CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Antwoorden raadsvoorstel armoede 11-10-2022.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 29 november 2022, gemeente DordrechtBij agendapunt: 20: Vervolg Samen tegen Armoede - Raadsvoorstel1.620 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BEANTWOORDING VRAGEN

Contactpersoon Marten Meinster T 06 18515586

Van

Marten Meinster

Aan

Denise van Poppel

Datum

11-10-2022

Betreft

Beantwoording vragen raadsvoorstel 'Samen tegen Armoede'

1.

E m.meinster@dordrecht.nl

Op pagina 16 van het voorstel wordt aangegeven dat het koopkrachtpakket van de landelijke overheid dat is aangekondigd op Prinsjesdag nog niet is meegenomen in deze voorstellen. Kunt u aangeven wat de verwachte effecten zijn van de aangekondigde maatregelen, waaronder een 10% verhoging van het minimumloon en de bijstand? Hoe verhoudt zich dit bijvoorbeeld tot de figuren 1 en 2 op pagina 6? Het minimumloon stijgt per 1 januari 2013 met 10,15%, naar €12,40 bruto per uur. Het kabinet had eerder dit jaar al besloten om alle aan het minimumloon gekoppelde uitkeringen, zoals de AOW, bijstand en de Wajong, mee te verhogen. Hierdoor heeft de minimumloonsverhoging ook positieve gevolgen voor het inkomen van uitkeringsgerechtigden en AOW’ers. Om de lokale gevolgen van deze verhoging, en andere maatregelen n.a.v. Prinsjesdag, goed in te kunnen schatten, vragen wij het Nibud om een nieuwe Minima-effect Rapportage (MER) te maken voor de situatie vanaf 1 januari 2023. Deze rapportage delen wij met de raad.

2.

Bij het voorstel voor het verruimen van de regeling voor het Persoonlijk Minimabudget wordt aangegeven dat het Nibud waarschuwt voor een armoedeval van 110% naar 120% Wsm als de huidige situatie wordt gehandhaafd. Wat is bij een verhoging van de inkomensgrens naar 120% van het Wsm en een verhoging van de toeslag naar 40% van de bijstandsnorm het effect voor de groepen boven 120% Wsm? Verschuift dit de armoedeval naar 130% Wsm? Op dit moment is de inkomensgrens voor het Persoonlijk Minimabudget (PMB) 110% van het wettelijk sociaal minimum (WSM). Hierdoor is er sprake van een doorstroomval voor de huishuishoudens op 120% WSM. Zij houden netto minder per maand over dan de groep op 110% WSM. Dit komt doordat zij geen PMB ontvangen, maar ook de afbouw van de inkomensafhankelijke toeslagen, zoals de huur- en de zorgtoeslag, speelt hierbij een grote rol (zie ook MER). Als de inkomensgrens van het PMB van 110% naar 120% WSM wordt verhoogd, verplaatst deze doorstroomval zich naar onze verwachting niet naar de huishoudens op 130% WSM. Dit komt omdat de afbouw van de inkomensafhankelijke toeslagen dan een minder grote rol speelt en het verschil tussen het saldo van huishoudens op 120% en 130% WSM zodanig is dat het wel of niet ontvangen van het PMB geen doorstroomval meer veroorzaakt. De hiervoor aangekondigde MER 2023 zal hier meer inzicht in geven.

3.

Bij het onderdeel Collectieve zorgverzekering voor minima (CZM) wordt voorgesteld de huidige beleidskaders te handhaven in het nieuwe contract wat vanaf 1 januari 2024 zal gaan lopen. Zal hiervoor nog een apart voorstel naar de raad komen of gaan we hiermee akkoord als we dit voorstel aannemen?

Pagina 1/4

Datum 11-10-2022

De beleidskaders voor het nieuwe contract zijn onderdeel van het huidige raadsvoorstel. Met dit nieuwe contract willen we onze inwoners een goed dekkende zorgverzekering aan blijven bieden. Door dit traject en contract met de zeven Drechtsteden-gemeenten aan te gaan, hebben we een goede onderhandelingspositie en kunnen we solide afspraken maken. 4.

Wat is het effect van de voorgestelde verruiming van de regeling SMS Kinderfonds op de armoedeval naar de groepen met een inkomen boven 140% en 150% Wsm? (afhankelijk van de leeftijd van de kinderen) We voorkomen een armoedeval door de inkomensgrens voor paren met oudere kinderen te verhogen naar 150% Wsm, voor deze groep. In de MER van maart 2022 zien we specifiek dat deze groep tekortkomt. Huishoudens met een inkomen boven de 150% hebben een modaal inkomen of hoger en zijn geen doelgroep van het minimabeleid.

5.

Zijn deze maatregel voldoende voor de in tabel 1 en 2 aangegeven feit dat een paar met 2 oudere kinderen en 150%WSM niet rond kunnen komen. Neemt u hiervoor additionele maatregelen? Ja, zij worden in het voorstel opgenomen in de doelgroep voor het smskinderfonds.

6.

In de MER 2021 wordt geadviseerd om de Tegemoetkoming kinderopvang te heroverwegen, omdat deze niet de beoogde resultaten zou hebben. Nu wordt voorgesteld om deze tegemoetkoming te verruimen naar 130% Wsm. In welke mate is de situatie veranderd rondom deze tegemoetkoming sinds het uitkomen van de MER 2021? Welke groepen probeert u te bereiken die nu niet bereikt worden en met welk doel? In de situatie van de MER 2021 ontstaan bij het wegvallen van de vergoeding geen tekorten op de begroting of een armoedeval, is die situatie nu veranderd? In figuren 1 en 2 op pagina 6 van het voorstel blijkt uit de tabellen dat bij de gezinnen met jonge kinderen alleen het paar met 2 jonge kinderen met een inkomen van 100% Wsm een tekort heeft, wat was de overweging om een maatregel voor deze groep te intensiveren? Het Nibud adviseert om nog eens kritisch te kijken naar de doelgroepen van de regeling. Met de huidige inkomensgrens op 110% van het WSM, komt slechts een zeer klein deel van de doelgroep (namelijk werkende armen met weinig contracturen) in aanmerking. De doelgroepen verruimen we flink door de inkomensgrens op te hogen naar 130% Wsm, waardoor het instrument ook meer bereik en effect gaat hebben. De regeling kan ouders met jongere kinderen een extra stimulans geven om te gaan werken en stimuleert daarmee ook de arbeidsmarkt.

7.

Kunt u per onderdeel van het beleid op alle programmalijnen aangeven wat de te behalen resultaten zijn in meetbare doelstellingen. Kunt u daarbij waar mogelijk de huidige kengetallen aangeven en de verwachte kengetallen als dit voorstel wordt uitgevoerd? Kunt u daarnaast aangeven hoe een tabel als die op pagina 6 er uit zou zien, als alle voorgestelde regelingen zouden worden uitgevoerd? We voeren een nieuwe MER uit op alle (lokale en landelijke) beleidswijzigingen vanaf januari 2023.

2

Datum 11-10-2022

Op basis daarvan stellen we een nulmeting vast op een aantal KPI's die we nu al meten als onderdeel van de jaarbegroting, waaronder de gemiddelde schuld en het aantal kinderen in armoede. We zijn ons wel bewust van het feit dat de ontwikkelingen in deze doelen voor een groot deel buiten onze invloed liggen en met name afhankelijk zijn van landelijk inkomensbeleid en economische ontwikkelingen. In deze meting nemen wij ook indicatoren op over de bekendheid en het bereik van het hulpaanbod in Dordrecht, aangezien toeleiding en gebruik van regelingen een cruciaal onderdeel zijn van dit raadsvoorstel. 8.

In de Tussenevaluatie van Samen tegen Armoede van 10 december 2021 wordt aangegeven dat het nog onvoldoende lukt om effecten meetbaar en inzichtelijk te maken. Welke maatregelen worden getroffen om dit te verbeteren? Er wordt ook een aantal mogelijke indicatoren genoemd om output en effect van het programma te meten, zoals aantal unieke inwoners met ernstige financiële problemen en/of schulden, gemiddelde schuld per inwoner en gemiddelde duur van inwoners in de schuldhulpverleningsketen. Worden deze indicatoren inmiddels bijgehouden? Sinds de evaluatie zijn verbeteringen aangebracht in het meten van de indicatoren van de ketensamenwerking in Dordrecht. Zo houden de Sociale Dienst Drechtsteden en de Sociaal Wijkteams gegevens bij over het aantal doorverwezen inwoners en het aantal gevoerde gezamenlijke gesprekken met inwoners. Er bestaan verder verschillende instrumenten om indicatoren te meten. Een graadmeter is het aantal inwoners dat zich meldt met schulden en de hoogte van die schulden. Ook via de vroegsignalering van schulden meten we hoeveel inwoners in beeld komen en welke schulden ze hebben. Via onze partner Geldfit hebben we inzicht in het aantal hulpvragen per wijk en type schuld.

9.

U stelt dat het programma energiearmoede apart uitgewerkt wordt. De gestegen energieprijzen en gebruik van energie dragen enorm bij de benodigde inkomensondersteuning. Wanneer wordt de uitwerking van het programma energiearmoede verwacht? Vandaag heeft het college de raadsinformatiebrief ‘PvA Energiehulp voor huishoudens’ vastgesteld waarmee u wordt geïnformeerd.

10. Kunt u een beeld schetsen hoe het programma samen tegen armoede zich verhoudt tot de armoedeval van werkenden, die geen gebruik kunnen maken van inkomensondersteuning/toeslagen. Bijv. wat is het besteedbaar inkomen na verrekening toeslagen en te betalen belastingen voor een politieagent/verpleger vs een WSN norm van 120% Het Rijk voert inkomensbeleid. Het doel van het gemeentelijk minimabeleid is om ook de groep werkenden met een zeer laag inkomen in beeld te krijgen en te ondersteunen, maar de grotere groep daar net boven dient door rijksbeleid ondersteund te worden. En we zien helaas dat dat op dit moment tekortschiet. 11. Er komen steeds meer signalen dat middeninkomens het ook zwaar hebben of zelfs voedselbankaanvragen doen. Klopt dit beeld? En zo ja om hoeveel Dordtenaren zou het gaan, die in de problemen komen? Komt u in dat geval om met voorstellen?

3

Datum 11-10-2022

We herkennen het beeld dat middeninkomens in de verdrukking komen. De Voedselbank Dordrecht ziet nu een stijging van 10% van het aantal aanvragen. Ze helpen ca. 400 Dordtse gezinnen. Ook Dagelijks Brood ziet een stijging van het aantal aanvragen. Zij helpen 150 gezinnen. De rijksmaatregelen helpen vooral huishoudens met lage en deels middeninkomens. Door hogere inkomensgrenzen voor minimaregelingen te hanteren bedienen we ook deze groep inwoners in Dordrecht, met o.a. de collectieve zorgverzekering en het kindtegoed. 12. Kunt u per onderdeel van het raadsvoorstel aangeven welk deel van de investering van drie miljoen euro hiermee verbonden is? Deze vraag zou ons, samen met de doelstellingen waar we ook naar gevraagd hebben, helpen om een goed beeld te krijgen van de balans tussen investering en verwachte resultaten. De drie miljoen euro over een periode van 4 jaar is een uitbreiding van met name minimaregelingen, op basis van adviezen en signalen uit de MER. Wij verwijzen u naar de financiële paragraaf bij het raadsvoorstel, met daarin een financiële onderbouwing per programma, regeling en jaar.

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/482/documents/20686