CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 6 - Nulmeting Brede Welvaartsindicatoren 9-12-2021 - def..pdf

Dordtse Dinsdag – Beeld- en oordeelsvormende commissies 1 november 2022, gemeente DordrechtBij agendapunt: 5: Raadsinformatiebrief over Jaarlijkse voortgangsrapportage Regio Deal Drechtsteden – Gorinchem (medio 2022) - Raadsinformatiebrief4.489 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Monitor Regiodeal Drechtsteden Nulmeting Brede Welvaartsindicatoren

Nulmeting Brede Welvaartsindicatoren SUBTITEL Halverwege 2020 is door het Rijk, de provincie Zuid-Holland, de regio Drechtsteden en de gemeente Gorinchem de Regiodeal gesloten. Partijen streven ernaar om met gezamenlijke, integrale en gerichte acties in de komende vijf jaar ervoor te zorgen dat de Regio Drechtsteden-Gorinchem een omslag maakt naar een regio die minder gevoelig is voor crises en waar de sterke bedrijfsclusters voor voldoende en passende werkgelegenheid zorgen door te investeren in samenwerking, innovatie en menselijk kapitaal.

Inhoud 1.

Aanleiding

2.

Korte

En naar een gebied dat zijn identiteit (de rivieren) koestert, dat een kwalitatief goed leefklimaat heeft, klimaatbestendig is ingericht en waar de voorzieningen meegroeien, onder andere op het gebied van cultuur en openbaar vervoer. De Regiodeal beoogt een positief effect te hebben op de Brede Welvaart van de regio en Nederland. In deze nulmeting beschrijft het Onderzoekcentrum Drechtsteden (OCD) de huidige positie van Coropgebied Zuidoost Zuid-Holland op de Brede Welvaartsindicatoren die relevant zijn voor de Regiodealprojecten.

beschrijving uitgangspositie 3.

Keuze indicatoren

4.

Nulmeting

Bijlagen

1

Aanleiding

De Regiodeal heeft drie pijlers:  Human capital, voor het beter verbinden van arbeidsmarkt en onderwijs.  (toegepaste) Innovatie, voor het verbeteren van het innovatie-ecosysteem gericht op daadwerkelijke toepassingen.  (dynamische) Oevers, voor het verbinden van rivieroevers met water en samenleving. Er zijn 15 projecten in deze pijlers benoemd die in deze Regiodeal opgenomen zijn, bijvoorbeeld de Maakfabriek op het Leerpark, Innovatief personenvervoer over water en Kansrijk op het Nedstaalterrein in Alblasserdam. Het is belangrijk om de output (resultaat van de projecten) en outcome (effect op de Brede Welvaart) te monitoren om te bezien of de regio met de Regiodealprojecten op de goede weg is en ook voldoende effectief is. Een tussentijdse monitor kan aanleiding zijn voor tijdige bijsturing of intensivering. Start is onderhavige nulmeting van Brede Welvaartsindicatoren op regioniveau (COROP Zuidoost Zuid-Holland), om de positie van de regio te kunnen bepalen ten opzichte van Nederland en de gemiddelde regio in Nederland. Het doel van deze nulmeting is drieledig:  het signaleren van punten waar de regio een benedengemiddelde positie heeft;  het duiden van de positie van de regio als achtergrondinformatie voor de projecten en aanpak;  het kunnen vergelijken met de positie in de loop der tijd (eind 2022 en eind 2024).

De nulmeting met de stand van zaken van Brede Welvaartsindicatoren (veelal objectieve, kwantitatieve data) zal aangevuld worden met de beleving van inwoners en actieve stakeholders. Begin 2022 houden we een bewonerspanel waarin we inwoners van Drechtsteden-Gorinchem vragen naar hun beleving van het gebied en de prioriteiten die zij stellen. Ook houden we interviews met stakeholders of een rondetafelbijeenkomst met betrokkenen. Het gaat om stakeholders op het terrein van Human Capital en Toegepaste Innovatie, die betrokken zijn bij de Regiodeal of anderszins een belangrijke speler op dat terrein zijn.

2

2

Korte beschrijving uitgangspositie

In de propositie voor de Regiodeal Drechtsteden-Gorinchem-Provincie Zuid-Holland is de uitgangspositie van de regio beschreven. De Drechtsteden en Gorinchem e.o. vormen, kijkend naar het inwonertal, samen het vijfde stedelijke gebied van Nederland. Centraal gelegen in de Zuidwestelijke Delta op het kruispunt van wegen, water en spoor. Dé zuidelijke toegangspoort tot de Randstad. Met aantrekkelijke, historische binnensteden van Dordrecht en Gorinchem en internationaal toeristische trekpleister als Unesco Werelderfgoed Kinderdijk en het Nationaal Park De Biesbosch op fietsafstand. De maakindustrie is veelzijdig en uniek in de maritieme en deltatechnologie en vormt een belangrijk onderdeel van de industriële motor van de Rotterdamse metropool. Nederland staat internationaal op de kaart als waterland dankzij bedrijven die hier hun wortels hebben: Boskalis, Bolidt, Damen Shipyards, Royal IHC en Oceanco. Zeer belangrijk voor de regio is ook het MKB; deze bedrijven vormen de kurk waarop de regionale economie drijft. De maritieme sector is technologisch hoogstaand en moet in hoog tempo transformeren: digitalisering, verduurzaming naar nul emissies en een blue economy. De sterke logistieke sector vervoert wat vanuit Rotterdam over de hele wereld wordt verscheept. Zwijndrecht en Werkendam zijn centra van de Nederlandse binnenvaart.

De verbindingen van snelweg, spoor maar vooral water (zelfs onderdeel van de West-Europese hoofdtransportas) vormen de drukste routes op de nationale en internationale corridors vanuit de Rotterdamse regio. De opgave: doorbreken van een stagnerende ontwikkeling voor een vitale en leefbare regio. Er is genoeg om trots op te zijn, maar er zijn ook forse opgaven. Bijna nergens in Nederland is de financiële en economische crisis harder aangekomen dan in deze regio. Grote fabrieken zijn gesloten (o.a. Lips en Nedstaal) of hebben te maken gehad met grote ontslagrondes (o.a. Royal IHC en Heerema Fabrication Group). Bij grote groepen inwoners is nog steeds sprake van onzekerheid, spanningen en maatschappelijk ongenoegen. Door het economisch profiel is de regio kwetsbaar voor nieuwe tegenslagen. Een verdere sociaal-economische transitie is daarom nodig. De regio presteert (nog steeds) onder de maat. De regio heeft zich zeker hersteld, maar de brede welvaart scoort gemiddeld tot benedengemiddeld in vergelijking met Nederland. Dat is, gelet op de ligging in de Randstad, opvallend. De situatie is kwetsbaar en (te) veel mensen voelen zich onzeker. De groei van het aantal inwoners bleef in de periode 2016-2018 achter bij die in ZuidHolland en Nederland: in de Drechtsteden/Gorinchem e.o. 1.1%, in Zuid-Holland 1,4% en in Nederland 1,7%.

Dit geldt ook voor de banengroei in dezelfde periode: 2,4% t.o.v. 4,4%. Het gemiddelde opleidingsniveau is aanzienlijk lager dan in Nederland: "slechts" 48% t.o.v. 60% van de bevolking is hoger opgeleid. De regio investeert in mensen, onderwijs en zorg. Zo wordt er stevig ingezet op (extra) zorg voor mensen die het nodig hebben en (arbeids)participatie. Door armoedebestrijding, passend onderwijs en betere kansen op de arbeidsmarkt. De economische groei blijft achter door mismatch op de arbeidsmarkt, niet efficiënt ruimtegebruik op verouderde terreinen en de toenemende fileproblematiek. Hoger opgeleide jongeren trekken weg door een slecht functionerende woningmarkt (geen doorstroom) en het ontbreken van voldoende hbo-onderwijs en stageplekken. Bedrijven worden hierdoor belemmerd in de groei en de (groot) stedelijke voorzieningen komen op termijn onder druk te staan. De vraagstukken van klimaatverandering en de energietransitie doen zich ten volle voor in het geïndustrialiseerde deltagebied. De aanwezigheid van industriële bedrijvigheid en grote vervoersstromen betekent extra aandacht voor milieu en veiligheid ook bij gebiedsontwikkeling. Het economisch profiel van de regio steunt op traditionele sectoren zoals bouwnijverheid, industrie en vervoer en opslag. De regio Drechtsteden-Gorinchem e.o.

telt namelijk relatief veel vestigingen in de industrie, bouwnijverheid, handel, vervoer en opslag, financiële dienstverlening en bankwezen (groen gekleurd in de tabel) en relatief weinig vestigingen in de landbouw, bosbouw en visserij, horeca, informatie en communicatie, specialistische zakelijke diensten, holding en managementadviesbureaus en cultuur, sport en recreatie (rood gekleurd in de tabel in bijlage 3).

3

Het beeld voor wat betreft het aantal werkzame personen is vrijwel overeenkomstig. Er zijn eind december 2020 bijna 175.000 banen in de regio. Er zijn relatief veel banen in de industrie, bouwnijverheid, handel en vervoer en opslag en weinig banen in de landbouw, bosbouw en visserij, horeca, informatie en communicatie, financiële dienstverlening, specialistische zakelijke diensten, openbaar bestuur en overheidsdiensten en cultuur, sport en recreatie. De werkzame beroepsbevolking betreft 188.000 mensen t.o.v. de (niet-institutionele) bevolking van 15 tot 75 jaar is dat 68,7 netto arbeidsparticipatie per eind 2020. Dat betekent dat de pendel negatief is: er werken meer mensen buiten de regio dan mensen van buiten die in de regio werken. Tabel 1 Economisch profiel qua banen Sector

COROP

Aandeel

Nederland

700

0,4%

1,3%

0

0,0%

0,1%

21400

12,2%

9,1%

D Energievoorziening

0

0,0%

0,3%

E Waterbedrijven en afvalbeheer F Bouwnijverheid

1000

0,6%

0,4%

14600

8,4%

4,0%

G Handel

34500

19,7%

17,1%

H Vervoer en opslag

10300

5,9%

4,6%

I Horeca

4700

2,7%

3,9%

J Informatie en communicatie K Financiële dienstverlening L Verhuur en handel van onroerend goed M Specialistische zakelijke diensten N Verhuur en overige zakelijke diensten O Openbaar bestuur en overheidsdiensten P Onderwijs

3100

1,8%

3,5%

3400

1,9%

3,3%

1500

0,9%

0,8%

9000

5,1%

6,4%

21200

12,1%

11,6%

6400

3,7%

6,5%

8800

5,0%

6,6%

30500

17,4%

17,4%

1600

0,9%

1,5%

2100

1,2%

1,6%

174800

100,0%

100,0%

A Landbouw, bosbouw en visserij B Delfstoffenwinning C Industrie

Q Gezondheids- en welzijnszorg R Cultuur, sport en recreatie S Overige dienstverlening Totaal

Bron: CBS De regio in kaart

Bron: Propositie Regiodeal Drechtsteden-Gorinchem-provincie Zuid-Holland: Investeren in mensen: Goed leven in een maritieme topregio, 2020 4

3

Keuze indicatoren

Ten behoeve van de afweging welke projecten in de Regiodeal opgenomen zouden worden is in 2020 de gezamenlijke bijdrage van projecten aan de Brede Welvaartsindicatoren in beeld gebracht. Dat beeld hebben we als uitgangspunt genomen voor de keuze van indicatoren. Per pijler zijn zeven of acht indicatoren benoemd, waarmee de bijdrage aan brede welvaart wordt geïllustreerd (zie bijlage 1). Op enkele punten zijn deze sindsdien geactualiseerd/aangescherpt door het CBS of door het OCD aangevuld. Op vier punten ontbreekt op dit moment nog informatie over de indicatoren. Dat geldt voor de indicatoren c, l, n en o; individuele consumptie, biodiversiteit, machines, werktuigen en ICT en kenniskapitaalgoederen. Aanvullingen Voor de Regiodeal is de tevredenheid met de woonomgeving ook relevant. Dit is een indicator die ook tot de Brede Welvaartsindicatoren behoort. Tijdens workshops met de projectcoördinatoren zijn daarnaast nog aanvullingen in de objectieve indicatoren genoemd. Het gaat om:    

De Sociaal Economische Score De functiemengingsindex werkloosheid jongeren (evt per opleidingsniveau) gestarte vestigingen (start-ups)

COROP cijfers. De COROP regio Zuidoost Zuid-Holland bestaat naast de zeven Drechtsteden en Gorinchem ook uit de gemeente Molenlanden. We adviseren om de cijfers op geheel COROP niveau te gebruiken voor de nulmeting en daarmee ook de volgende metingen. Daarmee blijven de cijfers namelijk het best vergelijkbaar met de cijfers die door het CBS worden gepubliceerd in de monitor Brede Welvaart. Dit is verantwoord omdat de bevolking van de regio's Drechtsteden en Gorinchem 88,2% uitmaakt van de COROP regio en Molenlanden 11,8%. In bijlage 2 hebben we het effect van Molenlanden op de indicatorcijfers uitgerekend. De indicatoren die niet opgenomen zijn in de monitor Brede Welvaart van het CBS zijn wel alleen voor het Drechtsteden-Gorinchem deel van de COROP regio berekend.

4

Positie van de regio

De vergelijking met Nederland en de positie ten opzichte van andere regio's bevestigen het beeld van een over het algemeen gemiddelde regio, waar inwoners gemiddeld tevreden zijn met het leven dan gemiddeld. Er zijn meer aandachtspunten dan positieve sterke punten. Een aandachtspunt is er wanneer de regio een positie 25 of hoger inneemt van de 40 COROP gebieden. -relatief laag aandeel hoogopgeleide bevolking -ontevredenheid over reistijd van en naar werk -arbeidsparticipatie vrouwen iets lager dan gemiddeld -relatief wat meer mensen met overgewicht (+ iets lager aandeel dat ervaren gezondheid goed vindt) -relatief weinig groen-blauwe ruimte per inwoner in vergelijking met andere regio's -in vergelijking met andere regio's iets minder tevreden over woonomgeving Daartegenover staan (positie 15 of lager t.o.v. de 40 COROP gebieden): -in vergelijking met andere regio's hoge tevredenheid met het leven -hoger inkomen dan gemiddeld -relatief hoge tevredenheid over woningen -minder CO2 emissie dan gemiddeld In paragraaf 5 bespreken we deze aandachtspunten tegen het licht van de Regiodeal.

5

Tabel 2 De score op Brede Welvaartsindicatoren COROP t.o.v. andere regio's en Nederland Onderwerp Indicator Regio Regio Positie Ned 2020 2021 2021 2021 Welzijn a. Tevredenheid met het leven 86,7 86,6 10 87,3 (2020) (jaarlijks) Materiële b. Inkomen dat mensen te 26.100 26.500 14 25.900 welvaart besteden hebben in een jaar (‘mediaan besteedbaar inkomen’) (2019) (jaarlijks) Sociaal Economische Score nvt (2020) (jaarlijks) 9,54 9,54 9,17 % werkloosheid+% arbeidsongeschikten per 100 8,0 8,0 8,5 % laag inkomen (tot 105% Soc minimum), 85,1 85,1 88,5 % netto participatiegraad vrouwen d. Ervaren gezondheid (2020) 76,3 78,6 25 79,1 (eenmaal per 2 jaar) e. Overgewicht (2020) (hoe 51,1 53,1 33 49,4 hoger, hoe slechter) (eenmaal per 2 jaar) Arbeid en f. (Langdurige) werkloosheid 3,3 3,7 24 3,8 vrije tijd (2020) (jaarlijks) Werkloosheid jongeren 9,1 8,8 nvt 9,3 (jaarlijks) g. Netto arbeidsparticipatie 69,3 68,7 17 68,4 (2020) (jaarlijks) Functiemengingsindex (aantal 51,8 51,8 nvt 52,5 banen tov woningen) (2020) (jaarlijks) Aantal start ups (jaarlijks) 4.299 4.897 nvt Per 10.000 inw 29,6 32,0 37,7 h. Hoogopgeleide bevolking 27,4 28,9 26 34,2 (2020) (jaarlijks) i. Tevredenheid met reistijd naar 80,8 82,8 33 84,3 werk (2020) (jaarlijks) Wonen j.

Tevredenheid met woningen 86,9 86,9 13 84,6 (2018) (eenmaal per 3 jaar) Tevredenheid met 83,5 83,5 28 83,3 woonomgeving (2018) (eenmaal per 3 jaar) Milieu k. groen-blauwe ruimte in m2 315,9 33 per inwoner, exclusief reguliere landbouw (2020) (jaarlijks) m. Stedelijke blootstelling aan fijnstof (jaarlijks) Natuurlijk p. Cumulatieve CO2-emissies in 8 6,3 7 kapitaal ton (2019) (jaarlijks) Positie: hoe lager, hoe beter, t.o.v.in totaal 40 regio's. Twee negatieve zijn rood gekleurd Cijfers zijn inclusief Molenlanden (maakt 11,8% uit van het totaal)

Ontwikkeling In de afgelopen jaren (2013-2020) was er een verbetering te zien bij 8 indicatoren, met name op gebied van materiële welvaart en arbeid (en vrijetijd). De tevredenheid met de woning nam iets af (maar blijft relatief hoog, in vergelijking met andere regio's). Ten opzichte van de eerste Monitor Brede Welvaart (eind 2020) zijn enkele indicatoren verbeterd, maar is er ook bij enkele indicatoren iets verslechterd. De scores van 2020 staan in de derde kolom van tabel 2; die van 2021 in de vierde kolom. De Brede Welvaartsindicatoren hebben juist deze signaalfunctie. Verbetering was te zien met betrekking tot ervaren gezondheid, aandeel hoogopgeleide bevolking, tevredenheid met reistijd en cumulatieve CO2 emissies. Verslechtering trad op voor wat betreft overgewicht en in enige mate langdurige werkloosheid. Voor de twee meest negatieve indicatoren (tevredenheid over de reistijd van en overgewicht) zijn in bijlage 5 de gegevens van alle regio's getoond, zodat we deze wat meer in perspectief kunnen zien. 6

Bron: website Brede Welvaartsindicatoren

5

De aandachtspunten van de regio

-ontevredenheid over reistijd van en naar werk -relatief laag aandeel hoogopgeleide bevolking Samenhang met economisch profiel en pendel Deze twee aandachtspunten hangen samen met het economisch profiel van de regio, dat bestaat uit relatief veel werkgelegenheid in de traditionele sectoren: in de industrie, bouwnijverheid, handel en vervoer en opslag, maar minder in de zakelijke dienstverlening of overheid en cultuur, sport en recreatie. De banen in deze sectoren (relatief veel voor hoogopgeleiden) bevinden zich in de regio's Rotterdam, Den Haag, Utrecht, Amsterdam of Den Bosch/Eindhoven, zodat er sprake is van relatief veel uitgaande pendel. Wel wordt naar de toekomst een toenemende vraag vanuit de industrie, bouwnijverheid en handel verwacht naar middelbaar en hoger opgeleid personeel. Door toename van het aantal banen in de regio kan ook de uitgaande pendel afnemen (en de inkomende pendel toenemen) en daarmee de ontevredenheid over reistijd van en naar werk afnemen. Samenhang met bereikbaarheid Daarnaast is aandacht voor verbetering van de bereikbaarheid (zoals recent de gedeeltelijke verbreding van de A15) en stimuleren van het openbaar vervoer (zoals over water) en fietsverkeer met name voor intraregionaal verkeer gewenst.

Samenhang met woningmarkt/woonomgeving Niet alle hoogopgeleiden zoeken/vinden een geschikte woning in de regio, zodat er ook van jaar op jaar een klein vertrekoverschot is van hogere inkomens. -arbeidsparticipatie vrouwen iets lager dan gemiddeld Samenhang met economisch profiel In de traditionele sectoren industrie, bouwnijverheid, handel en verkeer en vervoer, die in de regio oververtegenwoordigd is, werken van oudsher minder vrouwen dan in de zakelijke en overheidssector en de sector cultuur, sport en recreatie die in de regio ondervertegenwoordigd zijn. Daarnaast is de arbeidsparticipatie van vrouwen in de christelijke gemeenschap lager dan gemiddeld. -relatief weinig groen-blauwe ruimte per inwoner -relatief wat meer mensen met overgewicht -iets minder tevreden over woonomgeving 7

Samenhang gezonde leefomgeving Er is verband tussen de (meer of minder groene) omgeving en (meer) bewegen. En er is verband tussen (meer) bewegen en fysieke gezondheid en tussen (meer) bewegen en mentale gezondheid.1 Het gaat dan niet alleen om bereikbare grootschalige natuur- en bosgebieden, maar vooral ook om het groen vlakbij huis. De omvorming van de landbouwpolder aan de zuidkant van Dordrecht tot een waterrijk natuur en recreatiegebied (de Nieuwe Dordtse Biesbosch) is een voorbeeld waarvan een positieve ontwikkeling voor biodiversiteit en beweging kan uitgaan. In vergelijking met andere regio's is het aantal m2 groen-blauw per inwoner wat benedengemiddeld. Daarbij dient vermeld te worden dat er vrij grote groene gebieden nabij de regio gelegen zijn, zoals de Alblasserwaard, Hoeksche Waard vanuit Drechtsteden en het rivierengebied langs de Linge vanuit Gorinchem. Naast (enige uitbreiding) wordt ook ingezet op het gebruik en betere benutting van de groenblauwe ruimte bij diverse projecten uit de Regiodeal. Samenhang industrie en verstedelijking De ontevredenheid over de woonomgeving is in vergelijking met Nederland nauwelijks lager dan gemiddeld, maar in vergelijking met andere regio's heeft de COROP DrechtstedenGorinchem wel de positie 28.

Dit hangt samen met de ligging nabij de Randstad en het verstedelijkt karakter van het gebied (weinig beïnvloedbaar) en de industrie die door verkeer, productie of uitstoot (enige) overlast kan veroorzaken.

drs J.M.A. Schalk november 2021 Postbus 619 3300 AP Dordrecht (078) 770 39 05 ocd@drechtsteden.nl www.onderzoekcentrumdrechtsteden.nl

1 https://www.volksgezondheidenzorg.info/onderwerp/bewegen/cijfers-context/oorzaken-

en-gevolgen#node-positieve-gezondheidseffecten-van-bewegen 8

Bijlagen Bijlage 1 Bijdrage van projecten in de drie pijlers aan de Brede Welvaartsindicatoren (halverwege 2020) Onderwerp Indicator Welzijn Materiële welvaart

Gezondheid Arbeid en vrije tijd

Wonen Milieu

Economisch kapitaal Natuurlijk kapitaal Aantal

a. Ervaren regie over het eigen leven b. Inkomen dat mensen te besteden hebben in een jaar (‘mediaan besteedbaar inkomen’) c. Goederen en diensten die mensen met hun inkomen kunnen aanschaffen (‘individuele consumptie’) d. Gezonde levensverwachting e. Afwezigheid van overgewicht f. Langdurige werkloosheid g. Netto arbeidsparticipatie h. Hoogopgeleide bevolking i. Tijdverlies door files en vertraging j. Kwaliteit van woningen k. Percentage bos en natuurgebied l. Biodiversiteit m. Stedelijke blootstelling aan fijnstof n. Machines, werktuigen en ICT

Human Capital X X

Innovatie

X

X

X

X

Oevers

X

X X X X

X X

X X X X X X

X

o. Kenniskapitaalgoederenvoorraad p. Cumulatieve CO2-emissies 7

9

X X

X

8

8

Bijlage 2 Scores Molenlanden t.o.v. COROP (oude versie) Onderwerp Indicator COROP Welzijn a. Tevredenheid met het leven 86,7 (2019) Materiële b. Inkomen dat mensen te 26.100 welvaart besteden hebben in een jaar (‘mediaan besteedbaar inkomen’) (2018) Sociaal Economische Score % werkloosheid+% 9,54 arbeidsongeschikten per 100 % laag inkomen (tot 105% Soc 8,0 minimum), % netto participatiegraad 85,1 vrouwen d. Ervaren gezondheid (2016) 76,3

Arbeid en vrije tijd

Wonen

Milieu

Molenlanden 93,8

COROP85,7

28.100

25.900

75,6

68,7

e. Overgewicht (2016) (hoe hoger, hoe slechter)

51,1

f. (Langdurige) werkloosheid (2019)

3,3

82,6W 78,7G 81,3 56,2W 51,7G 54,7 2,4

g. Netto arbeidsparticipatie (2019) Functiemengingsindex (aantal banen tov woningen) h. Hoogopgeleide bevolking (2019) i. Tevredenheid met reistijd naar werk (2019) j. Tevredenheid met woningen (2018) Tevredenheid met woonomgeving (2018) k. Percentage bos en natuurgebied 2015)

69,3

71,9

51,8

nvt

27,4

23,8

27,9

2,5W 0,6G 1,9 41.700

6,3

50,6

3,4

80,8 86,9 83,5 5,8

m. Stedelijke blootstelling aan fijnstof Natuurlijk p. Cumulatieve CO2-emissies 8 10,6 7,7 kapitaal (2018) De gemeenten Molenwaard en Giessenlanden fuseerden per 1-1-2019 tot Molenlanden. Voorheen was een derde Giessenlanden en tweederde Molenwaard Molenlanden maakt per 1-1-2021 qua bevolking 11,8% uit van de totale regio Corop. Bijv. cumulatieve CO2 emissie zou zonder Molenlanden 7,7 zijn i.p.v. nu 8.

10

Bijlage 3 Economisch profiel (aantal vestigingen per bedrijfstak) (2021) A Landbouw, bosbouw en visserij B Delfstoffenwinning C Industrie 10 Voedingsmiddelenindustrie 14 Kledingindustrie 20 Chemische industrie D Energievoorziening E Waterbedrijven en afvalbeheer 36 Waterleidingbedrijven 38 Afvalbehandeling en recycling F Bouwnijverheid 41 Algemene bouw en projectontwikkeling 42 Grond-, water- en wegenbouw G Handel 46 Groothandel en handelsbemiddeling 47 Detailhandel (niet in auto's) H Vervoer en opslag 49 Vervoer over land 52 Opslag, dienstverlening voor vervoer I Horeca 55 Logiesverstrekking 56 Eet- en drinkgelegenheden J Informatie en communicatie 58 Uitgeverijen 62 IT-dienstverlening K Financiële dienstverlening 64 Bankwezen 65 Verzekeraars en pensioenfondsen L Verhuur en handel van onroerend goed M Specialistische zakelijke diensten 69 Juridische diensten en administratie 70 Holdings en managementadviesbureaus 73 Reclamewezen en marktonderzoek N Verhuur en overige zakelijke diensten 78 Uitzendbureaus en arbeidsbemiddeling 79 Reisbureaus, reisorganisatie en -info 81 Schoonmaakbedrijven, hoveniers e.d. R Cultuur, sport en recreatie S Overige dienstverlening 95 Reparatie van consumentenartikelen U Extraterritoriale organisaties Totaal

695 20 1730 135 25 20 15 60 0 30 5230 1840 310 5955 1935 3300 1865 515 425 955 85 870 1555 65 1125 3080 2740 10 760 6425 1015 2335 460 1805 365 100 670 1475 2255 175 0 52430

1,3% 0,0% 3,3% 0,3% 0,0% 0,0% 0,0% 0,1% 0,0% 0,1% 10,0% 3,5% 0,6% 11,4% 3,7% 6,3% 3,6% 1,0% 0,8% 1,8% 0,2% 1,7% 3,0% 0,1% 2,1% 5,9% 5,2% 0,0% 1,4% 12,3% 1,9% 4,5% 0,9% 3,4% 0,7% 0,2% 1,3% 2,8% 4,3% 0,3% 0,0% 100,0%

2,8% 0,0% 2,7% 0,3% 0,1% 0,0% 0,1% 0,1% 0,0% 0,1% 7,6% 3,2% 0,4% 10,6% 3,1% 6,1% 2,0% 1,0% 0,4% 2,6% 0,4% 2,2% 3,7% 0,1% 2,5% 5,0% 4,4% 0,0% 1,2% 14,1% 2,0% 5,5% 1,2% 3,3% 0,6% 0,2% 1,2% 4,4% 4,2% 0,4% 0,0% 100,0%

Bron: CBS N.b.: dit is inclusief eenmanszaken/zzp-ers

Vestiging: Elke afzonderlijk gelegen ruimte, terrein of complex van ruimten of terreinen, benut door een bedrijf voor uitoefening van de activiteiten. Ieder bedrijf bestaat uit tenminste één vestiging. Meerdere locaties van een bedrijf binnen één postcodegebied worden als één vestiging beschouwd.

11

Bijlage 4: Definities indicatoren nulmeting (Bron CBS, https://dashboards.cbs.nl/rmbw/regionalemonitorbredewelvaart/ a. Deel van de mensen van 18 jaar of ouder dat een score van 7 tot en met 10 geeft als antwoord op de vraag ‘Kunt u op een schaal van 1 tot en met 10 aangeven in welke mate u tevreden bent met het leven dat u nu leidt. Een 1 staat voor volledig ontevreden en 10 voor volledig tevreden?’. Een score van 7 tot en met 10 wordt geclassificeerd als tevreden. b. Het mediaan gestandaardiseerd besteedbaar inkomen per huishouden, in euro. Bij de berekening wordt gecorrigeerd voor verschillen in grootte en samenstelling van huishoudens. De mediaan is het middelste getal wanneer alle inkomens van laag naar hoog worden gesorteerd. c. Nog niet opgenomen in Brede Welvaart d. Percentage personen van 19 jaar en ouder met antwoordcategorie 'goed' of 'zeer goed' naar de vraag algemene gezondheidstoestand. e. Overgewicht: Percentage personen van 19 jaar en ouder met een BMI van 25,0 kg/m2 en hoger. Cijfers over lichaamsgewicht zijn gebaseerd op zelf gerapporteerde waarden. De Body Mass Index (BMI) is een maat voor overgewicht, berekend als het quotiënt van het gewicht in kilogram en het kwadraat van de lengte in meters (kg/m2). f. De werkloze beroepsbevolking als percentage van de (werkzame en werkloze) beroepsbevolking.

Personen van 15 t/m 74 jaar zonder betaald werk, die recent naar werk hebben gezocht en daarvoor direct beschikbaar zijn. g. Netto arbeidsparticipatie: Het aandeel van de werkzame beroepsbevolking 15 t/m 74 jaar in de bevolking van dezelfde leeftijdsgroep (beroeps- en niet-beroepsbevolking). h. Hoogopgeleide bevolking: Percentage van de bevolking van 15 t/m 74 jaar dat hoger onderwijs heeft afgerond (op het niveau van HBO of WO) i. Deel van de mensen van 18 tot 75 jaar met een betaalde baan van minimaal 12 uur per week dat een score van 7 tot en met 10 geeft als antwoord op de vraag ‘Kunt u op een schaal van 1 tot en met 10 aangeven in welke mate u tevreden bent met de reistijd van en naar uw werk. Een 1 staat voor volledig ontevreden en 10 voor volledig tevreden?’. Een score van 7 tot en met 10 wordt geclassificeerd als tevreden. j. Tevredenheid met woning: Het percentage particuliere huishoudens dat zeer tevreden of tevreden is met de huidige woning. Particulier huishouden: één of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf, dus nietbedrijfsmatig, voorzien in de dagelijkse levensbehoeften. De woonruimte wordt niet gedeeld met andere huishoudens. Cijfers per gemeente zijn alleen beschikbaar voor gemeenten met meer dan 100.000 inwoners (in 2018). k. Groen-blauwe ruimte, exclusief reguliere landbouw in m2 per inwoner.

Dit areaal per inwoner omvat groene en/of natuurlijke gebieden in zowel stad als platteland, exclusief de reguliere landbouw en met uitzondering van de Noordzee. Hieronder vallen o.a. stedelijk groen, kleine en grote wateren, landelijk groen zoals bermen, heggen en bomenrijen, bossen en natuurgebieden en gebieden onder agrarisch natuurbeheer. Reguliere landbouw: landbouw zonder natuurbeheer. De reguliere landbouw en de Noordzee zijn in deze indicator niet meegenomen omdat ze vanwege hun omvang de ontwikkelingen in kleinere landschapseenheden compleet zouden overschaduwen. Uitgesloten zijn ook private tuinen en groene daken: hierover zijn onvoldoende data beschikbaar. Deze indicator is ontwikkeld binnen het Natuurlijk Kapitaalrekeningen project en is nog in ontwikkeling. l. Biodiversiteit Nog niet bekend. m. Jaarlijkse gemiddelde fijnstof emissie naar lucht. Fijnere fractie van fijnstof bestaat uit deeltjes waarvan de diameter kleiner is dan 2,5 micrometer. Nog niet bekend op n. Voorraden machines Nog niet bekend o. Kenniskapitaalgoederenvoorraad Nog niet bekend p. Totale broeikasgasemissies (CO2, CH4, N2O, HFK, PFK en SF6) in CO2-equivalenten per inwoner. Eén kg CO2-equivalent staat gelijk aan het effect dat de uitstoot van 1 kg kooldioxide (CO2) heeft. Data betreffen de uitstoot op Nederlands grondgebied, ongeacht of deze wordt veroorzaakt door Nederlandse ingezetenen.

Dit betekent dat uitstoot door Nederlandse ingezetenen in het buitenland niet en uitstoot door niet-ingezetenen in Nederland wel is inbegrepen. Zie: https://www.cbs.nl/nl-nl/dossier/dossier-broeikasgassen/hoofdcategorieen/waar-worden-broeikasgassen-uitgestoten-

Bijlage 5: Vergelijking aandachtspunten met andere regio's in Nederland

12

Industrieweg 11 3361 HJ Sliedrecht

Postbus 619 3300 AP Dordrecht

Telefoon

www.onderzoekcentrumdrechtsteden.nl

078 – 770 3905

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/539/documents/19568