CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Antwoorden technische vragen fractie SP.pdf

Dordtse Dinsdag – Beeld- en oordeelsvormende commissies 24 juni 2025, gemeente DordrechtBij agendapunt: 4: Dossier Perspectiefnota - Beantwoording Technische vragen2.982 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beantwoording technische vragen Socialistische Partij Dordrecht 1. De ambtelijke inventarisatie is een overzicht van mogelijkheden voor ombuigingen, maar het is geen compleet overzicht van alle gemeentelijke niet wettelijke taken die je in theorie kan schrappen. Om als raad echt te kunnen kiezen is een compleet overzicht nodig. In de begroting zijn de uitgaven op productniveau terug te vinden, maar dat is een te hoog abstractieniveau. Daarom het verzoek een overzicht te verstrekken, waarbij alle begrotingsproducten gesplitst zijn in concrete activiteiten1 waar het geld aan wordt besteed. Als het een verplichte uitgaaf betreft dit er dan graag bij zetten. Antwoord Bij de nota Kiezen, Sturen en Verantwoorden is deze vraag eerder gesteld. Daarbij is aangegeven dat het niet (goed) mogelijk is om alle middelen te koppelen aan (begrotings)activiteiten en dit de overzichtelijkheid niet ten goede komt. De gemeente voert duizenden activiteiten uit, waarbij één activiteit kan bijdragen aan meerdere doelen. Zo dragen bijvoorbeeld de uitgaven aan het Duurzaamheidscentrum Weizigt bij aan onderwijs-, milieu- én recreatiedoelen tegelijkertijd en worden hierbinnen tientallen deelactiviteiten uitgevoerd. Kostentoerekening zal moeten plaatsvinden met discutabele verdeelsleutels en geeft dan een vertekent beeld van het ombuigingspotentieel (door vaste kosten).

De splitsing op brokken van maximaal € 1 miljoen is ook lastig en niet standaard voorhanden. Dit verschilt namelijk sterk per product en meerdere indelingen zijn mogelijk. We geven bijvoorbeeld miljoenen uit aan wegen. Wilt u hierbij een opsomming van elk weggedeelte dat wordt aangepakt of een splitsing van activiteiten, zoals asfalteren, bestrating en elementen plaatsen, wegmeubilair onderhouden, reinigen, schade repareren, gladheidsbestrijding, sleuven trekken en dichten, participatie en informatie geven etc. Dit alles gebeurt planmatig en kan per jaar verschillen in inzet. Bovendien heeft u daarbij als raadslid geen inzicht in wat noodzakelijk is en waar lokale ambities naar beneden kunnen worden bijgesteld. Het laatste is een complex vraagstuk en niet in een lijstje te vatten. Wel kunt u als raad het ambitieniveau in algemene zin op dit taakveld in zijn geheel bijstellen (beeld/kwaliteitsniveau). Financieel kunt u naast de productramingen meer inzicht krijgen via websites zoals www.openspending.nl of www.waarstaatjegemeente.nl, waar u op de landelijk verplichte taakvelden kunt doorklikken tot op kostencategorie-niveau, kunt benchmarken met andere gemeenten en meer informatie over activiteiten en indicatoren is opgenomen. Op veel terreinen is sprake van wettelijke taken, maar kunt u invloed uitoefenen op het gewenste kwaliteitsniveau.

Ook dit is nauwelijks goed te knippen (kosten wettelijke basis en de plus voor lokaal beleid). In nagenoeg alle taakvelden is invloed op de kwaliteit mogelijk en kunt u als raad ‘versoberen’. Bij de ambtelijke inventarisatie is ook rekening gehouden met de verwachte maatschappelijke acceptatie van voorstellen. In theorie kunt u alle zwembaden,

Ben niet op zoek naar details, daarom alleen activiteiten boven € 1 miljoen opnemen en bedragen eronder als één bedrag vermelden, zodat er wel aansluiting is te zien met het geraamde bedrag op productniveau. 1

1

culturele voorzieningen etc. sluiten, maar dit achten wij maatschappelijk gezien niet haalbaar. Bovendien leidt dat in veel gevallen tot neveneffecten met (hoge) kosten op andere plekken. De begroting van de gemeente is ambtelijk ingedeeld in zo’n 2.000 activiteiten en budgetten (voor tienduizenden opdrachten en subsidies). Dit is geen informatie die wij zondermeer openbaar kunnen maken en zelfstandig geïnterpreteerd kan worden. Indien gewenst kan er ambtelijk op afspraak wel enig inzicht worden gegeven aan raadsleden die daar behoefte aan hebben. Ook kunt u meer gerichte vragen stellen, waarbij wij informatie op die onderdelen kunnen verzamelen en aanleveren. Wij vragen u hierbij ook rekening te houden met de ambtelijke capaciteit die dergelijke vragen kosten.

2. Ik ben specifiek geïnteresseerd in de totale kosten voor de hierna te noemen onderwerpen. Als dat uit de beantwoording van vraag 1 is te halen dan is beantwoording bij vraag 2 niet nodig, maar mogelijk drukken de kosten op meerdere producten en zijn de kosten niet uit vraag 1 te herleiden. Dit betreft de kosten voor lobbyactiviteiten, marketing, evenementen, de gemeentelijke bijdrage voor het Onderzoekscentrum Drechtsteden (algemene bijdrage en kosten voor onderzoeken die zij voor Dordrecht maken) en communicatie2. Antwoord Zoals bij het antwoord op vraag 1 is aangegeven, is de begroting niet op een zodanige manier opgebouwd dat op uw vraag antwoord kan worden gegeven voor de onderdelen lobbyactiviteiten, marketing, evenementen en communicatie. De bijdrage Onderzoekscentrum 2025 voor Dordrecht bedraagt € 483.666. Dit is exclusief de bijdrage voor het SmartDataCenter. In 2024 zijn er voor € 275.970 aan extra onderzoeken OCD voor Dordrecht uitgevoerd. De kosten hiervan zijn verspreid binnen de Dordrechtse begroting.

3. Kan er een overzicht van de reserves worden verstrekt (situatie 1 januari 2025) en de verplichtingen die al zijn aangegaan (bedrag met de omschrijving van de verplichting), zodat inzichtelijk is welke reserves nog vrij beschikbaar zijn. Antwoord In een losse Excel-bijlage is een overzicht gegeven van de reserves. De geplande onttrekkingen zijn in beeld gebracht. De verplichtingen kunnen we nog niet in beeld brengen. De systematiek is dat uitgaven plaatsvinden op diverse budgetten; deze worden op die budgetten gedekt uit de reserves.

4. Kan inzichtelijk gemaakt worden wat de stand van zaken is van de budgetten uit de Agenda Dordt 2030. Per project de nog aanwezige middelen (1 januari 2025) en de verplichtingen die al zijn aangegaan (bedrag met de omschrijving van de verplichting), zodat inzichtelijk is welke middelen nog vrij beschikbaar zijn3.

Volgens een onderzoek van de Rekenkamer van een paar jaar gelden bedroegen de kosten € 1,5 tot € 4,0 miljoen per jaar. Destijds kon het college het exacte bedrag niet aangeven. 3 Als er voor de verschillende projecten afzonderlijke reserves zijn gevormd en de informatie wordt al via vraag 3 beantwoord, kan vraag 4 worden overgeslagen. 2

2

Antwoord Omdat de jaarrekening 2024 nog onderhanden is, zijn nog niet alle benodigde onttrekkingen aan de reserves gedaan. Om die reden geven wij u nu inzicht in de stand van de reserves per 1-1-2025, de door uw Raad gevoteerde budgetten en kredieten voor 2024 t/m 2026. Daarnaast zijn in de kolom “aanvullend” bedragen opgenomen die kunnen voortvloeien uit lopende afspraken die de gemeente heeft met derden en mogelijke risico’s die kunnen leiden tot aanvullende besluitvorming. Zie onderstaand overzicht:

De aanvullende bedragen behelzen: •

Spoorzone € 27.200.000 ten behoeve van een geindexeerde toezegging voor de totstandkoming van de MIRT Verduurzaming gemeentelijk vastgoed van € 5.407.164 conform dit nieuwe Raadsvoorstel Res geluidsscherm Amstelwijck GezPark € 1.000.000 risico als de exploitatie niet rondkomt van de nieuwe grondexploitatie Bouwhuyslocatie

• •

Overigens geldt voor de verplichtingen dezelfde kanttekening als gegeven in het antwoord op vraag 3.

5. Als gevolg van positieve uitkomsten bij de jaarrekeningen vanaf 2016-2023 (€ 2,5, € 11,3, € 7,9, € 4,9, € 18,0, € 17,1, € 38,2 en € 28,7 miljoen) is er in 8 jaar € 128,6 miljoen overgehouden. Graag een overzicht van de door de raad aan dit bedrag gegeven bestemming, zodat inzichtelijk is in hoeverre er geld vrij beschikbaar is. Antwoord Onderstaand is dit overzicht weergegeven. De afgelopen jaren werden de voordelige resultaten onder meer veroorzaakt door incidentele meevallers. Overzicht uitkomsten jaarrekening 2016-2023 RESULTAATBESTEMMING Jaar 2023 2022 2021 2020 2019 2018 2017 2016

Jaarrekeningresultaat vóór resultaatbestemming € 28.700.000 € 38.200.000 € 25.790.000 € 26.467.000 € 9.400.000 € 11.083.000 € 14.246.000 € 4.593.000

Budgetoverhevelingen -€ 2.200.000 -€ 3.733.975 -€ 8.728.000 -€ 8.442.000 -€ 4.500.000 -€ 3.168.000 -€ 2.983.000 -€ 2.127.000

Claim op jaarrekeningresultaat

Mutaties reserve

Toevoeging aan de Algemene reserve*

-€ 100.000 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0

€ 650.000 -€ 28.228.568 -€ 684.000 -€ 1.259.000 €0 €0 -€ 10.200.000 -€ 165.000

€ 27.050.000 € 6.237.457 € 16.378.000 € 16.766.000 € 4.900.000 € 7.915.000 € 1.063.000 € 2.301.000

*) "Toevoeging aan de Algemene reserve" is hetgeen bij bestemming jaarrekening wordt toegevoegd aan de AR. Voor eventuele integrale afweging bij de Perspectiefnota (voorheen kadernota).

3

6. Als ik het goed heb gehoord op 18 februari, wordt 21% van het ambtelijk werk uitgevoerd door personeel dat niet in dienst is van de gemeente. Hoeveel fte van het werk wordt er gedaan door ingehuurd/gedetacheerd personeel en hoeveel wordt er bespaard als dit werk door ambtenaren in dienst van de gemeente wordt uitgevoerd kijkend naar het salaris dat ambtenaren ervoor zouden krijgen? Antwoord Het is niet correct dat 21% van het ambtelijk werk wordt uitgevoerd door personeel dat niet in dienst is van de gemeente. Er is vastgesteld dat het inhuur% van de gemeente Dordrecht over het jaar 2024 21% bedraagt van de loonsom. Ter vergelijking: het landelijke gemiddeld inhuurpercentage van de totale gemeentelijke sector in 2023 bedraagt 18% van de loonsom (bron: A&O Fonds Gemeenten Personeelsmonitor 2023). Het inhuurpercentage van de gemeente Dordrecht daalt sinds 2023: van 28% (2022) naar 25% (2023) en 21% (2024). Er is niet betrouwbaar vast te stellen hoeveel er wordt bespaard als inhuur wordt vervangen door ambtenaren in dienst van de gemeente. Dat is van veel factoren afhankelijk. Wanneer het inhuurpercentage van de gemeente Dordrecht wordt teruggebracht van de huidige 21% in 2024 naar het landelijk gemiddelde in 2023 van 18% (uitgaande van de loonsom + inhuur in 2024) betekent dit echter een daling van circa € 5 mln. op deze totale kostenpost.

Deze besparing geeft geen uitspraak over kosten van inzet door ambtenaren in dienst van de gemeente (i.p.v. inhuur). Er is tevens geen onderscheid te maken in inhuur op formatie en inhuur buiten formatie. De strategische keuze t.a.v. inzet van inhuur door leidinggevenden en de organisatiesturing hierop is echter het belangrijkste instrument. Tot voor kort werd binnen de organisatie op veel plekken inhuur voornamelijk als doel op zich gezien in plaats van een middel in een capaciteitsvraagstuk. Met de nieuwe inrichting van Werving en Selectie (sinds 2023) zetten we in op het terugdringen van de inzet van externe inhuurpartijen door de leidinggevenden hierin te adviseren en alternatieven te bieden om zo met elkaar meer grip op inhuur te krijgen.

7. Een aanzienlijk bedrag van de ambtelijke inventarisatie bestaat uit personeelskosten. Die besparing is alleen te realiseren als het ingehuurd personeel betreft. Hoe wordt de besparing gerealiseerd als het personeel in dienst van de gemeente betreft ervan uitgaande dat we geen personeel gaan ontslaan. Antwoord Voor de implementatie wordt gekoerst op een sluitende begroting in 2029. Hierdoor kunnen we veel opvangen via natuurlijk verloop. Daarnaast zullen we inzetten op interne mobiliteit.

8. Regionaal economische taken: wat kunnen we als gemeente niet meer realiseren als we i.p.v. € 0,4 miljoen, zoals in de ambtelijk inventarisatie staat, de volledige € 2 miljoen bezuinigen?

4

Antwoord Als we de volledige € 2 miljoen bezuinigen, valt naar rato van inwoners ongeveer 40% onder de Smart Delta begroting weg (waarbij het natuurlijk ongewis is wat de andere gemeenten in dat geval gaan doen). Zaken als afstemming regionale beleidsprogrammering, zoals bijvoorbeeld de provinciale vereiste tot regionale afstemming van vraag en aanbod op het gebied van bedrijventerreinen en kantoren, kan uiteraard nog gewoon meervoudig lokaal worden opgepakt (dat vraagt overigens nog steeds een deel collectieve financiering) maar belangrijker nog is dat we geen enkele regionale inzet meer hebben op verschillende nationale programma's en fondsen. Om toegang te krijgen tot deze financiering is regionale samenwerking/ programmering en het doen van regionale voorstellen een absolute vereiste. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor de twee eerder toegewezen Regiodeals, waar Dordrecht centrumgemeente ook in toekenning van de middelen (vele miljoenen) profijt van heeft gehad (zie ook andere politieke vraag in relatie tot het rendement/ inkomsten uit regio-inzet). Middelen die zonder regio inzet niet beschikbaar zouden zijn gekomen, en dat geldt voor meerdere financieringsstromen.

Met andere woorden, om überhaupt toegang tot rijks- en Europese fondsen, waar veel regio's profijt van hebben als het gaat om vele miljoen voor economische structuurversterking, zal dat voor onze regio (en daarmee dus ook de Dordtse opgaven) niet meer het geval zijn. Juist nu er vanuit het Rijk meer gelden lijken vrij te komen (denk aan strategisch autonomie, digitalisering, verduurzaming, enz.) voor ook sectoren die belangrijk zijn voor onze economie, met de (maritieme) industrie. Daarnaast, ook het georganiseerd bedrijfsleven, bijvoorbeeld met de urgente aanpak met netcongestie), verwacht vanuit de overheden ook regionale strategie en aanspreekpunt, waarbij ze overigens zelf het initiatiefnemen tot opzet van energiecoöperaties. Zonder regionale steun/ regie, vertraagt die aanpak.

9. Ondernemersfonds: in de ambtelijke inventarisatie komt het Ondernemersfonds meerdere keren voor. Is hierin verwerkt een vrijstelling voor gemeentelijke eigendommen en zo nee, welk bedrag wordt er bespaard als we die vrijstelling doorvoeren? Antwoord Er is geen sprake van een vrijstelling. Er wordt een extra OZB-opbrengst gerealiseerd op nietwoningen van ongeveer € 164.000.

10. We kennen in Dordrecht diverse onderhoudsniveaus, zo wordt er meer onderhoud gepleegd in De Hoven. Hoeveel besparen we als het onderhoudsniveau voor de hele stad wordt begroot op het laagste niveau, zoals dat nu geldt voor wijken als bijv. Crabbehof en Wielwijk? Antwoord Het beoogde onderhoudsniveau in de wijken Crabbehof en Wielwijk is gelijk aan alle woonwijken van Dordrecht. De enige uitzondering hierop qua woonwijk is idd de Hoven. Het verlagen van het onderhoud in de Hoven levert heel beperkt financieel voordeel op doordat het gebied en areaal klein is. In de ombuigingsvoorstellen zit wel een voorstel om de kwaliteit van het onderhoud in alle woonwijken van Dordrecht te verlagen. Naar een niveau wat we in Dordrecht in de woonwijken nog niet kennen. Dit levert uiteindelijk € 365.000 op waarbij ook nog een aantal voorzieningen zoals feestverlichting en kerstbomen worden versoberd. 5

11. In het ambtelijk stuk is een voorstel opgenomen om de kosten voor kwijtschelding te verhalen door tarieven te verhogen. Er is ook een andere optie (zie punt 12) waarbij je behalve € 1 miljoen bespaart op de kwijtschelding je ook de invorderingskosten voor de afvalstoffenheffing en het rioolrecht gebruik niet meer hoeft te maken. Hoeveel bedragen deze invorderingskosten? Antwoord Wij willen uw vragen 11,12, en 13 combineren. Bij een vergelijking met andere gemeenten is iedere vergelijking onzuiver omdat de waardeontwikkeling ook kan en zal verschillen. De OZB dient bovendien als algemeen dekkingsmiddel. De lokale raad bepaalt de gewenste opbrengst (kan daarop jaarlijks indexeren of niet, extra erbij ramen of niet om een neutraal resultaat te bereiken etc) en dat beleid verschilt per gemeente. De tem zakelijk gebruik WOZ is niet juist. Het enige juiste onderscheid is woningen en niet woningen (waaronder ook kerken, sportaccommodaties etc.) Zie ook https://coelo.nl/atlas-lokale-lasten-2024/interactieve-kaarten-2024/atlasgemeenten-2024/ inclusief een interactieve kaart. Daarnaast veronderstelt u -kennelijk- dat alle perceptiekosten op die taken wegvallen. Dat is niet het geval. GBD heeft een verrekeningssystematiek die ertoe moet leiden dat GBD zelfstandig kan functioneren. De aanslagen worden ook gecombineerd.

Hoewel er wellicht enige formatieve capaciteit kan worden bespaard zal een groot deel van de overhead dan over de andere dienstverlening, waaronder OZB, moeten worden toegerekend.

12. Het alternatief is dat je de afvalstoffenheffing en het rioolrecht gebruik afschaft en de opbrengst verhaalt via de OZB woningen. De vraag is dan bij welke WOZ waarde er een omslagpunt ontstaat voor woningeigenaren (wanneer betalen ze in de nieuwe situatie meer OZB dan in de oude voor OZB, afvalstoffenheffing en rioolrecht gebruik). Antwoord Zie antwoord bij vraag 11

13. OZB tarief zakelijk gebruik: wat is het beeld van het OZB tarief zakelijk gebruik eigenaren in Dordrecht in vergelijking met het landelijk gemiddelde en met vergelijkbare gemeenten bijv. Breda, Tilburg, Delft en Leiden. In alle gevallen exclusief een mogelijke opslag voor een Ondernemersfonds, zodat een zuivere vergelijking ontstaat. Antwoord Zie antwoord bij vraag 11

6

14. Om het aantal vragen op dit moment niet nog groter te laten worden, het verzoek de concrete voorstellen die in het collegevoorstel worden opgenomen compleet toe te lichten. Als voorbeeld in een voetnoot zaken genoemd die nu niet inzichtelijk waren4. Antwoord Daar waar nodig zullen redactionele aanpassingen worden gedaan

Vraag per mail gesteld op 16 maart aan de ambtelijke organisatie. 15. In de lijst met ambtelijke ombuigingsmogelijkheden staat het rioolrecht grootgebruik (3.2.1). Het idee is de maximumgrens te verwijderen of verlagen. Er is dan een voordeel voor andere gebruikers. Hoe kan dit dan effect hebben bij de ombuigingen? Of is het tarief nu niet 100% kostendekkend en wordt dat nu meteen meegenomen? Antwoord Zoals het nu is opgenomen in de lijst met ambtelijke ombuigingsmogelijkheden over het rioolrecht grootgebruik (3.2.1), is het idee dat door de maximumgrens te verwijderen er meer inkomsten bij bedrijven kunnen worden opgehaald. Daarmee is er potentieel een voordeel voor andere gebruikers in de vorm van een minder hogere stijging van de rioolheffing. Uitgangspunt daarbij blijft dat het tarief 100% kostendekkend is. Binnen de lokale lasten voor huishoudens ontstaat hierdoor ruimte om de OZB te verhogen. In de voorbereiding van deze aanpassing en in het onderzoek naar de mogelijkheden voor het nieuwe WRP 8 (Water en Rioleringsplan 2026 -2030) van de rioolheffing blijkt de gedachte van loslaten van het maximum lastig om technisch de juiste hoogte van de nieuwe heffing te bepalen. Mede hierom wordt voor het nieuwe WRP 8 gekeken naar een nieuwe grondslag voor de rioolheffing.

Als we de subsidie aan het Onderwijsmuseum en de Sterrenwacht stoppen, moeten we ook rekening houden met het niet meer betalen van de huur. Als we De Dubbel sluiten moet de raad weten dat er nog een jarenlang contract is en informatie krijgen over de mogelijkheid om dit contract tussentijds eenzijdig op te zeggen. Als we de opbrengst uit het riviercruise bezoek verhogen en vermeld is dat er ook investeringen nodig zijn, is het van belang om te weten of de vermelde besparing een nettobedrag is (verhoogde opbrengst minus lasten voor de te maken kosten) of dat het alleen de verhoogde opbrengst is. Als we rekening houdt met een verhoging van de weer te heffen hondenbelasting, moet ook bekend zijn wat de invorderings- en controlekosten voor de hondenbelasting zijn (of zitten die nog in de huidige meerjarenramingen vanaf 2026). Etc. 4

7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/935/documents/40783