Beantwoording technische vragen CDA over het jachtrecht sept 2024 DEF_120924.pdf
Tekst van het document
1. Tijdslijn uitgifte jachtrechten: U vraagt om een tijdlijn weer te geven over het proces van de uitgifte van het schadebeheer: •
31.12.2023: einde bestaande jachthuurovereenkomst • 15.1.2024: definitief besluit tot uitgifte aan WBE; • 25.1.2024: publicatie uitgifte jachtrechten IHKV arrest Didam; • 14.2.2024: dagvaarding tegen voorgenomen uitgifte; (kort geding) • Februari/Maart 2024: Overleg tussen advocaat gemeente en advocaat van verzoeker over het dossier (advocaat gemeente); • 3.03.2024: Kort geding ingetrokken in wederzijds overleg tussen partijen; • April/mei: opstellen nieuw contract n.a.v. uitkomst kort geding • 10.06 2024: Tweede publicatie IHKV arrest Didam (20 dagen reactietermijn belanghebbende); • 20.06.2024: motie “In gesprek over de jacht” van Partij van de Dieren aangenomen in de gemeenteraad. • 15.07.2024: Naar aanleiding van de motie en de schade die de agrariërs mogelijk zouden hebben, is er overleg geweest tussen de wethouder en de indiener van de motie. In de overeenkomst zijn andere vormen van jacht, anders dan jacht ten behoeve van schadebeheer, uitgesloten, tot de raad uitspraak doet naar aanleiding van de ingediende motie.
Artikel 9 Ontbindende voorwaarde/opschortende voorwaarde Deze overeenkomst kan door de Gemeente onmiddellijk buitengerechtelijk worden ontbonden zodra, naar aanleiding van de uitwerking van de Motie, vaststaat dat de gemeenteraad van de Gemeente het niet (langer) wenselijk acht dat er op haar gronden het recht van de jacht wordt uitgeoefend. •
22.07.2024: ondertekende jachthuurovereenkomst met de WBE toegezonden.
2. Hoe en onder welke voorwaarden wordt de schade, bijvoorbeeld door ganzen aan gewassen, normaal gesproken door boeren gedeclareerd? Boeren (grondgebruikers) kunnen een verzoek om tegemoetkoming indienen bij BIJ12, de organisatie die deze verzoeken namens de provincie afhandelt. De regels m.b.t. de tegemoetkoming zijn te vinden in de Beleidsregel uitvoering Wet natuurbescherming van de provincie Zuid-Holland (https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR436026/3). Als een grondgebruiker in aanmerking wil komen voor een tegemoetkoming in de faunaschade, moet er afdoende gebruik worden gemaakt van de door de provincie afgegeven ontheffing of vrijstelling die afschot mogelijk maakt. In de regel houdt dit in dat er minimaal twee keer per week afschot moet plaatsvinden. Afschot dient plaats te vinden in aanvulling op eventuele andere preventieve middelen, zoals vlaggen, knalapparaten etc. Wanneer afschot niet plaatsvindt naar kader van de provincie Zuid-Holland omdat de gemeente dit niet mogelijk
maakt, is de gemeente als grondeigenaar door de grondgebruiker aansprakelijk te stellen voor de geleden schade. https://www.bij12.nl/onderwerp/faunaschade/tegemoetkoming-aanvragen/
3. Kan het college inzicht geven in de schade die er nu ontstaan is op de gepachte percelen? Nee deze schade kan college niet inzichtelijk brengen. Om deze inzichtelijk te brengen, dient deze schade eerst vastgesteld te worden. Deze schade wordt vastgesteld middels een schadetaxatie. Tot op heden is er nog geen schade geclaimd. Wel zijn er bij de gemeente meldingen gedaan door verschillende agrariërs dat er sprake zou zijn van opgetreden schade. Tijdens de behadeling van de motie op 3 september jl. werd door de vertegenwoordiger van de LTO gesproken over eventuele toekomstige tonnen aan schade. Echter kunnen we dit niet feitelijk inzichtelijk maken. Naast het beperken dan wel voorkomen van de schade op de percelen is de inzet van faunabeheer ook nodig om de totale schade veroorzaakt door in het wild levende dieren binnen Zuid-Holland te kunnen beperken/voorkomen. In 2023 heeft de provincie meer dan 7 mln. euro uitgekeerd aan schade. Op 22 mei 2018 is vanuit Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland een brief gestuurd aan de gemeenten waarin de oproep aan iedere gemeente wordt gedaan om o.a. jachtrecht op de gronden buiten de bebouwde kom, maar wel in eigendom van de gemeente te verhuren aan de lokale wildbeheereenheid, zodat ook daar bestrijding van schade door ganzen kan plaatsvinden.
4. Wanneer werd duidelijk dat het uitstellen van het verlenen van het jachtrecht financiële risico's zou veroorzaken? Kan het college uitleggen hoe dit precies werkt? De gemeente heeft de verantwoordelijkheid genomen om het jachtrecht per 1 januari 2024 opnieuw uit te geven. Vanwege juridische stappen is een vertraging opgelopen. In het voorjaar van 2024 (ten tijde van de zaaiperiode) hebben verschillende agrariërs contact opgenomen met de gemeente. Vanaf dat moment werd duidelijk dat de vertraging van het verlenen van het jachtrecht financiële risico's zou kunnen veroorzaken. Hierboven is aangegeven dat een agrariër zijn geleden schade vergoedt krijgt via de instantie BIJ12. Zoals hiervoor beschreven, bestaan er een aantal voorwaarden om voor schadevergoeding in aanmerking te komen. Ten eerste zijn dit de preventieve maatregelen en ten tweede zijn dat de zogenaamde bejaagacties van de uitvoerder (schadebeheerder). Doordat er geen jachthuurovereenkomst is uitgegeven door de gemeente als grondeigenaar aan een jachthouder, kon niet aan de laatste voorwaarde worden voldaan. Er mochten namelijk juridisch geen bejaagacties door de uitvoerder worden uitgevoerd. De financiële risico's komen voor rekening van de gemeente, dit omdat wij als grondeigenaar de jachtrechten niet hebben uitgegeven. Om deze reden kan er op de percelen geen
faunabeheer worden uitgevoerd ter beperken/voorkomen van schade. Hiervan is sprake geweest in de periode van januari 2024 tot juli 2024 Jachtrecht Het jachtrecht is nodig om aan populatiebeheer of schadebestrijding te kunnen doen en uitvoering te kunnen geven aan de door de provincie goedgekeurde faunabeheerplannen. Dat volgt uit artikel 11.67 van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). Daar staat: “Een geweer wordt ter uitvoering van de wet alleen gebruikt op een jachtveld met een aaneengesloten oppervlakte van ten minste 40 ha, per jachthouder die in zijn hoedanigheid als jachthouder is gerechtigd tot het uitoefenen van de jacht in dat jachtveld”. (Link naar het artikel: Artikel 11.76 Besluit activiteiten leefomgeving). Dat betekent dus dat het verhuren van het jachtrecht noodzakelijk is, ook als men als verhuurder alleen beoogt de uitvoering van beheer en schadebestrijding mogelijk te maken. Want ook bij beheer of schadebestrijding gebruikt men een geweer ‘ter uitvoering van de wet’. Echter hier schuilde het probleem: op de genoemde gronden ter grootte van circa 439 ha had niemand de jachtrechten tot de periode juli 2024. Ten eerste omdat de vorige 12 jarige overeenkomst reeds verlopen was en ten tweede omdat de jachtrechten nog (niet) overgedragen waren aan de WBE.
Omdat er geen jachtrechten waren uitgegeven, kon er op de percelen geen uitvoering worden gegeven aan de door GS goedgekeurde faunabeheerplannen en onderliggende besluiten die faunabeheer mogelijk maken (bv beheer van de ganzenpopulatie). Daarnaast is het zo dat een jachtveld een aaneengesloten oppervlakte moet beslaan van minimaal 40 ha. Omdat er kleinere percelen liggen ingeklemd tussen de gemeentelijke percelen, kan op deze percelen niet aan faunabeheer worden gedaan in het geval dat de gemeente geen jachtrechten uitgeeft. Gemeente heeft nadat dit bekend werd een jachtovereenkomst opgesteld, met een ontbindende voorwaarde.
5. Wanneer kan het jachtrecht alsnog worden verleend? In beginsel ligt er nu een jachtovereenkomst tussen de gemeente Dordrecht en de WBE. Zoals hierboven is aangegeven is deze enkel en alleen uitgegeven om de mogelijkheid te bieden om aan schadebeheer te doen. Hiermee hebben we ervoor gezorgd dat agrariërs legitiem schade kunnen claimen bij BIJ12 en daarmee de juridische en financiële risico’s voor de gemeente afgehecht van juli 2024.