Beantwoording technische vragen FvW inzake jacht.pdf
Tekst van het document
Technische vragen ter voorbereiding commissiebehandeling 17 september as. Door fractie van Waardhuizen
Is het mogelijk en is het college bereid om in de vergunningverlening onderscheid te maken in vormen van jacht? Uw vraag beantwoorden wij in een aantal deelantwoorden. In eerste reactie geven wij dat het college niet gaat over vergunningverlening. Het college gaat alleen over de uitgifte van de jachtrechten. De omgevingsdienst gaat o.a. over vergunningverlening aan de jachthouder ten behoeve van afschot ten behoeve van schadebestrijding. Door het bevoegd gezag, de provincie Zuid-Holland wordt aangegeven dat het jachtrecht nodig is om aan populatiebeheer of schadebestrijding te kunnen doen en uitvoering te kunnen geven aan de door de provincie goedgekeurde faunabeheerplannen. Dat volgt uit artikel 11.67 van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). Daar staat: “Een geweer wordt ter uitvoering van de wet alleen gebruikt op een jachtveld met een aaneengesloten oppervlakte van ten minste 40 ha, per jachthouder die in zijn hoedanigheid als jachthouder gerechtigd is tot het uitoefenen van de jacht in dat jachtveld”. Dat betekent dus dat het verhuren van het jachtrecht noodzakelijk is, ook als men als verhuurder alleen beoogt de uitvoering van beheer en schadebestrijding mogelijk te maken. Want ook bij beheer of schadebestrijding gebruikt men een geweer ‘ter uitvoering van de wet’. Ten tweede vraagt u of het college bereid is onderscheid te maken in de vormen van jacht.
Het is mogelijk dat de gemeente bij de uitgifte van de jachtrechten, onderscheid maakt naar verschillende vormen van jacht. De consequentie hiervan is wel dat de verantwoordelijkheid hiervoor volledig bij de gemeente komt te liggen als jachthouder, in plaats van bij de uitvoerende instanties. Hieronder valt dan ook de hieruit voorvloeiende schade en zorg voor een eventwichtige wildstand. Zie ook het antwoord op de vraag over de wettelijke verplichting voor uitvoering van de faunabeheerplannen. Het college wil toestaan dat er op haar gronden schadebeheer kan worden uitgevoerd als onderdeel van het faunabeheer. Zoals hiervoor beschreven heeft het bevoegd gezag, de provincie Zuid Holland bepaald, dat dit via het jachtrecht kan worden toegestaan. Via het jachtrecht wordt ook door daartoe bevoegde instanties uitvoering
gegeven aan de faunabeheerplannen van de provincie waarin meer vormen dan alleen schadebestrijding worden toegestaan. De verschillende vormen van faunabeheer zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Het niet mogelijk maken van jacht in de daarvoor geldende periode, zal naar verwachting leiden tot meer inzet op schadebeheer. Het faunabeheerplan is een complementair plan, met jacht als laagste middel verankerd in het eigendomsrecht. Als bejaging in het jachtseizoen, op door de minister aangewezen soorten die jacht kunnen verdragen, alsnog tot schade of over-populatie van een soort leidt, dan zijn aanvullende maatregelen mogelijk door het bevoegd gezag zoals ontheffingen/vergunningen (derogatie). Een wildbeheereenheid geeft uitvoering aan het faunabeheerplan en bevordert dat het duurzaam beheer van populaties van in het wild levende dieren, de bestrijding van schadeveroorzakende dieren en de jacht worden uitgevoerd in samenwerking met, en ten dienste van, grondgebruikers of terreinbeheerders. In de praktijk betekent dit dat een jager een vergunning moet verkrijgen om te mogen jagen (jachtakte). Dit is zeg maar, het rijbewijs voor de jager. Deze wordt verstrekt door de politie. Dit is een jaarlijks terugkerende activiteit.
Voor het uitoefenen van faunabeheer voor de 5 wildsoorten en de door de landelijk en provincie vrijgestelde soorten, is geen vergunning van de omgevingsdienst nodig. Indien het voor faunabeheer en daarmee tevens voor schadebeheer specifiek, nodig is om te jagen op een niet vrijgestelde soort, dan is hiervoor expliciet een vergunning noodzakelijk.
Aanvullende toelichting op vormen faunabeheer Jacht is de jacht op de 5 wildsoorten (haas, konijn, fazant, duif en wilde eend). Dit is gebonden aan een periode van 15 oktober tot en met 31 december/januari, afhankelijk van het diersoort. Het op een goede wildstand houden van de populatie, is de verantwoordelijkheid van de jachthouder, dat is de WBE. De jachthouder is tevens aansprakelijk indien aantoonbaar te weinig gedaan is om schade veroorzaakt door 1 van deze soorten te voorkomen en verantwoordelijk voor het behoud van de populatie. Schadebestrijding is het voorkomen van dreigende of actuele schade
door het verjagen met ondersteunend afschot. Populatiebeheer is het beheren van de omvangen van de populatie om schade te voorkomen Jacht, beheer en schadebestrijding nader toegelicht: Jacht, schadebestrijding en populatiebeheer zijn drie juridische termen die onderling onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Wettelijke kaders zijn eerder toegelicht in de presentatie van de gemeente. Om de onderliggende verbanden duidelijk te maken is het goed te weten dat de jachthouder de verplichting heeft een goede wildstand te handhaven. Dit houdt dus ook in dat de jachthouder maatregelen neemt als het slechter gaat met een soort. Voorbeelden welke hierbij horen zijn bijvoorbeeld het verbeteren van de biotoop (leefgebied). Voor de wilde eend kan dit het plaatsen van broedkorven betekenen. Voor weide en akkervogels kunnen dit bloemrijke akkerranden zijn waar ook de haas van profiteert. Wanneer er te veel zijn van een soort kan schade ontstaan. Bijvoorbeeld aan gewassen van boeren. Ook het verkeer kan schade ondervinden aan “te veel”. Bij te veel liggen ook ziektes op de loer en komt het dierenwelzijn in het gedrang. Bij te veel is de jachthouder verantwoordelijk voor het terugbrengen van de populatie naar een goede wilstand. In dit kader voert de jachthouder de jacht uit in het kader van populatiebeheer om schades en ziektes te voorkomen.
Belangrijk te benoemen is ook dat de jachthouder aansprakelijk gesteld kan worden indien 1 van de 5 wildsoorten welke vallen onder jacht schade veroorzaakt op de gewassen van de boer. Met andere woorden als de jachthouder het nagelaten heeft de populatie op een gezonde wildstand te houden en de soort veroorzaakt schade dan kan de jachthouder daarvoor aansprakelijk gesteld worden door de boer. Hier komen de juridische termen jacht, populatiebeheer en schadebestrijding dus weer samen. Overzomerende ganzen en reewild valt onder populatiebeheer. De jachthouder volgt hierbij het faunabeheerplan opgesteld door de FBE voor de desbetreffende soort. De populatie moet teruggedrongen worden tot een vastgestelde stand. Populatiebeheer vindt plaats met een planmatige en langdurige aanpak. Dit is een wettelijke eis in het faunabeheerplan. De soort heeft voldoende leefruimte (dierenwelzijn) en zorgt voor zo min mogelijk schade aan gewassen en verkeer. Voor de 5 wildsoorten welke vallen onder jacht is tevens een Faunabeheerplan opgesteld.
Kan en wil de gemeente Dordrecht gedifferentieerde voorwaarden aan de vergunningen koppelen? Zie het antwoord wat hierboven is gegeven.
Is de gemeente Dordrecht op de hoogte van het feit dat zij niet wettelijk verplicht is een Faunabeheerplan uit te voeren? Ondanks het feit dat uitgifte van het jachtrecht om faunabeheer mogelijk te maken, geen wettelijke verplichting is, voelt de gemeente het als haar maatschappelijke verantwoordelijkheid om uitvoering van het faunabeheerplan van de provincie Zuid-Holland mogelijk te maken om daarmee de provincie te ondersteunen bij het uitvoeren van haar beleid. De provincie doet hiertoe ook een nadrukkelijk verzoek op mede-overheden zoals bijvoorbeeld het verzoek van de Provincie zoals verwoord in hun brief van 22 mei 2018 aan het college van B&W. In het geval dat de gemeente geen faunabeheer mogelijk maakt, kan zij verantwoordelijk worden gesteld voor geleden schade. Dit wil het college voorkomen. Het niet verhuren van jacht, beheer en schadebestrijding betekent ook dat agrariërs geen recht op schadevergoeding hebben bij BIJ12 door de grondgebruiker.
Worden alle gemeentelijke jachtrechten aan wildbeheereenheid Hoekse Waard verhuurd, of ook aan jagers die niet verbonden zijn aan de WBE? Op de gronden van de gemeente waarop nieuwe jachtrechten worden uitgegeven, worden deze allemaal aan de WBE uitgegeven. De WBE verhuurt de jachtrechten door aan hun leden.
De gemeente heeft gesprekken en afspraken gemaakt in het kader van dierenbeleid in 2022 met enkele partijen over wildaanrijdingen in het buitengebied. Heeft de geplande evaluatie inmiddels plaatsgevonden en zijn de eerste voorgestelde snelheidsremmende maatregelen om aanrijdingen met reeën (en recreanten) te voorkomen, zoals aanpassingen verkeersbesluit, versmallingen, asverspringingen en plateaus, nog verder besproken met betrokken partijen, of uitgevoerd in het buitengebied? Het college wil middels het faunabeheer het risico op wildaanrijdingen beperken. Van de afdeling verkeer is vernomen dat er op de volgende wegen (buiten de bebouwde kom) maatregelen zijn getroffen. Van Elzelingenweg voor een deel 30 km/uur in combinatie met bord
overstekend wild. Op de overige wegen, Oude Veerweg, Nieuwe Merwedeweg en provinciale weg adviessnelheid 50 km/uur plus bord met overstekend wild. Ook op de landbouwweg is een adviessnelheid van 50 km/uur en eveneens bord overstekend wild. Verder is de omgevingstafel A16 een gesprekstafel waar de valwildproblematiek rondom de A16 wordt besproken. Ieder jaar vindt er door de WBE een evaluatie plaats of de genomen maatregelen afdoende helpend zijn ter voorkomen van valwild. Daar waar meer maatregelen nodig zijn wordt in gesprek gegaan met de verschillende wegbeheerders. Een voorbeeld hiervan is het aanpassen van het maaibeleid.
Heeft de gemeente informatie over getaxeerde (landbouw)schade op het eiland van Dordrecht? En zo ja, is dit gedifferentieerd op soortniveau? De gemeente heeft geen schademeldingen gekregen. Wel is zij door agrariërs gewezen op ontstane en mogelijke toekomstige schade. De precieze schade is nog niet bekend omdat veel percelen nog geoogst moeten worden en de het laatste taxatiemoment dan pas plaats vindt. Door de agrariërs is aangegeven dat schade is ontstaan aan tarwe, boontjes, suikerbieten, aardappelen en gras(zaad).
Welke maatregelen treft de gemeente of heeft de gemeente al getroffen om verdere achteruitgang te voorkomen en om de stand van de vijf jachtsoorten die of op de Rode Lijst staan of zich in een ongunstige staat van instandhouding bevinden te herstellen? Door de uitvoering van het faunabeheer over te laten aan de WBE binnen het door de provincie opgestelde faunabeheerplan, maakt de gemeente het mogelijk om achteruitgang te voorkomen.
Door welke partijen, anders dan de FBE Zuid-Holland en de WBE Hoeksche Waard, laat de gemeente zich informeren over de aantallen dieren van de bepaalde diersoorten die op het eiland van Dordrecht leven? Uitvoering van het faunabeheer ligt volledig in handen WBE. Door de FBE worden aantallen gemonitord. Hiervoor worden landelijke vastgestelde telprotocollen gebruikt.
Welke bevoegdheden hebben de jagers van de WBE? Hebben zij bijvoorbeeld ontheffing om door een natuurgebied te rijden? De bevoegdheden van jagers zijn geregeld middels de verhuur van het jachtrecht vanuit de WBE aan de huurders/leden. Alleen valwildafhandelaren (dood of gewond wild dier) en reewildcooördinatoren (monitoren gezondheid populatie reewild) komen met een opdracht in natuurgebieden. Bij controle door Boa’s en Staatbosbeheer is het kunnen tonen van deze opdracht afdoende.
Is de gemeente bereid om informatie in te winnen bij de gemeente Amersfoort. Deze gemeente heeft de jacht op hun gemeentegronden gestopt (de jachtrechten niet verhuurt) en zij ontmoedigen ook andere grondeigenaren in de gemeente om de jacht niet toe te staan. Je hoeft het wiel niet overnieuw uit te vinden. Er is ambtelijk contact geweest met de gemeente Amersfoort. Door de betreffende ambtenaar wordt aangegeven dat het grondbezit beperkt is en dat het een politiek besluit is geweest. Dit was mogelijk omdat het geen directe consequenties had voor het faunabeheer.
In de commissie van 3 september is aangegeven dat er m.b.t. de landbouwgronden diervriendelijke en innovatieve methoden zijn om eventuele schade te voorkomen. Is het college bereid om een werkgroep in het leven te roepen bestaande uit de diverse partijen om deze mogelijkheden te onderzoeken? En een advies uit te brengen over de plezierjacht, beheerjacht en schadebestrijding en de resultaten voor het zomerreces van 2025 aan de politiek voor te leggen? Door de provincie zijn reeds diverse onderzoeken gedaan waarvan de uitkomsten zijn verwerkt in de faunabeheerplannen. Deze zijn voor elk relevante diersoort reeds opgesteld. Verder onderzoek naar alternatieve en innovatieve methodes gebeurt idealiter samen met het bevoegd gezag de provincie, FBE en WBE zodat de uitkomsten geborgd worden in de faunabeheerplannen zodat er sprake is van erkende maatregelen. De gemeente kan hierbij partner zijn. Tijdens de bespreking op 3 september 2024 werd door de aanwezige agrariërs en de WBE niet onwelwillend gereageerd op deze innovatieve/alternatieve methodes. Verschillende onderzoeken met betrekking tot faunaschade zijn terug te vinden op de site van BIJ12: Onderzoek - BIJ12