Aanvullende beantwoording technische vragen VVD.pdf
Tekst van het document
15
20
Wat is de planning van de vaststelling van de begrotingen van verbonden partijen, loopt dat proces gelijk op naar de vaststelling van onze eigen begroting na de zomer waardoor de raad de kans heeft om een integrale financiële weging te maken?
Wethouder Heijkoop De zienswijzen op de ontwerpbegrotingen 2025 van de verbonden partijen worden behandeld/vastgesteld in uw raadsvergadering van 18 juni a.s. Uw raad bespreekt en stelt de Perspectiefnota 2025 vast op 9 juli aanstaande. In deze perspectiefnota hebben we de financiële effecten van diverse ontwerpbegrotingen 2025 al verwerkt.
Waarom staat nergens de hondenbelasting in de meerjarenreeks als tegenvaller (en bijv DordtPas wel)?
Wethouder Heijkoop De hondenbelasting is in het huidig Politiek Akkoord als inkomst enkel voor de jaren 2023 t/m 2026 teruggebracht naar nul. Dat geldt voor alle tijdelijke intensiveringen uit het politiek akkoord. De Dordtpas liep al voor de huidige bestuursperiode en dient vanaf 2026 opnieuw meerjarig te worden aanbesteed. Het college laat onderzoeken onder welke voorwaarden, ook in tijd, dat mogelijk is. Aanvulling Vanaf 2027 is het oorspronkelijk tarief weer ingevoerd. Daardoor is het voor 2027 geen tegenvaller. Het college laat de besluitvorming over tarifering van de hondenbelasting na 2026 over aan een nieuw college. Vanuit behoedzaamheid en continuïteit is het voorstel om al wel te anticiperen op de meerjarige aanbesteding voor de Dordtpas. Zoals in de perspectiefnota verwoord (p.18) onderzoeken we in deze fase of een 1-jarige verlenging mogelijk is. In die situatie zijn vooralsnog geen extra middelen nodig omdat het politiek akkoord voorziet in verlenging in jaarschijf 2026.
Aanvulling Concrete data voor vaststelling begrotingen van de grootste verbonden partijen in het AB zijn donderdag 27 juni (VR), vrijdag 28 juni (Wegschap tunnel Dordtse Kil) en donderdag 11 juli (GRS en DG&J). Op deze momenten worden financiële besluiten over de begrotingen van GR'en genomen welke daarna meelopen in het begrotingstraject van de gemeente Dordrecht.
19
Regionale Jeugdhulp: niet alles ingezette besparingsmaatregelen hebben beoogde financiële effect. Welke totale financiële besparing wordt beoogd, welke maatregelen blijven achter en wordt op dit moment een aanscherping / herijking verwacht voor vaststelling begroting Dordrecht van 2025?
Wethouder Van der Linden We hebben de volgende ombuigingsmaatregelen c.q. besparingen voor jeugdhulp in ons meerjarenbegroting 2024 opgenomen: 1. inzet jeugdhulp naar voren 2. minder frictiekosten jeugdzorgplus 3. alternatieve hulp door gewijzigd woonplaatsbeginsel 4. normenkader 5. inzet expertteam. Het hiermee beoogde besparingspotentieel bedroeg € 1.050.000 in 2024 en oplopend naar € 1.762.000 in 2028. Ad 1. Inzet jeugdhulp naar voren De beoogde ombuigingsmaatregelen bij jeugdhulp naar voren (zoals meer groepsgericht aanbod en kortere trajecten) zijn nog niet (volledig) gerealiseerd. We zijn voornemens om deze beschikkingsvrije hulp vanaf 2025 te beleggen bij een andere ketenpartner, die de beoogde innovatieslag en financiële besparing wel kan doen realiseren. Hier tegenover staat, dat de inzet van PraktijkOndersteuners Huisartsen (POH) GGZ-jeugd wel rendeert. Een POH-GGZ jeugd verleent zorg aan cliënten van 0-18 jaar met (lichte, veel voorkomende) psychische klachten. We breiden deze maatregel uit. Ad 2. Minder frictiekosten Jeugdzorgplus De frictiekosten voor Jeugdzorgplus zijn inmiddels afgenomen c.q. nihil. Hier tegenover staat, dat kleinschalige woonzorgvoorzieningen tot meer kosten leiden doch bijdragen aan kwalitatief betere hulp aan jeugdige cliënten. Ad 3.
Alternatieve hulp door gewijzigd woonplaatsbeginsel Deze besparing is niet gerealiseerd mede vanwege de zorgcontinuïteit van de "overgedragen" jeugdige cliënten. Ad 4. Normenkader Het opstellen van normen per zorgproduct is in de praktijk onvoldoende tot uitvoering gekomen en is tot op heden niet toereikend om de zorgkosten neerwaarts bij te stellen. We zijn daarom voornemens om het normenkader te combineren met het specifiek beschikken van hulp. In iedere beschikking staat dan (nog) duidelijker verwoord welke type zorg, hoe lang/vaak en tegen welk (maximum-) bedrag verleend mag worden. Een regionale werkgroep werkt deze nieuwe opzet van beschikken uit, zodat deze eind 2024 ingezet kan worden. Vanaf 2025 beogen we hiermee € 700.000 te besparen. Ad 5. Inzet expertteam Het Expertteam werkt naar behoren.
Tot slot: Naast voornoemde ombuigingsmaatregelen willen we ons inkoopbeleid per 1 januari 2026 aanscherpen door bijvoorbeeld minder aanbieders te contracteren. We kunnen ons dan meer richten op strategischer partnerschap met meer focus op contractmanagement. Ook de uitwerking van de integrale verordening Sociaal Domein moet de stijgende lijn aan zorgkosten afvlakken. Aanvulling Nee, los van de hierboven genoemde voornemens/maatregelen en de overige in de perspectiefnota genoemde maatregelen (o.a. taskforce, aanpak zorgfraude en wachtlijst en wachtlijstbeleid) wordt vooralsnog geen herijking van maatregelen verwacht voor/bij de Begroting 2025.