3. UItvoeringsprogramma Algemene Voorzieningen.pdf
Tekst van het document
Algemene Voorzieningen We willen een goed aanbod van algemene, sociale voorzieningen. Voorzieningen waar inwoners elkaar ontmoeten in hun vrije tijd. Ook gaat het om voorzieningen waar inwoners kunnen binnenlopen met een kleine of grote hulpvraag. Hulp waarvoor geen indicatie of beschikking nodig is en die voor iedereen toegankelijk is. Als definitie van een algemene voorziening gebruiken we de omschrijving van de Rijksoverheid: een algemene voorziening is vrij toegankelijk, zonder voorafgaand onderzoek naar persoonlijke omstandigheden. Concrete voorbeelden zijn buurthuizen, jeugdgezondheidszorg en Dordrecht Sociaal, maar ook sport-, speeltuin-, muziek- en scoutingverenigingen. We spelen als gemeente niet in alle algemene voorzieningen een rol. In het uitvoeringsprogramma Algemene Voorzieningen staan 5 actielijnen beschreven: 1. 2. 3. 4. 5.
Het maken van keuzes; Het stimuleren van samenwerking; Meerjarig subsidiëren en inkopen; Vindplaats gericht werken; Het invoeren van een eigen bijdrage.
We vinden het belangrijk om kritisch te kijken naar de huidige inrichting van onze algemene voorzieningen en waar mogelijk verbeteringen door te voeren, zodat het aanbod toegankelijk, effectief, betaalbaar en toekomstbestendig blijft. Het maken van keuzes Om genoeg en passende algemene voorzieningen te kunnen blijven faciliteren aan de voorkant is het noodzakelijk om keuzes te maken. We willen in kaart brengen welke voorzieningen in welke wijk aanwezig zijn en welke voorzieningen mogelijk missen. Daarbij willen we de bestaande voorzieningen ook toetsen aan de hand van nog op te stellen criteria. In Q4 2025 zijn we gestart met het in kaart brengen van de sociale algemene voorzieningen per wijk. Op basis van de uitgangspunten uit de visie en de gebiedsanalyses uit de gebiedsprogramma’s stellen we criteria op. Begin 2026 toetsen we de voorzieningen aan deze criteria. In Q2 2026 verwachten we de analyse op de sociale algemene voorzieningen afgerond te hebben. We maken keuzes op basis van deze analyse met dubbelingen en behoeften in het aanbod van de sociale algemene voorzieningen. Het stimuleren van samenwerking Per 1 augustus 2024 is de subsidieregeling Wmo en Jeugd herijkt naar de bredere ‘subsidieregeling Sociaal Domein’. In deze nieuwe regeling zijn de uitgangspunten uit de Visie Sociaal Domein 2030 verwerkt.
Subsidieaanvragen worden beoordeeld aan de hand van diverse criteria, waaronder de voorwaarde tot samenwerking tussen formele en informele partners (artikel 8, lid 1h). Tijdens onze accountgesprekken met subsidiepartners besteden we hier actief aandacht aan. Naast deze individuele gesprekken zijn in 2025 ook gezamenlijke partnersessies georganiseerd onder de noemer ‘Samen Impact Maken’. Tijdens deze bijeenkomsten hebben we samen met onze partners kritisch gekeken naar het Dordtse ecosysteem. Centraal stond de vraag hoe we, ondanks schaarste aan middelen en arbeidskrachten, gezamenlijk blijvende impact kunnen realiseren. Daarbij is ook gekeken naar bredere samenwerkingen, onder andere met ondernemers.
Uit deze sessies is een werkgroep ontstaan met diverse partners die dit proces verder vormgeeft. De focus ligt op het wijkgericht samenbrengen van de juiste partners om gezamenlijk te werken aan concrete impactdoelstellingen. De eerste stap is het opstellen van passende doelstellingen per wijk. De opbrengsten hiervan worden in het eerste kwartaal van 2026 verwacht. Meerjarig subsidiëren en inkopen Het afgelopen jaar zijn de meerjarige subsidies binnen het Dordts Leerprogramma geëvalueerd in samenwerking met de betrokken partijen geëvalueerd. Uit deze evaluatie komt naar voren dat er een voorkeur bestaat om terug te keren naar jaarlijkse subsidiëring. De meerjarige subsidies blijken in de praktijk regelmatig te moeten worden herzien, onder andere vanwege indexaties en tussentijdse wijzigingen in plannen. Dit leidt tot meerdere herziene beschikkingen. Hierdoor verslechtert het overzicht voor zowel de aanvragers als de beleidsafdeling. De beoogde efficiëntie wordt hierdoor niet gerealiseerd. Bij het project The NXT Chapter zijn gemengde ervaringen opgedaan met meerjarige subsidiëring. Omdat dit project een duidelijk afgebakend karakter had, zijn vooraf afspraken gemaakt over indexatie, wat tussentijdse aanpassingen grotendeels overbodig maakte. Echter, door wijzigingen in landelijk beleid werd het project met een jaar verlengd van twee naar drie jaar.
Dit leidde tot verwarring bij de verantwoording, zowel financieel (doordat boekjaren al waren afgesloten) als inhoudelijk (door personeelswisselingen bij betrokken organisaties, waardoor kennis verloren ging). De verantwoording bleek hierdoor tijdsintensief en is op dit moment nog niet volledig afgerond. Beide trajecten worden nog intern geëvalueerd met het subsidiebureau. Deze evaluatie staat gepland in het 2e kwartaal 2026, zodra de subsidie voor The NXT Chapter volledig is afgerond en op het gehele proces kan worden teruggeblikt. Vindplaatsgericht werken Vindplaatsgericht werken speelt een belangrijke rol in het bieden van laagdrempelige ondersteuning en het voorkomen van zwaardere zorg. Dordrecht Sociaal heeft de opdracht om vindplaatsgericht en outreachend te werken: een actieve werkwijze om inwoners, in de wijken en buurten, te bereiken die niet altijd zelf om hulp vragen. De afgelopen periode hebben we samen met Dordrecht Sociaal het begrip vindplaatsgericht werken verder aangescherpt. Door deze gezamenlijke definiëring kunnen we nu beter monitoren hoe de ontwikkeling op dit vlak verloopt. Een belangrijk uitgangspunt dat we hebben vastgesteld, is dat medewerkers structureel vindbaar zijn voor inwoners wanneer zij meer dan twee uur per week op een locatie aanwezig zijn.
Dit geeft ons een duidelijke norm om te bepalen waar en hoe we zichtbaar zijn in de wijk en maakt het mogelijk om gerichter te sturen op aanwezigheid en bereikbaarheid. Door deze heldere definitie kunnen we niet alleen beter meten, maar ook inzichtelijk maken waar we nog stappen kunnen zetten om onze vindbaarheid te vergroten. In 2026 gaan we de acties binnen uitvoeringsprogramma bij het thema vindplaatsgericht werken herijken, zodat ze beter aansluiten bij onze ambities en de actuele praktijk. Het invoeren van een eigen bijdrage Uit onderzoek blijkt dat de mogelijkheden voor het invoeren van een eigen bijdrage bij algemene voorzieningen beperkt zijn. Zo staat de Jeugdwet momenteel geen eigen bijdrage toe. Het kabinet werkte aan een plan om vanaf 2028 een beperkte eigen bijdrage in te voeren voor sommige vormen van jeugdhulp, om de jeugdhulp beschikbaar te houden voor wie het echt nodig heeft. Op dit
moment is nog onduidelijk of dit plan weer op tafel komt te liggen bij de formatie van het nieuwe kabinet. Wanneer sprake is van een duurzame hulpverleningsrelatie met een zorgaanbieder – ook via een algemene voorziening – schrijft de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) voor dat moet worden aangesloten bij de wettelijke eigen bijdrage, die gemaximeerd is op € 21 per maand. Het invoeren van een separate (hogere) eigen bijdrage voor een algemene voorziening is daarmee in strijd met de wet. Ook in het voorliggende wetsvoorstel voor een inkomensafhankelijke Wmo-bijdrage (verwacht in 2028) is deze bepaling opgenomen. Hierdoor vervalt de reden om bepaalde voorzieningen als algemene voorziening in te richten. Voor enkele onderdelen binnen de Wmo, waarbij géén sprake is van een duurzame hulpverleningsrelatie zijn nog wel mogelijkheden zoals: vervoer, woonaanpassingen en hulpmiddelen • • •
Voor vervoer geldt al een gebruikersbijdrage, die per 2026 wordt verhoogd. Voor woonaanpassingen is een algemene voorziening niet uitvoerbaar, omdat deze altijd maatwerk vereisen. Voor hulpmiddelen wordt momenteel in regionaal verband verkend of een gebruikersbijdrage haalbaar is.
De verwachte invoering van de inkomensafhankelijke Wmo-bijdrage maakt verdere analyse op dit moment minder zinvol. Wat zijn de belangrijkste gerelateerde besluiten? • •
Inzet gereserveerde middelen Dordts Leerprogramma – Raadsvoorstel Beschikbaar stellen gereserveerde middelen Dordtse Leerprogramma 2025-2028 Raadsvoorstel