CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 Rapport Drijver en Partners VHP beleid Dordrecht.pdf

Dordtse Dinsdag – Beeld- en oordeelsvormende commissies 18 april 2023, gemeente DordrechtBij agendapunt: 6: Vaststellen en beschikbaar stellen van een krediet Sportvisie 2030 - Niemand buitenspel in Dordrecht - Raadsvoorstel13.611 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Verenigingshallen Dordrecht Concept-beleidskader

Datum 26 juli 2022

Referentie 2116RV

In opdracht van gemeente Dordrecht

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

Inhoudsopgave 1

2

Inleiding

2

1.1 1.2 1.3

2 3 4

Wat is de aanleiding? Proces Leeswijzer

Behoefte aan 7 verenigingshallen

5

2.1 2.2 2.3 2.4 2.5

5 5 6 9 9

Algemeen Bezetting binnensport Toekomstige ontwikkelingen Omvang zaal en aantal zalen Samenvattend

3

Huidige bijdrage gemeente

11

4

Mogelijkheden beheervorm

14

4.1 4.2 4.3 4.4

14 14 15 16

5

Inleiding Lagere exploitatielasten bij VHP Keerzijde VHP en voorkeur exploitatie en beheer Fiscale ontwikkelingen

Voorstel toekomstig beleid

18

5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6

Inleiding: onderscheid visie en uitwerking Visie verenigingshallen (VHP-beleid) Uitwerkingsaspecten: hoogte bijdrage en gemeenteavonden Overige uitwerkingsaspecten Hoe verder Het grotere plaatje

18 18 20 24 27 28

Subsidie versus overeenkomst

29

Bijlage 1

gemeente Dordrecht | Verenigingshallen Dordrecht

1 / 31

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

1

Inleiding

1.1

Wat is de aanleiding?

Het Verenigingshallenplan (in het vervolg VHP genoemd) is begin jaren '90 in Dordrecht ontstaan om de behoefte aan sporthallen in de gemeente Dordrecht te accommoderen. De huidige 7 verenigingshallen zijn gerealiseerd tussen 1992 en 2011. Van de vijf hallen zijn er drie verbonden aan de korfbalverenigingen DeetosSnel, Oranje Wit en Sporting Delta. Een hal is gelieerd aan de volleybalvereniging NextVolley Dordrecht en de Reeweghal is een indoor atletiekhal gelieerd aan Fortius. De gemeente heeft voor de realisatie van de hallen telkens een borgstelling verleend waarbij de aflossing van de lening op 30 jaar is bepaald. In 2023 verloopt de eerste VHP-overeenkomst (hal 1 van Stichting Oranje Wit Hal). In 2019 heeft de gemeente daarom een evaluatie laten uitvoeren naar het VHP om te kijken naar toekomstig gemeentelijk beleid ten aanzien van de VHP-hallen. Ter voorbereiding op het nieuwe beleid heeft de gemeenteraad de volgende 7 uitgangspunten vastgesteld. 1. Het aanbod sporthallen is passend voor Dordrecht (beperken overcapaciteit). In de huidige situatie zijn er diverse sporthallen met een te lage bezetting en dat maakt de exploitatie op lange termijn kwetsbaar. Dit uitgangspunt geldt voor nieuwe overeenkomsten, dus naar de toekomst. 2. Een sporthal heeft een functie voor onderwijs en verenigingssport (dubbelgebruik) Dit uitgangspunt sluit aan bij het vorige uitgangspunt.

Een sporthal zonder onderwijsgebruik of met een beperkt onderwijsgebruik, heeft per definitie een lage bezetting en de exploitatie op lange termijn wordt dan kwetsbaar. Ook dit uitgangspunt geldt voor nieuwe overeenkomsten. 3. VHP betekent een aantoonbare inzet van vrijwilligersuren en/of een financiële bijdrage van de vereniging Het kunnen beschikken over een eigen sporthal is voor een vereniging heel gunstig. Maar eigendom schept ook verplichtingen. Stichtingen en verenigingen moeten transparant zijn over de inzet van vrijwilligers, over het eigen gebruik en de huurvergoeding. 4. VHP gaat samen met een realistisch meerjarenonderhoudsplan en een sluitende meerjaren-exploitatieopzet Alle VHP-hallen moeten beschikken over een actueel en realistisch meerjarenonderhoudsplan (MJOP) en een sluitende meerjaren-exploitatieopzet (periode 2021-2030). Bij de exploitatieopzet vragen we ook om een risicoparagraaf op te nemen en hoe de stichting deze risico’s inschat en denkt te beheersen. 5. We willen eenduidig beleid in exploitatiebijdragen. Dat houdt in dat de gemeentelijke bijdrage wordt vastgesteld op basis van eenduidige criteria. 6. Varianten om exploitatie en beheer anders te organiseren We willen zien wat het effect is als we onderdelen van exploitatie en beheer anders organiseren (door of namens gemeente of namens verenigingen/stichtingen) 7.

Rekening houdend met wensen verenigingen/stichtingen (voor zover mogelijk). Bij het opstellen van het nieuwe beleid wordt rekening gehouden met de wensen/meningen van de betrokken verenigingen/stichtingen.

gemeente Dordrecht | Verenigingshallen Dordrecht

2 / 31

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

8e uitgangspunt: relatie VHP-Programma Sportparken Binnen de gemeente Dordrecht is beleid in ontwikkeling voor sportparken: het Programma Sportparken. Op 21 december 2021 heeft de gemeenteraad het Programma Sportparken 2022-2030 behandeld. Bij de behandeling is een amendement ingediend (A1A d.d. 21-12-2021). Het amendement bevat diverse voorstellen, waarvan één voorstel specifiek aandacht vraagt voor de relatie tussen het Programma Sportparken en het Verenigingshallenplan. Amendement 1h: Verbindt het programma sportparken en het verenigingshallenplan. Dat moet integraler. De verenigingshallen liggen immers op de sportparken en zijn als accommodatie in gebruik bij dezelfde gebruikers. Het zorgen voor de verbinding tussen het Programma Sportparken en het VHP geldt twee kanten op en we nemen dit mee als 8e uitgangspunt voor het nieuwe beleidskader voor de Dordtse verenigingshallen.

1.2

Proces

In de eerste helft van 2021 zijn de kaders voor het nieuwe beleid ontwikkeld. Op 18 mei 2021 heeft een verkenning plaatsgevonden met de Commissie Sociale Leefomgeving van de gemeenteraad en op 16 juni 2021 volgde een technische sessie met dezelfde commissie. Vragen van raadsleden zijn beantwoord via een informatienota. Op 13 juli 2021 heeft de gemeenteraad de Startnotitie Toekomst Verenigingshallenplan (VHP) 2.0 vastgesteld (2021-0087760). Na de zomer hebben gesprekken plaatsgevonden met de vijf stichtingen en moederverenigingen. Dat gebeurde op locatie bij de verenigingshallen. In deze gesprekken is ingegaan op de uitgangspunten die de gemeenteraad heeft vastgesteld en op aandachtspunten die de stichtingen willen meegeven voor het toekomstige beleidskader. Intern is ambtelijk diverse malen afstemming geweest met onderwijshuisvesting, met juridische zaken en met vertegenwoordigers van vastgoed (onderhoud gebouwen). Met de Stichting CKV Oranje Wit Hal is diverse keren afstemming geweest, omdat de stichting bezig is met de ontwikkeling van een verbouwplan. Omdat er vertraging was bij het ontwikkelen van de plannen voor Oranje-Wit, hebben we deze niet kunnen verwerken in dit beleidskader. Ook hebben we diverse malen afstemming gehad met CIOS Zuidwest Nederland, omdat zij meer uren sporthal willen gebruiken in Dordrecht. Een eerste versie van het concept beleidskader is d.d.

9 maart 2022 besproken met de stichtingen en verenigingen en dat heeft geleid tot het huidige concept beleidskader.

gemeente Dordrecht | Verenigingshallen Dordrecht

3 / 31

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

1.3

Leeswijzer

De eerste twee uitgangspunten die de gemeenteraad als kaders heeft meegeven, hebben betrekking op de behoefte aan sporthallen en het gebruik door sportverenigingen én onderwijs. In hoofdstuk 2 gaan we allereerst in op de behoefte en het gebruik van de hallen. We betrekken daarbij ook de andere binnensportaccommodaties in de gemeente Dordrecht en we kijken naar de toekomstige behoefte. In hoofdstuk 3 gaan we in op de huidige gemeentelijke bijdrage aan de vijf stichtingen. We geven daarbij ook een verklaring (motivatie) van de verschillen in bijdrage. Hoofdstuk 3 behandelt tevens de exploitatie (kosten en baten) bij de vijf stichtingen, het aantal leden en spelende leden, de oppervlakte van de zaal en de oppervlakte van het gebouw. De financiële gegevens van de stichtingen zijn vertrouwelijk en als vertrouwelijke bijlage opgenomen. In hoofdstuk 4 staat de beheervorm centraal. Hoofdstuk 5 besluit met voorstellen voor nieuw VHP beleid en uitgangspunten voor de gemeentelijke bijdrage.

gemeente Dordrecht | Verenigingshallen Dordrecht

4 / 31

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

2

Behoefte aan 7 verenigingshallen

2.1

Algemeen

Een van de uitgangspunten voor (nieuw) beleid voor verenigingshallen is dat het aanbod sporthallen passend is voor de behoefte van de stad. Dat betekent dat we naar de bezetting kijken van de 7 verenigingshallen, maar ook naar de bezetting van de gymzalen, de spelzalen en de sporthal van de Sportboulevard.

2.2

Bezetting binnensport

Verenigingshallen Door Covid-19 zijn de jaren 2020 en 2021 niet representatief voor het gebruik. In grote lijnen wijkt het gebruik (buiten Covid-19) niet af van de situatie zoals beschreven in het rapport Toekomst Verenigingshallen Dordrecht (2019). Tabel 2.1

Gebruik van de verenigingshallen 2018-2019 totaal

Stichting Overdekte Accommodatie Reeweghal Stichting CKV Oranje Wit Hal1 Stichting CKV Oranje Wit Hal2 Stichting CKV Oranje Wit beide hallen Stichting De Dijk Stichting Vorrinklaan hal1 Stichting Vorrinklaan hal2 Stichting Deltahal Totaal

2356 1729 1740 3470 1333 1736 1736 2532 13163

moedervereniging 392 669 375 1045 973 641 641 888 4580

onderwijs

overig

1145 838 869 1707 73 615 615 1320 5475

819 222 496 718 287 480 480 324 3827

Een sporthal of sportzaal kent wat betreft gebruik een maximumbezetting van ongeveer 3.000 uur per jaar. Een sporthal met meer dan 3.000 uur bezetting komt sporadisch voor. Onder de 2.000 uur heeft een sporthal een matige bezetting. Het gebruik van de Reeweghal en de Deltahal is redelijk tot goed, door het onderwijsgebruik en overig gebruik (andere sportverenigingen). Het gebruik van de overige verenigingshallen in Dordrecht is matig wat betreft het jaarrond gebruik. Maar het zou echter onjuist zijn om op grond van de gemiddeld lagere bezetting de conclusie te trekken dat er momenteel te veel verenigingshallen zijn. Van de 7 verenigingshallen zijn er 5 bestemd voor korfbal, 1 voor (indoor) atletiek en 1 voor volleybal. Korfbal is een tak van sport met een veld- en zaalseizoen. De hallen zijn absoluut nodig om de behoefte in het zaalseizoen (oktober-maart) te voorzien. Voor de Reeweghal geldt in feite hetzelfde, want ook hier geldt dat de atletiek in het koudere seizoen de indoor hal gebruikt. Sporting Delta (Deltahal) en Next Volley (De Dijk) kunnen hun behoefte niet volledig accommoderen in hun eigen hal en maken ook gebruik van externe locaties (o.a. spelzaal Palet en spelzaal Sportplus+).

gemeente Dordrecht | Verenigingshallen Dordrecht

5 / 31

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

Sportboulevard De sporthal van de Sportboulevard wordt goed gebruikt. Overdag van maandag tot en met vrijdag gebruikt Stedelijk Dalton Lyceum Overkampweg de hal voor bewegingsonderwijs (van 9.00 uur tot 16 uur). In de namiddag, avond en zaterdags is de hal vooral in gebruik door DBV Rowic (basketbal) en DVO gymnastiek (ook in combinatie met de turnhal). Op weekbasis lag de bezetting begin september op 75% en dat is redelijk tot goed. Spelzalen gemeente De gemeente beschikt over 5 spelzalen. Spelzalen (of sportzalen) zijn een tussenmaat tussen een sporthal en een gymzaal. De Dordtse spelzalen hebben een afmeting van 28x22 meter. Voor volleybal biedt dat 2 velden. Voor korfbal ontbreekt een volledig 20x40 veld, maar een spelzaal is wel geschikt voor jeugdkorfbal (24x12 meter in plaats van 20x40) en voor bepaalde trainingsvormen. Tabel 2.2

spelzaal Palet (1/2 of gehele zaal) spelzaal Koloriet (1/2 of gehele zaal) spelzaal Sport+ (spelzaal 5-7) spelzaal Sport+ (spelzaal 6-8) spelzaal Prof. Waterinklaan (gehele zaal)

adres Dudokplein 210 Jacob Marisstraat 80 Maria Montessorilaan 3 Maria Montessorilaan 3 Prof. Waterinklaan 43A

bouwjaar 1999/2000 2007 2010 2010 2010

eigendom/beheer derden gemeente gemeente gemeente gemeente

De spelzalen worden vooral gebruikt voor het bewegingsonderwijs. Verenigingen gebruiken de spelzalen wel ’s avonds, maar zeker niet volledig. Sport+ en de Prof. Waterinklaan worden in het weekend niet verhuurd (dan zou er een beheerder op moeten en dat wordt te kostbaar). De lage bezetting van de spelzalen Prof. Waterinklaan en Palet B bleek ook al uit Integraal Huisvestingsplan Gymzalen van maart 2020. Tabel 2.3

Bezetting spelzalen winterseizoen 2019 (100%=88,5 uur/week gebruik)

Koloriet Palet A Palet B Waterinklaan A Waterinklaan B Sport+ 5-7 Sport+ 6-8

2.3

45% 47% 19% 25% 12% 59% 48%

Toekomstige ontwikkelingen

Insula College Halmaheiraplein Het Insula College Halmaheiraplein is voornemens om na renovatie 3 van de 4 beschikbare zaaldelen in de Oranje Wit hallen voor bewegingsonderwijs te gaan gebruiken. Het Insula College gebruikt nu al beide hallen voor haar volledige LO programma maar 3 van de 4 zaaldelen betekent een verbetering van de bezetting overdag voor Oranje Wit in de toekomst. Zoals in inleiding al aangegeven kon Drijver en Partners nog niet beschikken over de plannen van de stichting, laat staan dat daar besluitvorming in de gemeente over heeft plaatsgevonden.

gemeente Dordrecht | Verenigingshallen Dordrecht

6 / 31

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

CIOS- Zuidwest-Nederland Het CIOS Zuidwest-Nederland heeft vestigingen in Goes, Roosendaal en Dordrecht en biedt sportopleidingen op MBO-niveau 2, 3 en 4. Dordrecht is een locatie waar CIOS Zuidwest Nederland uitbreiding zoekt. Momenteel maakt CIOS gebruik van onder meer Sportboulevard (zwembad, ijshal, turnhal) en spelzalen. Het CIOS huurt vanaf dit jaar ook sporthal De Dijk voor 2 dagen (2x6 uur) van de stichting en de businessruimte van de vereniging voor theorieles. Voor sporthal De Dijk is dat een positieve ontwikkeling want sporthal De Dijk was de enige hal zonder onderwijsgebruik. CIOS Zuidwest-Nederland, Stichting De Dijk en de gemeente zijn in overleg om sporthal De Dijk qua inrichting beter geoutilleerd te maken voor gebruik door het CIOS. Denk daarbij aan meer bergruimte, ruimte voor theorielessen, een leslokaal voor theorie, vloerpotten om toestellen te verankeren, toestellen voor gym et cetera. Op termijn (circa 7 jaar) wil CIOS Zuidwest Nederland een eigen accommodatie in Dordrecht (voorkeur bij het Leerpark). Tot die tijd kan sporthal De Dijk voor 3e jaars studenten een locatie zijn om de accommodatiebehoefte van het CIOS in te vullen. Het gebruik van sporthal De Dijk door CIOS Zuidwest-Nederland is dus geen permanente oplossing voor de leegstand van sporthal De Dijk overdag.

DMHC en zaalhockey Zaalhockey wordt gespeeld vanaf half december tot half februari en stimuleert de technische ontwikkeling van spelers. Hockeyclub DMHC heeft de ambitie een eigen blaashal te realiseren voor zaalhockey. Nu gebruikt de vereniging nog diverse binnensportaccommodaties waaronder diverse verenigingshallen. Bij een eigen blaashal betekent dat in de bestaande accommodaties uren wegvallen. Volgens de stichtingen gaat het bij 4 VHP-hallen om circa € 32.500 op jaarbasis. De exploitaties van de stichtingen is niet zodanig dat ze dat kunnen opvangen en andere gebruikers voor die uren zijn er niet. SO De Atlas Deze school voor speciaal basisonderwijs is nu gehuisvest op een tijdelijke locatie in Stadspolders. Nieuwbouw is voorzien rond 2025. Deze school heeft 150 leerlingen (12 groepen) en heeft recht op 27 gymuren. Er is nu sprake van veel haal- en brengverkeer met busjes. De locatie sportpark Schenkeldijk lijkt aantrekkelijk als nieuwbouwlocatie: een rustige omgeving (weinig prikkels) en goede mogelijkheden om busjesverkeer af te handelen. Met 27 lesuren zou 1 gymzaal (1 zaaldeel van de sporthal De Dijk) volledig gevuld kunnen worden. Insula College Koningstraat De Mavo locatie van het Insula College heeft circa 1.000 leerlingen en 82 gymuren per week. Het gebouw uit de jaren 70 is aan vervanging toe.

De mogelijkheden worden momenteel onderzocht en de verwachting is dat nieuwbouw speelt omstreeks 2027-20301. De huidige locatie is ideaal voor de school, ook bij nieuwbouw. De 2 huidige gymzalen moeten vervangen worden. Wellicht is het mogelijk om op deze plek een sportzaal of sporthal te bouwen die als verenigingshal kan worden ingezet. Stedelijk Dalton College Kapteynweg De locatie Kapteynweg van het Stedelijk Dalton College is de Mavo/Havo-locatie met circa 950 leerlingen en 80 gymuren per week. Het gebouw dateert van de jaren 70 en is aan vervanging toe. Nieuwbouw op Eulerlaan 49 wordt onderzocht. De verwachting is nieuwbouw omstreeks 2027-2030. De locatie heeft nu 2 eigen gymzalen. Wellicht zijn er mogelijkheden om de Deetoshal te gaan gebruiken voor deze school, deze bevindt zich op 1,3 km van beoogde nieuwbouwlocatie aan de Eulerlaan.

1 Er wordt momenteel door team Vastgoed van de gemeente gewerkt aan een Integraal Huisvestingsplan voor Voortgezet

Onderwijs.

gemeente Dordrecht | Verenigingshallen Dordrecht

7 / 31

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

Bovenstaande ontwikkelingen zijn meer of minder concreet en in ieder geval gerelateerd aan een concrete locatie. In meer algemene zin is de behoefteontwikkeling van sporthalruimte relevant. Sporthallen worden gebruikt door binnensportverenigingen (inclusief indoor atletiek) en door het bewegingsonderwijs. De leerlingenprognoses voor zowel het basisonderwijs, het voortgezet onderwijs als het speciaal onderwijs, verwachten een afname van het aantal leerlingen. In het basisonderwijs gaat het om een afname van 6% en in het voortgezet onderwijs om 10% afname. In het speciaal onderwijs gaat het om kleinere absolute verschillen. Tabel 2.4

Aantal leerlingen bij scholen in Dordrecht volgens de leerlingenprognoses 2019 2021

2030

2039

2039 tov 2021

Basisonderwijs

9738

8907

9117

-6%

Voortgezet Onderwijs

7108

6785

6418

-10%

Speciaal Basis Onderwijs

285

257

262

-8%

Speciaal Onderwijs

469

445

466

-1%

Voortgezet Speciaal Onderwijs

395

378

368

-7%

Per 2023 wordt het geven van minimaal twee uur bewegingsonderwijs aan elke leerling in het funderend onderwijs (basisonderwijs en het voortgezet onderwijs) verplicht gesteld. Het gaat daarbij om twee lesuren (in totaal minimaal 90 minuten / twee keer 45 minuten). Veel scholen voldoen hier al aan. Mogelijk kan de wettelijke eis de afname van leerlingen iets compenseren. De sportdeelname is landelijk stabiel, maar het aantal sporters in verenigingsverband (als geheel) neemt langzaam af, ten gunste van commerciële sportbeoefening, ongebonden en anders georganiseerd sporten (informele groepen, buurtsport et cetera).2 Van een aantal Dordtse verenigingen hebben we wel gegevens over de ledenontwikkeling. Fortius heeft minder leden dan 2 jaar terug. Deels komt dat door Covid-19 (landelijk beeld dat de binnensport meer ledenverlies heeft door Covid-19 dan buitensport), maar ook door het vertrek van een loopgroep uit Hendrik Ido Ambacht. De vier3 korfbalverenigingen in Dordrecht hebben ook te maken met een teruggang in leden. Dat is een landelijk beeld bij korfbal en dat geldt ook voor de vier korfbalverenigingen uit Dordrecht. Het aantal sportende leden bij de vier korfbalverenigingen daalde tussen 2016 en 2021 van 1343 naar 1069. Dat is een afname van 20% in 5 jaar. In het district Zuidwest Nederland was de afname vergelijkbaar (-16%). Tabel 2.5

DeetosSnel Oranje Wit Sporting Delta SC Movado subtotaal ZW district

Ontwikkeling sportende leden korfbal, bron KNKV 30-juni 2016

30-juni 2017

30-juni 2018

30-juni 2019

30-juni 2020

30-juni 2021

30-sep 2021

index 2016=100

376 430 357 180 1343 14334 2016

350 426 325 173 1274 14318 2017

319 395 325 169 1208 13965 2018

387 354 332 139 1212 13935 2019

375 328 334 145 1182 13657 2020

355 332 322 142 1151 13323 2021

322 312 300 135 1069 12012 2021

85,6 72,6 84,0 75,0 79,6 83,8

2 Sinds april 2021 heeft de gemeente Dordrecht een stedelijke sportdeelname index. Op termijn geeft deze monitor een beeld van

lokale ontwikkelingen in sport en bewegen. 3 SC Movado heeft geen eigen hal en traint en speelt tijdens het zaalseizoen in de Oranje-Wit hallen.

gemeente Dordrecht | Verenigingshallen Dordrecht

8 / 31

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

Tot slot geeft tabel 2.6 een overzicht van het totaal aantal leden bij de vijf VHP-verenigingen, dus sportende leden en niet sportende leden. Vooral bij DeetosSnel en Sporting Delta is het aantal niet sportende leden relatief hoog. Tabel 2.6 Verdeling spelende en niet-spelende leden bij VHP-verenigingen (en SC Movado) spelend DeetosSnel Oranje Wit Sporting Delta SC Movado Next Volley Fortius

2.4

totaal

322 312 300

niet spelend 224 74 116

546 386 416

30-9-2021 30-9-2021 30-9-2021

135 376 1556

136 37 59

271 413 1615

30-9-2021 2021 1-7-2021

Omvang zaal en aantal zalen

Vanuit de exploitatie bezien wil je een accommodatie die goed bezet is en compact gebouwd. Dat wil zeggen alleen de noodzakelijk oppervlakte (inhoud) want iedere m2/m3 kost geld en moet worden terugverdiend. De drie korfbalverenigingen zijn wat betreft spelende leden vandaag de dag ongeveer even groot (circa 300 spelende leden). Sporting Delta heeft 1 hal en de 2 andere verenigingen zijn verantwoordelijk voor de exploitatie van 2 hallen. In het verleden was die situatie anders en was ckv Oranje Wit groter dan de andere korfbalverenigingen (zie tabel 2.5). Sporting Delta zou graag volledig willen beschikken over de eigen hal (nu 1 verenigingsavond), omdat ze elders ruimte huurt. Het geeft wel aan dat ongeveer 1 hal voor 300 korfballers (exploitatie-technisch) een betere verhouding is dan 2 hallen voor circa 300 actieve korfballers. Verder is de omvang van de hal bepalend voor de kosten. Voor korfbal is een zaal nodig van 20x40 met 2 meter uitloop. Dat is 24x44 en 1056 m2 zaal. De hal van DeetosSnel en Sporting Delta hebben deze afmeting, maar de bestaande Oranje Wit-hallen zijn groter qua zaalafmeting. De Dijk heeft 4 volleybalvelden en is nu 25x57 meter (1.425 m2). De standaardmaat voor een sporthal met 4 volleybalvelden is 28x44 (1344 m2). Oorspronkelijk was sporthal De Dijk een korfbalhal en dus niet ontworpen voor volleybal. Tabel 2.7

Zaalafmeting in m2

stichting Deltahal De Dijk Vorrinklaan Overdekte Accommodatie Reeweg Ckv Oranje Wit hal

2.5

vereniging Sporting Delta Next Volley DeetosSnel Fortius

huidige zaal 1056 m2 24x44 meter 1425 m2 25x57 meter 2112 m2 44x48 (2x24x44) meter 1896 m2 24x79 meter

norm 1056 m2 1344 m2 2112 m2 1896 m2

ckv Oranje Wit

2325 m2

2112 m2

24x44 en 26,6x48 meter

Samenvattend •

•

Een centraal overzicht in het gebruik en de bezetting van alle binnensportaccommodaties ontbreekt want de exploitatie is versnipperd (5 stichtingen, gemeente voor de spelzalen en Optisport voor Sportboulevard). Voor de toekomst is het wenselijk dat eens per 2 of 3 jaar een centraal overzicht beschikbaar is. De bezetting van de verenigingshallen (cijfers 2018/2019 voor Covid-19) is jaarrond matig (5 van de 7 hallen minder dan 2000 uur/jaar), maar in het winterseizoen is het verenigingsgebruik goed.

gemeente Dordrecht | Verenigingshallen Dordrecht

9 / 31

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

• •

•

De bezetting overdag bij 2 stichtingen lijkt beter te worden door meer uren Insula College (Oranje Wit hallen) en CIOS Zuidwest-Nederland (De Dijk). Bij de realisatie van de verenigingshallen was landelijk sprake van een groei van de georganiseerde sport. Door veranderingen in sportgedrag en vergrijzing zien we landelijk een afname van de georganiseerde sport. Dat is een wezenlijk verschil met de jaren 1990-2010 waarin de verenigingshallen zijn gerealiseerd. We houden op langere termijn rekening met een verdere afname van korfbal (minder leden). Bij een afweging over levensduur verlengende renovatie-investeringen en nieuwe leningen dient men (stichting, vereniging, gemeente) rekening te houden met een eventuele afname van het gebruik op langere termijn (leerlingenprognoses en trends sport). Die aanbeveling geldt voor alle (5) stichtingen.

gemeente Dordrecht | Verenigingshallen Dordrecht

10 / 31

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

3

Huidige bijdrage gemeente

De gemeente Dordrecht besteedt jaarlijks € 319.000 aan de verenigingshallen. Dit bedrag is bedoeld om de onrendabele top van de exploitatie te financieren. Het principe dat de bijdrage bedoeld is om de onrendabele top te financieren is uitgebreid toegelicht in een memo voor de Commissie Financiën en de Sportraad d.d. 29 juni 2009. De stichtingskosten en de gehanteerde rentevoet zijn voor de verenigingshallen niet gelijk. Dat verklaart deels waarom bijdragen verschillen. Maar in de loop der jaren hebben lokale omstandigheden ook bijgedragen aan verschillen, bijvoorbeeld omdat een vereniging/stichting de exploitatie niet meer kon dragen. De bijdrage is in de loop der jaren ook op basis van noodzaak aangepast (met instemming van de raad). Tabel 3.1

Deltahal Oranje wit

Bijdrage gemeente Dordrecht 2021

hal 1 hal 2

Reeweghal

Sporthal De Dijk Deetoshal

hal 1 en 2

bijdrage tbv

VHP

OZB- en energie compensatie

gemeente avonden nu

totaal

gemeente avond gemeente avond gemeente avond exploitatiekosten extra bezoekerscapaciteit gemeente avond gemeente avond instandhouding (aanvullend) gemeente avond

€ 18.151,00 € 18.885,00 € 50.000,00 € 90.756,00 € 29.495,00 € 27.227,00 € 23.606,00 € 20.000,00 € 29.076,00

€ € € € € € € € €

1.131,00 1.131,00 3.394,00 3.394,00 2.262,00 1.131,00

1 1 3

1

€ 19.282,00 € 20.016,00 € 53.394,00 € 90.756,00 € 29.495,00 € 30.621,00 € 25.868,00 € 20.000,00 € 30.207,00

€ 307.196,00

€

12.443,00

11

€ 319.639,00

3 2

In de loop de jaren zijn er diverse aanpassingen geweest in het beleid: soms generiek dus geldend voor alle stichtingen, maar vaak ook is er sprake geweest van maatwerk. • De Stichting Overdekte Accommodatie Reeweg ontvangt met circa € 150.000 per jaar een veel hogere bijdrage dan de andere stichtingen. Van de bijdrage is een kleine € 30.000 bedoeld als vergoeding voor 3 gemeenteavonden en circa € 30.000 als bijdrage voor extra toeschouwersgelegenheid. De overige ongeveer € 90.000 is een jaarlijkse bijdrage voor de exploitatiekosten van een B-accommodatie voor indoor atletiek.

• De Stichting Vorrinklaan ontvangt jaarlijks circa € 30.000. De bijdrage wordt in de VHP-overeenkomst betiteld als bijdrage in de kapitaallasten. De oorspronkelijke bijdrage van ruim € 9.000 voor de ene gemeenteavond is bij het besluit over renovatie in 2008 verhoogd met € 20.000.

• In verband met exploitatieproblemen is de bijdrage voor Stichting De Dijk vanaf 2008 verhoogd met € 20.000.

• Met ingang van 2008 ontvangen de vijf verenigingshallen een tegemoetkoming in de stijging van de energie- en OZB-kosten (gebruikersdeel).

gemeente Dordrecht | Verenigingshallen Dordrecht

11 / 31

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

• Bij ckv Oranje-Wit is in 2008 een 2e hal gerealiseerd om de zaalsportcapaciteit uit te breiden. De extra zaalruimte is deels ten goede gekomen aan de andere hallen door het aantal gemeenteavonden per hal terug te brengen van twee naar één (zonder dat de gemeentelijke bijdrage daarop is aangepast). • Bij de garantstellingen voor hal 2 van Oranje Wit en de Deetoshal heeft de gemeente geen eisen meer gesteld aan de inrichting van de hal (afmetingen, belijning, inrichting, luchtcirculatie, etc.). Bij de andere hallen zijn wel eisen gesteld, die zijn vastgelegd in een bijlage van de VHP-overeenkomst. • Bij een aantal hallen (De Dijk, Deetos en Oranje Wit) zijn afspraken gemaakt over het aantal leden in relatie tot het aantal gemeenteavonden: hoe meer of minder leden, hoe meer of minder gemeenteavonden beschikbaar gesteld hoeven te worden. Bij sporthal De Dijk geldt dat principe niet: in ruil voor de hogere bijdrage vanaf 2008 blijft het aantal gemeenteavonden ook gelijk wanneer het ledenaantal van Next Volley Dordrecht stijgt. In tabel 3.2 zijn de baten en lasten per stichting verbijzonderd. We hebben daarbij een jaar gekozen vóór Covid-19, dus zoveel mogelijk een normaal jaar. De VHP-bijdrage in tabel 3.2 is inclusief de kleedkamersubsidie. Tabel 3.2 betreft één boekjaar.

Liever hadden we een gemiddelde van een aantal recente jaren gehanteerd, maar door Covid19 was dat niet mogelijk. Uit de tabel is te zien dat er heel veel verschillen zitten tussen de vijf stichtingen. De absolute lasten zijn bij Stichting Vorrinklaan en Stichting Overdekte Accommodatie Reeweg ruim 3x hoger zijn dan bij Stichting De Dijk. De verschillen in lasten komen vooral tot uitdrukking bij de posten rente/aflossing, onderhoud en afschrijving. Stichting Deltahal kon bij de realisatie een bedrag inzetten vanuit de schadeloosstellingregeling en daarom volstaan met een lage lening. De post rente en aflossing is bij Stichting Deltahal in absoluut en relatief opzicht het laagst. Stichting De Dijk heeft nauwelijks personeelskosten en compenseert daarmee het ontbreken van onderwijsbaten overdag. Aan de batenkant zijn de verschillen eveneens groot. De bijdrage van de moedervereniging is bij de Stichting De Dijk relatief het hoogst (42%). De bijdrage door onderwijsgebruik is relatief hoog bij Stichting Deltahal (38%). De bijdrage van derden is zowel absoluut als relatief gezien erg hoog bij Stichting Vorrinklaan (52%). In het onderste deel van de tabel hebben we de baten en lasten afgezet tegen het aantal spelende leden en de oppervlakte gebouw. Stichting Deltahal heeft een lagere gemeentelijke bijdrage per spelend lid.

Bij de stichting Oranje Wit Hal is de gemeentelijke bijdrage per spelend lid het hoogst. De bijdrage van de moedervereniging per spelend lid is bij Stichting Vorrinklaan het hoogste. De gemeentelijke bijdrage per m2 gebouw is bij Stichting Deltahal en bij Stichting Vorrinklaan relatief laag. De gemeentelijke VHP bijdrage kan bij Stichting Vorrinklaan ook relatief lager zijn, doordat de accommodatie, naast 2 sporthallen over diverse andere ruimtes beschikt die commercieel worden verhuurd. De gemeente huurt bijvoorbeeld kantoorruimte van de stichting. Bij Stichting Vorrinklaan is de bijdrage van derden (post rest) daarom aanzienlijk. Bij Stichting Deltahal zijn de onderwijsbaten relatief hoog. De gemeentelijke bijdrage en de bijdrage van de moedervereniging per m2 gebouw is bij Stichting Overdekte Accommodatie Reeweg relatief hoog.

gemeente Dordrecht | Verenigingshallen Dordrecht

12 / 31

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

Tabel 3.2

Baten en lasten bij de 5 stichtingen

Begin stichtingsjaar bijdrage VHP en kleedkamer subsidie bijdrage moedervereniging bijdrage onderwijs bijdrage rest totale baten lasten rente en aflossing energie personeel en schoonmaak onderhoud en storting voorziening afschrijving verzekering/belastingen overige kosten totale lasten Aantal sportende leden moedervereniging aantal niet-sportende leden totaal aantal leden (2021)

Deltahal 2019 1998

De Dijk 2018-2019 1995

Overdekte accomm. Reeweg 2019 2001

Vorrinklaan 2019/20 2011

Ckv Oranje Wit-hal 2019-20 1992/2008

€ 19.240

12%

€ 52.466

47%

€ 35.043

9%

€ 157.036

38%

€ 73.322

30%

€ 59.500

38%

€ 47.099

42%

€ 124.180

32%

€ 161.216

39%

€ 59.695

25%

€ 59.500 38% € 17.083 11% € 155.323 100%

€0 € 12.945 € 112.510

0% 12% 100%

€ 27.000 7% € 203.173 52% € 389.396 100%

6% 15% 27% 12%

€ 18.190 € 17.190 € 3.792

16% 15% 3% 15%

€ 115.707 € 50.090 € 34.212

€ 18.849 € 43.229 28% € 18.259 12% 0% € 328 100% € 155.262

€ 17.709 € 41.253 € 8.133 € 8.227 € 114.494

€ 9.231 € 23.798 € 41.568

36% 7% 7% 100%

29% 13% 9% 16%

€ 57.250 14% 9% € 36.634 100% € 412.136

€ 72.375 € 42.580 € 61.659

19% 11% 16% 14%

€ 44.000 18% € 63.654 26% € 240.671 100%

€ 34.329 € 48.626 € 30.329

15% 21% 13% 16%

€ 62.373 € 67.664 17% 5% € 20.738 € 49.414 12% € 400.198 100%

€ 52.684 € 110.118 29% 6% € 23.960 6% € 22.688 100% € 386.064

€ 36.270 € 50.126 22% 8% € 19.363 5% € 10.336 100% € 229.379

300

376

322

10354

312

116 416

37 413

224 546

59 1094

74 386

€ 518

€ 305

€ 1.243

€ 373

€ 735

per spelend lid lasten per spelend lid bijdrage VHP/kleedkamer subsidie/spelend lid bijdrage moedervereniging/spelend lid

€ 64

€ 140

€ 109

€ 152

€ 235

€ 198

€ 125

€ 386

€ 156

€ 191

aantal hallen m2 zaal m2 gebouw footprint

1 1056 1350

1 1425 2078

2 2112 3484

1 1896 3680

2 2325 3517

per m2 gebouw bijdrage VHP+kk subsidie /m2 bijdrage moedervereniging / m2

€ 14

€ 25

€ 10

€ 43

€ 21

€ 44

€ 23

€ 36

€ 44

€ 17

4 Aantal sportende leden exclusief wegatleten die de hal niet/nauwelijks gebruiken. Totaal aantal leden Fortius is 1.556.

gemeente Dordrecht | Verenigingshallen Dordrecht

13 / 31

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

4

Mogelijkheden beheervorm

4.1

Inleiding

Er zijn verschillende vormen om sporthallen te exploiteren. In Dordrecht kennen we gemeentelijke exploitatie (spelzalen/gymzalen), een verenigingsexploitatie en exploitatie door een commerciële exploitant (Sportboulevard door Optisport). Sinds de realisatie van de eerste Oranje Wit hal in 1992 heeft de gemeente haar bijdrage aan de stichtingen aangepast (verhoogd) en de laatste jaren is de bemoeienis van de gemeente ook geïntensiveerd. Daardoor is het ook logisch om stil te staan of er betere alternatieven zijn voor de huidige exploitatie door 5 stichtingen. Is gemeentelijke exploitatie een optie? Is het beter om een aparte rechtsvorm boven de vijf stichtingen in te stellen die het onderhoud professioneel uitvoert? Of moet je de huidige werkwijze met de 5 stichtingen verbeteren?

4.2

Lagere exploitatielasten bij VHP

Wanneer we naar de exploitaties kijken van de vijf stichtingen dan zijn aan de kostenkant de lasten veel lager dan bij een exploitatie met beroepskrachten (zoals gemeente, sportbedrijf of commerciële exploitant).

4.2.1

Lage stichtingskosten en dus lage kapitaallasten

De stichtingskosten van de 7 hallen zijn relatief laag geweest. Die stichtingskosten van destijds kan je niet vergelijken met de stichtingskosten van nu. Maar ook destijds (de eerste hal is gebouwd in 1992 en de laatste in 2011), waren de stichtingskosten van de verenigingshallen veel lager dan wanneer een gemeente zelf een sporthal zou realiseren. Bij de start van het VHP-beleid (1992) ging men er van uit dat het stichten van een sporthal die aan de NSF-normen zou voldoen tussen de € 317.646 en € 408.402 zou kosten. Dat was tussen de dfl 700.000 en dfl 900.000. De eerste verenigingshal die volgens de VHP-voorwaarden werd gesticht voldeed redelijk aan deze verwachtingen. Later zijn de investeringskosten wel hoger geworden, maar de stichtingskosten zijn nog altijd veel lager dan wanneer een gemeente een sporthal realiseert. In 2008 bijvoorbeeld gold (in Nederland) als reëel investeringsbedrag voor een sporthal met een 24x44 zaal een bedrag van € 3,2 miljoen exclusief btw. Dat was wel een sporthal die ook geschikt was voor onderwijsgebruik. De veel lagere stichtingskosten van de verenigingshallen komt door de materiaalkeuze, eenvoudige afwerking en inrichting, kleine bergingen enzovoort. Uiteindelijk werkt dat wel door in de post rente en aflossing.

De stichtingskosten voor een sporthal met een zaalvloer van 24x44 meter die ook geschikt is voor onderwijs, ligt in 2021 al snel rond de € 5,3 miljoen exclusief btw. Bij een rente van 2% (aanname) is de post rente en aflossing (40 jaar) € 194.000 per jaar (annuïtaire aflossing). De huidige post rente/aflossing (30 jaar) bij de 7 hallen is nu € 250.000, dus voor 7 hallen.

4.2.2

Lage personeelslasten

De personeelskosten zijn laag en veel lager dan bij een exploitatie door de gemeente, marktpartij of een andere organisatie met betaalde krachten. Eigenlijk hebben de stichtingen alleen personeelskosten voor schoonmaak. Het openen en sluiten, de inroostering, de facturatie en administratie en management (bestuur) gebeurt vooral door vrijwilligers. Sommige stichtingen hebben inmiddels parttime een beheerder in dienst.

gemeente Dordrecht | Verenigingshallen Dordrecht

14 / 31

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

4.2.3

Lagere onderhoudskosten

De onderhoudskosten zijn veel lager en dat heeft verschillende oorzaken. In de eerste plaats optimaliseren de stichtingen de levensduur van de voorzieningen. Men probeert zo lang mogelijk de levensduur van inventaris en onderdelen te verlengen tot vervanging echt noodzakelijk is. Bij professioneel vastgoedbeheer werkt men veel meer met standaard vervangingstermijnen. Er wordt bij professioneel vastgoedbeheer bepaald onderhoud wel doorgeschoven (uitgesteld), maar per saldo wordt er veel meer preventief vervangen dan nu bij de 5 stichtingen gebeurt. Bij de onafhankelijke inspectie in 2018 (evaluatieonderzoek werd bijvoorbeeld over de sportvloer van sporthal De Dijk door de inspecteur het volgende opgemerkt: Realisatiejaar: 1997. Sportvloer nog niet gefacelift. De belijning is ernstig aan het verkleuren op verschillende plekken. Er zijn ook diverse plekken met veel scheuren in de sportvloer, naast ook een hele duidelijke scheur in de ondervloer die een geul in de sportvloer aanbrengt. Deze sportvloer is toe aan een hele grondige opknapbeurt c.q. vernieuwing. 23 jaar doen met een kunststof sportvloer is uniek; maar het houdt een keer op. Wanneer je een vervanging die normaal op 15 jaar staat, kan uitstellen tot 20 jaar of nog langer, dan scheelt dat aanzienlijk, zeker als dat geldt voor een groot deel van de onderdelen van een gebouw.

Naast het optimaliseren van vervangingscycli zit er veel vrijwilligerswerk in het uitzoeken en begeleiden van vervangingen. Bij vastgoedonderhoud hebben we het over de bijkomende kosten van adviseurs. In de ontwerpfase van een gebouw is dat een grote post, maar bij onderhoud scheelt het ook dat de besturen voorbereiding en begeleiding onbezoldigd uitvoeren. Tot slot wordt (over het algemeen) klein onderhoud bij de stichtingen uitgevoerd door vrijwilligers. Bij een exploitatie door een professionele partij gebeurt dat door betaalde krachten.

4.3

Keerzijde VHP en voorkeur exploitatie en beheer

De belangrijkste beperking van het huidige VHP-beleid is dat de onderhoudsbudgetten bij de stichtingen niet voldoende zijn voor het gewenste onderhoud. Dat is in de evaluatie door de gemeente in 2019 al vastgesteld. De te lage budgetten brengen twee risico’s met zich mee. Ten eerste het risico dat op den duur een stichting niet meer aan haar verplichtingen kan voldoen en ten tweede dat stichtingen te ver gaan in het uitstellen van onderhoud en vervanging met het risico op onveilige situaties. Daarnaast vindt Drijver en Partners dat de stichtingen beter ondersteund moeten worden bij onderhoudsplanningen en (soms) fiscale zaken. De stichtingen werken allemaal met een meerjaren onderhoudsplanning (MJOP), maar deze is meestal zelf door de stichtingen opgesteld en bij 3 van de 5 stichtingen veel te beperkt in opzet. Een MJOP begint (doorgaans) bij een inspectie van het gebouw, volgens een NEN-procedure (NEN 2767) waarbij alle onderdelen worden gewaardeerd met een conditiescore van 1 (uitstekend) tot 6 (zeer slecht). De score wordt bepaald door de ernst, de omvang en de intensiteit van een gebrek. Op basis van de inspectie wordt het MJOP opgesteld. Bij het ontwikkelen van nieuw beleid hebben we vanzelfsprekend aan de stichtingen gevraagd wat hun voorkeur is voor exploitatie en beheer in de toekomst.

Alle stichtingen geven de voorkeur aan het voortzetten van het VHPbeleid met wel meer middelen voor onderhoud. Een stichting of andere rechtsvorm boven de 5 stichtingen, neemt de verantwoordelijkheid weg bij de afzonderlijke stichtingen en verplaatst die naar een nieuwe partij. De kracht van het Dordtse VHP-beleid is juist de grote inzet van

gemeente Dordrecht | Verenigingshallen Dordrecht

15 / 31

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

vrijwilligers en het optimaliseren van de levensduur van de accommodatie en inventaris. Dat vraagt wel een nauwe band tussen vereniging en stichting. De verantwoordelijkheid en binding moeten we niet weghalen bij de stichtingen en neerleggen bij een andere partij. Wat wel wenselijk is dat de stichtingen geholpen worden om te werken met een volwaardig MJOP en op ad hoc basis soms met fiscale ondersteuning. De uitdaging bij het opstellen van de MJOP’s is niet om een MJOP op te stellen zoals een willekeurige gemeente zou laten opstellen. Want dan worden standaard eenheidsprijzen gehanteerd en standaard vervangingscycli en dan ben je een van de sterke punten van het huidige beleid er uit aan het halen. De uitdaging is dat de MJOP’s worden uitgebreid (volledig) maar wel met de insteek om waar mogelijk onderhoud zelf uit te voeren met vrijwilligers en door vervangingscycli (verantwoord) op te rekken. We adviseren dus niet om een aparte rechtspersoon boven de stichtingen te plaatsen, maar wel om: • • • •

Meer middelen beschikbaar te stellen voor groot onderhoud. Bij afloop van een bestaande overeenkomsten levensduur verlengende renovaties financieren via nieuwe leningen met borgstelling gemeente; De stichtingen te helpen om te komen tot betere MJOP’s In de financiële cyclus (begroting en verantwoording) expliciet afspraken te maken over onderhoud en reservering van middelen, maar sowieso meer richtlijnen mee te geven over de begroting, winst- en verliesrekening en balans. De exploitatie(begroting of winst- en verliesrekening) bij Stichting Oranje-Wit Hal bestaat nu uit slechts 1 A4 en bepaalde posten zijn niet gespecificeerd terwijl vanuit de control-functie van de gemeente dat wel wenselijk is.

Eerder is een raming gemaakt wat de exploitatie zou kosten wanneer de 7 hallen door de gemeente worden geëxploiteerd. De kosten daarvan zijn geraamd op € 900.000. De huidige bijdrage van de gemeente is € 319.000 (exclusief kleedkamersubsidie). In de informatienota van 16 juni 2021 aan de gemeenteraad is aangegeven dat met name voor beter onderhoud een verhoging van de gemeentelijke bijdrage gewenst is. Wij hebben toen een extra budget genoemd van € 105.000 tot € 185.000 per jaar. In hoofdstuk 5 komen we daar nader op terug.

4.4

Fiscale ontwikkelingen

Op 18 september 2018 is het Belastingplan 2019 aangeboden aan de Tweede Kamer met daarin o.a. opgenomen de verruiming van de Nederlandse Sportvrijstelling. Door deze wetswijziging vervalt het recht op aftrek van btw voor gemeenten en niet-winstbeogende exploitanten van sportaccommodaties. Dit leidt tot een structurele extra belastingopbrengst voor de Rijksoverheid. Omdat de wetswijziging direct voortvloeit uit Europese regelgeving en het (dus) geen bezuinigingsmaatregel is, heeft het kabinet eerder al aangegeven de opbrengst van deze extra belastingmaatregel terug te laten vloeien naar de gedupeerden, te weten de gemeenten en amateursportorganisaties. Tot nu toe verloopt deze compensatie via 2 subsidieregelingen, te weten de SPUK- en BOSA-regeling. De SPUK staat open voor de gemeente en de BOSA voor amateursportinstellingen (en dus ook de stichtingen). Beide regelingen hebben een looptijd tot 1 januari 2024. Wat daarna gaat gebeuren is nog niet bekend. Het ministerie van VWS heeft ons meegedeeld dat er goede hoop is dat de BOSA-regeling ook vanaf 2024 blijft bestaan. Het ministerie kan daarover op dit moment geen zekerheid verschaffen. De VSG heeft ons laten weten dat ze er van uitgaat dat de btw-compensatie voor amateursportorganisaties blijft bestaan. De extra subsidie die momenteel geldt voor duurzaamheid en toegankelijkheid kan mogelijk worden aangepast.

Dat zijn politieke/beleidsmatige keuzes. Voor de stichtingen is het behoud van compensatie van de btw een belangrijk punt. Wel is de BOSA-regeling met ingang van 2022 aangepast in die zin dat de subsidie niet voor onderwijsgebruik geldt.

gemeente Dordrecht | Verenigingshallen Dordrecht

16 / 31

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

Wanneer een hal voor 35% wordt gebruikt voor bewegingsonderwijs en de investering is gedaan voor de hele hal, dan geldt de BOSA-subsidie naar rato van het sportgebruik (exclusief bewegingsonderwijs, dus 65% van de investering komt in aanmerking voor de BOSA-subsidie).

gemeente Dordrecht | Verenigingshallen Dordrecht

17 / 31

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

5

Voorstel toekomstig beleid

5.1

Inleiding: onderscheid visie en uitwerking

De afgelopen jaren zijn er allerlei vragen over de verenigingshallen. Is het toekomstbestendig? Kunnen vrijwilligers het aan? Is exploitatie en beheer via een overkoepelende stichting niet beter of exploitatie en beheer via de gemeente of een professionele exploitant? Zijn de financiën bij de stichtingen voldoende? Is de gemeentebijdrage wel of geen subsidie? Waarom moet er een huurafhankelijk recht van opstal (HARVO) worden gevestigd? Wat is een eenduidige verdeling van de gemeentelijke bijdrage? Kan er een relatie worden gelegd tussen het sportparken-beleid (Programma Sportparken) en het VHP-beleid? Het zijn voorbeelden dat er van alles speelt. In de veelheid aan vragen maken we onderscheid tussen visie (dus beleid op hoofdlijnen) en uitwerkingsniveau. We moeten voorkomen dat we alle zaken onder visie scharen, want dat maakt besluitvorming nog ingewikkelder. En dat onderscheid wil niet zeggen dat uitwerking minder belangrijk is. Er zijn op uitwerkingsniveau onderwerpen die heel belangrijk zijn voor de stichtingen en/of de gemeente. In 5.2 doen we eerst een voorstel voor de nieuwe visie VHP. In de paragrafen daarna gaan we in op de gemeentelijke bijdrage en op een aantal andere uitwerkingsaspecten.

5.2

Visie verenigingshallen (VHP-beleid)

Het Verenigingshallenplan heeft in de periode 1992-2021 redelijk goed gefunctioneerd binnen de gemeente Dordrecht. In 1992 werd de eerste Oranje-Wit hal gerealiseerd en in 2010/2011 is de Deetoshal gerenoveerd en uitgebreid. Ondanks dat in het Rekenkameronderzoek is gewezen op financiële zorgen bij sommige stichtingen en op onderhoudsachterstanden in sommige hallen, beschikt de binnensport in de gemeente Dordrecht over 7 verenigingshallen. De jaarrond bezetting van de hallen is op basis van kengetallen niet geweldig. Dat komt doordat 5 hallen voor korfbal worden gebruikt en 1 hal voor indoor atletiek (dus bij 6 hallen geen jaarrond verenigingsbehoefte) én doordat er nog in totaliteit relatief weinig onderwijs van de hallen gebruik maakt. In de winterperiode is de sporthalbehoefte groot en het aanbod voorziet daar in. Voor de binnensport is dat zeer waardevol. Beleidsdoel verenigingshallen Dordrecht Verder gaan met verenigingshallen is voor de toekomst nog steeds de aantrekkelijkste optie, omdat het voorziet in de piekbehoefte in de binnensport tegen veel lagere kosten dan wanneer de gemeente of een commerciële exploitant de hallen zou exploiteren. En daarnaast biedt het de verenigingen die gelieerd zijn aan de stichtingen meer mogelijkheden: een centrale plek om te sporten en een plek voor de verenigingsactiviteiten naast het sporten.

In het Mulier-rapport van de Rekenkamercommissie is gewezen op het ontbreken van een beleidsdoel. De hiervoor aangehaalde argumenten zijn het centrale beleidsdoel van het VHP-beleid: dus voorzien in de binnensportbehoefte – ook in de winterperiode tegen relatief lagere gemeentelijke kosten en met als voordeel dat het de moederverenigingen meer mogelijkheden geeft op het functioneren als vereniging. 5 Continueren betekent niet dat we alles bij het oude laten. Beleidsmatig stellen we veranderingen voor en in de praktische uitwerking zijn er ook verschillende voorstellen voor aanpassingen. Versterking inkomsten stichtingen Een van de hoofdconclusies van het Mulier-rapport was dat door betere monitoring voorkomen kan worden dat er financiële en onderhoudsachterstanden ontstaan bij stichtingen die de verenigingshallen exploiteren. Monitoring is belangrijk, maar dat gaat beslist niet voorkomen dat er financiële en onderhoudsachterstanden ontstaan bij 5

Denk daarbij aan ledenbinding, ruimte voor clubactiviteiten, uitwisseling en contacten tussen technisch kader, netwerken ook onder ouders en daarmee weer werving van sponsoren en vrijwilligers, inkomsten uit horeca en sponsoren et cetera.

gemeente Dordrecht | Verenigingshallen Dordrecht

18 / 31

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

stichtingen als we alleen meer monitoren en het beleidsdoel helder stellen. Want monitoring neemt de oorzaak niet weg. Willen we als Dordrecht de binnensport blijvend accommoderen, dan moet de exploitatie van de stichtingen aan de inkomstenkant worden versterkt. Dat is naar de toekomst een belangrijke aanpassing van het VHP-beleid. Een gemeentelijke bijdrage van € 319.000 voor 7 sporthallen is voor de lange termijn te weinig. Het enige waar de stichtingen hun exploitatie sluitend op kunnen krijgen, is de post onderhoud. Dat wil zeggen zoveel mogelijk zelf doen (voor zo ver mogelijk), vervangingsinvesteringen zo veel mogelijk uitstellen (oprekken), een gedateerde uitstraling accepteren….Op lange termijn is dat niet houdbaar vanwege de vereiste functionaliteit en veiligheid, naast verduurzamingseisen. Dubbelgebruik in verenigingshallen: onderwijs en sport Voor een versterking van de inkomsten bij de stichtingen is een grotere bijdrage van de gemeente noodzakelijk en tegelijk streven we naar meer onderwijsgebruik in de verenigingshallen. Onderwijsgebruik zorgt voor een substantiële gebruiksvergoeding en dat draagt bij aan een duurzame exploitatie. Het uitgangspunt is dus dubbelgebruik bij verenigingshallen: sport in de avond en weekend en overdag onderwijsgebruik.

In het verleden zijn de verenigingshallen op de sportparken geplaatst: logisch voor de vereniging, maar niet logisch om onderwijsgebruik in een hal te krijgen, omdat de afstand tussen school en gymaccommodatie beperkt moet zijn. CIOS Zuidwest Nederland heeft vestigingen in Goes, Roosendaal en in Dordrecht (Leerpark). CIOS is naarstig op zoek naar meer ruimte in sportzalen en sporthallen rond het Leerpark. Die ruimte kan de gemeente op korte en middellange termijn zeker niet bieden bij het Leerpark. CIOS maakt naast zaalruimte op het Leerpark ook gebruik van sporthal De Dijk. CIOS, stichting De Dijk en gemeente bekijken de mogelijkheden om door het CIOS meer gebruik te maken van sporthal De Dijk. Een verenigingshal zonder of met beperkt onderwijsgebruik is niet per definitie ongewenst, maar die situatie vraagt een zorgvuldige afweging of de exploitatie toekomstbestendig is. Behoefte gemeente-breed is leidend De behoefte voor de totale gemeente is leidend. Vanuit verenigingsperspectief zal veel sneller de conclusie worden getrokken dat een sportaccommodatie (sporthal, voetbalveld et cetera) nodig is. Vanuit gemeenteperspectief gaat het om een goede afstemming van vraag en aanbod en wil je overcapaciteit zoveel mogelijk voorkomen.

De huidige 7 hallen hebben geen geweldige bezetting maar kunnen bestaan, doordat de exploitatie goedkoper is dan wanneer de gemeente de hallen zelf exploiteert of door een commerciële partij laat exploiteren. Of in de toekomst het aantal hallen gelijk blijft is ongewis. Mocht de behoefte duidelijk afnemen, dan vraagt dat waarschijnlijk ook een aanpassing van het aanbod sporthallen. Het omgekeerde geldt natuurlijk ook. Uitgangspunt VHP in beginsel basissporthal De huidige hallen verschillen qua afmeting en inrichting. Bij sommige hallen maken de kantines deel uit van de hal, bij andere hallen niet. Naar de toekomst helpt het wanneer we uitgaan van een basis sporthal. Dat wil zeggen een sporthal, 4 kleedkamers bij 2 verhuurbare zaaldelen, ruimte voor berging, indien nog niet aanwezig een eenvoudige vergaderruimte en een eenvoudige tribune (indien een stichting 2 hallen exploiteert, hoeft 1 hal maar een tribune te hebben). Gebruik voor bewegingsonderwijs stelt ook eisen aan de inrichting. De exploitant is verantwoordelijk voor de inrichting voor sport én onderwijs. VHP: inzet vrijwilligers is de basis Het VHP-beleid is gebaseerd op een behoorlijke inzet van vrijwilligers. Het is een van de redenen waarom de exploitatie door de stichtingen goedkoper is dan wanneer de gemeente de exploitatie zelf uitvoert of door een commerciële partij laat uitvoeren.

gemeente Dordrecht | Verenigingshallen Dordrecht

19 / 31

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

Versterking VHP-organisatie Naar aanleiding van het rapport van de Rekenkamercommissie is er meer afstemming tussen de gemeente en de stichtingen. Een aantal stichtingen heeft haar meerjaren onderhoudsplan uitgebreid of geactualiseerd. Naar de toekomst willen we dat voor alle verenigingshallen een actueel en volwaardig meerjaren onderhoudsplan aanwezig is. De gemeente zal een format hiervoor aanbieden. Ook zal de gemeente een jaarlijks budget beschikbaar stellen, ter ondersteuning van het opstellen van een MJOP of voor het inwinnen van fiscaal advies en dergelijke. De verhoging van de gemeentelijke bijdrage is niet alleen bedoeld voor verhoging van het onderhoudsbudget, maar ook omdat we per stichting een bijdrage beschikbaar stellen voor vrijwilligersvergoedingen. Met goede MJOP’s, een budget voor kennisopbouw en een bijdrage voor vrijwilligersvergoedingen, wordt de organisatie versterkt. Daarnaast behouden we het jaarlijkse overleg tussen gemeente en stichting. De gemeente stelt enkele richtlijnen op waar de begroting en jaarstukken aan moeten voldoen. Dat is voor een verantwoorde verdeling van gemeenschapsgeld en benodigde transparantie. Het is ook ter ondersteuning (en bescherming) van de stichtingen en verenigingen zelf.

5.3

Uitwerkingsaspecten: hoogte bijdrage en gemeenteavonden

Een belangrijk uitgangspunt voor nieuw beleid is dat de gemeentelijke bijdrage op basis van eenduidige criteria wordt toegekend. Eenduidig hoeft niet gelijk te betekenen. Het wil zeggen dat er een duidelijke systematiek is. Op basis van de huidige exploitaties zijn allerlei analyses uitgevoerd om te komen tot een nieuw verdeelsysteem met eenduidige verdeelsleutels. Bijvoorbeeld: • • • •

op basis van m2 hal op basis van m2 gebouw op basis van aantal leden op basis van de contributies.

Een verdeling op basis van het aantal leden zou tot grote verschillen ten opzichte van nu gaan leiden. Ckv Oranje Wit, DeetosSnel, Next-Volley Dordrecht en Sporting Delta ontlopen elkaar niet veel qua sportende leden (circa 300). En de huidige bijdrage verschilt sterk, want Stichting Deltahal ontvangt afgerond € 19.000 van de gemeente, Stichting Vorrinklaan € 35.000, Stichting De Dijk circa € 52.0000 en Stichting CKV Oranje Wit Hal € 73.000. Ook de omvang van een zaal of gebouw is geen eerlijke verdeelsleutel. Stichting Deltahal heeft een heel compacte hal en er zijn stichtingen met een hal die veel ruimer is. Stichting Deltahal zou dan een kleinere bijdrage ontvangen en zelf veel moeten bijdragen, omdat het zuinig is qua oppervlakte. En andersom zou een hal die ruim is opgezet, veel subsidie krijgen en zelf minder hoeven bij te dragen. De contributie is evenmin een goede ingang om een verdeling te maken. Next Volley Dordrecht heeft de hoogste contributie. Er is wel enig verschil in contributie tussen DeetosSnel en ckv Oranje Wit, maar de gemeentelijke bijdrage voor Stichting CKV Oranje Wit Hal is ruim eens zo hoog als de bijdrage voor Stichting Vorrinklaan en dat staat niet in verhouding tot het verschil in contributie. De contributie bij Fortius is het laagste van de vijf moederverenigingen en de bijdrage van de gemeente het hoogst.

Daarbij wel aangetekend dat een deel van de Fortius-leden geen gebruik maakt van de hal. Het is te overwegen dat Fortius de contributie differentieert en dat gebruikers van de hal een hogere contributie betalen dan leden die geen gebruik maken van de hal.

gemeente Dordrecht | Verenigingshallen Dordrecht

20 / 31

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

Tabel 5.1

Contributie 2021

Fortius DeetosSnel Sporting Delta Ckv Oranje Wit Next Volley Dordrecht

contributie senior contributie C 13 jaar € 216,5 € 156,0 € 294,0 € 189,0 € 306,0 € 201,0 € 327,0 € 255,0 € 331,0 € 302,0

Toekomstige bijdrage op basis van onrendabele top Een van de uitgangspunten voor het nieuwe beleid is dat de gemeentelijke bijdrage wordt toegekend op basis van eenduidige criteria. Eenduidig hoeft niet gelijk te betekenen. Het wil zeggen dat er een duidelijke systematiek is, dus dat de verdeling uitlegbaar is en niet willekeurig. Op basis van de huidige exploitaties zijn allerlei analyses uitgevoerd om te komen tot een nieuw verdeelsysteem op basis van oppervlakte, aantal leden of contributie. Geen van die benaderingen leidt tot een werkbare verdeling en het zou er toe leiden dat enkele stichtingen een veel hogere bijdrage krijgen dan noodzakelijk en andere stichtingen een veel lagere bijdrage en een onoverkomelijk financieel tekort. De huidige bijdrage lijkt geen duidelijke grondslag te hebben, maar dat is niet zo. Het uitgangspunt van het VHP beleid is vanaf het begin geweest dat de gemeente de onrendabele top zou financieren 6. En doordat de accommodaties verschillen en de kosten en baten verschillen, is de bijdrage van de gemeente ook verschillend. Het is wel zo dat de onderbouwing van de bijdrage niet altijd transparant is geweest. Naar de toekomst toe zouden we nog steeds het uitgangspunt willen voortzetten dat de gemeente de bijdrage verleent ter financiering van de onrendabele top.

Betekent dat een grote herverdeling van de bijdrage per stichting? Nee, want de hallen zijn verschillend en de kosten en baten ook. Verhoging budget VHP voor (vooral) onderhoud en vrijwilligersvergoeding Hogere bijdrage voor onderhoud: + € 101.700 In de evaluatie die de gemeente heeft uitgevoerd bleek dat de stichtingen onvoldoende middelen (reserves) hebben om het benodigde toekomstige onderhoud te kunnen voldoen. De stichtingen besteden samen nu ongeveer € 190.000 per jaar aan onderhoud (zie ook tabel 3.2). Bij ruim 14.109 m2 gebouw is dat gemiddeld € 13 per m2. Dat is laag. Voor de beeldvorming: het MJOP van de Sportboulevard raamt de onderhoudskosten voor de periode 20182028 op € 37,82/m2 (namelijk € 3,78 huurdersonderhoud per m2 en € 34,04 verhuurdersonderhoud). Natuurlijk zijn de onderhoudskosten van een zwembad en ijshal hoger dan een sporthal. Dus de Sportboulevard is niet 1 op 1 vergelijkbaar met een sporthal. In 2017 heeft Drijver en Partners uit verschillende gemeenten een analyse gemaakt van de geraamde onderhoudskosten in de MJOP’s van de sporthallen van die gemeenten. Bij sporthallen kwamen wij op een bandbreedte van € 20 tot € 29 per m2 bruto vloeroppervlak (bvo). Anno 2021/2022 zouden we dat indexeren naar € 23 tot € 33 per m2 (+15%).7

6 Zie ook: memo subsidieoverzicht verenigingshallen van 29 juni 2009 van de gemeente aan de Sportraad en de commissie Financiën.

7 Volgens Bouwend Nederland steeg In de periode 2016–2020 de arbeidsindex in de bouw met gemiddeld 2,6%(BDB) tot 3,6%%

(CBS) per jaar. In dezelfde periode steeg de materiaalindex met gemiddeld 2,3% (CBS) tot 2,7% (BDB) per jaar. Bij circa 3% prijsstijging per jaar en 5 jaar is 15% realistisch.

gemeente Dordrecht | Verenigingshallen Dordrecht

21 / 31

Kelvinring 54 | 2952 Alblasserdam

In de informatienota (gemeenteraad 16 juni 2021) is een verhoging van het VHP-budget indicatief geraamd op minimaal € 105.000 en maximaal € 185.000. Op dit moment heeft een verdeling van een verhoogd budget per stichting nog een zeer voorlopig karakter. Immers, in de exploitaties van de stichtingen verandert een en ander (onder andere bij sporthal De Dijk meer onderwijs, bij Stichting CKV Oranje Wit Hal is de nieuwe exploitatie nog helemaal niet bekend of vastgesteld). Ook adviseren we de MJOP’s van de stichtingen te herijken in 2022. En bij een verdeling van nieuwe budgetten willen we ook beschikken over een meerjarenbegroting waarin geplande onderhoudsuitgaven zijn verwerkt en welke daarvan worden gefinancierd door het aangaan van een nieuwe lening na afloop van de huidige lening. De voorstellen die we doen zijn vooral bedoeld om de systematiek te bepalen. Als we zouden uitgaan van een gemiddeld onderhoudsuitgave van € 20,75 per m28, dan vraagt dat een verhoging van het budget met € 101.700. Hogere bijdrage voor vergoeding vrijwilligers: + € 36.000 Bij de exploitatie en het beheer van de verenigingshallen zijn veel vrijwilligers betrokken. Het vinden van vrijwilligers die voor een langere periode zich vrijwillig willen inzetten, wordt als een behoorlijke opgave gezien onder sportverenigingen (landelijk). Diverse VHP-stichtingen bevestigen dat dit ook voor hun geldt.

Het uitgangspunt voor het VHP-beleid blijft inzet van vrijwilligers. Diverse stichtingen werken al wel met betaalde beheerders (meestal deeltijd). Op het moment dat de gemeente een bijdrage verstrekt voor één betaalde beheerder per stichting, dan zijn de meerkosten voor 5 stichtingen al snel € 200.000 op jaarbasis. Als de gemeente een hogere bijdrage gaat verstrekken, dan ligt de prioriteit bij meer geld voor onderhoud. Wat betreft de inzet van vrijwilligers is het voorstel om per stichting een bijdrage te verstrekken ter hoogte van 4 keer een vrijwilligersvergoeding. In 2022 is die € 1.800 per jaar en dus wordt de bijdrage voor vrijwilligers per stichting € 7.200 en voor de 5 stichtingen samen € 36.000. Correcties Voor 2 situaties zouden we een correctie willen doorvoeren op de hoogte van de gemeentelijke bijdrage. Bij Stichting De Dijk wordt de exploitatie wellicht verbeterd door onderwijsgebruik (CIOS Zuidwest-Nederland). Mocht dat het geval zijn, dan corrigeren we die extra baten op de gemeentelijke bijdrage. En bij de Stichting Overdekte Accommodatie Reeweg brengen we ook een verlaging aan. Dat komt omdat de contributie bij Fortius duidelijk lager is dan bij de andere verenigingen, maar ook ten opzichte van atletiekverenigingen in de regio. Wanneer we de correctie bij Fortius omslaan naar het aantal leden dat gebruik maakt van de hal, dan betekent dat circa € 10 per lid).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/680/documents/23370