Inspraakbijdrage Van Kekem Buurtakkoord Ons Vierkant.pdf
Tekst van het document
Geachte voorzitter, geachte raad, Ik spreek hier namens een groep bewoners uit deze wijk die samen deze zienswijze hebben ingediend en zich niet voldoende gehoord voelen binnen het plan dat vanavond besproken wordt. En laat ik beginnen met iets helder te stellen. Niemand hier is tegen opvang of tegen zorg. Waar wij vandaag over spreken, is bestuurlijke borging. Wij spreken over de vraag of wij ons als buurt voor tien jaar willen vastleggen aan een plan dat het onderliggende probleem voor niemand oplost. Dat is ons kernbezwaar. Het Buurtakkoord is positief geformuleerd. Misschien té positief, tegen het zweverige aan. Het akkoord spreekt over samenwerking, betrokkenheid, doorlopende inzet, en met name door de buurt. Maar het bevat geen concrete resultaatsnormen voor veiligheid en overlast. Geen toetsbare grenzen. Geen automatische herijking bij uitblijvende verbetering. En dat is problematisch. ---De problematiek concentreert zich niet over de hele stad. Maar in één woonwijk. En met name in één straat, waar opvang, zorg, verward gedrag, verslaving en straatproblematiek samenkomen. En precies daarom moet het plan dat hier voorligt méér doen dan samenwerking beschrijven. Het moet structurele verbetering borgen. In de enquête onder bewoners kwamen veiligheid en overlast duidelijk als belangrijkste thema naar voren. Dat was geen randonderwerp. Dat was nummer één.
Toch ontbreekt in het akkoord een harde resultaatslijn. Er staat dat we gaan monitoren. Dat we gaan onderzoeken. Dat we gaan samenwerken.
Maar er staat niet: Wanneer is het voldoende verbeterd? Wat is de grens? Wat gebeurt er als verbetering uitblijft? Dan de leefbaarheid. De gemeente werkt met het cijfer ‘prettig wonen’. Sinds 2021 stabiliseert dat rond een 6,7. Dat cijfer komt niet uit de lucht vallen, maar staat ergens voor. Het gaat om kinderen die niet onbevangen naar buiten gaan. Om bewoners die vervuiling aantreffen in portieken. Om nachtelijk geschreeuw dat tussen gevels galmt. Om situaties waarin mensen bedreigd worden als zij iemand op wangedrag aanspreken. En om openlijke drugshandel in de directe woonomgeving. Wanneer wij dit akkoord tot 2035 vaststellen zonder harde norm, dan verklaren wij feitelijk dat een 6,7 acceptabel is. Dan accepteren wij dat structurele verbetering zich ergens in de komende tien jaar misschien aandient. Dat is geen kader. Dat is uitstel. ---En nu het Leger des Heils, want daar wil ik heel precies over zijn. Dit betoog is geen verwijt aan de uitvoerende organisatie. Medewerkers doen wat zij kunnen. Cliënten verdienen opvang en begeleiding. Volgens intern onderzoek binnen het Leger de heils is de aard van de opvang veranderd. Waaruit blijkt dat ook het Leger des Heils inzien dat herijking nodig is. De zorgzwaarte is toegenomen doordat 65% van de cliënten een meervoudige problematiek heeft.
Als die mensen niet de juiste zorg krijgen, als er onvoldoende doorstroom is, als schorsingen leiden tot verblijf op straat, dan is dat niet alleen een buurtprobleem. Dan is dat ook een zorgprobleem. En hier zit de kern die vandaag onderbelicht blijft.
Wanneer je mensen echt helpt, wanneer je passende zorg goed organiseert, wanneer je voorkomt dat complexe problematiek zich concentreert op één locatie, binnen één woonwijk. dan daalt ook de overlast. En wint iedereen.
In het actieplan staat dat bewoners in 2027 minder overlast moeten ervaren door geschorste deelnemers. Dat is een terecht doel. Maar de voorgestelde stap richting dat doel is vooral het verkrijgen van inzicht in protocollen en in de omvang van het probleem. En daar zit onze zorg. Wij moeten niet op de stoel willen zitten van het Leger des Heils. De manier waarop het Leger des Heils intern omgaat met schorsingen en protocollen is in de eerste plaats hun professionele verantwoordelijkheid. Maar de vraag is niet hoe het protocol eruitziet. De vraag is: welk bestuurlijk kader voorkomt dat schorsingen leiden tot verblijf in de openbare ruimte, en daar zorgen voor overlast? Het gaat ons niet om inzage. Het gaat ons om resultaat op straat. En als we eerlijk zijn, veel formuleringen leggen vooral druk bij bewoners om mee te doen, te organiseren en zelfs vol te houden Terwijl de expliciete bestuurlijke plicht tot ingrijpen, tot begrenzen, tot herijken, niet hard is vastgelegd. Daarom is de kernvraag van vanavond niet óf dit akkoord wordt vastgesteld. De vraag is onder welke voorwaarden. Als u het vaststelt zonder duidelijke normen en zonder herijkingsmoment, dan legt u deze wijk voor tien jaar vast op intenties in plaats van op meetbare verbetering. Een levend document is waardevol, maar zonder fundament is het geen kader. Dat fundament bestaat voor ons uit drie duidelijke voorwaarden.
Eén: Een concrete leefbaarheidsnorm van 7,2 binnen twee jaar, met tussentijdse meting en automatische herziening bij uitblijven van verbetering. Twee: Een toets op zorgzwaarte en concentratie aan de draagkracht van de wijk. Drie: Concrete inspanningsverplichtingen voor en gemeente en partners. Dit is geen aanval op de opvang of de gemeente. Het is een pleidooi voor prettig wonen én voor passende zorg. Want goed bestuur betekent dat je vooraf normen vastlegt. Dank u wel.