Beantwoording technische vraag fractie VVD over RIB Proces en voortgang Programma Duurzame Energieopwek.pdf
Tekst van het document
RIB over Proces en voortgang Programma Duurzame Energieopwek. Vraag Karin Boom (VVD): Technische vraag: Voordat we een handelsbesluit nemen, graag een antwoord op de technische vraag: Klopt het dat de raad door de nieuwe omgevingswet niet meer besluitvormend wordt meegenomen in het programma Duurzame Energieopwek/ Windmolens? Zo ja, wat zijn de mogelijkheden om de raad besluitvormend mee te nemen? Antwoord op de technische vraag: Zoals u in het schema en figuur in de RIB ziet, geldt onder de nieuwe Omgevingswet dat het college de bevoegdheid heeft om programma’s vast te stellen (op basis van artikel 3.4 van de Omgevingswet). De raad is bevoegd om de Omgevingsvisie en het Omgevingsplan vast te stellen (op basis van respectievelijk artikel 3.1 en artikel 2.4 van de Omgevingswet). De invloed van de raad op een programma wordt met name bepaald door de inhoud van de Omgevingsvisie. Programma’s komen voort uit de doelen en ambities die in de omgevingsvisie staan. De raad kan wel betrokken worden bij de totstandkoming en besluitvorming omtrent een programma. Dat kan doormiddel van een zogenaamde wensen en bedenkingenprocedure, zoals genoemd in de raadsinformatiebrief. Met name in het geval van programma’s met een verwacht politiek gevoelig karakter en/of een grotere impact is het aanbevelenswaardig de raad te betrekken.
De geleverde input van de raad in deze procedure wordt dan door het college meegenomen in de vormgeving van het programma. Immers, wanneer de raad het niet eens is met de beleidsuitwerking van het college (het programma dus) kan zij besluiten een omgevingsplan niet vast te stellen of geen uitvoeringsbudget toe te kennen.