CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Discussienotitie bij consultatie op bomenprogramma 2022.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 12 maart 2024, gemeente DordrechtBij agendapunt: 41: Vaststellen en beschikbaar stellen van een krediet voor Bomenprogramma - Raadsvoorstel3.974 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Startnotitie bomenprogramma Dordrecht

Datum: 9 maart 2022 Status: definitief 1

Wat is de aanleiding voor het bomenprogramma? Dordrecht is een groene gemeente met relatief veel bomen. Bomen vertegenwoordigen een breed scala aan waarden. We werken daarom met elkaar aan het in stand houden van een duurzaam bomenbestand voor deze stad. Dat we dat goed doen is bevestigd door het feit dat Dordrecht in 2018 genomineerd is voor de 'European City of trees' award en in 2020 zelfs gekozen is tot 'Tree City of the World'. Door bezuinigingen en ontwikkelingen moeten we het huidige beheer en onderhoud van bomen herzien. Daarbij heeft de raad de wens uitgesproken voor een integrale bomenvisie inclusief doelstellingen op het gebied van klimaat en biodiversiteit. Het bomenprogramma richt zich op alle bomen die worden onderhouden door de gemeente. Met de voortzetting van het huidige beheer en onderhoud van bomen is het moeilijk om het huidige bomenbestand duurzaam in stand te houden. Zowel de kwaliteit als de kwantiteit (aantal bomen in de stad) staan onder druk. De doorgevoerde bezuinigingen in 2014 hebben geleid tot een onderhoudsachterstand. Deze achterstand loopt op waardoor we risico's lopen op een toename van het aantal veiligheidsincidenten en het verlies van bomen. In 2022 hebben we (incidenteel) extra budget via een Kadernotaclaim toegewezen gekregen, om de achterstand in het bomenonderhoud in ieder geval niet verder op te laten lopen.

Met het bomenprogramma werken we aan een structureel en duurzaam bomenonderhoud. Dordrecht is daarmee ook in de toekomst de stad die haar bomen goed onderhoudt en weer in aanmerking komt voor prestigieuze bomen awards. De waarde van bomen wordt steeds meer herkend en erkend. Wetenschappelijk onderzoek toont aan dat bomen substantiële bijdragen leveren aan bijvoorbeeld het afvangen van fijnstof, het temperen van hittestress en het welbevinden van mens en dier. Bomen zijn, vooral in de stad, van groot belang. Bomen verdienen het om goed onderhouden te worden, zodat ze optimaal kunnen bijdragen aan het leefklimaat in de stad. Bomen dragen bij aan de ambities en opgaven van de Groenblauwe stad en de doelstellingen uit de Omgevingsvisie 1.0 (en de 2.0 versie waar nu aan wordt gewerkt). De klimaatbestendige en biodiversiteit doelstellingen kunnen niet gehaald worden zónder gezonde en voldoende bomen. Ter voorbereiding op deze startnotitie is een overleg gehouden met een klankbordgroep vanuit de raad. Daar zijn een aantal inhoudelijke uitgangspunten naar voren gebracht. Ook hebben we een overleg gehad met een aantal (groen)organisaties en stichtingen uit de stad (zoals de Bomenridders, Platform duurzaamheid, IVN, Stichting de Stad) om punten op te halen voor het bomenprogramma. Deze input hebben we waar mogelijk verwerkt in deze startnotitie.

Welke inhoudelijke uitgangspunten stellen we voor? De toegenomen aandacht voor bomen, de argumentatie achter de bijstelling van het onderhoudsbudget via de Kadernotaclaim Bomenonderhoud 2022, de belangrijke bijdrage aan (het bereiken van) de groenblauwe stad, de (h)erkenning van de substantiële bijdrage van bomen aan een gezond leefklimaat en de eisen die de Wet natuurbescherming stelt vragen om het opstellen van een bomenprogramma voor de komende tien jaar. We stellen daarvoor de volgende uitgangspunten voor; 1) herzien van het bomenonderhoud en 2) het bepalen van de ambitie voor de visie op bomen.

2

1. Herzien bomenonderhoud Bomen verdienen het om goed onderhouden te worden, zodat ze optimaal kunnen bijdragen aan het leefklimaat en de ambities van de stad. De laatste jaren is er echter bezuinigd op het boomonderhoud. Dat heeft geleid tot een onderhoudsachterstand. Er zijn een aantal ontwikkelingen die maken dat het onderhoud van bomen moet worden herzien. 1.1 Ontwikkelingen van de afgelopen jaren Optimale onderhoudsinterval Dat de onderhoudsachterstand beperkt is gebleven is deels te danken aan het slim inzetten van de extra middelen voor boomziektebestrijding (aanpak essentaksterfte). Als de snoeiachterstand verder oploopt, komt de veiligheid in het geding. Door de onderhoudsachterstand moeten forse ingrepen in bomen worden gedaan waardoor zware snoeiwonden ontstaan die de levensduur van de boom kunnen verkorten. Het is daarom nodig om nu op kwaliteit te gaan sturen, in plaats van op financiën/budget.

Snoeiwond met zwam

Mede door de onderhoudsachterstand is het aantal meldingen en klachten, door bijvoorbeeld takken in de dakgoot of tegen het raam, toegenomen. De afhandeling van die meldingen werkt de efficiëntie tegen en gaat ten koste van de capaciteit en het budget voor het reguliere boomonderhoud. Door een optimale onderhoudsinterval te hanteren in het bomenprogramma, behouden we (de waarde van) ons bomenbestand en neemt het aantal meldingen en klachten af. Zo kunnen onze eigen boomverzorgers weer doen waar ze goed in zijn; onze bomen de (specialistische) aandacht geven die ze verdienen. Voor 2022 hebben we door het extra geld voldoende budget om het huidige bomenbestand te onderhouden en de snoeiachterstand niet verder op te laten lopen. Dit is echter geen structureel budget. Met het bomenprogramma willen we structureel voldoende budget hebben voor het duurzaam in stand houden van het Dordtse bomenbestand.

3

Monumentale en veteranen bomen Het bomenbestand is de afgelopen jaren gegroeid en ouder geworden. Daar zijn we als stad trots op! De onderhoudskosten voor de éxtra bomen zijn veelal in de kadernota's terecht gekomen (als areaaluitbreiding). De leeftijd van het bomenbestand neemt toe, we hebben in verhouding meer monumentale en zogenaamde 'veteranen' bomen. Daarmee krijgt het boombestand meerwaarde (esthetische, cultuurhistorische, ecologische en klimaatbestendige waarde) voor de stad. De schaduwzijde hiervan is echter dat het onderhoud en de instandhouding van oude, grotere bomen meer kost dan het snoeien van jonge, kleine bomen. Door in het bomenprogramma de monumentale en veteranen bomen in stand te houden, behouden we deze oude bomen. Onder andere de platanen in het Arend Maartenshof, de grote populieren langs de Maasstraat en de kastanjes aan de Wolwevershaven verdienen dit. Wet natuurbescherming De Wet natuurbescherming heeft ertoe geleid dat er aandacht moet worden besteed aan beschermde flora en fauna. In de praktijk betekent dit dat bij kap- en snoeiwerkzaamheden vaak extra, relatief dure, ecologische onderzoeken nodig zijn. Bijvoorbeeld naar de aanwezigheid van vleermuizen in bomen. De groeiende stad leidt (op termijn) tot een groeiende druk op de boomstructuren in de stad.

Het versnipperen van belangrijke verbindingsroutes voor dieren leidt tot aantasting van leefgebieden van beschermde soorten. Denk aan vliegroutes van vleermuizen door de stad. In het bomenprogramma spelen we hierop in door bij het beheer van bomen hiervoor een standaard procedure in te richten. Boomziekten De afgelopen jaren hebben we te maken gehad met een flinke toename van het aantal boomziekten. We hebben hierover de raad met regelmaat geïnformeerd per brief. Met de investering in essentaksterfte en met behulp van beschikbare gelden via kadernotaclaims hebben we daar afgelopen jaren gericht op in kunnen zetten, maar daar zijn geen structurele middelen meer in voorzien. Voor Dordrecht zijn onderstaande de belangrijkste boomziekten:

Ziekte of aantasting

Wat is het?

Welke acties zijn nodig?

Hoeveel bomen?

Bloedingsziekte (bij paardenkastanjes) bijvoorbeeld: bomen Wolwevershaven en Plein 40-45 Massaria (bij platanen) bijvoorbeeld: bomen A.M. Hof en voor het Centraal Station

Betreft een bacterie. Deze bacterie zorgt voor vatverstoppingen, de bloedingen. Hierdoor worden houtcellen broos, waardoor er een risico ontstaat op stam- en takbreuk.

Jaarlijkse controle* i.v.m. veiligheid omgeving

circa 900

Betreft een schimmel. Dat zorgt voor sterfte van het cambium (leeflaag van hout) aan met name de bovenzijde van een tak. Dat leidt tot sneller ontstaan van dik doodhout in de bomen. Takken breken hierdoor sneller af. Vooral oudere bomen hebben last van deze ziekte. Deze bacterie is al van nature in wilgen aanwezig. Het toenemen van de

Regelmatige controle i.v.m. veiligheid omgeving

circa 3.000

Een reguliere onderhoudsbeurt vergt

circa 1.250

Watermerkziekte (bij wilgen)

4

bijvoorbeeld: bomen Merwedepolderpark en wilgen langs het Wantij Essentaksterfte Bijvoorbeeld: veel dijken en lanen in het buitengebied Iepziekte (bij iepen en zelkova's) Bijvoorbeeld langs de Noordendijk Eikenprocessierups (bij diverse soorten eiken) Bijvoorbeeld: bomen Provinciale weg en de Burgemeester Jaslaan Bladluis (vele boomsoorten, vooral lindes en esdoorns) bijvoorbeeld: bomen kades Binnenstad Roetschorsziekte (bij esdoorns) Bijvoorbeeld: bomen Copernicus en Sumatraplein

aantallen van deze bacterie leidt uiteindelijk tot sterfte van een boom. De ziekte komt niet tot uiting in wilgen die zwaar gesnoeid worden zoals knotwilgen.

meer tijd door aanwezigheid meer en dikker dood hout. Mogelijkheid eerder vervangen van deze bomen dan wij zouden willen

Betreft een schimmel. Deze zorgt voor sterfte van de bladeren, bladsteeltjes, twijgen en later hele takken. Dit proces kan al binnen 1 jaar plaatsvinden. Hierdoor ontstaat er sneller, meer en dikker dood hout. Betreft een schimmel. De schimmel zorgt ervoor dat de houtvaten verstopt raken en hierdoor sterft de boom af. Door wortelcontact of het overvliegen van iepenspintkever zorgt verspreid de ziekte zich snel. De eikenprocessierups is niet schadelijk voor de boom maar zorgt voor veel overlast door de brandharen van deze rups. Deze kunnen verschillende gezondheidsklachten voor mensen veroorzaken, van jeuk tot luchtweg problemen.

Jaarlijkse controle i.v.m. veiligheid omgeving In geval van risico's wordt er extra gesnoeid of, alleen in ernstige gevallen, gekapt en vervangen Jaarlijkse controle i.v.m. veiligheid omgeving. De kever wordt uit zieke bomen verwijderd om verspreiding te beperken

circa 8.400

Jaarlijkse controle om de nesten en rupsen tijdig te behandelen/verwijderen

circa 2.000

Deze luizen produceren heel veel afscheiding(honingdauw), dit geeft veel overlast, want het plakt. Op deze plak kan een schimmel komen (roetdauw) en is zwart, en is soms lastig te verwijderen.

We zetten hiervoor deze lieveheersbeestjes in als natuurlijke vijanden, maar hier zijn forse kosten aan verbonden, dit doen we nu alleen op experimentele basis

circa 7.500

Betreft een schimmel. Deze ziekte zorgt ervoor dat aangetaste bomen afsterven. De paddenstoelen kunnen luchtweg problemen veroorzaken.

Jaarlijkse controle om aangetaste bomen tijdig te verwijderen en te vervangen

circa 3.750

circa 1.500

*bij onze huidige bomenonderhoud hanteren we een cyclus met inspectie van een boom in elke 6 jaar.

Bovenstaande ziekten en aantastingen hebben effect op bijna de helft van ons bomenbestand. Om de boomziekten te bestrijden, maken we al jaren extra kosten om de ziekten te beheersen. Ook zien we dat nieuwe (exotische) boomziekten hun intrede doen en dat het veranderende klimaat (met name langdurige droogte) van invloed is op de conditie van de bomen. We participeren daarom in onderzoeken naar boomziekten en aantastingen om te zorgen dat we direct op de hoogte zijn van de onderzoeksresultaten en zodat we vooraan staan bij de ontwikkeling van nieuwe beheermethoden en -richtlijnen.

5

Het monitoren van het bomenbestand en het doen van onderzoek naar verschillende bestrijdingstechnieken en methoden blijft daarom noodzakelijk. Landelijk komt er steeds meer kennis beschikbaar hoe we boomziekten preventief kunnen aanpakken en hoe we met aantastingen om kunnen gaan. Dit willen wij gebruiken om maatregelen te kunnen treffen en om te kunnen experimenteren. In het bomenprogramma zullen we de preventie en aanpak van boomziekten specifieker uitwerken. Concreet betekent dit dat we het project Living tree lab de komende jaren voortzetten (onderzoek naar boomziekten, experimenteren met alternatieve bestrijdingsmethoden en onderzoek doen naar klimaatbestendige soorten, groeiplaatsen en dergelijke). Meer aandacht voor bomen vanuit samenleving en politiek In de bebouwde omgeving hebben bomen een positief effect op de leefbaarheid. Bomen dragen bij aan een prettig woon-, werk- en leefklimaat. In een groene omgeving voelen mensen zich prettig, kinderen spelen graag buiten en groen heeft ook een positief effect op de gezondheid van mensen. Ook woningen in een groene omgeving zijn gemiddeld meer waard dan woningen in een versteende omgeving. Bomen zorgen voor verkoeling in de zomer, ze filteren veel fijnstof uit de lucht en ze produceren zuurstof. We merken dat er steeds meer (politieke) vragen worden gesteld over bomen(onderhoud).

In het kader van behoud van monumentale bomen en waardevolle bomen, hebben we daarom in 2020 de bomenlijst geactualiseerd en gebruik gemaakt van verschillende classificaties in bomen. Dit om de verschillende waarden van bomen (cultuurhistorisch, bepaalde zeldzaamheid, maatschappelijke/esthetische waarde) aan te kunnen tonen. Door de toegenomen aandacht voor het behoud van bomen, hebben we de afgelopen jaren te maken gekregen met meer bezwaren omtrent kapvergunningen. Om die bezwaren goed te kunnen behandelen, wordt elke kapvergunningaanvraag grondig juridisch gecheckt. Dit maakt dat het werk omtrent kapaanvragen steeds complexer en arbeidsintensiever is geworden. Ook in projecten speelt eenzelfde problematiek, ook daar worden goed onderbouwde adviezen gevraagd als het gaat om het kappen van bomen. Wat ook intensiever is geworden, is het sturen op het behoud van bomen. Het vraagt een extra inspanning om een bewoner of organisatie te bewegen de kapaanvraag in te trekken of om met een ander plan te komen wat boomvriendelijker is. Het afdoen van de aanvragen is daarom niet alleen complexer, maar het voeren van het beleid ook. Deze ontwikkelingen vragen extra ambtelijke capaciteit die we in het bomenprogramma meenemen. Herplant We hanteren als gemeente al een aantal jaren het principe van herplant na het kappen van een boom.

Dat betekent dat we voor elke boom die we kappen, minimaal een boom terug planten. Deze regel hebben we echter nog niet opgenomen als een beleidsregel. De beleidsregel voor herplant willen we vastleggen in het nieuwe bomenprogramma. Daarnaast zien we landelijk een trend waarbij gemeenten steeds meer bij kappen het principe 'nee, tenzij' hanteren. In die zin is er geen sprake meer van kapbeleid of een kapverordening, maar wordt meer vanuit bomenbeleid of een bomenverordening geredeneerd. We willen dit principe meenemen in het bomenprogramma, maar dat vergt ook nog een aanpassing in de APV en extra ambtelijke inzet.

6

1.2 Ontwikkelingen in de toekomst Naast een aantal ontwikkelingen van de afgelopen jaren, zien we ook in de toekomst ontwikkelingen die effect kunnen hebben op ons bomenonderhoud. Deze ontwikkelingen schetsen we in de volgende paragrafen. Investeren in standplaats, plantmateriaal en i-Tree De natuur levert allerlei diensten aan de mens. Soms heel zichtbaar, zoals de productie van voedsel en hout. Vaak ook minder zichtbaar, zoals de berging van water door bomen of verkoeling in de stad en de bestrijding van ziekten of plagen met natuurlijke vijanden. Deze diensten worden ecosysteemdiensten genoemd. De zogenaamde ecosysteemdiensten die gezonde bomen aan de stad leveren, zijn vele malen hoger dan ongezonde, slecht groeiende bomen. Investeren in een goede standplaats is een randvoorwaarde om een boom duurzaam te laten groeien. De afgelopen jaren hebben we al steeds meer geïnvesteerd in de standplaatsen van bomen. In het verlengde hiervan zetten we steeds meer in op plantmateriaal van goede kwaliteit en als het kan, van een maatje groter. Eén goede boom op een goede standplaats levert uiteindelijk veel meer op dan twee slechte bomen in dezelfde ruimte. Het kroonvolume bepaalt de ecosysteemwaarde. De standplaats en het plantmateriaal vormen de basis daarvoor.

Door standplaatsverbetering als vaste voorwaarde op te nemen in het bomenprogramma, dragen de bomen bij aan de biodiversiteitsdoelstellingen die we ons als stad hebben opgelegd in de Omgevingsvisie 1.0.

Waarden van bomen met behulp van i-Tree in kaart gebracht

Een middel om de waarden van bomen aan te kunnen tonen is door gebruik te maken van i-Tree. Deze methode brengt naast de maatschappelijke waarde en visuele waarde van bomen ook de financiële waarde van bomen in kaart, mede ten opzichte van het effect op het klimaat. In het bomenprogramma willen we gebruik gaan maken van deze methode. De ecosysteemdiensten kunnen dan worden meegenomen in de financiële uitwerking van een project. De baten van een boom kunnen dan financieel worden uitgewerkt. Door de lange termijn waarde van de boom mee te 7

nemen in een project, is het effect op de lange termijn ook qua groenblauw in te schatten. Dit maakt dat een boom soms hoge financiële baten oplevert voor de toekomst, dat het behoud van een boom het overwegen waard is. Integraal bomenonderhoud We willen het bomenprogramma integraal opstellen, wat betekent dat het bomenprogramma ook van toepassing wordt voor o.a. de gemeentelijke onderdelen Sport, Begraafplaatsen, Biesbosch en projecten. Voor een bewoner is er immers geen verschil tussen een boom in de binnenstad of op een sportcomplex. We willen op dezelfde manier gaan werken als het gaat om bomenonderhoud in de stad. Voor projecten geldt dit met name in de randvoorwaarden van het project, zoals bij de start van het project het behoud van bomen of het planten van extra bomen als voorwaarde meenemen. Hiervoor stellen we een leidraad op. Vervolgens vindt de afweging van diverse belangen in de projecten zelf plaats. 1.3 Aanpassingen in beleidskaders Groenblauwe structuren Naast ontwikkelingen zijn er ook aanpassingen in beleidskaders die we mee moeten nemen in het herzien van het bomenonderhoud. De bomen zijn belangrijke structuren in het landschap van Dordrecht. Vanuit de vastgestelde Groenblauwe Visie (Urbanisten, 2020) zijn er ambities om veel meer te investeren in groenblauwe (boom)structuren in Dordrecht.

Dit is nodig om veel doelen uit de Omgevingsvisie 1.0 te halen, voor de gezonde, aantrekkelijke, biodiverse en klimaatbestendige stad. De investeringen die de komende vijf jaar nodig zijn, staan in het Groenblauwprogramma van Dordrecht (Idverde, 2021). Daarnaast hebben we in Dordrecht een stedelijke ecologische structuur (SES). De SES is een Dordts samenhangend netwerk van leef- en brongebieden voor flora en fauna. De SES heeft waarde als planologisch instrument om de stad ‘in vorm te houden’ en om verrommeling door ongewenste ontwikkelingen te voorkomen. Veel boomstructuren liggen in de SES. De SES is opgegaan in de groenblauwe structuren onder de Groenblauwe Visie. Aanvullende bescherming is nodig om de groenblauwe structuren te behouden als leef- en brongebied voor flora en fauna. Zoals door ze op te nemen in de Bomenlijst of een 'nee, tenzij'-beleid aan te houden. De investeringen die de komende vijf jaar nodig zijn in boomstructuren, staan in het Groenblauwprogramma van Dordrecht. Omgevingsvisie 1.0 Mede door invloed vanuit de samenleving wordt het behoud van bomen en het onderhoud ervan steeds belangrijker. Bomen hebben een functie in het kader van klimaatadaptatie (denk aan het afvangen van fijnstof of het beperken van hittestress), maar bomen zijn ook aantrekkelijk in een stedelijke leefomgeving als het gaat om het dempen van geluid en het beleven van de omgeving.

Ook in de Omgevingsvisie 1.0 hebben we opgenomen dat we het bomenbestand willen behouden en verder willen ontwikkelen (datzelfde geldt voor de 2.0 versie waar nu aan wordt gewerkt). Het verbeteren van het bomenbestand zit hem dan in standplaatsverbetering en soortkeuze. Door voorgaande ontwikkelingen mee te nemen in de scenario's en doelstellingen voor het bomenonderhoud voor de komende jaren, kunnen we meerwaarde toekennen aan bomen.

8

2 Bepalen ambitie visie op bomen De visie op bomenonderhoud, oftewel hoe we als gemeente de komende tien jaar met bomen willen omgaan, bestaat uit een aantal scenario's. Grofweg zien de scenario's voor de visie op bomen er als volgt uit. A+. Dit scenario heeft een hoog ambitieniveau voor het bomenonderhoud én heeft de optie voor een onderzoeksopdracht voor het aanplanten en onderhouden van extra bomen in de stad. Hierbij hoort een bomenonderhoud met een cyclus van om de 4 jaar, het toepassen van standplaatsverbetering en het in stand houden van alle (10%) monumentale/veteranenbomen.

De keuze voor scenario A+ resulteert in:  Meer boom (meer blad, bredere kroon en dikkere stam)  Hoge ecosysteemwaarde (denk aan waterberging, verkoeling in de stad etc.)  Meer (goed ontwikkelde) boomstructuren / groenblauwe structuren  Het aantal monumentale en veteranen bomen neemt toe en we doen er alles aan om kap uit te stellen  Extra bijdrage aan biodiversiteit en klimaatadaptatie (kwantitatief en kwalitatief)  Gezonde bomen  Goede beeldkwaliteit (veel esthetische waardevolle bomen)  Minder veiligheidsincidenten  Minder externe schades  Minder klachten als gevolg van overlast van bomen  Minder commotie/rechtszaken over het kappen van (monumentale) bomen  De onderhoudskosten inclusief extra capaciteit/proceskosten die bij de variant met hoog ambitieniveau horen, zijn € 4 miljoen per jaar.

9

 Deze variant draagt kwantitatief en kwalitatief 1bij aan het halen van de doelen uit de Omgevingsvisie 1.0. Dit komt door extra investeringen in de aanleg en onderhoud van nieuwe bomen en boomstructuren.  De kosten voor de onderzoeksopdracht voor het aanplanten en onderhouden van extra bomen moeten nader worden bepaald. A. Dit scenario betreft een optimaal bomenonderhoud met een cyclus van om de 4 jaar, het toepassen van standplaatsverbetering en het in stand houden van de 5% monumentale/veteranenbomen.

De keuze voor scenario A resulteert in:  Meer boom (meer blad, bredere kroon en dikkere stam)  Goed ontwikkelde boomstructuren / groenblauwe structuren  We gaan de monumentale en veteranenbomen pas vervangen als het echt niet anders kan  Hoge ecosysteemwaarde (denk aan waterberging, verkoeling in de stad etc.)  Bijdrage biodiversiteit en klimaatbestendigheid (kwalitatief)  Gezonde bomen  Betere beeldkwaliteit (esthetisch waardevolle bomen)  Minder veiligheidsincidenten  Minder externe schades  Minder klachten als gevolg van overlast van bomen 1

Met standplaatsverbetering houd je de boom vitaal en dat is goed voor de biodiversiteit. Daarom draagt het kwalitatief bij aan de doelen uit de Omgevingsvisie 1.0

10

 Minder commotie/rechtszaken over het kappen van (monumentale) bomen  De onderhoudskosten inclusief extra capaciteit die bij de variant met maximale boomwaarde horen, zijn € 2,5 miljoen per jaar.  Deze variant draagt kwalitatief bij aan het halen van de doelen uit de Omgevingsvisie 1.0. B. De gemiddelde variant voor boomonderhoud wordt bereikt in dit scenario met een onderhoudscyclus van om de 4 jaar, het beperkt toepassen van standplaatsverbetering en het in stand houden van 2% monumentale/veteranenbomen.

De keuze voor scenario B resulteert in:  Gemiddelde ecosysteemwaarde (denk aan bijv. waterberging)  Behoud van bestaande boomstructuren, maar geen ontwikkeling van groenblauwe structuren  We gaan de monumentale en veteranen bomen pas vervangen als de kosten voor onderzoek, herstel e.d. te hoog worden  In gevallen betere beeldkwaliteit (in gevallen esthetisch waardevolle bomen)  Mogelijk beperkte bijdrage aan biodiversiteit en klimaatbestendigheid (kwalitatief)  Minder veiligheidsincidenten  Minder externe schades  Mogelijk minder klachten  Beperkt minder commotie/rechtszaken over het kappen van (monumentale) bomen  De onderhoudskosten inclusief extra capaciteit/proceskosten die bij de variant met gemiddelde boomwaarde horen, zijn €2 miljoen per jaar.  Deze variant draagt (mogelijk en beperkt) kwalitatief bij aan het halen van de doelen uit de Omgevingsvisie 1.0.

11

C. Een minimaal scenario voor bomenonderhoud wordt bereikt met een cyclus van om de 4 jaar, geen standplaatsverbetering en geen instandhouding van monumentale/veteranenbomen (uitstervingsbeleid).

De keuze voor scenario C resulteert in:  Lage beeldkwaliteit (esthetisch minder waardevolle bomen)  Lage ecosysteemwaarde (beperkte waterberging bijv.)  Mogelijk minder (goed ontwikkelde) boomstructuren / minder (goed ontwikkelde) groenblauwe structuren  Geen extra bijdrage aan biodiversiteit en klimaatbestendigheid  Minder veiligheidsincidenten  Minder externe schades  Kans op klachten en bezwaren  De onderhoudskosten inclusief extra capaciteit/proceskosten die bij de variant met minimale uitgaven voor bomenonderhoud horen, zijn € 1,5 miljoen euro per jaar. Met minder budget komt de veiligheid in het geding.  Met deze variant halen we doelen uit de Omgevingsvisie 1.0 niet, er zijn dan extra investeringen nodig (deze staan in het Groenblauwprogramma).  N.B. met de toekenning van de Kadernotaclaim hebben we in 2022 budget voor het uitvoeren van dit scenario voor ons bomenonderhoud.

12

D. Referentieambitie. De meest geringe uitgaven voor boomonderhoud worden bereikt met een onderhoudscyclus van om de 6 jaar, geen standplaatsverbetering en geen monumentale/veteranenbomen (uitstervingsbeleid en het bomenbestand krimpt van totaal 47.000 bomen naar 26.000 bomen).

De keuze voor scenario D resulteert in:  (extreem) Lage beeldkwaliteit (weinig esthetisch waardevolle bomen)  Minder (goed ontwikkelde) boomstructuren  Geen groenblauwe structuren meer op termijn  Geringe ecosysteemwaarde (minimale waterberging)  Achteruitgang in bijdrage aan biodiversiteit en klimaatbestendigheid  Kans op veiligheidsincidenten  Meer externe schades  Meer kans op klachten en bezwaren  De onderhoudskosten die bij de variant met de meest geringe uitgaven voor bomenonderhoud horen, zijn € 850.000 euro per jaar.  Met deze variant halen we doelen uit de Omgevingsvisie 1.0 niet, er zijn dan extra investeringen nodig (deze staan in het Groenblauwprogramma).

Voorstel Op basis van dit overzicht vragen we u een keuze te maken uit de scenario's die de ambitie voor het bomenprogramma bepaalt. Dat scenario werken we vervolgens uit in het bomenprogramma met behulp van een extern adviesbureau. Eind 2022 wordt het bomenprogramma ter besluitvorming voorgelegd. De uitwerking van het bomenprogramma door het extern adviesbureau wordt vanuit beschikbare middelen bekostigd. In het voorstel van het bomenprogramma worden de inhoudelijke en financiële consequenties voor de komende tien jaar in kaart gebracht. 13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/735/documents/30408