Dordtse Omgevingsvisie 2.0; Eiland met kwaliteit v1.1.pdf
Tekst van het document
Wijziging t.o.v. omgevingsvisie 1.0: - Wijziging doelformulering ‘Dordrecht heeft een uitstekend vestigingsklimaat’ naar ‘Dordrecht heeft een toekomstbestendige economie’. De nieuwe formulering doet meer recht aan de wens voor kwalitatief hoogwaardige werkgelegenheid die past bij de Dordtse beroepsbevolking en een toekomstbestendige economie die bijdraagt aan de brede welvaart in de stad. - Wijziging doelformulering ‘Dordrecht is in 2035 een klimaatbestendige stad’ naar ‘Dordrecht is in 2040 een klimaatbestendige stad’. De nieuwe formulering doet recht aan de Routekaart klimaatneutraal 2040 (vastgesteld 18 juni 2024). - Wijziging ‘Dordrecht is in 2050 een energieneutrale stad’ naar ‘Dordrecht is in 2040 een duurzame en klimaatneutrale stad’. De nieuwe formulering doet recht aan de gewijzigde ambities, bovendien is gebleken dat een energieneutrale stad technisch gezien niet mogelijk is.
Er ligt dan ook een relatie met doel 3. (Dordrecht is een gezonde stad), doel 5. (Dordrecht is een klimaatbestendige stad) en doel 7. (Dordrecht is een biodiverse stad).
A.2.5 Dordrecht in haar omgeving A.2.5.1 Drechtsteden/Smart Delta Drechtsteden Met zes buurgemeenten (Alblasserdam, Hardinxveld-Giessendam, Hendrik-IdoAmbacht, Papendrecht, Sliedrecht, en Zwijndrecht) vormt Dordrecht een hecht samenwerkingsverband onder de naam Drechtsteden, waarbinnen Dordrecht een centrumfunctie heeft. Gemeenten trekken samen op om hun regio economisch sterk te maken en hun inwoners goede voorzieningen en woningen te bieden. Samen hebben deze gemeenten de Groeiagenda Drechtsteden 2030 opgesteld en is de samenwerking verbreed via de Regiodeal DrechtstedenGorinchem. Met het Rijk, de provincie en (niet-)overheidspartners uit de regio werken we aan de realisatie daarvan. Binnen Smart Delta Drechtsteden werken we samen in de geest van ‘triple helix’; samenwerking tussen overheid, onderwijs en bedrijven. Daarnaast wordt gewerkt aan de Ruimtelijke Strategie Drechtsteden. Met de strategie handelen we als regio proactief richting provincie en Rijk op een groot aantal belangrijke ruimtelijke keuzen die vragen om een (boven)regionale aanpak. Denk hierbij aan maritieme clusters, gezonde en groene oevers, en verdichting langs hoogwaardig openbaar vervoer. Aan deze thema’s wordt in voorliggende omgevingsvisie ook aandacht besteed.
Wijziging t.o.v. omgevingsvisie 1.0: - Aanvulling met Ruimtelijke Strategie Drechtsteden.
A.2.5.2 De Zuidelijke Randstad
Wijziging t.o.v. omgevingsvisie 1.0: - Aanvulling met Zuid-Hollands Programma Landelijk gebied.
langere termijn is er in de Zuidelijke Randstad nog volop potentie voor verstedelijking. Maar de vorm die deze krijgt moet gericht zijn op het toekomstbestendig maken van het gebied, zowel ruimtelijk als economisch, en moet zich verhouden tot onder andere het behoud van milieuruimte in haven- en industriegebieden. Daarbij kent de Zuidelijke Randstad een belangrijke opgave voor het realiseren van extra groen en het verder ontwikkelen van bestaande groene ruimte. A.2.5.3 De Maritieme Delta en de goederencorridor Oost-A-15 In internationaal perspectief heeft Nederland een sterke maritieme positie. Een samenhangend netwerk van zeehavens en
Figuur 6 – Ruimtelijke strategie voor onderscheidende regionale ontwikkelingen. Voorontwerp Nota Ruimte, 2024.
21
Dordtse Omgevingsvisie 2.0 Eiland met kwaliteit
Dordrecht maakt in de ruimtelijke hoofdstructuur van de provincie Zuid-Holland onderdeel uit van de hoogstedelijke zone Leiden – Dordrecht. Het is één van de dichtstbevolkte regio's van Europa. Deze hoogstedelijke zone is onderdeel van het NOVEX-gebied Zuidelijke Randstad. De Zuidelijke Randstad wil uitgroeien tot een vitaal, hoogwaardig ingericht en goed bereikbaar metropolitaan gebied en zo de agglomeratiekracht versterken. Samen met de stedelijke regio's, provincie Zuid-Holland, andere gemeenten waaronder Rotterdam en Den Haag en het Rijk werken we samen op het gebied van de mobiliteit (hoogwaardig openbaar vervoer) én de verstedelijkingsopgave (wonen, onderwijs, economie en innovatie). Dordrecht is onder meer partner in de Verstedelijkingsalliantie ‘Leiden – Dordrecht’, het programma ‘MOVE’ (deel Oude Lijn Leiden – Dordrecht), de Woondeal ‘Samenwerkende Regio’s’ en het Verstedelijkingsakkoord ‘Zuidelijke Randstad’ en betrokken bij de Investeringsagenda ‘Zuidelijke Randstad’ en de Verstedelijkingsstrategie van de provincie. Daarnaast werken we samen met de provincie in het kader van het Zuid-Hollands Programma Landelijk gebied (dat overeind blijft ondanks het stopzetten van het NPLG) en de uitwerking van het Ruimtelijk Arrangement ten behoeve van de Nota Ruimte.
In juni 2024 is het voorontwerp van de landelijke Nota Ruimte gepubliceerd. Hierin is voor de Zuidelijke Randstad opgenomen dat ruimtelijk-economische ontwikkeling en herstructurering gestimuleerd wordt. Hoewel de Zuidelijke Randstad tot het hoogstedelijk kerngebied van ons land behoort, blijf de economische dynamiek achter en is er op veel plekken sprake van een stapeling van sociaaleconomische vraagstukken. Het bestaand ruimtelijk systeem van woonmilieus, werkgebieden en infrastructuur vraagt om een brede inzet op herstructurering, waarbij aandacht nodig is voor de verbetering van de fysieke en sociale kwaliteit van de leefomgeving. De eerste 15 tot 20 jaar is het vooral een opgave om de al gestelde ambities en opgaven op het gebied van woningbouw en verstedelijking te realiseren. Ook op
Definitief Deel A
22
achterlandknooppunten heeft deze positie bepaald. De regio Drechtsteden maakt onderdeel uit van het Havenindustrieel complex en daarom zijn wij ook partner in de Maritieme Delta. Dordrecht heeft als onderdeel van de delta niet alleen banden met het noorden, maar ook met het zuidwesten (en het oosten). In dat kader is Dordrecht ook betrokken bij de NOVEX Rotterdamse Haven, omdat de programmering van het Havenindustrieel complex ook de Dordtse Zeehaven betreft. Verder zijn wij betrokken bij de Goederencorridor Zuid waarvan onder meer het goederenvervoer over het spoor onderdeel is. A.2.5.4 Overige samenwerkingen In het kader van de Biesbosch wordt de gemeente- en provinciegrens overstijgende samenwerking SOK De Biesbosch aangehaald. Voor de Programmatische Aanpak Grote Wateren Biesbosch RijnMaasmonding wordt er ook gewerkt aan hoogwaardige natuur. Hiervoor wordt samengewerkt met Rijkswaterstaat. Samenwerking met het waterschap is opgenomen in de Strategische Samenwerkingsagenda waterschap Hollandse Delta en de gemeente Dordrecht 2023 – 2027.
Wijziging t.o.v. omgevingsvisie 1.0: - Aanvulling met overige relevante samenwerking voor de fysieke leefomgeving
23
Dordtse Omgevingsvisie 2.0 Eiland met kwaliteit
24
A.3 Dordtse DNA
Definitief Deel A
A.3.1 In dit hoofdstuk Het DNA van Dordrecht is in de loop van de jaren vrij constant gebleven en is de afgelopen jaren besproken met de stad én beschreven in het participatieproces met de stad ‘Nieuw Dordts Peil’ (2016-2017), de omgevingsvisie 1.0 (2021) en het politiek akkoord 2022 - 2026 ‘Samen bouwen aan een sterk en groen Dordrecht’. Het DNA van de stad is de basis van onze fysieke leefomgeving.
A.3.2 Kenschets Dordrecht is een stad met een rijke geschiedenis. De stad is omsloten door rivieren, polders en Nationaal Park De Biesbosch, waardoor het water een belangrijke rol speelt in de stad en de natuur altijd dichtbij is. Ook de bereikbaarheid over de weg en het spoor is bepalend (geweest) voor het functioneren van en de mogelijkheden in Dordrecht. De ontstaansgeschiedenis van het Eiland van Dordrecht is goed af te lezen aan de cultuurhistorische structuur die bestaat uit rivieren, havens, kreken, waterlopen, groenstructuren, polders en natuurlijk de vele karakteristieke dijken. De binnenstad met haar vele monumenten en historische stadsgezichten trekt vele bezoekers en Dordtenaren ervaren het als de ‘huiskamer’
van de stad. De ontstaansgeschiedenis, cultuurhistorie, strijd tegen, en met het water spelen een grote rol in de identiteit, herkenbaarheid en aantrekkelijkheid van onze stad. Het vormt de bron van inspiratie voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen.
A.3.3 Oorsprong en geschiedenis Thuredrith is de oorspronkelijke naam van Dordrecht. Dit betekent "doorwaadbare plaats in de rivier Thure". Dit geeft al veel weg wat voor stad Dordrecht is. Het huidige Dordrecht is een eiland, omgeven dus door water. Water dat de stad veel welvaart brengt en water waar we rekening mee moeten houden in het kader van klimaatverandering. Dordrecht heeft sinds 1220 stadsrechten. Dat is al ruim 800 jaar. Daarmee verwierf Dordrecht als eerste van het oude Holland stadsrechten. Het was de grootste stad van Holland met ruim 8.000 inwoners rond het jaar 1400. De groei van de stad en de rijkdom had grotendeels te maken met de ligging aan het water en de handelsgeest. Dordrecht was in de middeleeuwen een handelsstad en stapelplaats waar veel producten werden verhandeld. De cultuurhistorische binnenstad herinnert aan dit rijke verleden. In 1421 kwam Dordrecht als gevolg van de Sint-Elisabethsvloed op een eiland te liggen. Grote delen van het achterland verdronken. Ondanks of dankzij al dit water is Dordrecht een goed verbonden eiland. Het ligt aan de rand van de zuidelijke Randstad met verbindingen via weg en/of spoor naar onder meer Rotterdam, de Hoeksche Waard, NoordBrabant, overige Drechtsteden en Gorinchem.
Figuur 7 - Luchtfoto historische binnenstad Dordrecht met centraal De Grote Kerk.
Sinds 1970 is het Eiland van Dordrecht één en dezelfde gemeente. Het eiland heeft een omvang van ruim 9.000 hectare. Onderdeel hiervan vormt het natuurgebied de Biesbosch.
Een uniek stukje Nederland voor mens, plant en dier.
Anno 2024 heeft Dordrecht ruim 122.000 inwoners (BRP, 2024). Het behoort hiermee tot de G40 gemeenten (het netwerk van 40 (middel)grote steden). Dordrecht wordt tegenwoordig veelal ervaren als wat wij noemen een 'dorpse stad'. Dordrecht heeft het voorzieningenniveau van een volwaardige stad, tegelijkertijd ligt alles op een steenworp afstand van elkaar. Dordrecht is een compacte en moderne stad met een buitengewone cultuurhistorische binnenstad. Zonder een overspannen drukte en hectiek van een grote stad. Dit alles draagt bij aan de leefbaarheid van Dordrecht.
Het water is vriend en soms vijand. De uitbreidingen van stad en eiland zijn nog terug te zien in de dijkenstructuur die over het eiland loopt. Deze dijken spelen nu en in de toekomst een rol in de bescherming tegen het hoge water. Dordrecht neemt deel aan diverse internationale kennistrajecten rond duurzame oplossingen voor het hoogwatervraagstuk.
De noordoostkant en de zuidkant van het eiland maken deel uit van Natuurnetwerk Nederland (NNN) en de Natura 2000 (N2000). Dordrecht kent met de Biesbosch een icoon en Nationaal Park dat het beschermen waard is. Delen van het natuurgebied zijn beperkt of helemaal niet toegankelijk voor personen. De hoofdfunctie van deze gebieden in het buitengebied is natuur. Soms is er sprake van functiemenging door natuur te combineren met extensieve recreatie of waterberging. De gebruiksintensiteit van deze delen is zeer laag tot niet aanwezig. A.3.4.3 Cultuurhistorie en erfgoed De kwaliteit van het cultureel erfgoed van Dordrecht is, ook internationaal gezien,
A.3.4 Unieke kenmerken A.3.4.1 Water De ligging van het centrum van Dordrecht is uniek en beeldbepalend. De ligging aan het (rivier)water heeft de opbouw van de stad bepaald. De cultuurhistorische binnenstad grenst aan de noord- en westkant aan dit water. Er komen hier drie rivieren samen, wat Dordrecht het drukst bevaren waterknooppunt van Europa maakt. Bepalend voor de identiteit van de stad zijn de havengebonden activiteiten en (binnen)havens die de stad rijk is. Het water is nog altijd van invloed op het leven en werken in de stad. Het (regionale) arbeidsmarktbeleid ziet nieuwe kansen in de
A.3.4.2 De Biesbosch
Figuur 8 - Luchtfoto Dordtse Biesbosch
25
Dordtse Omgevingsvisie 2.0 Eiland met kwaliteit
De historische binnenstad van Dordrecht is hét kloppend hart van de regio. In de afgelopen jaren heeft de gemeente miljoenen geïnvesteerd in projecten en culturele voorzieningen om de stad nog aantrekkelijker te maken. De helft daarvan is gebruikt om de binnenstad verder te verlevendigen, onder andere door de ontwikkeling van het Energiehuis en het Dordrechts Museum.
maritieme sector, de branche waarin stad en regio een schat aan kennis en ervaring bezitten. Het water oefent een ongekende aantrekkingskracht uit op bezoekers. Met kleine en grotere schepen komen zij om de cultuur(historie) van de stad op te snuiven en een terras te bezoeken.
Definitief Deel A
26
buitengewoon. Dordrecht heeft bijna 2.000 monumenten en één van de gaafste historische stadsgezichten met een nog bijna volledig intacte middeleeuwse structuur. Het heeft één van de meest geschilderde rivierfronten van Europa. De historische binnenstad is één van de parels van Dordrecht. De deels buitendijkse ligging aan het water maakt de Dordtse binnenstad uniek ten opzichte van andere Nederlandse steden. Op het eiland is de cultuurhistorie nog volop aanwezig. Het meest bekend is de gekoesterde historische binnenstad. Er is echter veel meer cultuurhistorie aanwezig en deze is veelal verbonden met landschappelijke (groenblauwe) structuren. Wat direct in het oog springt op de kaart zijn de dijklinten die in opeenvolgende perioden het eiland steeds groter hebben gemaakt op gewonnen water. Deze dijklinten hebben voor het overgrote deel geen waterkerende functie meer en vormen nu een fijnmazige structuur die oost-west over het eiland loopt en waardoor ze ook verbindend kunnen zijn als groenblauwe structuur. Als ecologische verbinding, als recreatieve verbinding, als publiek domein, als fijne en gezonde langzaam verkeersroute. Buiten het dijkenlandschap lagen getijdenkreken die droogvallende platen doorsneden. Een aantal van deze zogenaamde Killen is binnendijks nog terug te vinden op het eiland, met name aan de zuidwestzijde.
Ook hier is het de moeite waard om deze waterstructuren te versterken, samen met (toe te voegen) fietsen wandelpaden. Verder is er een aantal lange lijnen op het eiland terug te vinden die als meetassen voor de landaanwinning werden uitgezet; de zogenaamde Reelijnen.
A.3.4.4 Evenementen Dordrecht is een levendige evenementenstad. Al drie keer is Dordrecht uitgeroepen tot evenementenstad van het jaar. Ook dit duidt net als vroeger op de ondernemingsgeest en aantrekkingskracht van de stad. Zo vinden er jaarlijks verschillende evenementen plaats met een bovenregionaal, landelijk of zelfs internationaal bereik. Denk aan allerlei festivals (in parken), zomerconcerten en aan Dordt in Stoom. In de visienota Evenementen 2024-2030 (vastgesteld maart 2024) omschrijft de gemeente de ambitie dat Dordrecht een vitale evenementenstad blijft. "Nuchter bijzondere dingen doen." Of het nu gaat om het organiseren van evenementen, het houden van de eerste vrije Statenvergadering in 1572 of het aanleggen van een groot Stadspark. Bovenstaande quote typeert de Dordtenaar en is bovendien wat we nastreven richting de nabije toekomst met deze omgevingsvisie. Dus ook bij de verdichting van de stad houden we er oog voor dat er in de openbare ruimte voldoende en daartoe toegeruste ruimte blijft om de evenementen op dit ambitieniveau te kunnen blijven faciliteren in de stad.
A.3.5 Ontwikkeling zit in het DNA Dordrecht is vol in ruimtelijke ontwikkeling. We zijn onder meer bezig met grootschalige woningbouwprojecten, een Stadspark dat de natuur de stad in brengt en dat verschillende delen van de stad verbindt en waar inwoners de rust en ruimte ervaren, met de bereikbaarheid van de stad door vernieuwing van het Stationsgebied en met het op orde houden en brengen van het voorzieningenniveau door onder andere de komst van het Dordthuis.
In de omgevingsvisie komen deze ontwikkelingen in de verschillende gebieden aan bod. We hebben het dan bijvoorbeeld over projecten de Stadsas, Maasterras, Spuiboulevard, Leerpark en Gezondheidspark, Amstelwijck, Stadswerven en het Stadspark. In de geest van de Omgevingswet geven we met deze omgevingsvisie meer ruimte aan initiatieven in en uit de stad.
A.4 Opgaven, trends en transities A.4.1 In dit hoofdstuk
Wijziging t.o.v. omgevingsvisie 1.0: - Aanvulling met overzicht van relevante opgaven, trends en transities in relatie tot de fysieke leefomgeving.
A.4.2 Demografische ontwikkelingen De bevolking van Nederland blijft groeien. Ook die van Dordrecht. Naar alle waarschijnlijkheid telt de Nederlandse bevolking tussen 18,6 en 19,7 miljoen inwoners in 2040 (CBS, 2023) en de Dordtse bevolking rond 132.000 (Primos, 2024). De bevolking groeit door immigratie en door stijgende levensduur. Het aandeel ouderen neemt toe (vergrijzing). In 2040 is een kwart van de Nederlandse bevolking 65 jaar of ouder (CBS, 2023). In Dordrecht is dat vergelijkbaar (Primos, 2024). Ouderen die in steeds betere gezondheid oud worden en langer thuis blijven wonen. Ook in verhouding neemt het aandeel ouderen toe, waardoor de grijze druk (de verhouding tussen het aantal personen van 65 jaar of ouder en het aantal personen van 20 tot 65 jaar, oftewel: de verhouding tussen het aantal ouderen in de
woningen. Tegelijkertijd daalt de gemiddelde huishoudensgrootte (van 2,25 bewoners in 2000 naar 2,09 in 2024) (CBS, 2024) en hiermee het aantal inwoners per oppervlak. Dit alles vraagt ruimte. In Dordrecht willen we ons houden aan het bestaand stads- en dorpsgebied (BSD) van de provincie ZuidHolland. We willen de buitengebieden groen houden, daarom moet de groei binnen de grenzen van de stad plaatsvinden. Dit betekent dat er sprake is van inbreiding en verdichting. We moeten daarbij constant afwegen wat echt van toegevoegde waarde is voor Dordrecht. Om niet alleen kwantitatief te groeien, maar juist ook de kwaliteit van/in de
NB. De prognoses van Primos zijn hoofdzakelijk gebaseerd op trendmatige ontwikkelingen in het verleden. De hoofdopgave voor Dordrecht is hier niet in verdisconteerd.
A.4.3 Schaarste A.4.3.1 Ruimte Het is duidelijk dat er sprake is van groei. Groei van de bevolking en van het aantal
Bevolkingsprognose Dordrecht 85 jr eo 75 - 84 jr 65 - 74 jr 55 - 64 jr 45 - 54 jr
35 - 44 jr 25 - 34 jr 15 - 24 jr 0 - 14 jr 0
2000
4000
6000
8000 2040
Figuur 9 - Bevolkingsprognose Dordrecht (Primos, 2024)
10000 2024
12000
14000
16000
18000
20000
27
Dordtse Omgevingsvisie 2.0 Eiland met kwaliteit
De omgevingsvisie is het gemeentelijk kader voor belangrijke (maatschappelijke) opgaven, trends en transities in de fysieke leefomgeving. In dit hoofdstuk beschrijven we de voornaamste. Het zijn opgaven, trends en transities die volgen uit maatschappelijke ontwikkelingen zoals vergrijzing, woning- en arbeidsmarktkrapte en klimaatverandering.
samenleving en het ‘werkende deel van de bevolking’ toeneemt.
Definitief Deel A
28
stad te laten groeien. Denk hierbij onder meer aan groen, binnenstedelijke ruimte voor werken en aan (maatschappelijke) voorzieningen. Dit gaat leiden tot keuzes in de ontwikkeling. Bijvoorbeeld het afscheid nemen van bepaalde ruimtevragers, om groei van gewenste ruimtevragers mogelijk te maken binnen de schaarste die we hebben. Om het begrip schaarse ruimte te duiden, geven we in deze omgevingsvisie een indicatie van de benodigde ruimte voor de hoofdopgave (realiseren van 11.000 woningen) en de hierbij benodigde voorzieningen. Let op: het betreft hier een indicatie! Uitgaande van gemiddelden, referentienormen (zie ook A.4.3.3), extrapolatie van rato’s in het huidige grondgebruik, beleidsregels en streefwaarden, is een indicatie gegeven van het benodigde ruimtebeslag van de hoofdopgave. Zie de linker balk in de figuur hiernaast. Wanneer alle ruimte vragende thema’s die bij een dergelijke hoofdopgave komen kijken (de woningen én de hierbij benodigde voorzieningen) náást elkaar worden gerealiseerd, is hier een aanzienlijke hoeveelheid ruimte voor nodig. Als voorbeeld: voor het naast elkaar realiseren van de woningen en alle benodigde voorzieningen is een oppervlakte nodig dat gelijk staat aan 12% van het huidige stedelijke gebied (gebaseerd op het bestaand Stads- en Dorpsgebied (Nationaal Georegister, 2023).
Door slimmer om te gaan met de beschikbare ruimte op ons eiland en bijvoorbeeld opgaven/ruimtevragers te stapelen of te combineren (dubbelgebruik/medegebruik) kan er in potentie een ruimtebesparing optreden door efficiënter gebruik van de beschikbare vierkante meters. Dit wordt ook wel dubbel of meervoudig ruimtegebruik genoemd, en wordt geïllustreerd in de rechter Figuur 10 - Schematische weergave benodigd ruimtebeslag voor de realisatie van 11.000 woningen en bijbehorende voorzieningen
Hierbij moeten we wel opmerken dat het slimmer omgaan met beschikbare ruimte ook zijn grenzen heeft. In dat geval ontkomen wij er als gemeente niet aan om keuzes te maken. Een voorbeeld van een dergelijke keuze die we toevoegen aan de omgevingsvisie: ‘We verkennen de mogelijkheden om Stadswerven in oostelijke richting uit te breiden en wijzen dit daarom aan als toekomstig transformatiegebied’. Hier kiezen we voor toekomstige woningbouwmogelijkheden ten faveure van bepaalde bedrijvigheid die niet per se op een dergelijke locatie hoeft te zijn gevestigd. A.4.3.2 Woningen De woningmarkt en daarmee de betaalbaarheid en beschikbaarheid van woningen staan onder druk. Tot 2030 moesten er volgens het landelijke programma Woningbouw (Ministerie van BZK, 2022) 900.000 woningen gebouwd worden. Uit recenter onderzoek blijkt dat er in de periode 2022 tot en met 2030 totaal 981.000 woningen nodig zijn voor een evenwichtige situatie op de woningmarkt per 2031 (Kamerbrief 2023-0000417205). In Dordrecht willen we tot 2030 11.000 woningen realiseren (ten opzichte van basisjaar 2018).
Ook na 2030 groeit volgens cijfers van het CBS de bevolking en neemt ook de behoefte aan nieuwe woningen nog meer toe. De vraag naar woningen is veel hoger dan het aanbod. Met als gevolg dat de prijzen van woningen de laatste jaren enorm zijn gestegen. Met name eenpersoonshuishoudens, starters en middeninkomens ondervinden hier hinder van. Er ligt landelijk, maar zeker ook voor Dordrecht, een opgave om de toegankelijkheid tot de woningmarkt te verbeteren. Dit doen we onder meer door woningen toe te voegen, doorstroming te bevorderen, en beleidsmatig maatregelen te nemen zoals het invoeren van de opkoopbescherming. Het toevoegen van aantallen woningen gaat gepaard met een kwaliteitsslag. Dit betekent het aanbieden van een diverse typologie aan woningen met oog voor duurzaam karakter (los van aardgas e.d.). A.4.3.3 Voorzieningen Een goed voorzieningenniveau in een gemeente is belangrijk; zowel voor de leefbaarheid, als voor de gezondheid en de economie. De komst van nieuwe woningen moet hand in hand gaan met de komst van voorzieningen voor de bewoners van Dordrecht. Hierbij denken we vooral aan de zogenaamde basisvoorzieningen, zoals (basis)scholen, huisartsen, apotheken, supermarkten, ontmoetingsplekken (openbaar- en toegankelijk groen, cultuur- en ontmoetingsruimtes), en bewegen en spelen (speelvoorzieningen en sportplekken).
Voor basisvoorzieningen geldt bij uitstek dat de fysieke leefomgeving een directe link heeft met het sociale domein. Daarom moeten deze ook voor iedereen goed en makkelijk toegankelijk zijn. Hiervoor maken we gebruik van de handreiking ‘Voorzieningenniveau voor een gezonde leefomgeving’ (onderdeel van de samenwerkingsagenda van GGD-en en de provincie Zuid-Holland). In deze handreiking
zijn referentienormen voor maatschappelijke voorzieningen in andere gemeenten geanalyseerd, wat vergelijkbare gemeenten waardevolle inzichten biedt. Deze handreiking is bedoeld als hulpmiddel en het geeft handvatten om bij te dragen aan een adequaat voorzieningenniveau voor iedereen. Ook de verzorgende economie groeit mee, denk aan supermarkten en kappers. Vanuit landelijke benchmarks zien we dat elke woning gemiddeld ongeveer 1 extra arbeidsplaats vraagt, wat neerkomt op 2035m2 werkruimte per woning. De geformuleerde hoofdopgave in deze omgevingsvisie moet bovendien bijdragen aan het betaalbaar houden van het huidige grootstedelijke voorzieningenniveau. A.4.3.4 Arbeid Er is veel vraag naar en weinig aanbod van personeel, zeker in sectoren ICT, Techniek, Transport & Logistiek, Onderwijs en Zorg. Daardoor ontstaat er hevige concurrentie tussen bedrijven voor het aantrekken van personeel, zeker als het gaat om jong talent. Er zijn weinig signalen die hierop perspectief bieden voor de toekomst, sterker nog, men verwacht vanwege demografische trends een verder toenemende krapte de komende jaren. Sectoren moeten hierop inspelen via de arbeidsmarkt én automatisering. Voor Dordrecht valt ook nog winst te behalen door inzet op het activeren van ons onbenut arbeidspotentieel. Dordrecht kent een bruto arbeidsparticipatie van 74,9% en netto 72% (drechtstedeninzicht.nl).
Dat is lager dan landelijk, respectievelijk 75,8% en 73,1. De bruto arbeidsparticipatie is het aandeel van de (werkzame en werkloze) beroepsbevolking in de bevolking (beroeps- en nietberoepsbevolking). De netto arbeidsparticipatie is het aandeel van de werkzame beroepsbevolking in de bevolking.
29
Dordtse Omgevingsvisie 2.0 Eiland met kwaliteit
balk in Figuur 10. Enkele praktische voorbeelden hiervan zijn wonen boven winkels/scholen, zonnepanelen op daken en het combineren van groen en blauw met sporten. Alleen door op dergelijke manieren slimmer om te gaan met de ruimte, kan de ambitie om binnen de bestaande stad te groeien – in combinatie met alle andere ambities – in zicht komen. Uit de verdichtingsstudie (DWZ/Ravenkop, 2024) blijkt dat het realiseren van 11.000 woningen binnen de bestaande stad kansrijk is en dat er nog veel kansen liggen om kwaliteit toe te voegen als we slim omgaan met ruimtevraag.
Definitief Deel A
30
A.4.3.5 Grondstoffen en circulaire economie Veel grondstoffen en materialen zijn/worden steeds moeilijker te krijgen en stijgen in prijs. Hierdoor krijgen we te maken met hogere prijzen en langere levertijden. Dit is schadelijk voor de toekomst van onze bedrijven. Het biedt echter kansen voor het versnellen naar een circulaire economie, wat ook een grote positieve impact heeft op de verduurzamingsopgaven. Aandachtspunt is daarbij wel dat circulaire bedrijvigheid vaak extra ruimte vraagt in hogere milieucategorieën, iets wat niet eenvoudig te realiseren is gezien de schaarse ruimte en verstedelijking. Ook na de overgangsfase van een lineaire naar een circulaire economie zal de ruimtevraag voor circulariteit – met name op havens en bedrijventerreinen – in Dordrecht toenemen. Dit vraagt actieve programmering op werklocaties waar deze ruimte nog wel aanwezig is. Dit kan door aan de randen met woongebiedenbedrijven met lagere milieucategorie te huisvesten en de geschikte hogere milieucategorie locaties ook door bedrijven te laten gebruiken die activiteiten verrichten die passen bij die hogere milieucategorie. Ook vraagt de circulaire economie om ruimte in de wijken, zodat reparatie en de inzameling van herbruikbare materialen kleinschalig en in de woonomgeving kan plaatsvinden, als basis voor grootschaligere circulaire bedrijvigheid op de werklocaties.
A.4.3.6 Gemeentefinanciën Alle gemeentes krijgen vanaf 2026 minder geld van het Rijk. Dat geldt ook voor Dordrecht. Daarnaast stijgen onze eigen kosten, net als in veel huishoudens. In de toekomst moeten we veel voorzieningen in de stad opknappen of vervangen. Denk bijvoorbeeld aan scholen, sportplekken, kades en gemeenschappelijke gebouwen. Ook stijgen de zorgkosten voor jeugdhulp en Wet
maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Dat kost de komende jaren bij elkaar veel geld. Kortom, minder inkomsten en meer uitgaven. En dus zijn bezuinigingen onvermijdelijk. Deze bezuinigingen kúnnen van invloed zijn op de fysieke leefomgeving en ons beleid hiervoor. In 2025 wordt duidelijk welke bezuinigingen Dordrecht moet nemen. Pas dan weten we het effect hiervan op de fysieke leefomgeving en (eventueel) op ons beleid. Het hebben en nastreven van strategische ambities en doelen voor de lange termijn voor de fysieke leefomgeving – zoals opgenomen in deze omgevingsvisie - laten we niet afhangen van de financiële positie van de gemeente op de korte- tot middellange termijn. Mocht realisatie van een ambitie of doel nu niet haalbaar lijken (en/of zijn) door een tekort aan financiële middelen, kiezen we er als gemeente wel voor om de ambitie te (blijven) uitdragen of een doel te blijven nastreven. Strategische ambities en doelen, bijvoorbeeld een aantrekkelijke, een gezonde of een bereikbare stad te zijn, blijven onverminderd van toepassing.
A.4.4 Mobiliteit A.4.4.1 Meer variëteit op het fietspad De laatste jaren zijn er steeds meer soorten voertuigen bijgekomen. Naast traditionele fietsen en scooters heb je nu elektrische fietsen, bakfietsen, fatbikes, speed pedelecs en brommobielen. Deze snellere en grotere voertuigen zorgen voor een veranderde dynamiek en behoefte op het fietspad. Naast de veranderingen op het fietspad vragen deze ‘nieuwe’ vervoerswijzen ook om specifieke stallingsmogelijkheden. A.4.4.2 Voertuigen worden steeds slimmer Dankzij vooruitgang in technologieën zoals kunstmatige intelligentie, sensoren en
connectiviteit kunnen auto’s steeds zelfstandiger rijden. Toch is het lastig te voorspellen hoe snel deze ontwikkelingen zullen gaan. Zeker in een stedelijke omgeving zoals Dordrecht blijft de menselijke factor een grote rol spelen. Menselijke bestuurders zijn nog steeds verantwoordelijk voor het nemen van beslissingen in complexe verkeerssituaties, zoals onverwachte manoeuvres van andere weggebruikers. Toenemende verbondenheid zorgt ervoor dat we steeds beter op de hoogte zijn van de actuele status van het mobiliteitsnetwerk, omdat informatie vanuit voertuigen en mensen onderweg direct wordt gedeeld. Hierdoor kunnen gebruikers hun reis optimaliseren en sneller anticiperen op veranderingen tijdens de reis. A.4.4.3 Voertuigen worden duurzamer De industrie investeert miljarden euro’s in de productie van elektrische auto’s, bussen en scooters, terwijl er ook steeds meer oplossingen opduiken voor voertuigen die op nieuwe brandstoffen rijden. In Nederland streven we ernaar dat vanaf 2035 geen nieuwe auto’s meer worden verkocht die op benzine of diesel rijden, met als doel om de vervoerssector tegen 2050 koolstofneutraal te maken (Europees Parlement, 2022). Onze grootste uitdaging is ervoor te zorgen dat al deze voertuigen altijd kunnen opladen of kunnen tanken.
A.4.4.4 Van bezit naar deelmobiliteit De opkomst van deelmobiliteit wordt mogelijk gemaakt door de groeiende beschikbaarheid van informatie over de locatie en beschikbaarheid van vervoersmiddelen. Hierdoor wordt het delen van transportmiddelen steeds eenvoudiger. Met het bundelen van mobiliteitsopties onder de paraplu “Mobility-as-a-Service (MaaS)” moet het straks ook mogelijk worden om de gehele
reis in één keer te boeken en betalen. Hierdoor wordt het nog eenvoudiger om deelmobiliteit te gebruiken. Meer gedeelde vervoersmiddelen en minder bezit, betekent uiteindelijk minder ruimtebeslag in de openbare ruimte.
Door innovatieve technologieën in de logistiek kunnen goederen slimmer worden georganiseerd en efficiënter worden geladen in voertuigen, waardoor de capaciteit van deze voertuigen beter wordt benut. Tegelijkertijd wordt de overslag op hubs aan de rand van steden naar kleinere en schonere voertuigen geoptimaliseerd. Dit leidt tot betrouwbaarder en efficiënter transport en biedt mogelijkheden om logistieke processen beter af te stemmen op de toegangs- en emissie-eisen van steden. Dergelijke hubs vragen overigens wel weer ruimte.
A.4.5 Klimaatverandering en biodiversiteitsverlies Door opwarming van de aarde en de klimaatverandering krijgen we steeds vaker afwisselend te maken met hitte(golven), droogte en wateroverlast. We moeten ons hierop voorbereiden en om dit niet nog erger te laten worden, moeten we verduurzamen en de stad klimaat adaptief maken. Iedereen krijgt en heeft hiermee te maken. We maken de stad beter bestand tegen hitte en beschermen en verbeteren de biodiversiteit. De stad wordt hiermee toekomstbestendiger. Door reductie (verminderen) en adaptatie (aanpassen) aan elkaar te verbinden kunnen we een positieve impact op de stad vergroten. Door bijvoorbeeld meer groen in de stad aan te leggen beperken we effecten (minder wateroverlast, minder hittestress en minder nadelige gevolgen van langdurige
A.4.5.1 Klimaatadaptatie Provincie Zuid-Holland heeft een convenant klimaatadaptief bouwen waar Dordrecht deel van uitmaakt. Dit betekent dat we zo veel als mogelijk klimaatadaptief bouwen op nieuwbouwlocaties, inclusief transformatieen uitleggebieden. We streven naar minder wateroverlast, minder hittestress, minder (nadelige gevolgen van) bodemdaling, minder (nadelige gevolgen van) langdurige droogte en naar meer biodiversiteit. Vergroenen kan hierbij de gemene deler zijn. A.4.5.2 Energie- en warmtetransitie Grote uitdagingen zijn het verduurzamen en aardgasvrij maken van woningen en andere gebouwen (zodanig dat dit voor iedereen haalbaar en betaalbaar is) en het creëren van een toekomstbestendig energiesysteem. De vraag naar duurzame energie neemt, ondanks inspanningen van iedereen in de stad om te verduurzamen, namelijk steeds toe of de vraag verandert. Bijvoorbeeld door het elektrificeren van ons vervoer of het anders inrichten van bedrijfsprocessen. Ons energiesysteem is daar niet op ingericht. Dit leidt tot netcongestie (tekort aan capaciteit om energie te leveren of terug te leveren). Het oplossen hiervan vergt slimme energiesystemen, grote investeringen en vraagt om ingrepen in de fysieke ruimte. A.4.5.3 Biodiversiteit De biodiversiteit is tussen 1900-1990 dramatisch afgenomen.
Tussen 1990-2020 is er enigszins sprake van stabilisatie, maar vooral met insecten, agrarische natuur en met soorten van open gebieden gaat het dramatisch slecht. Na 1990 is de situatie verder verslechterd en zet deze daling verder
door. De hedendaagse onderwerpen hittestress, extreme buien, invasieve exoten, stikstof, recreatie en verstedelijking zorgen nu voor druk op de biodiversiteit. Zonder ingrijpen wordt een verdere daling verwacht, ook in Dordrecht. A.4.5.4 Waterkwaliteit De lidstaat Nederland heeft een opdracht om de ecologische doelstellingen te realiseren die voortvloeien uit de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW). Deze opgave is voor zowel het water buitendijks als voor het oppervlaktewater binnendijks. Het waterlichaam Boven en Beneden Merwede, waarvan de Sliedrechtse Biesbosch onderdeel uitmaakt is aangewezen als KRWwaterlichaam. De waterkwaliteit van deze wateren is slecht. Zonder aanvullende maatregelen haalt het oppervlaktewaterlichaam Boven- en Beneden Merwede de KRW-norm niet in 2027. Ook op het eiland zijn 3 KRW-waterlichamen aangewezen. Daarnaast is emissie via riooloverstorten één van de grootste opgaven.
A.4.6 Overige A.4.6.1 Geopolitieke spanningen Brexit, migratiecrisis en nu gewapende conflicten. Veranderingen op het wereldtoneel hebben steeds vaker een lokale invloed. Denk hierbij aan problemen in leveringsketens, de keuze om voorraadbeheer en productie weer dichterbij te organiseren. Relevant voor Dordrecht en de Drechtsteden is ook de toegenomen aandacht voor strategisch industriebeleid, met name op de maritieme maakindustrie. Nederland en Europa willen weer onafhankelijker worden binnen sectoren die van belang zijn voor het verdienvermogen, maatschappelijke opgaven als klimaatadaptatie en energietransitie, en
31
Dordtse Omgevingsvisie 2.0 Eiland met kwaliteit
A.4.4.5 Logistiek wordt efficiënter en flexibeler
droogte en daling van de bodem). Ook is dit weer goed voor de biodiversiteit.
32
defensie. De maritieme maakindustrie is voor al die onderdelen relevant.
Definitief Deel A
A.4.6.2 Digitalisering Onze samenleving maakt een extreem snelle digitaliseringsslag door. Niet aanhaken staat gelijk aan afhaken. We moeten onze lokale bedrijven hierin ondersteunen, om toekomstbestendigheid te waarborgen. Uiteraard biedt de digitalisering ook kansen voor onze bedrijven. Digitalisering heeft ook zijn impact op onze manier van werken. Steeds vaker doen we dit niet meer vanaf kantoor, maar vanuit huis of een andere locatie. Dat vraagt iets van de werknemers én de werkgevers. Alsook van de ruimte om te werken. Daarnaast biedt digitalisering ook kansen om de complexiteit rond de ordening van ruimte beter inzichtelijk te maken en integraler te benaderen. A.4.6.3 Funderingsproblematiek De belangrijkste oorzaken van funderingsproblemen zijn bodemdaling en wisselende grondwaterstanden. Droge zomers door klimaatverandering hebben dit proces de afgelopen jaren versneld. De bodem in Dordrecht zakt. Alles wat daarop staat of in de bodem zit, zakt mee. Hoeveel en hoe snel de bodem zakt, verschilt per gebied. Sommige woningen zakken ook. Dat kan flinke problemen geven. Of de woning zakt, hangt af van de fundering waarop het huis staat. Woningen in Dordrecht zijn gebouwd op verschillende soorten funderingen. Problemen met funderingen kunnen met name spelen bij woningen op houten palen of woningen ‘op staal’ (dit zijn niet-onderheide woningen).
Bodemdaling zelf is niet tegen te gaan. Wel proberen we als gemeente de gevolgen te beperken door rekening te houden met de inrichting van de openbare ruimte en bij de uitvoering van werkzaamheden.
A.4.6.4 (Potentieel) Zeer Zorgwekkende Stoffen (PZZS en ZZS) (Potentieel) Zeer Zorgwekkende Stoffen (PZZS en ZZS) zijn, vanwege hun stofeigenschappen, gevaarlijk voor mens en milieu. Het is daarom onwenselijk dat deze stoffen in het milieu terechtkomen. Bedrijven moeten maatregelen nemen om de emissie en het gebruik van deze stoffen continu verder terug te dringen en waar mogelijk te voorkomen. De inzet van de Beste Beschikbare Techniek is hierbij essentieel en onmisbaar. In Dordrecht hebben we te maken met (historische) uitstoot van ZZS en PZZS stoffen waaronder de uitstoot van PFAS. Binnen onze VTH taken (vergunningverlening, toezicht en handhaving) is onze inzet dan ook gericht op toepassing van de Best beschikbare Technieken ter bestrijding van emissies. Ook langs landelijke en Europese kanalen streven naar een reductie van PFAS.
33
Dordtse Omgevingsvisie 2.0 Eiland met kwaliteit
Definitief Deel A 34
A.5 Dordtse doelen
A.5.2 Doel 1: Dordrecht is een aantrekkelijke stad
A.5.1 In dit hoofdstuk
Wijziging t.o.v. omgevingsvisie 1.0: - Toevoeging van doelkaarten. De doelkaarten zijn een visuele weergave van de doelomschrijvingen. Niet alle elementen uit de doelomschrijvingen lenen zich voor een kaart. De doelomschrijving is daarom leidend, de doelkaarten ondersteunend. Door de onderlinge verbondenheid van verschillende doelen kunnen elementen van specifieke doelkaarten ondersteunend zijn voor meerdere doelomschrijvingen. Denk aan groenblauwe structuren: deze worden weergegeven op de kaart van biodiverse stad, maar zijn ook relevant voor een aantrekkelijke, gezonde, en klimaatbestendige stad.
A.5.2.1 Inleiding Dordrecht is in 2040 nog steeds een aantrekkelijke stad en eiland, de levendigheid en belevingswaarde is toegenomen. Dordrecht is van en voor iedereen. Het is er prettig wonen, verblijven en recreëren. De strategische ligging aan het water op het snijvlak van zeearmen en rivieren bezorgde Dordrecht in de vroege middeleeuwen een sterke groei. In 2040 is dit nog steeds te zien aan het vele gebruik van het water, de (zee)havens en kades. Deze sterke band van de stad met het water willen we versterken. Niet alleen economisch met watergebonden bedrijvigheid op de bedrijfsterreinen maar ook door het water meer beleefbaar te maken met nieuwe wandelroutes en verblijfsplekken langs en aan het water. Bezoekers en bewoners genieten ook in de toekomst van alle kwaliteiten die de stad te bieden heeft. Het is heerlijk wandelen en fietsen in de autoluwe historische binnenstad. De vele monumenten, het historische havengebied en de vrijwel overal zichtbare Grote Kerk zijn de kracht van Hollands oudste stad. Het fraaist is dit unieke stadssilhouet te
De openbare ruimte wordt steeds groener en biodiverser ingericht, de schaduw van de vele bomen biedt verkoeling op warmere dagen en vergroot de biodiversiteit in de stad. Tegelijkertijd bewaken we dat de openbare ruimte voldoende ruimte blijft bieden voor activiteiten die we belangrijk vinden voor de stad, zoals evenementen. Naast sporten op de vele sportparken, wordt men in de stad uitgedaagd om te bewegen. Er zijn veel spelen sportaanleidingen (stimulansen) aangelegd langs de wandel- en fietsroutes. Voetgangers en fietsers krijgen de prioriteit boven gemotoriseerd verkeer. Dordrecht heeft zich ontwikkeld tot een echte 10 minuten stad; vanuit de woning zijn alle belangrijke/noodzakelijke functies op 10 minuten te voet of met de fiets bereikbaar. Het Nationaal Park De Biesbosch is altijd dichtbij. De natuur wordt tot diep de stad in gebracht met het Wantij als getijdenpark en het grote centraal gelegen Stadspark. En is daarnaast voor iedereen bereikbaar dankzij de recreatiekerngebieden. Dordrecht heeft een voorzieningenstructuur die past bij een middelgrote stad. Het gaat
35
Dordtse Omgevingsvisie 2.0 Eiland met kwaliteit
Met welke randvoorwaarden vullen we de Dordtse koers in? Welke doelen stellen we om de centrale ambitie te realiseren? In dit hoofdstuk beschrijven we de zeven doelen die we voor Dordrecht hebben. Ook geven we aan hoe doelen zich verhouden tot elkaar, wanneer daar aanleiding toe is. Elke doelomschrijving wordt afgerond met een rood kader waarin is aangegeven hoe dit doel wordt uitgewerkt in een programma, het omgevingsplan of in een andersoortige afspraak. In het volgende hoofdstuk worden de doelen vervolgens gespecificeerd naar één van de zeven deelgebieden van Dordrecht. Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen verwachten we dat een bijdrage – in meer of mindere mate – wordt geleverd aan elk van de zeven doelen.
beleven vanaf het water. Naast een aantrekkelijk kernwinkelgebied vanaf Achterom, via het Statenplein en de Voorstraat tot aan het Scheffersplein, is aan de randen daarvan een mix van functies en vele unieke winkeltjes en ateliers te vinden. De vele terrassen bieden plek voor het nuttigen van een hapje of drankje. Men kan één van de vele evenementen bezoeken. Bijzonder is het Hofkwartier met diverse musea en culturele functies. De gemeente investeert veel in de kwaliteit van de openbare ruimte en ontwikkelt een herkenbaar Dordts handschrift daarin. Dat is terug te zien in het oude centrum, maar straks ook op de Stadswerven, de Spuiboulevard en de route van/naar het station.
Definitief Deel A
36
om een breed palet aan basisvoorzieningen. Van sport tot zorg, van ontspanning tot werk en onderwijs, van culturele activiteiten tot groenvoorzieningen, sociale ontmoetingen en activiteiten. De stad heeft deze voorzieningen nodig om aantrekkelijk te zijn en te blijven. Naast de bouw van de benodigde nieuwe woningen zoeken we bij nieuwe ontwikkelingen naar mogelijkheden voor multifunctioneel gebruik. Met de groei van het aantal inwoners neemt naar verwachting ook de behoefte aan een aantal basisvoorzieningen, zoals scholen, huisartsen en supermarkten toe. De regio is met de vele maritiem gerelateerde bedrijvigheid uniek in Europa. Naast belangrijke werkgevers binnen de stad - het Leerpark en het Gezondheidspark - liggen de belangrijkste industrie- en bedrijfsterreinen aan de randen van de stad, goed ontsloten via weg en water. Integraal benaderd Het doel ‘Aantrekkelijke stad’ draagt op haar beurt ook sterk bij aan de doelen ‘Gezonde stad’, ‘Klimaatbestendige stad 2040’ en ‘Biodiverse stad’. A.5.2.2 Uitgangspunten •
Sterke en gedifferentieerde woonwijken In de stad is er voor iedere doelgroep een goede woning te vinden. Een aantrekkelijke stad betekent aantrekkelijke wijken (met een differentiatie in functies) en woningen, zowel bouwkundig, esthetisch als in gebruik en energieverbruik (zie Doel 6: Dordrecht is een duurzame en klimaatneutrale stad in 2040). Door het op orde hebben en houden van de kwaliteit van de wijken en woningvoorraad creëren we een veilige en gezonde leefomgeving. We vinden het belangrijk dat Dordtenaren zich in hun
wijk thuis voelen en dat verschillende doelgroepen in een wijk kunnen samenwonen en samenleven. We streven daarom in iedere wijk naar een gedifferentieerd woningaanbod, ook voor specifieke doelgroepen, zoals kwetsbare groepen. Om dit te bereiken heeft de gemeente Dordrecht een Woonvisie, een Woonzorgvisie en een Huisvestingsverordening. In de conceptWet Versterking regie volkshuisvesting is aangekondigd dat deze twee visies opgaan in een op te stellen gemeentelijk Volkshuisvestingsprogramma. We zetten in op doorstroming door het faciliteren van de bouw voor verschillende doelgroepen, waardoor ook bestaande woningen vrijkomen. Het bouwen van nieuwe woningen gebeurt hoofdzakelijk in de bestaande stad door middel van verdichting en herstructurering. •
Kwaliteit door verdichten Woningbouw kan een vliegwiel zijn, bijvoorbeeld om ook te werken aan de doelen die we hebben op het gebied van onder meer duurzaamheid, groen/blauw, het sociaal domein, economie of mobiliteit. Woningbouw is daarmee geen doel op zich, maar ook een manier om naast het creëren van voldoende woningaanbod onze stad mooier te maken en te versterken. Het gaat om het maken van een leefbare stad, de opgave is integraal en nauw verbonden. Woningbouw wordt in combinatie met andere functies gerealiseerd. We kijken niet alleen naar het intensiveren van woningbouw, maar ook naar wensen en behoeften die leven in wijken of buurten en naar (werk)voorzieningen. De komende jaren bouwen we in het centrum (projecten Spuiboulevard, Maasterras), nabij het station Dordrecht of het toekomstige station Leerpark veel
woningen. Aan de rand van de stad ontwikkelt Amstelwijck zich tot één van de duurzaamste wijken van het land. In navolging van de verbetering van Wielwijk en Krispijn wordt Crabbehof stevig aangepakt en zal het een gewilde woonwijk geworden. De leefbaarheid in de kwetsbare wijken is door slimme verdichting enorm verbeterd. Ter concretisering van de toe te passen slimme combinaties zoals geïntroduceerd in A.4.3.1. Op de Staart zien we door goede zonering van de bedrijfsterreinen mogelijkheden ontstaan voor nieuwe woningen in vernieuwende concepten. De kwaliteitseisen die gelden voor nieuwe ontwikkelingen staan beschreven in de welstandsnota, en worden bewaakt en gestimuleerd door de commissie Ruimtelijke Kwaliteit. Met het opstellen van wijkvisies/gebiedsprogramma's worden, samen met alle belanghebbenden, integrale plannen ontwikkeld die leiden tot toekomstbestendige gebieden in de stad. •
Groene stad De stad investeert ook in de aanleg van nieuwe groengebieden. Het meest in het oog springende is het centraal in de stad gelegen nieuwe Stadspark (zie ook A.6.6 Deelgebied Stadspark). Met alle ruimte voor sport en bewegen, ook als je geen lid bent van een vereniging. Nieuwe wandel- en fietspaden verbinden het park met de verschillende wijken, en met de vele (tijdelijke) activiteiten (zie Doel 3: Dordrecht is een gezonde stad). Dat de betrokkenheid in 2040 groot is blijkt wel uit het feit dat veel activiteiten door bewoners worden georganiseerd en dat delen worden onderhouden door de vereniging "Vrienden van het Stadspark". Nieuwe waterpartijen en groengebieden versterken de ecologische betekenis van dit gebied en hebben een belangrijke
functie in het verminderen van de gevolgen van de klimaatverandering zoals hittestress en extreme regenwater (zie Doel 5: Dordrecht is een klimaatbestendige stad in 2040, en Doel 7: Dordrecht is een biodiverse stad). De oorspronkelijke relatie tussen wonen langs het Wantij en werken in de maritieme industrie op de Staart, herstellen we in ere. Het Wantij heeft zich ontwikkeld tot een langgerekt getijdenpark. Eb en vloed zorgt continu voor een veranderend landschap waar natuur volop de ruimte heeft gekregen. De bewoner van de stad kan hier door de aanleg van nieuwe paden en recreatieplekken aan en op het water van genieten. Door twee nieuwe fietsbruggen is de Staart in 2040 sterk verbonden met de andere delen van de stad. •
Leefbare stad De openbare ruimte is belangrijk voor de kwaliteit en beleving van stad, wijk en buurt. Dordrecht streeft naar een hoogwaardig inrichtingsniveau en beheer van de openbare ruimte. Hierbij staan gezondheid, duurzaamheid, klimaatadaptatie, biodiversiteit, veiligheid, inclusiviteit en mobiliteit centraal. Op deze manier vergroot de stad haar leefbaarheid. De openbare ruimte is van en voor iedereen en daarom willen we inwoners meer betrekken bij het inrichten en verzorgen van de openbare ruimte. We zien het als een gedeelde verantwoordelijkheid. Er zal worden ingezet op een mobiliteitsconcept waarbij vanwege de kwaliteit van de openbare ruimte en leefbaarheid de prioriteit gaat naar verplaatsingen te voet, per fiets of met het OV (zie Doel 2: Dordrecht is een bereikbare stad, en Doel 3: Dordrecht is een gezonde stad).
levendige binnenstad met ruimte voor winkelen, werken, wonen én recreëren. Het is een aantrekkelijke stad voor bezoekers, zowel uit eigen land als daarbuiten, op eigen gelegenheid of via de riviercruises die de stad aan doen. Bezoekers die bijdragen aan de levendigheid en economische vitaliteit van onze (binnen)stad. In de schaars beschikbare openbare ruimte organiseren we evenementen. Variërend van bestaande tot nieuwe en vernieuwende evenementen; evenementen die eigen zijn aan en passen bij de stad zoals we die kennen, maar die ook transformeert. De levendigheid van de stad voor de inwoners en bezoekers blijft centraal staan, in combinatie met het optimaal benutten van de intrinsieke economische en maatschappelijke waarde van evenementen in een goede balans met de leefbaarheid.
Het voorzieningenniveau voor het uitlaten van honden blijft in stand, daarnaast onderzoeken we een norm en richtlijnen (onder andere voor minimale oppervlakte en veiligheid) voor onze hondenuitlaatvoorzieningen. De Grote Markt is een belangrijke verbinding tussen het kernwinkelgebied en het historische havenkwartier maar heeft een moeilijk afleesbare ruimtelijke structuur. De huidige uitstraling past niet bij de naam ‘Grote Markt’. We hebben als doel een aantrekkelijk woon- en leefkwaliteit voor een groter deel van de binnenstad, met ruimte voor groen, spelen, verblijven en ontmoeten. Dat is alleen mogelijk als er in de toekomst meer parkeerplaatsen van straat verdwijnen en gebruikers hun auto’s in parkeergarages zetten (zie Doel 2: Dordrecht is een bereikbare stad). Met een nieuwe inrichting kan de Grote Markt ruimte blijven bieden voor kleinschalige activiteiten. •
Levendige stad Dordrecht heeft veel te bieden aan inwoners én bezoekers. Het verkennen van de historische binnenstad en bezoeken van mooie musea. We hebben talloze evenementen. We hebben een groeiend gevarieerd aanbod van horeca en winkels met Dordts karakter. Een
Horeca draagt in sterke mate bij aan de levendigheid van de binnenstad. De horeca is gericht gegroeid in de aangewezen horecadeelgebieden. De terrassen van de horeca zijn verder versterkt. Dit alles met een balans tussen leefbaarheid en levendigheid. •
Aantrekkelijke entrees Het Otto Dickeplein vormt het eerste beeld van de binnenstad van Dordrecht voor iedere bezoeker die met de waterbus aankomt. Door de realisatie van de Prins Clausbrug is het belang van het Otto Dickeplein en omgeving als entree naar de binnenstad toegenomen. Op dit moment voldoen het plein, de kades en de gebouwde omgeving niet aan de kwaliteitseisen die je mag verwachten van een entreegebied van een historische binnenstad. Met een aanpak van dit
37
Dordtse Omgevingsvisie 2.0 Eiland met kwaliteit
In Dordrecht moeten alle inwoners zich prettig en vertrouwd voelen op straat en met plezier gebruikmaken van de openbare ruimte. Een veilige openbare ruimte is een openbare ruimte die goed ontworpen en onderhouden is. De kwaliteiten en doelstellingen die we als stad willen bereiken wat betreft de inrichting van de openbare ruimte staan beschreven in het handboek Kwaliteit Openbare Ruimte (KOR).
Definitief Deel A
38
gebied krijgt de binnenstad een hoogwaardige en aantrekkelijke entree, passend in het karakter van de historische binnenstad. De Papendrechtsebrug en met name de Spoorbrug en de Moerdijkbrug vormen herkenbare entrees tot het Eiland van Dordrecht. Verbindingen die voor Dordrecht en de regio van belang zijn. Met de realisatie van het Maasterras voegen we aan de voet van de Spoorbrug een nieuw stadsdeel toe waarmee Dordrecht zich opnieuw positioneert aan het water en een moderne stadsentree krijgt richting Zwijndrecht/Rotterdam. Met het concentreren van watergebonden bedrijvigheid, het optimaliseren van het bestaande bedrijfsterrein, het benutten van het Huis te Merwede en aandacht voor de inrichting van de openbare ruimte, groenstructuur en uitstraling van de gebouwen ontwikkelt ook het gebied Kerkeplaat zich tot een aantrekkelijke noordelijke entree van de stad. Vanwege de hogere ligging van de Papendrechtse brug is extra aandacht nodig voor de dakvlakken van de bestaande en nieuwe gebouwen. Het passeren van de Moerdijkbrug vanuit het zuiden geeft voor vele Dordtenaren het gevoel van thuiskomen. Als het brede water van het Hollands Diep is overgestoken ben je weer op het eiland. Met aandacht voor de ruimtelijke inpassing, architectuur en landschappelijke structuur presenteren aan de westzijde de moderne bedrijfsterreinen zich aan de A16.
De oostzijde wordt gekenmerkt door het landschap van het Nationaal Park De Biesbosch. Landschappelijke kwaliteiten zoals de open polders, dijken en Biesboschnatuur tonen de unieke kwaliteiten van het Dordtse buitengebied.
Daarom is bij het komen tot de huidige zoekgebieden voor windturbines en zonneparken in dit gebied grote zorgvuldigheid betracht. Dit wordt nader getoetst in het kader van het Programma Duurzame energie opwek. Wijziging t.o.v. omgevingsvisie 1.0: - Toevoeging van ‘kwaliteit door verdichten’. - Extra benadrukken van aantrekkelijke entrees.
A.5.2.3 Aandachtspunten •
Met de grote verdichtingsopgave kan er spanning ontstaan met de wens de stad te vergroenen. Met meer woningen op hetzelfde oppervlak moeten in enkele gevallen keuzes worden gemaakt en/of ingezet worden op vernieuwende (duurdere) oplossingen met gecombineerde of gestapelde functies.
•
De verdichtingsopgave leidt tot groei in het aantal verplaatsingen. Daarom maken we ruimte voor wandelen, fietsen en OV en brengen we het autoverkeer terug op plekken waar dat noodzakelijk en wenselijk is. Door het ontwerpprincipe van STOMP (stappen, trappen, OV, Mobiliteitsdiensten, privéauto) toe te passen krijgt langzaam verkeer ofwel actieve mobiliteit (voetgangers en fietsers) waar mogelijk voorrang op de auto. Dit draagt bij aan een gezondere en aantrekkelijkere stad.
39
Status
Ontwikkeling van de Stadsas (Maasterras, Leerpark, rondom station Dordrecht) Bouwen van woningen voornamelijk d.m.v. verdichting van de bestaande stad Verbeteren ruimtelijke kwaliteit en betere inpassing in de historische structuur Horecanota, Visienota Evenementennota 2024-2030, Marktvisie Sportvisie 2030 'Niemand buitenspel in Dordrecht' met daaronder de programma's 'Een omgeving die uitnodigt tot sport en bewegen' en 'Een leven lang sportplezier voor iedereen' Stadspark Vastleggen normgetallen voorzieningen Wijkprogramma Wielwijk, Crabbehof en Sterrenburg Afspraken woningcorporaties (= jaarlijks terugkerende en wettelijke verplichting Prestatie Afspraken Lange Termijn) Woonvisie, Woonzorgvisie en Huisvestingsverordening (wordt geactualiseerd) Welstandsnota Dordrecht Handboek KOR: het KOR krijgt via het omgevingsplan juridische werking Groenblauw programma (op inhoud, zonder middelen voor uitvoering)
In uitvoering In uitvoering In uitvoering Bestaand Bestaand In uitvoering In uitvoering Bestaand Bestaand Bestaand Bestaand Bestaand Bestaand
Wijziging t.o.v. omgevingsvisie 1.0: - Toegevoegd ‘Ontwikkeling van de Stadsas’ - Toegevoegd ‘Bouwen van woningen voornamelijk dmv verdichting van de stad’ - Toegevoegd ‘Horecanota, Visienota Evenementennota 2024-2030, Marktvisie’ - ‘Havenbeheersverordening’ is vanaf april 2024 geldend (Havenverordening Dordrecht) - ‘Programma Sportparken’ is ingevuld via Sportvisie 2030 'Niemand buitenspel in Dordrecht'. Uitgewerkt in programma's 'Een omgeving die uitnodigt tot sport en bewegen' en 'Een leven lang sportplezier voor iedereen'.
Dordtse Omgevingsvisie 2.0 Eiland met kwaliteit
Uitwerking in programma’s, afspraken en/of omgevingsplan
Definitief Deel A 40
A.5.3 Doel 2: Dordrecht is een bereikbare stad
doel in de omgevingsvisie. In voorliggende omgevingsvisie zijn de hoofdlijnen van het Mobiliteitsplan opgenomen.
we prioriteit aan reizen te voet (Stappen) en op de fiets (Trappen), dan volgt het versterken van het bereik van Openbaar Vervoer (O) met ketenmobiliteit (M) en tenslotte de privéauto (P).
A.5.3.2 Uitgangspunten •
A.5.3.1 Inleiding De stad Dordrecht groeit. We werken hard aan het realiseren van nieuwe woningen en banen én we willen bereikbaar zijn. Hierbij keken we tot op heden primair naar de autobereikbaarheid. Maar dat is niet toekomstbestendig: omdat de openbare ruimte schaarser wordt, de doorstroming in het geding komt, de klimaatdoelen zo niet gehaald worden en dit een negatief effect heeft op de gezondheid van onze inwoners. Daarom kijken we op een bredere manier naar de bereikbaarheid van onze stad. Met betrekking tot bereikbaarheid stellen we niet langer de auto centraal, maar de Dordtenaar en de bereikbaarheid van zijn/haar bestemming waarbij wandelen en fietsen door het toepassen van het STOMP principe hogere prioriteit krijgt. De opgaven, doelen en uitwerkingsstrategie voor dit doel zijn verder uitgewerkt in het Mobiliteitsplan Dordrecht 2040 (vastgesteld 24 september 2024). Ook een monitoringsen evaluatieplan maakt onderdeel uit van het Mobiliteitsplan. Dit plan kan gezien worden als een verder uitgewerkt programma van dit
De wijze waarop het STOMP principe wordt toegepast hangt af van de uitgangspositie en de omstandigheden in de verschillende delen van de stad. •
STOMP principe Als we minder inzetten op de auto, komt er openbare ruimte beschikbaar voor andere zaken. Denk aan meer groen dat ook bijdraagt aan klimaatadaptatie (zie Doel 5: Dordrecht is een klimaatbestendige stad in 2040), biodiversiteit (zie Doel 7: Dordrecht is een biodiverse stad) en ruimte voor spelen en sporten (zie Doel 3: Dordrecht is een gezonde stad), meer plek om veilig te fietsen en lopen. En denk ook aan de binnenstedelijke bouwopgaven. Meer openbare ruimte creëren we door het ontwerpprincipe STOMP toe te passen. Bij het ontwerpen van de buitenruimte geven
Nabijheidsprincipe Basisvoorzieningen (zie A.4.3.3) moeten in alle wijken – bestaand en nieuw – op loop- en fietsafstand aanwezig zijn om onnodige autoverplaatsingen te voorkomen (zie Doel 3: Dordrecht is een gezonde stad, en Doel 6: Dordrecht is een duurzame en klimaatneutrale stad in 2040).
Figuur 12 – Nabijheidsprincipe (Mobiliteitsplan 2040 Dordrecht)
•
Figuur 11 – STOMP principe (Mobiliteitsplan 2040 Dordrecht)
Langzaam verkeer ofwel actieve mobiliteit (voetgangers en fietsers) en openbaar vervoer krijgt, waar mogelijk, voorrang op de auto. Ruimte voor de voetganger: we rollen een rode loper uit naar de binnenstad en dagelijkse voorzieningen in de wijken (zie Doel 1: Dordrecht is een aantrekkelijke stad, en Doel 3: Dordrecht is een gezonde stad). Dordrecht als fietsvriendelijke stad met sterke radialen tussen de
Dordtse Omgevingsvisie 2.0 Eiland met kwaliteit
Integraal benaderd Het doel ‘Bereikbare stad’ draagt op haar beurt ook sterk bij aan de doelen ‘Aantrekkelijke stad’, ‘Gezonde stad’, ‘Klimaatbestendige stad in 2040’ en ‘Duurzame en klimaatneutrale stad in 2040’.
41
42
Definitief Deel A
-
-
-
-
•
verschillende gebieden in de stad en de regio om een aantrekkelijk alternatief te bieden voor autoverplaatsingen (zie Doel 3: Dordrecht is een gezonde stad, Doel 6: Dordrecht is een duurzame en klimaatneutrale stad in 2040). Stimuleren van (hoogwaardig) openbaar vervoer met de doorontwikkeling van het spoornetwerk, een opwaardering van station Dordrecht en de komst van het nieuwe Leerpark (zie Doel 1: Dordrecht is een aantrekkelijke stad, en Doel 6: Dordrecht is een duurzame en klimaatneutrale stad in 2040). Het goed inrichten van hubs om overstappen zo makkelijk mogelijk te maken, als belangrijke schakel in een ketenreis, om het gebruik van openbaar vervoer, fiets, deelmobiliteit en parkeren op afstand te stimuleren (zie Doel 1: Dordrecht is een aantrekkelijke stad, en Doel 3: Dordrecht is een gezonde stad en Doel 6: Dordrecht is een duurzame en klimaatneutrale stad in 2040). We realiseren een uitgebreid netwerk van deelmobiliteit als een aanvulling op het pakket aan alternatieven voor het gebruik van privéauto's. We zetten structurele gedragscampagnes in om inwoners en werknemers te stimuleren zich duurzamer te verplaatsen.