Artikel 40 vragen RvO fractie VVD inzake Straatintimidatie de stad uit.pdf
Tekst van het document
Schriftelijke vragen (ex. art. 40 Reglement van Orde) Dordrecht, 31 augustus 2020
De Dordtse VVD heeft signalen ontvangen dat (jonge) vrouwen op ons eiland te vaak seksueel intimiderende teksten naar hun hoofd krijgen geslingerd. Er zijn ons geen actuele cijfers bekend van straatintimidatie in Dordrecht. Schokkende cijfers over seksuele straatintimidatie uit Rotterdam en Amsterdam stemmen echter weinig hoopvol. Uit onderzoek van de Erasmus Universiteit in 2017 blijkt 94% van de Rotterdamse vrouwen (18-45 jaar, N=1200) in het voorafgaande jaar 'seksueel getint was benaderd'. Maar liefst 84% had te maken met fluiten, sissen, roepen, beledigen, om seks vragen, achterna lopen of in het nauw drijven.1 Onderzoek van de Gemeente Amsterdam wees uit dat 51% van de vrouwen daar te maken krijgt met straatintimidatie (en 30% van de mannen). In de leeftijdscategorie 15-34 jaar is dit percentage zelfs 81% .2
Het gevolg van deze straatintimidatie is dat er Dordtse meisjes en vrouwen zijn die onveiligheid ervaren op straat. Meisjes en vrouwen die bijvoorbeeld ’s avonds en ’s nachts bepaalde stukken van onze stad vermijden.
De straat is van ons allemaal. Iedereen moet zich dag en nacht in de Dordtse straten veilig kunnen voelen. Wij willen dat de gemeente daarom een onderzoek instelt om de ernst en de omvang van straatintimidatie in onze stad in kaart te brengen. In de tussentijd wil de Dorstse VVD dat de gemeente zich maximaal inspant om straatintimidatie tegen te gaan met gerichte voorlichtingscampagnes én door het actief aanspreken en bestraffen van daders. De Dordtse VVD wil dat straatintimidatie keihard wordt aangepakt. Wij hebben daarom de volgende vragen:
1 2
1.
Herkent het college het probleem van straatintimidatie en bedreigingen in onze stad?
2.
Is het college bereid om een representatieve groep Dordtse meisjes, vrouwen, jongens en mannen middels een onderzoek te bevragen naar hun ervaringen met straatintimidatie? Is het college bereid om in dat onderzoek ook te onderzoeken op welke locaties in onze stad straatintimidatie veel voorkomt, op welke momenten van de dag dit gebeurt en wat het profiel van de daders is?
3.
Is het college bereid om voorlichtingscampagnes te starten of te intensiveren? Hierbij moeten volgens ons potentiele daders in campagnes worden aangesproken op de norm ‘geen straatintimidatie’. Dit vraagt om campagnes gericht op de verschillende daderprofielen. Immers de daders van straatintimidatie zijn niet gelijk verdeeld over bevolkingsgroepen. Procentueel zijn bejaarde dames minder vaak daders van straatintimidatie dan bijvoorbeeld jonge laagopgeleide mannen. Anderzijds moeten slachtoffers via voorlichtingscampagnes worden gesteund. Zo moeten (jonge) Dordtse vrouwen horen dat het niet normaal is om seksueel intimiderende teksten naar je hoofd geslingerd te krijgen op straat. Straatintimidatie is onacceptabel.
4.
Is het college bereid om met een voorstel te komen voor wijziging van de APV en hierin een artikel op te nemen waarbij straatintimidatie wordt verboden? Is het college vervolgens bereid om het toezicht te intensiveren op locaties op locaties waar straatintimidatie veel voorkomt, indien mogelijk met behulp van (mobiel) cameratoezicht? En is het college bereid om op creatieve manieren te handhaven, zoals door de inzet van lokagenten en/of lokhandhavers?
https://www.eur.nl/nieuws/seksuele-straatintimidatie-rotterdam-onderzocht-0 Factsheet Straatintimidatie Amsterdam 2018