CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

240516 Definitief Concept Regionaal Risicoprofiel 2025-2028 Veiligheidsregio ZHZ.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 24 september 2024, gemeente DordrechtBij agendapunt: 16: Kenbaar maken van Reactie op Regionaal Risicoprofiel en wensen voor Beleidsplan Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid - Raadsvoorstel26.674 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

10. PFAS Poly- en perfluoralkylstoffen (PFAS) zijn chemische stoffen die door de mens zijn gemaakt. PFAS kunnen schadelijk zijn voor mens en milieu. PFAS komt in de lucht of bodem terecht door uitstoot van fabrieken. Ook Chemours in Dordrecht stoot PFAS uit via de lucht en afvalwater. Hierover is in de afgelopen jaren in de regio (en in de verdere samenleving) grote onrust ontstaan. Deze onrust heeft o.a. te maken met onzekerheden over de aard en omvang van effecten van PFAS op gezondheid en milieu. De mate waarin PFAS invloed heeft op risico’s in de regio is nu nog lastig te kwantificeren. Het is daarom nog niet duidelijk terug te zien in de risicobeoordeling en is alleen als ontwikkeling meegenomen.

17) Vertrouwen in vaccinaties daalt wereldwijd - UNICEF

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

30

11. Geopolitieke dreigingen De wereldpolitiek is de laatste jaren veranderd, met de Russische oorlog tegen Oekraïne als belangrijkste voorbeeld. Overheidsinstanties gebruiken cyberaanvallen als middel om hun geopolitieke doel te bereiken. Cybercriminaliteit vormt een aantrekkelijk verdienmodel met veel schade voor mensen en organisaties als gevolg18. Daarnaast is Nederland door de strategische ligging van Nederland aan de westkust van Europa een perfect doorvoerland voor troepenverplaatsing (host nation). De verplaatsingen kunnen zijn voor oefeningen, wisselingen van eenheden of daadwerkelijke inzet. Het transport kan binnenkomen via havens, over de weg, het spoor of door de lucht. Vaak gaat het om eenheden die Europa in- of uittrekken19. Indien host nation aan de orde is, zal dit zeker impact hebben voor de regio vanwege het gebruik van de infrastructuur (A15 en spoor).

18) Cybersecuritybeeld 2023: verwacht het onverwachte | Nieuwsbericht | Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (nctv.nl) 19) Host nation support voor troepenverplaatsingen | Internationale samenwerking | Defensie.nl

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

31

3.3 Het risicoprofiel: wat is nieuw en wat is anders? Op 8 november 2023 is een gezamenlijke kick-off bijeenkomst georganiseerd met diverse crisis- en vitale partners. Tijdens deze bijeenkomst is gekeken naar: Welke risico’s moeten opnieuw worden beoordeeld? En Welke trends en ontwikkelingen worden verwachten voor de komende vier jaar verwacht? Vanwege het grote aantal veranderingen is tijdens de kick-off bijeenkomst besloten voor alle categorieën expertsessies te organiseren. Voor sommige categorieën was dit al voorzien, voor andere leverde de gezamenlijke gesprekken tijdens de kickoff toch weer nieuwe inzichten op die aanleiding gaven een expertsessie te organiseren. Bepaalde trends en ontwikkelingen hebben geleid tot aanvulling van het regionaal risicoprofiel. Zo zijn er nieuwe scenario’s toegevoegd of scenario’s gewijzigd en zijn er risico’s komen te vervallen. Ten opzichte van het vorige risicoprofiel is er een aantal veranderingen in impact en waarschijnlijkheid. Nieuwe risico’s • De mazelenepidemie is als nieuw risico toegevoegd. De lage vaccinatiegraad in bepaalde gebieden van onze regio leveren risico’s op voor infectieziekten als mazelen, rodehond en polio; • Ook verstoring openbare orde (boerenprotesten, rellen oud & nieuw) is als nieuw risico toegevoegd vanwege de grotere polarisatie in de samenleving.

Gewijzigde scenario’s • Door de woningnood worden bijvoorbeeld kantoorpanden, bibliotheken enzovoorts omgebouwd naar woningen voor bijvoorbeeld de opvang van vluchtelingen of de huisvesting van seizoenarbeiders en studenten. Naast fysieke, mentale of verstandelijke barrières kan er ook sprake zijn van een taal- en cultuurbarrière. Ook dit kan dit leiden tot verminderde zelfredzaamheid. Daarom is het risico ‘brand in gebouw voor verminderd zelfredzame personen” verbreed naar “brand in gebouw met kwetsbare doelgroep(en)”. • Het scenario milde en ernstige grieppandemie is vervangen door hogere seizoensfluctuatie. Ieder jaar is er een griepepidemie, maar het verschilt per jaar welke vormen dit aanneemt. Indien vaccins niet matchen met het circulerende type influenza kunnen er problemen ontstaan. • Zoönose is vervangen door introductie nieuwe ziekteverwekker. Een nieuwe ziekteverwekker kan van dierlijke oorsprong zijn, maar dat hoeft niet. Gewijzigde impact en/of waarschijnlijkheid De verschuivingen in risico’s ten opzichte van de vorige versie van het regionaal risicoprofiel; • De waarschijnlijkheid van overstromingen (dijkring 17 en 22) is toegenomen • De impact van klimaatverandering (extreme neerslag, hitte en extreme droogte) is toegenomen. • De waarschijnlijkheid van extreme droogte is toegenomen.

• De waarschijnlijkheid van het risico van instorting van een gebouw is iets toegenomen. • De impact en waarschijnlijkheid van een incident met gevaarlijke stoffen bij bedrijven en op de weg, water en spoor (inclusief spoorzone) is toegenomen. • De waarschijnlijkheid van een incident met een aardgasleiding is toegenomen. • De impact en waarschijnlijkheid van incidenttype digitale verstoring is toegenomen. • De impact van incidenttype verstoring drinkwatervoorziening is toegenomen. • De waarschijnlijkheid van een ongeval op de weg en de impact bij een ongeval op het water is toegenomen. • De impact van een pandemie is flink toegenomen. Vervallen scenario’s De volgende scenario’s zijn niet langer relevant of actueel voor het risicoprofiel van Zuid-Holland Zuid; • Het scenario incidenten met psychosociale impact was een beschrijving van het proces. Bij ieder incident kan sprake zijn van psychosociale impact, waardoor dit scenario is vervallen en bij trends en ontwikkelingen is beschreven. Een volledig overzicht van alle risico’s die opgenomen zijn in het Regionaal Risicoprofiel is te vinden in bijlage 1.

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

32

3.4 Risicoanalyse per omgeving 3.4.1 Natuurlijke omgeving Overstroming Iedere twaalf jaar brengen de keringbeheerders (waterschappen en Rijkswaterstaat) verslag uit aan de Minister van Infrastructuur en Water over de algemene waterstaatkundige toestand van de primaire waterkering. De eerste beoordelingsronde, van 2017 t/m 2022 is afgerond en alle dijktrajecten zijn beoordeeld. De beoordelingen zijn beschikbaar in het landelijke Waterveiligheidsportaal20. Niet alle dijktrajecten in de regio voldoen aan de normeringen. Dit houdt in dat de kans op een overstroming is toegenomen in bepaalde scenario’s, zoals in Dijkring 17, Zwijndrechtse Waard en Dijkring 22, eiland van Dordrecht. Extreem weer Door klimaatverandering neemt op de langere termijn de kans op hieraan gerelateerde incidenten toe. Weersextremen zullen vaker voorkomen. Dat levert risico’s op voor onze economie, gezondheid en veiligheid. De laatste jaren is het klimaat geleidelijk veranderd. Er zijn meer warme dagen en minder strenge winterdagen. De zomers worden droger en de winters natter, er zijn vaker extreme regenbuien en windhozen. Stortbuien en langdurige neerslag veroorzaken wateroverlast, terwijl op andere momenten juist schade door droogte ontstaat. Hitte veroorzaakt uitzettingsproblemen bij spoorwegen, bruggen en andere infrastructuur. En het zorgt voor hittestress in stedelijke gebieden.

Daarnaast raakt hitte de gezondheid van kwetsbare mensen, zoals ouderen en jonge kinderen. Door de toename van warme dagen gaan deze kwetsbare groepen steeds meer last krijgen van de hitte. De verwachting is dat het hitteprotocol21 steeds vaker ingezet gaat worden. De gevolgen van extreem weer kunnen variëren van een toenemend aantal sterfgevallen bij extreme hitte of kou tot het stilliggen van het dagelijkse leven bij langdurige mist of ijzel. Storm kan de gehele regio treffen, terwijl een windhoos vrij plaatselijk kan zijn. Bij zowel extreme kou als bij storm kunnen de gevolgen op de weg, water en spoor een verstoring van het dagelijks leven tot gevolg hebben. Een hittegolf kan ook effect hebben op de watervoorziening en mogelijk ook op de landbouw (beperking sproeiwater). Uit de risicoanalyse is gebleken dat de impact van klimaatverandering (extreme neerslag, hitte en extreme droogte) is toegenomen en dat de waarschijnlijkheid van extreme droogte is toegenomen. Binnen het thema natuurlijke omgeving zijn de volgende scenario’s gedefinieerd: Categorie

Scenario’s in Zuid-Holland Zuid

Natuurlijke omgeving

• Overstromingen • Overstroming Alblasserwaard, IJsselmonde, Hoeksche Waard, Eiland van Dordrecht en Gorinchem Oost. • Overstroming buitendijkse gebieden. • Doorbraak regionale keringen • Extreem weer • Extreem veel neerslag • Extreme hitteperiode, • Extreme droogte • Extreme sneeuwval en ijzel • Storm en windhozen

20) Waterveiligheidsportaal 21) Nationaal Hitteplan | RIVM

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

33

3.4.2 Gebouwde omgeving Brand in gebouwen met kwetsbare doelgroepen kan door diverse oorzaken ontstaan. Naast kortsluiting en defecte apparatuur blijken risicovol gedrag en brandstichting oorzaken van het ontstaan van brand. In het bijzonder zijn ook ondeugdelijke opladers en onwetendheid een oorzaak. Een extra risico wordt gecreëerd doordat mensen niet weten wat ze moeten doen bij brand. De taalbarrière speelt een belemmerende rol bij ontruiming en instructie. Door de woningnood worden bijvoorbeeld kantoorpanden, bibliotheken enzovoorts omgebouwd naar woningen voor bijvoorbeeld de opvang van vluchtelingen of de huisvesting van seizoenarbeiders en studenten. Naast fysieke, mentale of verstandelijke barrières kan er ook sprake zijn van een taal- en cultuurbarrière. Ook dit kan dit leiden tot verminderde zelfredzaamheid. Daarom is het risico ‘brand in gebouw voor verminderd zelfredzame personen” verbreed naar “brand in gebouw met kwetsbare doelgroep(en)”. Uit de risicoanalyse blijkt dat dit risico ook behoort tot één van de hoogst scorende risico’s op impact en waarschijnlijkheid. Door de toenemende woondruk worden bestaande gebouwen verhoogd met een bouwlaag, daardoor wordt de constructie zwaarder belast dan waar deze oorspronkelijk op is ontworpen. De invoering van de Wet Kwaliteitsborging in 2024 kan hierop zowel een positief als een negatief effect gaan hebben.

Door de stijgende lijn in het aantal instortingen binnen Nederland en Europa in de afgelopen beleidsperiode, is de waarschijnlijkheid van dit risico iets toegenomen. Binnen het thema gebouwde omgeving zijn de volgende scenario’s gedefinieerd: Categorie

Scenario’s in Zuid-Holland Zuid

Gebouwde omgeving

• Grote brand in gebouwen met kwetsbare doelgroepen • Brand in oude binnenstad • Instorting

3.4.3 Technologische omgeving Ongevallen met gevaarlijke stoffen zijn binnen de regio Zuid-Holland Zuid denkbaar bij bedrijven en als gevolg van vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg, het spoor, het water en per buisleiding (separaat uitgewerkt). De impact en waarschijnlijkheid van een incident met gevaarlijke stoffen bij bedrijven en op de weg, water en spoor (inclusief spoorzone) is toegenomen. Onder meer door het aantrekken van de economie is het vervoer van (gevaarlijke) goederen de afgelopen beleidsperiode toegenomen. Het aandeel alternatieve brandstoffen wordt hierin steeds groter. Weg In de regio Zuid-Holland Zuid is een aantal externe veiligheidsknelpunten aanwezig. Langs de A15: ter hoogte van Hardinxveld-Giessendam, langs de A16: ter hoogte van Dordrecht en langs de A27: ter hoogte van Gorinchem. Door de aantrekkende economie en daarmee gepaard gaande groei van vervoer en het gebruik en vervoer van alternatieve brandstoffen, zal het aantal knelpunten in de toekomst eerder toenemen dan afnemen. Daarnaast zullen de onderhoudsopgaves aan de A15, A16, A27 en A29 de komende beleidsperiode een dusdanige impact hebben op de bestaande knelpunten en tijdelijke extra knelpunten op omleidings- of sluiproutes veroorzaken.

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

34

Door de aantrekkende economie is de intensiteit van het goederenvervoer de afgelopen periode toegenomen. Behalve het vervoer van gevaarlijke stoffen spelen ook de alternatieve brandstoffen een rol in het risicobeeld. Denk hierbij aan vrachtwagens rijdend op LNG, busvervoer in de Hoeksche Waard op waterstof en vuilniswagens in de Drechtsteden op CNG. Waterstof kan worden getankt bij multifuel tankstations, waarbij naast de conventionele brandstoffen ook alternatieve brandstoffen getankt kunnen worden. Spoor In de spoorzone Dordrecht/Zwijndrecht is de afgelopen beleidsperiode een aantal maatregelen op en rond het spoor gerealiseerd en verbeterd. Daarmee is de waarschijnlijkheid op een incident met gevaarlijke stoffen enigszins afgenomen. Ook zijn er maatregelen getroffen om de hulpdiensten te faciliteren tijdens de bestrijding van incidenten op de Spoorzone. Hierbij kan worden gedacht aan extra waterwinningspunten en verbetering van de bereikbaarheid. De Rijksdoelen voor spoorvervoer, zoals een sterke groei van goederen- en personenvervoer, en de verwachte verdichting van de spoorzone, zullen het positieve effect van maatregelen op de risico’s gedeeltelijk verminderen. De komende beleidsperiode zijn de gevolgen van de aanleg van het derde spoor langs de Betuweroute van Zevenaar/Emmerich tot Oberhausen in Duitsland nog steeds merkbaar.

De werkzaamheden zijn nog in volle gang, wat ook effect heeft op de andere tracés, vanwege omleidingsroutes. Water Vervoer van gevaarlijke stoffen over het water vindt voornamelijk plaats over de (Oude) Maas, de Kil, de Merwede de Noord en het Hollandsch Diep en heeft de afgelopen periode een groei doorgemaakt. Deze groei gaat zich, naar verwachting, ook doorzetten in de komende periode. Daarnaast wordt het steeds drukker op de vaarwegen en worden alternatieve brandstoffen ook steeds vaker toegepast bij (vracht)schepen. Buisleidingen Mogelijk worden in de nabije toekomst nog meer buisleidingen aangelegd in nieuwe tracé’s met brandbare en giftige stoffen. Ook zullen bestaande tracés in de komende beleidsperiode mogelijk wordt vergroot, waarbij meer en andere gevaarlijke stoffen kunnen worden getransporteerd. Aardgasleidingen bevinden zich meestal in of dichtbij bewoond gebied. Door de toegenomen grondwerkzaamheden (leggen van kabels, vernieuwen van leidingen) is de verwachting dat het aantal incidenten met aardgasleidingen zal toenemen. Kijfhoek Sinds 2020 loopt er een verbetertraject voor Kijfhoek, waarbij de bereikbaarheid en bestrijdbaarheid van incidenten wordt gewijzigd. Doelstelling is een veiligere en snellere bestrijding van incidenten op het terrein te borgen. Hiervoor worden aanvullende calamiteitenwegen en gewijzigde bedrijfsbrandweer ingericht.

De verwachting is dat de implementatie in de komende beleidsperiode helemaal wordt afgerond. Een andere verandering die we de komende beleidsperiode kunnen verwachten, is verandering van wetgeving. Er is wetgeving in de maak, waarin algemene regels worden gesteld voor alle spooremplacementen (als MBA) in Nederland. De uitwerkingen en vertalingen van de algemene regels zijn nog niet bekend, dus we weten niet wat ze betekenen voor de veiligheid rond Kijfhoek. Ook hier is behoud van het huidige veiligheidsniveau een uitgangspunt.

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

35

Binnen het thema technologische omgeving zijn de volgende scenario’s gedefinieerd: Categorie

Scenario’s in Zuid-Holland Zuid

Technologische omgeving

• • • • • •

Ongeval met gevaarlijke stoffen bij bedrijven en transport Ongeval met gevaarlijke stoffen op spooremplacement Kijfhoek Buisleidingincident Ongeval met alternatieve brandstoffen Li-ion, LNG, CNG en H2 Nucleair ongeval (buiten de regio) Ongeval bij transport of opslag van radioactief materiaal

3.4.4 Vitale infrastructuur en voorzieningen Uit de landelijke registratie van verstoringen komt naar voren dat een grootschalige langdurige stroomuitval regelmatig (om de paar jaar) voorkomt. Door het terugleveren van energie komt het tegenwoordig voor dat het netwerk overbelast raakt. Oorzaken van netcongestie zijn divers, en hebben te maken met grotere pieken in opwekking en gebruik van energie, en een andere verdeling daarvan op de verschillende netvlakken. De digitale dreiging voor Nederland is onverminderd groot en verandert voortdurend. Opvallend is ook een toename in cyberaanvallen door hacktivisten, waarbij organisaties om symbolische redenen doelwit worden, bijvoorbeeld omdat het land waarin ze opereren Oekraïne steunt. Het risico op een digitale verstoring is – door een technische oorzaak of als gevolg van een moedwillige verstoring, ‘cybercrime’ -toegenomen. Indien er sprake is van kortstondige uitval van verstoring drinkwatervoorziening zijn de gevolgen beperkt. Wanneer de voorzieningen enige dagen zouden uitvallen, kan dit leiden tot ernstigere gevolgen in de vorm van maatschappelijke onrust, gevaar voor de volksgezondheid en economische schade.

Een ernstige verstoring kan leiden tot een gebrek aan primaire levensbehoeften, bij bijvoorbeeld hoogbouw, kan door gebrek aan voldoende voordruk vanuit het drinkwaternet, uitval van de centrale verwarmingsinstallaties voorkomen. De tijdsduur is hierbij medebepalend voor de impact. Uit de risicoanalyse komt naar voren dat de impact van het risico verstoring drinkwatervoorziening is toegenomen. Binnen het thema vitale infrastructuur en voorzieningen zijn de volgende scenario’s gedefinieerd: Categorie

Scenario’s in Zuid-Holland Zuid

Vitale infrastructuur en voorzieningen

• Langdurige stroomuitval • Digitale verstoring • Verstoring drinkwatervoorziening

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

36

3.4.5 Verkeer en vervoer Zowel op de wegen als op het water is de verkeersintensiteit de afgelopen jaren toegenomen. Sinds 2018 is er een enorme toename in het aantal geregistreerde scheepsvaartbewegingen, zowel beroeps- als pleziervaart. Waar dit in 2018 het Hollandsch Diep nog de drukst bevaren rivier was, is dit nu de Boven-Merwede geworden. De komende jaren zullen er meer files zijn door de vele geplande aanleg- onderhouds- en renovatiewerkzaamheden aan bruggen, tunnels, sluizen en wegen. Dit zorgt voor bereikbaarheidsproblemen in onze regio’s en daarbuiten. Het risicoprofiel van deze categorie is hetzelfde gebleven, behalve dat er meer kans is op een ongeval op de weg en meer impact bij ongeval op het water. Binnen het thema verkeer en vervoer zijn de volgende scenario’s gedefinieerd: Categorie

Scenario’s in Zuid-Holland Zuid

Verkeer en vervoer

• • • • •

Ongeval op de weg Ongeval in een wegtunnel Incident met personenvervoer op het spoor Incident in een treintunnel (HSL) Ongeval op het water

3.4.6 Gezondheid Exotische infectieziekten Vanwege klimaatverandering in combinatie met internationale handel kunnen ‘exotische infectieziekten’, zoals zikakoorts, sneller hun intrede doen. Ook een groot en verbonden netwerk aan natuur in Europa vergroot de kans op verspreiding van infectieziekten via muggen en teken. Zoönose, infectieziekten van dier op mens Zoönosen zijn infectieziekten die van dier op mens kunnen worden overgedragen, zoals Q-koorts en influenza van dierlijke oorsprong. Deze regio heeft een groot aantal wilde watervogels, onder meer in de Biesbosch, waardoor de verspreiding van vogelgriep een reëel risico is. Bescherming tegen microbiële infectie Antimicrobiële resistentie is een andere ontwikkeling om alert op te zijn; antibiotica worden steeds vaker gebruikt om infecties te behandelen die moeilijker of helemaal niet meer behandeld kunnen worden. Dit is een groot risico voor mensen met een zwakke gezondheid. Door reizen en migratie is er steeds meer kans dat er resistente bacteriën uit andere landen komen. (griep)pandemie Een (griep)pandemie is de meest waarschijnlijke vorm van een grootschalige infectieziekte uitbraak die ons land- en de regio Zuid-Holland Zuid- kan treffen. Dit scenario is van toepassing op alle infectieziekten die de nationale veiligheid bedreigen.

Met name de kans op een uitbraak van vaccinatieziekten zoals mazelen, rodehond en polio is in de regio Zuid-Holland Zuid aanwezig, mede door een in bepaalde gebieden beperkte vaccinatiegraad. Een dergelijke uitbraak is geschaard onder het scenario grieppandemie, aangezien de voorbereiding hierop niet verschilt van een andere infectieziekte. De impact van een (griep)pandemie is flink toegenomen.

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

37

Lage vaccinatiegraad in de regio In aanvulling op het algemene dreigingsbeeld zijn er in Zuid-Holland Zuid specifieke risico’s voor het uitbreken van infectieziekten vanwege de lage vaccinatiegraad in bepaalde gebieden van onze regio21. Dit levert risico’s op voor ziekten als mazelen, rodehond en polio. Tijdens de laatste uitbraak van mazelen (2013/2014) zijn 399 patiënten gemeld in de regio, waarvan 29 opgenomen moesten worden in het ziekenhuis. In dit risicoprofiel werken we scenario’s “seizoensgriep” en “nieuwe ziekteverwekker” uit, aangevuld met het scenario “mazelenepidemie”, aangezien dit in onze regio door de lage vaccinatiegraad een reëel risico is. Deze scenario’s zijn representatief voor het hele spectrum aan infectieziekten die bedreigend kunnen zijn voor de nationale veiligheid als het gaat om oorzaken, factoren, mechanismen, gevolgen en capaciteiten. Binnen het thema gezondheid zijn de volgende scenario’s gedefinieerd: Categorie

Scenario’s in Zuid-Holland Zuid

Gezondheid

• Seizoensgriep • Nieuwe ziekteverwekker • Mazelenepidemie

3.4.7 Sociaal-maatschappelijke omgeving Landelijk dreigingsniveau Per 12 december 2023 is het dreigingsniveau in Nederland verhoogd naar niveau 4 (substantieel). Dit betekent dat de kans op een aanslag in Nederland reëel is te noemen. Dit is het gevolg van een aantal ontwikkelingen; het gewelddadige conflict in Israël en de Palestijnse gebieden (7 oktober 2023 gestart), koranschendingen in verschillende Europese landen en de oproepen van terroristische organisaties tot het plegen van aanslagen. Recentelijke aanslagen in andere Europese landen en een aantal arrestaties van verdachten die de intentie hadden om een aanslag te plegen zijn hier voorbeelden van. Tegelijkertijd is de voorstelbare dreiging vanuit het rechtsextremisme en anti-institutioneel extremisme onverminderd aanwezig. De maatschappij krijgt in toenemende mate te maken met “boze burgers” die zich om verschillende redenen afzetten tegen de overheid. Dat ook in de regio Zuid-Holland Zuid een reële dreiging bestaat, kan opgemaakt worden uit het feit in mei 2022 er een schietpartij heeft plaatsgevonden op een zorgboerderij in Alblasserdam. Hierbij wordt meteen duidelijk dat grof en extreem geweld niet altijd een jihadistisch perspectief hoeft te hebben. Daarnaast vinden er ook meer afrekeningen plaats door georganiseerde internationale drugsbendes waarbij excessief geweld wordt gebruikt.

Denk hierbij aan afrekeningen in het criminele circuit maar ook bomaanslagen met zwaar vuurwerk. Uit de risicoanalyse blijkt dat het risico grof en extreem geweld hetzelfde scoort als voorgaande regionaal risicoprofiel.

22) De vaccinatiegraad, oftewel het aandeel zuigelingen, kleuters en schoolkinderen dat de vaccinaties uit het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) krijgt is nog steeds hoog. Toch is de laatste jaren een daling te zien in de vaccinatiegraad. Zo daalde bijvoorbeeld de vaccinatiegraad van BMR (bof, mazelen en rodehond) bij 2-jarigen van 96% in 2015 (provincie Zuid-Holland) naar 86% in 2023 (GGD-regio Zuid-Holland Zuid). Een hoge vaccinatiegraad is belangrijk om groepsimmuniteit te behouden. Wanneer veel mensen zijn ingeënt tegen een infectieziekte, komt deze ziekte minder vaak voor (groepsbescherming). Ook kwetsbare mensen en mensen die (nog) niet zijn ingeënt, lopen dan minder risico de ziekte te krijgen.

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

38

Maatschappelijke onrust De maatschappij krijgt in toenemende mate te maken met “boze burgers” en groepen met tegengestelde belangen die zich om verschillende redenen afzetten tegen de o.a. overheid. Steeds vaker en heftiger zien we uitingen van maatschappelijk ongenoegen en onrust uitmonden in radicaal gedrag en escaleren naar situaties die de (lokale) democratie of de openbare orde bedreigen en ondermijnen. Steeds vaker worden besluiten van de overheid niet door iedereen geaccepteerd en de bedoeling van de besluiten in twijfel getrokken. Denk hierbij aan de avondklokrellen 23-26 januari 2021, de boerenprotesten, maar ook de oud&nieuw rellen in ’s-Gravendeel (2022/2023) en Nieuw-Beijerland (2023/2024). Polarisatie en radicalisering Net als in andere regio’s zal men in de regio Zuid-Holland Zuid rekening moeten houden met maatschappelijke trends als polarisatie en radicalisering. Daarnaast heeft de regio te maken met incidenten als zinloos- en huiselijk geweld, gezinsdrama’s e.d. die qua veiligheidsimpact niet hoog scoren, maar tot een aanzienlijke mate van maatschappelijke onrust kunnen leiden. Vandaar dat verstoring openbare orde (boerenprotesten, rellen oud & nieuw) als nieuw risico toegevoegd is vanwege de grotere polarisatie in de samenleving. Uit de risicoanalyse blijkt dat dit risico ook behoort tot één van de hoogst scorende risico’s op impact en waarschijnlijkheid.

Binnen het thema sociaal-maatschappelijke omgeving zijn de volgende scenario’s gedefinieerd: Categorie

Scenario’s in Zuid-Holland Zuid

Sociaalmaatschappelijke omgeving

• Grof en extreem geweld • Verstoring openbare orde

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

39

3.5 De regionale risico’s in één overzicht Tabel 1 geeft een overzicht weer van de uitgewerkte scenario’s gekoppeld aan de gemeenten waarbinnen de scenario’s zich kunnen voordoen. De kleuren van de cellen corresponderen met de plaats in het risicodiagram en duiden daarmee de combinatie van de mate van impact en waarschijnlijkheid van het betreffende scenario aan.

Rood: een catastrofale impact in combinatie met een onwaarschijnlijk tot zeer waarschijnlijke beoordeling van optreden van een incident.

Groen: aanzienlijke tot ernstige impact in combinatie met een lage tot gemiddelde beoordeling van waarschijnlijkheid van optreden van een incident.

Geel: zeer ernstige tot catastrofale impact in combinatie met een onwaarschijnlijke beoordeling van het optreden van een incident, óf een zeer ernstige impact in combinatie met een gemiddelde beoordeling van waarschijnlijkheid van optreden van een incident, óf een aanzienlijke tot ernstige impact in combinatie met een waarschijnlijke beoordeling van optreden van een incident.

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

40

1.

Natuurlijke omgeving

1.1

Overstroming dijktrajecten 16-1 t/m 16-5 Alblasserwaard

1.2

Overstroming dijktrajecten 17-1 t/m 17-3 IJsselmonde

1.3

Overstroming dijktrajecten 21-1 en 21-2 Hoeksche Waard

1.4

Overstroming dijktrajecten 22-1 en 22-2 Eiland van Dordrecht

1.5

Overstroming dijktrajecten 43-1 t/m 43-6 (grondgebied Zuid-Holland Zuid)

1.6

Overstroming buitendijkse gebieden

1.7

Doorbraak regionale keringen (boezemkades)

1.8

Extreem veel neerslag

1.9

Extreme hitteperiode

1.10

Extreme droogte

1.11

Extreme sneeuwval en ijzel

1.12

Storm en windhozen

2.

Gebouwde omgeving

2.1

Grote brand in gebouwen met kwetsbare doelgroepen

2.2

Brand in oude binnenstad

2.3

Instorting gebouw

3.

Technologische omgeving

3.1

Ongeval met gevaarlijke stoffen bij bedrijven en transport

3.2

Ongeval met gevaarlijke stoffen op spooremplacement Kijfhoek

3.3

Buisleidingincident

3.4

Ongeval met alternatieve brandstoffen

3.5

Nucleair ongeval (buiten de regio)

3.6

Ongeval bij transport of opslag van radioactief materiaal

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

41

Zwijndrecht

Sliedrecht

Papendrecht

Molenlanden

Hoeksche Waard

Hendrik-Ido-Ambacht

Hardinxveld-Giessendam

Gorinchem

Dordrecht

Alblasserdam

Scenario

Icoon

Nr.

Risicobeoordeling Regionaal Risicoprofiel ZHZ

Vitale infrastructuur en voorzieningen

4.1

Langdurige stroomuitval

4.2

Digitale verstoring

4.3

Verstoring drinkwatervoorziening

5.

Verkeer en vervoer

5.1

Ongeval op de weg

5.2

Ongeval in een wegtunnel

5.3

Incident met personenvervoer op het spoor

5.4

Incident in een treintunnel (HSL)

5.5

Ongeval op het water

6.

Gezondheid

6.1

Nieuwe ziekteverwekker / seizoensgriep

6.2

Mazelenepidemie

7.

Sociaal maatschappelijke omgeving

7.1

Grof en extreem geweld

7.2

Verstoring openbare orde

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

42

Zwijndrecht

Sliedrecht

Papendrecht

Molenlanden

Hoeksche Waard

Hendrik-Ido-Ambacht

Hardinxveld-Giessendam

Gorinchem

Dordrecht

Alblasserdam

Scenario

Icoon

Nr.

4.

4. Risicocommunicatie

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

43

Voor de belangrijkste regionale risico’s uit dit risicoprofiel, waar met communicatie het verschil gemaakt kan worden, gaan we inzetten met risicocommunicatie. Goed voorbereid zijn werkt Effectieve risicocommunicatie versterkt de zelfredzaamheid van inwoners tijdens een ramp of crisis. Door mensen te bewegen zich goed voor te bereiden en handelingsperspectieven mee te geven kunnen schade en slachtoffers verminderd worden of beter nog voorkomen. Onderzoek23 wijst uit dat mensen, die goed op de hoogte zijn van risico’s in hun omgeving zich veiliger voelen, beter in staat zijn een gevaarlijke situatie te herkennen, deze te duiden en adequaat te handelen als een ramp of crisis zich daadwerkelijk voordoet. Risicocommunicatie vergroot ook de effectiviteit van crisiscommunicatie. Doordat mensen al eerder informatie hebben gehad herkennen zij tijdens een daadwerkelijke ramp of crisis eerder de risico’s en gevaren en zullen zij sneller de adviezen in de crisiscommunicatie opvolgen. Ervaringen tot nu toe De afgelopen periode is door de veiligheidsregio en partners ingezet op risicocommunicatie over onder meer brandveiligheid, hoog water en overstromingen en de infrastructuur onderhoudsopgave. Daarbij is veelal een brede benadering aangehouden, zowel in doelgroep, boodschap en ingezette communicatiemiddelen. Er valt echter meer effect te behalen als we gerichter gaan communiceren.

Over het algemeen zijn risico’s niet top-ofmind bij de gemiddelde inwoner of bezoeker. Met de huidige maatschappelijke vraagstukken ligt de focus vooral op de korte termijn problematiek. Als men zich al bewust is van het risico, dan is de stap naar voorbereiding en handelen niet automatisch gezet. Uitgangspunten voor risicocommunicatie We maken mensen bewust van wat ze kunnen en moeten doen in eerste kwartier voor zichzelf en hun naaste omgeving. En hoe ze zich kunnen voorbereiden. We doen dat gericht en op basis van behoefte. Met eenvoudige en begrijpelijke communicatie die impact heeft (emotioneert) en aanzet tot actie op de momenten dat het actueel is. Dat doen we samen met gemeenten en partners met kennis en die toegang hebben tot inwoners en ondernemers. Hoe denken de inwoners van Zuid-Holland Zuid over de risico’s? Bij het bepalen van de focus voor risicocommunicatie letten we vooral op die onderwerpen waar echt het verschil gemaakt kan worden met communicatie. Het gaat dan om de onderwerpen die het grootste risico vormen of de meeste impact hebben, waar de grootste informatiebehoefte ligt en waarover mensen zich het meeste zorgen maken of moeten maken. Twee maal per jaar onderzoekt de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) wat Nederlanders als bedreigend ervaren voor de veiligheid.

Er is ook een vergelijking gemaakt hoe de inwoners van Zuid-Holland Zuid hierover denken. In onze regio maken mensen zich het meest zorgen over cyberdreiging, infectieziekten, extreem weer, terrorisme en geo-politieke dreiging. Zij achten de kans van infectieziekten, cyberdreigingen, spanningen tussen bevolkingsgroepen, het stoppen van vitale processen en extreem weer het grootst. Opvallend is dat overstromingen niet in de top-5 voorkomt, terwijl dit wel bij de grootste risico’s in Zuid-Holland Zuid staat.

23) O.a Bakker, Kerstholt & Giebels, 2018; Kievik & Gutteling, 2011; Witte & Allen, 2000

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

44

Bijna de helft van de Nederlanders heeft (helemaal) geen vertrouwen in de overheid. Datzelfde geldt voor de mensen in Zuid-Holland Zuid. Vanuit de gedachte dat mensen pas iets aannemen als zijn de afzender vertrouwen, willen we daarom inzetten op betrouwbare informatie via bekende afzenders. Opvallend is dat de mensen in Zuid-Holland Zuid minder actief informatie opzoeken. Alleen wel over transportongevallen, overstromingen en een milieuramp of chemisch incident. Risicocommunicatiestrategie We nemen deze bevindingen uit onderzoek en onze eerdere ervaringen mee in de risicocommunicatiestrategie die vanaf 2025 verder uitgerold wordt. In 2024 richten we ons op het aanbrengen van de focus, de samenwerking in het netwerk, het in kaart brengen van doelgroepen en het afstemmen van de boodschap op deze doelgroepen.

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

45

5. Input vanuit gemeenten voor beleidsplan

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

46

Input vanuit gemeenten voor beleidsplan Volgt uit zienswijzen na de zomer 2024.

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

47

Bijlage 1 Uitwerking scenario’s

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

48

Inhoud Toelichting uitwerking scenario’s

51

Natuurlijke omgeving

54

Overstromingsscenario’s in het Benedenrivierengebied

55

1.1

Overstroming dijktrajecten 16-1 t/m 16-5 (Alblasserwaard)

61

1.2

Overstroming dijktrajecten 17-1, 17-2 en 17-3 (IJsselmonde)

65

1.3

Overstroming dijktrajecten 21-1 en 21-2 (Hoeksche Waard)

68

1.4

Overstroming dijktrajecten 22-1 en 22-2 (Eiland van Dordrecht)

71

1.5

Overstroming dijktrajecten 43-1 t/m 43-6 (grondgebied Zuid-Holland Zuid)

74

1.6

Overstroming buitendijkse gebieden

78

1.7

Doorbraak regionale keringen (boezemkades)

81

1.8

Extreem veel neerslag

88

1.9

Extreme hitteperiode

91

1.10

Extreme droogte

94

1.11

Extreme sneeuwval en ijzel

97

1.12

Storm en windhozen

100

Risicodiagram natuurlijke omgeving

102

2.

Gebouwde omgeving

103

2.1

Grote brand in gebouwen met kwetsbare doelgroepen

104

2.2

Brand in oude binnenstad

106

2.3

Instorting van een gebouw

108

Risicodiagram gebouwde omgeving

112

3.

Technologische omgeving

113

3.1

Ongeval met gevaarlijke stoffen bij bedrijven en transport

114

3.2

Ongeval met gevaarlijke stoffen op spooremplacement Kijfhoek

120

3.3

Buisleidingincident

124

3.4

Ongeval met alternatieve brandstoffen: Li-ion, LNG, CNG en H2

128

Risicodiagram technologische omgeving

133

1.

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

49

4.

Vitale infrastructuur en voorzieningen

134

4.1

Langdurige stroomuitval

135

4.2

Digitale verstoring

139

4.3

Verstoring drinkwatervoorziening

141

Risicodiagram vitale infrastructuur en voorzieningen

143

5.

Verkeer en vervoer

144

5.1

Ongeval op de weg

145

5.2

Ongeval in een wegtunnel

148

5.3

Incident met personenvervoer op het spoor

151

5.4

Incident in treintunnel (HSL)

153

5.5

Ongeval op het water

156

Risicodiagram verkeer en vervoer

159

6.

Gezondheid

160

6.1

Pandemie/epidemie

163

6.2

Mazelenepidemie

167

Risicodiagram gezondheid

169

7.

Sociaal maatschappelijke omgeving

170

7.1

Grof en extreem geweld

171

7.2

Verstoring openbare orde

175

Risicodiagram sociaal maatschappelijke omgeving

177

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

50

Toelichting uitwerking scenario’s Algemeen Een scenario biedt een manier om te communiceren over en een (gezamenlijk) beeld te krijgen van toekomstige onzekerheden en factoren die van invloed zijn op beslissingen van nu. Een scenario geeft een beschrijving van: • (de aard en omvang van) één of meer met elkaar verband houdende gebeurtenissen (incidenten) die consequenties hebben voor de (nationale) veiligheid; • de aanloop tot het incident, bestaande uit de (achterliggende) oorzaak en de “trigger” die het incident feitelijk doet ontstaan; • de context van de gebeurtenissen, met een aanduiding van algemene omstandigheden en de mate van kwetsbaarheid en weerstand van mens, object en maatschappij, voor zover relevant voor het beschreven incident; • de consequenties van het incident, met aanduiding van aard en omvang; • de effecten van het incident op de continuïteit van de vitale infrastructuur. De elementen van een incidentscenario Gevolgen (impact) Mens, maatschappij, milieu

Incident/ gebeurtenissen Gevaar, dreiging

Oorzaak

Context

Aanloop en verklaring activering

Klimaat, natuur, maatschappij, locatie

De in hoofdstuk 3 ‘Risicoanalyse en scenario’s’ benoemde scenario’s zijn zoveel mogelijk aan de hand van deze elementen uitgewerkt voor de regio Zuid-Holland Zuid. Daar waar mogelijk is gekozen voor de toevoeging van een uitgewerkt representatief voorbeeld op een denkbaar geachte locatie binnen de VRZHZ. Bij de meer generieke scenario’s is soms een voorbeeld achterwege gelaten. De scenario’s en voorbeeld uitwerkingen zijn opgesteld door experts in diverse multidisciplinaire bijeenkomsten. Zij hebben zich daarbij gebaseerd op bestaande planvorming, werkelijk gebeurde incidenten, literatuurstudie en eigen ervaringen. Een overzicht van geraadpleegde experts is te vinden in bijlage 3.

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

51

Beoordeling van impact en waarschijnlijkheid Per incidentscenario is een impactanalyse uitgevoerd om inzicht te krijgen in de aard en omvang van de gevolgen. Deze impactanalyse is uitgevoerd conform de ‘Handreiking regionaal risicoprofiel’. De impactcriteria waarop een beoordeling per uitgewerkt scenario heeft plaatsgevonden worden in de volgende tabel weergegeven. Impactcriteria Vitaal belang

Impact criterium

1. Territoriale veiligheid

1.1 Aantasting van de integriteit (bruikbaarheid) van het grondgebied

2. Fysieke veiligheid

2.1 Doden 2.2 Ernstig gewonden en chronisch zieken 2.3 Lichamelijk lijden (gebrek aan primaire levensbehoeften)

3. Economische veiligheid

3.1 Kosten

4. Ecologische veiligheid

4.1 Langdurige aantasting van milieu en natuur (flora en fauna)

5. Sociale en politieke stabiliteit

5.1 Verstoring van het dagelijks leven 5.2 Aantasting van positie van het lokale en regionale openbaar bestuur 5.3 Sociaal psychologische impact

6. Veiligheid van cultureel erfgoed

6.1 Aantasting van cultureel erfgoed

Voor elk van deze 10 impactcriteria is een uniforme, kwantitatieve maatlat voorgeschreven (in de landelijke handreiking). De impact wordt meetbaar gemaakt op basis van een indeling naar vijf klassen. Klasse indeling impactcriteria Klasse

Impact

A

Beperkt gevolg

B

Aanzienlijk gevolg

C

Ernstig gevolg

D

Zeer ernstig gevolg

E

Catastrofaal gevolg

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

52

Voor een toelichting op en de kwantificering van de maatlat van de 10 impactcriteria wordt verwezen naar bijlage 2. Als een criterium op een scenario niet van toepassing is, wordt dit buiten beschouwing gelaten en de waarde 0 toegekend. De 10 afzonderlijke impactscores worden in een rekenmodel samengevoegd tot één totale impactscore per incidentscenario. Om de scenario’s onderling te kunnen rangschikken, is naast het bepalen van de impact, ook de waarschijnlijkheid van elk scenario beoordeeld. De rangschikking van de waarschijnlijkheidsklassen kent de volgende indeling: Klasse indeling waarschijnlijkheid Klasse

% waarschijnlijkheid

Kwalitatieve omschrijving

A

< 0,05

zeer onwaarschijnlijk

B

0,05 – 0,5

onwaarschijnlijk

C

0,5 - 5

mogelijk

D

5 - 50

waarschijnlijk

E

50 - 100

zeer waarschijnlijk

De scenariobeschrijvingen, impactbeoordelingen en waarschijnlijkheidsanalyses zijn voor alle geselecteerde incidenttypen op dezelfde wijze opgesteld en tot stand gekomen. De uitgewerkte scenariobeschrijvingen worden afgesloten met een samenvattende tabel met impactscores en de inschatting van de waarschijnlijkheidsklasse.

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

53

1. Natuurlijke omgeving

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

54

Overstromingsscenario’s in het Benedenrivierengebied Door de ligging van de regio Zuid-Holland Zuid (ZHZ), tussen de grote rivieren, bestaat de kans dat hoogwater tot overlast of overstromingen leidt. Zowel de delen die niet door dijken worden beschermd, het buitendijks gebied, als de delen die wel door dijken worden beschermd, het binnendijks gebied, kunnen bedreigd worden door het water. De regio Zuid-Holland Zuid ligt in het benedenrivierengebied. De waterstanden in dit gebied worden bepaald door stormvloed vanuit zee en door (hoge) rivierafvoeren, waarbij de rivieren veel water afvoeren vanuit de hoger gelegen gebieden richting zee. Hoge waterstanden kunnen worden beperkt door het sluiten of openen van stormvloedkeringen: de Maeslantkering, de Hartelkering, de Hollandse IJsselkering en de Haringvlietsluizen. Daarnaast kan het Volkerak-Zoommeer ingezet worden om extra water vanuit het Hollands Diep te bergen en daarmee de waterstand op de Oude Maas bij Dordrecht en de Noord te verlagen. Figuur 1: Ligging van waterkeringen in het Benedenrivierengebied

Aan de hand van de dominante bedreiging kan het Benedenrivieren worden opgesplitst in vijf deelgebieden (zie figuur 2). Figuur 2: Deelgebieden: zee-, faalkans-, afvoer-, bergings- en overgangsgebied 1

Het gebied van de veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid ligt, van west naar oost gezien, in het bergingsgebied, het overgangsgebied en het afvoergebied. 1) bron: Hydraulische Belastingen Benedenrivieren, 1230087-004-HYE-0001, Deltares 2017

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

55

De deelgebieden zijn: Afvoergebied: Hier is hoofdzakelijk de invloed van de rivierafvoer van belang. De hoogwatergolf kan meerdere dagen aanhouden. Hierdoor kunnen overstromingen in het rivierengebied omvangrijk zijn. Zeegebied: Hier is de invloed van getij en stormvloed dominant. De stormvloeden gaan samen met veel wind, waardoor golven (lokaal opgewekt en doordringing van golven op zee) een belangrijke rol spelen. Bij hoge stormvloeden zijn de Europoortkeringen gesloten wat nog enige opstuwing in het Europoortgebied veroorzaakt. Faalkansgebied: De overheersende bedreigingen worden in dit gebied gevormd door middelbare stormvloeden, in combinatie met het falen van de sluiting van de Europoortkeringen waardoor een stormvloed het benedenrivierengebied kan bereiken. Omdat de Europoortkeringen pas kort voor het hoogwater worden gesloten is er bij een eventueel mislukken van de sluiting vrijwel geen reactietijd meer. Bergingsgebied: De overheersende bedreigingen worden in dit gebied gevormd door hoge (maar niet extreme) rivierafvoeren die samenvallen met middelbare stormvloeden, die de afvoer vanuit de Rijn- en Maasmonding naar zee enige tijd stremmen. De Europoortkeringen zijn meestal gesloten. Door de relatief hoge afvoer zijn de hoge waterstanden in dit gebied gevoelig voor de stormduur, al dan niet in combinatie met het faseverschil tussen opzet en getij.

Het Volkerak-Zoommeer kan ingezet worden om extra water te bergen en daarmee de waterstand te verlagen. Overgangsgebied: In het overgangsgebied is sprake van een combinatie van bovenstaande bedreigingen in wisselende samenstelling. Er komen drie overgangen voor: f-a: De maatgevende situatie is altijd met open Europoortkeringen, maar gaande van het faalkansgebied naar het rivierengebied wordt de rol van de rivierafvoer steeds belangrijker en die van de stormopzet minder. f-b: De maatgevende situatie gaat gaande van faalkansgebied naar bergingsgebied van open naar dichte Europoortkeringen, waarbij situatie met een hoge (maar niet extreem) afvoer die samenvalt met een middelbare stormvloed steeds belangrijker wordt. b-a: De maatgevende situatie gaat gaande van berging naar afvoergebied van dichte naar open stormvloedkeringen waarbij de rol van de afvoer steeds hoger wordt en die van de stormopzet terugloopt.

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

56

Primaire waterkeringen Nederland wordt beschermd tegen overstromingen vanuit de Noordzee of de grote rivieren door een stelsel van primaire waterkeringen: duinen, dijken, dammen en stormvloedkeringen. Deze waterkeringen zijn opgedeeld in dijktrajecten die zijn aangewezen en genormeerd (van omgevingswaarde voorzien) in het Besluit kwaliteit leefomgeving Een dijktraject is een deel van een waterkering waarop een omgevingswaarde (voorheen norm) van toepassing is. In het gebied van VRZHZ wordt een deel van de dijktrajecten beheerd door waterschap Hollandse Delta en een deel door waterschap Rivierenland (zie figuren 3a en 3b).

Figuur 3a: Overzichtskaart van de gebieden in Zuid-Holland Zuid die voorheen dijkringen werden genoemd

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

57

Dijkring

Inliggende veiligheidsregio

16

Alblasserwaard en Vijfheerenlanden

Zuid-Holland Zuid, Utrecht, Gelderland-Zuid (gebied bij Asperen)

43

Betuwe en Tieler- en Culemborgerwaarden

Gelderland-Midden, Gelderland-Zuid, Zuid-Holland Zuid (Gorinchem Oost)

17

IJsselmonde

Rotterdam Rijnmond, Zuid-Holland Zuid (Zwijndrechtse Waard)

21

Hoeksche Waard

Zuid-Holland Zuid

22

Eiland van Dordrecht

Zuid-Holland Zuid

In het Besluit kwaliteit leefomgeving is het begrip ‘dijktraject’ als volgt omschreven: “Een dijktraject is een deel van een waterkering waarop een omgevingswaarde van toepassing is.”

Figuur 3b: Dijktrajecten in het Benedenrivierengebied (bron: Waterveiligheidsportaal)

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

58

Binnen het gebied van de Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid gelden de volgende omgevingswaarden en veiligheidsbeoordelingen: Dijkring

Beheerder

Dijktraject

Signaleringswaarde

Ondergrens

Veiligheidsbeoordeling

Alblasserwaard

WSRL

16-1

1:100.000

1:30.000

Voldoet ruim niet aan de ondergrens

Alblasserwaard

WSRL

16-2

1:30.000

1:10.000

Voldoet ruim niet aan de ondergrens

Alblasserwaard

WSRL

16-3

1:30.000

1:10.000

Voldoet ruim niet aan de ondergrens

Alblasserwaard

WSRL

16-4

1:30.000

1:10.000

Voldoet ruim niet aan de ondergrens

IJsselmonde

WSHD

17-1

1:3.000

1:1.000

Voldoet niet aan de ondergrens

IJsselmonde

WSHD

17-3

1:100.000

1:30.000

Voldoet ruim niet aan de ondergrens

Hoeksche Waard

WSHD

21-1

1:3.000

1:1.000

Voldoet niet aan de ondergrens

Hoeksche Waard

WSHD

21-2

1:300

1:100

Voldoet niet aan de ondergrens

Eiland van Dordrecht

WSHD

22-1

1:3.000

1:1.000

Voldoet niet aan de ondergrens

Eiland van Dordrecht

WSHD

22-2

1:10.000

1:3.000

Voldoet aan de ondergrens maar niet aan de signaleringswaarde

Beheerders-oordeel: waarschijnlijkheid doorbraak gehele dijkring

Mogelijk

Onwaarschijnlijk

Mogelijk

Mogelijk tot Onwaarschijnlijk

WSRL = Waterschap Rivierenland / WSHD = Waterschap Hollandse Delta

Tabel 1: Omgevingswaarden en veiligheidsbeoordelingen per dijktraject

Iedere twaalf jaar brengt de beheerder verslag uit aan de Minister van Infrastructuur en Water over de algemene waterstaatkundige toestand van de primaire waterkering.

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

59

Signaleringswaarde De signaleringswaarde is een overstromingskans voor een dijktraject, die samen met de ondergrens, als omgevingswaarde (veiligheidsnorm) in het Besluit kwaliteit leefomgeving. Alle dijktrajecten van primaire waterkeringen in Nederland hebben een signaleringswaarde gekregen tussen de 1 in 300 jaar en 1 in 1.000.000 jaar. Periodiek wordt beoordeeld of dijktrajecten van primaire waterkeringen nog aan de signaleringswaarde voldoen. Als een dijktraject niet meer aan de signaleringswaarde voldoet, is dit een signaal dat deze op termijn versterkt moet worden. Als uit de twaalf jaarlijkse beoordeling blijkt dat de overstromingskans voor een dijktraject groter is dan deze waarde, moet dit worden gemeld aan de minister van Infrastructuur en Water. Het bereiken van de signaleringswaarde is één van de voorwaarden voor subsidiëring van maatregelen. Ondergrens De ondergrens geeft de maximaal toelaatbare faalkans voor een dijktraject aan. Dit is de overstromingskans waarop de waterkering minimaal berekend moet zijn. De ondergrens is dus de maximaal toelaatbare waarde van de overstromingskans. Als hieraan wordt voldaan, is het basisbeschermingsniveau gewaarborgd. In 2050 moeten alle waterkeringen hieraan voldoen. Veiligheidsbeoordeling De eerste beoordelingsronde, van 2017 t/m 2022 is afgerond en alle dijktrajecten zijn beoordeeld.

De beoordelingen zijn beschikbaar in het Waterveiligheidsportaal 2. Beheerdersoordeel Het beheerdersoordeel is een inschatting van de waarschijnlijkheid van een dijkdoorbraak zoals beschreven in de scenario’s in dit Risicoprofiel en volgens de methodiek beschreven in bijlage 2. Zettingsvloeiing Door morfologische processen in de Dordtse Kil, Oude Maas en Spui is ‘zettingsvloeiing’ in dit gebied van belang. In de Dordtsche Kil zijn in 2012, in de Oude Maas bij Hoogvliet en Spijkenisse in 2013 en in het Spui bij Hekelingen en Oud-Beijerland in 2013, noodmaatregelen uitgevoerd (bestorting van diepe stroomgeulen) om het ontstaan van het faalmechanisme zettingsvloeiing te voorkomen onder primaire waterkeringen langs de Dordtsche Kil, de Oude Maas en het Spui. In het Spui en de Oude Maas zijn in 2018 nog extra maatregelen uitgevoerd. Het faalmechanisme zettingsvloeiing kan pas visueel worden waargenomen als (een gedeelte van) de primaire waterkering al is afgeschoven. Met het meten en monitoren van waterspanningen in de primaire waterkeringen kan eerder het ontstaan van het faalmechanisme worden gedetecteerd. Waterschap Hollandse Delta heeft daarom waterspanningsmeters in primaire waterkeringen langs de Dordtsche Kil, de Oude Maas en het Spui aangebracht.

Rijkswaterstaat West-Nederland Zuid en waterschap Hollandse Delta voeren een gezamenlijk monitoringsprogramma uit op de ontwikkeling van stroomgeulen in het Benedenrivierengebied. Door de uitvoering van het Kierbesluit, de verdieping van de Nieuwe Waterweg, en andere werkzaamheden in de rivieren zouden stroomsnelheden in het Benedenrivierengebied kunnen toenemen, waardoor snellere ontwikkeling van (diepe) stroomgeulen zou kunnen ontstaan.

2) Waterveiligheidsportaal

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

60

1.1

Overstroming dijktrajecten 16-1 t/m 16-5 (Alblasserwaard)

Thema

Natuurlijke omgeving

Incidenttype

Overstroming

Scenario

Overstroming normvakken 16-1 t/m 16-5

Aanduiding risicodiagram

Overstroming 16

Context Dijktrajecten of normvakken (16-1 t/m 16-5) vormen samen de ring (voorheen dijkring 16) Alblasserwaard en de Vijfheerenlanden en beschermen een gebied van circa 39.230 hectare met circa 240.000 inwoners. De Alblasserwaard en de Vijfheerenlanden ligt grotendeels in de provincie Zuid-Holland, voor een deel in de provincie Utrecht (gemeente Vijfheerenlanden) en voor een klein deel in de provincie Gelderland (gemeente West-Betuwe voor Asperen en Heukelum). De waterkeringen zijn in beheer bij Waterschap Rivierenland. Het gebied bevat acht inliggende gemeenten, zie tabel 2. Gemeenten in Alblasserwaard en Vijfheerenlanden Alblasserdam Gorinchem*) Hardinxveld-Giessendam Molenlanden

Voorheen gemeente Giessenlanden en Molenwaard, laatstgenoemde bestaande uit gemeente Graafstroom, Liesveld en Nieuw-Lekkerland.

Papendrecht Sliedrecht Vijfheerenlanden**) let op: Provincie Utrecht en Veiligheidsregio Utrecht.

Voorheen gemeente Leerdam, Vianen en Zederik.

West-Betuwe***) voor een gedeelte van Lingewaal (Asperen en Heukelum), let op: Provincie Gelderland en Veiligheidsregio Gelderland-Zuid.

Voorheen gemeente Lingewaal, Neerijnen en Geldermalsen.

Tabel 2: gemeenten gelegen in Alblasserwaard en Vijfheerenlanden *) Gorinchem-Oost ligt in de Tieler- en Culemborgerwaarden bij een eventuele evacuatie is coördinatie tussen normvakken 16-1 t/m 16-5 en 43-1 t/m 43-6 noodzakelijk. **) Een gedeelte van de gemeente Vijfheerenlanden bevindt zich weliswaar in normvakken 16-1 t/m 16-5, maar behoort tot de Veiligheidsregio Utrecht (Provincie Utrecht). ***) Een gedeelte van de gemeente West-Betuwe (de Gelderse kernen Asperen en Heukelum) bevindt zich tussen de Linge, de grens van de veiligheidsregio’s en de Nieuwe Zuider Lingedijk die de grens van ring vormt, maar behoort tot de Veiligheidsregio Gelderland-Zuid (Provincie Gelderland).

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

61

Primaire waterkeringen De primaire waterkering rond de Alblasserwaard en de Vijfheerenlanden is circa 111 km lang, waarvan circa 86 km direct het buitenwater keert, de categorie a-waterkering. Deze keringen liggen langs de rivieren de Boven- en de Beneden-Merwede (zuidzijde), de Noord (westzijde) en de Lek (noordzijde). De normvakken 16-1 t/m 16-5 wordt gesloten door de Diefdijklinie (Oostzijde), dit betreft een waterkering van circa 25 km die tot het stelsel van primaire waterkeringen behoort, maar alleen water moet keren bij een doorbraak in de dijktrajecten 43-1 t/m 43-6.

Scenario Als uitgangspunt voor dit scenario zijn de laatste overstromingsmodellen van Waterschap Rivierenland gebruikt. De gekozen waterstanden passen bij de kans ‘mogelijk’ en komen statistisch eens in de 1.000 jaar voor. Er is een doorbraaklocatie gekozen die de uitdagingen bij een evacuatie van deze dijkring inzichtelijk maken. De gevolgen in slachtoffers en getroffenen zijn berekend met de Schade en Slachtoffer module. Het aantal gewonden is ingeschat op vier maal het aantal dodelijke slachtoffers. Dit scenario beperkt zich tot een overstroming van één dijkring. Het is echter zeer waarschijnlijk dat de dreiging van een overstroming gelijktijdig in meerdere dijkringen plaatsvindt.

Oorzaak Het benedenrivierenscenario (combiscenario) verloopt als volgt: Tien dagen voor het (dreigende) hoogwater trekken continu depressies over het Rijn- en Maasstroomgebied en volgen perioden van hevige neerslag elkaar op. Zeven dagen voordat de overstroming optreedt, stijgen de waterstanden in Rijn en Maas gestaag. De neerslagintensiteit blijft hoog en in Duitsland en België treden de rivieren buiten hun oevers. De trend in opeenvolgende hoogwaterverwachtingen duidt op extreem hoogwater op de rivieren. De weersverwachtingen van het KNMI geven indicaties voor storm langs de Nederlandse kust. In de dagen voor de overstroming geeft de weersverwachting een toenemende kans op storm langs de kust, waar en hoe zwaar de storm zal zijn, is dan nog niet duidelijk. De verwachting voor het moment dat de storm op zijn hevigst zal zijn, wordt steeds nauwkeuriger. De waterstanden op de grote rivieren zijn twee dagen voor de overstroming al extreem hoog en er wordt een verdere stijging verwacht. Opgemerkt moet worden dat de voorspeltijd van een overstroming in het overgangsgebied van het rivierengebied naar het deltagebied sterk afhankelijk is van de mate waarin de waterstanden door zee of door de rivier worden bepaald. Zie ook “Overstromingsscenario’s in het Benedenrivierengebied” in het hoofdstuk 1, bijlage 1.

Incident In dit scenario is één dag voor een mogelijke overstroming duidelijk welke omvang de storm heeft en hoe deze samenvalt met de top van de hoogwatergolf op de Rijn. De locaties van de dijkdoorbraken blijven tot op het laatste moment onzeker. Deze zijn sterk afhankelijk van het lokale weerseffect en de actuele sterkte van de dijken. Binnen enkele uren zijn evacuatieroutes aan de zuidzijde van dijkring 16 niet meer toegankelijk. Binnen een halve dag staan de eerste woonkernen onder water en is de maatschappelijke impact al immens. Met circa twee dagen staat ook de noordzijde van dijkring 16 onder water. In totaal worden 66.570 personen getroffen waarvan er 215 overlijden. De schade bedraagt 4.2 miljard euro. Pas als daadwerkelijk dijkdoorbraken optreden, wordt het mogelijk de omvang van de overstroming in te schatten. Bij nadere uitwerking van dit scenario is daarom mogelijk een uitwerking van verschillende deelscenario’s nodig.

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

62

Figuur 4: Maximale waterdiepte in meters

Figuur 5: Tijd tot eerste inundatie (onderwaterzetting) in uren

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

63

Gevolgen (impact) Impact Criterium

Beoordeling

1.1 Aantasting van de integriteit van het grondgebied

E

2.1 Doden

E

2.2 Ernstig gewonden en chronisch zieken

D hoog

2.3 Lichamelijk lijden (gebrek aan primaire levensbehoeften)

E

3.1 Kosten

E

4.1 Langdurige aantasting van milieu en natuur (flora en fauna)

C

5.1 Verstoring van het dagelijks leven

E

5.2 Aantasting van de positie van het lokale en regionale openbaarbestuur

A

5.3 Sociaal psychologische impact

D

6.1 Aantasting van cultureel erfgoed

C

Waarschijnlijkheid De beheerders oordelen dat de overstromingskans uitkomt in de klasse 1/100 – 1/1.000 per jaar. Dit staat gelijk aan klasse C (mogelijk).

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

64

1.2 Overstroming dijktrajecten 17-1, 17-2 en 17-3 (IJsselmonde) Thema

Natuurlijke omgeving

Incidenttype

Overstroming

Scenario

Overstroming dijktrajecten 17-1, 17-2 en 17-3 Dijkring 17 IJsselmonde

Aanduiding risicodiagram

Overstroming 17

Context De dijkring IJsselmonde is 62 km lang en ligt langs de rivieren de Nieuwe Maas (noordzijde), de Noord (oostzijde) en de Oude Maas (westzijde en zuidzijde). De dijkring beschermd een gebied van circa 12.550 hectare met circa 443.300 inwoners en 6 inliggende gemeenten. Er bevindt zich een uitgebreid stelsel regionale waterkeringen in het gebied, waaronder boezemkaden en compartimenteringskeringen. Dijkring 17 IJsselmonde is verdeeld in 3 dijktrajecten: • Dijktraject 17-1 ligt in het zuiden langs de Noord en Oude Maas • Dijktraject 17-2 loopt vanaf Hoogvliet tot aan de Brienenoordbrug • Dijktraject 17-3 ligt vanaf de Brienenoordbrug tot voorbij Ridderkerk

Gemeenten

Veiligheidsregio

Rotterdam

Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

Albrandswaard

Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

Barendrecht

Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

Ridderkerk

Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

Hendrik-Ido-Ambacht

Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

Zwijndrecht

Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

Tabel 3: gemeenten gelegen in dijkring IJsselmonde

Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Definitief concept 16-5-2024

65

Figuur 6: Dijktrajecten 17-1, 17-2 en 17-3

Er zijn berekeningen gemaakt met een doorbraak langs diverse delen van dit dijktraject, waardoor het berekende aantal slachtoffers (998 slachtoffers) en de berekende schade (ruim 40 miljard euro) hoog is. Vanuit de risicobenadering (risico = kans x gevolg) komt dat de overstromingskans klein is. Vandaar de vastgestelde norm van 1:100.000 per jaar. De normeringen van de dijktrajecten zijn in de Tabel 1 ‘Omgevingswaarden en veiligheidsbeoordelingen per dijktraject’ opgenomen.

Scenario Als uitgangspunt voor dit scenario zijn de analyses van Veiligheid Nederland in Kaart 2 (VNK2) Overstromingsrisico Dijkring 17 IJsselmonde gebruikt (mei 2014). Dit scenario beperkt zich tot een overstroming van één dijktraject. Het is echter zeer waarschijnlijk dat de dreiging van een overstroming gelijktijdig bij meerdere dijktrajecten optreedt, met mogelijk een overstroming achter meerdere dijktrajecten tot gevolg.

Oorzaak Het benedenrivierenscenario (combiscenario) verloopt als volgt: Tien dagen voor het (dreigende) hoogwater trekken continu depressies over het Rijn- en Maasstroomgebied en volgen perioden van hevige neerslag elkaar op. Zeven dagen voordat de overstroming optreedt, stijgen de waterstanden in Rijn en Maas gestaag. De neerslagintensiteit blijft hoog en in Duitsland en België treden de rivieren buiten hun oevers. De trend in opeenvolgende hoogwaterverwachtingen duidt op extreem hoogwater op de rivieren. De weersverwachtingen van het KNMI geven indicaties voor storm langs de Nederlandse kust. In de dagen voor de overstroming geeft de weersverwachting een toenemende kans op storm langs de kust, waar en hoe zwaar de storm zal zijn, is dan nog niet duidelijk. De verwachting voor het moment dat de storm op zijn hevigst zal zijn, wordt steeds nauwkeuriger. De waterstanden op de grote rivieren zijn twee dagen voor de overstroming al extreem hoog en er wordt een verdere stijging verwacht.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/764/documents/34723