CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

BIJLAGE 3 - Participatieverslag fase 2 Ombuigingen.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 1 juli 2025, gemeente DordrechtBij agendapunt: 29: Raadsinformatiebrief over Verantwoording proces Ombuigingen - Raadsinformatiebrief10.412 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

1.3.1.4 •

Economische gevolgen worden onderschat De economische waarde van cultuur, toerisme, evenementen en sport wordt volgens briefschrijvers niet voldoende meegewogen.

•

Er wordt gewezen op indirecte opbrengsten (zoals bestedingen van bezoekers) en het risico op leegstand of verlies van vastgoedwaarde.

•

Ook verlies van werkgelegenheid, vrijwilligersinzet en sociale netwerken wordt als economisch relevant aangemerkt.

1.3.1.5 •

Lange termijn impact wordt onvoldoende meegenomen Er klinkt brede zorg over wat bezuinigingen betekenen voor de toekomst van Dordtse kinderen, jongeren en andere groepen in een kwetsbare positie.

•

Het stopzetten van werkende programma’s en netwerken wordt gezien als het afbreken van iets wat jaren heeft gekost om op te bouwen.

•

Verschillende briefschrijvers roepen op om niet alleen naar de begroting van morgen te kijken, maar naar de samenleving van overmorgen.

29

1.3.2 Opbrengst uit de ingezonden bijdragen per programma Programma

Signalering uit brieven

Programma 1 – Bestuurlijk en ondersteunend Dordrecht

In de ingezonden brieven is dit programma niet expliciet benoemd. Wel komt in enkele brieven kritiek naar voren op de transparantie en communicatie vanuit de gemeente, wat indirect raakt aan bestuurlijke verantwoordelijkheden.

Programma 2 – Levendig, leefbaar en veilig Dordrecht

Verschillende brieven maken zich zorgen over het verlies van culturele voorzieningen en de dreiging van verschraling van het stadsleven. Ook wordt gewaarschuwd voor leegstand bij gemeentelijk vastgoed a.g.v. stoppen van subsidie. Brieven over het doelgroepenvervoer wijzen op het belang van toegankelijkheid en sociale mobiliteit.

Programma 3 – Groen, duurzaam en ruimtelijk Dordrecht

In één van de brieven wordt gewaarschuwd voor het verlies van een unieke educatieve en sociale voorziening in een gemeentelijk pand. Er is zorg over het opheffen van laagdrempelige plekken voor ontmoeting en leren voor kinderen en jongeren.

Programma 4 – Gezond, sociaal en zorgzaam Dordrecht

De brieven over het doelgroepenvervoer laten zien hoe essentieel dit vervoer is voor deelname aan

Suggesties / Alternatieven

• Herzie de verdeling binnen de totale subsidieregeling in plaats van enkel op evenementen te korten. • Stimuleer externe financiering in plaats van strakke subsidiekortingen. • Voer een frictiekostenanalyse uit bij het stopzetten van subsidies. • Wacht met besluitvorming over sporttarieven tot het tarievenonderzoek is afgerond. • Vertraag het bezuinigingstempo om schade te beperken en alternatieve dekking te verkennen.

• Zoek sponsoring bij lokale bedrijven voor het behoud van doelgroepenvervoer. • Onderzoek tariefverhoging 30

Programma

Signalering uit brieven

Suggesties / Alternatieven

de samenleving. Er wordt gewezen op risico’s van isolatie, verminderde toegang tot zorg en verslechtering van gezondheid. Ook klinkt een pleidooi voor het behouden van voorzieningen voor kwetsbare groepen en het voorkomen van stapeling van negatieve effecten.

als alternatief voor afbouw van vervoer. • Organiseer fondsenwervende evenementen voor behoud van mobiliteitsvoorzieningen. • Zet marketing in om zichtbaarheid en draagvlak voor voorzieningen te vergroten. • Behoud vervoer voor kwetsbare groepen vanwege hun participatie en gezondheid.

Programma 5 – Lerend en ondernemend Dordrecht

Er wordt gewezen op het belang van cultuur en erfgoed voor educatie en kennisontwikkeling. Musea en bibliotheken worden genoemd als plekken voor laagdrempelig leren, ontmoeting en burgerschapsvorming. Er is zorg over afbouw van maatschappelijke functies die bijdragen aan gelijke kansen.

• Onderzoek alternatieve financiering voor cultuurinstellingen zoals rijksbijdragen of commerciële exploitatie.

Programma 6 – Bouwend en bereikbaar Dordrecht

Er klinkt zorg over maatregelen die ten koste gaan van stedelijke aantrekkelijkheid, bereikbaarheid voor toeristen en de levendigheid van de binnenstad. Er is kritiek op voorstellen die op termijn economische schade kunnen opleveren.

Programma 7 – Financiën en overhead

Er worden zorgen geuit over het verlies van subsidie terwijl huurcontracten voor gemeentelijk vastgoed blijven doorlopen. Dit kan leiden tot leegstand en kapitaalvernietiging. Er klinkt een bredere roep om

• Onderzoek of boekhoudkundige afwaardering van vastgoed kan leiden tot lagere huurlasten. • Gebruik structurele onderuitputting en reserves om scherpe randen van 31

Programma

Signalering uit brieven

Suggesties / Alternatieven

structurele overschotten en bezuinigingen te verzachten. reserves mee te nemen in het • Laat instellingen zelf dekkingsplan. voorstellen doen voor lastenverlichting. • Voer een maatschappelijke kosten-batenanalyse uit voor de bezuinigingsmaatregelen. • Maak inzichtelijk wat elke sector bijdraagt aan het totale bezuinigingsvoorstel.

32

DEEL 3 – VERANTWOORDING 2 Inleiding In dit deel van het verslag geven we inzicht in de opzet, uitvoering en verwerking van de tweede fase van het participatieproces. We lichten toe hoe de verschillende participatiebijeenkomsten tot stand kwamen, welke doelgroepen zijn betrokken, en hoe de input is meegenomen in het vervolgproces. Daarnaast reflecteren we op de representativiteit.

2.1 Doelstelling en karakter van fase 2 In fase 2 stond de reflectie op de ambtelijke inventarisatie van mogelijke ombuigingen centraal. Deelnemers werd gevraagd om inhoudelijk te reageren op de voorgestelde maatregelen: welke vinden zij het meest acceptabel of juist problematisch, welke argumenten liggen daaraan ten grondslag, en welke alternatieven of verbeteringen zien zij? In tegenstelling tot fase 1, waarin brede waarden en prioriteiten centraal stonden, was deze fase gericht op kwalitatieve, inhoudelijke reflectie. De inzet was niet om kwantitatief draagvlak te meten, maar om diepere inzichten te verzamelen die bijdragen aan het uiteindelijke voorstel in de Perspectiefnota 2026.

2.2 Hoe is de input uit de participatie gebruikt? De tweede participatiefase draaide om reflectie op de ambtelijke inventarisatie van mogelijke bezuinigingsmaatregelen. Deze inventarisatie is opgesteld op verzoek van het college, dat de ambtelijke organisatie vroeg om breed te zoeken naar maatregelen over alle begrotingsprogramma’s heen, inclusief de gemeenschappelijke regelingen. De enige andere randvoorwaarde was dat de maatregelen juridisch haalbaar en uitvoerbaar moesten zijn. Het college gaf geen inhoudelijke beperkingen mee, zodat ambtenaren de ruimte hadden om zoveel mogelijk mogelijkheden in beeld te brengen. Deze inventarisatie vormde het vertrekpunt van de tweede fase van participatie. De input die tijdens deze fase is opgehaald, is op verschillende manieren benut, zoals beschreven in de volgende alinea's.

2.2.1 Gebruik binnen de ambtelijke organisatie De opbrengsten uit de tweede participatiefase zijn op verschillende manieren benut binnen de ambtelijke organisatie. De input is gebruikt om de mogelijke maatregelen aan te scherpen, door te ontwikkelen en te prioriteren. Maatregel-specifieke opmerkingen zijn uitgezet bij de betrokken teams en – waar mogelijk – verwerkt in de huidige set van ombuigingsmaatregelen. Algemene reflecties zijn samengebracht in de dwarsdoorsnijdende thema’s in hoofdstuk 1.1. Voorstellen voor alternatieve maatregelen zijn beoordeeld op haalbaarheid. Daarnaast vormde de opbrengst van de participatie input voor interne werksessies waarin de inhoudelijke en uitvoerbare kwaliteit van het maatregelenpakket verder is verbeterd.

2.2.2 Bestuurlijk kader Het college heeft de participatie-opbrengsten ook meegenomen bij het opstellen van het bestuurlijk kader: de uitgangspunten die richting geven aan de keuzes in het uiteindelijke ombuigingenpakket.

2.2.3 Besluitvorming raad Op basis van het ambtelijk voorstel en het bestuurlijk kader heeft het college een pakket maatregelen vastgesteld dat wordt voorgelegd aan de raad. De raad, die eerder al input heeft geleverd via de

33

raadsconsultaties, ontvangt dit participatieverslag bij de stukken voor de Perspectiefnota 2026 en kan de opbrengsten meewegen in haar uiteindelijke besluit.

2.3 Participatievormen en methodiek In deze fase van het participatieproces is input verzameld via raadsconsultatie en participatiesessies met kenners. Alle input uit de sessies is samengevat in tabellen per programma, en geanalyseerd op terugkerende thema’s. In dit verslag zijn zowel de inhoudelijke argumenten als de aangedragen alternatieven opgenomen. De gespreksverslagen en bijdragen uit de stad vormen hiervoor de basis.

2.3.1 Raadsconsultatie Op 18 februari 2025 is een bijeenkomst georganiseerd met 46 raads- en commissieleden. Zij bespraken in kleine groepen afzonderlijke begrotingsprogramma’s. In elke groep werd gereflecteerd op de mogelijke maatregelen: welke vinden zij acceptabel, welke niet, en welke alternatieven zien zij? Tijdens de bijeenkomst uitten de leden van enkele fracties bezwaar tegen de gekozen werkwijze, maar in alle groepen heeft (in meer of mindere mate) reflectie plaatsgevonden. De raadsconsultatie vond plaats voorafgaand aan de formele besluitvorming. Raadsleden zijn in deze fase benaderd als kennende gebruikers van de stad: mensen die, vanuit hun rol en ervaring, een breed en verdiept inzicht hebben in wat er leeft onder inwoners, in sectoren en in wijken. Zij zijn dus niet bevraagd als partijvertegenwoordigers of met het doel om politieke standpunten in te brengen, maar juist om hun maatschappelijke kennis in te zetten als input voor het bredere afwegingsproces. We hebben de input van raadsleden in dit verslag apart gepresenteerd, omdat raadsleden uiteindelijk ook de beslissingen nemen.

2.3.2 Kennerssessie Op 6 maart 2025 werd een vergelijkbare sessie georganiseerd met 26 kenners van de stad: inwoners en professionals die Dordrecht goed kennen vanuit hun vakgebied, werkpraktijk of maatschappelijke betrokkenheid. In drie gemengde groepen bespraken zij alle programma’s. Deelnemers werd gevraagd vanuit hun kennis van de stad te reflecteren, niet vanuit organisatiebelangen.

2.3.3 Ingezonden bijdragen Deze bijdragen, die werden ingestuurd na het openbaar maken van de inventarisatie van mogelijke maatregelen in februari 2025, bevatten waardevolle input over hoe mensen de mogelijke maatregelen ervaren en welke alternatieven zij zien. De brieven verschillen van de georganiseerde sessies: ze zijn vaak belanghebbend en sectorspecifiek, terwijl de gesprekken met de raad en met de kenners juist gericht waren op het geheel en de onderlinge samenhang van keuzes. Hoewel deze brieven niet op dezelfde manier zijn ingebed in het participatieproces als de consultatiebijeenkomsten, vormen ze wél een belangrijk signaal van maatschappelijke betrokkenheid. Daarom hebben ze een plek in dit verslag gekregen. Ze versterken het proces door aanvullende inzichten te geven die het college en de raad kunnen helpen bij het wegen van de maatschappelijke effecten van mogelijke maatregelen.

2.4 Doelgroepen In deze fase zijn verschillende doelgroepen betrokken: • •

Raads- en commissieleden, die vanuit hun rol als volksvertegenwoordiger een reflectie gaven op de voorgestelde maatregelen. Hun input wordt als bestuurlijke consultatie gepositioneerd. Kenners van de stad, die op persoonlijke titel zijn uitgenodigd vanwege hun inhoudelijke kennis en betrokkenheid bij Dordrecht. Sommigen zijn werkzaam bij maatschappelijke organisaties, maar hebben in deze fase niet namens hun organisatie gesproken. 34

•

Inwoners en instellingen die een bijdrage instuurden, vaak met directe betrokkenheid bij één of meerdere mogelijke maatregelen. Hun bijdragen waren meer sectoraal gericht.

2.5 Communicatie 2.5.1 Terugkoppeling naar deelnemers De gemeente heeft verschillende communicatiemomenten ingericht om deelnemers en andere geïnteresseerden op de hoogte te houden van het proces: •

In november 2024 is het participatieverslag van fase 1 gedeeld met alle deelnemers uit de eerste fase, inclusief toelichting op het vervolg.

•

In februari 2025 zijn alle deelnemers geïnformeerd over de tweede fase van het participatieproces en het belang ervan.

•

In april 2025 ontvingen deze deelnemers opnieuw bericht, met informatie over de tweede participatiefase met raads- en kennerssessies en het verdere proces richting de Perspectiefnota.

2.5.2 Informatievoorziening via de gemeentelijke website Op de website van de gemeente Dordrecht is onder het kopje 'Onze stad' een themapagina ingericht over de bezuinigingen en het bijbehorende participatietraject. Deze pagina wordt regelmatig bijgewerkt en biedt inwoners en andere betrokkenen inzicht in het proces, de planning en de verschillende fasen van het traject richting de Perspectiefnota 2026. Op de website staat toegelicht waarom bezuinigingen nodig zijn en welke stappen de gemeente zet om tot verantwoorde keuzes te komen. Ook kunnen inwoners er vinden op welke momenten de stad is betrokken in het proces en staat er een link naar het participatieproces van de eerste fase. Daarnaast is op de pagina de volledige inventarisatie van mogelijke maatregelen te vinden, samen met andere relevante bestuurlijke documenten. Om inwoners goed te informeren is op de pagina ook een overzicht opgenomen van veelgestelde vragen en antwoorden. In uitnodigingen voor participatiebijeenkomsten en terugkoppelingen is steeds naar deze pagina verwezen. Ook dit participatieverslag krijgt een plek op deze pagina. De themapagina is bereikbaar via: www.dordrecht.nl/bezuinigingen

2.6 Reactie in de media Na het openbaar maken van de inventarisatie van mogelijke maatregelen zijn diverse media-artikelen verschenen over de mogelijke bezuinigingen. Dit leidde lokaal en regionaal tot aandacht voor de inhoud van het voorstel en voor de maatschappelijke impact van specifieke maatregelen. Hoewel deze media-aandacht geen directe vorm van participatie is, laat het wel zien dat de mogelijke maatregelen maatschappelijk gevoelig liggen. In sommige gevallen leidde dit tot aanvullende reacties uit de stad, waaronder de ingezonden bijdragen.

2.7 Representativiteit In de eerste fase van het participatietraject hebben we gericht ingezet op brede representativiteit. Het Onderzoekscentrum Drechtsteden heeft daarbij actief gestuurd op een goede afspiegeling van de Dordtse bevolking voor de gesprekken met inwoners. Via een digitale enquête die open stond voor alle inwoners, is input opgehaald uit diverse groepen binnen de stad.

35

In de tweede fase verschoof de focus naar reflectie op de ambtelijke inventarisatie van mogelijke maatregelen. Dit vroeg om meer technische en inhoudelijke kennis over beleid en gemeentefinanciën. Daarom is in deze fase gekozen voor sessies met ‘kenners van de stad’ — mensen die Dordrecht goed kennen vanuit hun vakgebied of maatschappelijke betrokkenheid. Daarmee is deze vorm van participatie vooral rijk aan inhoudelijke argumenten en sectorperspectieven, maar minder representatief voor de volledige diversiteit van de Dordtse bevolking. Bovendien waren kenners met een achtergrond in het sociaal domein sterk oververtegenwoordigd en ondernemers juist ondervertegenwoordigd. Ook de ingezonden brieven kwamen van goed georganiseerde instellingen of individuen die in staat zijn hun stem zelfstandig te laten horen. Hoewel deze aanpak veel waardevolle inzichten heeft opgeleverd, betekent het ook dat sommige groepen die vaak minder gehoord worden – zoals jongeren of inwoners met beperkte taalvaardigheid – in deze fase minder vertegenwoordigd waren. We onderkennen dat dit een terugkerende uitdaging is in participatieprocessen. Tegelijk laat dit ook zien dat verschillende fasen van beleid en besluitvorming om verschillende vormen van participatie vragen.

Bovendien zijn via de gesprekken met kenners en raadsleden, en via de ingezonden brieven, diverse inhoudelijke perspectieven opgehaald die helpen bij het doorgronden van de maatschappelijke gevolgen van bezuinigingen. Het proces laat zien dat participatie niet altijd een volledig beeld geeft van ‘de stad als geheel’, maar wel bijdraagt aan het verdiepen van het bestuurlijk inzicht. Juist daarom blijft het belangrijk om ook bij de verdere besluitvorming aandacht te houden voor de belangen van inwoners die in deze fase minder aan tafel zaten.

36

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/907/documents/40989