CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Dordtse onderwijsvisie VO (concept) V22-02-2024.pdf

Dordtse Dinsdag – Beeld- en oordeelsvormende commissies 5 maart 2024, gemeente DordrechtBij agendapunt: 1: Agenderingsverzoek College aan Agendacommissie Visie Voorgezet Onderwijs6.275 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

DE DORDTSE ONDERWIJSVISIE VOORTGEZET ONDERWIJS 2024 – 2030 Conceptversie 22 februari 2024

1

Inhoudsopgave Vooraf ...................................................................................................................................................... 3 Aanleiding voor de Dordtse Onderwijsvisie Voortgezet Onderwijs .................................................... 3 Proces .................................................................................................................................................. 3 Uitgangspunten ....................................................................................................................................... 5 Drie speerpunten............................................................................................................................. 5 Verbinding met Onderwijsvisie 0-12 ............................................................................................... 5 Aansluiting bij aanverwant beleid en andere programma’s ............................................................ 5 Voorwaarden ........................................................................................................................................... 6 Voldoende gekwalificeerd personeel ..............................................................................................

6 Samenwerking en een integrale aanpak ......................................................................................... 6 Speerpunt 1 Basisvaardigheden .............................................................................................................. 7 Referentieniveaus taal en rekenen / wiskunde ................................................................................... 7 Taalverwerving en leesbevordering..................................................................................................... 7 Tegengaan laaggeletterdheid .............................................................................................................. 8 Overgang primair – voortgezet onderwijs ........................................................................................... 8 Onderwijs aan nieuwkomers ............................................................................................................... 9 Overgang van voortgezet onderwijs naar vervolgonderwijs ............................................................... 9 Speerpunt 2 Preventie en zorg .............................................................................................................. 10 Schoolklimaat en welbevinden..........................................................................................................

10 Inclusie en diversiteit......................................................................................................................... 10 Versterken van de basis ..................................................................................................................... 11 Een integrale aanpak onderwijs en jeugdhulp .................................................................................. 11 Aanbod in zicht .................................................................................................................................. 12 Beperken thuiszitten.......................................................................................................................... 12 Speerpunt 3 Brede ontwikkeling ........................................................................................................... 13 Voorbereiding van jongeren op de arbeidsmarkt ............................................................................. 13 Extra aanbod vanuit het onderwijs ................................................................................................... 13 Sport en bewegen .............................................................................................................................

14 Kunst en cultuur ................................................................................................................................ 15 Natuur en milieu................................................................................................................................ 16 Wetenschap en techniek ................................................................................................................... 16 Rollen en verantwoordelijkheden ......................................................................................................... 17 Financiën ............................................................................................................................................... 17

2

Vooraf Aanleiding voor de Dordtse Onderwijsvisie Voortgezet Onderwijs Gemeente, schoolbesturen voor het voortgezet (speciaal) onderwijs en het samenwerkingsverband vinden het van groot belang om samen te werken aan een stevige basis voor de ontwikkeling van de Dordtse jeugd vanaf 12 jaar, zodat alle jongeren een mooie toekomst tegemoet gaan. Voor de jeugd van 0 – 12 jaar hebben kinderopvang, onderwijs en gemeente als ambitie vastgelegd dat ‘Elk kind veilig, gezond, kansrijk en met veel plezier moet kunnen opgroeien in Dordrecht. We willen kinderen optimale kansen bieden om zichzelf, hun talenten en mogelijkheden en de wereld om hen heen te ontdekken.’ Deze ambitie geldt natuurlijk ook voor jongeren boven de 12 jaar. Jongeren die bovendien de stap gaan maken naar vervolgopleidingen en /of werk, een cruciaal moment in hun leven. Hiervoor is het belangrijk dat zij zich tijdig oriënteren op vervolgopleidingen en werk en dat zij hiervoor passende vaardigheden ontwikkelen. Om die ambitie te bereiken is het belangrijk dat partners uit onderwijs, jeugdhulp en sport- en culturele organisaties samenwerken, zodat leerlingen in het voortgezet (speciaal) onderwijs optimale ontwikkelingskansen krijgen. Een van de wensen vanuit het Politiek Akkoord 2022-2026 van de gemeente Dordrecht was om een visie Voortgezet Onderwijs op te stellen.

Een dergelijke visie is het logische vervolg op de onderwijsvisie 0-12 jaar. Het opstellen van het integraal huisvestingsplan vormde eveneens een aanleiding om werk te maken van het formuleren van gezamenlijke ambities, omdat inhoudelijke ambities en huisvesting onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Daarnaast zijn er wettelijke taken van de gemeente en het onderwijs die elkaar raken, waardoor samenwerking nodig is. Bijvoorbeeld de taken die voortkomen uit de wet publieke gezondheid, jeugdwet, leerplichtwet, wet op primair- en voortgezet onderwijs, wet passend onderwijs en de wet educatie en beroepsonderwijs.

Proces Een Startfoto diende als basis voor het formuleren van ambities voor de onderwijsvisie Voortgezet Onderwijs. Deze Startfoto laat zien hoe het er voor staat met de jeugd en het onderwijs. Een analyse daarvan liet zien wat goed gaat en wat beter kan en daaruit zijn ambities voortgekomen die in deze Onderwijsvisie verwoord staan. Ze gaan vergezeld van plannen en afspraken voor de korte en langere termijn. De ambities betreffen een groot aantal thema’s, voor sommige thema’s zijn al concrete afspraken gemaakt, voor andere moet dat nog gebeuren. Voor het samenstellen van de Startfoto zijn de volgende activiteiten ondernomen: • Verzamelen, bestuderen en analyseren van openbare en door de gemeente, schoolbesturen en het samenwerkingsverband aangeleverde documenten en data. • Vragenlijst onder alle vo-scholen • Vijf rondetafelgesprekken: met vo-ouders, -leerlingen, -directeuren, -leraren en met schoolleiders po. Er is een Visiegroep ingesteld, bestaande uit vertegenwoordigers van de schoolbesturen, het samenwerkingsverband en de gemeente. De leden van de visiegroep vormden het aanspreekpunt voor de onderzoekers/procesbegeleiders van Sardes en communiceerden met het ‘eigen lid’ van de Regiegroep (zie hierna). Ook hadden zij als taak het creëren van draagvlak in het veld.

Zij hebben een belangrijke rol gespeeld bij de totstandkoming van deze Onderwijsvisie door: te ondersteunen bij de dataverzameling voor de startfoto (vragenlijst, rondetafelgesprekken); de startfoto te bespreken; 3

indicatoren en ambities te bepalen; feedback te geven op de concept-onderwijsvisie en door acties te bespreken die nodig zijn om de ambities te bereiken. Het opdrachtgeverschap berustte bij de Regiegroep, bestaande uit bestuurders. Zij zagen toe op de opdracht, bespraken de door de visiegroep geformuleerde ambities en stelden de Onderwijsvisie vast door middel van het ondertekenen van de visie. Het resultaat is een door alle partijen gedragen Dordtse Onderwijsvisie Voortgezet Onderwijs voor Dordrecht met daarin ambities en afspraken tussen de partijen, aansluitend bij de ambities in de Dordtse Onderwijsvisie 0 - 12 jaar. Hiermee ontstaat een doorlopende ontwikkellijn vanaf het jonge kind, via het primair en voortgezet onderwijs, richting vervolgopleidingen en werk.

4

Uitgangspunten Het centrale uitgangspunt voor de Onderwijsvisie Voortgezet Onderwijs luidt: Elke jongere moet zich veilig, gezond, kansrijk en met veel plezier kunnen ontwikkelen in Dordrecht. We willen de jongeren optimale kansen bieden om zichzelf, hun talenten en mogelijkheden en de wereld om hen heen te ontdekken. Hiermee worden jongeren toegerust om uiteindelijk te komen tot een passende vervolgopleiding en/of werk. Concrete uitgangspunten zijn: 1. De ontwikkeling en ondersteuning van de jeugd moet lokaal, dichtbij en in samenwerking met partijen in het onderwijs, sport en cultuur plaatsvinden. 2. Niet voor iedereen is de aansluiting tussen het primair onderwijs en het voortgezet onderwijs gemakkelijk. Daarom maakt de overgang van po naar vo een belangrijk onderdeel uit van de Onderwijsvisie, mede in het licht van de doorgaande lijn, zowel inhoudelijk als in aanpak en werkwijzen. 3. Kansengelijkheid in het onderwijs is een belangrijk thema voor Dordrecht. Het richt zich vooral op het benutten van het leerpotentieel van de leerlingen. In Dordrecht is er relatief veel sprake van risico's op onderwijsachterstanden. Daarom hebben scholen en gemeente afgesproken om de nadruk te leggen op basisvaardigheden, waarvan taal en rekenen de belangrijkste zijn.

Drie speerpunten De drie speerpunten in deze Onderwijsvisie komen overeen met de speerpunten in de reeds vastgestelde Dordtse Onderwijsvisie 0 - 12 jaar en zorgen op die manier voor een logisch vervolg en een doorgaande lijn in het po en vo: 1. Basisvaardigheden 2. Preventie en zorg 3. Brede ontwikkeling

Verbinding met Onderwijsvisie 0-12 jaar Niet alleen in structuur, maar vooral inhoudelijk ligt de verbinding met de Dordtse Onderwijsvisie 0 12 jaar voor de hand. Het aansluiten bij de afspraken die er al zijn tussen gemeente, onderwijs en partners, het investeren in en continueren van doorgaande leerlijnen en zorglijnen behoren tot de uitgangspunten vanuit de reeds bestaande onderwijsvisie. Daarnaast kan er inhoudelijk geprofiteerd worden van de gemeentelijke inzet in het Dordts Leerprogramma, dat tot doel heeft het leerpotentieel van leerlingen die te maken hebben met een risico op leerachterstanden beter te benutten. Het voortgezet onderwijs kan daar enerzijds van profiteren, omdat leerlingen uit het basisonderwijs naar verwachting beter voorbereid aan het voortgezet onderwijs starten. Anderzijds is het de verantwoordelijkheid van het voortgezet onderwijs om juist deze leerlingen adequate begeleiding te bieden in de brugklas en daarna.

Aansluiting bij aanverwant beleid en andere programma’s Deze Onderwijsvisie sluit aan op reeds bestaande plannen en programma’s, zoals het Ondersteuningsplan Passend Onderwijs Dordrecht VO (inclusief het Addendum), de Visie Sociaal Domein Dordrecht 2030 en het gemeentelijk programma Glansrijke Toekomst voor de Dordtse Jeugd. Ook is er een relatie met het Integraal Huisvestingsplan.

5

Voorwaarden Om de ambities van de drie speerpunten te realiseren, zijn er algemene randvoorwaarden waaraan voldaan moet worden.

Voldoende gekwalificeerd personeel Het onderwijs aan onze jongeren en de ondersteuning die zij daarbij nodig hebben, kan niet zonder mensen die met de jongeren werken. Het lerarentekort en tekorten aan personeel in de jeugdhulp zijn daarom een grote zorg. We verkennen een aantal maatregelen die de gevolgen van het personeelstekort kunnen verzachten. ➔ Het lerarentekort gaan we meer vanuit gezamenlijkheid, dus Dordrecht-breed, oppakken. We zoeken samen naar creatieve manieren om leraren te werven en te behouden (te denken valt aan maatregelen op het gebied van huisvesting, parkeren en de inschakeling van het bedrijfsleven, ook is er een groot maatschappelijk netwerk dat nog niet genoeg benut is). ➔ De schoolbesturen vo sluiten zich aan bij Passie voor Onderwijs (Over ons - Passie voor Onderwijs (passievooronderwijsdrechtsteden.nl), een samenwerkingsverband van 13 schoolbesturen po in de regio Drechtsteden dat met behulp van landelijke subsidie het lerarentekort het hoofd biedt. ➔ Het bovenbestuurlijk samenstellen van een flexibele pool aan leraren is nodig om de grootste effecten van het lerarentekort te beperken.

Samenwerking en een integrale aanpak Een goede samenwerking en integrale aanpak staan aan de basis van het bereiken van de ambities. Deze betreffen nadrukkelijk een gezamenlijke opdracht. Sommige taken kunnen de verschillende partijen (scholen en schoolbesturen, samenwerkingsverband, gemeente) zelfstandig oppakken, maar voor veel van de ambities is samenwerking van belang. Dat begint met een goede onderlinge samenwerking tussen de onderwijsbesturen voor scholen voor voortgezet onderwijs. Maar het gaat verder, want ook samenwerking met de andere (jeugd-)partners in de gemeente is essentieel voor het realiseren van de ambities. Denk hierbij aan het primair onderwijs, het vervolgonderwijs, de gemeente, leerplicht, de jeugdhulppartners, de bibliotheken en bijvoorbeeld verenigingen. Waar mogelijk werken we met een integrale aanpak aan de ontwikkeling en het welzijn van onze jeugd. Barrières voor een integrale aanpak werken we weg. ➔ We stellen een overlegstructuur op waarin we werken aan de ambities uit deze visie en de voortgang op deze ambities monitoren.

6

Speerpunt 1 Basisvaardigheden In dit hoofdstuk staan de ambities die schoolbesturen, het samenwerkingsverband en de gemeente hebben vastgesteld op het gebied van basisvaardigheden. Het gaat daarbij om taalvaardigheden, rekenvaardigheden en burgerschap. Dit speerpunt valt onder de regie van het onderwijs.

Referentieniveaus taal en rekenen / wiskunde Het bereiken van de referentieniveaus voor taal en rekenen/wiskunde aan het einde van leerjaar 1 en 3 is een belangrijke wettelijk vastgelegde ambitie en valt in eerste instantie uiteraard onder de verantwoordelijkheid van de scholen voor voortgezet onderwijs. Dat geldt ook voor burgerschap: visie en doelen en het voldoen aan de landelijke wet- en regelgeving is een zaak van de scholen. Dat neemt niet weg dat er onderwerpen zijn waar samenwerking en ondersteuning door andere partijen meerwaarde kan bieden, bijvoorbeeld op het gebied van lezen (zie hieronder). In de Startfoto kon nog geen volledig beeld gegeven worden van de referentieniveaus door het ontbreken van data van sommige scholen. Het streven is om dat jaarlijks te verkrijgen. ➔

Met het oog op samenwerking en het delen van kennis en goede voorbeelden, leveren alle voscholen jaarlijks op eenduidige wijze gegevens over het percentage leerlingen dat op hun school de referentieniveaus behaalt in het eerste en derde leerjaar. De resultaten worden naast elkaar gelegd en besproken om zodoende van elkaar te leren.

Taalverwerving en leesbevordering Alle Dordtse scholen voor voorgezet onderwijs spannen zich tot het uiterste in om hun leerlingen een goede beheersing van de Nederlandse taal bij te brengen. Dat doen zij door middel van aandacht voor taalverwerving, taalontwikkeling, leesvaardigheid en vooral ook leesplezier. Op die manier kunnen de leerlingen hun leerpotentieel benutten en krijgen ze vaardigheden mee waarmee ze goed voorbereid worden op de toekomst. Ook kan het het risico op latere laaggeletterdheid tegengaan (zie hierna). Dit doen scholen door het aanbieden van extra lessen binnen of buiten schooltijd voor specifieke groepen leerlingen. De gemeente heeft hierbij een ondersteunende rol als het gaat om het vormgeven en organiseren van extra programma's (zie ook speerpunt 3). De grootste zorg is er bij de vo-scholen over het taalniveau in het algemeen en lezen in het bijzonder. Het onderwijs kan dit niet alleen oplossen, daar zijn de achterstanden bij aanvang van het voonderwijs al te groot voor en de onderwijstijd beperkt. Op het gebied van lezen kan er op korte termijn wat gebeuren met name om het leesplezier te bevorderen. ➔ Scholen gaan ervoor zorgen dat leerlingen lezen weer leuk vinden en wisselen hierover ideeën uit. De Bibliotheek AanZet ondersteunt hierin. Binnen 4 jaar wil de Bibliotheek met 75% van de scholen werken aan een beter leesklimaat.

➔ Er is momenteel één VO-school die gebruik maakt van het aanbod Bibliotheek op School. Dit worden er minimaal twee, bij voorkeur vmbo-scholen. ➔ Er komt een duurzaam Dordts leesoffensief waarbij scholen, de bibliotheek en de gemeente samenwerken. De lat voor lezen gaat omhoog. ➔ Activiteiten rondom (voor)lezen die nu voor het po zijn opgezet en binnen de Brede Schoolacademie voor de bovenbouw po, worden doorgetrokken naar het vo, zodat een doorgaande lijn ontstaat in lezen.

7

➔ Er komt een themaweek Lezen is leuk! binnen de gemeente. Activiteiten die scholen nu al ondernemen in het kader ven leesbevordering en het stimuleren van leesplezier worden met elkaar gedeeld en krijgen een plaats binnen de themaweek. ➔ De Bibliotheek Aanzet richt zich daarnaast ook buitenschools op leesplezier. Hiervoor wordt o.a. geïnvesteerd in Young Adult boeken op basis van de wensen van de jeugd zelf. ➔ Het Dordts dictee keert terug.

Tegengaan laaggeletterdheid Het voorkomen van laaggeletterdheid is een belangrijke prioriteit voor de gemeente, waarbij ook de bibliotheek een belangrijke rol speelt. Met een ambitieus regioplan wil de gemeente in de Drechtsteden werken aan het vergroten van de basisvaardigheden zoals lezen, schrijven en digitale vaardigheden voor volwassenen. Het onderwijs is daarbij onmisbaar doordat zij op school programma’s voor ouders en wijkbewoners kunnen aanbieden die goed in verbinding staan met het schoolaanbod. Daarom wil de gemeente samen met scholen een laagdrempelig aanbod in of rond de scholen organiseren voor laaggeletterde ouders van Dordtse scholieren, zodat deze ouders geholpen worden om schoolse zaken beter te begrijpen en hun kinderen beter kunnen ondersteunen bij het leerproces. De stichting Lezen en Schrijven en taalambassadeurs kunnen hier een rol in vervullen.

Overgang primair – voortgezet onderwijs Een soepele overgang naar het voortgezet onderwijs voor alle leerlingen is een belangrijke ambitie. In de Dordtse Onderwijsvisie 0 - 12 is aandacht voor de overgang van de basisschool naar het vervolgonderwijs en voor een warme overdracht van begeleidingstrajecten. De Startfoto laat zien dat het beeld dat po- en vo-schoolleiders hebben van de overgang naar het voortgezet onderwijs van elkaar verschilt, bijvoorbeeld over warme overdracht, over het gebruik van het onderwijskundig rapport e.d. Het vo constateert dat het po niet altijd voldoende kennis heeft van de verschillende vormen vervolgonderwijs, waardoor adequaat adviseren lastig is. Meer contact tussen po en vo is wenselijk en zou niet alleen moeten gaan over het moment van overdracht, advisering en plaatsing, maar ook over inhoudelijke doorgaande lijnen, didactiek en werkwijzen. We werken in gezamenlijkheid aan oplossingen bij problemen in de overgang van po naar vo, ook in het kader van gelijke kansen, een belangrijk uitgangspunt van deze Dordtse Onderwijsvisie. Het is onwenselijk dat schooladvies en plaatsing samenhangen met de opleiding van de ouders. De nieuwe regelgeving over doorstroomtoetsen met een verplichte herziening van het advies bij een hogere score op de eindtoets, zou gelijke kansen moeten bevorderen.

Het is zaak om in Dordrecht te monitoren in hoeverre dit het geval is. ➔ Meer eenduidigheid en transparantie in procedures, vastgelegd in een Dordtse povoprocedure (voor welke leerlingen warme overdracht, wanneer aanwezigheid ouders, ‘tafeltjesmiddagen’ herinvoeren, functie van onderwijskundig rapport, terugkoppeling leerlinggegevens etc.). ➔ Meer contact tussen po- en vo-scholen, leidend tot meer kennis over de inhoud, didactiek en werkwijzen van elkaars onderwijs. ➔ Een monitor voor beide Dordtse Onderwijsvisies (0-12 en 12-18) bevat het percentage leerlingen dat lager of hoger geplaatst is dan op grond van de eind-/doorstroomtoets en/of advies verwacht kan worden en de opstroom en afstroom van leerlingen na drie jaar in het voortgezet onderwijs. 8

Onderwijs aan nieuwkomers We willen dat alle leerlingen die op latere leeftijd in Nederland zijn komen wonen optimale kansen krijgen om onderwijs te volgen dat past bij hun leerpotentieel. Dordrecht vervult een regiofunctie voor het NT2-onderwijs voor het voortgezet onderwijs. Anderstalige, minderjarige leerlingen uit de regio ZHZ worden opgevangen in Internationale Schakelklassen (ISK) bij het Stedelijk Dalton Lyceum. Momenteel bestaat het beeld dat leerlingen naar vervolgonderwijs uitstromen dat lager is dan hun leerpotentieel. Dat is meestal het gevolg van een onvoldoende beheersing van de Nederlandse taal op het moment van uitstroom, maar ook te lage verwachtingen van leraren kunnen een rol spelen. ➔ De (landelijke) mogelijkheden voor verlenging van de ISK-periode wordt, met name voor leerlingen die meer in hun mars hebben dan aan het einde van de ISK-periode blijkt, benut. ➔ We zoeken met elkaar naar een oplossing wanneer de financiering van verlenging van de ISKperiode door het samenwerkingsverband in de toekomst niet meer mogelijk blijkt. ➔ Er komt meer aandacht voor extra begeleiding en nazorg voor de oud ISK-leerlingen in het reguliere onderwijs, met name op het gebied van taal. ➔ Bij de overgang naar het reguliere onderwijs krijgen leerlingen een kansrijke plaatsing vanuit de gedachte dat hoge verwachtingen tot meer schoolsucces leiden.

➔ Waar nodig zorgen we voor een snellere doorstroom naar het mbo voor leerlingen die gebaat zijn bij een contextrijke leeromgeving.

Overgang van voortgezet onderwijs naar vervolgonderwijs De gemeente en het onderwijs willen het Dordtse onderwijs verbinden met de regionale arbeidsmarkt. Daarnaast willen we dat leerlingen in het voortgezet onderwijs vaardigheden ontwikkelen die zij nodig hebben in hun latere (werkende) leven (zie ook speerpunt 3: Voorbereiding van jongeren op de arbeidsmarkt). Er komt extra aandacht voor de doorgeleiding van leerlingen naar de sectoren techniek, zorg en onderwijs. ➔ We maken afspraken over de overgang vmbo-mbo (hoe verloopt de aansluiting /samenwerking). ➔ Er komt een Dordtse campagne die leerlingen stimuleert om voor de sectoren techniek, zorg en onderwijs te kiezen (zie ook speerpunt 3).

9

Speerpunt 2 Preventie en zorg In dit hoofdstuk belichten we het tweede speerpunt van de onderwijsvisie, dat zich richt op preventie en zorg en waar het samenwerkingsverband de eindverantwoordelijkheid voor draagt. De ambities die we hier formuleren, zijn gebaseerd op de gedeelde visie van schoolbesturen, het samenwerkingsverband en de gemeente. Het doel is om een omgeving te creëren waarin preventieve maatregelen en zorg voor leerlingen centraal staan. We werken samen aan passend en inclusiever onderwijs en willen voortijdige schooluitval en thuiszitten voorkomen. Dit speerpunt valt onder de regie van het samenwerkingsverband passend onderwijs.

Schoolklimaat en welbevinden We streven een veilig schoolklimaat en welbevinden na, zodat leerlingen zich prettig voelen en in staat zijn om te leren. Scholen dragen in eerste instantie zorg voor een veilig en prettig schoolklimaat. Er is zorg over het welzijn van de leerlingen, waarbij er grote verschillen zijn tussen scholen. Om een positieve schoolbeleving te garanderen, zijn een positieve benadering (denken vanuit kansen) door leraren, realistische verwachtingen van leerlingen en positieve relaties tussen docent en leerlingen van belang. ➔

➔ ➔

➔ ➔

Scholen vergroten gezamenlijk en/of individueel hun expertise rondom het voorkomen van problemen bij jongeren. Deelname van leraren aan bestaande (gemeentelijke) programma’s en aanpakken kunnen daarbij behulpzaam zijn. Alle vo-scholen delen op eenduidige wijze jaarlijks de belangrijkste uitkomsten van hun monitor sociale veiligheid en bespreken deze, zodat ze van elkaar kunnen leren. Er zal een benchmark plaatsvinden op het gebied van mentaal welzijn (stress, problematisch social media gebruik, pesten, etc.). Met andere woorden: hoe verhouden Dordtse gegevens zich tot die van vergelijkbare steden. We gaan na welke maatregelen we kunnen nemen om schoolklimaat en welbevinden positief te beïnvloeden. We organiseren jaarlijks een sessie met een afvaardiging van leerlingen van alle scholen om te spreken over het schoolklimaat en welbevinden.

Inclusie en diversiteit We streven in het voortgezet onderwijs naar diversiteit en inclusie. Diversiteit gaat over alle aspecten waarop mensen verschillen, zoals sekse, leeftijd, huidskleur, seksuele voorkeur, cultuur, religie, economische status en fysieke en mentale gezondheid. Een inclusieve omgeving waardeert deze verschillen. Leerlingen, personeel en ouders voelen zich welkom, worden gelijk behandeld en worden betrokken bij de besluitvorming. De meeste Dordtse scholen hebben een diversiteitsbeleid en besteden hier regelmatig aandacht aan. Het bevorderen van kansengelijkheid , inclusie en diversiteit zijn belangrijke onderdelen vanuit het politiek akkoord in de gemeente Dordrecht en zijn ondergebracht in het programma 'Bestaanszekerheid en Kansengelijkheid' en de opgave 'Inclusiviteit en Diversiteit'. ➔ We willen met elkaar bespreken in hoeverre er in het voortgezet onderwijs in Dordrecht daadwerkelijk sprake is van inclusie en daarbij ook jongeren en ouders betrekken. Vervolgens maken we gezamenlijk plannen om inclusie en diversiteit te verstevigen.

10

Versterken van de basis We streven ernaar om het percentage leerlingen dat naar VSO gaat t.o.v. het totaal aantal leerlingen niet te laten groeien. Dat betekent dat meer leerlingen terecht kunnen op reguliere scholen, eventueel met ondersteuning van VSO. Het is daarvoor nodig dat het voortgezet onderwijs meer begeleidend vermogen ontwikkelt door het versterken van de (basis-)ondersteuning in samenwerking met de jeugdhulppartners (zie Ondersteuningsplan Dordrecht). Bij een breed en dekkend aanbod hoort ook dat er, mede in het kader van passend onderwijs, aandacht wordt besteed aan meer- en hoogbegaafdheid en passende ondersteuning aanwezig is. ➔ ➔ ➔ ➔

Het deelnamepercentage van leerlingen in het VSO blijft op het niveau van het schooljaar 2023-2024. De ondersteuningsbehoeften van leerlingen lossen we, waar mogelijk, regulier op door ondersteuning door VSO. We benutten elkaars expertise bij het bieden van extra ondersteuning van leerlingen die dat nodig hebben, ook voor meer- en hoogbegaafdheid. In het Integraal Huisvestingsplan leggen we vast hoe we fysiek ruimte bieden aan de bredere ondersteuning op de scholen.

Een integrale aanpak onderwijs en jeugdhulp We willen komen tot een samenhangend aanbod van onderwijs en jeugdhulpverlening, zodat de verschillende vormen van ondersteuning naadloos op elkaar aansluiten1. Het integraal aanpakken van zorgbehoeften is essentieel. Een integrale aanpak houdt in dat we niet alleen naar de leerprestaties van een leerling kijken, maar ook naar zijn of haar welzijn in de breedste zin van het woord. De ontwikkelkansen en het belang van de jongere staan in deze integrale aanpak steeds centraal om te voorkomen dat de regie en verantwoordelijkheid zoek raken door uiteenlopende belangen of restricties, zoals bijvoorbeeld het lerarentekort of administratieve lasten. Het ontschotten en gericht inzetten van financiële middelen is een extra ambitie. Een goede en structurele samenwerking van onderwijsprofessionals en (buitenschoolse) zorgverleners is van groot belang. Het samenwerkingscollectief Dordrecht Sociaal focust op het tot stand brengen van een integrale ondersteuning voor kinderen en jongeren. Hierbij ligt het accent momenteel op een preventieve en signaleringsgerichte inzet. Aangezien het doel is om hulp op alle niveaus - preventief, reactief en curatief - beter op elkaar af te stemmen, moet integrale samenwerking op dit punt versterkt worden.

➔ We willen bij elke school een centraal aanspreekpunt voor het behartigen van de belangen van ouders en leerlingen. Deze casusregisseur vormt de verbinding tussen onderwijs en hulpverlening voor leerlingen en gezinnen. Hij/zij is via de school bereikbaar en is verantwoordelijk voor het op gang brengen en houden van de hulpverlening en om de voortgang terug te koppelen naar de school en ouders. We gaan na of scholen hiervoor de landelijke subsidieregeling voor brugfunctionaris kunnen gebruiken of dat een andere functionaris deze rol zal vervullen. ➔ We bouwen voort op Dordrecht Sociaal om de gewenste structurele samenwerking tussen onderwijs, hulp en zorg tot stand te brengen.

1

Zie ook: Addendum Ondersteuningsplan (OSP) 2022-2026 van het Samenwerkingsverband Passend Onderwijs Dordrecht. Dat beschrijft expliciet en concreet de ambitie om de samenhang tussen de domeinen ‘onderwijs’ en ‘jeugdhulp’ te versterken.

11

➔ Samen met jeugdhulp richten we onderwijszorgarrangementen in om meer leerlingen een passend aanbod te kunnen doen. ➔ Het (regionale) project Jeugdhulp op school (JHOS) continueren en verduurzamen we via de Serviceorganisatie Jeugd ➔ We beleggen doorzettingsmacht voor het geval partijen niet tot een gewenst besluit komen voor een leerling. ➔ In de afspraken over het leerlingvervoer hebben we oog voor wat het vraagt wanneer onderwijs en jeugdhulp intensiever samenwerken.

Aanbod in zicht We werken aan een duurzaam dekkend aanbod van ondersteuning, hulp en zorg. We streven naar continuïteit in subsidiestromen voor projecten, pilots en programma's die als succesvol worden ervaren door leerlingen, ouders en professionals met als doel het waarborgen van langdurige impact. We willen een actueel en zo volledig mogelijk overzicht van de preventie- en zorgmogelijkheden binnen Dordrecht. Dit overzicht bevat: het doel van het aanbod, thema’s van ondersteuning, doelgroep, duur en intensiteit van de hulpverlening en de kosten. Op die manier kunnen we bepalen of het aanbod toereikend is en zo niet, wat er ontbreekt. Zowel dubbelingen als witte vlekken worden zichtbaar. Onderwijsprofessionals krijgen daardoor meer inzicht in de mogelijkheden van scholen om leerlingen (en hun gezin) te ondersteunen wanneer er hulp van buitenaf nodig is. Een regelmatige evaluatie van het aanbod laat zien in hoeverre aanpakken en programma’s effectief en efficiënt zijn. ➔ Het samenwerkingsverband en de gemeente brengen het stadsbrede aanbod op preventie en zorg overzichtelijk en duidelijk in kaart voor alle professionals in het veld, beoordelen of er gaten of dubbelingen zitten in het aanbod en ondernemen passende acties indien dit het geval is.

➔ Het samenwerkingsverband deelt de informatie over het aanbod in lijn met de verschillende verantwoordelijkheden, middels bijvoorbeeld een escalatieladder. ➔ We willen inzicht in het bereik en de effectiviteit van aanpakken en interventies op het gebied van onderwijs en zorg. ➔ Belangrijke samenwerkingspartners binnen het Dordtse onderwijs infomeren over elkaar over de stand van zaken m.b.t. wachttijden en wachtlijsten (d.m.v. centrale monitor).

Beperken thuiszitten We willen dat het aantal thuiszittende jongeren in Dordrecht structureel afneemt, zodat uiteindelijk geen enkele leerling thuis hoeft te zitten2. Ten behoeve van het terugbrengen van het aantal thuiszitters zijn met de partners van het samenwerkingsverband begin 2024 afspraken gemaakt om het aantal thuiszittende jongeren te reduceren, o.a. door eenduidige registratie, een regietafel en passende voorzieningen.3 ➔ We spannen ons gezamenlijk in voor het realiseren van de opgestelde aanpak ‘terugdringen en voorkomen van thuiszitters’ ➔ De aanpak rondom thuiszittende jongeren wordt geëvalueerd en bij een positieve uitkomst gecontinueerd.

2

Zie ook: Addendum Ondersteuningsplan (OSP) 2022-2026 van het Samenwerkingsverband Passend Onderwijs Dordrecht.

12

Speerpunt 3 Brede ontwikkeling Het derde speerpunt betreft de brede ontwikkeling van jongeren, het valt onder de regie van de gemeente Dordrecht. Naast een goede beheersing van de basisvaardigheden is het ontwikkelen van bredere vaardigheden belangrijk voor de vorming van jongeren naar volwassenheid. De scholen stimuleren hun leerlingen daarom niet alleen in hun cognitieve ontwikkeling, maar geven leerlingen ook ruimte om andere kanten van zichzelf te ontdekken en verder te brengen. Op Dordtse scholen is aandacht voor kunst en cultuur, voor sport en beweging, voor techniek en wetenschap, natuur en milieu en voor persoonlijkheidsontwikkeling.

Voorbereiding van jongeren op de arbeidsmarkt Een groot deel van de jongeren maakt zonder problemen de overstap van het voortgezet onderwijs naar een vervolgopleiding of werk. Een deel van de jongeren lukt het echter niet of met veel moeite om die overstap te maken met soms vroegtijdige uitval uit het onderwijs tot gevolg. Het gemeentelijke Programma Glansrijke Toekomst voor de Dordtse jeugd richt zich op het benutten van ieder talent met een koppeling aan wat bedrijven nodig hebben. De gemeente investeert in de toekomst van de huidige en komende jongere generaties van de stad. Eén van de onderdelen van het programma is het maken van langdurige afspraken tussen gemeente en voortgezet onderwijs over brede vaardigheden voor Dordtse jongeren, zodat zij goed voorbereid worden op de steeds veranderende arbeidsmarkt. De aanpak loopbaan- en beroepsoriëntatie (LOB) op scholen is hiervoor een uitgelezen instrument. Een recent landelijk onderzoek4 geeft duidelijke handvatten voor het zodanig inrichten van LOB, met name in het vmbo, dat dit leidt tot keuzes die aansluiten op talenten en interesses én op de vraag naar arbeid. Dat kan ook helpen om voortijdige schooluitval te voorkomen. We willen voortijdig schoolverlaten voorkomen. Hiervoor stellen we een nieuw regionaal plan op. We hebben extra aandacht voor de overstap naar werk van kwetsbare jongeren (o.a. vanuit vso en pro).

➔ We houden de aanpak voor loopbaan- en beroepsoriëntatie kritisch tegen het licht en actualiseren deze waar nodig. Daarbij is aandacht voor kansrijke keuzes en voor de rol van ouders bij studie- en beroepskeuze. De gemeente speelt een faciliterende rol. ➔ Jongeren vanuit het praktijkonderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs (pro-vso) hebben soms extra ondersteuning nodig bij de overgang van onderwijs naar vervolgopleiding en uiteindelijk naar werk. We zetten een regionale netwerkcoördinator vso-pro in om scholen hierin te ondersteunen.

Extra aanbod vanuit het onderwijs Scholen voor voortgezet onderwijs besteden zowel in het reguliere verplichte programma als in extra naschoolse programma’s aandacht aan sport & bewegen, kunst & cultuur, natuur & milieu en wetenschap & techniek. Soms is dit verplicht voor alle of een deel van de leerlingen, vaak is het op vrijwillige basis. Ook buiten school is er aanbod, dat verloopt via clubs en verenigingen. De schoolbesturen vinden dat er in Dordrecht veel (hoogwaardig) aanbod is, maar zien als probleem dat 4

https://www.seor.nl/Cms_Media/LOB_en_kansrijke_keuzes_factsheet.pdf

13

niet alle leerlingen de weg er naartoe weten te vinden. De gemeente wil het aanbod in de stad versterken door na- en buitenschoolse programma's beter te verbinden met het reguliere aanbod op scholen en daarbij rekening houden met de wens van de jongeren zelf. Zo biedt bijvoorbeeld het Rijksprogramma School en Omgeving scholen, gemeente en partners de mogelijkheid om het onderwijs beter te verbinden met de mogelijkheden in de stad. ➔ We streven naar een breed activiteitenaanbod voor alle jongeren. ➔ We gaan na welke (financiële) drempels jongeren ervaren bij het gebruikmaken van het aanbod in de gemeente. ➔ Scholen en gemeenten maken een plan voor een betere toeleiding van jongeren naar clubs en verenigingen. Daarin staan ieders rollen en verantwoordelijkheden en de beschikbare budgetten van elk van de partijen. ➔ Drie VO-scholen ontvangen vanaf 2024 rijkssubsidie voor het Rijksprogramma School en Omgeving. Zij krijgen daardoor de mogelijkheid om een pilot in te richten met een buitenschools activiteitenprogramma gericht op de brede ontwikkeling van leerlingen. Vanuit de gemeente is hierin ondersteuning beschikbaar voor het toeleiden naar het sport- en kunst & cultuuraanbod in de gemeente. ➔ De scholen kunnen aan de hand van de ervaringen met de pilots van elkaar leren en gaan met elkaar na hoe successen na afloop van de subsidie een duurzaam karakter kunnen krijgen.

Sport en bewegen Sporten en mentale gezondheid zijn nauw met elkaar verbonden. Sporten geeft plezier en een gevoel van trots, het is goed voor je gezondheid, geeft energie en het gevoel dat je meedoet. Ook verbindt het mensen en heeft zo een sociaal karakter. Daarnaast kan sport als preventief middel worden ingezet worden bij allerlei ondersteuningsvragen. Sport kan positief bijdragen aan de mentale weerbaarheid van jongeren. Met sport kan ook gewerkt worden aan persoonlijke ontwikkeling (organiseren activiteiten e.d.). Daarom vinden we het belangrijk dat er zo veel mogelijk Dordtse jongeren in beweging zijn of betrokken worden bij sport. Zeker omdat juist in deze leeftijdscategorie een (landelijke) daling te zien is van het structureel sporten. We willen jongeren dus aan het sporten en bewegen houden. De schoolbesturen constateren dat sport en bewegen inmiddels in het primair onderwijs goed geland zijn. Het zou mooi zijn als leerlingen in het voortgezet onderwijs ook een extra stimulans krijgen om te sporten en in aanraking komen met sporten waar zij nu op school geen kennis mee maken. Er zijn initiatieven die sport en bewegen van kinderen en jongeren stimuleren, maar sommige zijn op projectbasis en scholen hebben niet altijd een compleet overzicht van de mogelijkheden.

➔ Daar hoort onder andere een sportieve schoolomgeving/schoolplein bij en faciliteiten binnen of in de directe omgeving van het schoolgebouw. In het Integraal Huisvestingsplan is hier aandacht voor. ➔ Vanuit Dordt Sport (gemeente) wordt voor het voortgezet onderwijs een sportcoach ingezet die overzicht heeft over lokale en landelijke programma’s rondom sport. Het gaat dan zowel om programma’s om jongeren in beweging te krijgen, als programma’s waarbij sport wordt ingezet om de mentale weerbaarheid van jongeren te versterken dan wel ze te helpen bij hun persoonlijke ontwikkeling. ➔ De gemeente wil de scholen ondersteuning bieden bij de uitvoering van het Rijksprogramma School & Omgeving. De sportcoach staat in verbinding met het Dordtse Sport -en 14

beweegloket waar alle sportaanbieders (verenigingen, maar ook commerciële sportaanbieders) bij aangesloten zijn. ➔ Op scholen voor voortgezet onderwijs komt meer en ander sportaanbod voor alle leerlingen. Leerlingen maken daardoor op een laagdrempelige manier kennis met veel verschillende sporten en gaan op sportontdekkingsreis. Jongeren zullen de ontdekkingsreis vervolgen en ontdekken: wat hen motiveert om te blijven sporten en bewegen; met wie, op welke manier, op welk niveau en in welke context ze dit willen ondernemen. ➔ De Sportcoaches van Dordt Sport gaan ook in het vo de brug vormen tussen onderwijs en sportverenigingen, werken nauw samen met vakdocenten lichamelijke opvoeding (en richten zich op het toeleiden van leerlingen naar sportverenigingen. ➔ De schoolbesturen faciliteren hun vakdocenten gymnastiek om samen met de gemeente te werken aan de sportieve ontwikkeling van de Dordtse jeugd. ➔ Jongeren zelf spelen een belangrijke rol spelen bij het vormgeven van het sportaanbod en krijgen via de sportcoaches inspraak. ➔ Voor de jongeren die niet in verenigingsverband willen sporten moet in wijken met veel achterstand een sport- en ontmoetingsplek zijn. Dat is een (sportieve) locatie waar jongeren zich persoonlijk kunnen ontwikkelen en waar zij samen kunnen komen en bewegen, waarbij persoonlijke ontwikkeling centraal staat.

Kunst en cultuur In de afgelopen decennia heeft de gemeente veel geïnvesteerd in een levendige binnenstad en de culturele infrastructuur van de stad. Ook het onderwijs heeft een belangrijke taak bij de culturele ontwikkeling van jongeren. Cultuureducatie op school bevordert de creatieve ontwikkeling, wakkert nieuwsgierigheid aan en draagt bij aan brede talentontwikkeling. Het kan het zelfvertrouwen van leerlingen vergroten, doordat zij hun eigen talenten ontdekken en vaardigheden ontwikkelen. de bereidwilligheid vanuit de gemeente en de culturele partners in de stad is groot om jongeren te ondersteunen in hun culturele ontwikkeling. De gemeente neemt graag een stimulerende en faciliterende rol op zich. In de Cultuurnota Dordrecht 2030 'De kunst van het verbinden' is onder de pijler 'Cultuur voor en door iedereen' de ambitie gesteld dat kunst en cultuur een vast onderdeel blijven van het lesprogramma bij alle Dordtse scholen. Dat geldt ook voor het voortgezet (speciaal) onderwijs en het beroepsonderwijs. Vanuit de rijksoverheid is er aandacht voor kunst en cultuur in het voortgezet onderwijs. In het reguliere curriculum van de scholen hebben de kunstvakken en culturele vorming een plaats. Met de Cultuurkaart kunnen leerlingen in het vo culturele activiteiten ondernemen.

Ook is er het landelijke programma CmK (Cultuureducatie met kwaliteit) waar SOC (Samen ontwikkelen door cultuur) penvoerder is en de gemeente co-financierder. Deze regeling beoogt de deelname van scholieren aan cultuureducatieve activiteiten te vergroten met speciale aandacht voor het bereiken van nieuwe doelgroepen, mede in het kader van kansengelijkheid. ➔ De bestaande regeling CMK wordt voortgezet in de periode 2025-2028 met extra aandacht voor het verrijken van cultuureducatie binnen het v(mb)o, mbo en (v)so. ➔ Scholen maken gebruik van het aanbod en de expertise van het SOC als intermediair tussen het onderwijs en de culturele sector. Het SOC heeft in beeld hoe de deelname van scholen is aan het programma Cultuureducatie met Kwaliteit en biedt vraaggericht aanbod.

15

Natuur en milieu De gemeente heeft de visie op Natuur- en Milieueducatie vastgelegd in een nieuwe N&M- visie 'Natuurlijk beleven en leren'. Het doel hierin is om de inwoners van Dordrecht en de natuur dichter bij elkaar te brengen en betrokkenheid tot stand te brengen. Want waar je van houdt, daar wil je voor zorgen. En de natuur heeft die zorg hard nodig. Via het Duurzaamheidscentrum Weizigt en het Biesboschcentrum Dordrecht kunnen inwoners laagdrempelig kennismaken met de natuur. Hierbij is er focus op de jeugd, ook die in het voorgezet onderwijs. ➔ De gemeente zet in op een stevige, hernieuwde samenwerking met het onderwijs, ook om NME structureel te borgen in de lesprogramma’s in het voortgezet onderwijs.

Wetenschap en techniek Het enthousiast maken van jongeren voor wetenschap en techniek is belangrijk, ook en vooral vanuit het oogpunt om voldoende technisch geschoold personeel beschikbaar te hebben in de toekomst. Op dit moment is er voor het vmbo landelijke ondersteuning, zie: Sterk Techniekonderwijs. Het is niet bekend in hoeverre er op gemeentelijk niveau in Dordrecht voldoende initiatieven zijn, hoe er wordt samengewerkt, bijvoorbeeld ook met het bedrijfsleven, en wat dit oplevert. ➔ We willen meer zicht krijgen op de manier waarop jongeren enthousiast gemaakt kunnen worden voor wetenschap en techniek. Daarbij evalueren we lopende initiatieven (landelijk zoals STO en lokaal zoals T-team van Nestas) en breiden die – indien wenselijk - uit naar het voortgezet onderwijs. We betrekken het bedrijfsleven hier expliciet bij. ➔ We ontwikkelen een doorgaande lijn wetenschap en techniek po-vo, voor alle onderwijstypen, dus ook havo en vwo.

16

Rollen en verantwoordelijkheden Hoe zijn de verantwoordelijkheden verdeeld? Scholen zijn verantwoordelijk voor de kwaliteit van het onderwijs dat zij geven. De schoolbesturen zijn hoofdverantwoordelijk voor de kwaliteit en de uitvoering van de wettelijke taken van het onderwijs. Binnen de organisatie van het samenwerkingsverband zijn de schoolbesturen gezamenlijk verantwoordelijk voor een dekkend netwerk van passend onderwijs. De gemeentelijke taken voor het onderwijs zijn beperkt, maar zeker belangrijk. Dit zijn taken zoals veilig en gezond opgroeien, leerplicht, leerlingenvervoer, onderwijshuisvesting, onderwijsachterstandenbeleid, het voorkomen van voortijdig schoolverlaten, volwasseneneducatie, de aansluiting passend onderwijs op jeugdhulp en de opdracht om met onderwijsbesturen jaarlijks op overeenstemming gericht overleg (in Dordrecht via het LEA) te voeren over deze onderwerpen. De ambities die we met elkaar afspreken in deze Onderwijsvisie gaan we uiteraard gezamenlijk realiseren, maar voor elk van de speerpunten is een verantwoordelijke partij aangesteld die regievoerder is (speerpunt 1: onderwijs, speerpunt 2: samenwerkingsverband en speerpunt 3: gemeente). Voor de implementatie van de Onderwijsvisie zal per speerpunt een stuurgroep eindverantwoordelijk zijn. Er komt een gecombineerde stuurgroep basisvaardigheden en brede vaardigheden.

De stuurgroep preventie en zorg die nu is ingericht voor het po breiden we uit naar het vo, aangezien daarin grotendeels dezelfde partners deel (zullen) nemen. Er komt een aparte werkgroep voor de monitoring van de afspraken en het vaststellen van de mate waarin de ambities (doelen) zijn bereikt. Hieraan kunnen bijvoorbeeld de kwaliteitsmedewerkers van de schoolbesturen deelnemen. Desgewenst kunnen onder elke stuurgroep tijdelijke werkgroepen worden ingericht waarin professionals op uitvoeringsniveau zitting hebben.

Financiën Hier wordt aangegeven welke budgetten er beschikbaar zijn voor het bereiken van de ambities, zowel gemeentelijke bijdragen als die van de schoolbesturen en swv.

17

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/836/documents/30579