Addendum op de Beleidsnota Garantstellingen en Leningen Gemeente Dordrecht 2021.pdf
Tekst van het document
Addendum op de Beleidsnota Garantstellingen en Leningen Gemeente Dordrecht 2021 doelgroep Sport 1. Aanleiding De beleidsnota uit 2021 biedt kaders voor garantstellingen en leningen aan maatschappelijke instellingen, waaronder sportverenigingen. In de praktijk blijkt dat sportverenigingen steeds vaker geconfronteerd worden met verouderde accommodaties, beperkte financieringsmogelijkheden en rijkssubsidievoorwaarden met gedeeltelijke bevoorschotting. Dit addendum beoogt het bestaande beleid voor de doelgroep sport te verduidelijken en aan te vullen, zodat het beter aansluit bij actuele behoeften en beleidsontwikkelingen, waaronder de gemeentelijke subsidieregeling renovatie en/of nieuwbouw sportvoorzieningen https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR697914/2, welke in de bestuurlijke overwegingen ook verwijst naar een aanvulling van de beleidsnota (.
2. Beleid doelgroep sport per 1 februari 2026 De beleidslijn dat garantstelling de voorkeur heeft boven het verstrekken van gemeentelijke leningen blijft leidend. Voor sportverenigingen en -stichtingen geldt het volgende: 1. Eigen bijdrage vereist: Verenigingen dienen aantoonbaar eigen middelen of bijdragen van derden in te brengen. Gemeentelijke financiering dekt nooit 100% van de investering. 2. Verduurzaming: Voor verduurzaming van bestaand vastgoed geldt het aparte kader uit de nota met een maximum van €250.000 en een looptijd van maximaal 10 jaar. 3. Geen garantie voor inventaris: Er wordt geen garantie verleend voor investeringen in inventaris, gezien de beperkte executiewaarde.
3. Verenigingsaccommodaties (kantines en kleedruimten) Een verenigingsaccommodatie bestaat uit een kantine en kleedlokalen plus sanitaire voorzieningen op een gemeentelijk sportcomplex. Het bedrag voor een financiering blijft gemaximeerd op € 500.000 per vereniging, met inbegrip van reeds lopende financieringen en waarbij per geval tevens eventuele gemeentelijke subsidies worden beschouwd. De vereniging hoeft in Dordrecht geen grond te kopen. De grond op sportparken is immers gemeentelijk eigendom. Met dit maximumbedrag moet het mogelijk zijn om een doelmatige accommodatie te kunnen realiseren. Achterstallig onderhoud wordt niet gefinancierd. Groot onderhoud kan uitsluitend worden gefinancierd indien er nog geen afspraak met de gemeente loopt dat een vereniging hier zelf voor reserveert.
4. Sporthallen Garantstelling door de gemeente voor sporthallen bij, op gemeentelijke sportcomplexen gevestigde, verenigingen is mogelijk, maar alleen indien de uitbreiding of vervanging van capaciteit voorziet in een behoefte en er geen sprake is van wegzuigende werking bij andere hallen binnen de gemeente. Hiervoor gelden daarnaast dezelfde randvoorwaarden als bij andere accommodaties ten aanzien van inventaris en groot- en achterstallig onderhoud. Er moet daarvoor dus zelf zoveel mogelijk jaarlijks gespaard worden door de stichtingen/of direct belanghebbende verenigingen.
5. Financiering van racketsportvoorzieningen De aanleg van squash-, tennis- en padelbanen kan onder voorwaarden worden gefinancierd via garantstelling of lening, mits voldaan wordt aan de algemene en gemeentelijke toetsingscriteria uit de beleidsnota. Voor deze voorzieningen geldt: 1. Looptijd financiering: Deze bedraagt maximaal 10 jaar1; vanwege de relatief beperkte technische levensduur van met name padelbanen. 2. Baanverlichting: Indien baanverlichting onderdeel uitmaakt van de investering, wordt deze om praktische redenen als integraal onderdeel van de voorziening beschouwd. 2De aflossingstermijn van de verlichting volgt dan de looptijd van de baan zelf. 3. Het college kan een maximum stellen aan het aantal te financieren banen in Dordrecht; o.a. ter vermijding van wegzuigende werking elders/ (commerciële) concurrentievervalsing. 4. Een eventuele halconstructie valt buiten dit kader. Deze moet dán inpasbaar zijn in het Verenigingshallenplan waarbij het risico van wegzuigende werking elders/ (commerciële) concurrentievervalsing voor reeds bestaande accommodaties expliciet wordt meegewogen.
6. Overbruggingskredieten bij subsidies van derden Primair ligt deze taak bij banken, tenzij de gemeente zelf eerder al leningen aan de vereniging of stichting heeft verstrekt. Het college is bevoegd om -zo nodig- te besluiten tot het verstrekken van gemeentelijke overbruggingskredieten aan sportverenigingen, gebaseerd op toegekende subsidies van derden die dienen ter gedeeltelijke financiering van de investering; welke echter niet direct volledig worden uitbetaald zoals (althans geldend in 2025) BOSA en DUMAVA. Deze kredieten worden verstrekt onder de voorwaarden zoals opgenomen in de beleidsnota en zijn uitsluitend! bedoeld om liquiditeitsknelpunten te voorkomen bij de realisatie van maatschappelijk relevante sportvoorzieningen. Deze hebben een looptijd van ten hoogste 12 maanden min 1 dag (vergelijkbaar met gemeentelijke uitzettingen) met een maximum van € 500.000. Daarboven besluit de raad. Het gemeentelijke rentetarief wordt steeds gebaseerd op een advies van het gemeentelijke treasury comité waarbij tenminste de referentierente
1
De keuze voor een maximale looptijd van 10 jaar bij financiering van squash-, tennis- en padelbanen is gebaseerd op de technische levensduur en onderhoudsgevoeligheid van deze voorzieningen. Met name padelbanen kennen een relatief korte levensduur door intensief gebruik en weersinvloeden. Dit wordt bevestigd in onder andere dit document . 2 In de praktijk wordt verlichting vaak gelijktijdig aangelegd met de baan en functioneel gekoppeld aan het gebruik ervan.
van de Europese Commissie op het moment van afsluiten wordt gehanteerd. Het college kan de financieringsaanvraag afwijzen indien onvoldoende zekerheid bestaat over de subsidietoekenning.
7. Toetsingscriteria De bestaande toetsingscriteria in de nota blijven integraal van kracht; hieronder op hoofdlijnen: - Organisatiekracht: Verenigingen moeten aantonen dat zij beschikken over voldoende bestuurskracht en continuïteit. - Draagvlak: De investeringsvoorstellen moeten gedragen worden door de ledenvergadering. Bij sporthallen betreft dit de feitelijk belanghebbende vereniging. - Financiële onderbouwing: De meerjarige begroting moet realistisch en sluitend zijn, inclusief onderbouwing van inkomsten (contributies, sponsoring). - Onderhoudsplanning: Een onderhoudsplanning voor 10 jaar is verplicht, opgesteld door een deskundige3.
8. Samenloop met gemeentelijke subsidieregeling(en) Bijvoorbeeld de huidige subsidieregeling (https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR697914/2) biedt aanvullende ondersteuning in de vorm van een bijdrage tot 1/3 van de netto investering (max. €250.000). Deze regeling is complementair aan deze nota en verandert dus niets aan de toetsingscriteria daarin. Investeringen waarbij zowel gemeentelijke garantie/leningen als gemeentelijke subsidie benodigd is worden integraal door het gemeentebestuur afgewogen. Een latere aanvraag voor een financieringsrol wordt niet gehonoreerd ;om te voorkomen dat de gemeente in een situatie wordt geplaatst waarin zij geen reële afwegingsruimte meer heeft. De aanvrager moet dus voldoende zekerheid hebben over de hardheid van andere financieringsbronnen zoals eigen middelen, sponsortoezeggingen etc. Hetgeen ook kan betekenen dat de investering niet door gaat en het subsidie wordt teruggevorderd. Bij de hier bedoelde regeling kan de gemeente hooguit voor 2/3 van de investering een financieringsrol afwegen.
9. Bevoegdheden en besluitvorming Punt 6 van dit addendum is nieuw. De bestaande bevoegdheidsverdeling blijft verder van kracht: - Het college beslist over aanvragen tot €500.000 binnen de kaders van de nota. - Bij aanvragen boven dit bedrag of bij afwijking van de kaders volgt een raadsbesluit. - Bij herhaalde betalingsproblemen of risico op overschrijding van de weerstandsratio wordt de raad in de gelegenheid gesteld wensen en bedenkingen te uiten.
3
Onder een deskundige wordt verstaan: een onafhankelijk en aantoonbaar gekwalificeerd persoon of organisatie met ervaring in bouwkundig
onderhoud van sportaccommodaties. Dit kan bijvoorbeeld een gecertificeerd bouwkundig adviseur of een erkend sporttechnisch bureau zijn.