Benchmark Huishoudelijk Afval analyserapport peiljaar 2023.pdf .pdf
Tekst van het document
Pagina 32 van 60
Hoeveelheden In 2023 bedroeg de gemiddelde hoeveelheid gescheiden ingezameld textiel 4,7 kg per inwoner. Langzamerhand kruipt de textielinzameling weer uit het dal waar het tijdens de coronajaren in was beland. Echter ook de hoeveelheid textiel in het restafval laat een lichte stijging zien (gemiddeld 6,5 kg textiel per inwoner versus 6,2 kilo in 2022) hetgeen er op duidt dat het scheidingsgedrag nog niet echt verbetert. (n=146) 6
10
11.5
11.5
4.1
5
1.3
1.6
4.5
4.7
2.6
4.6
4.6
4.5
4.7
3 2 1
2023
2022
2021
2020
2019
2018
KLASSE A
0
0.4
2017
0.4
KLASSE B
0.4
BENCHMARK
0
4
5.1
4.9
4.8 4.2
2016
5
5.3
KLASSE D
8.8
5
kg per inwoner
11.2
KLASSE C
kg per inwoner
15
Best practice Gemeente Cranendonck (20851 inwoners, 10% hoogbouw) zamelt de meeste kilo's textiel gescheiden in: 11,5 kg textiel per inwoner. Het grootste deel daarvan wordt ingezameld in bovengrondse textielbakken die in een dichtheid van staan van 1 op 607 huishoudens. De hoeveelheid textiel in het restafval is slechts 1,9 kg per inwoner waarmee Cranendonck op een bovengemiddeld scheidingspercentage uitkomt van 86%. De gemiddelde dichtheid in de benchmark waarop textielcontainers worden geplaatst is 1 op 1460 huishoudens. De ophaalfrequentie bedroeg in 2023 gemiddeld 4 x per jaar, berekend over alleen de gemeenten die dat daadwerkelijk doen (n=35). Zij halen daarmee gemiddeld 0,8 kg per inwoner aan textiel op. Dit gebeurt veelal in aanvulling op de textielcontainers die in de gemeente staan opgesteld.
Kosten De totale kosten voor inzameling, op- en overslag en verwerking van textiel, inclusief de opbrengsten, bedroegen in 2023 gemiddeld € -0,17 per huisaansluiting. Dit is echter een rekenkundig gemiddelde want de verschillen per gemeenten zijn groot. Sommige gemeenten late de opbrengsten aan de charitatieve instellingen, andere gemeenten doen dat niet. Daarnaast is de marktprijs zeer wispelturig --> bijlage 5. De kosten per ton bedroegen in 2023 gemiddeld € -1,-. Per huisaansluiting
Per ton
(n=82) 0.49
200
Inzamel- en verwerkingskosten
-31
-1
BENCHMARK
-74
KLASSE D
BENCHMARK
40
0 -100
KLASSE D
KLASSE C
-0.78
KLASSE B
-1.0
-0.4
100
KLASSE C
-0.17
-0.5
100
KLASSE B
0.0
KLASSE A
0.3
€ per ton
0.5
KLASSE A
€ per aansluiting
(n=83)
Inzamel- en verwerkingskosten
Pagina 33 van 60
4.7 Overig fijn huishoudelijk afval KCA
Luiers
(n=146)
(n=41) 10
1.4
0.7
5.2
4
3.9
3.3 2.3
2 0
0.1
BENCHMARK
0.1
0.4
KLASSE D
0.3
0.5
8.9
0.7
0.1
0
0
BENCHMARK
1.5
5.5
KLASSE D
1.4
KLASSE C
0
1.1
KLASSE B
1
1.4
6
KLASSE C
2.4 2
2
8.9
8.1
8
KLASSE B
3
3.2
kg per inwoner
3.2
KLASSE A
kg per inwoner
4
KCA wordt veelal uitsluitend op de milieustraat ingezameld, ofschoon steeds meer gemeenten met een mobiele milieustraat ook weer ophalen nabij huis. De gemiddelde hoeveeheid kca in 2023 bedroeg 1,4 kg per inwoner. In hoogbouwklasse A (50 tot 100% hoogbouw) blijft de gemiddelde hoeveelheid kca achter op de overige hoogbouwklassen. Analyse van het ongescheiden restafval laat zien dat er gemiddeld nog 0,5 kg per inwoner aan kca in het restafval zit. De best presterende gemeente (een diftargemeente in hoogbouwklasse D) zamelde 3,2 kg per inwoner in .
Ongeveer een kwart van de benchmarkgemeenten (met name niet-stedelijke diftargemeenten) zamelde luiers en incontinentiemateriaal apart in. In 2023 werd gemiddeld 3,9 kg per inwoner apart ingezameld. Dit cijfer is berekend over de 41 gemeenten die hiervoor cijfers hebben aangeleverd in de benchmark. Analyse van het restafval laat zien dat er gemiddeld nog 9,7 kg per inwoner in het restafval zit (n = 136). De best presterende gemeente is een diftargemeente in hoogbouwklasse D en zamelde 8,9 kg per inwoner in.
Frituurvet
Nagescheiden stoffen
(n=109)
(n=18)
0.04
0.04
0.16
0.02
0.13
0.01
Frituurvet is een stroom die veelal op de milieustraat apart wordt ingenomen. In 2023 werd gemiddeld 0,13 kg per inwoner ingezameld. In hoogbouwklasse A (50 tot 100% hoogbouw) werd gemiddeld 0,05 kg ingezameld, terwijl in hoogbouwklasse D 0,16 kg werd ingezameld. De best presterende gemeente zamelde 0,43 kg per inwoner in.
68
60 40
54 40
37
2
5
20 0
54 38 7 4 2
21 2
BENCHMARK
0.01
KLASSE A
0.0
0.14
BENCHMARK
0.05
0.12
KLASSE C
0.1
0.12
KLASSE D
0.2
80
KLASSE D
0.3
93
KLASSE C
0.36
93
KLASSE B
0.35
100
0.43
kg per inwoner
0.4
KLASSE B
kg per inwoner
0.43
KLASSE A
0.5
Nagescheiden stoffen zijn minerale stoffen en organisch materiaal (onf). Het zijn veelal de bijproducten die ontstaan bij de nascheiding van pmd uit restafval. De gemiddelde hoeveelheid nagescheiden stoffen van de 18 gemeenten die hiervoor data hebben aangeleverd bedroeg in 2023 38 kg per inwoner.
Pagina 34 van 60
4.8 Grof huishoudelijk afval Iets meer dan een kwart van het huishoudelijk afval (27%) is grof huishoudelijk afval: afval en grondstoffen die qua formaat niet in een inzamelmiddel passen en om die reden apart van het fijn huishoudelijk afval worden ingezameld. Gemiddeld 81% van het grof huishoudelijk afval wordt bron- of nagescheiden. Niet al het huishoudelijk afval dat gescheiden wordt, wordt daadwerkelijk ingevoerd in het recycleproces. Het gemiddelde recyclepercentage van het grof huishoudelijk afval is 58%. Het verschil wordt bepaald door grofstromen die om milieureden worden gescheiden maar niet kunnen worden gerecycled (bijv. asbest) of grofstromen die na scheiding nuttig worden toegepast (bijv. deel van hout). Door grof huishoudelijk afval te recyclen in plaats van te verbranden kan veel CO2-uitstoot worden bespaard. Enkele grofstromen waaronder afgedankte elektr(on)ische apparaten en oud ijzer hebben een hoge CO2-reductiecoëfficiënt. Scheidingspercentage
Recyclepercentage
(n=150)
(n=150)
120
120
61
84
81
58
40
80 58
60
48
40
39
20
35
5
5
KLASSE D
BENCHMARK
KLASSE C
KLASSE A
0
KLASSE B
20 0
74
76
54
58
30
33
63
58
4
4
BENCHMARK
82
97
KLASSE D
60
78
97
100
KLASSE C
73
95
KLASSE A
%
80
93
KLASSE B
84
100
%
100
100
Opvallend is de grote spreiding in scheidingspercentage in klasse D. In deze klasse zitten zowel gemeenten die alleen grondstoffen inzamelen en geen grof restafval, als gemeenten die het inzamelen van grondstoffen aan private milieustraten overlaten en zelf alleen beperkt grof huishoudelijk restafval inzamelen.
Hoeveelheden In 2023 werd in de benchmark gemiddeld 124 kilogram per inwoner aan grof huishoudelijk afval ingezameld. Daarvan werd 103 kg bron- en/of nagescheiden. Het restant (grof restafval + verbouwingsrestafval) bedroeg in 2023 gemiddeld 21 kilogram per inwoner. De hoeveelheid grof huishoudelijk afval neemt toe naarmate het hoogbouwpercentage afneemt. In hoogbouwklasse D (0 t/m 19% hoogbouw) zijn de huizen gemiddeld groter en hebben meer huizen een tuin, wat resulteert in 45% meer grof huishoudelijk afvalaanbod dan in hoogbouwklasse A (50 t/m 100% hoogbouw). Vooral de hoeveelheden tuinafval, hout en puin maken het verschil. Grof huishoudelijk
Ingezameld grof huishoudelijk restafval
Grof restafval Nagescheiden grondstoffen Grof tuinafval AEEA Huisraad Oud Ijzer Hout AB Hout C Puin Overig gescheiden
16
29
25
20 23
0
24
21
21
26
19
21
BENCHMARK
19
21
39
KLASSE D
26
40
KLASSE C
41
21
BENCHMARK
25
24
28 23
23
KLASSE D
26
26
124
KLASSE B
23
29
KLASSE C
25
50 0
20
138
KLASSE A
85
128
KLASSE B
100
116
(n=150) kg per inwoner
150
KLASSE A
kg per inwoner
(n=150)
Grof restafval Nagescheiden grondstoffen uit grof restafval
Pagina 35 van 60
De hoeveelheid grof restafval wordt weergegeven na aftrek van de hoeveelheid grondstoffen die uit het grof restafval worden nagescheiden. Vooral in hoogbouwklasse A (50 t/m 100% hoogbouw) wordt een groot deel van de scheiding van grof huishoudelijk afval gerealiseerd met nascheiding. Van de gemiddeld 39 kg ingezameld grof restafval resteert slechts 23 kg per inwoner na nascheiding.
Trend In de trendgrafieken is het effect van de corona-pandemie nog altijd goed waarneembaar. De jaren 2020 en 2022 laten een duidelijke piek zien in het huishoudelijk afvalaanbod en het grof restafval. het scheidingspercentage is redelijk stabiel gebleven. Een relatief grote stroom van het grof huishoudelijk afval is grof tuinafval. Na een dip in 2022, toen er vanwege de droogte weinig loof- en takkenafval vrijkwam, is de hoeveelheid tuinafval in 2023 weer aangetrokken. Grof huishoudelijk
Scheidingspercentage
(n=150)
(n=150)
200
100
kg per inwoner
150
143
134
151
134
84%
80
146 126
124
81%
80%
82%
81%
60
%
100
84%
83%
40 50
20
Grof restafval
2023
2022
2021
2020
2019
Grof tuinafval
(n=150)
(n=146)
30
40 23
20
20
34
25
20
20
21
15 10
kg per inwoner
27
25
5
29
29
28
26
23
20 10
2023
2022
2021
2020
2019
2017
2023
2022
2021
2020
2019
2018
0
2017
0
34
30
2018
kg per inwoner
2018
2017
2023
2022
2021
2020
2019
2018
0
2017
0
Halen versus brengen Het merendeel van het grof huishoudelijk afval (91%) wordt gebracht naar de milieustraat, een klein deel (9%) wordt aan huis opgehaald. Vanuit milieu-optiek heeft brengen de voorkeur ten opzichte van halen omdat op de milieustraat het bronscheiden beter kan worden gefaciliteerd. Het gemiddelde scheidingspercentage van gebracht grof huishoudelijk afval is 81% versus 47% van aan huis opgehaald grof huishoudelijk afval. Bij deze cijfers is nog geen rekening gehouden met eventuele nascheiding. Percentage gebracht grof huishoudelijk
(n=147)
Scheidings% gebracht en gehaald grof huishoudelijk
(n=147)
47%
81%
BENCHMARK
84%
65%
KLASSE D
42%
82%
KLASSE C
78% 44%
KLASSE B
16%
KLASSE A
BENCHMARK
KLASSE D
KLASSE C
KLASSE B
KLASSE A
0
75%
91%
96%
93%
91%
50
50 0
100 %
%
100
150 65%
150
Scheidings% milieustraat Scheidings% halen
Pagina 36 van 60
Een manier om het scheiden van grof huishoudelijk afval (en daarmee het reduceren van de hoeveelheid grof restafval) te verbeteren is door het brengen van grof huishoudelijk afval te stimuleren ten opzichte van het aan huis ophalen ervan. Dat kan bijvoorbeeld door huishoudens te laten betalen per keer dat er grof huishoudelijk restafval wordt opgehaald. Gemeenten die gratis grof afval ophalen, dus geen kosten in rekening brengen per keer dat er wordt opgehaald, halen gemiddeld 15 kg per inwoner aan grof restafval op. Bij gemeenten die tegen betaling ophalen is dat gemiddeld 3 kg per inwoner. Hoeveelheid gehaald grof restafval per acceptatiewijze
(n = 151)
Toegangscontrole milieustraat
(n=149)
17%
40
15% 15
13
Ja, obv (milieu)pas Ja, steekproefgewijs
Ja, obv identiteitsbewijs Nee
Betaald
24 20
20
17
19
20
25
28 22
30
BENCHMARK
KLASSE D
0
KLASSE C
10
KLASSE B
Eerder in deze paragraaf is aangegeven dat er in 2023 gemiddeld 21 kilogram per inwoner aan grof (verbouwings)restafval resteert na bron- en nascheiding. In de figuur hiernaast is weergegeven wat de verschillen zijn tussen gemeenten die grof huishoudelijk afval uitsluitend bronscheiden (n=58) en gemeenten die hun grof restafval ook nascheiden (n=92). Bij gemeenten die hun grof afval nascheiden is de gemiddelde hoeveelheid grof restafval die uiteindelijk naar de verbrandingsoven gaat 20 kg per inwoner, 17% lager dan gemeenten die hun grof huishoudelijk afval alleen bronscheiden.
Grof restafval
23
Nascheiding
KLASSE A
Beperkt gratis
BENCHMARK
KLASSE D
1
3
5
7
7
65%
kg per inwoner
Gratis
KLASSE C
KLASSE A
0
KLASSE B
3
10
5 3
9
15
12
20
26
30
3%
20
kg per inwoner
50
Alleen bronscheiding Bron- en nascheiding
Kringloop en circulaire ambacht De integratie van kringloopinitiatieven in de gemeentelijke inzamelstructuur kan aanzienlijk bijdragen aan de preventie en het hergebruik van grof huishoudelijk afval. Uit de cijfers blijkt dat bijna de helft van de gemeenten (49%) een specifieke ophaalservice voor kringloopgoederen heeft, meestal in samenwerking met lokale kringloopbedrijven. Een ander deel (47%) laat kringloopbedrijven weliswaar actief inzamelen, maar zonder directe gemeentelijke betrokkenheid. Deze samenwerking zorgt ervoor dat waardevolle goederen uit de afvalstroom worden gehaald en een tweede leven krijgen, wat bijdraagt aan een circulaire economie. De gemiddelde inzameling van kringloopgoederen, die in 2023 op 5 kg per inwoner lag, toont dat er potentieel is voor verbetering, vooral door meer kringloopbedrijvigheid te integreren in de gemeentelijke inzamelstructuur. Steeds meer gemeenten en inzamelbedrijven in Nederland werken aan het ontwikkelen van een circulair ambachtscentrum. Dit is een locatie of netwerk van bestaande en/ of nieuwe initiatieven waar hoogwaardig product- en materiaalhergebruik plaatsvindt, bijvoorbeeld door de exploitatie van een reparatiewerkplaats of een secundaire bouwmarkt. Van de gemeenten die hebben deelgenomen aan de benchmark heeft 10% al een circulair ambachtscentrum operationeel en is 12% bezig met de voorbereidingen daarvan.
De meeste gemeenten voorzien daarbij ook in een educatiecentrum en een reparatiewerkplaats.
Pagina 37 van 60
Best practice In bovenstaand licht is inzamelbedrijf Waardlanden ( inzamelbedrijf voor de gemeenten Gorinchem, Hardinxveld-Giessendam, Molenlanden en Vijfheerenlanden) vermeldingswaardig. Sinds 2021 wordt hier gewerkt aan een netwerk van kringloop-, reparatie- en upcycle-faciliteiten die gezamenlijk een ciculair ambachtcentrum voor de regio gaan vormen. Uitvalsbasis 'Ecopark' is sinds het najaar van 2022 in bedrijf. Naast een volwaardige milieustraat is er onder het stortbordes een innamepunt voor kringloopgoederen en een reparatieplaats gevestigd. Daarnaast is er een secundaire bouwmarkt en een educatiecentrum. In de Waardlanden-gemeenten komt gemiddeld 177 kilo per inwoner aan huishoudelijk afval vrij, waarvan het meeste wordt ingeleverd op 1 van de 5 milieustraten, waaronder het Ecopark. Met een gemiddeld scheidingspercentage van 89% behoort Waardlanden tot de best-presterenden in de benchmark als het gaat om de inzameling en verwerking van grof huishoudelijk afval. Er vindt bij Waardlanden ook nascheiding van grof (verbouwings)restafval plaats.
Kosten In 2023 bedroegen de totale kosten van inzameling, op- en overslag en verwerking van grof huishoudelijk afval gemiddeld € 41,- per aansluiting. De inzamelkosten zijn de personele, materiële en/of uitbestede kosten die zijn toegerekend aan de inzameling, inclusief de kosten van de milieustraat. Deze bedroegen gemiddeld € 26,- per aansluiting (€ 117,- per ton). Totale kosten (€/ aansl)
Totale kosten (€ / ton)
Inzamelkosten
26
100 0
Verwerkingskosten
90
94
82
83
78
50
42
40
49
104
109
114
117
BENCHMARK
24
200
KLASSE D
28
€ per ton
27
13
KLASSE C
0
30
12
184
KLASSE B
10
12
41
BENCHMARK
20
13
38
KLASSE D
30
42
KLASSE C
15
300 43
KLASSE B
40
45
KLASSE A
€ per aansluiting
50
(n=97)
178
KLASSE A
(n=102)
Inzamelkosten
Verwerkingskosten
De kosten van de milieustraat (personeel, inzamelmiddelen, kapitaallasten) bedroegen in 2023 gemiddeld € 21,- per aansluiting. Kosten milieustraat (€ / aansl)
23
22
21
KLASSE D
BENCHMARK
21
20
KLASSE C
30
14
0
KLASSE B
10
KLASSE A
€ per aansluiting
(n=98)
Pagina 38 van 60
4.9 Bijplaatsingen Omvang en beleid Bijplaatsingen is een veelvoorkomend probleem, zo blijkt uit de benchmark. Hiermee wordt het fenomeen bedoeld waarbij mensen afval naast de verzamelcontainers plaatsen in plaats van erin. 13% van de deelnemende gemeenten geeft aan hier veel last van te hebben, 57% regelmatig, 28% zelden, en 2% nooit. De gemeenten die geen last hebben van bijplaatsingen zijn overwegend landelijk van karakter (klasse D). Dit kan zijn omdat ze nauwelijks verzamelcontainers hebben staan in de gemeente of dat het aanbiedgedrag gewoonweg beter is (meer sociale controle). Gemiddeld bij 17% van de verzamelcontainers wordt structureel afval bijgeplaatst. Bij 68% van de gemeenten wordt het bijgeplaatste afval direct na constatering en/of melding weggehaald, bij 30% van de gemeenten wordt het verwijderd op een vaste dag in de week en bij slechts 2% blijft het staan tot de eerstvolgende ledigingsdag. Verwijderbeleid bijplaatsingen
(n=134)
2%
Blijft liggen tot de eerstvolgende ledigingsdag Wordt direct na constatering/ melding weggehaald Wordt op vaste dag(en) in de week verwijderd
30%
68%
Rol handhaving De inzet van handhaving kan een belangrijke rol vervullen bij het tegengaan van bijplaatsingen, met als doel een duidelijk signaal af te geven dat dit gedrag niet wordt getolereerd. Uit de benchmark blijkt dat 40% van de gemeenten hun handhavers alleen af sturen op buitensporige bijplaatsingen (omvangrijk, gevaarlijk afval, verkeersonveilige plek). Bij 23% van de gemeenten gaan de handhavers nog wel af op iedere bijplaatsing. 31% van de gemeenten zetten nauwelijks tot geen handhaving in voor bijplaatsingen. Hier zitten ook de gemeenten bij die nauwelijks tot geen last hebben van bijplaatsingen (2%). Welke rol heeft handhaving?
(n=134) 23%
40%
31%
Alleen buitensporige bijplaatsingen gaan via afd. handhaving Alleen containers in specifieke buurten gaan via afd. handhaving Er vindt nauwelijks tot geen handhaving plaats Iedere melding/ constatering gaat via afd. handhaving
6%
Pagina 39 van 60
Communicatie en participatie Naast handhaving worden ook communicatie en participatie ingezet als instrumenten om bijplaatsingen tegen te gaan. Bijna de helft van de gemeenten zet gerichte communicatie in tegen bijplaatsingen. Containeradoptie, waarbij bewoners worden betrokken bij het schoonmaken en -houden van de verzamelcontainerlocatie, vindt bij 28% van de gemeenten plaats.
Gerichte voorlichting
Containeradoptie
(n=134)
(n=133) Ja Nee
28%
Ja Nee
49%
51%
72%
Kosten In 2023 bedroegen de verwijderingskosten van bijplaatsingen gemiddeld € 5,40 per huisaansluiting. Deze kosten zijn opgebouwd uit personele, materiële en eventueel uitbestede kosten die gemaakt worden om het bijgeplaatste afval te verwijderen. De verwerkingskosten zijn daarbij niet meegerekend. Niet iedere gemeente heeft deze kosten inzichtelijk, vooral niet de gemeenten die het schoonhouden van containerlocaties overlaten aan hun BOR-afdeling (beheer en onderhoud openbare ruimte). Bij het bepalen van de gemiddelde kosten zijn deze gemeenten uitgesloten. Verwijderen bijplaatsingen (€ /aansl)
8
7.7
6
4.5
4
5.4
4.6 3
BENCHMARK
KLASSE D
KLASSE C
0
KLASSE B
2 KLASSE A
€ per aansluiting
(n=28)
Pagina 40 van 60
5. Best practices In dit hoofdstuk zijn de gemeenten weergegeven met het hoogste recyclepercentage en de minste hoeveelheid restafval. Daarbij is aangegeven welke inzamelstrategie of beleidskeuze daaraan ten grondslag ligt. Omdat hoogbouw sterk prestatiebelalend is maar nauwelijks beïnvloedbaar, zijn de top 3gemeenten per hoogbouwklasse beschreven. Klasse A (50 tot 100% hoogbouw)
Gemeente
Restafval Scheidings% Diftar (kg/inw)
Schiedam
148
63
Vlaardingen
157
62
Capelle a/d IJssel
167
63
Gemeente
Recycle%
Restafval Diftar (kg/inw)
Haarlem
41
202
Leidschendam-V
40
194
Diemen
40
226
Restafval Uitsluitend Bron- en Frequentie Nascheiding op nascheiding nascheiding verlaging grof rest afstand pmd pmd
Restafval Uitsluitend Bron- en Frequentie Nascheiding op nascheiding nascheiding verlaging grof rest afstand pmd pmd
In hoogbouwklasse A zijn de 3 gemeenten met de minste hoeveelheid restafval (Schiedam, Vlaardingen en Capelle a/d IJssel) allen nascheidingsgemeenten. Bij het nascheiden van pmd worden ook een aantal andere stromen uit het fijn restafval gescheiden (waaronder de organisch natte fractie, minerale stoffen) die een nuttige toepassing krijgen en niet worden verbrand in een afvalverbrandingsinstallatie. Deze stromen worden niet bij het 'restafval' opgeteld, maar ook niet bij recycling. Om die reden is de top-3 van gemeenten met de hoogste recycling van een compleet andere samenstelling. Best-practice in hoogbouwklasse A als het gaat om recycling is gemeente Haarlem. In deze gemeente met 165396 inwoners en 63% hoogbouw wordt 41 % van het huishoudelijk afval ingevoerd in het recycleproces. Bepalende factor daarbij is de afvalscheiding bij de hoogbouw. Fijn restafval wordt vrijwel overal 'op afstand' ingezameld met verzamelcontainers (ook wel omgekeerd inzamelen genoemd). Naast Haarlem doen ook de gemeenten Leidschendam-Voorburg en Diemen het goed met een recyclepercentage van 40%.
Klasse B (30 t/m 49% hoogbouw)
Gemeente
Restafval Scheidings% Diftar (kg/inw)
Harderwijk
97
78
Deventer
98
73
Veenendaal
98
74
Gemeente
Recycle%
Restafval Diftar (kg/inw)
Ede
64
105
Vaals
63
131
Lisse
62
117
Restafval Uitsluitend Bron- en Frequentie Nascheiding op nascheiding nascheiding verlaging grof rest afstand pmd pmd
Restafval Uitsluitend Bron- en Frequentie Nascheiding op nascheiding nascheiding verlaging grof rest afstand pmd pmd
Pagina 41 van 60
Bij hoogbouwklasse B speelt in zekere zin hetzelfde als bij hoogbouwklasse A. Gemeente Harderwijk heeft weliswaar de minste hoeveelheid restafval maar een groot deel daarvan wordt gerealiseerd met de aftrek van de organisch natte fractie die met nascheiding wordt verkregen. Gemeenten Ede, Vaals en Lisse voeren de top-3 aan als het gaat om het hoogste percentage huishoudelijk afval dat in het recycleproces wordt ingevoerd: allen rond de 64%. Ede en Vaals zijn diftar-gemeenten met frequentieverlaging op fijn restafval. Gemeente Lisse is een ex-diftargemeente waarbij het scheidingsgedrag na afschaffing van diftar voor een groot deel op niveau is gebleven. Restafval op afstand (omgekeerd inzamelen) zorgt in deze gemeente nog voor een stimulans om zoveel mogelijk grondstoffen aan huis te scheiden.
Klasse C (20 t/m 29% hoogbouw)
Gemeente
Uitsluitend Bron- en Restafval Omgekeerd Frequentie Nascheiding Scheidings% Diftar nascheiding nascheiding (kg/inw) inzamelen verlaging grof rest pmd pmd
Berg en Dal
68
88
Leusden
81
82
Valkenburg a/d Geul
91
81
Gemeente
Recycle%
Restafval Diftar (kg/inw)
Gulpen-Wittem
75
92
Berg en Dal
74
68
Valkenburg a/d Geul
70
91
Restafval Uitsluitend Bron- en Frequentie Nascheiding op nascheiding nascheiding verlaging grof rest afstand pmd pmd
In top 3 van hoogbouwklasse C zitten geen gemeenten die hun pmd nascheiden. Wel hebben de best presterende gemeenten allen diftar ingevoerd en wordt afvalscheiding gestimuleerd met 'restafval op afstand' of 'frequentieverlaging'. Gemeente Gulpen-Wittem heeft het hoogste recyclepercentage met 75 %. Deze gemeente met 14210 inwoners en 21% hoogbouw heeft relatief veel huishoudelijk afval, waarvan dus 75% wordt ingevoerd in het recycleproces. Desondanks blijft er nog 92 kg aan restafval over.
Klasse D (0 t/m 19% hoogbouw)
Gemeente
Uitsluitend Bron- en Restafval Omgekeerd Frequentie Nascheiding Scheidings% Diftar nascheiding nascheiding (kg/inw) inzamelen verlaging grof rest pmd pmd
Horst a/d Maas
26
96
Bronckhorst
49
86
Druten
50
88
Gemeente
Recycle%
Restafval Diftar (kg/inw)
Horst a/d Maas
90
26
Druten
75
50
Heumen
74
68
Restafval Uitsluitend Bron- en Frequentie Nascheiding op nascheiding nascheiding verlaging grof rest afstand pmd pmd
Best-practice in klasse D en de best-practice in de gehele benchmark is gemeente Horst a/d Maas (43639 inwoners, 10% hoogbouw). Met 26 kg restafval en recyclepercentage van 90 % voert het op beide indicatoren de top 3 aan. Horst a/d Maas had in 2023 tariefdifferentiatie met een betaalzak (alleen voor restafval) en zamelt de meeste grondstoffen met een hoge frequentie aan huis in. Groente-, fruit- en etensresten wordt 104x per jaar ingezameld en op straatniveau zijn brengdepots voor tuinafval ingericht. Naast bronscheiding van pmd vindt er aanvullend nascheiding plaats.
Pagina 42 van 60
Tot slot De Benchmark Huishoudelijk Afval is een product van de NVRD en wordt in samenwerking met Rijkswaterstaat uitgevoerd door CyclusManagement.
Waarborg en anonimiteit Deze benchmarkanalyse bevat de geaggregeerde, gemiddelde resultaten van de Benchmark Huishoudelijk Afval, peiljaar 2023. Het is daarmee een samenvatting op hoofdlijnen. De anonimiteit van resultaten en gegevens van individuele organisaties is in deze benchmark gewaarborgd. In de huidige analyse zijn wel de best practices opgenomen op milieugebied (kg/inw en recycle%). Gemeentelijke hoeveelheden zijn in principe ook te raadplegen via andere publieke bronnen (CBS en VANG-tools). Daarbij zijn best practices een belangrijke bron van informatie en illustreren zij de algemene conclusies en resultaten uit de benchmark.
Contact Voor al uw informatie of vragen over de Benchmark Huishoudelijk Afval en/of over deze analyse, neem contact op met: NVRD T: 088-3770000 | E: post@nvrd.nl
Inhoud benchmark Kijk voor meer informatie over de inhoud van de benchmark op: www.benchmarkafval.nl.
Deelname Deelname aan de de Benchmark Huishoudelijk Afval staat open voor gemeenten en publieke bedrijven. De benchmarkkalender loopt jaarlijks van april t/m oktober. Verspreid over deze periode vinden enkele bijeenkomsten plaats en wordt door deelnemers gegevens aangeleverd. Inschrijven voor de benchmark in 2025 kan tot en met 15 april 2025. Meer informatie over deelname en kalender vindt u op www.benchmarkafval.nl.
NVRD De NVRD verenigt Nederlandse gemeenten verantwoordelijk voor het afvalbeheer en het beheer van de openbare ruimte en hun afval- en reinigingsbedrijven. Kijk voor meer informatie over alle activiteiten van de NVRD op www.nvrd.nl.
Pagina 43 van 60
Bijlage 1 Begrippen Hoogbouw
Hoogbouw is in de benchmark gedefinieerd als zijnde meergezinswoning (CBSdefinitie): elke woning die samen met andere woonruimten c.q. bedrijfsruimten een geheel pand vormt. Hieronder vallen flats, galerij-, portiek-, beneden- en bovenwoningen, appartementen en woningen boven bedrijfsruimten, voor zover deze zijn voorzien van een buiten de bedrijfsruimte gelegen toegangsdeur.
Hoogbouwklasse In de Benchmark Huishoudelijk Afval worden organisaties onderling vergeleken met een vergelijkbaar aandeel hoogbouw. Organisaties met een vergelijkbaar aandeel hoogbouw worden gegroepeerd in een ‘klasse’. De volgende klassen worden onderscheiden: - Klasse A: 50 t/m 100% hoogbouw - Klasse B: 30 t/m 49% hoogbouw - Klasse C: 20 t/m 29% hoogbouw - Klasse D: 0 t/m 19% hoogbouw Prestatiegebied
Een cluster van prestatie-indicatoren waarop (bij-)sturing mogelijk is. In de benchmark huishoudelijk afval onderscheiden we 4 prestatiegebieden: milieu (afvalscheidingsprestaties), kosten, service en vaardigheden.
Prestatieindicator
Relatief getal dat het mogelijk maakt prestaties te vergelijken tussen organisaties en eenheden onderling.
Kernprestatieindicator (KPI)
Belangrijkste indicatoren binnen een bepaald prestatiegebied.
Hoeveelheid restafval
KPI van prestatiegebied Milieu (VANG-restafvaldoelstelling). De hoeveelheid afval (inclusief grof restafval en verbouwingsrestafval) die resteert na bron- en nascheiding. Het geeft aan in welke mate men erin is geslaagd om afval te voorkomen dan wel als grondstof terug te brengen in de keten.
Scheidingspercentage
KPI van prestatiegebied Milieu. De hoeveelheid huishoudelijk afval die door bronen nascheiding beschikbaar komt voor hergebruik, als percentage van de totale hoeveelheid huishoudelijk afval die bij huishoudens vrijkomt.
Recyclingpercentage
KPI van prestatiegebied Milieu (VANG-recyclingdoelstelling). Het aandeel van het huishoudelijk afval dat na inzameling, (bron- en na-)scheiding, sortering e verwerking uiteindelijk het recycleproces wordt ingevoerd. Het recyclepercentage ligt doorgaans lager dan het scheidingspercentage door de verliezen die plaatsvinden bij het sorteren en verwerken van de grondstoffen, en door afvalstromen die wel gescheiden worden ingezameld maar niet gerecycled kunnen worden (bijv. asbest).
Nietgerecycled huishoudelijk afval
De hoeveelheid afval die na (bron- en na-)scheiding, sortering en verwerking niet wordt ingevoerd in het recycleproces.
(Afval-) beheerkosten
KPI van prestatiegebied Kosten. De totale directe en indirecte kosten die gemoeid zijn met de uitvoering van de gemeentelijke zorgplicht, verminderd met de vergoedingen die worden verkregen uit producentenverantwoordelijkheid. Niet te verwarren met de afvalstoffenheffing waar veelal ook btw-compensatie, kwijtscheldingen en kosten zwerfafval in zijn opgenomen.
Fijn huishoudelijk afval (FHA)
Huishoudelijk afval dat qua formaat past in een inzamelmiddel (minicontainer, zak, verzamelcontainer). Het betreffen de afvalstromen: fijn restafval, gft, oud papier en karton, kunststof verpakkingen, glas, textiel, kca/kga, metalen verpakkingen (blik), drankenkartons, luiers en minerale stoffen.
Pagina 44 van 60
Grof huishoudelijk afval (GHA)
Huishoudelijk afval dat qua formaat niet past in een inzamelmiddel en om die reden apart van het fijn huishoudelijk afval wordt ingezameld (bijv. via milieustraat, kringloopbedrijf, grof ophaaldienst). Het betreffen onder meer de afvalstromen: grof restafval, grof huisraad, metaal, elektrische huishoudelijke apparaten, hout, grof tuinafval, puin, asbest, etc.
Grondstof
Huishoudelijk afval dat apart wordt ingezameld dan wel wordt nagescheiden ten behoeve van recycling. Grondstoffen zijn bijv. gft, oud papier, kunststof verpakkingen, metalen verpakkingen, drankenkartons, hout, tuinafval, etc.
Inzamelstrategie Aanpak die wordt toegepast om afvalscheiding te bevorderen en de hoeveelheid restafval te minimaliseren. Voorbeelden van inzamelstrategieën zijn diftar, omgekeerd inzamelen, nascheiding, frequentieverlaging Tariefdifferentiatie
Prestatiebepalende inzamelstrategie, ook wel diftar genoemd. Naast een vast tarief betalen huishoudens een variabel tarief naar rato de hoeveelheid restafval die wordt aangeboden.
Servicedifferentiatie
Prestatiebepalende inzamelstrategie. Wordt soms ook omgekeerd inzamelen genoemd. Het serviceniveau van de grondstoffeninzameling wordt verhoogd en het serviceniveau van de restafvalinzameling verlaagd.
Restafval op afstand
Serviceverlagende maatregel voor fijn restafval. Fijn restafval wordt niet meer aan huis opgehaald maar door bewoners zelf gebracht naar verzamelcontainers op buurtniveau.
Frequentieverlaging restafval Bronscheiding
Serviceverlagende maatregel voor fijn restafval. Fijn restafval wordt minder vaak aan huis opgehaald (bijvoorbeeld 1 x per 3 weken of 1x per 4 weken).
Nascheiding
Het afval wordt fabrieksmatig gescheiden, nadat het is ingezameld door de inzamelaar.
Nascheiding pmd
Plastic verpakkingen, metalen verpakkingen en drankenkartons die fabrieksmatig uit het fijn restafval worden gescheiden.
Inzamelwijze
Wijze van inzameling. Bijvoorbeeld: aan huis (al dan niet gebruikmakend van individuele inzamelmiddelen) of brengen (naar collectieve inzamelmiddelen waaronder verzamelcontainers, buurtdepots of milieustraat).
Inzamelmiddel
Een voor de inzameling van afvalstoffen bestemd opslag- of bewaarmiddel, bijvoorbeeld een huisvuilzak, minicontainer, afvalemmer, kca-box of big bag, ten behoeve van één huishouden, of een verzamelcontainer ten behoeve van meerdere huishoudens. Rolcontainer met inhoud variërend van 60 tot 360 liter, in gebruik bij een individueel huishouden als inzamelmiddel voor huishoudelijk afval (restafval, gft, oud papier of pmd).
Minicontainer
Het afval wordt door de ontdoener (lees: huishouden) gescheiden op de plek waar het vrijkomt, voordat het wordt ingezameld.
Verzamelcontainer
Container voor inzameling van afvalstoffen die gebruikt wordt door meerdere aansluitingen (ook wel wijkcontainer genoemd).
Milieustraat
Bemande brengvoorziening waar de burger afval naar toe kan brengen en waar personeel aanwezig is die toezicht houdt op het afdankgedrag van de burger
Fijn restafval
Het afval dat resteert na bronscheiding van grondstoffen (zoals gft, papier, glas, textiel, pmd, metalen, etc). Fijn restafval past in het inzamelmiddel dat in het inzamelgebied wordt gebruikt (zak, minicontainer) i.t.t. grof restafval. Restafval is een ongescheiden stroom.
Pagina 45 van 60
Groente-, fruit- en tuinafval (gft)
Dat deel van de huishoudelijke afvalstoffen dat van organische oorsprong is. Het gft afval past in het inzamelmiddel dat in het inzamelgebied wordt gebruikt (verzamelcontainer, minicontainer). Deze stroom wordt gescheiden ingezameld.
Oud papier en karton (opk)
Het huishoudelijk oud papier en karton (bijvoorbeeld kranten, reclamedrukwerk, verpakkingspapier en –karton, telefoongidsen, etc.). Deze stroom wordt gescheiden ingezameld.
Kunststof verpakkingen
Het huishoudelijk kunststof verpakkingsafval, bijvoorbeeld petflessen, kunststof zakken, folies, botervloten, en harde kunststof flacons. Deze stroom wordt gescheiden ingezameld.
Glas Het huishoudelijk glas (alle soorten eenmalig verpakkingsglas). Deze stroom (verpakkingsglas)wordt gescheiden ingezameld. Textiel
Het huishoudelijk textiel, zoals bijvoorbeeld kleding, schoeisel, lakens, dekens, handdoeken en dergelijke, schoeisels, grote lappen stof en gordijnen die schoon zijn en niet eerder gebruikt als bijvoorbeeld poets- of verflappen. Deze stroom wordt gescheiden ingezameld.
Klein chemisch afval (KCA)
Klein chemisch afval of klein gevaarlijk Afval: afvalstoffen die als gevaarlijk worden aangemerkt en die in kleine hoeveelheden bij huishoudens vrijkomen. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om verfresten, spaarlampen en medicijnen. Deze stroom wordt gescheiden ingezameld.
Metalen verpakkingen (blik)
Metalen verpakkingen (ferro of non-ferro); blik.
Drankenkartons Laminaatachtige drankverpakkingen (zuivelpakken, drankenpakken). PMD
Kunststof verpakkingen, Metalen verpakkingen en drankenkartons. Zie eerdere definities. Deze drie afvalcomponenten worden veelal in combinatie ingezameld en achteraf gesorteerd.
Grof restafval
Niet gescheiden ingezameld restafval dat te groot of te zwaar is om op dezelfde wijze als het huishoudelijk restafval te worden aangeboden. Het deel van het restafval dat te groot is voor het inzamelmiddel dat in het inzamelgebied wordt gebruikt (bijv. meubels). Grof restafval is een ongescheiden stroom.
Verbouwingsrestafval / (bouw- en sloopafval)
Harde steenachtige materialen, zoals puin, gasbeton, dakpannen, serviesgoed, sloophout en isolatiematerialen. Verbouwingsrestafval (bouw- en sloopafval) is een ongescheiden stroom.
Grof tuinafval
Het deel van het tuinafval dat te groot is voor het inzamelmiddel dat in het inzamelgebied wordt gebruikt (veelal takken). Deze stroom wordt gescheiden ingezameld.
Grof gescheiden
Het deel van het grof huishoudelijk afval dat gescheiden wordt ingezameld ten behoeve van hergebruik.
Bijplaatsing
Afval dat naast een verzamelcontainer wordt geplaatst en tot straatvervuiling leidt.
Pagina 46 van 60
Bijlage 2 Representativiteit Aan de benchmark peiljaar 2023 hebben 122 deelnemers meegedaan die samen 151 vragenlijsten hebben ingevuld en in totaal 189 gemeenten vertegenwoordigen. Daarmee beslaat de benchmark 55% van de Nederlandse gemeenten.
Dekking 2023
In deze bijlage wordt stilgestaan bij de representativiteit van de benchmark: de mate waarin het deelnemersveld van de benchmark een goede afspiegeling vormt van Nederland. Hieronder wordt de representativiteit geanalyseerd per: - provincie - hoogbouwklasse - tariefdifferentiatie (diftar) - tariefdifferentiatie per hoogbouwklasse - scheidingswijze pmd - inzamelstrategie Ontleend aan de aanvullende CBS-enquête (peiljaar 2022, bewerkt naar 2023) is per provincie, hoogbouwklasse, inzamelstrategie, etc. aangegeven hoe groot de 'daadwerkelijke' populatie in Nederland is. Gerelateerd aan de benchmarkpopulatie is de dekkingsgraad van de benchmark per subgroep weergegeven. per provincie
per hoogbouwklasse
Pagina 47 van 60
per hoogbouwklasse
per inzamelstrategie diftar
per hoogbouwklasse en inzamelstrategie diftar
per scheidingswijze pmd
per inzamelstrategie
Pagina 48 van 60
Bijlage 3 Correlatie tussen kernprestaties In deze bijlage onderzoeken we de mogelijke verbanden die bestaan tussen de prestatiegebieden MILIEU, KOSTEN en DIENSTVERLENING. Dat doen we vooral door het weergeven van zogeheten 'plotdiagrammen' waarin iedere keer een kernprestatie van het ene prestatiegebied wordt vergeleken met een kernprestatie van een ander prestatiegebied. Het verband tussen MILIEU en KOSTEN is al weergegeven in paragraaf 2.5.
Milieu versus dienstverlening Recycling versus dienstverlening grondstoffen
(n=151)
Recycling versus dienstverlening restafval
(n=151)
90%
90%
80%
80%
70%
70%
Recycling (%)
100%
Recycling (%)
100%
60% 50%
60% 50%
40%
40%
30%
30%
20%
20% 0
200
400
600
0
Dienstverleingsniveau grondstoffen (score)
Recycling versus dienstverlening grondstoffen
per hoogbouwklasse
20
60
80
Recycling versus dienstverlening restafval
per hoogbouwklasse
70%
70% KLASSE D
65%
KLASSE D
65%
60%
60% KLASSE C
KLASSE C
55%
Recycling (%)
Recycling (%)
40
Dienstverleingsniveau restafval (score)
KLASSE B 50% 45% 40%
55% KLASSE B 50% 45% 40%
35%
KLASSE A
30% 200
35%
KLASSE A
30% 250
300
350
Dienstverleingsniveau grondstoffen (score)
20
30
40
50
60
70
Dienstverleingsniveau restafval (score)
Hier worden twee dienstverleningsindicatoren - één voor grondstoffeninzameling en één voor restafvalinzameling - afgezet tegen het recyclepercentage. Er lijkt vooral een verband zichtbaar tussen het dienstverleningsniveau van de restafvalinzameling en het recyclepercentage: hoe meer service er wordt verleend op de (grof)restafval inzameling, hoe slechter er wordt gescheiden en gerecycled.
Pagina 49 van 60
Kosten versus dienstverlening Beheerkosten versus dienstverlening grondstoffen
Beheerkosten versus dienstverlening restafval
(n=116)
350%
350
300%
300
Beheerkosten (€/ aansl)
Beheerkosten (€/ aansl)
(n=116)
250%
200%
150%
100%
250
200
150
100
50%
50 0
200
400
600
0
Dienstverleingsniveau grondstoffen (score)
Beheerkosten versus dienstverlening grondstoffen
per hoogbouwklasse
20
40
80
Beheerkosten versus dienstverlening restafval
per hoogbouwklasse
235
235 KLASSE B KLASSE A
KLASSE B
230
230
225
225
Beheerkosten (€/ aansl)
Beheerkosten (€/ aansl)
60
Dienstverleingsniveau restafval (score)
KLASSE C 220
215
210
205
KLASSE A
KLASSE C 220
215
210
205 KLASSE D
200 200
KLASSE D 200
250
300
350
Dienstverleingsniveau grondstoffen (score)
20
30
40
50
60
70
Dienstverleingsniveau restafval (score)
De relatie tussen het dienstverleningsniveau en recycling is voor zowel de grondstoffeninzameling als de restafvalinzameling duidelijk en voordehand liggend: hoe hoger de mate van dienstverlening hoe hoger de totale beheerkosten.
Pagina 50 van 60
Bijlage 4 Inzamelstrategieën per hoogbouwklasse Hieronder worden de resultaten (hoeveelheid restafval, totale beheerkosten) per inzamelstrategie en per hoogbouwklasse weergegeven. Door het uitkristalliseren van de resultaten naar 16 sub-groepen (4 inzamelstrategieën x 4 hoogbouwklassen) is het aantal meting per subgroep (n-waarde) in sommige gevallen erg laag. Dit maakt deze analyse erg gevoelig voor individuele uitschieters. Aantal metingen (n-waarde)
Hoogbouwklasse A Recycling versus beheerkosten
Restafval versus beheerkosten
37%
214
35.5% 35% 34.5% 34%
210 208 206 204 SERV DIF
202
33.5% 33% 226
BASIS
212
SERV DIF
36%
Restafval (kg/inw)
Recycling (%)
36.5%
BASIS 228
230
232
234
200 226
236
Beheerkosten (€ per aansl)
228
230
232
234
236
Beheerkosten (€ per aansl)
Hoogbouwklasse B Recycling versus beheerkosten
Recycling (%)
58%
Restafval versus beheerkosten 220
DIFTAR / SERV DIF DIFTAR
200
56% 54% 52% 50%
SERV DIF
48% BASIS
46% 44% 220
230
Restafval (kg/inw)
60%
Beheerkosten (€ per aansl)
250
SERV DIF
180 160 140 120
240
BASIS
100 220
DIFTAR / SERV DIF DIFTAR 230
240
250
Beheerkosten (€ per aansl)
Pagina 51 van 60
Hoogbouwklasse C Recycling versus beheerkosten
Restafval versus beheerkosten
70%
200
DIFTAR DIFTAR / SERV DIF
60% 55% SERV DIF 50% 45% 180
BASIS
200
220
240
Restafval (kg/inw)
Recycling (%)
65%
220
180
SERV DIF
160 140 120 100 180
260
BASIS
Beheerkosten (€ per aansl)
DIFTAR DIFTAR / SERV DIF 200
220
240
260
Beheerkosten (€ per aansl)
Hoogbouwklasse D Recycling versus beheerkosten 72%
160
DIFTAR
150
68% 66%
Restafval (kg/inw)
Recycling (%)
70%
Restafval versus beheerkosten
DIFTAR / SERV DIF
64% 62% 60%
BASIS
SERV DIF
58% 56% 150
200
250
Beheerkosten (€ per aansl)
300
140 130
SERV DIF BASIS
120 110 100 90 80 150
DIFTAR / SERV DIF DIFTAR 200
250
300
Beheerkosten (€ per aansl)
Pagina 52 van 60
Bijlage 5 Kosten per stroom Hieronder is per afval- en grondstofstroom de kostenontwikkeling weergegeven van de afgelopen 7 jaar. In de linker grafieken zijn de kosten per huisaansluiting weergegeven, in de rechter grafieken de kosten per ingezamelde ton. Het betreffen de totale kosten van inzameling, overslag, transport en verwerking. De inzamelvergoedingen van Verpact zijn hier niet in meegenomen. Voor PMD zijn alleen de inzamelkosten (per huisaansluiting en per ton) weergegeven. Fijn restafval
. 300
66
60
61
57
65
61
70
73
73
250
€ per ton
40
200 150
196
254
155
150
139
137
142
145
120 11
100
33
PMD
9
27
4
2022
12
2016
2023
2022
2021
2017
2020
2016
20 0
2019
1
2018
1
2
2021
3
52
40
2020
4
60
2019
5
2023
€ per ton
6
82
80
2018
9
8
119
2017
10
0
2023
2022
2021
.
12
2
2023
2022
2021
2020
2019
163 135
2016
2023
2022
2021
2020
0
2019
0
2018
50
Oud papier en karton
197
100
10
2017
189
2020
31 27
20
2016
2018
200
40
2019
37
2018
37
2017
29
.
€ per ton
32
30
35
2017
2016
2023
2022
2021
2020
2019
2018
2017
2016
0
40
.
25
400
18
19
20
300
€ per ton
20 15 10
311
336
334
200 100
5
2023
2023
2022
0
2021
0
2022
€ per huisaansluiting
182
235
50
Groente- fruit en tuinafval
€ per huisaansluiting
167
213
100
20 0
€ per huisaansluiting
169
2021
€ per huisaansluiting
80
** In de PMD-grafieken is de kostenontwikkeling weergegeven vanaf 2021 ipv 2016. In de peiljaren 2016 t/m 2020 zijn de inzamelkosten van pmd per abuis verkeerd berekend in de benchmark waardoor deze niet vergelijkbaar zijn met de inzamelkosten in de peiljaren daarna.
Pagina 53 van 60
34 40 40 200
100
-0.2
-0.5
-1 -100
-1.4 -114 -94 109
80
101
0
2023
2022
50
2021
2020
3.6
2023
0.8
40 44
2022
0.5 47
2021
.
1.5 54
2020
Textiel 2019
0
2019
0
2018
20
2018
1
2017
60
2017
2.1
2016
1.5
€ per ton
2.7
€ per ton
2023
4
2016
0.0
2023
2022
2021
3.4
2023
40
2022
-1 1
2022
1.1
2021
1.0
2020
2.3
2020
2019
2.7
2021
31
2019
2018
3
2020
32
2019
32
2018
-1.5
2018
30 -1
2017
2
2017
2016
€ per huisaansluiting 2.5
2017
2016
€ per huisaansluiting -1.0
2016
€ per huisaansluiting
Glas .
72 79
54
30
112
-1
-155 -97
-200
Grof huishoudelijk
50
35 41
20
10
0
Pagina 54 van 60
Bijlage 6 Regievaardigheden Niet uitputtend is een 26tal regievaardigheden uitgevraagd in de benchmark. Gevraagd is of de betreffende regievaardigheid van toepassing is. Er zijn vier categorieën vaardigheden uitgevraagd: beleidsregie, burgerregie, informatiesturing en circulariteit. In de onderstaande tabel is weergegeven bij hoeveel % van de regiegemeenten de betreffende vaardigheid van toepassing is (n=86).
Beleidsregie BENCHMARK Er heeft de afgelopen 5 jaar een uitvoerige beleidsevaluatie plaatsgevonden
72%
Er is een actueel afvalbeleidsplan voor huishoudelijk afval vastgesteld
72%
Bewoners zijn betrokken bij opstellen beleidsplan
59%
Er is een afvalpreventieplan of -paragraaf opgesteld
48%
Er worden regelmatig sorteeranalyses voor fijn restafval uitgevoerd
92%
Er worden regelmatig sorteeranalyses voor grof restafval uitgevoerd
33%
Er heeft de afgelopen 5 jaar een uitvoerig bewonersonderzoek plaatsgevonden
83%
Burgerregie Er wordt jaarlijks een communicatiekalender opgesteld
81%
Er wordt regelmatig een communicatiecampagne rond afvalscheiding uitgevoerd
90%
Er wordt regelmatig een communicatiecampagne rond afvalpreventie uitgevoerd
56%
Gemeente maakt gebruik van afvalcoaches
71%
Er is een mobiele afval-app voor bewoners
97%
Met de mobiele app kun je een grofvuilafspraak maken
54%
Met de mobiele app kunnen bewoners klachten doorgeven
46%
Informatiesturing Inzamelgegevens worden per deelstroom en inzamelwijze geregistreerd
98%
Er vindt registratie van aanbiedgedrag plaats (containermanagement)
67%
Er wordt jaarlijks een afval-grondstoffenmonitor opgesteld
69%
Prestatie-indicatoren maken deel uit van de Planning & Control cyclus
81%
Er vindt uren en kostenregistratie per inzamelactiviteit plaats
72%
Gemeente voert actief contractmanagement met verwerkers en leveranciers
87%
Circulariteit Er is een actueel beleidsplan Circulaire Economie opgesteld
57%
Er is binnen de organisatie een ketenregisseur aangesteld
36%
Er vindt registratie plaats op circulaire indicatoren
44%
Circulariteit maakt onderdeel uit van contracten met ketenpartners
84%
De inzameldienst doet aan circulaire inkoop
79%
De inzamelmiddelen zijn vervaardigd van circulair materiaal
65%
Pagina 55 van 60
Bijlage 7 Facts & figures Bij hoeveel procent van de gemeenten is een gratis keukenbakje voor gfe verstrekt? Of bij hoeveel procent van de gemeenten worden plannen voorbereid voor het exploiteren van een circulair ambachtscentrum? In de hierna weergegeven diagrammen wordt op diverse onderwerpen weergegeven wat de stand van zaken is.
Inzamelmiddel gfe bij gestapelde bouw (n=136)
14% 4%
Keukenbakje gfe verstrekt? (n=148)
32%
14% 6%
12% 15%
23%
17%
63%
Verzamelcontainers met pasjes Vrij toegankelijke verzamelcontainers Minicontainers in beugel Citybin Geen
Anders
Wordt de nieuwe wel-niet-lijst voor gft/e toegepast? (n=139)
Ja, alleen bij hoogbouw Ja, bij alle huishoudens Ja, in sommige wijken/ pilotbasis
Nee
T-fractie apart van GFE-fractie ingezameld? (n=143)
2% 1% 11% 4% 97% 86%
Ja Ja
Mee bezig
Mee bezig
Hoe vindt de verrekening plaats met verenigingen? (n=97)
Inzameling opk door verenigingen? (n=138)
9%
20% 7%
Nee
Nee
52%
22%
Ze ontvangen vaste prijs per ton of per huish. Ze ontvangen een garantieprijs met een opslag Ze mogen de opbrengsten houden Anders
40%
14% 4% 32%
In deel gemeente doen ze de hele inzameling In deel gemeente leveren ze de beladers Ja, zij doen gehele inzameling incl.transport Ja, zij leveren de beladers Nee, gemeente doet de inzameling zelf
Pagina 56 van 60
Scheidingsmethode pmd bij laagbouw (n=151)
Scheidingsmethode pmd bij hoogbouw (n=151)
11% 5%
15% 15% 71%
84%
Uitsluitend bronscheiding Bron- en nascheiding Uitsluitend nascheiding
Uitsluitend bronscheiding Bron- en nascheiding Uitsluitend nascheiding
Toegangscontrole milieustraat? (n=149)
Bedrijven welkom op milieustraat? (n=148)
4% 14%
17% 3% 15%
65% 82%
Ja, obv (milieu)pas Ja, obv identiteitsbewijs Ja, steekproefgewijs
Nee
Acceptatiebeleid grof halen (n=150)
Ja, hiervoor gelden dezelfde acceptatieregels Ja, maar hiervoor gelden andere acceptatiereg Nee, bedrijven worden geweerd
Nascheiding grof restafval (n=151)
25% 17% 4%
75%
53% 25%
Ja
Nee
Beperkt aantal keer of hoeveelheid gratis, daarna betaald Geen ophaalservice Onbeperkt gratis Volledig betaald
Pagina 57 van 60
Last van bijplaatsingen naast verzamelcontainers? (n=136)
27%
Circulair ambachtcentrum? (n=148)
10% 12%
2%
78%
57%
14%
Ja Nooit Zelden
Regelmatig
Charitatieve instellingen betrokken bij textielinzameling? (n=145)
34%
38%
Gedeeltelijk
Nee
Worden de grondstofcontainers gecontrolleerd op vervuiling? (n=145)
37%
47%
12% 4%
28%
Ja
In voorbereiding
Veel
Nee
Ja, incidenteel in deel van gemeente Ja, structureel in deel van gemeente Ja, structureel overal Nee
Mobiele milieustraat? (n=148)
11%
89%
Ja
Nee
Pagina 58 van 60
Actief beleid tegen voedselverspilling? (n=136)
Vermijdbare voedselresten in restafval onderzocht met sorteeranalyse? (n=129)
7% 10% 29% 84%
Ja
71%
Mee bezig
Nee Ja
Opt-in systeem voor reclamefolders? (n=142)
Nee
Glas op kleur gescheiden ingezameld? (n=145)
23%
10%
6% 71% 90%
Ja
Mee bezig
Nee Ja
GFT wegen op de wagen? (n=143)
Nee
Restafval wegen op de wagen? (n=139)
4% 1% 17% 1% 95% 82%
Ja
Mee bezig
Nee Ja
Mee bezig
Nee
Pagina 59 van 60
Ledigingswijze textiel (n=136)
29% 46%
25%
Met bovengrondse containers en handmatig gelost Met bovengrondse containers en machinaal gelost Met ondergrondse containers en machinaal gelost
Pagina 60 van 60