers, zowel regionaal als lokaal. De uitkomsten van het CEO 2019 zijn in 2020 besproken met de gemeenten. Een belangrijke uitkomst is dat cliënten over het algemeen tevreden zijn met de jeugdhulp in de regio. De werkwijze van het CEO is geëvalueerd met een werkgroep van gemeenten, cliëntvertegenwoordigers. Stichting Jeugdteams en de SOJ. Dit heeft geresulteerd in korte termijn verbeteringen in vragenlijsten en de organisatie van focusgroepen met cliënten. Daarnaast is nagedacht over de verdere dóórontwikkeling van het CEO vanaf 2022 in nauwe samenhang met de voorbereidingen op de inkoop voor 2022 en verder.
Wat heeft het gekost? (bedragen x C l.OOO) oting 2020 020 Baten Saldo
Lasten Producten
Sa/do baton an taston
Mutaties reserves Gerealiseerd resultaat
Afwijking 2020 Saldo Lasten Baten
ReaKsatie 2020 Sa Mo Lasten) IS Baten
114.751
114.751
0
120.518
120.518
o
-5.767
5.767
0
114.751
114.751
o
120.518
120.518
o
-5.767
5.767
o
0 5.767
o
0
0
o
_______ 0
____ 0_
o
________ 0
114.751
114.751
o
120.518
120.518
o
-5.767
o
*Het betreft hier de begroting na alle wijzigingen, ofwel de begroting zoals deze Is vastgesteld in het AB van 9 Juli 2020 (1ste burap 2020).
**Met ingang van 2018 mogen de overhead en de algemene dekkingsmiddelen niet meer aan de programma's worden toegerekend. Deze dienen in een afzonderlijk begrotingsprogramma te worden gepresenteerd. Indien rekening wordt gehouden met de overhead en de algemene dekkingsmiddelen bedragen de begrote baten en lasten € 119,2 mln en de werkelijke baten en lasten € 124,8 mln. Waarbij bij de baten rekening is gehouden dat het tekort nog wordt opgehaald bij de gemeenten.
Resultaatanalyse
Hieronder wordt inzicht gegeven in de financiële resultaten over 2020, hierbij is wel rekening gehouden met de overheadkosten en de algemene dekkingsmiddelen. Overzicht ven baten en lasten Tabel 1
(bedragen x € 1 mln)
Gemeenschappelnke Reqelinq Dienst Gezondheid & Jeuqd Zuid-Holland Zuid I Jaarstukken 2019 GR DG&J
47
Primaire begroting 2020
Saldo van baten en lasten
Lasten
Baten
107.415
107.156
-257
257
257
Mutaties reserve
(G
107.415
resultaat
Actuele begroting 2020
Saldo
107.415
Resultaat 2020
Lasten
Baten
119.157
118.925
-232
232
232
119.157
Saldo
119.157
Afwijking tov actuele begroting
Lasten
Lasten
Baton
124.737
124.505
-232
232
232
124.737
0
124.737
Saldo
Baten
5.580
5.580
Saldo
5.580
0
-0
-0
5.580
0
De primaire begroting met begrote lasten van € 107,4 mln. is in twee stappen aangepast. De eerste wijziging betrof de begrotingswijziging van € 5,2 mln. bij de Omdenknotitie. Hier is enerzijds een hoger kostenniveau 2019 van € 10,2 mln. verwerkt en anderzijds de eerste jaarschijf van € 5,0 mln. aan te realiseren besparingen. De tweede wijziging betrof de begrotingswijziging van € 6,6 mln. bij de eerste bestuursrapportage 2020. Hier is een hoger kosten niveau 2019 en 2020 van € 11,6 mln. verminderd met een taakstelling van € 5,0 mln. verwerkt. Dit is opgenomen in onderstaand schema. Tabel 2
(bedragen x€ 1 mln) 107,4
Lasten primaire begroting Begrotingswijziging omdenknotitie hogere lasten 2019
10,2
lste jaarschijf kostenreductie
-5,0
Subtotaal begrotingswijziging omdenknotitie
5,2
Begrotingswijziging 1* bestuursrapportage 2020
hogere lasten 2019 en 2020
11,6
taakstelling
-5,0
Subtotaal ls,e begrotingswijziging
6,6
Actuele begroting
119,2
Toelichting op overzicht van baten en lasten Tabel 3 Bedragen • € 1.000,-
Realisatie
Realisatie
Raming na
Prognose 2e
Realisatie
2020
2019
wijziging (le
burap
2020-/-
2020 -/-
Prognose 2e
realisatie 2019
burap)
Realisatie
burap
Regionale zorgmarkt
95.995
89.617
89.899
96.200
-205
LTA
5.377
5.311
5.600
5.600
223
66
RGB
5.853
5.503
6.000
5.800
53
350
Stichting Jeugdteams
13.292
12.927
13.252
13.252
40
366
Serviceorganisatie
4.219
3.797
4.406
4.406
-186
422
124.737
117.155
119.157
125.258
-521
Totaal lasten exclusief reserve uittreding Leerdam ♦ Zederik Vorming reserve frictiekosten uittreding Leerdam + Zederik
1.026
124.737
118.181
119.157
125.258
-521
Baten exclusief uittreding reserve Leerdam + Zederik
124.505
116.802
118.925
125.026
-521
Ontrekking reserve frictiekosten uittreding Leerdam + Zederik
Totaal baten Saldo baten -/- lasten
7.582 -1.026
Totaal lasten inclusief vorming reserve frictiekosten
Ontvangst vergoeding uittreding Leerdam + Zederik
6.378
1.026
6.556 7.704 -1.026
232
353
232
232
0
-121
124.737
118.181
119.157
125.258
-521
6.556
0
0
0
0
0
0
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid I Jaarstukken 2019 GR DG&J
48
Samenvatting resultaat en aandachtspunten Samenvatting resultaat De realisatie 2020 is € 0,5 mln. lager dan de prognose in de tweede bestuursrapportage. De gemelde overschrijdingen gedurende het jaar zijn als volgt gerapporteerd: Tabel 4
(bedragen x € 1 mln) Stand begroting 1-1-2020
112,6
Waarvan 6,6 verwerkt in een begrotingswijziging
11,6
lste bestuursrapportage
Geen begrotingswijziging
2dc bestuursrapportage
-0,5
Jaarrekening
Totaal mutaties
124,7
Realisatie 2020
Het overgrote deel hiervan zit op de post regionale zorgmarkt. De toelichting hierop en op de overige posten is opgenomen in onderstaande paragraaf 'Afwijkingen ten opzichte van de prognose 2e bestuursrapportage en realisatie 2019'. Ten opzichte van 2019 zijn de kosten met € 7,6 mln. gestegen. Gecorrigeerd voor prijsindexatie is de overschrijding € 4,5 mln. (3,9%). De kostenstijging van afgelopen jaar is daarmee lager dan het jaar ervoor (10,9% gecorrigeerd voor indexatie). In onderstaande grafiek is de kostenontwikkeling van 2018 tot en met 2020 weergegeven.
Ontwikkeling kosten * € 1 mln. 1*0
uo 100
10 60
40
iO o 2011 •
2019 Tot.l. korten
-
2020
Korten regionale zorgrn.rH
Nee tenzij regeling Wegens ontoereikende budgetten en toegepaste afslagen op budgetten door onzekerheid over de spreiding van de zorg over alle aanbieders is een groot bedrag aan jeugdhulp via de Nee tenzij regeling in opdracht gegeven. De Nee tenzij regeling is een regeling waarbij een aanbieder welke geen ruimte meer heeft in zijn budget, een jeugdige toch in zorg mag nemen als de zorg niet uitstelbaar is en er bij een andere aanbieder geen (budget)ruimte is. Dit heeft geleid tot een forse administratieve belasting voor alle betrokkenen en maakt de uitkomst minder voorspelbaar ten opzichte van een situatie van vaste budgetten zonder Nee tenzij regeling. Het volume van de Nee tenzij regeling 2020 is € 14,3 mln. (2019 € 14,8 mln.).
Overproductie De door de zorgaanbieders gemaakte zorgkosten zijn € 1,3 mln. hoger dan in de jaarrekening opgenomen wegens niet vergoede overproductie boven budget. Dit betekent dat aanbieders meer zorg hebben geleverd dan budget, maar deze zorg niet vergoed krijgen. Vorig jaar was dat € 1,0 mln. Verwacht mag worden dat de
Gemeenschappelijke Reoelino Dienst Gezondheid & Jeuqd Zuid-Holland Zuid I Jaarstukken 2019 GR DG&J
49
zorgaanbieders die het betreft druk zullen uitoefenen om de overproductie alsnog vergoed te krijgen.
Voorspelbaarheid De realisatie is € 0,5 mln. lager de prognose (0,4%). De prognose was naast eigen informatie mede gebaseerd op de prognose van aanbieders. Op aanbiederniveau (ook per gemeente) zijn er net als voorgaande jaren significante verschillen tussen jaarverantwoording en hun prognose. Op regioniveau hebben de plussen en minnen elkaar gecompenseerd. Hierbij wordt opgemerkt dat er voor € 0,9 aan baten (niet meer gedeclareerde of gecrediteerde zorg) uit voorgaande jaren zijn gerealiseerd. Landelijke ontwikkeling kosten jeugdhulp In opdracht van het Ministerie heeft onderzoeksbureau AEF een landelijk onderzoek uitgevoerd naar de kostenstijging en tekorten op de jeugdhulp. Geconcludeerd werd dat er in 2019 een landelijk tekort van € 1,6 tot 1,8 miljard is (exclusief incidentele rijksbijdragen). Dit tekort is met name ontstaan in de laatste jaren. De regio ZHZ heeft een aandeel van circa 2,6 procent. Dit komt overeen met € 44 mln. Daaruit kan geconcludeerd worden dat de tekorten in onze regio zich ruim onder het landelijk gemiddelde bewegen. Onderzoeksbureau It's-Public heeft een landelijke benchmark over de tekorten 2019 van alle gemeenten gepubliceerd. Daarin wordt geconcludeerd dat het gemiddelde tekort op jeugdhulp inclusief kosten voorveld 30 procent bedroeg. Voor de gemeenten in onze regio was dat gemiddeld 13 procent.
Opgemerkt wordt dat er binnen onze regio grote verschillen zijn in het tekort per gemeente en de rijksmiddelen voor jeugdhulp per jeugdige per gemeente. De tekorten worden voornamelijk veroorzaakt door kostenstijgingen in de laatste jaren. De belangrijkste oorzaken genoemd in het AEF-rapport zijn dat jeugdigen langer in zorg blijven en de kosten per jeugdige stijgen. Daarbij wordt opgemerkt dat investering in preventie en het voorveld niet tot lagere kosten hebben geleid in de jeugdwet. Het AEFrapport en de brief van de staatssecretaris signaleren dat de oplossing moet komen uit een combinatie van meer middelen en te treffen maatregelen. Het te realiseren voorzieningenniveau moet hierbij worden betrokken. Daarnaast wordt het invoeren van een eigen bijdrage genoemd. AEF stelt dat de budgetten voor jeugdhulp zijn gestoeld op onrealistische aannames en dat de onderzochte maatregelen maar voor een klein deel van het tekort soelaas bieden. Bij ongewijzigde kaders (discussie over voorzieningenniveau, wat is jeugdhulp en wat niet en (ontbrekende) eigen bijdragen) wordt een verdere stijging van de kosten van jeugdhulp verwacht door AEF.
Bovenstaande betekent dat het naar het oordeel van AEF niet mogelijk is de tekorten te overbruggen met maatregelen. Extra middelen van het Rijk zijn nodig al dan niet in combinatie met eigen bijdragen van burger en fundamentele aanpassing van het voorzieningenniveau.
Vooruitblik financieel De kosten in 2020 zijn in reële termen in 2020 (3,9 procent) beperkter gestegen dan in 2019 (10,9 procent). In de begroting 2021 is geen groei, maar een ombuiging verwerkt van € 5,0 mln.. Op basis van de recent ontwikkelde forecast tooi wordt een overschrijding van € 10,0 mln. verwacht. Deze overschrijding van € 10,0 mln. is inclusief de thans door gemeenten aangegeven verwachte kosten voor jeugdhulp naar van € 3,3 mln. Hierbij wordt opgemerkt dat de begroting 2021 is gebaseerd op het verwachte kostenniveau 2020 uit de eerste bestuursrapportage minus € 5 mln. kostenreductie. In de tweede bestuursrapportage is de prognose 2020 nog met € 1,1 mln. naar boven bijgesteld. Het is van groot belang dat de voorgenomen maatregelen uit het Aanjaagplan voortvarend worden uitgevoerd. De afschaffing van de Nee tenzij regeling is overigens op Gemeenschappelijke Reqelinq Dienst Gezondheid & Jeuqd Zuid-Holland Zuid I Jaarstukken 2019 GR DG&J
50
verzoek van gemeenten niet doorgevoerd. Als alternatief is voor het jaar 2021 scherpere sturing op de Nee tenzij door contractmanagement en versterken van casus regie door de jeugdprofessionals ingesteld.
Toelichting per post: afwijkingen t.o.v. de prognose 2e bestuursrapportage en realisatie 2019 Regionale zorgmarkt De post is € 0,2 mln. lager dan de prognose bij de tweede bestuursrapportage en € 6,4 mln. hoger dan vorig jaar.
Ontwikkeling kosten en aantal jeugdigen 2020 ten opzichte van 2019 In onderstaand overzicht is per jeugdhulpcategorie (perceel) de ontwikkeling van de declaraties en het aantal jeugdigen 2020 ten opzichte van 2019 weergegeven, alsmede de kosten per jeugdige. De declaraties en aantal jeugdigen 2019 zijn geëxtrapoleerd voor de nog niet gedeclareerde zorg (€ 2,8 mln.). In dit overzicht zijn niet de kosten buiten de reguliere jeugdhulp via declaraties opgenomen voor in totaal € 1,7 mln. Dit betreft onder meer de omzetcompensatie en meerkosten COVID-19, de vrijgevallen last voorgaande jaren en jeugdhulp naar voren. Dit verklaart het verschil tussen totaal regionale zorgmarkt volgens tabel 3 en onderstaande tabel 5.
Tabel 5 2019
Kosten per jeugdige
Aantal jeugdigen
Declaraties • € 1.000
Perceel / jeugdhulp categorie
2020
2020
per 30-4-'21
extrapolatie
2019
2020
2020
per 3O-4-'21
extrapolatie
2020
2019
SGGZ (specialistische geestelijke gezondheidszorg)
22.998
22.959
23.626
5.649
5.101
5.560
4.071
BGGZ (basis geestelijke gezondheidszorg)
1.042
730
973
1.222
787
1 049
853
928
EED (ernstige enkelvoudige dyslexie
1.733
1 982
2.040
816
830
905
2.124
2.255
Jeugd en opvoedhulp
20.367
20.213
20.801
1.752
2.145
2 338
11.625
8.897
Pleegzorg
10.493
11.627
11.965
747
787
858
14.047
13.948
4.249
Jeugdbescherming & jeugdreclassering
10.117
9.382
9.655
1.710
1.526
1 663
5.916
5.805
AWBZ (algemene wet bijzondere ziektekosten)
20.562
23.069
23.739
1.920
2.179
2 375
10.709
9.995
Vervoer (taxikosten)
Totaal
1 392
1.527
1.527
369
402
402
3.773
3 800
88.704
91.490
94.326
10.418
9.854
9.953
8.515
9.478
Uit bovenstaande tabel valt af te leiden dat het aantal jeugdigen is gedaald (-4%) en dat de kosten (ingezette zorg) per jeugdige fors is gestegen ( + 11% inclusief tariefsverhoging, exclusief COVID-19 vergoeding). De oorzaak van de kostenstijging ligt dus bij een gestegen inzet van zorg per jeugdige. Opgemerkt wordt dat het totaal aantal unieke jeugdigen fors lager is dan de som van de percelen (som der percelen per 30-421 is 40% hoger). Dit wordt veroorzaakt door het feit dat jeugdigen in toenemende mate in meerdere percelen en van meerdere aanbieders zorg krijgen. Aanbieders zetten ook andere aanbieders in. Perceel overstijgende inzet van zorg draagt vermoedelijk bij aan de kwaliteit van de zorg, maar veroorzaakt mogelijk ook extra kosten. Ten slotte wordt opgemerkt dat nog € 2,8 mln. gedeclareerd moet worden en daarom de werkelijke uitkomst per perceel anders kan uitpakken dan de nu opgenomen extrapolatie.
LTA Het LTA (Landelijk Transitie Arrangement) is € 0,2 mln. lager dan de prognose bij de tweede bestuursrapportage. Ten opzichte van vorig jaar stijgt de post € 0,1 mln. Voor corona meerkosten en omzetcompensatie is € 0,2 mln. opgenomen. De contracten
Gemeenschappelijke Reaelinq Dienst Gezondheid & Jeuqd Zuid-Holland Zuid I Jaarstukken 2019 GR DG&J
51
worden gesloten door de VNG, contractbeheer en monitoring wordt uitgevoerd door de VNG en gemeenten moeten de werkelijke kosten betalen.
PGB De post PGB is € 0,1 mln. hoger dan de prognose bij de tweede bestuursrapportage en € 0,4 mln. hoger dan vorig jaar. De kosten PGB stijgen sinds 2019 fors. Dit wordt mede veroorzaakt door het feit dat zowel het afgegeven budget per jeugdige als het gedeclareerde bedrag per jeugdige stijgt. Tabel 6
2017 8.059 5.254 1.006
budget * € 1.000 declaraties * € 1.000 * aantal unieke jeugdigen
2019 8.789 5.383 929
2018 8.043 4.987 979
2020 9.499 5.918 953
budget per jeugdige * € 1 8.011 8.215 9.460 9.968 declaratie per jeugdige * €1 * 5.094 5.794 5.223 6.210 *De declaraties 2020 zullen nog iets stijgen door nagekomen declaraties. De opgenomen last in de jaarrekening is lager vanwege vrijgevallen lasten 2019
De budgetten zijn veel hoger dan de besteding. PGB-houders hebben het recht niet benutte budgetten uit voorgaande jaren nog te besteden. Over de afgelopen 4 jaar is dat € 13,1 mln. In de praktijk doet dit risico zich zeer beperkt voor. De SVB geeft aan dat landelijk gemiddeld 10 procent van het budget niet besteed wordt.
Stichting Jeugdteams Deze post is 40k hoger dan de prognose bij de tweede bestuursrapportage. Dit wordt veroorzaakt door de inzet van een gedragswetenschapper voor de businesscase H153/H329. De besteding door de Stichting Jeugdteams per gemeente, exclusief de kosten van de gedragswetenschapper en exclusief de verstrekte subsidie voor het project
Anders zorgen ten laste van het transformatiefonds is als volgt: Bron: Jaarstukken Stichting Jeugdteams
8^.0,,^.. AMasserdam
HardinKAfldGiesMndam
Dordrecht
Rftatsaöe
Hendrik-lóo Ambacht
Sledrecht
Motenland
2Wjn
Waard
Reaisabe
SLEUTEL fte jeugdpro* reguler
5.78
38.77
10.14
4.65
6,15
8.07
7.54
12.88
15.76
9,56
119.30
Regeer budget SO
632 631
4 139 150
1 047 960
452 405
734.681
817 406
852 243
1.363.946
1.708 346
1.019J79
12.768.046
JPT
23.993
156 961
■. ■ -4-
17158
27,863
31.001
32.322
51 729
64.790
38 657
484.239
385 231
2.708.234
683 755
2B8
425 997
524.863
539 450
837 171
1.093 366
644 945
8.131.298
—
L cxx kosk n
Jeugdprot
JPT
15.379
100 620
25 475
10998
17 860
19.871
20.717
33.157
41.529
24.778
310 382
Gedrag^
22.573
147.693
37.393
16.143
26215
29.167
30.410
48.668
60.957
36 370
455.588
Gebtedsmanagers
44 595
291 773
73.872
31.890
51.788
57.620
60.075
96 146
120 423
71.850
900 032
Secretariaat
9.860
64.512
16.333
7.051
11.451
12740
13283
21.258
26 626
15 886
199 002
Staf
8.063
52.752
13 366
5.766
9.363
10.418
10.862
17.383
21.772
12990
162 725
Dndernemingsraad
2.287
14 966
3 789
1.636
2 656
2956
3.081
4.931
6.178
3685
46 162
EiQertteam
25.444
166.477
42 149
18196
29 549
32 876
34.277
54 858
68.710
40 995
513.532
Zórgb^rMcMaar
4.046
4 698
5.227
Care & Abte
/ Korten!
26.469
6.701
23.506
153.804
540 986
3.727.299
35.067
229.434
58 089
31.229
204 327
51 732
1.247
8 162
2.066
5 450
8.722
10.924
27.300
30.374
63 479
37.875
474 441
606 877
726 110
749273
1.172.977 .
1.513.963
895893
11.274.810
25.077
40.724
4 5 309
47.240
75.604
94 694
56 499
22 333
36.267
40.351
42 071
67 330
64 332
50,316
892
1.449
1.612
1 681
2690
3.369
2.010
2893 16 611
941 764
6.518
81.649
707.736 -
«30?“ 25 177
32.063
209 776
53 112
22 928
37235
41 427
43 193
69 127
»>f>8i
51.658
647 102
•640,592
-d 379 OOP
-1 106 763
-470 899
-854 809
-883 457
-1.387.727
-1.782.939
-1.056376 56.376
-13.285.113 Zn»
hom
•1-337
•722,561 . 99.994I
LM»
27.M8
»-»O2
16 032
Serviceorganisatie De kosten van de Serviceorganisatie zijn € 186k lager dan de geactualiseerde begroting en de prognose bij de tweede bestuursrapportage. In 2020 is er veel personeelsverloop geweest. In de begrotingswijziging en de prognose was uitgegaan van een forse post aan extra kosten vanwege het verloop, het project inkoop 2022, de kosten van AEF Gemeenschaopeliike Reqelinq Dienst Gezondheid & Jeuqd Zuid-Holland Zuid I Jaarstukken 2019 GR DG&J
52
governance onderzoek, uitvoering COVID-19 regelingen meerkosten en omzetcompensatie en controle aanbieders met een omzet van minder dan lOOk. De kosten voor extra verloop en inkoop 2022 zijn iets lager uitgevallen. Verder zijn de ICT kosten iets lager uitgepakt en heeft de lagere inzet voor bezwaar en beroep door het SCD tot een lagere nota geleid (terwijl contractueel de afgesproken inzet betaald moest worden). Hieronder is een specificatie van de kosten van de Serviceorganisatie opgenomen. I
(bedragen x € 1,-)
Omschrijving
Verschil
Realisatie
Begroot
1.836.000
1.829.925
-6.075
Personeel van derden
778.287
704.293
-73.994
Uitbestede ICT Dienstverlening en overige ICT kosten
971.000
940.500
-30.500
Dienstverlening SCD
225.000
163.251
-61.749
Overige kosten
595.253
581.244
-14.009
Totale kosten
4.405.540
4.219.213
-186.326
Personeelskosten eigen personeel
Baten De baten volgen de lasten. De kosten worden in rekening gebracht bij de deelnemers.
Gemeentelijke bijdragen In onderstaande tabel zijn de voorlopige gemeentelijke bijdragen voor 2020 op basis van de voorlopige productieverantwoordingen van zorgaanbieders opgenomen. Bij opmaak van de definitieve jaarrekening op basis van de definitieve verantwoordingen van zorgaanbieders zullen de definitieve bijdragen vastgesteld worden.
Stichting
Zorginkoop
LTA
PGB
Gl
Jeugdteams
Alt
dam
Dordrec ht
640.948
4.172.479
266.437
4 381 325
27 299 498
1.743.230
s
Gesloten
UHvoerlngs
Reserve
Jeugdhulp
kosten SOJ
uittreding
satie
A overige
voogdij
beten
80%
Totaal bij
compen
voogdij
Sleutel
Correctie
Totaal 20%
voledlge
wegens
afbouw
solidariteit
afbouw
coMariteit
sobdariteit
489 803
94 077
209.0S4
11694
■16.394
6 134 712
4,95%
•88.061
6 046.651
3 204 661
615 524
1 367 786
•76 509
•107 261
40 656 538
32,42%
•762 761
39 893 777
346.299
■19.371
27 157
10207 824
10.137,325
330 869
Gorinchem______
1.107.352
6.911.750
8,21%
70,499
Hardmxveld-G
471.153
2.983.805
190.533
350 266
67 276
149 498
■8 362
-11724
4 399.830
3,54%
137.620
riendnk-ldo-Amb.
722963
4 845 542
309 416
568.813
109 253
242.776
-13580
•19.038
7.102.928
5,75%
117.822
7.220.749
441 355
811 364
155 840
4.537.451
Hoeksebewaard
1 783.899
11.267.289
719.481
1.322.656
254 044
564.525
-31.578
•44.270
16.619.164
13,38%
165.701
16 784.865
Molenlanden
1056 949
6.722.587
429.276
789 158
151 575
336.822
18 841
26413
9 908 356
7,98%
243.373
10 151.728
Papendrecht
Shedrecht_______
Zwijndrecht
7.990.224
15.109
21.182
883936
5 620 914
358928
659834
126735
281 625
-15 753
•22085
8 284 807
6,67%
-76 097
8 208.710
1.388 493
8.995.821
574.435
1.056.011
202 829
450.717
-25.212
-35.345
13 232 993
10,68%
296.295
13.529.288 124.SO0.7Ml
855.268
5.391 150
344 256
632.862
121 555
270.113
7953.616
6,40%
36.608
Het gering verschil met de baten wordt verklaard door overige opbrengsten.
Gemeenschappelijke Reqelina Dienst Gezondheid & Jeuad Zuid-Holland Zuid I Jaarstukken 2019 GR DG&J
53
2.4 Algemene dekkingsmiddelen Door de wijziging van de BBV voorschriften mogen baten en lasten als overhead en de algemene baten niet meer toegerekend worden aan de verschillende programma's. Wat heeft het gekost? (bedragen x C l.OOO) Begroting 2020 Lasten Baten Saldo o| —4
Financiering
Vpb heffing
0
Onvoorzien
o
Algemene dekkingsmiddelen [Overhead Saldo baten en lasten
Mutaties reserves Gerealiseerd resuKaat
Realisatie 2020 Lasten Baten Saldo ___ -2 0 0 ________ 0_ o Ö| _____ 0_ _______ o
___ 2
Afwijking 2020 Lasten Baten Saldo 2 ________ 0
2
_______ 0
________ 0
________ 0
_______ 0
_______ 0
______ 0^ ________ 0
_______ 0
________ o 9.766*
11.739
11.73?
1.551
18.862
17.311
-1.551
7.123
5.573
60
-9.706
10.808
-10/727
___ -1.042
_______ 22
-1.020
9.766
11.799
2.033
12.357
81 18.944
232
1.821
1.716
^ïösj
7.145 1.589*
4.554
0
9.766
12.031
20.764
8.302
-2.696
8.734
6.038
232 ___________ I 2.265 12.462
6.586
1.484!
*Het betreft hier de begroting na alle wijzigingen, ofwel de begroting zoals deze is vastgesteld in het AB van 12 november 2020 (2e burap 2020) voor wat betreft de DG&J en 9 juli 2020 (1ste burap 2020) voor wat betreft de SOJ.
Het positieve resultaat ontstaat door de COVID-19 lasten welke zijn gedeclareerd bij het Ministerie, in de 2de bestuursrapportage was hier nog geen rekening mee gehouden. De COVID-19 lasten zijn ook deels bij dit programma verantwoord (overhead gerelateerde COVID-19 kosten). Daarnaast zijn de COVID-19 kosten verantwoord op programma 1. De onttrekking aan de reserve heeft betrekking op het jaarrekeningresultaat 2019. Dit resultaat is gestort in de reserve en in 2020 aan de reserve onttrokken om aan de gemeenten uit te keren. De uitkering aan de gemeenten zorgt voor een verhoging van de lasten. Hieronder wordt een toelichting gegeven op de over- en onderschrijdingen welke geen verband houden met COVID-19.
■ ■ ■
Afname diensten SCD € 100.000 (N) Storting voorziening bovenformatieve medewerkers € 131.000 (N) Lagere overhead kosten bij de SOJ € 186.000 (V) (zie paragraaf 2.3)
Toelichting: Er zijn in 2020 meer diensten van het SCD afgenomen. Het betreffen hier voornamelijk extra kosten in verband met thuiswerken. Deze kosten mogen conform de regeling niet worden gedeclareerd bij het Ministerie als COVID-19 kosten.
Een aanvullende storting in de voorziening was nodig in verband met een WW verplichting aan een voormalige medewerker. In 2019 was de verwachting dat deze voormalige medewerker permanent een baan zou gaan betrekken. Dit is helaas niet gelukt, waardoor er voor de DG&J (weer) een WW-verplichting ontstaat.
Gemeenschaopeliike Reqelina Dienst Gezondheid & Jeuod Zuid-Holland Zuid I Jaarstukken 2019 GR DG&J
54
3 Verplichte paragrafen 3.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Dienst Gezondheid en Jeugd (DG&J) Kaders In het AB van 13 december 2018 is de nota risicomanagement en weerstandvermogen vastgesteld. Hierin is vastgelegd hoe risico's binnen de Dienst Gezondheid en Jeugd worden geïnventariseerd, gekwalificeerd beheerst en waar nodig gekwantificeerd. Beleid omtrent weerstandsvermogen Voor het bepalen van een gewenst weerstandsvermogen is inzicht nodig in de omvang en in de achtergronden van de risico's. De Dienst Gezondheid en Jeugd maakt gebruik van het volgende model om de risico's te rangschikken. Kans
Financiële impact
Dat het risico zich voordoet
3 € 2 mln < x < CCLSmln
4 x > € 2 mln
2 € 0,5 mln < x < € 0,1 mln
1 x < € 0,1 mln
8
_4
4 zeer grote kans >75%
16
3 grote kans 50-75%
12
9
8
6
6 4
2
2 middelgrote kans 25-50% 1 kleine kans < 25%
4
3
2
1
2
In onderstaande tabel zijn de geïnventariseerde risico's weergegeven. Ook is aangegeven of het risico incidenteel dan wel structureel is en of er ten opzichte van de vorige rapportage wijzigingen zijn opgetreden. Deze risico's omvatten slechts dat deel van de totaal door de DG&J in kaart gebrachte risico's welke gekwantificeerd kunnen worden en 'resteren' na het nemen van beheersmaatregelen (vermijden/verzekeren/voorzien). Omschrijving
Kans
Omvang
2 2 2 2 2
1
Batenraming
2
2
Bedrijfsvoering
3
3
Claims-restrisico's
1
4
Effecten uittreding L-Z
1
CAO-loonkosten
4
5
Totaal
Incidenteel/ structureel S
I s s s
Risicobedrag
Gewijzigd 2
€ 300.000 € 150.000 € 150.000 € 150.000 € 100.000 € 850.000
Nee Nee Nee Nee Nee
Hieronder volgt een toelichting per risico.
1. Batenraming De producten van de DG&J worden hoofdzakelijk gefinancierd uit inwonerbijdrage en directe gemeentelijke bijdragen. Een deel van de inkomsten hebben een fluctuerend karakter, zoals de subsidies in het kader van Veilig Thuis, OGGZ/Maatschappelijke zorg, de opbrengst van de polikliniek (ca. € 0,5 miljoen) en inspecties toezicht Kinderopvang. 2 Aangegeven wordt of er ten opzichte van de vorige inventarisatie (uitgevoerd ten behoeve van de 2e bestuursrapportage 2020) een wijziging van risico's is opgetreden.
Gemeenschappelijke Reqelinq Dienst Gezondheid & Jeuqd Zuid-Holland Zuid I Jaarstukken 2019 GR DG&J
55
In de begroting 2021 zijn ramingen opgenomen voor onder meer WMO toezicht en kinderopvang waarover nog een traject met gemeenten moet worden doorlopen (offerte/DVO). Hierdoor is er risico dat de realisatie van deze baten afwijkt van de raming. 2. Bedrijfsvoering/primair proces. Onder dit risico wordt verstaan de mogelijke extra inzet van mensen en middelen indien er een hoger dan voorzien beroep wordt gedaan op de dienstverlening in brede zin (Veilig Thuis, GGD ZHZ, LVS ZHZ en hiermee samenhangende ondersteuning) van de DG&J. Een voorbeeld hiervan is ook de (extra) inzet in crisissituaties. 3. Claims De DG&J kent een grote verscheidenheid aan producten. Om de kwaliteit hiervan te borgen worden de nodige inspanningen geleverd, mede in het kader van de HKZcertificatie. Risico's op fouten (miscommunicatie, foutieve registraties) en hieruit mogelijk voortkomende schadeclaims zijn echter nooit in zijn geheel uit te sluiten.
4. Uittreding L-Z (Leerdam-Zederik) Met de uittreding van Leerdam en Zederik uit de GR is de batenraming structureel neerwaarts bijgesteld. Voor het weer structureel in evenwicht brengen zijn maatregelen genomen waarbij rekening is gehouden met de inzet van de overeengekomen uittredingssom. Er wordt een beperkt risico gezien in het niet volledig kunnen realiseren van de maatregelen. 5. CAO-loonkosten Conform de notitie kaderstelling op de GR-en houdt de DG&J rekening met een loon en prijs indexatie bij het opstellen van de begroting. Daarvoor moet, conform deze notitie, uitgegaan worden van de indices van de septembercirculaire van het vorige begrotingsjaar. Er is een risico dat de daadwerkelijke stijgingen hoger uitvallen. Impact op risico-inventarisatie bij deelnemers aan de GR De deelnemers aan de GR benoemen in hun gemeentelijke begroting welke risico's er zijn ten aanzien van hun deelname aan de gemeenschappelijke regeling. Daarbij worden verschillenden modellen en benaderingen gehanteerd. In dat kader worden de volgende aantekeningen geplaatst; * De DG&J acht het zeer onwaarschijnlijk dat alle risico's zich in hetzelfde jaar zullen voordoen en schat in dat de beschikbare € 500.000 afdoende is om alle risico's af te dekken.
■ Indien de risico's zich voordoen zal er eerst in de lopende begroting naar mogelijke dekking worden gekeken, vervolgens (te accorderen door het Algemeen bestuur) naar het weerstandsvermogen en zal uiteindelijk pas daarna om een (aanvullende) bijdrage van de deelnemers worden gevraagd ■ Indien er een bijdrage wordt gevraagd van de deelnemers zal dit naar rato van het aantal inwoners c.q. de relatieve inwonerbijdrage zijn. ■ Indien een risico als structureel is benoemd betekent dit dat (als het zich voordoet) het effect ervan zal zijn verwerkt in de eerstvolgende begroting. Daarmee zal de omvang van dit risico zijn afgenomen/beperkt.
COVID-19 Gemeenten, GGD'en en veiligheidsregio's zijn vanaf het begin van COVID-19 actief bezig met het bestrijden van de uitbraak van dit virus. Hoewel de bekostiging van de inzet van de GGD'en via gemeenten loopt is het, zeker vanaf het moment dat COVID-19 als A-
Gemeenschappeliike Repelinq Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid I Jaarstukken 2019 GR DG&J
56
ziekte volgens de wet PG werd gecategoriseerd, reëel dat het Rijk garant staat voor de extra kosten die zijn en worden gemaakt. Op verzoek van de VNG heeft AEF in 2020 in beeld gebracht wat de financiële gevolgen zijn van de COVID-19-crisis voor de GGD'en. In het rapport van AEF zijn de meerkosten gedefinieerd als: * Specifieke meerkosten: Extra gemaakte kosten die direct aan COVID-19activiteiten zijn toe te wijzen (bron- en contactonderzoek, bemonstering, etc.) € 368 mln. * Overige meerkosten: Extra gemaakte kosten voor reguliere taken (bijvoorbeeld voor uitgestelde dienstverlening die moet worden ingehaald en leidt tot externe inhuur) € 51 mln. « Minder inkomsten: Inkomstenderving (bijvoorbeeld door wegvallen van inkomsten uit reizigersvaccinaties) ■ Minder uitgaven: Kosten die GGD'en minder hebben gemaakt voor reguliere dienstverlening die later niet wordt ingehaald (bijvoorbeeld de inkoop van vaccins) * Laboratoriumkosten: Kosten van GGD'en voorzover deze niet worden gedekt door de vergoeding van het RIVM De minister van VWS heeft toegezegd dat de GGD-en de meerkosten vergoed krijgen en heeft deze toezegging gestand gedaan middels bevoorschotting van declaraties in 2020 en 2021.
Laat onverlet dat er in de toekomst sprake kan zijn van gewijzigde inzichten en over specifieke posten het gesprek moet worden gevoerd. Bijvoorbeeld als de vaccinatiegraad in regio's achterblijft en er aanvullende inspanningen moeten worden geleverd. Vooralsnog is er echter geen aanleiding om een risicobedrag op te nemen in deze begroting ten aanzien van het niet vergoed krijgen van de kosten van de uitvoering van onze taken bij de bestrijding van COVID-19.
Regionale Ambulance Voorziening (RAV) Door de overgang naar de Coöperatie zijn de risico's beperkt. De Coöperatie heeft per 31 december 2020 openstaande verplichtingen uitstaan bij de RAV het niet kunnen voldoen van de verplichtingen is een beperkt risico.
Serviceorganisatie Jeugd (SOJ) Weerstandsvermogen De Serviceorganisatie heeft, met uitzondering van de reserve frictiekosten uittreding Leerdam en Zederik geen weerstandsvermogen/reserves. Tegenvallers (en meevallers) ten opzichte van de begroting komen, zoals opgenomen in de bijdrageverordening, ten laste (ten gunste) van de deelnemende gemeenten. Risicobeheersing De financiële risico's focussen zich primair op de ontwikkeling van de zorgvraag in relatie tot het budget. In de loop van 2021 zal moeten blijken of de genomen maatregelen voldoende effect sorteren om de beoogde reductiedoelstelling te realiseren. Elke maatregel is voorzien van een geschat besparingsbedrag, waardoor de impact van het niet implementeren van de maatregel of het niet halen van het beoogd effect bekend is. In deze begroting worden gemeenten geadviseerd rekening te houden met een risicomarge van 15 procent van de gemeentelijke bijdrage zoals die is opgenomen in deze begroting. Deze risicomarge is hoog vanwege de opgenomen reductiedoelstelling in de begroting en de onzekerheid in de opgenomen verdeling van de kosten als gevolg van
Gemeenschappelijke Reqelinp Dienst Gezondheid & Jeuad Zuid-Holland Zuid I Jaarstukken 2019 GR DG&J
57
de afbouw van de solidariteit. Aanvullend hierop worden de volgende specifieke risico's met een potentieel significante impact onderscheiden.
PGB-budgetten Van de verstrekte budgetten wordt circa 65 procent besteed. Volgens de huidige ZHZregels / verordening zijn geen beperkingen opgelegd aan het met terugwerkende kracht over oude jaren indienen van declaraties, behoudens de algemene wettelijke regel dat dit na 5 jaar niet meer kan. Over de afgelopen vier jaar betreft dit € 13,1 mln. Dit bedrag zou nog gedeclareerd kunnen worden. De ervaring heeft geleerd dat hier zeer beperkt gebruik van wordt gemaakt.
Tarieven jeugdbescherming en reclassering Verder wordt nog een risico gelopen met de tarieven van jeugdbescherming en jeugdreclassering. Voor 2021 en verder is al op provinciaal niveau een tariefsverhoging (bovenop indexatie) afgesproken van 5 procent (€0,5 mln.) voor harmonisatie van tarieven (3 procent) naar het provinciegemiddelde en 2 procent risico-opslag voor vermogensvorming. De overige regio’s wensen de tarieven nog fors verder op te hogen voor caseload verlaging en meer uit te geven aan wachtlijstbemiddeling. Indien onze regio door landelijke (politieke) druk gedwongen wordt hierin mee te gaan is dit een extra kostenpost van € 1,7 mln.. Gewijzigde producten en tarieven nieuwe inkoop 2022 en verder Voor de nieuwe inkoop worden de oude percelen, producten en tarieven van voor de decentralisatie losgelaten. Er worden nieuwe segmenten en nieuwe jeugdhulp producten gedefinieerd met daaraan gekoppelde nieuwe tarieven. Alhoewel hier een zo zorgvuldig mogelijk proces wordt gelopen, brengt een dergelijke wijziging altijd risico's met zich mee. Het belangrijkste risico is dat de faire tarieven voor de nieuwe producten (de oude producten vervallen), welke worden berekend door een extern bureau op basis van een landelijke benchmark/database, per saldo leiden tot een kostenstijging.
Jeugdhulp naar voren Gemeenten mogen tot 13% van het jaarbudget aan jeugdhulp naar voren inkopen, waarbij de kosten kunnen worden ingebracht in de regionale exploitatie en meelopen in de solidariteitsafspraken. Hierbij wordt opgemerkt dat tot en met 2021 de aanbestedingsgrens 750k is. Vanaf 2022 geldt die aanbestedingsgrens niet meer omdat jeugdhulp naar voren dan is ondergebracht in de nieuwe inkoop 2022. Indien deze jeugdhulp naar voren niet leidt tot lagere kosten in de tweedelijns gespecialiseerde zorg, kunnen de totale kosten oplopen. Naast bovengenoemde specifieke risico's zijn binnen de Serviceorganisatie de reguliere bedrijfsvoeringrisico's, zowel financieel als niet financieel, voor alle processen in kaart gebracht. Dit heeft geleid tot een omvangrijke lijst. Op alle risico's zijn beheersmaatregelen geformuleerd. Deze worden periodiek geëvalueerd en indien nodig bijgesteld. De risico's zijn geclassificeerd volgens onderstaand model. Kans
Financiële impact
Dat het risico zich voordoet
4 x» <2 mln 4 zeer grote kans >75% 3 grote kans 50-75% 2 middelgrote kans 25-50% 1 kleine kans < 25%
4
1
3 < 2mln < x < CO.Smln
< 0,5mln < x< € 0,1 mln
6. 3
8 6 4 2
1 x< <0,1 mln
4
1 1
Gemeenschappelijke Reaelinq Dienst Gezondheid & Jeuad Zuid-Holland Zuid I Jaarstukken 2019 GR DG&J
58
De oranje en rode risico's zijn in onderstaand schema geplot. Ernst
Kans
4 CMasIroM
3 Ernstig
2
i
4
zeer grote kans
dat het zich
A4.A8B.A15
voordoet
3
grote kans dat het zch roor A25. A27.A32
doe: 2
middelgrote kans dat het zich voor doet
▲ A 42
1
kleine kans dat het zch voor
doet
In onderstaande tabel zijn de risico's beschreven. Hierin is niet opgenomen, vanwege lage kans maal impact, het risico dat onderhanden werk financiering voor zorgaanbieders niet wordt terugbetaald of kan worden verrekend met declaraties in het geval een zorgaanbieder haar activiteiten beëindigt vanwege faillissement of andere oorzaken. In het kader van de jaarrekening moet dit risico opgenomen worden. De onderhandenwerkfinanciering bedraagt ruim € 11 mln. De onderhandenwerkfinanciering wordt in 2021 overigens afgebouwd.
Gemeenschappelijke Reqelinq Dienst Gezondheid & Jeuqd Zuid-Holland Zuid I Jaarstukken 2019 GR DG&J
59
Ei K War kan er mis
Wat kunnen daarvan jqn»
gevolgen zijn*
Aanbieder* mogen aai1
Er woattrnaar irxj
Hoe riaco te voorkomen/ te
J» HM*
verminderen?
r
•
t
:<•
Aanbeden
Mm
Af «xaiar
aantrad aa &•)
continueren zorg te de duu» en mtonoteit tang (duur) of
var de zorg bepalen
reduaie mzet per jeugdigdige
tetser meer zorg m
*«e
Declaratie* BTAHTA
Normenkader en afbakening
dan nodig **
nauw olijk* toegepM t
Imtensmit)
Geen inperk mg in
4
2
Perapectiefp lan
conoact en vanuit
C«emanagamant bij ,eugi
conractm«nag emont
Contraaman agement SOJ
Verwijl er geeft
tfruk var burg.'
verw.jzmgrf
Borgde' ten dienste
koeen zorg kopen
Gadaartabj*. óoo'
'C'MJ
uitvoering) Poject Uit aarJaagpiar'
Te *««nig
-
veldof eigen kracht budgetbewuitzijn bij ook een oplossing
Verhogen budgeftew ustzijr,
project ande'S zorgen I m
terwijl burger
verwijt er stroom huisarts via
verwijt er
^ufdxeamj Project aanjaogpian POH hutsarv
zou kunnen Djn
(brj een aantal gemeenten w operationeel:
A 15
Declaraties
Mtabnj
Zorgaanbrodor
Gedeeltelijk via controle verktanng
declareert n««c
«TAHTA
accountant bij produceeverantwoordmg
vedeondeaorg of
knriM m
declareert onjuist
gedeclareerde zorg
-
*'
1» Bij B. productie* PH > XXk KX> separate controle
Aechtmabg heid en fraude
MorotO'irjI potentielo dubbele declvaties
controle*
Aanscherping case en
(met declarabele uren)______________ A 25
PGB
fraude
co noactmanagemont
peocai
Te hoog dgegeven
beschikking en
/fraude
•MtMg/
burger teveel
Fraude controle
IMg M
■ Procesinrxbting brj Sticfreng jeugdteam* en
Verhogen budget>ew ustzijn door
gedeclareerde zorg
toetangdi ader SOJ
pro.eet ander* zorgen I in
-Niet rechthebbend, cliënten kunnen dit niet uitvoering 0 direct omzetten m financieel voordeel, muv
Verhoogde aandacht bij
B inzet Sociaal Netwerk
Jeugdteams voor hoogte
-Er i* geen uitbetaling aar cliënten muv mzet beschikkingen 9 I Alleen geidelijk voordeel met
samenspanning in de k esen JT-didntaanbieder b.j inzet *ooaai netwerk alleen JT-
.
Minder borging voor te hoog afgeven
beschikking (de gap tussen beachikkmg en uttnutting is in ZHZ voel hoger dar landelijk) A27
PGê
Zorgaanbieder
Gedeeltelijk met proef
GebrekM
declareert met
rechen atigheidscontrok
F I hutsbazoa*
ontbreekt door corona
verleende aorg of
fraude con»o»e
3
declareert onjuist
Opicne.Agr.cn
(met declarabele
I
A-M
Gebrekk >g inzicht «
Ontbrekend m»cfrt
Gedeeltelijk, voorschotten ojn
OHW-f insnoering wo<«t afgebouwd
N iet meer vergoeden te iact
at gevolg daarvan
Aansprokon aanbieder* door
godeciareerde zorg
controamanagement
Sterke' aan^eken door
deproduaie/
zorgconsumptie
en/of te hoge administratieve last
declaratrai
3
aanbieder*
geschat on
Boete* op te laat dedareren
co n» actmanagement
betrouwba.
prognose*_________ DejeugdhuJpvraag
A K
Bezuinigingen vanuit
is rotor dar het
lijk (maatregelen m voorbere »ding
Onhoudbavfreid
urtvoenngl
financiën on
beschtkbera
Groei zorgvraag
budget
Bedrijf«belang
daarmee
III^H -
voortbeMaen
aanbieders (meer) r)
huidige mnchting en
zorg te leveren
werking stelsel
H
ingezette zorg niet
S'
$tr*k ere monrtonng en stunng op
uitvoering maatregelen er effect
■ in*oopX22
doelmatig en met
effeaief Toegang met streng
A V
Generiek
Ki et jeugdfrulp
--JNV wordt <rgezet op
IJNV) naar vorer
preventie en preventie
lagere 2a Irjns
Gemeenten kunnen elkaar aanspreken op
Hogere kotten
mzetJtfV -
2
gespecialiseerde
eugdn «lp
Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid I Jaarstukken 2019 GR DG&J
60
Financiële kengetallen Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) bepaalt dat de gemeenschappelijke regelingen een aantal kengetallen moeten opnemen in de begroting en de jaarstukken. Naast de door het BBV voorgeschreven kengetallen is tevens de weerstandsratio toegevoegd. Kengetallen:
Jaarrekening 2019
Jaarrekening 2020
Begroting 2020
netto schuldquote
-3,13%
- 1,36%
-0,98%
netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
-3,15%
-1,37%
-2,18%
solvabiliteitsratio
11,56%
3,89%
6,51%
structurele exploitatieruimte
0,00%
0,00%
0,00%
2,8
3,2
3,5
weerstandsratio
Netto schuldquote & netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de DG&J ten opzichte van de eigen middelen. Een percentage tussen de 0% en 100% is voldoende. Een quote boven de 130% is een indicatie voor een te hoge schuld. De norm houdt in dat de netto schuldquote ruim onder de 130% dient te zijn wanneer zij voornemens is een grote investering te doen. De GR DG&J heeft een netto schuldquote van -0,98%. Dit betekent dat ruim onder de norm wordt gebleven.
Het kengetal netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen laat een nog beter beeld zien: -2,18%. Dit komt omdat bij dit kengetal geen rekening wordt gehouden met de verstrekte leningen aan de Stichting Breedband € 27.503 per 31.12.2020, CAZ € 2.141.071 per 31.12.2020. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft de mate aan waarmee het bezit gefinancierd is met eigen vermogen. Het ratio is de verhouding tussen het eigen vermogen en het balanstotaal en geeft aan in hoeverre het bezit op de balans is afbetaald. Normaal bevindt het solvabiliteitsratio van een gemeente zich tussen de 30% en 80%. De GR DG&J heeft een ratio van 6,38% wat zou aangeven dat het bezit van de GR DG&J zwaar belast is met schuld. Gezien de wijze waarop de afrekening met zorgaanbieders van de SOJ plaatsvindt, ontstaat per balansdatum een hoge schuld. Tegenover deze schuld staat een hoge vordering/liquide positie. Dit betekent dat de GR DG&J tegenover de schulden voldoende vorderingen/liquide middelen heeft staan heeft staan.
Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte is een maatstaf voor het verschil tussen structurele baten en lasten met in achtneming van beperkingen en verruimingen van de exploitatie door dotatie en onttrekking aan reserves. De maatstaf geeft aan welke structurele ruimte de gemeente heeft om de eigen lasten te dragen. Er is geen VNG norm voor het niveau van dit kengetal. Weerstandsratio De weerstandsratio geeft de verhouding tussen de risico's en het weerstandsvermogen van de GR DG&J. Het weerstandsvermogen bestaat uit het totaal van de reserves, de post onvoorzien en de stille reserves. De GR DG&J heeft geen post onvoorzien en stille reserves. Dit betekent dat de weerstandscapaciteit gelijk is aan de omvang van de reserves, ofwel € 3,0 miljoen. Gezien de financiële omvang van de risico's, € 850.000, leidt dit tot een weerstandsratio van 3,5. Dit betekent dat de GR DG&J beperkte ruimte Gemeenschappeliike Reoelinq Dienst Gezondheid & Jeuad Zuid-Holland Zuid I Jaarstukken 2019 GR DG&J
61
heeft om onvoorziene risico's op te kunnen vangen. Hierbij moet tevens de kanttekening worden geplaatst, dat van de reserves (€ 3,0 miljoen) € 2,5 miljoen is bestemd voor het opvangen van de frictiekosten als gevolg van de uittreding Leerdam/Zederik. Als deze reserve buiten beschouwing wordt gelaten, dan bedraagt de weerstandsratio 0,6. De SOJ heeft geen reserves/weerstandsvermogen om risico's op te kunnen vangen. Kengetallen in relatie tot de financiële positie De GR DG&J hoeft tot op heden geen langlopende leningen af te sluiten om haar activiteiten te financieren. Het niet hoeven afsluiten van langlopende leningen heeft een gunstig effect op de netto schuldquote en op de begroting. De begroting wordt niet belast met langlopende renteverplichtingen vanuit aangetrokken langlopende geldleningen. Zoals bij de solvabiliteitsratio aangegeven, ontstaat er door de wijze waarop de afrekening met zorgaanbieders van de SOJ plaatsvindt, per balansdatum een hoge schuld. Tegenover deze schuld staat echter een hoge liquide positie. Dit betekent dat de GR DG&J tegenover de schulden voldoende vorderingen/liquide middelen heeft staan. Hierdoor is de lage ratio op dit moment niet zorgwekkend. Daarnaast is in de nota risicomanagement en weerstandsvermogen vastgelegd in hoeverre de GR DG&J reserves mag aanhouden.
Hierdoor wordt een verbetering van de ratio door een toename van de reservepositie beperkt. Tevens zorgt dit ervoor dat de GR DG&J in beperkte mate haar risico's kan afdekken. Hier staat tegenover dat mogelijke tekorten ten laste van de deelnemende gemeenten kunnen worden gebracht.
3.2 Onderhoud kapitaalgoederen De DG&J heeft beperkte investeringen in gebouwen en installaties. Op de vaste activa wordt lineair afgeschreven. De jaarlijkse kapitaal- en onderhoudslasten zijn in de jaarstukken verwerkt. De SOJ heeft geen kapitaalgoederen.
3.3 Financiering In december 2018 heeft het Algemeen Bestuur het vernieuwde financieringsstatuut vastgesteld. In het financieringsstatuut zijn de doelstellingen van de financiële functie aangegeven en uitgewerkt: • beheersen, beperken en spreiden van financiële risico's; • zorgdragen voor effectief en efficiënt kas- en saldobeheer; • zorgdragen voor een goed relatiebeheer; • opereren binnen de kaders zoals die zijn gesteld in de wet Fido; • realiseren van gedegen informatiestromen.
Risicobeheer De belangrijkste financiële risico's bij de uitvoering van het treasurybeleid zijn de kasgeldlimiet, de renterisico's en de kredietrisico's. Kasqeldlimiet De kasgeldlimiet is het bedrag dat een gemeente c.q. gemeenschappelijke regeling per jaar maximaal met kort geld mag financieren. Volgens de Wet fido bedraagt deze limiet 8,2% van het totaal van de exploitatiebegroting voor een gemeenschappelijke regeling. Gezien de omvang van de begroting 2020 (ca. € 151,3 miljoen) betekende dit dat de GR DG&J haar financiële huishouding voor maximaal circa € 12,4 miljoen met kort geld mocht financieren. In 2020 zijn zeven kasgeldleningen van gemiddeld € 8,5 miljoen Gemeenschappelijke Repelina Dienst Gezondheid & Jeuad Zuid-Holland Zuid I Jaarstukken 2019 GR DG&J
62
aangetrokken. Deze hadden een looptijd van gemiddeld 33 dagen en een rente van ca. -0,15%.
Renterisiconorm De renterisiconorm heeft tot doel om binnen de portefeuille aan langlopende leningen een overmatige afhankelijkheid van de rente in een zeker jaar te voorkomen. Omdat te bereiken mag het totaal aan renteherzieningen en aflossingen op grond van deze norm niet meer dan 20% zijn van het begrotingstotaal. De GR DG&J heeft echter in 2020 geen opgenomen leningen, waardoor deze norm niet van toepassing is. Kredietrisico's De GR DG&J heeft één uitzetting (o.a. verstrekte geldleningen) en geen leningen waarop door haar een borgstelling is afgegeven. De uitzetting heeft betrekking op een lening die is verstrekt aan de Coöperatie Ambulancezorg Zuid-Holland. De lening heeft te maken met de overgedragen activa van de Regionale Ambulance Voorziening naarde Coöperatie Ambulancezorg Zuid-Holland per 1.1.2019. De lening kent een beperkte looptijd tot en met 2022.
Financiering In de met de BNG afgesloten Financieringsovereenkomst fungeert de rekening van de RAV als hoofdrekening. Naast een rekening voor de DG&J zijn er twee rekeningen opgenomen ten behoeve van de SOJ. Eén rekening bevat het inkomend- en uitgaand betalingsverkeer van de SOJ zelf; de andere rekening houdt verband met betalingen en afrekeningen zoals deze door Stipter worden verstrekt.
De BNGkredietlimiet voor het gehele stelsel van bankrekeningen bedraagt € 5 miljoen.
Relatiebeheer De Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) is huisbankier van de GR DG&J.
Administratieve Organisatie Via een DVO zijn de treasury-activiteiten belegd bij het SCD, welke met name zijn gericht op het reguliere betalingsverkeer van de GR DG&J. Schatkistbankieren Eind 2013 is het verplicht schatkistbankieren ingevoerd. Toegestaan blijft dat decentrale overheden een bedrag van 0,75% van het begrotingstotaal buiten de Schatkist mogen houden, het zogenoemde drempelbedrag. Het drempelbedrag, voor 2020 berekend op € 1.135.000 mag als gemiddeld creditbedrag per kwartaal niet overschreden worden. In onderstaande tabel staat per kwartaal aangegeven wat het gemiddelde positieve banksaldo was. (bedragen x € 1.000)______________________________
i.
Benutting drempelbedrag Schatkistbankieren 2020:
Begrotingstotaal
€ 151.272
Wettelijk percentage
0,75%
Drempelbedrag
€ 1.135
2.
Kwartaaluitkomsten benutting drempelbedrag 2020:
Gemiddeld positieve banksaldi
le kwartaal
2e kwartaal
3flc kwartaal
4de kwartaal
€ 857
€ 815
€ 936
€ 713
Gemeenschappelijke Reoelinq Dienst Gezondheid & Jeuod Zuid-Holland Zuid I Jaarstukken 2019 GR DG&J
63
Het drempelbedrag is in 2020 niet overschreden.
De in 2019 door de VNG-IPO-UVW gedane oproep tot vereenvoudiging van het verplichte schatkistbankieren, heeft in 2020 nog niet geleid tot een andere invulling van het schatkistbankieren.
3.4 Bedrijfsvoering In deze paragraaf wordt ingegaan op de organisatie van de GR DG&J, personeel, verzuim, en financiën.
De Gemeenschappelijke Regeling bestaat uit de volgende organisatieonderdelen:
Stnkt«rg«nitMit
GGD |k«0i
MBIIIO T HUIS
irrtuUncrtKfwt
De organisatieonderdelen geven, elk op hun eigen terrein, invulling aan de aan hen toebedeelde taken. De Dienst Gezondheid & Jeugd (DG&J) doet dit op het gebied van publieke en preventieve gezondheidszorg (GGD-taken) en aan taken op het gebied van leerplicht en voortijdig schoolverlaten en Veilig Thuis. Bij de GGD-taken is ook de COVID19 uitvoeringorganisatie ondergebracht. De Regionale Ambulance Voorziening ZuidHolland Zuid (RAV) draagt zorg het detacheren van personeel naar de Coöperatie Ambulancezorg ZHZ en de Service Organisatie Jeugd (SOJ) geeft invulling aan een aantal essentiële taken op het gebied van de jeugdzorg. Dienst Gezondheid en Jeugd (DG&J)