geluidonderzoek ZHD versie 20.pdf
Tekst van het document
ZHD Stevedores Dordrecht
Akoestisch onderzoek ZHD Stevedores, terminal Dordrecht inclusief PWA-terminal Status Versie Rapport Datum
#22361945v1
definitief 020 M.2017.0704.01.R001 30 augustus 2022
ZHD Stevedores Dordrecht
Colofon Opdrachtgever
ZHD Stevedores Postbus 12 3300 AA DORDRECHT
Contactpersoon opdrachtgever
de heer A. Kerkhoven 078 611 10 00 info@zhd.nl
Project Betreft Uw kenmerk
ZHD Dordrecht/geluid Aanvraag revisievergunning en uitbreiding met de PWA-kade -
Rapport Datum Versie Status
M.2017.0704.01.R001 30 augustus 2022 020 definitief
Uitgevoerd door
DGMR Industrie, Verkeer en Milieu B.V. Van Pallandtstraat 9-11 6814 GM Arnhem Postbus 153 6800 AD Arnhem
Contactpersoon
ing. A.G. (Gerard) van Kempen 088 346 78 05 gke@dgmr.nl
2e lezer/secr.
GO|GKE|OZU|BRA|BDI
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
2
ZHD Stevedores Dordrecht
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
Inhoud 1. Inleiding en leeswijzer 1.1 Aanleiding van het onderzoek 1.2 Leeswijzer en hoofdconclusie
5 5 6
2. Toetsingskader 2.1 Huidige vergunde langtijdgemiddeld beoordelingsniveaus 2.2 Huidige vergunde maximale niveaus 2.3 Toetsingskader bestemmingsplan Zeehavens Dordrecht 2.4 Afwijkings- en wijzigingsbevoegdheden 2.5 Nieuwe beoordelingspunten
7 7 7 8 9 9
3. Representatieve bedrijfssituatie 3.1 Beschrijving representatieve bedrijfssituatie (RBS) bij ZHD 3.2 Meting en modellering van de activiteiten die de geluidsniveaus bepalen 3.3 Representatieve bedrijfssituatie langtijdgemiddeld beoordelingsniveaus 3.4 Representatieve bedrijfssituatie maximale geluidsniveaus
12 12
4. Nestgeluid 4.1 Inleiding 4.2 Nestgeluid bij ZHD 4.3 Uitgevoerde geluidsmetingen 4.4 Bepaling van representatief bronvermogen 4.5 Bijdrage nestgeluid in het geluidsmodel van ZHD 4.6 Effect opnemen van nestgeluid in het geluidsmodel
21 21 21 23 24 26 26
5. Geluidsverminderende maatregelen 5.1 Geluidsverminderende maatregelen volgens BBT 5.2 Getroffen maatregelen die verder gaan dan BBT (BBT+) 5.3 Afscherming door geluidswanden 5.4 Niet haalbare of niet effectieve geluidsverminderende maatregelen
27 27 29 30 31
6. Langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus 6.1 Toetsing aan de vigerende beoordelingsniveaus 6.2 Toetsing aan het vigerende immissiebudget per deelgebied 6.3 Emissiebudget Deelgebied D 6.4 Aangepaste immissiebudgetten wijziging bestemmingsplan
36 36 37 39 40
7. Maximale geluidsniveaus (Lmax) 7.1 Toetsing maximale geluidsniveaus aan de geluidsvoorschriften 7.2 Toetsing maximale geluidsniveaus aan 65 dB(A) etmaalwaarde
41 41 41
8. Varianten en incidentele bedrijfssituaties 8.1 Ondergeschikte varianten 8.2 Onderzochte incidentele bedrijfssituaties
43 43 44
9. Conclusie/samenvatting
46
13 17 19
3
ZHD Stevedores Dordrecht
Bijlagen Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6 Bijlage 7 Bijlage 8 Bijlage 9
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
4
Bestemmingsplan Bestemmingsplan Emissiemeetpunten, meetresultaten en berekeningen bronvermogens Modelgegevens Meetresultaten en berekeningen nestgeluid Rekenresultaten langtijdgemiddeld beoordelingsniveaus Rekenresultaten maximale niveaus Rekenresultaten variant “geen schepen” Rekenresultaten incidentele bedrijfssituatie
ZHD Stevedores Dordrecht
1. Inleiding en leeswijzer 1.1 Aanleiding van het onderzoek ZHD Stevedores (handelsnaam van B.V. Zeehavenbedrijf Dordrecht, hierna: ZHD) is een stuwadoorsbedrijf met een terminal aan de ’s-Gravendeelsedijk in Dordrecht. Op de terminal vindt op- en overslag plaats van bulkgoederen en stukgoed, waaronder metaalreststoffen (staalschroot, RVS-schroot). Ook vinden op het terrein in beperkte omvang bewerkingen plaats. De op- en overslag van “schroot” is akoestisch gezien een bepalende activiteit op de terminal. “Schroot” is de algemene aanduiding voor metaalreststoffen uit de scheiding van afval of metaalrestanten uit productieprocessen. Het betreft hier een tweetal hoofdsoorten, te weten staalschroot en RVS-(roestvrijstaal)schroot. Voor beide reststofstromen maken de klanten van ZHD gebruik van de op- en overslagdiensten van ZHD om de (waardevolle) restmetalen per zeeschip te kunnen leveren aan staalfabrieken binnen Europa. Het gebruik van schroot bij de productie van nieuw staal reduceert zowel de grondstoffen als energiebehoefte van dit productieproces en heeft daarmee een positieve invloed op de actuele vraagstukken rond klimaat, duurzaamheid en circulair denken.
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
ZHD is een 100% dienstverlener voor de zee- en binnenvaart gerelateerde logistiek. De op- en overgeslagen goederen zijn daarom niet van ZHD zelf, maar van de klanten van ZHD. Zowel de hoeveelheden als het type lading verandert daarmee constant afhankelijk van de economische ontwikkelingen en de fluctuaties in vraag- en aanbod in de sectoren waarin de klanten van ZHD actief zijn. Het transport over zee van bulkgoederen verloopt, anders dan bij container- en veerdiensten over zee, niet volgens een dienstrooster maar heeft plaats op dat moment dat er zowel lading te transporteren is en er een passend type zeeschip beschikbaar is in de regio van herkomst of bestemming. Het laden en lossen van zeeschepen is daarmee een onregelmatig proces met pieken en dalen in het werkaanbod en onverwachte aanpassingen in de planning hiervan. Dit laatste wordt versterkt door de invloeden van weersomstandigheden en de, mede als gevolg daarvan (meerdere dagen), langere of kortere duur van de zeereis van de zeeschepen. De binnenvaartschepen hebben te maken met beperkingen voor de bevaarbaarheid van rivieren als gevolg van hoge of lage waterstanden. Voornoemde fluctuaties in de aan- en afvoer van goederen worden opgevangen met opslagcapaciteit in de zeehavens, de behoefte hieraan is groot en neemt de komende jaren verder toe.
Voldoende opslagfaciliteiten is een essentiële randvoorwaarde voor een efficiënt en duurzaam vervoer over water. ZHD heeft op de huidige terminal een groot ruimtegebrek. ZHD heeft daarom het voornemen om de terminal in Dordrecht uit te breiden met de PWA-terminal, gelegen op de Krabbepolder. Deze uitbreiding maakt onderdeel uit van de vergunningaanvraag. De PWA-terminal zal eveneens worden ingezet voor de op- en overslag van droge bulkgoederen. Vanuit het oogpunt van geluid is relevant dat op de PWA-terminal géén op- en overslag van metaalreststoffen (schroot) gaat plaatsvinden. Dat blijft op de bestaande terminal gebeuren.
5
ZHD Stevedores Dordrecht
1.2 Leeswijzer en hoofdconclusie Voor het uitvoeren van de bedrijfsactiviteiten op de terminal van ZHD zijn geluidsvoorschriften opgenomen in de vigerende omgevingsvergunning. Deze voorschriften zijn in hoofdstuk 2 opgenomen. In dit hoofdstuk zijn ook de relevante onderdelen van het vigerende bestemmingsplan beschreven, waarin onder meer de geluidsbudgetten voor de verdere (door)ontwikkeling van het Zeehavengebied zijn opgenomen. Tenslotte is de ligging van de beoordelingspunten in de omgeving beschouwd en is in dit hoofdstuk een voorstel van de Omgevingsdienst voor een aantal nieuwe beoordelingspunten overgenomen. In hoofdstuk 3 wordt de voor ZHD representatieve bedrijfssituatie (RBS) beschreven. Daarvoor zijn geluidsmetingen uitgevoerd om inzicht te verkrijgen in de geluidsniveaus die daadwerkelijk optreden. De los/laadcycli van de diverse in gebruik zijnde wal- en drijfkranen zijn volledig opnieuw beschouwd. Daarnaast zijn de posities aan de kade en de akoestisch relevante kenmerken van schepen nader onderzocht en beschouwd, dit mede in relatie tot het onderwerp nestgeluid. Op basis van deze onderzoeken is het geluidsmodel volledig herzien en geactualiseerd. Recent is nestgeluid landelijk meer in de belangstelling komen te staan.
Onder nestgeluid wordt het geluid van de vaste installaties aan boord van een schip verstaan, gedurende de tijd dat deze aan de kade ligt afgemeerd. De omvang van dit nestgeluid is daarmee sterk scheepsafhankelijk. Na een periode van overleg tussen ZHD, gemeente Dordrecht en OZHZ over de te volgen aanpak, heeft ZHD zich bereid getoond het nestgeluid toe te rekenen aan industrielawaai en op te nemen in het geluidsmodel van ZHD. ZHD heeft daartoe wel een concessie moeten doen in haar bedrijfsvoering om het nestgeluid inpasbaar te maken. In hoofdstuk 4 is beschreven op welke wijze het nestgeluid is bepaald en is opgenomen in het geluidsmodel en welke concessie ZHD heeft gedaan. De door ZHD onderzochte, al getroffen en nog te treffen geluidsverminderende maatregelen zijn beschreven in hoofdstuk 5. De basis hiervoor vormen de maatregelen volgens de Beste Beschikbare Technieken (BBT). Er is onderzocht met welke aanvullende maatregelen de geluidsniveaus nog verder kunnen worden beperkt. Een aantal daaruit volgende vrijwillige beperkingen in de bedrijfsvoering maakt onderdeel uit van de vergunningaanvraag. Ook wordt extra afscherming door geluidswanden en containerwanden gerealiseerd. In hoofdstuk 5 zijn ook de niet haalbare of niet effectieve maatregelen beschreven.
Ook de optredende maximale geluidsniveaus (piekniveaus) zijn getoetst en deze voldoen op alle punten aan de grenswaarden. Deze toetsing is beschreven in hoofdstuk 7. Een incidentele bedrijfssituatie en een variant zijn opgenomen in hoofdstuk 8. Hoofdstuk 9 bevat de samenvattende conclusie: Met de in dit rapport beschreven maatregelen en de te nemen besluiten zijn de gevraagde activiteiten van ZHD vergunbaar.
6
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
De RBS, aangevuld met de geluidsverminderende maatregelen volgens BBT, BBT+ en de concessie in verband met het nestgeluid, resulteert in de situatie waarvoor vergunning wordt gevraagd. De langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus zijn in hoofdstuk 6 getoetst aan de geluidbudgetten (immissiebudgetten) die in het vigerende bestemmingsplan zijn opgenomen. De gevraagde immissiebudgetten zijn inzichtelijk gemaakt.
ZHD Stevedores Dordrecht
2. Toetsingskader 2.1 Huidige vergunde langtijdgemiddeld beoordelingsniveaus In de vigerende vergunning zijn de volgende beoordelingspunten met de daarbij behorende langtijdgemiddeld beoordelingsniveaus opgenomen, zie tabel 1. tabel 1: vigerende geluidsvoorschriften ZHD langtijdgemiddeld beoordelingsniveau Vergunningpunt Identificatie S 186_A V5_ZHD_A V6_ZHD_A V8_ZHD_A Z 001_A Z 002_A Z 003_A Z 004_A Z 005_A Z 006_A Z 007_A Z 008_A Z 009_A Z 010_A Z 011_A Z 012_A Z 013_A Z 014_A Z 015_A Z 016_A Z 017_A Z 018_A Z 019_A Z 020_A Z 021_A Z 022_A Z 023_A Z 024_A Z 025_A Z 026_A
Omschrijving Adm de Ruyterweg Referentiepunt ZHD Referentiepunt ZHD Vergunningpunt 8 Zonepunt Fruitierstraat Zonepunt Assumburg Zonepunt Havikweg Zonepunt Develsingel Zonepunt H.A. Lorentzstraat Zonepunt Rembrandtstraat Zonepunt Rotterdamseweg Zonepunt Gerbrandyplein Zonepunt Oude Maas Zonepunt Van Manderstraat Zonepunt Brouwersdijk Zonepunt Troelstraweg Zonepunt Zuidendijk Zonepunt Reeweg Zuid Zonepunt Parkeerterrein sportcomplex Zonepunt Kilweg Zonepunt Bastionhotel Zonepunt Pieter Zeemanweg Zonepunt Dordtsche Kil Zonepunt Bevershoekstraat/Boven Havendijk Zonepunt Maasdamseweg Zonepunt Volkstuinencomplex Mijlweg Zonepunt Gorsdijk Zonepunt Polder Groot Koninkrijk Zonepunt Polder Groot Koninkrijk/Zuiddiep Zonepunt Lindtsedijk
Hoogte 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5
LAr,LT Dag 38 56 50 66 23 22 24 26 27 26 26 25 30 31 34 35 31 30 30 28 28 28 31 31 33 31 29 22 19 21
Avond 35 54 49 65 20 19 22 24 26 25 24 23 29 30 33 33 29 27 26 25 25 26 28 29 31 28 26 21 17 19
Nacht 33 55 49 49 18 17 20 22 24 24 22 22 27 28 30 31 28 25 25 24 24 24 27 27 30 28 26 20 15 17
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
2.2 Huidige vergunde maximale niveaus In de vigerende vergunning zijn de volgende beoordelingspunten met de daarbij behorende maximale niveaus opgenomen, zie tabel 2: tabel 2: vigerende vergunde maximale niveaus Punt S185 S186 S197 V5 V6
Omschrijving Diepenbrockweg Adm. de Ruyterweg Amstelwijckweg Beoordelingspunt ZHD Beoordelingspunt ZHD
Dagperiode 60 55 55 77 70
Avondperiode 60 55 55 77 70
Nachtperiode 60 50 55 77 70
Er ligt een voorstel van de Omgevingsdienst voor het aanwijzen van alternatieve beoordelingspunten voor de punten V5 en V6 (zie paragraaf 2.4).
7
ZHD Stevedores Dordrecht
2.3 Toetsingskader bestemmingsplan Zeehavens Dordrecht 2.3.1 Planregels bestemmingsplan In het vigerende bestemmingsplan Zeehavens Dordrecht (vastgesteld 26 november 2014) zijn planregels opgenomen voor de geluidsverkaveling van het Zeehavengebied. Hiervoor zijn deelgebieden gedefinieerd. De relevante deelgebieden zijn: Gebied D: Zeehavenbedrijf Dordrecht Gebied F: Wilhelminahaven Gebied N: Krabbepolder excl. Kadegebied Gebied O: Prins Willem Alexanderkader (PWA-kade) In figuur 1 en in bijlage 1 van het bestemmingsplan (zie bijlage 1 van dit rapport) zijn de deelgebieden grafisch weergegeven. ZHD is gelegen in drie van deze deelgebieden, te weten D (volledig), O (volledig) en N (voor een klein gedeelte).
8
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
figuur 1: tekening deelgebieden Zeehavens Dordrecht
ZHD Stevedores Dordrecht
In bijlage 2 bij de regels van het bestemmingsplan (zie bijlage 2 van dit rapport) is per deelgebied een immissietabel opgenomen waaraan moet worden voldaan. Gegeven is de maximaal toelaatbare immissie per deelgebied per vierkante meter op de 26 zonebewakingspunten. De inrichting van ZHD ligt zoals aangegeven in deelgebieden D, O en N (gedeeltelijk). De huidige terminal omvat het volledige deelgebied D. De PWA-terminal omvat het volledige deelgebied O en een heel klein gedeelte van deelgebied N. Ook de op het water plaatsvindende activiteiten, zoals boord-boordoverslag met een drijfkraan op afgemeerde schepen, behoren tot de inrichting en zijn daarom toegekend aan de respectievelijke deelgebieden. In het huidige bestemmingsplan is op deelgebied F (gelegen ter plaatse van de Wilhelminahaven direct grenzend aan ZHD) een ontwikkelbudget aangewezen, om ruimte te kunnen bieden voor verdere ontwikkeling van het Zeehavengebied. Tussen Havenbedrijf Rotterdam (HbR) en ZHD bestaat consensus dat het noodzakelijke gedeelte van dit ontwikkelbudget nu doelmatig ingezet moet worden om een zo optimaal mogelijke doorontwikkeling van de primaire functie van het gebied, te weten de Zeehavenfunctie in het algemeen en die van de ZHD-terminal in het bijzonder, te kunnen realiseren.
De geluidsoverdracht vanuit de deelgebieden (de afstand, de afscherming, etc.) naar de zonebewakingspunten is verwerkt in de immissiebudgetten. Door de ligging van MTG-woningen binnen de zone met de hiervoor vastgestelde grenswaarden kan het voorkomen dat de geluidsbudgetten op de zonegrens niet volledig, tot aan de wettelijke grenswaarde van 50 dB(A), kunnen worden opgevuld. Dit is te verklaren door het feit dat ter plaatse van woningen die op kortere afstand van het industrieterrein liggen dan de zonegrens, zogenaamde MTG-waarden (de Maximaal Toelaatbare Geluidsbelasting) zijn vastgesteld. Die MTGwaarden dienen uiteraard in acht genomen te worden.
2.4 Afwijkings- en wijzigingsbevoegdheden
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
Het bestemmingsplan kent in voorschrift 20.2.5 van de regels de mogelijkheid voor burgemeester en wethouders om met een omgevingsvergunning af te wijken van het plan teneinde voor een deelgebied een groter geluidbudget toe te staan. Overeenkomstig voorschrift 20.2.7 van de regels van het bestemmingsplan kunnen burgemeester en wethouders ook overgaan tot het wijzigen van het plan voor het verhogen van het geluidbudget van een deelgebied en gelijktijdig het verlagen van het budget van een ander deelgebied.
2.5 Nieuwe beoordelingspunten Voorwaarde voor een goed beoordelingspunt is dat de geluidsuitstraling van de inrichting in de richting van het beoordelingspunt representatief is voor de geluiduitstraling in de richting van een woongebied. Anders gedefinieerd: het beoordelingspunt moet ergens tussen de inrichting en het woongebied liggen. Dat laatste is voor de vigerende beoordelingspunten niet altijd het geval. Dit heeft onder meer geleid tot een situatie waarbij door het lossen van een zeeschip dicht op het vergunningenpunt in het Mallegat niet aan het aldaar geldende voorschrift kan worden voldaan, terwijl er ter plaatse van de geluidsgevoelige bestemmingen en geluidszone geen sprake was van een overschrijding. 9
ZHD Stevedores Dordrecht
Daarom zijn in overleg met het bevoegd gezag nieuwe beoordelingspunten bepaald. In eerste instantie heeft ZHD een voorstel gedaan voor het opnemen van twee alternatieve beoordelingspunten (de meetpunten 9 en 10) en om beoordelingspunt 5 te laten vervallen. Daarop heeft de Omgevingsdienst het voorstel gedaan voor het opnemen van enkele alternatieve meetpunten, waaronder enkele meetpunten ten oosten van ZHD. Voor de liggingen van de meetpunten uit het voorstel van de Omgevingsdienst (de punten ZHM-01 t/m ZHM-07 en ZHM-99), zie figuur 2: ligging nieuwe beoordelingspunten (in geel aangegeven). De punten voldoen aan het criterium van representativiteit voor de omgeving en zijn aangegeven in tabel 3 en figuur 2. Uitzondering is punt ZHM_06. Dit punt is gelegen op de grens van de toekomstige inrichting. Een kleine activiteit (bijvoorbeeld een stationair draaiende vrachtwagen) vlak bij het punt kan al voor een overschrijding van de geluidsvoorschriften zorgen, terwijl die activiteit voor de woonomgeving in het geheel niet relevant hoeft te zijn.
figuur 2: ligging nieuwe beoordelingspunten (in geel aangegeven)
Puntnr. ZHM-1 ZHM-2 ZHM-3 ZHM-4 ZHM-5 ZHM-7 ZHM-8 ZHM-99
Omschrijving Uilenvliet (onderaan talud) Kop Uilenkade Leeuwenhoekweg t.h.v. talud Mallegat Leeuwenhoekweg t.o. ingang Jansen Leeuwenhoekweg 60 m voor eind Donker Duyvisweg, kop parkeerterrein Kade t.h.v. de Gamma Schokhaven
X-coördinaat 102927 103031 103117 103242 103340 102723 103947 102582
Y-coördinaat 424455 424162 423831 423742 423674 423607 423202 424194
Hoogte 2/5 1,5/5/10 2/5 2/5 2/5 2/5 2/5 2/5
De genoemde punten, en ook een selectie uit de beoordelingspunten (zie paragraaf 7.2) ter plaatse van woningen zijn in dit onderzoek meegenomen als toekomstige beoordelingspunten voor de maximale niveaus die onderdeel uitmaken van de vergunningsaanvraag. Om een beeld te geven 10
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
tabel 3: nieuwe beoordelingspunten ZHD
ZHD Stevedores Dordrecht
in de geluidsimmissie in de richting van Dordrecht is nog een extra punt opgenomen onder punt ZHM-8.
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
In het algemeen liggen de punten in de nieuwe situatie wat verder weg van ZHD, waardoor metingen op die punten een representatiever beeld geven van de geluidsimmissie van ZHD. Ook op die punten zullen immissiemetingen moeten voldoen aan de eisen die in de Handleiding meten en rekenen Industrielawaai daarvoor gesteld worden (zoals het meteoraam, vermijden van stoorlawaai, etc.).
11
ZHD Stevedores Dordrecht
3. Representatieve bedrijfssituatie In dit hoofdstuk wordt de (in akoestisch opzicht) voor ZHD representatieve bedrijfssituatie (RBS) beschreven. De RBS is uitgeschreven en toegelicht in paragraaf 3.1. Een beschouwing van de activiteiten die de geluidsniveaus bij ZHD bepalen en een aantal daarmee verband houdende akoestisch relevante aspecten worden in paragraaf 3.2 nader toegelicht. De overzichtstabel met bronnen die de langtijdgemiddeld beoordelingsniveaus bepalen, is opgenomen in paragraaf 3.3. De overzichtstabel betreffende de maximale geluidsniveaus is opgenomen in paragraaf 3.4.
3.1 Beschrijving representatieve bedrijfssituatie (RBS) bij ZHD De voor ZHD representatieve bedrijfsvoering bestaat uit diverse niet van elkaar afhankelijk zijnde bedrijfsactiviteiten. Deze activiteiten treden op een drukke dag dus ook daadwerkelijk tegelijkertijd op. Voor een correcte interpretatie van het begrip “tegelijkertijd” is het van belang te beseffen dat op- en overslag activiteiten (in het bijzonder het laden en lossen van schepen) niet gelijkgesteld mogen worden aan een continu productieproces. Gedurende het laden en lossen van schepen is sprake van onregelmatige onderbrekingen van de laad/los werkzaamheden als gevolg van diverse factoren. Binnen de grote variatie in de bedrijfsvoering van ZHD wordt de representatieve bedrijfssituatie met name bepaald door het aantal beschikbare ligplaatsen op respectievelijk de Hometerminal en de PWA-terminal en het beschikbare kranenpark (zowel de walkranen als drijfkranen).
3.1.1 Representatieve bedrijfssituatie Hometerminal Op de Hometerminal vinden in de representatieve bedrijfssituatie aan de kades de volgende activiteiten plaats: •
12
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
Aan de Mallegat-kade zijn drie ligplaatsen gelegen. Aan deze ligplaatsen vinden in de RBS de volgende activiteiten plaats: - laden/lossen met een walkraan van een coaster met droge bulkgoederen, niet zijnde schroot. De lading wordt met intern transport (vrachtwagens) van de kade naar het HVB-terrein, of in omgekeerde richting, getransporteerd; - laden van een zeeschip met staalschroot met een walkraan vanuit de opslag op de terminal. Op hetzelfde schip heeft tegelijkertijd zogenaamde boord-boord overslag (directe overslag tussen twee schepen) met een drijfkraan plaats van staalschroot vanuit aanliggende binnenvaart (een lichter of duwbak); - op de laatste ligplaats aan de Mallegat-kade is binnenvaart (een lichter of duwbak) afgemeerd, waaraan geen activiteiten worden verricht. • Aan de Wilhelminahaven-kade vindt het laden van een coaster met RVS-schroot (inclusief het bijbehorende opwerken daarvan) plaats met een walkraan van het type E-crane. • Op de ligplaats aan de oostzijde van de pier heeft het laden/lossen van een zeeschip met een drijfkraan plaats van/naar aanliggende binnenvaart (een lichter of duwbak). Daarnaast wordt de lading gedeeltelijk met intern transport (vrachtwagens) van de pier naar het HVB-terrein, of in omgekeerde richting, getransporteerd.
• Aan de kade in de insteekhaven (de binnenhaven) heeft het lossen met een walkraan van een binnenvaartschip (een lichter of duwbak) met schroot, plaats.
ZHD Stevedores Dordrecht
Op de Hometerminal vinden naast de werkzaamheden aan de kades verder nog de volgende activiteiten plaats op de terminal: •
•
•
• •
Opslag, opwerken, bewerken en overslag van RVS-schroot. Dit vindt plaats op een speciaal daartoe ingericht deel van het terrein langs de Wilhelminahaven. Op het terrein zijn ook een tweetal persen aanwezig. Activiteiten op de bulkterminal, zoals: - opslag, laden en lossen van schroot van/naar vrachtwagens; - laden en lossen van diverse droge bulkgoederen van/naar vrachtwagens; - opslaan, laden/lossen van containers. Activiteiten op het HVB-terrein (aan de oostzijde richting de A16), zoals: - opslag, laden en lossen van droge bulkgoederen (niet schroot) van/naar vrachtwagens; - zeven van droge bulkproducten (niet zijnde schroot) zoals mineralen; - opslaan, laden en lossen van stukgoederen. Intern transport met vrachtwagens van droge bulkgoederen van en naar de kades naar de opslagloodsen en/of het HVB-terrein en omgekeerd. Extern transport bestaande uit de aan- en afvoer van goederen met vrachtauto’s van klanten van en naar de terminal.
3.1.2 Representatieve bedrijfssituatie PWA-terminal Op de PWA-terminal vinden in de representatieve bedrijfssituatie aan de kades de volgende activiteiten plaats: •
Op de zuidelijke ligplaats aan de PWA-kade wordt met een walkraan een zeeschip met piekijzer (broodjes ruwijzer) gelost. Gedurende de dag- en avondperiode (derhalve niet in de nacht) wordt het geloste piekijzer met intern transport (vrachtwagens) naar de opslaglocatie vervoerd. • Aan de noordelijke ligplaats aan de PWA-kade wordt met een walkraan een coaster geladen/gelost met droge bulkgoederen, niet zijnde schroot. De lading wordt met intern transport (vrachtwagens) van/naar de opslaglocatie op de PWA-terminal vervoerd. Op de PWA-terminal vinden naast de werkzaamheden aan de kades verder nog de volgende activiteiten plaats op de terminal:
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
•
Op- en overslag van piekijzer in de piekijzeropslag, inclusief het zeven hiervan en laden van vrachtwagens voor zowel intern transport als voor extern transport. • Op- en overslag, opwerken en zeven van droge bulkproducten (niet zijnde schroot). • Intern transport van en naar de ligplaatsen aan de kade vanuit de opslaglocaties op de terminal.
3.2 Meting en modellering van de activiteiten die de geluidsniveaus bepalen Voor het bepalen van de geluidsniveaus in de Representatieve bedrijfssituatie (RBS) zijn emissiegeluidsmetingen uitgevoerd, om inzicht te verkrijgen in de geluidsniveaus die daadwerkelijk optreden. De los/laadcycli van de diverse in gebruik zijnde wal- en drijfkranen zijn volledig opnieuw beschouwd. Daarnaast zijn de posities aan de kade en de akoestisch relevante kenmerken van zeeschepen en coasters nader onderzocht en beschouwd, dit mede in relatie tot het onderwerp nestgeluid. Op basis van deze onderzoeken is het geluidsmodel volledig herzien en geactualiseerd. 13
ZHD Stevedores Dordrecht
In de periode juli 2018 tot maart 2019 zijn emissiemetingen verricht aan het bij ZHD voorkomende materieel en de door ZHD uitgevoerde werkzaamheden. De liggingen van de emissiemeetpunten en een uitgebreid cijfermatig verslag van alle verrichte emissiemetingen, de tijdsduur per meting, inclusief de meteo omstandigheden is opgenomen in bijlage 3. De emissiemetingen zijn uitgevoerd met de methode geconcentreerde bron, methode II.2 uit de Handleiding meten en rekenen Industrielawaai 1999, waarbij aan de voor die methode in de Handleiding opgenomen meetvoorschriften is voldaan. De metingen zijn uitgevoerd met een klasse I geluidsmeter van het fabricaat Rion, type NA-28, welke voorafgaand aan de metingen en na afloop van de metingen gekalibreerd is met een bijbehorende akoestische ijkbron. De meetpunten zijn dusdanig gekozen dat stoorlawaai zoveel mogelijk werd voorkomen. Indien stoorlawaai in zodanige mate optrad dat de kans (ging) ontstaan dat de meting daardoor niet bruikbaar werd, is de meting op een later moment opnieuw uitgevoerd. Over de meetresultaten is niet gecorrigeerd voor stoorlawaai. In het algemeen zijn de metingen uitgevoerd boven een harde bodem. De volgende aanpak is gevolgd voor het laden en lossen van schepen: • •
Bronvermogen gemeten inclusief scheepswandafscherming: de Oryx boot en het laden van schroot. Ingevoerd in het model boven de scheepswanden (à la uitstralende daken) Bronvermogens gemeten exclusief scheepswanden: laden/lossen droge bulk, piekijzer en het rijden van bobcats (die metingen zijn uitgevoerd tijdens werkzaamheden aan een binnenvaartschip/lichter en konden mooi gebruikt worden voor werkzaamheden aan een coaster/zeeschip, met dien verstande dat wel nog de scheepswandafscherming in rekening moest worden gebracht. Daarom zijn de gemeten bronnen ingevoerd in het model tussen de scheepswanden, zodat de afscherming wordt berekend.
Een meer gedetailleerde uitleg is navolgend gegeven: •
•
•
14
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
•
Rijdend materieel: Bij het voorbijrijden van het materieel met een representatieve snelheid, zoals shovels, op een afstand van minimaal 1,5 keer de brondiameter, is tijdens die passages een equivalent niveau bepaald. Daarvan is het energetisch gemiddelde niveau als Lp toegepast bij het berekenen van het bronvermogen. Stationaire installaties: gedurende de tijd dat installaties (zoals zeefinstallaties, persen, e.d.) op een representatieve wijze werkzaam waren (dus een zeefinstallatie tijdens het zeven van mineralen, een pers tijdens het comprimeren van RVS schroot, inclusief de bijbehorende kraan, het oppakken van schroot en het deponeren in de pers, etc.) zijn de equivalente niveaus bepaald. Laden van vrachtwagens met piekijzer, lossen vrachtwagens met RVS schroot, e.d.: De cyclus hiervan wordt bepaald door enkele kortstondige zeer hoge equivalente niveaus gedurende korte tijd. Tijdens die korte tijd zijn die niveaus gemeten. Die meettijd is, in combinatie met het aantal keren van optreden, als uitgangspunt genomen voor de bedrijfstijd per periode. Laden en lossen van schepen inclusief scheepswandafscherming: Het geluid tijdens het laden van schepen met schroot wordt bepaald door het loslaten van het schroot in het schip.
De volledige cyclus voor het laden van schroot in zeeschepen/coasters (dus inclusief kraanbedrijf en geluid als gevolg van oppakken van de lading met de grijper) is op de kade gemeten als geluidsbron, inclusief afscherming door de scheepswanden. Omdat tijdens het laden altijd slechts één compartiment wordt geladen is de brondiameter dusdanig beperkt dat de emissiemeting conform de voorschriften voor de methode geconcentreerde bron kon worden uitgevoerd.
ZHD Stevedores Dordrecht
•
•
•
Daarbij is gedurende minimaal 1 uur aan de betreffende activiteit gemeten, dus na uitvoering van enkele tientallen kraancycli, waardoor een representatief bronvermogen is verkregen. Omdat op het moment van meten de laad- en loswerkzaamheden op één scheepsruim geconcentreerd waren, was het goed mogelijk de geluidniveaus op minimaal 1,5 keer de brondiameter te meten, daarmee is de geconcentreerde bronmethode toegepast, waarbij de denkbeeldige bronhoogte zich even boven de scheepswanden bevindt. In bijlage 3 zijn de bronnen die zijn gemeten inclusief scheepswandafscherming zo benoemd; Laad- en losactiviteiten zonder scheepswandafscherming: Voor bepaalde activiteiten (lossen piekijzer, bobcats, droge bulk) is gebruikgemaakt van metingen aan een duwbak/binnenvaartschip (lossen droge bulk en piekijzer en het rijden van bobcats onder in het ruim). In die metingen is dus niet het afschermende effect van scheepswanden meegenomen. Dat effect is voor zover het zeeschepen betreft rekenkundig bepaald door de genoemde bronnen in het model tussen de scheepswanden te positioneren. Ook hier zijn diverse kraancycli gemeten, dusdanig dat na verloop van tijd een stabilisatie optrad van het gemeten equivalente niveau.
De scheepswandafscherming op het lossen van piekijzer, laden/lossen van droge bulk en de bobcats is dus achteraf rekenkundig bepaald met het overdrachtsmodel met behulp van Geomilieu. Wat betreft het laden en lossen van lichters/binnenvaartschepen is voor de RBS uitgegaan van het lossen van mineralen op de kade. Dit is de worstcase situatie die in de RBS is opgenomen. Er kan (akoestisch gezien) ook “zachtere” bulk worden geladen en gelost, wat aanmerkelijk minder geluidemissie geeft. Nestgeluid: Het geluid afkomstig van afgemeerde schepen is in nauw overleg met OZHZ in een afzonderlijke studie onderzocht en bepaald. De emissiemetingen als gevolg van nestgeluid van schepen is afzonderlijk gerapporteerd in hoofdstuk 4 van deze rapportage.
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
Het effect van de afscherming door de scheepswanden is onderdeel van de geluidsmetingen en de modellering. Zeeschepen moeten bestand zijn tegen de golfslag op volle zee en de wanden van zeeschepen en coasters steken daarom, ook als de schepen vol beladen zijn, nog altijd meters boven de kade uit. Daarnaast kunnen zeeschepen in de haven van Dordrecht (vanwege de beperkte diepte van de haven in relatie tot de maximale diepgang van de zeeschepen) maar ten dele worden beladen. Er is dus ook na belading altijd nog een afschermende scheepswand aanwezig. Het geluid tijdens het beladen van zeeschepen is gemeten respectievelijk gemodelleerd inclusief de afscherming van de scheepswand (het immissie-relevante bronvermogen is dus bepaald). Conform de IMO-voorschriften moeten de ruimen van zeewaardige schepen afgesloten zijn met scheepsluiken. Tijdens het laden en lossen zijn deze scheepsluiken geopend (in ieder geval de luiken van het compartiment dat op dat moment worden geladen of gelost). Openstaande scheepsluiken hebben effect op de geluidsoverdracht. Het effect is maximaal in de lengterichting van het schip en verwaarloosbaar in de dwarsrichting, dit vanwege de oriëntatie van de scheepsluiken dwars op de lengteas van het schip.
Onderstaand (figuur 3) zijn ter illustratie twee luchtfoto’s opgenomen van het laden van een zeeschip met staalschroot (links) en het laden van een coaster met RVS-schroot (rechts) bij ZHD.
15
ZHD Stevedores Dordrecht
figuur 3: illustratie laden zeeschepen
Het afschermende effect van de scheepsluiken van het ruim dat wordt geladen en gelost is niet met objecten of schermen gemodelleerd, maar is in overleg verwerkt in de bronvermogens van het laden en lossen van de schepen. De bronvermogens zijn dus richtingsafhankelijk en lager in de lengterichting van het schip, vanwege de afscherming van de scheepsluiken. Voordeel van deze methode is dat modeltechnisch geen toevallige reflecties in de scheepsluiken van andere inrichtingen worden berekend, die in de praktijk niet optreden. Er is geen rekening gehouden met het akoestische effect van de scheepsaccommodatie (bemanningsverblijven, stuurhuis, etc.: de opbouw achter op het schip), omdat dit ondergeschikt is aan het effect van de scheepsluiken. Deze laatsten zijn namelijk veel dichter bij de bron gepositioneerd, waardoor de scheepsaccommodatie geen rol speelt. Voor de geluiduitstraling van het laden en lossen van de schepen zelf zijn de scheepsluiken in de lengterichting van het schip wel relevant, want prominent en tijdens het laden en lossen te allen tijde aanwezig. Dat richtingsafhankelijke effect is dus in de bronvermogens verwerkt. Het effect bedraagt 5 dB voor bronnen in de schepen (er is al een afschermend effect van de scheepswanden, dus het extra effect is beperkt). Voor bronnen die zijn gemeten inclusief scheepswandafscherming bedraagt het effect 10 dB.
De openingshoek van de afgeschermde bronnen (in de lengteas van de schepen) bedraagt 30°voor coasters en 40°voor zeeschepen. In de overgebleven hoeken (dwars op de lengteas) is geen afschermend effect gemodelleerd.
Het in opslag genomen schroot op de kade heeft een sterk geluidsabsorberend effect vanwege de sterk open structuur. Er is, als er schroot wordt overgeslagen (dat wil zeggen bij het lossen dan wel het beladen van een schrootboot) altijd sprake van enige mate van schrootopslag en wel in de directe nabijheid van het te beladen schip. De hoogte van de opslag varieert, dus de opslag kan niet als een vast object worden ingevoerd in het geluidsmodel. Er kan echter wel worden uitgegaan van enige mate van geluidsabsorptie, die het meest terughoudend is gemodelleerd door
16
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
Een overzicht van de richtingsafhankelijke correcties voor de geluidsbronnen die samenhangen met de laad- en losactiviteiten is weergegeven in bijlage 4. Daarbij is aangegeven of de bron inclusief scheepswandafscherming is bepaald en welke demping is toegepast voor het afschermende effect van de scheepsluiken. In bijlage 4 zijn ook alle overige modelitems opgenomen, waaronder de richtingsafhankelijke bronvermogens van het laden en lossen.
ZHD Stevedores Dordrecht
de bodemfactor aan te passen. Als bodemfactor ter plaatse van de schrootopslag is 0,5 aangehouden. Bij de overdrachtsberekeningen is geen rekening gehouden met de eventuele aanwezigheid van bulkopslag (met uitzondering van de mineralenzeef op de PWA-terminal), wel met een bodemeffect als gevolg van die bulkopslag. Daar waar zich redelijkerwijs bulkopslag plaatsvindt is rekening gehouden met een bodemfactor van 0,5. De modelgegevens zijn opgenomen in bijlage 4. Het overdrachtsmodel is op verzoek van OZHZ gebaseerd op het op 12 april 2018 door OZHZ aangeleverde zonemodel in GM3.11. In het algemeen bedraagt de maaiveldhoogte (“eigen waarde”) van de bronnen en objecten op het terrein van ZHD 3,5 meter, uitgezonderd nestgeluid en laden en lossen van coasters en zeeschepen. Voor die bronnen is een maaiveldhoogte van 0 meter gehanteerd (in feite de waterspiegel van de haven).
3.3 Representatieve bedrijfssituatie langtijdgemiddel d beoordelingsniveaus In tabel 4 is de representatieve bedrijfssituatie weergegeven van de bronnen ter berekening van het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau, inclusief het nestgeluid (toegelicht in hoofdstuk 4) en de geluidsverminderende maatregelen en vrijwillige beperkingen (toegelicht in hoofdstuk 5). Alle brongegevens zijn opgenomen in bijlage 4.
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
tabel 4: representatieve bedrijfssituatie en bronvermogens langtijdgemiddeld beoordelingsniveau en uren/stuks per beoordelingsperiode Bronnr.
Locatie
Omschrijving
Lwr [dB(A)]
Avondperiode in bedrijf 4 4 4 ---3 1 --
Nachtperiode in bedrijf 8 8 8 ----1 --
107,5* 110,5*
Dagperiode in bedrijf 12 12 12 0,5 5 5 9 8 8 (inciden teel) 8,4 8,4
ZHD_001 ZHD_002 ZHD_003 ZHD_004 ZHD_005 ZHD_006 ZHD_007 ZHD_008 ZHD_009
Bulkterminal Bulkterminal Bulkterminal Bulkterminal Bulkterminal Bulkterminal Bulkterminal Bulkterminal Bulkterminal
nestgeluid zeeschip pier nestgeluid zeeschip Mallegat nestgeluid coaster kade Mallegat hogedrukreiniger open deur 1 Technische Dienst open deur 2 Technische Dienst 2 heftrucks zeefinstallatie HVB terrein schrootzeef bulkterminal
105,3 105,3 90,5 98,3 93,2 93,2 103,0 109,9 120,8
ZHD_010 ZHD_011
Bulkterminal Bulkterminal
ZHD_012 ZHD_013 ZHD_014 ZHD_015 ZHD_016 ZHD_017
Bulkterminal Bulkterminal Bulkterminal Bulkterminal Bulkterminal Bulkterminal
ZHD_018
Bulkterminal
ZHD_019 ZHD_020 ZHD_021
Bulkterminal Bulkterminal Bulkterminal
ZHD_022
Bulkterminal
la/lo zeeschip droge bulk met drijfkraan ldn zeeschip schroot uit duwbak drijfkraan laden zeeschip schroot met walkraan la/lo coaster droge bulk met walkraan kraan laden mineralen bulkterminal lossen lichter schroot binnenhaven rijden met bobcats/shovel in ruim schip opwerken schroot bulkterminal met kranenpark opwerken niet schroot met kraan op w. Binnenh bobcats over hele terrein bulkterminal kraan laden mineralen HVB terrein shovel int. trans,opw. en laden vw op kade shovel int. trans,opw. en laden vw bij loods
2,8 2,8
5,6 5,6
111,1* 107,5* 109,9* 109,9* 104,6* 110,2
8,4 8,4 4 2 8,4 2
2,8 2,8 1 0,75 2,8 1
5,6 5,6 1 0,25 5,6 0,5
100,2
4
1
2
104,6 109,9 104,6
6 2,5 4
2 1,25 1
4 1 0,5
104,6
4
1
1
17
ZHD Stevedores Dordrecht
Bronnr.
Locatie
Omschrijving
Lwr [dB(A)]
Avondperiode in bedrijf 1,626
Nachtperiode in bedrijf 0,83
ZHD_023
Bulkterminal
ZHD_024 ZHD_025
Bulkterminal Bulkterminal
shovel int. trans,opw. en laden vw HVB terrein werkgebied shovel HVB terrein reachstacker
104,6 107,8
2,25 3
0,83 0,5
0,38 0,5
ZHD_026
Bulkterminal
heftruck over hele terrein
100,0
3
--
--
ZHD_027
Bulkterminal
veeg-/spuitwagen bulkterminal+HVB
107,8
6
1
0.25
ZHD_028
Bulkterminal
extern vrachtverkeer hometerminal
98,9
26 stuks
9 stuks
ZHD_029
Bulkterminal
98,9
--
--
ZHD_030
Bulkterminal
externe vrachtwagens bulk HVB aankomst externe vr.w. HVB vertrek
212 stuks 21 stuks
98,9
21 stuks
--
--
ZHD_031
Bulkterminal
98,9
50 stuks
10 stuks
4 stuks
ZHD_032
Bulkterminal
93,0
55 stuks
Bulkterminal
52 stuks
51 stuks
ZHD_034
Bulkterminal
89,0
112 stuks 102 stuks 28 stuks
57 stuks
ZHD_033
int. transp.vrachtw bulkterm. HVB terrein bestelbusjes controleurs, leveranciers ZHD personenwagens personeel en controleurs etc personenwagens bezoekers (aankomst)
--
--
ZHD_035
Bulkterminal
personenwagens bezoekers (vertrek)
89,0
28 stuks
--
--
PWA_001
PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-kade deelgebied N PWA-terminal gebied O
nestgeluid zeeschip PWA-kade
105,3
12
4
8
nestgeluid coaster PWA-kade
90,5
12
4
8
zeefinstallatie
109,9
8
1
--
lden p.ijzer ext.vr.w.(onb)15 st 1e x 450 s lden p.ijzer ext.vr.w.(onb)15 st 2e x 495 s lden p.ijzer ext.vr.w.(onb)15 st 3e x 360 s lden p.ijzer ext.vr.w.(onb)15 st 4e x 315 s poliepkraan laden piekijzer ext.vrachtwagens zeven piekijzer, 30 x a 30 s**
124,5
0,125
--
--
122,4
0,138
--
--
111,2
0,1
--
--
107,5
0,088
--
--
104,6
3
--
--
121,1
0,25
--
--
laden vrachtwagen (bekleed) met piekijzer laden vrachtwagen (bekleed) met piekijzer laden vrachtwagen (bekleed) met piekijzer laden vrachtwagen (bekleed) met piekijzer lossen piekijzer in piekijzeropslag
115,7
0,15
0,05
--
115,0
0,108
0,036
--
115,0
0,092
0,031
--
116,3
0,083
0,028
--
113,7
0,5
0,167
--
opwerken piekijzer door shovel
109,4
0,5
0,167
--
la/lo droge bulk coaster met walkraan PWA rijden shovel PWA-kade deelgebied N
107,5*
8,4
2,8
5,6
104,6
0,05
0,015
0,008
veeg-/spuitwagen PWA-kade
107,8
3
0,5
0,25
PWA_002 PWA_003 PWA_004 PWA_005 PWA_006 PWA_007 PWA_008 PWA_009 PWA_010 PWA_011 PWA_012 PWA_013 PWA_014 PWA_015 PWA_016 PWA_017 PWA_018
18
89,0
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
104,6
Dagperiode in bedrijf 5,25
ZHD Stevedores Dordrecht
Bronnr.
Locatie
Omschrijving
Lwr [dB(A)]
PWA_019
werkgebied shovel PWA-kade droge bulk
RVS_001
PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-kade deelgebied N PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O PWA-terminal gebied O RVS
RVS_002 RVS_003 RVS_004 RVS_005 RVS_006 RVS_007 RVS_008 RVS_009
RVS RVS RVS RVS RVS RVS RVS RVS
RVS_010
RVS
RVS_011
RVS
RVS_012 RVS_013 RVS_014 RVS_015
RVS RVS RVS RVS
PWA_020 PWA_021 PWA_022 PWA_023 PWA_024 PWA_025 PWA_026 PWA_027 PWA_028 PWA_029 PWA_030
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
PWA_031
104,6
Dagperiode in bedrijf 4
Avondperiode in bedrijf 1
Nachtperiode in bedrijf 1
werkgebied shovel opwerken PWA-kade
104,6
4
1
1
werkgebied shovel zeefinstallatie PWA k.Noord lossen zeeschip piekijzer walkraan PWAkade rijden met bobcats/shovel in ruim schip
104,6
8
1
1
108,8*
8,4
2,8
5,6
104,6*
2,1
0,7
1,4
shovel bij laden piekijzer intern transport intern/extern vrachtverkeer PWA-kade
104,6
5
1,7
--
98,9
60 stuks
20 stuks
10 stuks
vrachtverkeer PWA (op deelgebied N)
98,9
14 stuks
4 stuks
4 stuks
bestelbusjes PWA-kade
93,0
34 stuks
16 stuks
16 stuks
intern/extern vrachtverkeer droge bulk PWA personenwagens
98,9
60 stuks
20 stuks
10 stuks
89,0
37 stuks
19 stuks
19 stuks
externe vrachtwagens v/n piekijzeropslag intern transport piekijzer van kade naar opsl nestgeluid coaster Wilhelminahaven kade 4 branden RVS aandrijving installatie branden RVS incl afzuiging slijptol stationair slijptol slijpen persen van RVS pers 1 inclusief kraan persen van RVS pers 2 inclusief kraan laden RVS schroot met walkraan kade opwerken RVS schroot met kraan 1 van 3 opwerken RVS schroot met kraan 2 van 3 opwerken RVS schroot met kraan 3 van 3 lossen RVS schroot uit TT, 40 stuks opwerken RVS met kraantje (op bulkt.) intern transport vrachtwagens RVS vrachtwagens RVS (10 stuks, parkeren)
98,9
15 stuks
--
--
98,9
60 stuks
20 stuks
--
90,5
12
4
8
98,0 101,2 99,6 109,4 106,0 106,0 107,6* 118,4
3,5 3,5 0,5 1 4 4 8,4 5,5
------2,8 --
---------
118,4
5,5
1,25
--
118,4
5,5
2,5
--
127,0 112,2 103,0 98,9
0,275 1,5 40 stuks 10 stuks
0,138 0,5 20 stuks 10 stuks
-----
* In het model zijn 4 deelbronnen opgenomen, aangegeven is het gesommeerde bronvermogen, zonder correctie voor de afscherming door de scheepsluiken **Het bronvermogen van het zeven van piekijzer is met 10 dB verminderd ten opzichte van huidige werkwijze, vanwege maatregelen.
3.4 Representatieve bedrijfssituatie maximale geluidsniveaus In navolgende tabel 5 zijn de piekbronvermogens weergegeven. Alle brongegevens zijn opgenomen in bijlage 4.
19
ZHD Stevedores Dordrecht
tabel 5: representatieve bedrijfssituatie en bronvermogens piekbronnen Bronnr.
Locatie
Omschrijving
LAmax lossen schroot uit schip met walkraan LAmax storten schroot in schip walkraan
133,3
Dagperiode in bedrijf Ja
126,6
Ja
Ja
Ja
LAmax lichter laden met schroot
127,9
Ja
Ja
Ja
LAmax ophogen schroot t.b.v. laden schip) kraan LAmax schrapen shovel
123,5
Ja
Ja
Ja
114,9
Ja
Ja
Ja
LAmax schrootzeef bulkterminal
127,8
--
--
LAmax lossen piekijzer op de kade
124,3
Incidenteel Ja
Ja
Ja
LAmax storten piekijzer in bak (bekleed) 1e x LAmax storten piekijzer uit bak bekleed
123,0
Ja
Ja
--
120,7
Ja
Ja
--
LAmax opwerken piekijzer door shovel
114,3
Ja
Ja
--
LAmax bij schip lossen mineralen drijfkraan LAmax schrapen shovel mineralen (PWA) laden piekijzer in onbeklede vrachtwagens zeven piekijzer, piekniveau
119,9
Ja
Ja
Ja
114,9
Ja
Ja
Ja
132,6
Ja
--
--
126,1
Ja
--
--
laden RVS schroot met walkraan kade RVS Lmax LAmax schrapen shovel
130,3
Ja
Ja
--
111,5
Ja
Ja
--
LAmax opwerken RVS met kraan RVS
130,6
Ja
Ja
--
LAmax draaisel/schroot ophogen
123,4
Ja
Ja
--
LAmax opwerken schroot met walkraan
130,2
Ja
Ja
--
LAmax opwerken RVS met kraan RVS
130,6
Ja
Ja
--
LAmax lossen RVS grote stukken uit TT
126,2
Ja
--
--
LAmax ZHD_101-103 ZHD_104-106 ZHD_107-108 ZHD_109-117 ZHD_118-122 ZHD_123 PWA_101-104 PWA_105-106 PWA_107-108 PWA_109-110 PWA_111-112 PWA_113-118 PWA_119 PWA_120 RVS_101 RVS_102, 113 RVS_103 RVS_104-105 RVS_106 RVS_107-109 RVS_110-112
Nachtperiode in bedrijf Ja
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
20
Hometerminal piekniveaus Hometerminal piekniveaus Hometerminal piekniveaus Hometerminal piekniveaus Hometerminal piekniveaus Hometerminal piekniveaus Pwa kade piekniveaus Pwa kade piekniveaus Pwa kade piekniveaus Pwa kade piekniveaus Pwa kade piekniveaus Pwa kade piekniveaus Pwa kade piekniveaus Pwa kade piekniveaus Hometerminal piekniveaus Hometerminal piekniveaus Hometerminal piekniveaus Hometerminal piekniveaus Hometerminal piekniveaus Hometerminal piekniveaus Hometerminal piekniveaus
Avondperiode in bedrijf Ja
ZHD Stevedores Dordrecht
4. Nestgeluid 4.1 Inleiding Onder nestgeluid wordt het geluid van de vaste installaties aan boord van een schip verstaan, gedurende de tijd dat deze aan de kade ligt afgemeerd. Vanwege de haast oneindige diversiteit aan schepen die de kades van ZHD aan kunnen doen, diende een betrouwbare methode te worden gevonden om dit nestgeluid te bepalen. De basis daarvan vormde het uitvoeren van geluidsmetingen. In paragraaf 4.2 is beschreven waardoor nestgeluid bij ZHD wordt gekenmerkt. Paragraaf 4.3 beschrijft de resultaten van de geluidsmetingen die te ZHD aan schepen zijn uitgevoerd. In paragraaf 4.4 is uiteengezet hoe op basis van deze geluidsmetingen een representatief bronvermogen is bepaald. In paragraaf 4.5 is beschreven welke bijdrage het nestgeluid heeft op de totale geluidsimmissie op de beoordelingspunten en op welke wijze dit inpasbaar kan worden gemaakt. Een conclusie ten aanzien van het nestgeluid, en de daartoe noodzakelijk gebleken concessie in de bedrijfsvoering van ZHD, is opgenomen in paragraaf 4.6.
4.2 Nestgeluid bij ZHD
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
Nestgeluid bestaat bij ZHD uit het geluid dat afkomstig is van hulpmotoren en generatoren die voorzien in de noodzakelijke elektriciteitsbehoefte aan boord van een afgemeerd schip. Een belangrijk deel van deze elektriciteitsbehoefte bestaat uit de noodzakelijke ventilatiesystemen voor de inwendige ruimtes van het schip, waaronder de machinekamers. Gebleken is dat de ventilatieopeningen van deze ventilatiesystemen en de ventilatieopeningen van de ruimtes waarin de generatoren zich bevinden een belangrijk deel van het nestgeluid vormen. De inlaat- en uitblaasopening bevinden zich op een hoge positie op het schip. Het uitblaasrooster van het schip is bij alle gemeten schepen de bepalende bron voor het nestgeluid gebleken en niet de uitlaat van de dieselmotor. De hoofdmotor van het schip draagt niet bij aan het nestgeluid. Bij alle door ZHD onderzochte schepen bleek de hoofdmotor volledig te zijn uitgeschakeld, terwijl van de twee (uit veiligheidsoverwegingen dubbel uitgevoerde) hulpmotoren er één was ingeschakeld. Op de schepen zijn geen andere geluidsbronnen aanwezig die als nestgeluid moeten worden beschouwd. Eventuele op schepen aanwezige kranen of ander materieel wordt niet gebruikt terwijl een schip ligt afgemeerd. Alle activiteiten worden met materieel van ZHD uitgevoerd.
De schepen die de terminal van ZHD aandoen en waaraan overslagwerkzaamheden (laden of lossen) worden uitgevoerd zijn in vier groepen te verdelen. De binnenvaart bestaat uit duwbakken en lichters (vakjargon voor binnenvaartschepen), de zeevaart bestaat uit coasters en zeeschepen. Ten behoeve van de modellering en beoordeling van het nestgeluid is in deze typen schepen onderscheid gemaakt. Deze typen schepen zijn qua grootte (afmetingen en capaciteit) en bouwwijze duidelijk te onderscheiden. Ook de elektriciteitsbehoefte van de schepen en de omvang en positie van ventilatie uitblaasopeningen verschilt, en daarmee de hoeveelheid nestgeluid die de schepen veroorzaken.
21
ZHD Stevedores Dordrecht
Duwbakken Dit zijn eigenlijk geen schepen maar (zoals de naam al zegt) bakken zonder eigen voortstuwing. Deze bakken hebben dus geen eigen motor en worden in de vaart altijd geduwd door een duwboot, eenmaal op de plaats van bestemming laat de duwboot de duwbakken achter om deze na belading of lossing weer op te halen. Op duwbakken bestaat geen elektriciteitsbehoefte waarmee de voornoemde generator niet aanwezig is. Duwbakken veroorzaken daarom geen nestgeluid.
•
Lichters (binnenvaartschepen) Op lichters zijn verblijven voor de schipper, zijn gezin en de bemanning aanwezig. De stroomvoorziening gebeurt met een in de machinekamer opgesteld hulpaggregaat, met beperkte afmetingen. Een lichter is zeer laag gebouwd om landinwaarts gemakkelijk bruggen te kunnen passeren, anders dan bij zeeschepen zijn ook uitlaten en ventilatieopeningen laag geplaatst. Uit elders uitgevoerde metingen, waarnemingen en literatuurstudies blijkt dat binnenvaartschepen niet relevant zijn voor nestgeluid, zeker niet in vergelijking tot coasters en zeeschepen. ZHD heeft ter controle enkele metingen aan lichters uitgevoerd, en daarbij kon het nestgeluid niet afzonderlijk worden bepaald en gemeten zonder stoorgeluid van overige bronnen. Het nestgeluid van lichters is daarom niet relevant voor het geluidsmodel.
•
Coasters Dit betreft de groep van kleinere zeeschepen, die met name routes langs de kust afleggen (vandaar de naam coaster). De lengte van een gemiddelde coaster bedraagt circa 120 meter en de hoogte van de romp is meer dan 8 meter. De opbouw steekt daar weer 12 meter of meer bovenuit. De doorsnee coaster beschikt niet over eigen boordkranen. Coasters hebben een laadvermogen tot ongeveer 20.000 ton. De laadruimte bestaat uit 1 of 2 compartimenten (zogenaamde ruimen) die worden afgedekt door luiken die bij het laden en lossen deels naar voren en deels naar achteren kunnen worden verplaatst of worden opgeklapt. Het nestgeluid van coasters is relevant en met metingen inzichtelijk gemaakt.
22
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
•
ZHD Stevedores Dordrecht
•
Zeeschepen Anders dan coasters zijn zeeschepen primair ontworpen voor de vaart op open zee over langere afstanden en onder zwaardere zeegang (golfslag) en weerscondities. De minimale afmetingen van een zeeschip zijn een lengte van circa 200 meter en een laadvermogen vanaf 30.000 ton. Vanwege de diepgang van de Dordtse zeehaven en de doorvaart breedte en hoogte van de Botlekbrug en Spijkenissebrug kunnen in de praktijk zeeschepen met een laadvermogen tot niet meer dan ruim 50.000 ton de ZHD-terminal aandoen. Voor de zeewaardigheid is een stabiele rompconstructie vereist reden waarom de laadruimte in 4 tot 6 compartimenten (ruimen) zijn verdeeld. Per ruim zijn zware luiken aanwezig die bij het laden en lossen individueel scharnierend haaks op de scheepsas worden opgeklapt. Zeeschepen geschikt voor droge bulklading beschikken doorgaans over eigen boordkranen, waarmee in havens waar geen laad- of losfaciliteiten beschikbaar zijn, het schip zelfstandig kan laden of lossen. Dit is in de situatie van ZHD niet aan de orde. Het nestgeluid van zeeschepen is relevant en met metingen inzichtelijk gemaakt.
4.3 Uitgevoerde geluidsmetingen Er is geen betrouwbare internationale maritieme data beschikbaar over het nestgeluid, en ook de schepen zelf kunnen deze gegevens niet aanleveren. Beschikbare literatuurgegevens zijn sterk verouderd, bevatten inmiddels uit de vaart genomen schepen en betreffen niet of nauwelijks droge bulkschepen. Daarom is door ZHD besloten om zelf metingen te verrichten aan bij ZHD afmerende coasters en zeeschepen met een laadvermogen tot 50.000 ton.
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
Aan zowel zeeschepen als coasters zijn geluidsmetingen uitgevoerd. Uit praktische overwegingen zijn etmalen geselecteerd waarin de bezetting aan de kades zo hoog mogelijk was, en waarbij tenminste de kades aan het Mallegat, de Wilhelminahaven en de Pier bezet waren (dat zijn de kades waar zeeschepen en coasters afmeren). Binnen deze etmalen zijn alle aan de kades liggende schepen (zonder onderscheid) gemeten. Daarnaast zijn gezien de lagere aantallen waarmee zeeschepen (ten opzichte van coasters) ZHD bezoeken, nog enkele zeeschepen afzonderlijk gemeten. Alle metingen zijn uitgevoerd volgens de Handleiding Meten en rekenen Industrielawaai, HMRI-1999. De meetresultaten en uitwerkingen tot bronvermogens zijn gerapporteerd in de rapporten M.2017.0704.11.N001 t/m M.2017.0704.11.N014. De afzonderlijke bronvermogens van uitlaten van hulpmotoren, ventilatieroosters, etc. zijn als richtingsonafhankelijke bronnen uitgewerkt, gesommeerd en als totaal bronvermogen per schip gerapporteerd, zodat een goede onderlinge vergelijking mogelijk is. In de maritieme wereld worden schepen aangeduid met hun laadvermogen, uitgedrukt in Deadweight Tonnage (DWT). Het DWT is het maximale laadvermogen van een schip in tonnen. Van alle gemeten schepen is in de internationale database van Marine Traffic het Deadweight Tonnage (DWT), evenals het bouwjaar, opgezocht.
Dit om te kunnen onderzoeken of met deze parameters een verband bestaat.
23
ZHD Stevedores Dordrecht
Een overzicht van de gemeten schepen, de daarbij behorende gegevens, en de bepaalde immissierelevante bronsterkte is gegeven in tabel 6. tabel 6: overzicht van de gemeten schepen met relevante kenmerken en gemeten bronvermogen, gesorteerd op DWT Schip Scan Fjord Wilson Amsterdam Melody Jimo Arklow Flair Arklow Venus Wilson Skaw* Skylge Ziltborg Arklow Mill Arklow Willow HTK Neptune Inspiration Lake Thor insuvi
Soort
Bouwjaar
Meetdag
DWT [ton]
Coaster Coaster Coaster Coaster Coaster Coaster Coaster Coaster Coaster Coaster Coaster Zeeschip Zeeschip Zeeschip
1981 2009 1985 1991 2007 2018 1996 2008 2000 2010 2019 2007 2015 2005
29-4-2021 27-7-2021 19-7-2021 19-7-2021 19-7-2021 7-6-2021 29-4-2021 29-4-2021 19-7-2021 27-7-2021 29-4-2021 7-6-2021 27-7-2021 20-4-2021
3319 3602 3640 4258 4950 5171 6460 7616 7875 14990 16791 37426 37706 52489
Immissierelevante bronsterkte [dB(A)] 89,0 87,6 90,4 87,4 84,2 86,1 107,8 81,4 94,5 94,8 91,9 103,5 105,6 106,3
In de tabel is het onderscheid tussen coasters enerzijds en zeeschepen anderzijds direct duidelijk zichtbaar. * Voorafgaand aan de meting aan de Wilson Skaw zijn aan dit schip onvolkomenheden vastgesteld aan het ventilatie- en dempersysteem, hetgeen desgevraagd door de kapitein werd bevestigd. Dit schip is omwille van de steekproef gemeten, maar wordt dermate niet representatief geacht voor de vloot aan schepen die ZHD aandoet dat deze verder buiten beschouwing is gelaten.
4.4 Bepaling van representatief bronvermogen De uitgevoerde metingen bevestigen dat het nestgeluid sterk scheepsafhankelijk is. Aan de orde is om te komen tot een representatief bronvermogen, zodanig dat in het geluidsmodel een sterke overschatting of onderschatting van het nestgeluid wordt voorkomen. De verschillende daartoe beschikbare methoden zijn hieronder beschreven. In onderstaande grafiek is het gemeten bronvermogen afgezet tegen het bouwjaar van het schip.
105,0 100,0 95,0 90,0 85,0 80,0 75,0 70,0 1970
24
1980
1990
2000
2010
2020
2030
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
Bouwjaar 110,0
ZHD Stevedores Dordrecht
Er blijkt geen enkel verband tussen het nestgeluid en het bouwjaar te bestaan. Het bouwjaar van het schip kan niet worden gebruikt om een representatief bronvermogen te bepalen. Uit vakliteratuur blijkt dat er een verband zou kunnen bestaan tussen het laadvermogen van een schip (in DWT) en het bronvermogen van het nestgeluid. Dit is ook voor de bij ZHD gemeten schepen onderzocht, door het bronvermogen uit te zetten tegen het DWT. In onderstaande grafiek is dit verband weergegeven. Dwt 110,0 105,0 100,0 95,0
zeeschepen
90,0
85,0 80,0 75,0
coasters
70,0 0
10000
20000
30000
40000
50000
60000
Er zijn twee groepen schepen duidelijk te onderscheiden, te weten coasters en zeeschepen. Dat ligt ook in de lijn der verwachting, omdat deze twee groepen schepen onderling sterk verschillen, maar binnen de groep zijn de schepen vergelijkbaar. De bronvermogens van de zeeschepen liggen dicht bij elkaar en ook die van de coasters vertonen duidelijk een cluster. Het gemeten bronvermogen van zeeschepen bedraagt 103,5 tot 106,3 dB(A). De spreiding in bronvermogen van coasters is iets groter en bedraagt 81,4 tot 94,8 dB(A).
k:\doc\m\2017\070401\m2017070401r001v20.docx 01-11-2021
Het is onwaarschijnlijk dat alle ligplaatsen tegelijk worden bezet door schepen met het hoogste bronvermogen. Bij metingen aan verschillende andere dynamische modaliteiten (bijv. shovels, vrachtwagens, e.d. die op allerlei verschillende locaties op de inrichting werkzaam kunnen zijn) is het gebruikelijk dat voor toepassing van die modaliteit in een geluidsmodel uitgegaan wordt van het energetisch gemiddelde. Bij een energetisch gemiddeld bronvermogen hebben de hoogste bronvermogens een grotere invloed dan de lagere bronvermogens. Gezien de duidelijke clustering van coasters enerzijds en zeeschepen anderzijds is er daarom voor gekozen het in het model te hanteren bronvermogen te bepalen op basis van het energetisch berekende gemiddelde bronvermogen voor zeeschepen en coasters afzonderlijk, namelijk: • 105,3 dB(A) voor een zeeschip • 90,5 dB(A) voor een coaster Deze werkwijze sluit aan op de HMRI1999, namelijk dat het gestandaardiseerde immissieniveau is bepaald uit de energetisch bepaalde waarde van de verrichte (geldige) geluidsmetingen (zie paragraaf 8.1 uit methode II, op blz. 166 van de HMRI).
25
ZHD Stevedores Dordrecht
4.5 Bijdrage nestgeluid in het geluidsmodel van ZHD ZHD beschikt over een dusdanige kadelengte dat meerdere schepen tegelijkertijd kunnen zijn afgemeerd. In de representatieve bedrijfssituatie is de bezetting van de kades aan coasters en zeeschepen als volgt (zie ook beschrijving van de representatieve bedrijfssituatie in hoofdstuk 3): • Een zeeschip aan het Mallegat-kade; • Een coaster aan het Mallegat-kade; • Een zeeschip aan de PWA-kade; • Een coaster aan de PWA-kade; • Een coaster aan de Wilhelminahaven; • Een zeeschip aan de Pier; Dit resulteert in de volgende nestgeluidsbronnen die aan het geluidsmodel van ZHD zijn toegevoegd (tabel 7): tabel 7: bronnen nestgeluid zoals opgenomen in ZHD-model Type schip Nestgeluid zeeschip Mallegat-kade Nestgeluid coaster Mallegat-kade Nestgeluid zeeschip PWA-kade Nestgeluid coaster PWA-kade Nestgeluid coaster Wilhelminahaven Nestgeluid zeeschip aan de Pier
Omschrijving Nestgeluid bij laden schrootboot kade Mallegat Nestgeluid bij laden/lossen coaster kade Mallegat Nestgeluid bij laden lossen zeeschip PWA-kade Nestgeluid bij laden/lossen coaster PWA-kade Nestgeluid bij laden RVS boot Wilhelminahaven Nestgeluid bij laden/lossen zeeschip aan de Pier
LAr,LT 105.3 90.5 105,3 90,5 90.5 105.3
Om inzicht te krijgen in de bijdrage van het nestgeluid op de totale geluidsniveaus is een verschilanalyse gemaakt tussen een model met en zonder nestgeluid. Het toevoegen van nestgeluid aan het model van ZHD leidt tot een toename van de geluidsbelasting van 0,5 tot 2,5 dB op de beoordelingspunten. Dit zou bij een ongewijzigde RBS leiden tot een overschrijding op de zonepunten tot 0,5 dB. Hieruit blijkt dat het niet mogelijk is het nestgeluid op te nemen in het geluidsmodel van ZHD, zonder dat door ZHD beperkingen in de bedrijfsvoering worden doorgevoerd. ZHD heeft onderzocht welke wijzigingen in de bedrijfsvoering noodzakelijk en acceptabel zijn, zodanig dat deze overschrijdingen worden opgeheven. Als ZHD in de bedrijfsvoering de aanpassing doorvoert dat op een drukke dag aan de kade Mallegat een schrootboot met maximaal 1 walkraan en 1 drijfkraan wordt beladen (in plaats van met 2 walkranen en 1 drijfkraan), leidt dit tot een inpasbare situatie.
Nestgeluid wordt meegenomen bij de in te dienen omgevingsvergunningaanvraag en de wijziging van het bestemmingsplan, conform de Handreiking Industrielawaai. Tot op heden is het nestgeluid nooit meegenomen geweest in de vergunningen van ZHD, terwijl het er wel altijd is geweest. Ook bij het destijds vaststellen van de geluidszone is nestgeluid bij ZHD niet meegenomen en is er dus geen geluidsruimte in de zone voor gereserveerd. Dit betekent dat het meenemen van nestgeluid in de vergunning van ZHD ten koste gaat van de bedrijfsvoering van ZHD, omdat de beschikbare geluidsruimte beperkt is. Voor het inpasbaar maken van het nestgeluid is het noodzakelijk dat ZHD een substantiële concessie doet in haar bedrijfsvoering. In de RBS-situatie is de overslagcapaciteit voor schroot aan de Mallegat-kade met 1/3 gereduceerd. Deze beperking van de bedrijfsvoering is onderdeel van de vergunningaanvraag.