CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen Begroting 2024 - 1e en 2e ronde 6 nov 2023.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 7 november 2023, gemeente DordrechtBij agendapunt: 24: Vaststellen Begroting 2024 - Raadsvoorstel6.969 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

MEMO

Contactpersoon Anne-Marie Weistra T 078 770 4156

Van

Cluster Versterking Bestuur en Organisatie

Aan

Griffie

Datum

6 november 2023

E a.weistra@dordrecht.nl

Kenmerk Betreft

Beantwoording technische vragen Begroting 2024

CU-SGP Wethouder Heijkoop 1

Pag. 26: (Bestuurlijk en Ondersteunend) Wat is de verklaring van de zeer forse stijgingen van de stelposten?

De stijging van de stelposten heeft te maken met een wijziging in de begrotingssystematiek. Waar we voorgaande jaren de uitkering van het gemeentefonds zonder loon- en prijscorrectie raamden, is er nu voor gekozen om zowel aan de inkomstenkant (algemene uitkering) en de uitgavenkant (stelpost) meerjarig de verwachte loon en prijsontwikkeling op te nemen. Dit geeft meer inzicht in wat gemeenten aan loon- en prijsstijging kunnen verwachten. Voor 2024 is ook gekozen om een deel van de inflatie op een aparte stelpost te begroten. Lopende het jaar kunnen we dan kijken waar indexering echt nodig is en tussentijds (via de bestuursrapportages) budgetten aanpassen. Wethouder Merx en Burgemeester Kolff

2

Pag. 28: (Levendig, Leefbaar en Veilig) Is het mogelijk een verdeling te geven van de inzet van handhavers in de verschillende wijken?

Alle wijken in Dordrecht hebben voor de herkenbaarheid en wijkkennis minimaal twee vaste handhavers. Alleen Sterrenburg heeft drie handhavers en voor de binnenstad zijn er zes. Parkeercontroleurs vallen niet onder deze telling (antwoord met toevoeging, zoals 1e ronde is aangekondigd). Wethouder de Jonge

1

Kenmerk Datum

3

6 november 2023

Pag. 45: Wat is de oorzaak van de daling van het percentage hernieuwbare elektriciteit?

Het percentage hernieuwbare elektriciteit is 1 van de 34 BBV-indicatoren gehanteerd door het Rijk. Het laatst bekende cijfer uit 2021 betreft 18,8% hernieuwbare energie, t.o.v. 20,4% in 2020. Het aandeel hernieuwbare energie is een percentage. Dit is berekend door de hoeveelheid zelf opgewekte energie te delen door het totale energieverbruik. Hierin is vanaf 2016 9,2 Megawatt windvermogen meegerekend en een vermogen van geregistreerde zonnepanelen dat oploopt van 4.437 kW in 2015 tot 34.501 kW in 2020 en 50.898 kW in 2021. Dat betekent dat we méér duurzame energie opwekken maar dat de vraag naar energie harder stijgt waardoor het percentage afneemt.(antwoord met toevoeging in 2e ronde). Wethouder Merx

4

Pag. 45: Het is fijn dat 80% van de Fixi meldingen in 3 werkdagen wordt afgehandeld (hoop dat dit lukt), maar is het mogelijk te voorkomen dat meldingen na maanden of zelfs jaren nog openstaan? Bijvoorbeeld door iets in te bouwen dat na maximaal een maand een melding verdwijnt en melder een reactie ontvangt in de zin van: helaas is het onmogelijk op deze melding te reageren.

Momenteel is de software niet zo in te richten dat de applicatie meldingen na een bepaalde tijd afsluit. De gemeente neemt een standaard softwareapplicatie af bij leverancier. Het technische beheer en de ontwikkeling van de applicatie ligt bij de leverancier. Van alle meldingen die vóór 2023 zijn gedaan is 99,7% afgehandeld. Het afhandelen van meldingen is aan de behandelaars en in enkele gevallen (0,3%) is dit niet gelukt. Wethouder de Jonge

5

Pag. 46: Wat is de oorzaak dat zowel de baten als de lasten van de post Milieu en Duurzaamheid in 3 jaar tijd met maar liefst 90% afnemen?

2

Een groot deel van de middelen voor milieu en duurzaamheid is tijdelijk toegekend. Zo zijn in het Politiek Akkoord middelen beschikbaar gesteld voor versnelling van de energietransitie voor de periode t/m 2026. De toegekende specifieke uitkeringen vanuit het Rijk zijn ook tijdelijk in de begroting opgenomen, het gaat dan om onder andere de SPUK capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) en de SPUK Energiearmoede. De verwachting is dat het Rijk komende jaren voor duurzaamheid aanvullende middelen beschikbaar stelt, de ontwikkelingen op dit gebied gaan snel. Zo heeft de provinciale toezichthouder begin deze maand besloten dat gemeenten de CDOKE middelen structureel tot 2027 in de begroting mogen opnemen. In de Begroting 2025 zullen wij dit meerjarig verwerken op basis van de laatste actualiteiten. In de Begroting 2024 zijn alleen enkele loonkosten voor duurzaamheid structureel opgenomen t/m 2027.

Kenmerk Datum

6 november 2023

Wethouder van der Linden en wethouder Burggraaf 6

P8. Is de bevolkingsgroei in lijn met de verwachtte aantallen en stijgingen? Hoe zijn we met deze stijging op koers voor de uiteindelijke doelen van 140.000 inwoners?

De bouwontwikkeling, en het tempo hiervan, bepaalt in Dordrecht voor een groot deel de bevolkingsgroei. Het aantal toegevoegde nieuwe woningen bedroeg vorig jaar 2.832, bezien vanaf de periode 2018-2022. Medio 2023 is dit aantal toegenomen tot 3.390. De afgelopen jaren is stevig ingezet op versnelling hiervan. Nu is het vasthouden van het tempo en het voorkomen van vertragingen van belang. Voor deze periode (2022-2026) is tevens het doel opgenomen om 4.000 nieuwe woningen toe te voegen, en voor na 2026 zijn er harde en zachte plannen voor nog 5.000 woningen.

Wethouder Burggraaf 7

P15. Fysieke structuur - In hoeverre is de groei van koopwoningen in lijn met de verwachte aantallen voor 1-1-2023?

- Dit is lastig vergelijken, omdat de gegevens van waarstaatjegemeente.nl (gebruikt voor de begroting) enigszins afwijken van onze eigen voorgangsmonitor. Daarnaast zijn de in de begroting gebruikte cijfers netto (nieuwbouw minus sloopt). De raad heeft geen specifiek doel bepaald voor 1-1-2023, maar de groei is in lijn met de onze prognoses, waarbij we helaas wel constateren dat de ambitie (1.000 woningen per jaar gebouwd) net niet gehaald wordt.

- Qua huurwoningen, wat was het doel qua voor 1-1-2023? - Tellen woningen in aanbouw mee in deze cijfers of zijn dit alleen opgeleverde en bewoonde woningen?

- Qua sociale huurwoningen van de corporaties zouden er volgens planning ruim 200 woningen bij moeten zijn gekomen voor 1-1-2023. Echter, Leerpark 2F is niet eind 2022 opgeleverd, maar begin 2023. Zonder het Leerpark komen de cijfers overeen. De komende jaren zal de sociale huurvoorraad weer toenemen, door het gereedkomen van projecten die in aanbouw zijn of waarvan binnenkort de bouw start. De particuliere huurmarkt is ongeveer gelijk gebleven. Ook hier weer te opmerking dat er geen specifiek doel is bepaald door de raad. - Dit zijn, gezien de bron, alleen opgeleverde woningen. Wethouder Merx en Burgemeester Kolff

8

P29. Handhavers Neemt de gemeente deze nieuwe handhavers ook zelf in dienst zoals eerder per 1 januari dit jaar?

3

Ja, handhavers komen in eigen dienst. Voor de werving van handhavers werken wij samen met een externe partij. Het eerste jaar huren wij de handhaver in en bij goed functioneren bieden we een dienstcontract.

Kenmerk Datum

6 november 2023

College 9

P30. Grote Markt ontwikkeling Hoe gaat de gemeente het komend jaar de Joodse gemeenschap betrekken bij dit proces?

10

P30. Re-integratie-officier Is het bekend of het aantal recidieven van Dordtse inwoners afneemt of toeneemt t.o.v. eerdere jaren?

In 2024 streven we naar een voorlopig ontwerp voor de Grote Markt, waarbij belanghebbenden hun input kunnen geven via doemeedordrecht.nl en een speciaal opgerichte klankbordgroep. Er worden bijeenkomsten gehouden met deze groep om het ontwerp te verfijnen. De Joodse gemeenschap is, als belangrijke stakeholder, daar onderdeel van. Ze hebben de stichting 'Stichting Dordts Joods Overleg' opgericht waarmee al gesprekken zijn gevoerd. In 2024 bespreken we verder met de stichting over de wijze waarop de joodse cultuurhistorie een plek kan krijgen in de nieuwe ontwikkeling van de Grote Markt. Wethouder Merx en burgemeester Kolff Over het totaal aantal recidivisten kunnen we geen antwoord geven. Dit wordt landelijk onderzocht door het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC). Monitoring vindt elke twee jaar plaats. Het laatste onderzoek stamt uit 2021 en heeft betrekking over cijfers tot 2020. In 2021 heeft een evaluatie plaatsgevonden over de recidivecijfers bij de groep die wordt begeleid door de Reintegratie-officier. Daarbij was het cijfer 21% tegenover respectievelijk 36%, 45% en 56% (afhankelijk van het type delict) over een periode van drie jaar. Momenteel wordt uitgebreid onderzoek gedaan naar de effecten van de inzet van de Reintegratie-officier op ex-gedetineerden en recidivisten. Wethouder Merx

11

P34. Actuele risico’s DG&J - Wat is de hoofdreden voor de te hoog afgegeven beschikkingen en wat zijn de inspanningen om dit te voorkomen in de toekomst?

Het betreft hier beschikkingen die afgegeven worden voor Pgb's (Persoonsgebonden Budget). PGB-beschikkingen worden afgegeven op basis van een modelberekening, terwijl de feitelijke uitgaven gedeclareerd mogen worden. De feitelijke uitgaven zijn over het algemeen lager dan de beschikking die wordt afgegeven. We kunnen dit niet geheel voorkomen, maar sturen hier wel op door meer bewustwording te creëren bij jeugdprofessionals van het sociaal wijkteam over de hoogte van Pgb's en deze, waar kan, lager in te schatten. Aan de langere doorlooptijden liggen meerdere oorzaken ten grondslag, zoals de stijging van het aantal meldingen, de grilligheid van de instroom van meldingen en

4

Kenmerk Datum

6 november 2023

- Wat zijn de redenen voor de langere doorlooptijden en vertragingen bij overdrachten van meldingen van Veilig Thuis?

personeelstekort. Daarnaast heeft hoge urgentie en complexe casuïstiek een sterk effect op de doorlooptijd, omdat deze meldingen met spoed beoordeeld moeten worden. Ook vraagt complexe casuïstiek regelmatig om meer tijd om tot een goede beoordeling en een passend vervolg te komen. Wat betreft de vertraging bij overdrachten geldt dat Veilig Thuis beperkt casussen kan overdragen aan ketenpartners, zowel in het gedwongen kader als in het vrijwillige kader, zoals het sociaal wijkteam en de Raad voor de Kinderbescherming. Dit heeft onder andere te maken met wachtlijsten bij deze partners. Ook is de benodigde expertise bij ketenpartners niet altijd aanwezig, waardoor een langere inzet van Veilig Thuis noodzakelijk is. Wethouder Merx

12

P56. POH GGZ JEUGD Welke concrete uitbreiding van deze inzet wordt er precies verwacht?

13

P56. Geldzorgen op de werkvloer / vroegsignalering armoede - Hoeveel werkende armen hebben we momenteel (naar schatting) in Dordrecht? En in hoeverre is dit een toename t.o.v. andere jaren? - Hoe worden vrijwilligers bij sportclubs en sociale initiatieven geïnformeerd over deze vroegsignalering en aanpak?

Inzet is een opschaling van 2,5 FTE naar 5 FTE. Via de werving van huisartsen om mee te doen met de inzet van een POH Jeugd kunnen meer jongeren eerder de juiste zorg krijgen op de juiste plek. En zo worden de kosten ook beheersbaar gehouden. Wethouder Heijkoop Werkende armen is een ruim begrip. In het kader van geldzorgen op de werkvloer richten we ons op alle werknemers met geldzorgen. Het gaat hierbij niet altijd om een laag inkomen, maar kan ook gaan om (beginnende) schulden. 54% van de mensen met geregistreerde problematische schulden heeft inkomen uit loon of winst (zelfstandige). Als we spreken over werkende minima, dan gaat het om mensen die tot maximaal 140% van het Wettelijke sociaal minimum verdienen. Deze groep heeft recht op inkomensondersteuning zowel landelijk (toeslagen) als ons lokaal minimabeleid. Het CBS geeft inzicht in het aantal werkende minima in Dordrecht. Hierbij hebben we werknemers en zelfstandigen bij elkaar opgeteld. We zien een afname. Jaar Personen huishoudens

5

2021 3.400 1.600

2020 3.500 1.700

2019 3.800 1.800

2018 3.800 1.800

Kenmerk Datum

6 november 2023

We zijn gestart met 5 pilot clubs/ initiatieven om te onderzoeken welke mogelijkheden zij zien in het signaleren, bespreekbaar maken en doorverwijzen naar hulp bij geldzorgen. We hebben contact met de besturen en kijken samen met hen welke mogelijkheden vrijwilligers hebben. Indien nodig is er trainingsaanbod of voorlichtingsmateriaal. Ook kunnen sportclubs/ sociale initiatieven een vertrouwde plek zijn voor (financieel)spreekuren, voorlichting of bijvoorbeeld de potjescheck (check op inkomensondersteuning) Wethouder Heijkoop 14

P57. Dordrecht sociaal - In hoeverre is het de bedoeling dat Dordrecht Sociaal zelf ook een ‘merk’ wordt in Dordrecht, aangezien deze titel nog nauwelijks bekendheid lijkt te hebben in de stad en er wel een website is maar die nog altijd praktisch leeg is.

Dordrecht Sociaal is de merknaam van de labels sociaal wijkteam, buurtwerk en jongerenwerk (R-newt). Voor veel inwoners zijn de labels bekender en laagdrempeliger en daarom heeft Dordrecht Sociaal bewust gekozen voor een rustige overgang om te wennen aan de nieuwe merknaam. Wel communiceren zij met de merknaam erbij, bijvoorbeeld: R-newt - Dordrecht Sociaal. Dit jaar nog wordt de website van Dordrecht Sociaal gevuld met de duidelijke vertaling naar de labels. Daar aan gekoppeld maakt Dordrecht Sociaal een communicatie strategie richting inwoners en partners. Deze strategie zal altijd aansluiten bij het inhoudelijke doel van de opdracht aan Dordrecht Sociaal. Wethouder Heijkoop en college

15

P64. Brede welvaart Aangezien er verschillende definities en manieren van meten van brede welvaart bestaan en de gemeente er in haar ambities wel naar verwijst, welke definitie hanteert de gemeente Dordrecht?

Brede welvaart kent inderdaad vele definities. Hier wordt bedoeld dat brede welvaart meer omvat dan alleen de economische invalshoek.

Wethouder Van Benschop 16

P65. Top 20 bedrijven Hoe wordt bepaald of een bedrijf een top 20 bedrijf is?

Belangrijkste indicator is het aantal werkzame personen. Wethouder Van Benschop

17

P67. Schoolverlaters Kan er meer context worden gegeven bij hoe dit doorstroom of coördinatiepunt eruit moet gaan zien?

6

Het doorstroom/coördinatiepunt bestaat al. Het gaat hier om het al bestaande RMC. Hieronder de technische uitleg.

Kenmerk Datum

6 november 2023

RMC-wetgeving en RMC-functie RMC staat voor Meldpunt Voortijdig Schoolverlaters. Met ingang van 1 mei 2023 is RMC vervangen door de naam Doorstroompunt. Jongeren van 18 tot 23 jaar zonder startkwalificatie vallen onder RMC-wetgeving. Het doorstroompunt (RMC) heeft de taak om deze groep te monitoren en uitval te voorkomen, bijvoorbeeld door samen met de school coaching in te zetten als er sprake is van ongeoorloofd verzuim. Indien een jongere is uitgevallen, dan zorgt RMC voor toeleiding naar onderwijs of werk. Indien nodig betrekt RMC het zorgdomein. RMC heeft ook de taak om jongeren van 16 tot 23 uit het praktijkonderwijs en voortgezet speciaal onderwijs (met uitzondering van jongeren uit het vso met uitstroomprofiel onderwijs) te monitoren. Regionaal programma VSV Zuid Holland Zuid (2020-2024) Doorstroompunten (RMC's) en scholen hebben de wettelijke taak elke vier jaar een regionaal programma op te stellen en uit te voeren ter voorkoming en bestrijding van voortijdig schoolverlaten. Dit regionaal programma richt zich op jongeren zonder startkwalificatie van 12 tot 23 jaar (vo en mbo) en op jongeren in een kwetsbare positie. Het moet uitgevallen jongeren zo snel mogelijk begeleiden naar onderwijs of werk en jongeren uit het pro en vso ondersteunen bij de overstap van onderwijs naar werk. PvdD Groen, Duurzaam en Ruimtelijk Wethouder Van der Linden 18

- Dordrecht heeft de ambitie dat in 2030 minimaal 80% van de Dordtse basisscholen een groenblauw schoolplein heeft. (PDF p 170). Voor 2024 is € 100.000 subsidie beschikbaar en voor 2025 nog € 50.000 om de eenmalige ontwerpkosten een groen schoolplein te realiseren.

- In het Politiek Akkoord is € 250.000 beschikbaar gesteld voor het vergroenen van schoolpleinen. In 2023 en 2024 wordt € 100.000 ingezet en in 2025 € 50.000.

- Wordt er na 2025 geen budget voor deze ambitie gereserveerd?

- Vanaf 2026 zijn er geen middelen meer beschikbaar voor het vergroenen van schoolpleinen.

7

Kenmerk Datum

6 november 2023

Wethouder Van der Linden 19

- Dordrecht wil een groene en gezonde stad zijn voor haar inwoners. We zetten op diverse locaties belangrijke stappen in het vergroenen en verduurzamen van onze stad. We dragen vanuit de opgave Groen Blauwe Stad bij aan het vergroenen van de stad. (PDF p 41)

- In de gemeenteraad van 11 april 2023 is het beschikbaar stellen van uitvoeringskrediet opgave Groen Blauwe Stad behandeld. Daarin is de verdeling van de middelen die gereserveerd zijn in het Politiek Akkoord vastgesteld over de periode 2023 t/m 2026.

- Waarom laat de begroting een daling zien van 5,7% in 2027 waardoor er minder is begroot dan in 2024?

- Voor de periode vanaf 2027 zijn geen middelen begroot voor de opgave Groen Blauwe Stad. Wethouder Merx en wethouder Burggraaf

20

Hoe wordt het handboek ‘Natuurinclusief bouwen en ontwikkelen’ ingezet? (PDF p 41)

We passen het handboek toe in de projecten die we de komende jaren gaan uitvoeren. Standaard toepassen betekent dat we bij elk project (zowel in bebouwde omgeving als in de openbare ruimte) natuurinclusief bouwen en ontwikkelen. Anders gezegd ontwikkelen we een duurzame leefomgeving voor minimaal drie soorten. Dat doen we door uit te gaan van de eisen die de dieren en planten stellen aan de omgeving waarin ze voorkomen. Zo maken we vleermuisvoorzieningen in de nieuwbouw van ons nieuwe stadskantoor. De nieuwe beplanting trekt insecten aan, waar ze zich mee kunnen voeden. Niet ver weg, namelijk langs het water van het Spuiboulevard hebben ze de ruimte om op insecten te jagen en om van hun verblijf naar belangrijke jachtgebieden in de omgeving te vliegen. Wethouder Merx

21

Er komen meer grasvelden met bloemen (PDF p41). Worden hiervoor biologische en inheemse bloemen en kruidenmengsels gebruikt? Wat is het maaibeleid bij grasvelden met bloemen?

Ja voor het inzaaien van grasvelden met bloemen worden biologische en inheemse bloemen- en kruidenmengsels toegepast. Het maaibeleid bij grasvelden met bloemen is twee keer maaien en het maaisel afvoeren. De eerste keer maaien gebeurt in juni of juli. Hier blijft een gedeelte van de bloemen staan. De tweede keer maaien we in augustus, september of oktober. Ook hier blijft een gedeelte van de bloemen staan.

Bouwend en Bereikbaar Dordrecht Wethouder Burggraaf

8

Kenmerk Datum

22

6 november 2023

Er is een bouwopgave van 4.000 woningen tot en met 2026 (PDF p 77). Waarom blijft de OZB in de begroting in de periode 2024 t/m 2027 gelijk (PDF p 165)?

Er wordt vanuit behoedzaamheid in de begroting niet gerekend met meerjarige groei. Wel wordt jaarlijks bij het opstellen van de kadernota de begroting bijgesteld voor de gerealiseerde areaaluitbreiding. Wethouder Burggraaf

23

- Hoe verhoudt zich de 1.200 te bouwen sociale huurwoningen t/m 2026 met de (terug) te bouwen 2.000 sociale huurwoningen tot 2031 vanuit de woonvisie? (p 78)

- In het politiek akkoord is ingezet op een forse inhaalslag van het aantal te bouwen sociale huurwoningen. Deze 1.200 sociale huurwoningen (30% van de 4.000 te realiseren woningen) maken deel uit van het totaal van 2.000 te bouwen sociale huurwoningen conform woonvisie.

- Hoeveel sociale huurwoningen worden er dan netto aan de woningvoorraad toegevoegd na het behalen van de doelstellingen?

- Conform woonvisie zal het aantal sociale huurwoningen op 1-1-2031 gelijk zijn aan het aantal op 1-1-2016. Met die 2.000 te bouwen sociale huurwoningen komen we weer op het – afgesproken – niveau van 1-1-2016 uit. Mochten er ontwikkelingen zijn die vragen om een krimp of toename van het aantal sociale huurwoningen, dan wordt hiernaar gehandeld

VVD 24

Algemeen

College

Er worden nog geen KPI’s voorgesteld op de 5 focuspunten uit het politiek akkoord (betaalbare woningen, duurzame en groene stad; bestaanszekerheid en gelijke kansen; groei v.d. economie en arbeidsmarkt en veilige, leefbare en levendige stad). Wanneer kunnen voorstellen voor indicatoren op deze punten verwacht worden?

In de begroting vormen de zes begrotingsprogramma's, en bijbehorende doelstellingen per programma, de vertaling van het Politiek Akkoord (en daarmee de vijf focuspunten) naar een concrete uitvoeringsagenda. Per begrotingsprogramma zijn indicatoren opgenomen, te weten wettelijk verplichte BBV-indicatoren en Dordtse aanvullende indicatoren. In de Begroting 2024 zijn al 6 nieuwe aanvullende indicatoren opgenomen, 1 per programma. In het laatste kwartaal van dit jaar werkt een ambtelijke werkgroep verdere Dordtse aanvullende indicatoren uit, die worden voorgelegd aan de Auditcommissie (zie memo aan Auditcommissie van 24 oktober). Wethouder Heijkoop

25

Klopt het dat er in de begroting nergens een vermelding over het AZC staat? Gaan we dat niet meer doen ?

9

Het is juist dat het AZC niet in de begroting is genoemd. Onlangs is de bestuursovereenkomst met het COA ten aanzien van de komst van het AZC getekend. Daarmee zijn zaken als vergunningaanvraag, start bouw en datum opening een zaak van het COA. De bestuursovereenkomst én de landelijke financiering via het Faciliteitenbesluit opvangcentra zorgen ervoor dat het AZC voor

Kenmerk Datum

6 november 2023

Dordrecht minimaal budgettair neutraal zal verlopen. Zolang het AZC niet geopend is, is er nog geen overzicht te maken van kosten en opbrengsten. Daarom zijn deze niet opgenomen in de begroting. Wethouder Burggraaf, Heijkoop 26

(PDF p.7-8) Dashboard 2030 Mooie hoofddoelstellingen met de 4 subdoelstellingen. - Wat zeggen de cijfers echter t.o.v. het gewenste doel in 2030?

De hoofd- en subdoelstellingen van de Agenda Dordrecht 2030 zijn in 2020 door de raad vastgesteld (zie RIS-dossier 2510937). Het maakt concreet dat we de inzet van Enecomiddelen gebruiken voor strategische investeringen in de stad, die de verdiencapaciteit van de stad bevorderen. De hoofddoelstelling luidt: Dordrecht is een sociaal en economisch sterke centrumstad in het metropoolgebied Rotterdam. Om deze te concretiseren zijn in het prioriteringskader vier subdoelstellingen opgesteld: • Groei van de bevolking in Dordrecht: het aantal inwoners in Dordrecht neemt toe (1) in de tijd en wordt (relatief) jonger (2), hoger opgeleid (3) en welvarender (4). • Groei van de werkgelegenheid in Dordrecht: de werkgelegenheid van Dordrecht neemt toe (1) in de tijd. • Groei van de economie van Dordrecht: de inkomens uit arbeid en kapitaal nemen in Dordrecht toe (1) in de tijd. • Behoud van voorzieningen in Dordrecht: het aanbod van publieke voorzieningen in Dordrecht, zoals zorg, sport en cultuur, blijft minimaal in stand.

- Liggen de doelstellingen op groen richting het gewenste doel?

Om de uitwerking van het beleid t.a.v. de bovenstaande (sub)doelstellingen te monitoren, is onder meer een dashboard (overzicht in één A4) opgesteld, zie hier. In het dashboard zijn financiële kengetallen verbonden en inzichtelijk gecombineerd met de beleidsinhoudelijke doelstellingen uit de Agenda Dordrecht 2030. Het dashboard is één element van de monitoring van de voortgang van de Agenda 2030. Het tempo van de ontwikkelingen richting het gewenste doel in 2030 hangt af van meerdere factoren, zoals de bouwontwikkeling in de stad (zie hier ook vraag 6 en antwoord), het aantal bedrijven, etc. De grafieken van het dashboard laten groei op meerdere factoren zien. Belangrijke noot daarbij is dat de data uit de grafieken voornamelijk afkomstig zijn van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), gebaseerd op 1 januari van dit jaar waar mogelijk. Al wordt altijd de meest recente data gebruikt,

10

Kenmerk Datum

6 november 2023

soms is dit 2023, in bepaalde gevallen kan dit ook 2022 of ouder zijn. Er is dus een vertraging in de data van de grafieken van het dashboard t.o.v. bijvoorbeeld de reële bouwontwikkeling.

27

28

Bestuurlijk en Ondersteunend Dordrecht

College

Algemene doelen bij wat we willen bereiken? Wij missen de concretisering wat daarvoor gedaan gaat worden om dat te bereiken. Dit geldt niet voor de doelstellingen.

In elke begrotingsprogramma's worden concrete doelstellingen en bijbehorende activiteiten beschreven. Deze activiteiten gaan specifiek over wat we in 2024 gaan doen. De activiteiten dragen dus bij aan het bereiken van de doelstellingen. En de doelstellingen zijn daarmee de vertaling voor wat we willen bereiken binnen het begrotingsprogramma.

Levendig, Leefbaar en Veilig Dordrecht

Wethouder Merx en Burgemeester Kolff

Bij wat willen we bereiken staat hier goed omschreven wat er gedaan gaat worden in 2024, maar wat willen we nu juist bereiken? Is dat een algemeen veiligheidsgevoel boven een 6 of juist veilige looproutes zonder obstakels of lagere misdaadcijfers of meer handhavers op straat?

Op dinsdag 14 maart 2023 heeft de gemeenteraad het 'Integraal Veiligheidsplan Dordrecht 2023-2026' vastgesteld, zie ook www.ipvdordrecht.nl. Hierin staan de belangrijkste doelstellingen op het gebied van veiligheid voor de komende jaren. Daarnaast zijn economische en maatschappelijke ontwikkelingen van grote invloed op de veiligheidsbeleving van onze inwoners. We streven naar een juiste balans tussen preventie, repressie en nazorg en grijpen in bij actuele gebeurtenissen.

Groen, Duurzaam en Ruimtelijk Dordrecht Wethouder De Jonge 29

In de begroting op dit programma worden belangrijke zaken gemist zoals: Wanneer wordt een globale planning opgesteld en naar de raad verzonden? Welke onderwerpen worden opgenomen in deze planning om het doel klimaatneutraal in 2040 te halen? Verder wordt niets over de doelstelling 2024 vermeld rondom Zon, Wind, warmtenet, afspraken verduurzaming WoCo’s etc.

11

De startnotitie Klimaatneutraal ligt nu bij uw raad. Hierin is een globale planning en een overzicht van relevante onderwerpen opgenomen. In 2024 wordt de routekaart Klimaatneutraal 2040 aangeboden aan uw raad. In de routekaart staan de maatregelen die de gemeente gaat nemen in deze collegeperiode alsook die van de partners in de stad. Daarnaast komt er een overzicht van de maatregelen in de periode tot 2040 – voor zover we die nu kunnen geven - waarvan we weten dat ze nodig zijn om klimaatneutraliteit te bereiken maar die pas na de huidige collegeperiode tot uitwerking en tot uitvoering komen. Voor de thema’s Energie en Mobiliteit heeft uw raad al programma’s met doelen en onderwerpen vastgesteld. Voor de planning en activiteiten rond de energie- en warmtetransitie gaat het om staand beleid en verwijzen we naar de (door)startnotitie

Kenmerk Datum

6 november 2023

Er wordt heel algemeen over Isolatie aanbod, aanpak energielabels gesproken, maar wat zijn de plannen hiervoor in 2024?

programma Energietransitie en de daarbij behorende adaptieve planning die voor het zomerreces is aangeboden aan uw raad. Nog in 2023 ontvangt u een raadsinformatiebrief over de Aanpak Energiebesparing 2023-2030. Wethouder Burggraaf en wethouder De Jonge

30

(PDF P43): genoemd wordt: "we versnellen de energietransitie in ... nieuwbouw. We zitten momenteel in een zeer complexe markt om nieuwbouw van de grond te krijgen. Zowel arbeidskrapte, kostenstijging alsook gestegen rentes zorgen ervoor dat projecten uitgesteld, danwel afgesteld worden. Zie hiervoor ook uw eigen argumentatie op pagina 69.

Geen vraag; zie punt 31.

31

Vraag: (PDF P43) in de tekst eronder wordt genoemd dat het voor nieuwbouw vooral betrekking heeft op circulair bouwen. Is er onderzocht wat hiervan de extra kosten zijn? Hoe worden deze betaald? En is er zicht op welk deel van de markt afhaakt door dergelijke eisen?

Deze eisen staan niet op zichzelf. Het is een doelstelling van het Rijk die we versneld implementeren. Hierbij lijkt het dat partijen die het goed en slim aanpakken niet duurder uit zijn. Zeker als rekening gehouden wordt met eventuele investeringen die pas later lonen. In Dordrecht zien we dat bij twee recente voorbeelden waar marktpartijen hebben ingeschreven met hoge duurzame kenmerken waaronder circulair, Oudland (Waaijer) en het Dordthuis (Van Eesteren). En het sluit ook aan bij wat Van Wijnen aangaf bij het rondetafelgesprek op 3 oktober jl. over hun ambities op het gebied van duurzaamheid en circulair. Wethouder Merx

32

(PDF p.45) We zorgen met ons nieuw hondenuitlaatbeleid Er wordt gesproken over nieuw. Wat wordt daarmee bedoeld? Is het een herijking van bestaand beleid met meer participatie of komen er nieuwe uitgangspunten voor het honden uitlaat beleid?

In de startnotitie over het hondenuitlaatbeleid zullen we de raad inhoudelijke uitgangspunten voorleggen en een voorstel doen voor het proces van de totstandkoming van het hondenuitlaatbeleid. Een deel van deze uitgangspunten zijn bestaand, maar vragen om aanscherping. Een enkel uitgangspunt zal nieuw zijn. De raad kan vervolgens bepalen hoe ver zij hierin willen gaan en welke rol zij voor de stad zien weggelegd.

Lerend en Ondernemend Dordrecht Wethouder Van Benschop 33

Geen vragen maar complimenten voor de duidelijke en goed uitgelegde begroting. Er wordt goed omschreven wat er daadwerkelijk gaat gebeuren in 2024 .

12

Dank voor de complimenten.

Kenmerk Datum

6 november 2023

Bouwend en Bereikbaar Dordrecht Wethouder Burggraaf en wethouder Van der Linden 34

35

Idem

Dank voor de complimenten.

Beleidsindicatoren

College

(PDF p.188) De begrote overhead % v.d. totale lasten Het valt op dat de begrote percentages 12,51% en 11,10% fors hoger zijn dan de gerealiseerde percentages van 7,23% in 2022 en 5,02% in 2021. Hoe zijn deze verschillen te verklaren?

Het verschil ten opzichte van 2021 wordt verklaard door de invlechting van de GR Drechtsteden. De overheadkosten van de voormalige GR maken vanaf 2022 onderdeel uit van de overheadkosten van de gemeente Dordrecht, waardoor de totale overheadkosten hoger liggen. Het verschil ten opzichte van 2022 wordt verklaard doordat bij de bij de jaarstukken 2022 (ten onrechte) uit is gegaan van de netto overheadkosten en bij de begroting 2023 en 2024 van de bruto overheadkosten. Het verschil tussen bruto en netto is de bijdrage van de gemeenten aan de SGD. Wethouder Van Benschop

36

(PDF p.189) Het relatief verzuim bij onderwijs stijgt van 9 naar 15 . Wat zijn hiervoor de aannames of verklaringen?

De beantwoording van deze vraag is uitgezet bij LVS. Helaas is hierop tot op heden nog geen antwoord ontvangen van LVS.

VVD dl2 Bouwend en Bereikbaar Dordrecht

Wethouder Burggraaf en wethouder Heijkoop

37

- Wat is de harde planvoorraad op dit moment voor de bouw van middenkoop en middenhuur voor de komende jaren?

Als we uitgaan van de juridische term van een hard bestemmingsplan (ontwerp bestemmingsplan waartegen geen zienswijzen zijn ingediend. Als er wel zienswijzen zijn een door de raad vastgesteld bestemmingsplan) dan zijn er in de middenkoop (tot €355.000) 595 woningen geprogrammeerd en middenhuur (tussen de liberalisatiegrens en ongeveer €1.100) 598 woningen. Dit is tot en met 2030.

38

- Hoeveel van de 1500 betaalbare koopwoningen (politiek akkoord) zijn er tot nu toe toegevoegd aan de harde planvoorraad en in welke gebiedsontwikkelingen zien we die woningen terug de komende jaren?

Ten opzichte van 2022 zijn er bijna 200 betaalbare koopwoningen toegevoegd (191) aan de harde planvoorraad. Wat betreft de harde bestemmingsplannen zien we deze terug op het Gezondheidspark en Leerpark. Daarnaast staan deze woningen de komende jaren geprogrammeerd in de eerste fase van het Maasterras (M4), Stadskantoor en Hellingen (nog geen hard bestemmingsplan, wel geprogrammeerd).

13

Kenmerk Datum

6 november 2023

39

-Hoe kunnen we de realisatie van betaalbare koop- en huurwoningen versnellen de komende jaren, ondanks de onstuimige markt?

De afgelopen jaren hebben we stevig ingezet op versnelling. Nu is het vasthouden daarvan en voorkomen van vertragingen van belang. We blijven in gesprek met ontwikkelaars om te bezien of en hoe een plan binnen de gestelde kaders kan worden gerealiseerd. Wanneer het versoepelen of loslaten van eisen zorgt voor een haalbaar plan, leggen we deze keuze voor aan college en/of raad. We zijn hierbij tevens afhankelijk van Rijk en provincie en de door hen opgelegde kaders. Het inzetten op beschikbaar gestelde subsidies behoudt ook hoge prioriteit. (de grenzen van het betaalbare segment worden bepaald door het Rijk, hier kunnen wij niets aan veranderen.) (antwoord met toevoeging in 2e ronde).

40

- Wat zijn de redenen waarom het complex blijft, niet alleen in Dordrecht maar overal in Nederland, om betaalbare koopwoningen te bouwen en gerealiseerd te krijgen in grote gebiedsontwikkelingen?

Simpel gesteld staat zowel de kosten kant als de opbrengsten kant van ontwikkelingen onder druk. Aan de kostenkant gaat het grofweg om personeels- en materiaalkosten, aan de opbrengstenkant zorgt een hogere rente en de regulering van de huur voor een drukkend effect.

41

- Overwegen we om particuliere ontwikkelaars net als corporaties korting op de grondprijs te geven als zij voornemens zijn betaalbare koop- of huurwoningen realiseren?

In principe niet, omdat in geval van een één-op-één gunning altijd een taxatie leidend is, waarin de reële waarde wordt bepaald. Verder mogen gemeenten alleen staatssteun verlenen aan organisaties (waaronder woningcorporaties) door grond onder de marktwaarde te verkopen die bedoeld is voor de uitvoering van diensten van algemeen economisch belang (DAEB). De realisatie en exploitatie van sociale woningbouw en maatschappelijk vastgoed (zonder winstoogmerk) vallen hier onder. Dit is één van de steunmaatregelen die de ‘Notion of State aid’ uit 2016 en de Woningwet voor sociale huisvesting als DAEB toestaan. In geval van een tender zijn er doorgaans meerdere inschrijvers. Wel vragen we subsidies aan (zoals Woningbouwimpuls en Startbouwimpuls) die kunnen helpen om de onrendabele top van ontwikkelingen af te dekken.(antwoord met toevoeging in 2e ronde).

42

- In hoeverre kunnen we juridisch bindende afspraken maken over de realisatie van betaalbare koop en huur en via welke verordening kan de gemeenteraad hierop sturen?

In geval van eigen grond van de gemeente kunnen we eisen stellen bij de gronduitgifte. Voor gronden die niet in ons bezit zijn is een doelgroepenverordening in voorbereiding, waarmee in bestemmingsplannen in de richting van een bepaalde woonprogrammering kan worden gestuurd.(antwoord met toevoeging in 2e ronde).

43

- Wat is bij de woningbouw, in de bandbreedte van een sociale woning, betaalbare middenkoop woning en hoger segment woning, de onrendabele top en hoe vertaalt dat zich in de financiële haalbaarheid van nieuwbouwplannen?

Veelal is alleen bij een sociale woning sprake van een onrendabele top, hoewel dat (gezien het voorliggende wetsvoorstel) ook bij een midden huur woning het geval kan zijn. Er zijn mogelijkheden om een onrendabele top te voorkomen door bijvoorbeeld afspraken te maken over verkoop van de woning na een bepaalde

14

Kenmerk Datum

6 november 2023

exploitatieperiode. Als hier geen afspraken over gemaakt worden, dan moet gedacht worden aan onrendabele toppen van ca. €10.000,- tot € 70.000,- per woning. Hierin is dan de sociale grondprijs al als kostenpost meegenomen in de berekening. De bandbreedte voor een onrendabele top is groot en is van project tot project verschillend. Van invloed zijn onder meer: Het woningtype: een grondgebonden sociale huurwoning zal door o.a. de lagere stichtingskosten een aanmerkelijk lagere onrendabele top hebben dan een sociaal huurappartement. De bedrijfswaarde: deze is afhankelijk van het huurniveau dat gevraagd wordt. Niet altijd kan met de 100% van de maximale huur gerekend worden. De bouwkosten: wordt uitgegaan van een bouwconceptwoning of betreft het een woning die traditioneel ontwikkeld is. Het woningtype en de locatie bepalen in grote mate wat hierin mogelijk is. Stapeling van eisen verhogen kosten sterk. De beheer- en onderhoudskosten zijn per project zeer verschillend. Beheer verschilt per gebied en in onderhoud spelen ontwerptechnische keuzes een grote rol. Het is niet de corebusiness en expertise van de gemeente om aan exploitatieverwachtingen van sociale woningen te rekenen en we kennen bovendien niet de gedetailleerde uitgangspunten waarmee onze partners in de stad rekenen. In die zin is het dan ook zeer goed mogelijk en reëel als zij de bandbreedte anders inschatten.

(antwoord met toevoeging in 2e ronde).

Beantwoording 2e vragenronde VVD Wethouder Heijkoop 44

Bij Doelstelling 3 van Gezond, Sociaal en Zorgzaam wordt genoemd dat we de minimaregelingen gaan verruimen op basis van de nulmeting. Wat wordt hiermee bedoeld? Gaan we extra regelingen opzetten of bestaande regelingen breder beschikbaar maken. Kan wat meer duidelijkheid gegeven worden wanneer we besloten hebben om te verruimen?

15

Er is een foutje in de formulering van doelstelling 3 geslopen. De minimaregelingen zijn vanaf 2023 verruimd door de inkomensgrenzen te verhogen en in een aantal gevallen met een hogere tegemoetkoming. Zie raadsvoorstel 'Vervolg Samen tegen armoede'. Het niet-gebruik van voorzieningen gaan we tegen door de toeleiding te verbeteren middels een communicatiecampagne, beter gebruik maken van data, het uitbreiden van het aantal informatiepunten in de wijken voor financiële vragen en extra capaciteitsinzet bij vroeg erop af.

Kenmerk Datum

45

6 november 2023

P.16 tabel WOZ-waarde voor koopwoningen: Is het mogelijk om de ontwikkeling ook weer te geven vanaf 2018 ipv vanaf 2021?

U treft een dergelijke staat tweemaal per jaar aan in een P&C-product: de begroting en de jaarrekening. Qua vergelijking is er voor gekozen om naast het jaar waarop het P&C-product betrekking heeft drie jaren terug te gaan. Zo treft u bij de Begroting 2021 een vergelijkende opstelling aan die terug gaat tot 2018. We plaatsen hierbij de kanttekening dat de gemiddelde WOZ-waarden per jaar onderhevig zijn aan herberekeningen. U ziet de gemiddelden per jaar dus fluctueren afhankelijk van welk P&C-product u bekijkt. We zijn van mening dat we per momentum een zo goed mogelijk overzicht dienen te verstrekken vandaar dat we ervoor gekozen hebben de herberekende WOZ-waarden te laten zien waar iedere keer ook een ander bedrag aan onroerendezaakbelastingen (OZB) bij hoor. De OZB wordt immers geheven naar een percentage van de WOZ-waarde van de onroerende zaak. Wanneer deze wijzigt, dan wijzigt ook het bedrag dat we in de opstelling opnemen voor OZB.

Groen Links 46

Toegespitst op het jaar 2023 zien we dat het oorspronkelijk begrote begrotingsresultaat € 4,582 mln was, in de Kadernota 2024 bijgesteld naar € 1,883 mln. In het RV Meicirculaire staat dat het effect van de Meicirculaire -/- € 5,04 mln is. Daarnaast € 3,16 mln extra uitgetrokken voor de programma’s. Per saldo levert dat voor ons het beeld op dat er voor 2023 een negatief resultaat optreedt:

Vraag 1: klopt dit sommetje. Zo nee, wat is er fout?

16

Uw opstelling is niet helemaal juist en volledig. In de 2e Bestuursrapportage 2023 vindt u een volledig en actueel beeld Financieel resultaat | Tweede Bestuursrapportage 2023. Dit beeld ziet er in tabelvorm als volgt uit:

Het bedrag van € 3,16 miljoen aanpassing programma's heeft geen invloed op het begrotingsresultaat. Dit betreft het aandeel van de extra baten gemeentefonds en/of eerder opgenomen stelposten wat nu aan de programmabegroting als budget wordt

Kenmerk Datum

6 november 2023

toegevoegd (dus bij de stelposten wordt weggehaald of gedekt wordt uit de hogere uitkering). Daarmee wordt het college bevoegd om deze middelen in te zetten. 47

In de presentatie op DD 24-10-2023 werd een negatief resultaat van € 17,394 mln vermeld (p. 7 van de presentatie). Vraag 2: Hoe verhoudt dit bedrag zich tot wat in het RV Meicirculaire staat?

48

Op dezelfde pagina van de presentatie staat dat het tekort van € 17,394 mln volledig wordt weggewerkt door reservemutaties. Als technische operatie snappen we dat. Vraag 3: Gaat dit (alleen) over de Algemene Reserve? Zo nee, welke andere reserves zijn hier voor welke bedragen mee gemoeid?

Het getal van - € 17,394 mln. is het saldo van lasten en baten. Dit is wat anders dan het begrotingsresultaat en dus niet vergelijkbaar. In de opstelling in de presentatie maakt het begrotingsresultaat onderdeel uit van de totale mutaties met reserves. Het begrotingsresultaat is technisch gezien namelijk ook één mutatie met de reserves (namelijk mutatie op het eigen vermogen/Algemene Reserve), naast vele andere. In de presentatie op pagina 7 is het begrotingsresultaat voor boekjaar 2023 niet apart gepresenteerd. Nee, dit gaat over alle reserves. Bij de begroting en jaarrekening krijgt u een volledig overzicht van mutaties reserves Staat van reserves | Begroting 2023 (begroting2023.nl). Hierin staan alle mutaties reserves toegelicht. U ziet hier een totaal staan van: € 92.282 minus € 84.989 is € 7.293. Er wordt dus netto € 7.293 onttrokken aan de reserves ter dekking van exploitatielasten. Vervolgens ziet u in de begrotingsopstelling Overzicht lasten en baten programma's | Begroting 2023 (begroting-2023.nl) staan: Saldo lasten en baten: - 2.711 (begrote baten minus begrote lasten) Mutaties reserves: 7.293 (begrote toevoeging aan exploitatie vanuit reserves, zie staat reserves) Begrotingsresultaat: 4.582 Bij tussentijdse P&C-producten krijgt u geen bijgewerkte staat van reserves, waardoor u het bedrag van € 17,394 niet gespecificeerd ziet.

Bij de jaarstukken 2023 krijgt u dit overzicht weer volledig en kunt u dit getal controleren (zie voor 2022 https://dordrecht.jaarverslag-2022.nl/p20517/staat-van-reserves). In de € 17,394 zit dus in ieder geval het startsaldo van € 7.293 uit de begroting 2023 en de € 5.040 van de meicirculaire.

49

Tijdens de presentatie is gezegd dat toevoegingen of onttrekking aan reserves politieke besluiten zijn. Vraag 4: welke overwegingen en besluiten liggen aan de vermelde onttrekkingen van € 17,394 mln ten grondslag en

17

Elke mutatie die in de begroting is opgenomen is op basis van een raadsbesluit tot stand gekomen. U stelt de genoemde bedragen bovendien ook jaarlijks vast via het vaststellen van de begroting en/of tussentijdse raadsvoorstellen met

Kenmerk Datum

6 november 2023

welke liggen ten grondslag aan de al voor komende jaren ingeplande reservemutaties? 50

In het RV Meicirculaire wordt ook aangegeven dat er voor 2023 € 4,338 mln in stelposten zit. Tijdens de presentatie werd toegelicht dat dit in feite een soort tussentijdse reserves zijn. Vraag 5: betekent dit dat als deze stelposten niet in 2023 alsnog worden gebruikt, ze vrijvallen en dus het resultaat financieel gezien voordelig beïnvloeden? Zo nee, wat is dan de betekenis van deze stelposten voor het resultaat 2023 en/of voor toekomstige begrotingen?

51

begrotingswijziging. In de eerder genoemde staat van reserves ziet u de bedragen per reserve per jaarschijf.

Het antwoord op de vraag is ja, als de stelposten niet worden ingezet vallen deze aan het eind van het jaar in het resultaat, wat kan worden toegevoegd aan de (algemene) reserve(s).

In Burap 2 zien we de volgende bedragen voor aanpassing van de programma’s: • • • • • • • •

Bestuurlijk en Ondernemend Levendig, leefbaar, veilig Groen, duurzaam, ruimtelijk Gezond, sociaal, zorgzaam Lerend en Ondernemend Bouwend en Bereikbaar Dekkingsmiddelen Overhead Totaal

+ 9,5 mln - 0,8 mln + 1,4 mln - 1,2 mln - 0,8 mln + 0,8 mln + 2,2 mln - 2,9 mln + 8,2 mln

Vraag 6: klopt dit overzicht? Zo nee, wat is er fout? Zo ja, hoe verhoudt zich dit tot wat er in het RV Meicirculaire staat?

18

Dit overzicht is juist. Het totaal komt door afrondingsverschillen op € 8,1 miljoen uit (i.p.v. 8,2 miljoen). Dit is de positieve mutatie van het begrotingsresultaat als gevolg van de 2e bestuursrapportage 2023. U ziet dit bedrag dus terug, naast de negatieve mutatie van € 5,04 miljoen uit de meicirculaire, in de opstelling bij het antwoord op vraag 1.

Kenmerk Datum

52

6 november 2023

Uit o.a. de jaarstukken 2022 blijkt dat de woningbouw achterloopt op het beoogde tempo en er per saldo de afgelopen jaren hoogstens de helft is gerealiseerd. Vraag 7: kunt u een realistische verwachting geven voor zowel de sloop als de nieuwbouw van sociale huurwoningen, overige huurwoningen en verschillende prijsklassen koopwoningen (waaronder ook woningen onder de 300.000 euro) in de komende drie jaar?

19

Jaarlijks publiceren wij een bouwmonitor waarin u deze zaken kunt inzien. De meest recente is van begin 2023 en rapporteert over 2022. We werken op dit moment aan een nieuwe met de cijfers van 2023. Zie https://raad.dordrecht.nl/Documenten/Routekaart-woningbouw-versie-26-januari2023-1-2.pdf

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/592/documents/27586