Jaarrekening 2024 VRZHZ.pdf
Tekst van het document
Waar staan we nu (Burap 1 2024)?
De doorontwikkelingen op het gebied van structuur en samenwerking in de regio lopen goed. Vanwege invoering van het nieuwe Multipikettenbeleid kan dit ertoe leiden dat er tijdelijk een onderbezetting ontstaat binnen het piket crisiscommunicatie.
Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
26
Waar staan we nu (Burap 2 2024)?
De doorontwikkeling op structuur en organisatie loopt nog steeds goed. Onderzoek naar omgeving, doelgroep en specifieke wensen (vanuit landelijke agenda crisisbeheersing de wens om meer doelgroepgericht te communiceren) loopt mogelijk door tot in 2025.
Wat is het resultaat?
We lopen op schema. Doelgroepenonderzoek loopt zoals verwacht door in 2025. Passend bij de ontwikkelingen wordt dat een structurele werkwijze. Onderbezetting binnen de piketgroepen van crisiscommunicatie is voorkomen.
Doelgroepgerichte aanpak (brand)veilig leven Wij enthousiasmeren, inspireren en motiveren doelgroepen om (brand)risico’s aan te pakken. De brandveilig leven activiteiten zijn vertaald in en worden uitgevoerd conform het programma brandveilig leven 2024. Resultaat (indicator) Resultaat (toelichting)
Wanneer zijn we tevreden?
De doelstellingen uit het programma (brand)veilig leven 2024 zijn behaald. Namelijk: • Risicocommunicatie met focus op specifieke risico's en doelgroepen naast beantwoorden vragen burgers • Brandveilige generatie door invulling geven doorlopende leerlijn op basisschool t/m MBO • Brandveiligheid bij intra- en extramurale zorg optimaliseren • Brandveiligheid in woongebouwen verbeteren
Waar staan we nu (Burap 1 - 2024)?
Loopt volgens planning.
Waar staan we nu (Burap 2 - 2024)?
Loopt volgens planning. • •
Wat is het resultaat?
• •
Burgers zijn geïnformeerd over relevante risico's in hun omgeving Alle basisscholen krijgen lesprogramma aangeboden en nieuwe onderwijs content (V) MBO wordt gepromoot Met minimaal 10 zorginstellingen wordt het programma zorg brandveilig doorlopen Van diverse woongebouwen (zowel vraag als aanbod gestuurd) is de brandveiligheid in beeld en waar nodig worden adequate maatregelen genomen.
Risicommunicatie We blijven investeren in professionele risicocommunicatie gericht op het vergroten van het veiligheidsbewustzijn en het bieden van handelingsperspectieven. Daarmee geven we uitvoering aan het risicocommunicatiebeleid. Dit doen we in samenwerking met gemeenten en partners zoals waterschappen, Rijkswaterstaat, etc. en in afstemming met andere specialismes zoals corporate- en crisiscommunicatie. Resultaat (indicator) Resultaat (toelichting) Wanneer zijn we
Risicocommunicatie is een wettelijke taak en wordt uitgevoerd conform het beleid.
Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
27
tevreden?
De in het beleid opgenomen voorstellen voor het professionaliseren – ook op het gebied van samenwerking en afstemming zijn gerealiseerd. De communicatiestrategie is geborgd.
Waar staan we nu (Burap 1 - 2024)?
Sinds 1-9-2023 is de adviseur risicocommunicatie gestart bij VRZHZ. Momenteel is zij bezig met het opstellen van het risicocommunicatiebeleid (communicatieframe + uitwerking) en bijbehorende communicatiestrategie. Het ziet ernaar uit dat we dit ook vastgesteld kunnen hebben aan het einde van het jaar. Het is te ambitieus gesteld om de voorstellen voor professionalisering eind 2024 ook gerealiseerd te hebben. Daar waar mogelijk wordt al uitvoering gegeven aan het beleid en de professionalisering.
Waar staan we nu (Burap 2 2024)?
Daar waar mogelijk wordt al uitvoering gegeven aan het beleid en de professionalisering. De focus hierbij ligt op planvorming en netwerk opbouwen (o.a. roadshows langs gemeenten, regionale en landelijke netwerkbijeenkomsten) en de samenwerking a.d.h.v. praktische uitvoering vormgeven. Ook zal het risicocommunicatiebeleid (communicatieframe + uitwerking) en bijbehorende communicatiestrategie dit jaar worden vastgesteld.
Wat is het resultaat?
Aan het einde van 2024 hebben we belangrijke stappen gezet in de professionalisering van risicocommunicatie. Door te investeren in gerichte communicatie hebben we het veiligheidsbewustzijn vergroot en handelingsperspectieven geboden aan onze doelgroepen. Het risicocommunicatiebeleid, inclusief het communicatieframe en de communicatiestrategie, is vastgesteld, waarmee een stevige basis is gelegd voor verdere uitvoering en impact.
Risk Factory De business case om te komen tot een Risk Factory in Zuid-Holland Zuid wordt nader uitgewerkt. Afhankelijk van de uitkomsten en besluitvorming gaan we in 2024 met onze partners aan de slag met de realisatie van de Risk Factory Zuid-Holland Zuid. Resultaat (indicator) Resultaat (toelichting) Wanneer zijn we tevreden?
De samenwerkingsvorm en het projectplan om te komen tot realisatie van de Risk Factory zijn vastgesteld. Afhankelijk van de besluitvorming is gestart met de realisatie.
Waar staan we nu (Burap 1 - 2024)?
Loopt volgens planning.
Waar staan we nu (Burap 2 - 2024)?
Het AB heeft in juni positief besloten over de realisatie van een RF. Op dit moment wordt gezocht naar een geschikt pand voor de realisatie van de RF.
Wat is het resultaat?
Er zijn twee geschikte panden gevonden. Begin 2026 zal een keuze voor één van deze panden worden gemaakt.
3.6 Wendbaar en duurzaam organiseren Kerntaken:
Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
28
•
Het uitvoeren van de ondersteunende PIJOFACH-taken.
Diversiteit en inclusie In 2023 stond gepland om de zogenaamde Charter van de Sociaal Economische Raad (SER) te ondertekenen en de acties die daarbij horen in te vullen. Dat betreft onder andere het opstellen van een plan van aanpak dat doorloopt in 2024. Na een jaar wordt de aanpak via een enquête getoetst. Dit is dan naar verwachting begin 2025. Resultaat (indicator) Resultaat (toelichting) Wanneer zijn we tevreden?
Het plan van aanpak is vastgesteld en de acties die gepland staan in 2024 zijn uitgevoerd.
Waar staan we nu (Burap 1 2024)?
Wegens een wijziging in de procedure van de ondertekening van de Charter van de SER is het momenteel niet mogelijk om de Charter te ondertekenen. Om toch te benadrukken dat de VRZHZ het belangrijk vindt om een diverse en inclusieve werkgever te zijn en hiervoor blijvend acties in te zetten, wordt in 2024 een bestuurlijk statement opgesteld en ondertekend. Wij beschouwen het een diverse en inclusieve werkgever zijn niet als een doel op zich, maar als een denkwijze en beweging die in onze organisatie is verankerd, en dit heeft tijd nodig. De score is daarom oranje op de oorspronkelijke doelstelling (ondertekening van het Charter), maar groen wat betreft de acties die we ondernemen.
Waar staan we nu (Burap 2 2024)?
Het ondertekenen van de Charter van de SER is niet meer mogelijk. Om toch te benadrukken dat de VRZHZ het belangrijk vindt om een diverse en inclusieve werkgever te zijn en hiervoor blijvend acties in te zetten, hebben Voorzitter Wouter Kolff en directeur Caren Frentz op 27 juni de intentieverklaring diversiteit, inclusie en gelijkwaardigheid ondertekend.
Wat is het resultaat?
Het ondertekenen van de Charter van de SER is niet meer mogelijk. Om toch te benadrukken dat de VRZHZ het belangrijk vindt om een diverse en inclusieve werkgever te zijn en hiervoor blijvend acties in te zetten, hebben Voorzitter Wouter Kolff en directeur Caren Frentz op 27 juni de intentieverklaring diversiteit, inclusie en
Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
29
gelijkwaardigheid ondertekend.
Implementeren huisvestingsstrategie We vertalen de door het bestuur vastgestelde huisvestingstrategie in de praktijk en houden zicht op het meerjarenperspectief aangaande operationele en niet-operationele huisvesting, inclusief duurzaamheidsaspecten. Reden voor oranje score: dit is een voortgaande exercitie. Zo zal in 2025 het aangescherpte DMJOP aan het bestuur aangeboden worden. Resultaat (indicator) Resultaat (toelichting) Wanneer zijn we tevreden?
Onze mensen blijven goed gefaciliteerd en het naar aanleiding van de huisvestingsvisie opgestelde meerjaren-realisatie- en investeringsplan wordt gevolgd.
Waar staan we nu (Burap 1 - 2024)?
Loopt volgens planning.
Waar staan we nu (Burap 2 - 2024)?
Loopt volgens planning
Wat is het resultaat?
Conform planning werken aan het in de praktijk brengen van de door het AB vastgestelde huisvestingsstrategie.
Operationele huisvesting Voor een optimale dekking vormt operationele huisvesting een belangrijk onderdeel. Het wijzigen van huisvesting vergt in verband met de opkomst van vrijwilligers, aanrijtijden, (gebouw/brand) risicoprofiel en toekomstvastheid een gedegen onderzoek. Wij voeren deze onderzoeken uit om de meest optimale brandweerzorg te kunnen borgen. Resultaat (indicator) Resultaat (toelichting) Wanneer zijn we tevreden?
Langs de lijn van de vastgestelde huisvestingsvisie is de operationele huisvesting vormgegeven en de financiering middels het meer jaren investeringsplan gerealiseerd.
Waar staan we nu (Burap 1 2024)?
Loopt volgens planning.
Waar staan we nu (Burap 2 2024)?
Loopt volgens planning.
Wat is het resultaat?
Na de vastgestelde huisvestingsstrategie en de daarop volgende strategie in uitvoering, is en wordt uitvoering gegeven aan de bestuurlijke opdracht waarbij de brandweerhuisvesting wordt gekoppeld aan het dekkingsplan. Daarnaast is in 2024 het herziene Meerjarenonderhoudsplan opgesteld, waarbij ook nadrukkelijk naar verduurzaming van het vastgoed is gekeken. Deze uitwerking ligt begin 2025 ter
Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
30
besluitvorming voor bij het AB. Tegelijk is in 2024 verder uitvoering gegeven aan de voorbereidingen voor de nieuwbouw in Dordrecht (Oranjepark) en Sliedrecht. Beide projecten lopen volgens planning, zowel financieel als in tijd.
Vergroening wagenpark Een onderdeel van het maatschappelijk verantwoord ondernemen is de keuze om te kiezen voor vergroening van ons wagenpark. Hier wordt planmatig uitvoering aan gegeven. Resultaat (indicator) Resultaat (toelichting) Wanneer zijn we tevreden?
De vergroening van het wagenpark is volgens het meerjarig plan van aanpak uitgedacht (inclusief financiering) en deels uitgevoerd, inclusief aanpassing van het meerjareninvesteringsplan.
Waar staan we nu (Burap 1 2024)?
De vergroening van het wagenpark (alternatief aangedreven) heeft vooralsnog alleen betrekking op de dienstvoertuigen (regulier/standaard en piketvoertuigen) en de dienstbussen. De andere voertuigen zoals tankautospuiten, autoladders en schuimblusvoertuigen worden hierin (nog) niet meegenomen. Met betrekking tot de elektrificatie van de dienstauto’s en dienstbussen in relatie tot het Meerjarig investeringsplan dienen 2 zaken te worden verwerkt. Dit betreft ten eerste de aanpassing van MJIP op basis van aanschafprijzen (elektrische voertuigen kosten meer) van de daarin opgenomen voertuigen. Ten tweede dient de laadinfrastructuur toekomstbestendig te worden opgenomen in het MJIP. Met betrekking tot het eerste deel, aanpassing van het MJIP o.b.v. aanschafprijzen, is de inventarisatie van de meerkosten over de komende 15 jaar in beeld gebracht. Dit overzicht is eind 2023 met het AB gedeeld. De bekostiging van de meerkosten is nog niet gerealiseerd. Wel is er een eerste kleine stap gezet door inkrimping van het wagenpark en een eenmalige storting vanuit het positieve resultaat van 2023. Om tot een structurele oplossing te komen voor de komende jaren is echter veel meer nodig. Met betrekking tot de laadinfra is er haast, aangezien de eerste auto’s er al zijn, maar de laadinfra nog onvoldoende beschikbaar is.
Daarnaast is afgesproken dat de laadinfrastructurele investeringen worden opgenomen in het MJIP. Het plan hiervoor is nog niet gereed. De informatie gegeven in het veld bij Burap I 2024 als het gaat om het eerste deel van de vergroening van het wagenpark (de aanpassing van het MJIP op basis van aanschafprijzen) is nog actueel.
Waar staan we nu (Burap 2 2024)?
Met betrekking tot de laadinfra zijn er flinke en goede stappen gezet. Hiermee is de laadinfra eind dit jaar voor de eerste aanzet voldoende gereorganiseerd. Daarnaast is afgesproken dat de laadinfrastructurele investeringen worden opgenomen in het MJIP en waar nodig mee groeien met de elektrificatie van het wagenpark. Het plan hiervoor is nog niet gereed. Er is nog geen geld gerealiseerd voor de extra investeringen.
Wat is het resultaat?
In 2024 zijn er meerdere laadpunten op de basis+ posten en op het Leerpark gerealiseerd. Dit voldoet naar verwachting voor nu en de komende jaren. Het meerjareninvesteringsplan (MJIP) is nog niet bijgewerkt aangaande de toekomstige investeringen t.a.v. de laadinfrastructuur. Eind 2024 is gestart met het aanbestedingsproject voor dienstvoertuigen. Dit project
Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
31
wordt in 2025 afgerond en moet leiden tot een gunning. In 2023 is richting het AB aangegeven dat de bedragen in het MJIP niet toereikend zijn voor het dragen van de meerkosten die de elektrificatie van voertuigen met zich meebrengt. Voor de eerstkomende jaren lijkt dit vooral door het relatief lage vervangingsvolume en het doorvoeren van wijzigingen in ons wagenpark opgevangen te kunnen worden binnen het MJIP. Na 2027 gaat dit echt niet meer en zijn de vervanging volumes dermate hoog dat er in aanloop daarop correcties moeten plaatsvinden die leiden tot serieuze bedragen.
Vinden, binden en boeien De Veiligheidsregio op de kaart zetten als werkgever in een dynamische arbeidsmarkt door continu zichtbaar en onderscheidend te zijn voor iedereen. Resultaat (indicator) Resultaat (toelichting)
Wanneer zijn we tevreden?
Een verbetering van de positie van de VRZHZ op de arbeidsmarkt, zich uitend in het kunnen vervullen van vacatures en een lage uitstroom. Het in 2023 opgezette programma leidt tot het kennismaken met zowel de buitenwereld als de binnenwereld met de VRZHZ: de mensen, de functies, de taken. We enthousiasmeren door een kijkje in de spreekwoordelijke keuken. Daarnaast blijft de huidige bezetting geboeid en wil zich aan ons blijven verbinden.
Waar staan we nu (Burap 1 2024)?
Loopt volgens planning.
Waar staan we nu (Burap 2 2024)?
In het samenvattend beeld (paragraaf 1.1) zijn 3 zaken gedeeld die vanuit personeelszorg onze inzet en aandacht vragen.
Wat is het resultaat?
Zie Burap-2
Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
32
4. Projecten Projecten 2024
Project
Begroting
Begroting
Primair
Burap-II
2024
2024
Bedragen (x €1.000) Lasten
project USAR
Saldo
2024 200
190
10
project Oekraïne
1.600
1.405
195
project COA
6.700
6.023
677
8.500
7.619
881
Subtotaal lasten Baten
Realisatie
project USAR
-200
-190
-10
project Oekraïne
-1.600
-1.405
-195
project COA
-6.700
-6.023
-677
-8.500
-7.619
-881
0
0
0
Subtotaal baten Totaal lasten-baten Stand per 31-12-2024
Oekraïne In onderstaande tabel wordt een specificatie weergegeven van de lasten en baten voor het project Oekraïne voor het jaar 2024. Totaal saldo lasten/baten voor VRZHZ
Lasten
Baten
Totaal
Inzake Oekraïne 2024 Loonkosten
127.809
127.809
Ingeleend personeel
976.413
976.413
Levensonderhoud
11.957
11.957
Medische hulp
221.006
221.006
Overige projectkosten
68.252
68.252
Baten Rijk
1.234.900
-1.234.900
Baten overig
170.537
-170.537
1.405.437
0
Totaal
1.405.437
Het regionale samenwerkingsverband, waarvan de ondersteuningsorganisatie is ondergebracht bij de VRZHZ, vervult met ingang van 2024 de taak van operationele coördinatie in het kader van de Oekraïense ontheemden en de coördinatie van de regionale asielopgave. De VRZHZ vormt de juridische entiteit onder het samenwerkingsverband. In 2024 is € 1,4 mln. aan kosten gemaakt. Vanuit het Rijk zijn middelen ontvangen voor de coördinatie en eerste opvang van ontheemden uit Oekraïne. Het programmateam heeft onder meer zorggedragen voor de coördinatie en spreiding van Oekraïense ontheemden in de regio. Daarnaast is zorg verleend aan de Oekraïense ontheemden, in de vorm van psychosociale hulpverlening en huisartsenzorg. Naast de middelen vanuit het Rijk zijn gelden vanuit de provincie Zuid-Holland ontvangen in het kader van de regionale asielopgave. In 2024 zijn op diverse thema’s in de regio werkgroepen actief geweest en ook is de regionale regietafel van start gegaan. Ook is in de maand oktober een regionaal asielplan opgeleverd. COA In onderstaande tabel wordt een specificatie weergegeven van de lasten en baten voor het project COA (tijdelijke gemeentelijke opvang) voor het jaar 2024.
Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
33
Totaal saldo lasten/baten voor VRZHZ
Lasten
Baten
Totaal
Inzake COA 2024 Ingeleend personeel
4.425.544
4.425.544
Inrichting locaties
12.436
12.436
Levensonderhoud
561.746
561.746
Huur
163.080
163.080
Medische hulp
105.796
105.796
Overige projectkosten
707.987
707.987
Energie
46.633
Baten COA Totaal
6.023.222
46.633 6.023.222
-6.023.222
6.023.222
0
Voor het realiseren van tijdelijke gemeentelijke opvang (voorheen: crisisnoodopvang) heeft de VRZHZ hoge kosten gemaakt. In 2024 is voor een bedrag van ruim € 6,0 mln. aan lasten gemaakt. Het grootste deel van de kosten betreft lasten voor de huur van locaties, inhuur van extern personeel om de locaties draaiende te houden, beveiliging en het levensonderhoud van asielzoekers. Begin 2024 was nog sprake van drie opvanglocaties, waarna vanaf maart twee locaties tot het einde van het jaar zijn geëxploiteerd: Sliedrecht en Bleskensgraaf. Alle kosten die de VRZHZ heeft gemaakt in het kader van tijdelijke gemeentelijke opvang zijn door het COA vergoed. Het COA biedt twee mogelijkheden voor vergoeding: vergoeding van de werkelijke kosten of vergoeding op basis van een forfaitair bedrag voor het aantal gerealiseerde opvangplekken in onze regio. Aangezien de kosten van de opvanglocaties in 2024 duidelijk onder dit forfaitaire bedrag lagen, is gekozen voor vergoeding op basis van het forfaitaire bedrag. Hierbij is het verschil als balanspost opgenomen. Per 1-1-2025 is de verantwoordelijkheid voor de exploitatie van de locaties Sliedrecht en Bleskensgraaf overgegaan naar het COA respectievelijk Het Rode Kruis. Het project waarbij de VRZHZ zelf locaties exploiteert zal na een warme overdracht in de loop van 2025 worden afgerond.
Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
34
A. Jaarverslag
Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
35
5. Paragrafen Conform het besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (hierna: BBV) zijn in de jaarstukken de volgende paragrafen van toepassing. 1. Weerstandsvermogen en risicobeheersing; 2. Onderhoud kapitaalgoederen; 3. Financiering; 4. Bedrijfsvoering; 5. Verbonden partijen.
5.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de financiële positie in relatie tot het weerstandsvermogen en de risico’s. Onder weerstandsvermogen en risicobeheersing wordt in algemene zin verstaan de mogelijkheid om potentiële tegenvallers op te vangen. Conform besluit 2018 664A houdt VRZHZ een eenvoudige, bescheiden buffer aan van 1% van het totaal van de lasten van het volgende begrotingsjaar met een minimum van € 500.000. Het AB heeft voor een bescheiden buffer gekozen, omdat bij de gemeenten zelf ook buffers aanwezig zijn.
5.1.1 Weerstandscapaciteit Of VRZHZ in staat is de gevolgen van de risico’s op te vangen zonder dat het beleid of de uitvoering daarvan in gevaar komt, wordt weergegeven door de 'weerstandscapaciteit'. Onder weerstandscapaciteit verstaan we de middelen en mogelijkheden die de VRZHZ heeft om onverwachte, niet-begrote kosten te kunnen dekken. Het geld en de mogelijkheden bestaan onder andere uit het vrij aanwendbare gedeelte van de algemene reserve en de post onvoorzien die in de begroting is opgenomen. De benodigde weerstandscapaciteit is afhankelijk van de aard en de omvang van de risico’s waar we mee worden geconfronteerd (risicoprofiel), bijvoorbeeld financiële risico’s binnen projecten. Voor deze risico’s kunnen geen verzekeringen worden afgesloten of voorzieningen worden gevormd, omdat de risico’s zich niet regelmatig voordoen en niet goed meetbaar zijn. De weerstandscapaciteit betreft de middelen en de mogelijkheden waarover VRZHZ beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken. De weerstandscapaciteit van VRZHZ bedraagt € 510.000 (1% van het totaal aan lasten met een minimum van € 0,5 miljoen) en is in de onderstaande tabel nader toegelicht. Ten opzichte van de jaarstukken 2023 is de weerstandscapaciteit ongewijzigd. Beschikbare weerstandscapaciteit (in €)
ultimo 2024
ultimo 2023
Algemene reserve per 31 december
500.000
500.000
Onvoorzien
10.000
10.000
510.000
510.000
Totale weerstandscapaciteit
5.1.2 Risico’s Een risico is een kans op het optreden van een positieve dan wel negatieve gebeurtenis van materieel belang die niet is voorzien in de begroting. In de onderstaande tabel wordt een geactualiseerd overzicht van de huidige risico’s gepresenteerd. Indien risico’s zijn afgedekt middels maatregelen zoals het afsluiten van verzekeringen, het vormen van voorzieningen, het creëren van (bestemmings)reserves en het inrichten van de administratieve organisatie en interne controle, zijn ze niet opgenomen in deze paragraaf. Voor de volledige beschrijving van de risico’s wordt verwezen naar bijlage “Risico’s”. Op 5 december 2024 heeft het Algemeen Bestuur ingestemd met de geactualiseerde risicoanalyse. In deze risicoanalyse zijn de risico’s benoemd vanuit het beleidsplan 2022-2025, jaarrekening 2023, Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
36
regionaal risicoanalyse, fraudebeleid 2023 en overige bevindingen. Op advies van de gemeentes is een simultaniteitspercentage gehanteerd van 50% en zijn financiële risico's <€25.000 geëlimineerd uit de berekening van het benodigde weerstandsvermogen. Het benodigd weerstandsvermogen komt uit op €906.500. Nr. Risico
Financiële
Kans Factor I/S*
Benodigde
gevolgen
I=1
weerstandscapaciteit
(in €)
(%)
S=4
1.
Langdurige calamiteit
500.000
40%
1
I
200.000
2.
Uitval middelen en ICT
200.000
40%
1
I
80.000
3.
Deeltijdrichtlijn
100.000
50%
1
I
50.000
4.
Kortstondige dienstverbanden van vrijwilligers
200.000
50%
4
S
400.000
5.
Eigen risicodrager WW
520.000
10%
4
S
208.000
6.
C2000-randapparatuur
750.000
50%
1
I
375.000
7.
Frauderisico's samenhangend met inkoop (algemeen)
100.000
50%
1
I
50.000
8.
Oprichting Risk Factory Zuid-Holland-Zuid
250.000 100%
1
I
250.000
9.
Continuïteit procesgang
200.000
4
S
25%
(in €)
200.000
Toepassing simultaniteit 50 %
-906.500
Totaal benodigde weerstandscapaciteit
906.500
* Bij een structureel risico gaan wij conform ons beleid uit van 4 jaar.
5.1.3 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Ambities kunnen niet gerealiseerd worden zonder risico’s te nemen. Risico’s horen bij het proces van verandering. Het weerstandsvermogen geeft aan in welke mate de organisatie in staat is om financiële tegenvallers zelf op te vangen en hoe robuust de financiële positie van de organisatie is. Weerstandscapaciteit verwijst naar alle middelen en mogelijkheden waarover de organisatie beschikt of kan beschikken om onverwachte, niet-begrote kosten te dekken. Bij de weerstandscapaciteit van de VRZHZ kunnen ook de buffers die bij de gemeentes aanwezig zijn worden betrokken. De weerstandscapaciteit is dus ruimer dan het weerstandvermogen. Hieronder is de ratio weerstandvermogen weergegeven. Dat is de relatie tussen het beschikbare weerstandsvermogen en het benodigde weerstandsvermogen. Deze is als volgt berekend: Weerstandsvermogen Ratio weerstandsvermogen =
Beschikbaar weerstandsvermogen
€510.000 >
Benodigde weerstandsvermogen
€906.500
0,56
Aan deze ratio is de volgende waardering toegekend: Waardering
Ratio
Betekenis
A
> 2,0
Uitstekend
B
1,4 - 2,0
Ruim voldoende
C
1,0 - 1,4
Voldoende
D
0,8 - 1,0
Matig
E
0,6 - 0,8
Onvoldoende
F
< 0,6
Ruim onvoldoende
VRZHZ streeft naar een voldoende waardering. Hiervan is sprake bij een waardering van 1,0 of hoger. De positieve financiële uitkomsten van deze jaarrekening, zijn incidenteel van aard. Dit geeft een beeld dat het schikbare weerstandsvermogen ontoereikend is om risico’s zoals in de tabel genoemd op te kunnen vangen. Het tekort aan weerstandsvermogen wordt afgevangen via het weerstandsvermogen van de deelnemende gemeenten, ervan uitgaande dat die conform de afspraken hun risicobuffer op orde hebben. Ten opzichte van 2023 is het benodigde weerstandsvermogen afgenomen met € 759.300, o.a. als gevolg van de toepassing van simultaniteit van 50% . Daarmee is de ratio weerstandsvermogen gestegen tot 0,56 (2023: 0,31). Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
37
5.1.4 Financiële kengetallen In de volgende tabel is een aantal kengetallen opgenomen die inzichtelijk maken over hoeveel (financiële) ruimte VRZHZ beschikt om structurele en incidentele lasten op te kunnen vangen. Kengetallen
Verloop van de kengetallen Realisatie
Begroting
Realisatie
2023
2024
2024
Netto schuldquote
88,5%
186,2%
104,9%
Netto schuldquote gecorrigeerd
86,3%
177,2%
102,6%
Solvabiliteitsratio
7,2%
1,5%
8,3%
Structurele exploitatieruimte
4,6%
0,1%
-0,1%
Onderstaande signaleringswaarden zijn afgesproken: Kengetallen
gezond
neutraal
risicovol
Netto schuldquote
<90%
90-130%
>130%
Netto schuldquote gecorrigeerd
<90%
90-130%
>130%
Solvabiliteitsratio
>50%
20-50%
<20%
Structurele exploitatieruimte
>0,4%
-0,4% tot 0,4%
<-0,4%
Omschrijving (toelichting) Netto schuldquote Dit cijfer geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft dus een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de afschrijvingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is gunstig. De provincie adviseert om 130% als maximum norm te hanteren. Een en ander hangt samen met de bewuste keuze van het bestuur voor een bescheiden algemene reserve. De stijging van de schuldquote ten opzichte van 2023 wordt veroorzaakt doordat de baten van COA en Oekraïne zijn afgenomen. Netto schuldquote gecorrigeerd Omdat bij leningen onzekerheid kan bestaan of ze allemaal worden terugbetaald, wordt dit kengetal zowel berekend inclusief als exclusief de doorgeleende gelden. Zo wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en wat dit betekent voor de schuldenlast. Hoe lager deze percentages, hoe beter. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin VRZHZ in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger dit percentage, hoe groter de weerbaarheid. Zowel de solvabiliteit als de verhouding tussen het eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen is verbeterd ten opzichte van vorig jaar. Dit komt met name door de toename van het eigen vermogen (reserves).
Structurele exploitatieruimte Dit cijfer helpt mee om te beoordelen hoe groot de structurele exploitatieruimte is om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Wanneer dit cijfer negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. Een positief cijfer betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de financieringslasten) te dekken. Een cijfer van rond de nul (tussen -0,4 en 0,4) betekent dat structurele baten en lasten min of meer in evenwicht zijn. De daling wordt veroorzaakt door de minimale structurele ruimte binnen de begroting.
Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
38
5.2 Onderhoud kapitaalgoederen 5.2.1 Vastgoedbeheer Het beheer en onderhoud zijn planmatig georganiseerd en gericht op het behoud van het gewenste kwaliteitsniveau waarin de beoogde functie van gebruik ongestoord mogelijk wordt gemaakt. Het onderhoud is uitgewerkt in een 4-jaarlijks te actualiseren Meerjaren Onderhoudsplan (MJOP). Sinds 1 januari 2016 heeft VRZHZ panden in eigendom. Voor het onderhoud van deze panden is een voorziening ingesteld. In deze voorziening wordt jaarlijks een bedrag gestort. Gedurende het jaar worden de uitgaven gemonitord en gevolgd. Eventuele aanpassingen worden gerapporteerd in de financiële en bestuurlijke planning & control cyclus. De hoogte van de actuele voorzieningen, waaronder MJOP’s liggen, is gepresenteerd in tabel 7.2.3.
5.2.2 Voertuigen, persoonlijke bescherming en uitrusting Materieel & Logistiek Onderhoud en reparatie aan voertuigen, persoonlijke bescherming en uitrusting voert de afdeling Materieel & Logistiek van de VRZHZ zelfstandig, dan wel onder regie extern uit. Hiervoor heeft zij in Dordrecht werkplaatsen ingericht. Onderhoud wordt uitgevoerd op basis van onderhoudsbladen en een onderhoudssysteem. Onze mensen zijn gecertificeerd om deze werkzaamheden uit te voeren. Wij werken vanuit een meerjarig investeringsplan. Het meerjarig investeringsplan (MJIP) blijft ongewijzigd werken vanuit de methode 'technische afschrijving' die inzicht geeft in de te vervangen middelen (o.a. vaar- en voertuigen, persoonlijke beschermingsmiddelen). Wijzigingen worden vooraf, maar ook tussentijds bij onverwachte problemen, ter besluitvorming voorgelegd aan het directieteam en worden via de bestuursrapportages doorgeleid aan het algemeen bestuur. Het MJIP geeft duidelijke richtinggevende kaders aan met betrekking tot de beschikbare budgetten voor de uitvoering van de desbetreffende jaarschijf. Een punt van aandacht blijft echter de prioritering, de geldende regelgeving, de beschikbare menskracht ten behoeve van de uitvoering alsmede de planning van de leveringsketen. Het doorschuiven van een investering is uiteraard niet wenselijk, maar in sommige gevallen onvermijdelijk.
Voor sommige kosten van onderhoud zijn er ook voorzieningen getroffen (schuimblusvoertuigen, groot onderhoud blusboot en groot onderhoud materieel). In 2024 zijn de geplande investeringen slechts deels volgens planning gerealiseerd en is er circa 3 miljoen aan materieel uitgegeven. De grootste investeringen betreffen de resterende aanschaf van kleding, het CoPI-voertuig en ICT bedrijfsvoering. Er is echter ruim 5 miljoen aan kredieten doorgeschoven, wat grotendeels te verklaren is door vertraging in levering van schuimblusvoertuigen.
5.3 Financiering 5.3.1 Renteontwikkeling en -resultaat De rentevergoeding op de rekening-courant is gelijk aan de daggeldrente. Ultimo 2023 was de rente 3,905%. Ultimo boekjaar is het rentepercentage 2,736% . De gerealiseerde rentebaten zijn in 2024 €727.313. De totale rentelast bedraagt €434.682. Het renteresultaat 2024 is €292.631. De rentebaten zijn onze rente-inkomsten op ons schatkistsaldo. Door uitgestelde investeringen, de jaarlijkse ontvangst van een lening tranche van 7,5 miljoen, de lage rentetarieven die we betalen, en de hoge rente die we ontvangen op onze schatkist, hebben we tijdelijk meer liquide middelen beschikbaar gehouden, wat bijdraagt aan een hoger saldo in de schatkist.
Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
39
5.3.2 Kasgeldlimiet Onder kasgeldlimiet wordt verstaan: 'een bedrag ter grootte van een percentage van het totaal van de jaarbegroting bij aanvang van het jaar'. Op grond van artikel 2, lid 1 van de uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden is de kasgeldlimiet voor de gemeenschappelijke regelingen vastgesteld op 8,2% . De kasgeldlimiet is een instrument om het renterisico op de netto vlottende schuld te beperken. Hiermee wordt voorkomen dat fluctuaties in de korte rente (maximaal 1 jaar) een relatief grote impact op de rentelasten hebben. De kasgeldlimiet is bepaald op een bij ministeriële regeling vastgesteld percentage van de jaarbegroting, zoals deze bij aanvang van het jaar is vastgesteld, met een ministeriële regeling vastgesteld minimumbedrag. Saldo ultimo maand
1
2
3
Vlottende korte schuld
Vlottende middelen
Netto vlottende schuld (+) dan wel netto vlottende middelen (-)
4
Gemiddelde netto vlottende schuld (+) dan wel gemiddelde overschot vlottende middelen (-)
mnd
x mnd x mnd x mnd x €1.000 €1.000 €1.000 €1.000
1
0
4
0
7
0 10
0
2
0
5
0
8
0 11
0
3
0
6
0
9
0 12
0
1
3.958
4
14.660
7
13.466 10
14.525
2
15.986
5
22.211
8
18.350 11
23.018
3
20.068
6
17.186
9
18.550 12
21.485
1
-3.958
4
-14.660
7
-13.466 10
-14.525
2
-15.986
5
-22.211
8
-18.350 11
-23.018
3
-20.068
6
-17.186
9
-18.550 12
-21.485
-16.788
-19.676
-13.337
-18.019
5
Kasgeldlimiet
4.268
4.268
4.268
4.268
6a
Ruimte onder kasgeldlimiet (5-4)
17.605
22.287
21.056
23.943
6b
Overschrijding van de kasgeldlimiet (4-5)
7
Begrotingstotaal
8 9
0
0
0
0
52.044
52.044
52.044
52.044
Percentage regeling
8,2%
8,2%
8,2%
8,2%
Kasgeldlimiet
4.268
4.268
4.268
4.268
Toelichting Post 1: het gezamenlijke bedrag van: 1. opgenomen gelden met een oorspronkelijke rentetypische looptijd van korter dan 1 jaar, 2. de schuld in rekening-courant, 3. de voor een termijn van korter dan 1 jaar ter bewaring in de kas gestorte gelden van derden, 4. overige geldleningen die geen onderdeel uitmaken van de vaste schuld. Post 2: het gezamenlijke bedrag van: 1. de tegoeden in rekening-courant, 2. de overige uitstaande gelden met een rentetypische looptijd van korter dan 1 jaar. Post 7: Begrotingstotaal: De stand van de begroting per 1 januari van het desbetreffende jaar.
5.3.3 Renterisiconorm Onder renterisiconorm wordt verstaan: “een bedrag ter grootte van een percentage van het totaal van de vaste schuld bij aanvang van het jaar”. Op grond van artikel 2, lid 2 van de uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden (Wet Fido) is de renterisiconorm voor de gemeenschappelijke regelingen vastgesteld op 20% met een minimum van € 2,5 miljoen . Dit houdt in dat in een jaar niet meer dan 20% van het begrotingstotaal aan herfinanciering of renteherziening toegestaan is. Het Rijk heeft het maximumpercentage ingesteld om ervoor te zorgen dat de rentelast over de jaren min of meer Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
40
stabiel blijft. De renterisiconorm is in 2024 niet overschreden, zoals blijkt uit onderstaande tabel. Bedragen x € 1.000
Begroting
1) Renteherzieningen 2) Aflossingen
Realisatie -
-
3.758
4.260
3) Renterisico (1+2)
3.758
4.260
4) Renterisiconorm komend jaar
10.409
13.442
5a) Ruimte onder renterisiconorm (= 4>3)
6.651
9.182
5b) Overschrijding renterisiconorm (= 3>4)
0
0
Berekening renterisiconorm Begrotingstotaal komend jaar
52.044
67.210
Percentage
20,00%
20,00%
Regeling (4)
10.409
13.442
5.3.4 EMU saldo Het EMU-saldo geldt binnen de Europese Unie als een indicator om de gezondheid van de overheidsfinanciën te kunnen bepalen. Dit cijfer geeft aan of een overheid een overschot of een tekort heeft. Dit cijfer moet opgenomen worden, omdat het Rijk een verplichting heeft naar Europa.
EMU-SALDO
T-1
T
2023
2024
1.788 1.177 Financiële vaste activa Activa
Vlottende activa
Mutaties (1 januari tot 31 december)
Kapitaalverstrekkingen en leningen
0
Uitzettingen
-11.466
9.730
2
-1
Overlopende activa Passiva Vlottende passiva
-220
0
Liquide middelen Vaste Passiva
1.380
Uitzettingen
Vaste schuld
1.868 -3.082 3.742
3.240
Vlottende schuld
-11.992
-429
Overlopende passiva
-1.980
2.222
226
216
Eventuele boekwinst bij verkoop effecten en (im) materiële vaste activa
5.3.5 Schatkistbankieren Het schatkistbankieren is in de loop van 2013 geïntroduceerd. Alle decentrale overheden dienen het overgrote deel van hun overtollige middelen aan te houden in de schatkist. Dit gebeurt op een rekeningcourant bij het Agentschap van het ministerie van Financiën. Met overtollige middelen worden de liquide middelen bedoeld die (nog) niet nodig zijn voor het uitvoeren van de publieke taak. Om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen, is een drempelbedrag vastgesteld, afhankelijk van het begrotingstotaal, dat buiten de schatkist mag worden gehouden. Het drempelbedrag voor 2024 is gelijk aan 2,00% van het begrotingstotaal indien het begrotingstotaal lager is dan €500 miljoen. Indien het begrotingstotaal hoger is dan €500 miljoen is de drempel gelijk aan €10 miljoen plus 0,2% van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat. De drempel is nooit lager dan €1.000.000. De benutting van het drempelbedrag wordt berekend als gemiddelde over alle dagen in het kwartaal. Gemiddeld mag een decentrale overheid dan ook maximaal het drempelbedrag buiten de schatkist hebben gehouden. De berekening van het drempelbedrag van de VRZHZ is opgenomen in onderstaande tabel.
Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
41
Bedragen x € 1.000
Kwartaal
Kwartaal
Kwartaal
Kwartaal
1
2
3
4
Gemiddelde saldo overtollige middelen (4)
307
306
306
306
5) Drempelbedrag
1.041
1.041
1.041
1.041
6a) Ruimte onder drempelbedrag (5-4)
734
735
735
735
6b) Overschrijding van het drempelbedrag (4-5)
0
0
0
0
Begrotingstotaal (5a)
52.044
52.044
52.044
52.044
Percentage regeling (5b)
2,00%
2,00%
2,00%
2,00%
Berekening drempelbedrag (5= 5a x 5b)
5.3.6 Kredietrisico's In verband met de beëindiging van de samenwerking met de private partij VRZHZ Participatie BV is door VRZHZ Participatie B.V. een transitievergoeding betaald waarvoor VRZHZ een langlopende lening heeft verstrekt voor een bedrag van € 1.200.000. Jaarlijks wordt een bedrag van € 120.000 afgelost, waarna de resterende hoofdsom ultimo 2024 €120.000 bedraagt. Als gevolg van de fusie is de vordering van rechtswege overgegaan op Spinel Veiligheidscentrum B.V. In 2023 is er in verband met de gedane investering aan het Bedrijfsgebouw bij Spinel Veiligheidscentrum een lening overeenkomst gesloten van €1.500.000. Deze geldlening heeft een looptijd van 15 jaar, tegen een vaste rente van 3,55% per jaar. De aflossing per kwartaal zal € 25.000 bedragen. Ultimo 2024 bedraagt de resterende hoofdsom €1.400.000. Naar verwachting wordt het boekjaar 2024 van Spinel Veiligheidscentrum B.V. positief afgesloten. In 2024 heeft Spinel Veiligheidscentrum B.V. voldaan aan haar betalingsverplichtingen. Door de verstrekking van de nieuwe geldlening en de aflossing is het totale kredietrisico vermeerderd ten opzichte van vorig jaar. De liquiditeitspositie van Spinel Veiligheidscentrum B.V. is verbeterd. De verbeterde positie treft u ook aan in de geactualiseerde risico-paragraaf. Zie hiervoor hoofdstuk 6.5 Verbonden Partijen en bijlage 4.
Kredietrisico (ultimo 2024 in €) Garanties t.b.v. rechtspersonen
Gegarandeerd/verstrekt bedrag
Kredietrisico
385.733
3.857
Verstrekte leningen
1.520.000
15.200
Totaal
1.905.733
19.057
5.3.7 Rentetoerekening Het toerekenen van rente aan de taakvelden vindt vanaf 2018 conform de gewijzigde BBV plaats via het taakveld Treasury. Hiertoe worden alle rentelasten en rentebaten in eerste instantie op het taakveld Treasury geboekt. In onderstaand schema is weergegeven hoe de rentetoerekening voor de jaarrekening 2024 heeft plaatsgevonden. Rentetoerekening
x €1.000
Externe rentelasten over de korte en lange financiering
435
Externe rentebaten over de korte en lange financiering
-495
Saldo rentelasten en rentebaten
-60
Rentelast projectfinanciering aan taakveld doorberekenen
0
Totaal geraamde aan taakvelden toe te rekenen rente
-60
Werkelijk aan taakvelden toegerekende rente
-727
Gerealiseerd renteresultaat op taakveld Treasury
-788
Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
42
5.3.8 Financieringspositie Ultimo 2024 is het saldo van de liquide middelen € 307.760. Door het aanhouden van de overtollige middelen in de schatkist wijkt het saldo niet substantieel af van het saldo ultimo 2023. In het kasstroomoverzicht wordt de mutatie van de liquide middelen onderbouwd. Kasstroomoverzicht
2024
2023
1. Kasstroom uit operationele activiteiten Bedrijfsresultaat
2.228.525
4.230.939
Correcties voor: Afschrijvingen Afschrijvingen desinvesteringen
5.583.314
4.633.544
(2.225.548)
(2.522.237)
Afschrijvingen immateriële vaste activa Onttrekkingen reserveringen t.g.v. exploitatie
207.199
207.199
(1.352.307)
(1.131.156)
Toevoegingen reserveringen t.l.v. exploitatie
25.398
3.825.934
Toevoegingen reserveringen t.l.v. resultaat vorig jaar
2.646.029
(1.540.644)
Voorzieningen
(320.391)
518.795
2.674.694
3.101.947
98.572
(340.110)
Veranderingen in vlottende middelen: Vorderingen op openbare lichamen Voorraad Overige vorderingen en overlopende activa Crediteuren
2.979.025
(684.395)
(1.365.194)
(1.909.777)
Overige schulden en overlopende passiva
3.229.936
(2.871.388)
Uitzettingen in 's Rijks schatkist
(11.023.379)
7.687.913
Rekening Courant
(1.350.000)
(100.000)
Kasstroom uit operationele activiteiten
-192.650
8.875.624
2. Kasstroom uit investeringsactiviteiten Investeringen (materiële vaste activa)
(2.935.802)
(10.296.072)
Investeringen (financiële vaste activa)
-
-1.500.000
1.669.285
3.289.155
220.000
120.000
Desinvesteringen (materiële vaste activa) Aflossingen op leningen u/g Kasstroom uit investeringsactiviteiten
-1.046.518
(8.386.917)
3. Kasstroom uit financieringsactiviteiten Uitkering t.g.v. reserves uit resultaat voorgaand jaar
(4.230.939)
1.540.644
Ontvangsten uit langlopende leningen
-
7.500.000
Ontvangsten uit kasgeldleningen
-
-10.000.000
3.240.252
(3.757.994)
Aflossingen op leningen o/g Kasstroom uit financieringsactiviteiten
-990.686
-4.717.350
-1.330
2.296
Saldo liquide middelen 1 januari
309.089
306.794
Saldo liquide middelen 31 december
307.760
309.089 -1.330
2.296
5.4 Bedrijfsvoering De paragraaf 'Bedrijfsvoering' behoort tot de bij het BBV verplichte paragrafen. VRZHZ hanteert in haar programmabegroting en programmaverantwoording vier beleidsdoelstellingen. Eén hiervan betreft de beleidsdoelstelling 'Investeren in bedrijfsvoeringsprofessionaliteit', welke gewijd is aan de bedrijfsvoering Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
43
van de Veiligheidsregio. Omwille van de leesbaarheid en om doublures te voorkomen verwijzen wij u voor de inhoudelijke verantwoording over de bedrijfsvoering naar hoofdstuk 3.4. Ten aanzien van de bedrijfsvoering worden de volgende kentallen gerapporteerd: Kengetal Personeelsleden in dienst Instroom Uitstroom
2024
2023
Medewerkers
339
336
Vrijwilligers
684
732
Medewerkers
37
14
Vrijwilligers
64
325
Medewerkers
29
11
Vrijwilligers
43
31
6,51%
4,40%
Ziekte
Verzuim
Personeelskosten
Medewerkers
€29.584.584
€26.703.316
Vrijwilligers
€3.804.743
€3.879.207
Personeel van derden
Kosten
€1.359.456
€1.106.305
Automatisering
Kosten
€2.726.613
€1.788.273
Rechtmatigheidsverantwoording Toelichting rechtmatigheidsverantwoording Op 23 februari 2023 heeft het algemeen bestuur ingestemd met de notitie Rechtmatigheidsverantwoording met de daarin verwoorde voorstellen. Dit zijn de voorstellen: 1) om als basis ambitieniveau de financiële rechtmatigheidsverklaring af te laten geven door het DB vanaf het boekjaar 2023; 2) om 3% van het lastentotaal (inclusief dotaties aan reserves) te hanteren als tolerantiegrens (verantwoordingsgrens), waarboven afwijkingen moeten worden toegelicht in de rechtmatigheidsverantwoording van de jaarrekening. Het gaat om afwijkingen in de vorm van posten die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen, posten waarbij voor de organisatie onduidelijkheid bestaat over de rechtmatigheid en om deze tolerantiegrens op te laten nemen in het Controleprotocol inclusief Normenkader 2024; 3) om, naast afwijkingen die boven de eerdergenoemde 3% uitkomen, ook afwijkingen vanaf 1% in de paragraaf bedrijfsvoering toe te lichten (rapportagegrens) en deze rapportagegrens op te nemen in het Controleprotocol inclusief Normenkader 2023. De geconstateerde afwijkingen ten aanzien van het begrotingscriterium komen boven de tolerantiegrens van 3% uit. Vanwege de omvang zijn de geconstateerde afwijkingen in de rechtmatigheidsverantwoording toegelicht.
De afwijkingen vallen voor het overgrote deel onder het begrotingscriterium dat geheel als acceptabel wordt geduid, omdat ze tijdig aan het bestuur zijn gemeld. Derhalve blijft alleen de overschrijding op de investeringsbudgetten in het saldo aan begrotingsonrechtmatigheden staan. Daarnaast is in de rechtmatigheidsverantwoording de onrechtmatigheid op het voorwaarden criterium toegelicht. De onrechtmatigheid betreft de overtreding van de Europese aanbestedingswetgeving. Het totaalbedrag van €829.000 is terug te voeren op 8 crediteuren waarvan de totale besteding over 4 jaren de Europese aanbestedingsgrens hebben overschreden.
5.5 Verbonden partijen In de volgende tabellen is opgenomen in hoeverre de verbonden partijen hebben bijgedragen aan het behalen van de doelstellingen van de VRZHZ (zoals opgenomen in de begroting).
Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
44
Verbonden partij
Spinel Veiligheidscentrum B.V. te Dordrecht
Aard activiteiten en financiering
De vennootschap is eigenaar en exploitant van het opleidings- en oefenterrein voor brandweer en hulpdiensten, gelegen aan Spinel 100 te Dordrecht. De vennootschap heeft een eigen begroting, jaarrekening en financiële administratie cf. Titel 9 BW2. Huisbankier is BNG Bank. De VRZHZ staat, als enig aandeelhouder, garant voor de financiering bij de BNG Bank. De VRZHZ betaalt een bijdrage voor het opleiden, trainen en oefenen van repressief personeel (inkomsten van de vennootschap). De VRZHZ verkoopt zelf ‘trainings-arrangementen’ en trainingen aan publieke en private partijen, teneinde inkomsten van derden te genereren.
Openbaar belang Opleiding, training en oefening van repressief personeel (voornamelijk brandweer) in de regio ZHZ. Een dat wordt behartigd eigen oefenterrein in de regio is van belang om vrijwilliger en beroepskrachten in dichte nabijheid van woonplaats/kazerne te kunnen trainen en oefenen. 1.
VRZHZ is 100% aandeelhouder
2. Leden van het Algemeen Bestuur hebben zitting in aandeelhoudersvergadering namens de aandeelhouder (VRZHZ) Bestuurlijke betrokkenheid
3. Drie leden van Dagelijks Bestuur vormen de toezichthouder van de vennootschap (Raad van Commissarissen) 4.
Relevante ontwikkelingen/ risico’s
Algemeen directeur VRZHZ is directeur-bestuurder van de vennootschap
De VRZHZ staat (sinds 2005) garant voor de totale lening bij de BNG Bank. De vennootschap heeft in overleg met de RvC en de VRZHZ-herstelmaatregelen genomen. De liquiditeit zal op langere termijn aantrekken. Met de onderliggende businesscase is er geen direct risico op een claim van de BNG Bank op de borg. Jaarresultaat 2023
Financiële kengetallen *
€217.881
Eigen vermogen per 01-01-2023
€3.232.963
Eigen vermogen per 31-12-2023
€3.450.844
Vreemd vermogen per 01-01-2023
€1.471.225
Vreemd vermogen per 31-12-2023
€2.874.934
Solvabiliteit per 01-01-2023 (eigen vermogen/totaal vermogen)
68,73%
Solvabiliteit per 31-12-2023 (eigen vermogen/totaal vermogen)
54,55%
* Ten tijde van opstelling zijn de cijfers nog niet bekend. Om die reden zijn de cijfers van 2023 weergegeven.
Verbonden partij
Nederlands Instituut Publieke Veiligheid
Aard activiteiten en financiering
1. Het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) is het publiek kennisinstituut dat veiligheidsregio's, Rijksoverheid en crisispartners onderling verbindt en versterkt met onderzoek, onderwijs, ondersteuning en informatie. 2. De activiteiten van het NIPV worden gefinancierd uit Rijksbijdragen, bijdragen van veiligheidsregio’s en uit de Bijdrage Brede Doeluitkering Rampenbestrijding.
Openbaar belang dat wordt behartigd
Het NIPV draagt bij aan de maatschappelijke doelstelling om Nederland samen veiliger en veerkrachtiger te maken.
Bestuurlijke betrokkenheid
1. Het NIPV is een bij de Wet veiligheidsregio's opgericht zelfstandig orgaan. 2. Het bestuur van het NIPV is verantwoordelijk voor alle taken en werkzaamheden die het NIPV uitvoert in het kader van de wet Veiligheidsregio’s. 3.De voorzitters van de 25 Veiligheidsregio's vormen samen het algemeen bestuur.
Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
45
B. Jaarrekening
Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
46
6. Overzicht van baten en lasten 6.1 Gerealiseerde baten en lasten Gerealiseerde baten en lasten VRZHZ kent het programma Veiligheid. Binnen het programma worden organisatie-eenheden onderkend. Onderstaand is het resultaat opgenomen, voorzien van een toelichting op de incidentele en structurele resultaten voor bedragen hoger dan 200k. Als gevolg van afrondingen kunnen kleine verschillen ontstaan. Concernniveau 2024
Begroting Begroting Begroting Realisatie Saldo Voor-
Bedragen x € 1.000
Primair
inclusief projecten (USAR, Oekraïne en COA)
2024
2024
2024
2024
Totaal lasten
51.992
55.979
66.000
64.957 1.043
Totaal baten
-51.714
-55.126
-64.854
Gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten
I
S
V
1.160
116
-65.858 1.004
V
927
78
-902 2.048
V
2.087 -39
BURAP-I BURAP-II
nadeel 2024
278
853
1.146
Toevoegingen aan reserves
52
25
25
25
0
V
0
Onttrekkingen aan reserves
-330
-879
-1.172
-1.352
181
V
181
0
0
0
-2.229 2.229
V
2.267 -39
Gerealiseerd resultaat Incidentele reserves Vorming bestemmingsreserve Groot onderhoud Gebouwen t.b.v. MJOP
-990
Ophoging reserve Crisisbeheersing en informatievoorziening
-220
Gerealiseerd resultaat na resultaatbestemming
1.019
V
Overzicht van baten en lasten naar taakveldindeling Taakveld
Baten
Lasten
Saldo
0. Bestuur en ondersteuning 0.4 - Overhead
485
18.571
0.5 - Treasury
727
-60
788
0.8 - Overige baten en lasten
53.965
5.728
48.237
0.9 - Vennootschapsbelasting
0
-48
48
0.10 - Mutaties reserves 0.11 - Resultaat van de rekening baten / lasten
-18.086
1.352
25
1.327
0
2.229
-2.229
3.253
33.338
-30.085
1. Veiligheid 1.1 - Crisisbeheersing en brandweer 6. Sociaal Domein 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie Totaal
7.429
7.429
0
67.210
67.210
0
Analyse van het overzicht van baten en lasten en het resultaat 2024
Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
47
Concernniveau 2024
Begroting Begroting Begroting Realisatie Saldo Voor-
Bedragen x € 1.000
Primair
inclusief projecten (USAR, Oekraïne en COA)
2024
2024
2024
2024
32.654 1.800
BURAP-I BURAP-II
I
S
nadeel 2024
LASTEN 1.1 Salarissen en sociale lasten
30.785
34.226
34.454
V
1.753
47
2.1 Belastingen
269
268
271
224
48
V
77
-29
3.5.1 Ingeleend personeel
292
251
285
1.359
1.075
N
1.075
0
3.8 Overige goederen en diensten
13.875
15.640
24.467
24.554
-87
N
5.1 Rente
445
445
445
435
10
V
10
0
6.1 Financiële transacties
210
210
207
0
207
V
207
0
7.2 Mutatie voorzieningen
711
909
909
706
202
V
202
0
4.928
4.709
4.963
4.985
-22
N
-22
0
479
-678
0
40
-40
N
-40
0
51.992
55.979
66.000
64.957 1.043
V
1.160
116
0
-257
257
V
257
0
-656
-657
-705
-1.067
363
V
319
43
-95
-103
8
V
8
0
3.8 Overige goederen en diensten
-843
-912
-1.048
-1.758
710
V
710
0
4.3.1 Inkomensoverdrachten - Rijk
-7.102
-7.874
-16.550
-15.535
1.014
N
1.042
28
4.3.2 Inkomensoverdrachten - Gemeenten
-43.112
-45.682
-46.456
-46.410
-47
N
0
-47
0
0
0
-727
727
V
674
53
-51.714
-55.126
-64.854
-65.858 1.004
V
927
78
-902 2.048
V
7.3 Afschrijvingen 7.5 Overige verrekeningen Subtotaal lasten
47 -134
BATEN 3.2 Duurzame goederen 3.5.2 Uitgeleend personeel 3.6 Huren
5.1 Rente Subtotaal baten Gerealiseerd saldo baten en lasten
278
853
1.146
7.1 - Toevoeging reserves
52
25
25
25
0
7.1 - Onttrekking reserves
-330
-879
-1.172
-1.352
181
V
Saldo na mutaties reserves
0
0
0
-2.229 2.229
V
2.267 -39
Gerealiseerd resultaat
0
0
0
-2.229 2.229
V
2.267 -39
Vorming bestemmingsreserve Groot onderhoud Gebouwen t.b.v. MJOP
-990
Ophoging reserve Crisisbeheersing en informatievoorziening
-220
Gerealiseerd resultaat na resultaatbestemming
1.019
2.087 -39 0
0
181
0
V
a.g.v. afrondingen kunnen kleine verschillen ontstaan
Het jaarresultaat voor bestemming is € 2,229 mln. positief: Hieronder geven we eerst in algemene zin een toelichting op dit resultaat voor en na bestemming, gerefereerd aan de prognose bij Burap-II. Vervolgens gaan we vanaf paragraaf 7.1.1. in op een toelichting vanuit de verschillende economische categorieën.
Het resultaat voor bestemming Het resultaat voor bestemming bedraagt € 2,229 mln. Het verschil ten opzichte van de prognose ten tijde van Burap-II (€3,331 mln.) wordt toegelicht in de oplegnotitie. Voor verdere toelichting met betrekking tot de realisatie zie hoofdstuk 6.1.1 en 6.1.2.
Het resultaat na bestemming In lijn met de bestuursopdracht kritisch te zijn mede gelet op de financiële positie van gemeenten resteren twee bestemmingen die we voorstellen.
Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
48
1. 2.
Vorming bestemmingsreserve groot onderhoud gebouwen t.b.v. MJOP €990.000 Crisisbeheersing en Informatievoorziening €220.000
MJOP Over het MJOP zit in deze vergadering een aparte notitie. Kern daarvan is de meerkosten voor 2025 en 2026 ter grootte van in totaal €990.000 vanuit het jaarresultaat 2024 toe te voegen aan bestemmingsreserve groot onderhoud gebouwen. Conform de lijn van de bestuursopdracht worden gemeenten zo niet geconfronteerd met een verhoging van de gemeentelijke bijdrage in 2025 en 2026. Crisisbeheersing en informatievoorziening In 2022 zijn vanwege de vluchtelingencrisis de bestuurlijke afspraken doorstroom migratie opgesteld. Onderdeel hiervan is een landelijke verhoging van de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDUR) oplopend van 2023 naar 2026. Voor de VRZHZ gaat het om € 1,2 mln in 2023 oplopend naar € 2.2 mln in 2026. Deze middelen zijn bedoeld voor het borgen en versterken van de crisisbeheersing en nadrukkelijk niet bedoeld om huidige tekorten te dekken. Op deze extra uitkering in 2024 houden we € 220.000 over. Voorgesteld wordt deze toe te voegen aan de reserve Crisisbeheersing en Informatievoorziening.
6.1.1 Lasten Hieronder worden de grootste afwijkingen ten opzichte van de begroting toegelicht. 1.1 Salarissen en sociale lasten voordeel €1.800.000 Door (tijdelijke) vacatureruimtes of extern ingevulde formatieplaatsen is op de afdelingen Bedrijfsvoering, Risicobeheersing en Brandweerzorg is een voordeel ontstaan op de loonkosten (zie ook 3.5.1 ingeleend personeel). Daarnaast zien we een daling in het aantal incidenten waardoor ook de loonkosten van de vrijwilligers lager uit zijn gevallen. 3.5.1 Ingeleend personeel nadeel €1.075.000 Doordat vacatureruimtes op formatieplaatsen tijdelijk extern zijn ingevuld om de werkzaamheden door te laten gaan, ontstaat er een nadeel op ingeleend personeel. Het ontstane nadeel wordt gedekt door het voordeel op de categorie Salarissen en sociale lasten. 6.1 Financiële mutaties voordeel €207.000 In verband met een wijziging in de presentatie van Disagio na opstellen Burap II ontstaat hier in de presentatie een voordeel welke nu bij de jaarrekening onder 3.8 Overige goederen en diensten wordt gepresenteerd. 7.2 Mutaties voorzieningen voordeel € 202.000 Dit voordeel is ontstaan doordat er een vrijval in de voorziening RVU heeft plaatsgevonden.
6.1.2 Baten 3.2 Duurzame goederen incidenteel voordeel €257.000 Dit betreft verkoopopbrengsten van diverse desinvesteringen, hiermee dekken we een gering boekverlies van € 40.394 op ( deze lasten vallen onder economische categorie 7.5 overige verrekening). 3.5.2 Uitgeleend personeel voordeel €363.000 Door de inzet van vast personeel voor de doorbelasting voor noodopvang en USAR en de toegestane doorbelasting van kosten van de loopbaanadviseur voor de FLO is er een hoger resultaat ontstaan. 3.8 Overige goederen en diensten voordeel €710.000 De voornaamste oorzaken van de hogere baten zijn extra werkzaamheden voor derden in de werkplaats van M&L en opbrengsten Vakbekwaamheid door opleiden voor andere Veilgheidsregio's. 4.3.1 Inkomensoverdrachten - Rijk nadeel €1.014.000 Incidenteel €1.041.878 heeft betrekking op de compensatie van het Rijk voor de kosten van COA en Oekraïne. Structureel Bijdrage 2024 25KV is €27.519 hoger dan geraamd.
Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
49
5.1 Rente incidenteel voordeel €727.000 Dit betreft de rente op de schatkistrekening. Omdat investeringen vertraging hebben opgelopen, worden de overtollige gelden geparkeerd op deze rekening. 7.1 Mutatie reserves voordeel €181.000 Per saldo is gedurende het jaar 2024 €181.000 meer onttrokken uit de reserves. In hoofdstuk 8.2.3 zullen de mutaties verder worden toegelicht.
6.2 Overzicht algemene dekkingsmiddelen De baten en lasten op de algemene dekkingsmiddelen kunnen als volgt worden weergegeven. Realisatie
Begroting
Begroting na
Realisatie
2023
Primair
wijziging
2024
Lasten Rentelasten
425.103
444.861
444.861
Toevoegingen aan reserves
3.795.324
51.800
25.398
25.398
Toevoegingen aan voorzieningen
1.166.869
710.501
908.680
706.286
Kapitaallasten
4.633.542
4.859.187
4.963.158
4.984.896
418.276
949.407
0
40.394
10.439.115
7.015.756
6.342.097
6.191.657
BDuR
7.048.105
7.101.993
7.721.297
7.721.297
Overige inkomsten Rijk
16.350.977
0
8.828.293
7.813.934
Gemeentelijke bijdragen
45.542.603
43.112.389
46.456.383
46.409.782
Onttrekking reserves
1.100.545
330.157
1.171.580
1.352.307
Overige goederen en diensten
9.402.446
771.505
1.048.235
1.758.417
Totaal baten
79.444.677
51.316.044
65.225.788
65.055.737
Totaal algemene dekkingsmiddelen
-69.005.562
-44.300.288
-58.883.691
-58.864.080
Overige verrekeningen van kostenplaatsen Totaal lasten
434.682
Baten
Toevoegingen en onttrekkingen reserves Voor de toelichting op de mutaties in de reserves wordt verwezen naar paragraaf 7.2.3. Brede doeluitkering rampenbestrijding (BDuR) Voor een specificatie van de ontvangen BDuR in 2024 wordt verwezen naar hoofdstuk 9. Gemeentelijke bijdragen Gemeentelijke Gemeente
bijdrage
Maatwerk
Totaal
Alblasserdam
1.772.131
Dordrecht
12.955.858
Hendrik-Ido-Ambacht
2.716.584
2.716.584
Papendrecht
3.032.589
3.032.589
Sliedrecht
2.396.595
2.396.595
Zwijndrecht
4.514.951
4.514.951
Molenlanden
4.404.912
4.404.912
Gorinchem
3.727.867
3.727.867
Hardinxveld-Giessendam
1.525.766
1.525.766
Hoeksche Waard
8.324.418
TOTAAL
Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
45.371.671
1.772.131 1.038.111
13.993.969
8.324.418 1.038.111
46.409.782
50
6.3 Incidentele baten en lasten Incidentele baten en lasten In onderstaande tabel zijn de incidentele baten en lasten weergegeven. Incidentele baten en lasten
Realisatie 2023
Begroting
Begroting
Primair
BURAP-II
2024
2024
Realisatie 2024
Lasten
72.975
51.992
66.000
64.957
Baten
79.901
51.714
64.854
65.858
Saldo lasten en baten
6.926
-278
-1.146
902
Storting in reserves
3.795
52
25
25
Onttrekkingen reserves
1.101
330
1.172
1.352
Saldo mutaties reserves
-2.695
278
1.146
1.327
Gerealiseerd resultaat (A+B)
4.231
0
0
2.229
Incidentele lasten Reserve Veranderende Omgeving
76
-
Reserve Informatie gestuurd werken
278
0
Reserve Transitie Organisatie
81
420
Reserve Generatiepact
64
Reserve verhuizing RCC en inrichten Kohnstammlaan/LP
490
-
Reserve schuimtransitie
918
-
Reserve vervanging meubilair
118
-
Reserve huur Romboutslaan
460
-
-
190
Reserve aanbestedingstrajecten
200
200
Reserve dekking kapitaallasten meubilair
118
0
Reserve crisisbeheersing en informatievoorziening
769
76
Reserve duurzaamheid
Reserve spoorzone
52
25
25
-
1.760
Onverdeeld resultaat
-1.541
-4.231
Incidentele lasten
2.031
52
25
-1.560
8
68
68
156
40
30
38
38
Incidentele baten Reserve Veranderende Omgeving Reserve Informatie gestuurd werken Reserve Transitie Organisatie
9
Reserve Inhaalslag investeringen
20
Reserve Generatiepact
44
Reserve verhuizing RCC en inrichten Kohnstammlaan/LP
142
Reserve schuimtransitie
214
Reserve vervanging meubilair
118
Reserve huur Romboutslaan
132
Reserve duurzaamheid
-
Reserve aanbestedingstrajecten
-
Reserve dekking kapitaallasten meubilair Reserve spoorzone Incidentele baten
0 20
23
28
348
348 14 -
160
177
200
200
17
118
-
-
136 962
20
877
1.056
Saldo incidentele baten en lasten (A)
1.070
32
-851
-2.615
Structureel resultaat (B)
5.301
32
-851
-387
6.4 Structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves In hoofdstuk 7.2 is een overzicht opgenomen van het verloop van de reserves. De mutaties in de reserves egalisatie kapitaallasten en dekking kapitaallasten worden aangemerkt als een structureel Jaarrekening 2024 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
51
dekkingsmiddel. De reserve egalisatie kapitaallasten geeft inzicht in de methodiek van gemiddelde kapitaallasten en de werkelijke jaarlijkse kapitaallasten. De verschillen hiertussen worden door middel van deze egalisatiereserve gecorrigeerd, zodat in de exploitatie de jaarlijkse kapitaallasten overeenkomen met de gemiddelde kapitaallasten. De mutatie in de reserve kapitaallasten is gelijk aan de afschrijvingstermijn van de daarbij behorende investering.
6.5 WNT-verantwoording 2024 Conform de Wet Normering Topinkomens is in onderstaand overzicht de bezoldiging opgenomen van het eerste leidinggevende niveau dat wordt aangemerkt als topfunctionaris. Het bezoldigingsmaximum van 2024 bedraagt €233.000. Binnen VRZHZ zijn geen functionarissen in dienst die een hogere bezoldiging genieten dan het in de WNT genoemde maximum voor 2024. Bedragen x € 1
C.P. Frentz
Gegevens 2024 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2024
Algemeen directeur 01-01/31-12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1
(Fictieve) dienstbetrekking?
Ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
180.573
Beloningen betaalbaar op termijn
23.422
Subtotaal
203.995
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
233.000
-/- Onverschuldigd betaald bedrag Totale bezoldiging Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
N.v.t. 203.995 N.v.t. N.v.t. C.P. Frentz
Gegevens 2023 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2023
Algemeen directeur 01-01/31-12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1
(Fictieve) dienstbetrekking?
Ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
170.987
Beloningen betaalbaar op termijn
22.621
Subtotaal
193.608
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
223.000
-/- Onverschuldigd betaald bedrag