CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen Groenlinks over Groenblauwplan.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 1 februari 2022, gemeente DordrechtBij agendapunt: 21: Raadsinformatiebrief over groenblauwprogramma Dordrecht - Raadsinformatiebrief1.216 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen Groenblauwplan

Datum; 13 januari 2022

Geacht college, Dank voor het programma Groenblauw waarin wij een aantal inspirerende ambities zien die wij van harte ondersteunen. Wij hebben nog enkele vragen. 1. Kan van de Groenblauwevisiekaart (Urbanisaten 2020) (figuur 5, p. 22) een duidelijker versie, inclusief legenda ter beschikking worden gesteld? Zie de bijlage. 2. Op p. 36/37 spreekt u over adviescommissies voor de thema’s klimaatadaptatie, biodiversiteit en gezondheid. Hoe worden deze commissie samengesteld? Gaat het om ambtelijke commissies? Spelen deskundigen en natuur- en milieuorganisaties hierbij een rol? Op dit moment bestaan de commissies uit ambtenaren. Een rol lijkt weggelegd voor bijvoorbeeld andere organisaties, maar is nog niet eerder ter sprake geweest. De kaders waarbinnen de commissies opereren moeten dan wel goed uitgewerkt worden omdat een wettelijk kader ontbreekt. 3. Wat betekent de formulering ‘minstens 40% groenblauwe wijken’? Dat 4 van de 10 wijken het predicaat ‘groenblauw’ moeten hebben (hoe is dat gedefinieerd?)? Dat in elke wijk 40% van het totale oppervlak groen of blauw moet zijn? Of gaat het om de onbebouwde ruimte, of de publieke ruimte? Dit geldt voor elke wijk in Dordrecht. In nieuwbouwwijken wordt nagestreefd dat 40% van de wijk groenblauw is ingericht. Dat kan zijn als openbaar of privaat groenblauw en op straatniveau maar ook op bijvoorbeeld daken of constructies.

Om dit uit te werken, zullen we op wijkniveau bepalen welke vergroening mogelijk is (waarbij 40% de streefwaarde is). Overigens is dit geen nieuwe eis. In het woningbouwproject in Amstelwijk wordt momenteel een 40% groenbauwe stad ontwikkeld. 4. Wordt in dit verband overwogen om gebruik te maken van de mogelijkheid die de Omgevingswet gaat bieden om een bovengrens te stellen aan de verharding op particulier terrein? We zullen alle kansen die gegeven worden aangrijpen om eisen aan een groenblauwe ruimte te stellen. We voelen het als een gemis dat dit nog onvoldoende in wet- en regelgeving is vastgelegd. In het pilot-omgevingsplan voor de Schilbuurt onderzoeken we of en welke regels nodig zijn voor (het ontmoedigen van) verhardingen van particuliere tuinen. Dit kan bijvoorbeeld nodig zijn als, ondanks eigen ingrepen in de eigen openbare ruimte, er te weinig mogelijkheden zijn om water effectief te bergen in een afgebakend gebied.

FB

1

11 juli 2021

5. U besteed veel aandacht aan verkoeling door groen in parken, Dordwijk- en Wantijzone en langs verbindingsroutes. Kunt u aanvullend aangeven wat in (versteende) buurten en wijken verder wordt gedaan om hittestress tegen te gaan? Onlangs zijn we gestart met een onderzoek naar vergroening van de Binnenstad. Naast het thema levendige stad willen we dat ook het thema hittestress wordt opgepakt. Dat kan door het aanplanten van bomen, groen maar ook met constructies zoals pergola's. Er is ook een initiatief om koelteplekken te realiseren in de binnenstad, om de zoveel meter. Dit zit in de uitwerking van de zogenaamde 'beleidsregel groen'. Ook stimuleren we scholen via de ontwerp- en uitvoeringsregeling groenblauwe schoolpleinen om hun schoolplein te vergroenen en daarbij ook bomen te planten om hittestress op schoolpleinen tegen te gaan. Daarnaast wordt gewerkt aan een lokaal hitteplan voor Dordrecht waarin staat uitgewerkt hoe we inwoners in het geval van een hittegolf informeren over het tegengaan van hittestress. 6. U besteed aandacht aan een diverse vegetatie ter bevordering van biodiversiteit. Hoe worden inzichten over welke soorten vegetatie welke insecten- en andere faunasoorten aantrekken, betrokken? U zegt iets over wilde bijen, maar niet over andere soorten. Dat klopt, hoe meer variatie in vegetatie, hoe beter de basis voor de biodiversiteit.

Dit heeft te maken met de hoeveelheid levensomstandigheden die we kunnen realiseren voor planten en dieren. In een eenvormige vegetatie (zoals gazon) vestigen zich namelijk minder planten en dieren dan bij een natuurlijke overgang van gras naar bos (met meer variatie). We noemen in projecten regelmatig voorbeelden van soorten die hier baat bij hebben, zoals bijen bij meer bloemen. Andere soorten profiteren ook van de maatregel, denk bijvoorbeeld aan andere nectar-etende insecten. En dat trekt weer vogels en zoogdieren aan. Op verschillende plekken in de stad hebben we monitoringstrajecten opgestart. Uit deze onderzoeken komt naar voren welke soorten we helpen door het aanbieden van diverse vegetaties. Hiermee krijgen we meer inzichten welke andere soorten we erbij helpen. Deze kennis is op dit moment helaas nog onvoldoende beschikbaar. 7. Op p. 43 geeft u aan dat bij de keuze voor boomsoorten rekening wordt gehouden met overlast, bijv. door vallende vruchten. Betekent dat dat u voorkeur geeft aan niet-vruchtdragende soorten of varianten, en dus ook vaak aan niet bloeiende varianten? Hoe verhoudt zich dit tot het bevorderen van biodiversiteit? Vallende vruchten zijn een probleem op straat en op bijvoorbeeld speelplaatsen. Als de vruchten afvallen op groen is het probleem veel minder, maar ontstaat er soms overlast door rottend fruit met wespen die daar op afkomen.

Het is steeds een afweging tussen acceptatie (door inwoners) en overlast die bepalen of het aanplanten van vruchtdragende soorten slaagt. De wens is wel om het thema voedsel meer te integreren in het openbare groen. Overigens bloeien veel boomsoorten nogal onopvallend zoals lindes en esdoorns met veel minder opvallende vruchten, maar hebben ze een grote invloed op met name insecten. 8. Een van de beheergroepen die u noemt (p. 24) is ‘onkruid op verharding’. Het woord ‘onkruid’ suggereert dat het ongewenst is en besteden moet worden. Is die duiding correct, of erkent u dat vegetatie in verharding soms ook een waardevolle rol kan vervullen, zowel voor aantrekkelijkheid als voor biodiversiteit? De duiding is correct. De term onkruid op verharding wordt vrij gemakkelijk gebruikt en is feitelijk een vakterm. Bedoeld wordt de begroeiing op straat die daar problemen veroorzaakt vanwege betreedbaarheid, waterafvoer en ophoping van zwerfafval. Hier is het verwijderen van planten daarom noodzakelijk. Vegetatie in verharding kan zeker een waardevolle taak vervullen. Daarvoor is dan nog wel een juiste uitwerking vereist. Zo zijn verhardingen in oude steegjes in de Binnenstad waardevol voor planten, en geldt dit ook voor planten in kademuren. Een betere gebalanceerde afweging is nodig in plaatsen waar het echt noodzakelijk is de plantengroei te

FB

2

11 juli 2021

stoppen of juist te laten gaan. Dit is overigens een onderwerp wat we komende tijd zullen oppakken. 9. Het valt ons op dat op bedrijfsterreinen geen ecologisch beheer gaat plaatsvinden. Waarom is die keuze gemaakt. Zowel voor aantrekkelijkheid, ecologische verbindingen als voor biodiversiteiten zouden hier toch goede mogelijkheden kunnen liggen? Het klopt niet dat op bedrijfsterreinen geen ecologisch beheer gaat plaatsvinden. Het is mogelijk dat het plan daar niet specifiek op in gaat. De afweging voor het wel of niet ecologisch beheren wordt vooral aangegeven door de visiekaart van de Urbanisten. Doorgaande structuren kunnen meer ecologisch onderhouden worden. We ontfermen ons continu over de zoekvraag waar ecologisch beheer mogelijk is, zoals op de bedrijventerreinen. Meer ecologisch beheer, zoals op bedrijventerreinen, blijkt wel degelijk mogelijk als dit andere functies, zoals veiligheid, niet in de weg zit. Strakke contracten (die voor vier jaar gelden) remmen momenteel de mogelijkheid om het beheer anders te organiseren. Daarom kijken we naar aangepaste vormen van aanbesteding van contracten in de toekomst. Een belangrijke wijziging is dat biodiversiteit wordt meegenomen in het aanbestedingstraject. We gaan dan nieuwe contracten aan met de aannemer, waarbij meer ecologisch wordt beheerd. In afwachting van uw antwoorden. Hartelijke groet,

Frans-Bauke van der Meer, fractie GroenLinks

FB

3

11 juli 2021

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/395/documents/15408