211213 Notitie Uitwerking Dordtse Dinsdag (definitief tbv raad 21 december).pdf
Tekst van het document
Datum: 13 december 2021 Versie: Definitief voor raad
UITWERKING DORDTSE DINSDAG Opgesteld door de raadswerkgroep Dordtse Dinsdag
1. Inleiding Het ontwerpen of aanpassen van een vergadermodel is hetzelfde als het in kaart brengen en verbeteren van de vergadercultuur en het effectiever leren vergaderen en besluiten. Immers: structuur, cultuur en vaardigheden zijn niet van elkaar te scheiden. Als er aan één deel iets verandert, heeft dat direct invloed op de andere. Een goed vergadermodel verenigt vergaderstructuur, vergadercultuur én vergadervaardigheden. In dit document beschrijft de raadswerkgroep hoe het nieuwe gewenste vergadermodel van Dordrecht, de Dordtse Dinsdag, er uit kan gaan zien.
2. Proces Op 26 mei 2021 nam de raad een principebesluit over de Dordtse Dinsdag. Daarbij stelde de raad een raadswerkgroep in die de opdracht kreeg de Dordtse Dinsdag verder uit te werken en in november 2021 met een voorstel aan het presidium en de raad te komen. Sinds dit raadsbesluit heeft de raadswerkgroep ruimhartig en zorgvuldig voorwerk verricht. Inventarisaties en mogelijkheden zijn verzameld. Hieronder nog even puntsgewijs het proces dat de raadswerkgroep heeft doorlopen:
15 juni 2021: Enquête onder raads- en commissieleden over huidige systeem en wensen voor verbeteringen. Op de enquête is door 12 raads- en commissieleden gereageerd. 24 juni 2021: Raadswerkgroep - Eerste brainstorm over vergadermodel, uitmondend in eerste aanzet programma van eisen en wensen. 9 september 2021: Raadswerkgroep - Presentatie vergadermodellen door Groningen en Tilburg. Ook vergadermodellen aantal andere steden op een rij gezet. 13 oktober 2021: Raadswerkgroep - Dieper ingedoken op de vergadercultuur en de consequenties voor het vergadermodel. 3 november 2021: Raadswerkgroep - Concept uitwerking besproken en keuzes gemaakt hoe bepaalde onderdelen van de Dordtse Dinsdag ingevuld zouden moeten worden. 12 november 2021: Concept uitwerking ter consultatie aangeboden aan het college. 18 november 2021: Thema-avond voor raads- en commissieleden met een open gesprek en discussie over de voorstellen van de raadswerkgroep op basis waarvan de concept uitwerking nog is aangepast en aangevuld.
3. Doelen / Ambities Het is goed om op deze plek nog een keer de doelen cq. ambities van de Dordtse Dinsdag te benoemen zoals die uit de Nota Dordtse Dinsdag zijn te destilleren. Waarom willen we naar een nieuw vergadermodel overstappen? Het is van belang om bij de uitwerking en de implementatie van de Dordtse Dinsdag die doelen cq. ambities steeds voor ogen te blijven houden:
Beperken van de hoge vergaderdruk. Kwaliteit van de besluitvorming verbeteren door meer te investeren in beeldvorming. In de beeldvormende en oordeelsvormende fase beter naar elkaar en betrokkenen uit de stad luisteren: 'ieder heeft zijn eigen wijsheid en voegt daar de wijsheid van anderen aan toe en maakt hiermee een nieuwe eigen wijsheid.'
Pagina 1 van 16
4. Eisen en wensen De raad heeft in het raadsbesluit van 26 mei 2021 een aantal concrete eisen voor de Dordtse dinsdag vastgelegd:
Vanaf de volgende bestuursperiode alle raads- en commissieleden te vragen iedere dinsdag vanaf 16.00 uur vrij houden voor de Dordtse Dinsdag. Niet iedereen hoeft er iedere dinsdag om 16.00 uur te zijn. De debatraad start zoals we gewend zijn om 14.00 uur. Op andere dagen dan dinsdag wordt er door de Griffie niks georganiseerd. Eén keer per kwartaal is er geen Dordtse Dinsdag, omdat er dan een regionale bijeenkomst op dinsdag is.
In de verschillende vergaderingen van de raadswerkgroep zijn daarna diverse wensen naar voren gekomen:
Niet meer de vaste commissies zoals we die nu kennen, maar een model met bepaalde flexibiliteit die de drie subculturen van de huidige commissies doorbreekt en die menselijke en inhoudelijke wisselwerking en uitwisseling bevordert zodat mensen breder op de hoogte zijn van integrale dossiers en informatie minder versnippert bij de raad terecht komt. Concreet: wellicht een blokkenmodel met parallelle themagerichte vergaderingen. De agenda's van de Dordtse Dinsdag worden bepaald door een apolitieke en technische agendacommissie. Het model moet meer politiek debat stimuleren. Raadslid ben je om politiek te bedrijven, niet om ambtenaar te zijn. Meer investeren in de beeldvormende fase en toepassing van het BOB-model (conform uitkomst raadsdag Rotterdam in het voorjaar van 2019). Het middagdeel tussen 16.00 en 18.00 uur is puur bedoeld voor beeldvorming; informatief en technisch van karakter, bijvoorbeeld middels werkbezoeken, presentaties en technische sessies. Niet teveel parallelsessies in de middag zodat het in de middag voor kleinere fracties ook behapbaar is. Presidium, Auditcommissie, raadswerkgroepen enz. vinden ook zoveel mogelijk in het middagdeel plaats. Bij de invulling van het middagdeel mag rekening worden gehouden met het onderscheid dat er tussen raads- en commissieleden is wat betreft de vergoeding.
De gezamenlijke dinerpauze moet lang genoeg zijn om rustig wat te kunnen eten én elkaar ook op te zoeken voor informele contacten en afstemming binnen en buiten de eigen fractie. Dat is van belang voor het politieke proces. Om 19.00 uur starten met een centraal vragen-half-uurtje over actuele zaken waar niet alleen raadsleden, maar ook commissieleden vragen kunnen stellen. De frequentie en invulling van de debatraad kan gelijk blijven aan de huidige situatie.
5. Agendacommissie Als de commissies in het nieuwe model niet in de huidige vorm meer bestaan kunnen de commissies ook niet meer zelf hun agenda bepalen. Een Agendacommissie neemt deze taak dan op zich. De Agendacommissie is een belangrijke sleutel voor een succesvolle invoering en werking van het nieuwe vergadermodel. Voorwaarde daarbij is dat deze Agendacommissie zoveel als mogelijk apolitiek en technisch opereert. Volledige transparantie in wat de Agendacommissie bespreekt en hoe zij tot besluiten komt is daarbij noodzakelijk.
Pagina 2 van 16
Taak De taak van de Agendacommissie is drieledig: 1. Het opstellen van de agenda's van de weken 1, 2 en 3 uit de vergadercyclus. De Agendacommissie bepaalt, aan de hand van een advies van de griffie, of het de moeite waard is om het over een raadsvoorstel, agenderingsverzoek van een fractie of het college of een ander stuk te hebben, schat de tijdbesteding in en bepaalt de vorm van de bespreking en de prioriteit die het heeft. Zij zorgt ervoor dat er een heldere politieke vraag aan een bespreking meegegeven wordt, hetzij door die zelf te formuleren, het zij door bij agenderingsverzoeken aangedragen politieke vragen bijvoorbeeld aan te scherpen. De Agendacommissie heeft dus eigen inhoudelijke afwegingsruimte. Om te borgen dat de Agendacommissie wel zoveel als mogelijk apolitiek opereert kan zij ten allen tijde door fracties kan worden 'bijgestuurd' via een agenderingsverzoek. De raadswerkgroep stelt daarbij voor om vast te leggen dat agenderingsverzoeken van fracties die voldoende steun in de raad hebben altijd door de Agendacommissie worden gehonoreerd. Concreet wordt de huidige werkwijze voorgesteld: drie fracties voor agendering van een raadsvoorstel en de helft plus één (de absolute meerderheid) van het aantal in de raad zitting hebbende fracties voor RIB's en overige stukken.
Het is aan fracties zelf om achter de schermen bij andere fracties steun voor agenderingsverzoeken te verwerven. Om dit te faciliteren zouden ingekomen stukken idealiter een week ná de fractievergaderingen in de Agendacommissie moeten worden besproken. Dan kunnen fracties de ingekomen stukken op maandagavond bespreken, daarna steun voor agenderingsverzoeken verwerven en deze verzoeken uiterlijk woensdag indienen waarna de stukken voor de Agendacommissie van de dinsdag daarop op donderdag kunnen worden gepubliceerd. Overigens is het goed om aan de hand van de samenstelling van de nieuwe raad nog eens te kijken of steun van drie fracties voor agendering van een raadsvoorstel nog steeds een passend aantal is. De Agendacommissie kan voor een voorstel ook de complete behandelroute bepalen. Aan het einde van dit documenten zijn voorbeelden van behandelroutes opgenomen. Deze behandelroutes zijn ook voor fracties van belang zodat fracties vroegtijdig kunnen organiseren dat de beeldvormende en oordeelvormende fase zoveel als mogelijk door hetzelfde fractielid kunnen worden bijgewoond. 2. Het bewaken dan wel bepalen van de lange(re) termijn planning, bijvoorbeeld aan de hand van een bestuurlijke planner zoals het college die in de afgelopen jaren periodiek naar de raad stuurde. 3.
Het doen van een behandelvoorstel aan de raad over ingekomen stukken zoals brieven van inwoners en organisaties. Input voor de Agendacommissie zijn de raadsvoorstellen en andere stukken vanuit het college, de raad (zoals initiatiefvoorstellen) of inwoners (zoals burgerinitiatieven). Daarnaast moeten fracties via een standaard formulier beargumenteerde agenderingsverzoeken kunnen doen aan de Agendacommissie. Ditzelfde geldt ook voor collegeleden die bijvoorbeeld een presentatie, consultatie of werkbezoek willen agenderen. Het is goed om hier ook nog even de verhouding tot het presidium aan te halen. De agendacommissie gaat over de inhoudelijke agenda's (wat doen we wanneer?) en het presidium over procedurele zaken zoals Reglement van orde, regelingen, raadscommunicatie, jaarkalender enzovoorts. In de huidige commissiesetting zitten het presidium en de commissies elkaar eigenlijk ook nooit in de weg. Enige overlap zouden de raadsbrede themabijeenkomsten kunnen zijn. Die worden op dit moment door Presidium in de jaarkalender opgenomen en inhoudelijk ingevuld. Omdat raadsbrede themasessies, mits er de wens is die te handhaven, straks ook binnen de Dordtse Dinsdag een plek zouden moeten krijgen stelt de raadswerkgroep voor de agendering bij de Agendacommissie te beleggen. Het presidium zou een voorstel aan de Agendacommissie kunnen
Pagina 3 van 16
doen als zij een raadsbrede themasessie over bijvoorbeeld integriteit of vergadervaardigheden nodig acht. Samenstelling Een kleine Agendacommissie heeft meer slagkracht dan een Agendacommissie waarin bijvoorbeeld alle fracties zijn vertegenwoordigd. De raadswerkgroep stelt dan ook voor om de Agendacommissie te laten bestaan uit vier personen: twee uit de coalitie en twee uit de oppositie. De coalitie en oppositie bepalen met elkaar wie zij naar voren schuiven. De raadswerkgroep vindt het niet wenselijk dat de leden van de Agendacommissie wisselen, zij ziet daarmee de continuïteit in gevaar komen. Om bij de voorgestelde samenstelling alle fracties inbreng in de Agendacommissie te kunnen laten hebben en de politiek er wel zoveel als mogelijk uit te halen stelt de raadswerkgroep dus voor om vast te leggen dat agenderingsverzoeken van fracties die voldoende steun in de raad hebben altijd door de Agendacommissie worden gehonoreerd. Een Agendacommissie is juridisch gezien een commissie op grond van artikel 84 van de Gemeentewet. Burgemeester en wethouders kunnen op grond van dit artikel geen lid zijn van deze commissie. De burgemeester kan deze dan ook niet voorzitten. De raadswerkgroep stelt dan ook voor de plaatsvervangend voorzitter van de raad de Agendacommissie voor te laten zitten.
Wat de raadswerkgroep betreft is de burgemeester wel adviseur van de Agendacommissie (niet zijnde lid en dus zonder stemrecht). De burgemeester is immers een belangrijke schakel tussen het college en de raad. De griffier of raadsadviseur treedt op als secretaris van de Agendacommissie. Vergaderfrequentie Het lijkt de raadswerkgroep verstandig de Agendacommissie in de eerste periode na de verkiezingen wekelijks (dat wil zeggen: in de weken 1, 2 en 3 van de cyclus) een uur bij elkaar te laten komen. Dit omdat we zullen moeten wennen aan de nieuwe werkwijze en omdat de ervaring nu al leert dat er elke week wel weer een stroom aan stukken vanuit het college komt. Wellicht dat op een later moment de lengte van de vergadering en/of vergaderfrequentie van de Agendacommissie afgeschaald kan worden. De raadswerkgroep adviseert om nog voor invoering van de Dordtse Dinsdag een apart document of reglement over de Agendacommissie op te stellen waarin taken, werkwijzen enzovoorts uitgebreid worden beschreven. Op een later moment kan dit ook in het Reglement van orde worden ingevoegd. De raadswerkgroep adviseert tevens een profielschets op te stellen voor leden van de Agendacommissie.
6. Vergadercyclus De vergadercyclus van de Dordtse Dinsdag bestaat doorgaans uit vier weken. De cyclus wordt afgesloten met de vierwekelijkse besluitvormende vergadering, de raadsvergadering. Op de andere dinsdagen vinden de beeldvormende en oordeelsvormende sessies plaats.
6.1. Een gefaseerd besluitvormingsproces In het nieuwe vergadermodel moeten de fasen van het besluitvormingsproces duidelijk te onderscheiden zijn. Dit zijn drie fasen: beeldvorming, waar de fracties informatie krijgen aangereikt om tot een standpunt te komen. Daarna is er de oordeelsvoming. In deze fase debatteren de fractievertegenwoordigers met elkaar. Als laatste is er de besluitvorming waar door de raad wordt besloten over de voorstellen en er dus de uiteindelijke afweging wordt gemaakt. Dit ziet er schematisch zo uit:
Pagina 4 van 16
Week 1
Week 2
Week 3
Week 4
Beeldvorming Oordeelsvorming
Beeldvorming Oordeelsvorming
Beeldvorming Oordeelsvorming
Besluitvorming
Normaalgesproken zou een voorstel van het college binnen 4 weken de hele cyclus moeten kunnen doorlopen. Dit maakt het model echter wel statisch. Als een stuk van het college bijvoorbeeld in week 1 van de cyclus bij de griffie binnen komt zou het pas minimaal 4 weken later (in de volgende cyclus) op de agenda kunnen komen. Het model wordt flexibeler als de behandeling van voorstellen ook over 2 of, waar nodig, meer cycli kan worden gespreid. Als voorbeeld: over een raadsvoorstel start de behandelroute met beeldvorming in week 3, oordeelsvorming in week 1 van de volgende cyclus en besluitvorming in week 4 van de volgende cyclus. Beeldvorming en oordeelsvorming over één voorstel vinden niet op dezelfde avond plaats zodat fracties de opbrengst van de beeldvorming intern kunnen bespreken. Bij sommige voorstellen is het handig als er minimaal twee weken zit tussen beeldvorming en oordeelsvorming zodat fracties ook experts of inwoners kunnen raadplegen of op andere wijze argumenten of verhalen kunnen verzamelen. Bij sommige voorstellen is de beeldvormende fase wellicht niet nodig. Het is aan de Agendacommissie om, op basis van advies van de griffie, voor elke cyclus weer een goede en logische planning vast te stellen. In het voorjaar van 2019 is bij de raadsdag in Rotterdam al gesproken over het functioneren van de raad.
De belangrijkste uitkomst was dat het wenselijk is meer te werken met het BOB-model en dat wij met elkaar veelal te snel voorbij gaan aan de fase van beeldvorming. Bij veel onderwerpen wordt gelijk in de commissie gesproken over ieders oordeel. Hiervan wordt meestal niet meer afgeweken ('anders ben je een draaikont'). Geconcludeerd werd dat we in de beeldvormings- en oordeelsvormingsfase beter naar elkaar en betrokkenen uit de stad kunnen luisteren.
6.2. Beeldvorming Eerst vindt de beeldvorming plaats. In deze fase verzamelen de fractievertegenwoordigers informatie over de voorstellen die bij hen zijn geagendeerd of over thema's waar niet direct een raadsvoorstel onder ligt, maar waarop de informatiepositie kan worden versterkt. Uiteraard hebben individuele fracties ook zelf de mogelijkheid om informatie te verzamelen. De beeldvormende fase zorgt daarnaast echter voor een gelijke basis aan informatie voor alle fracties. En inwoners en organisaties die met de raad in contact willen komen hoeven niet een groot aantal individuele fracties te benaderen. De vergaderingen in de beeldvormende fase kunnen in zowel het middag- als het avondgedeelte van de Dordtse Dinsdag plaatsvinden. Het doel van de beeldvormende fase is dat aan het eind van de beeldvorming je vooral als fractie voldoende informatie moet hebben opgehaald. Door middel van bijvoorbeeld inspraak van inwoners en organisaties, gesprekken met deskundigen en/of technische of politieke vragen aan het college moeten fracties voldoende informatie hebben verzameld om te beoordelen of en hoe het beleidsvoornemen bij hun overtuigingen of het verkiezingsprogramma past. Debat tussen fractievertegenwoordigers onderling vindt hier dus nadrukkelijk nog niet plaats.
Het is aan de Agendacommissie om bij alle ingekomen stukken, en in het bijzonder bij raadsvoorstellen, goed te beoordelen of een beeldvormende fase van toegevoegde waarde is, zonder daarbij door te schieten in de hoeveelheid aan beeldvormende sessies. Over raadsvoorstellen moet de raad immers altijd een goed afgewogen besluit nemen. Sommige raadsvoorstellen, bijvoorbeeld benoemingen, zou de Agendacommissie rechtstreeks als hamerstuk naar de raad kunnen sturen. Voor raadsinformatiebrieven en antwoordbrieven –die vooral zijn bedoeld om de Pagina 5 van 16
raad te informeren– is agendering voor beeldvorming zeker geen automatisme en gebeurt dat alleen als de Agendacommissie daartoe besluit (op advies van de griffie en/of op verzoek van een fractie). Tijdens de beeldvormende fase kunnen bijvoorbeeld werkbezoeken, rondetafelgesprekken en technische sessies worden georganiseerd en kunnen inwoners en organisaties inspreken. Wat de raadswerkgroep betreft is het college niet per definitie nodig voor een goede beeldvorming. Het college heeft belang bij een bepaalde uitkomst en kan objectieve beeldvorming door de raad beïnvloeden. De raad mag verwachten dat raadsvoorstellen, raadsinformatiebrieven en antwoordbrieven gewoon duidelijk en compleet zijn en dat alle afwegingen en alternatieven daarin zijn beschreven. Ook is er altijd nog de mogelijkheid tot technische vragen vooraf. Maar het is uiteraard denkbaar dat de portefeuillehouder tijdens de beeldvormende fase nodig is om voldoende informatie te kunnen ophalen, bijvoorbeeld door de portefeuillehouder meer politiek getinte vragen te stellen over de gemaakte afwegingen, afgewezen alternatieven, politieke wenselijkheid van het voorstel of over de precieze werking ervan: het beoogd maatschappelijk effect.
Als portefeuillehouders niet aanwezig zijn tijdens de beeldvormende vergadering worden zij verzocht in het stadskantoor standby te zijn, zodat de raad de portefeuillehouder op elk moment aan tafel kan uitnodigen. Aan het eind van deze beeldvormende vergadering zal de voorzitter vragen of de fractievertegenwoordigers achten dat er voldoende informatie is verzameld om tot een standpunt te komen. Wanneer de vergadering constateert dat er voldoende informatie is verstrekt, kan het agendapunt door naar de volgende vergaderfase. Het kan zijn dat men vindt dat er meer informatie door de indiener moet worden verstrekt of dat andere experts moeten worden gehoord. Het onderwerp kan dan voor een tweede keer in een beeldvormende vergadering moeten worden geagendeerd. Het blijft wenselijk dat puur technische vragen nog steeds voorafgaand aan de beeldvormende sessie schriftelijk worden gesteld, tenzij over een voorstel een technische sessie wordt georganiseerd.
6.3. Oordeelsvorming Na de beeldvorming debatteren de fractievertegenwoordigers over de wenselijkheid, effectiviteit en uitvoerbaarheid van het voorstel, dit heet de oordeelvormende fase. De vergaderingen in de oordeelvormende fase vinden alleen in het avondgedeelte van de Dordtse Dinsdag plaats. Het doel van de oordeelsvormende fase is dat fracties elkaars standpunten leren kennen en tot een definitief standpunt kunnen komen. Fracties gaan de oordeelsvormende fase meestal met een voorlopig standpunt in. Maar fracties moeten hun voorlopige standpunt bij kunnen stellen naar aanleiding van de inhoud van de oordeelsvormende fase. Na deze fase moeten fracties in principe een definitief standpunt kunnen innemen. Fracties moeten na deze fase ook een goed beeld hebben van hoe de politieke verhoudingen liggen ten aanzien van het voorliggende stuk. De oordeelsvormende vergadering kan beginnen met een eerste termijn waarin fracties kort hun voorlopige standpunt en hun overwegingen daarbij kenbaar maken. Aan het einde van deze eerste termijn zou de portefeuillehouder nog de gelegenheid kunnen krijgen te reageren op wat hij van de fracties heeft gehoord. Dan kunnen fracties dat vervolgens meenemen in het debat in de tweede termijn. In de tweede termijn worden de fracties in de gelegenheid gesteld op elkaars overwegingen te reageren. Dit is feitelijk het debat.
Wat de raadswerkgroep betreft zouden er in de oordeelsvormende fase in beginsel geen vragen voor de portefeuillehouder meer moeten zijn. Want dan is de beeldvormende fase blijkbaar nog niet afgerond. Desalniettemin moet er in deze fase altijd nog een stukje ruimte zijn om politieke vragen aan de portefeuillehouder te kunnen stellen, zoals de vraag wat een portefeuillehouder van een bepaald voorstel van een fractie vindt. Daarbij moet wel worden voorkomen dat het een debat
Pagina 6 van 16
tussen de fracties en het college wordt. Hier zit ook een cultuuraspect in waarvoor aandacht moet zijn bij de introductie voor de nieuwe raad. Spreektijden en/of het maximeren van het aantal interrupties in oordeelsvormende vergaderingen is de raadswerkgroep geen voorstander van. Deze opties zouden, naast bijvoorbeeld aanpassing van de werkwijze van de Agendacommissie, op een later moment wel serieus moeten worden overwogen als blijkt dat de vergader- en agendadruk te hoog blijft. Aan het eind zal de voorzitter vragen of het onderwerp voldoende is besproken. Dit vraagt dat de raadsfracties (of individuele leden) zeker kunnen zijn van hun stemgedrag. Maar ook dat ze achten dat de argumenten vóór en tégen het voorstel voldoende door hen gezamenlijk zijn gewogen. Als het onderwerp voldoende is besproken kan de uitkomst tweeledig zijn: Hamerstuk
Het agendapunt is voldoende besproken en er is geen debat in de raad meer nodig. Er is in de raad nog wel de mogelijkheid een stemverklaring te geven.
Debatstuk
Het agendapunt is voldoende besproken maar wordt met spreektijd nog geagendeerd voor de raadsvergadering.
Als de conclusie is dat een onderwerp nog niet voldoende is besproken om het naar de besluitvormende fase door te kunnen zetten wordt het opnieuw voor een oordeelsvormende bespreking geagendeerd. De werkgroep acht het wenselijk in de introductieperiode de raads- en commissieleden te trainen op debatteren: wat doen we in eerste en tweede termijn, wat is een interruptie en hoe gebruik je die, hoe (en waarom) spreek je via de voorzitter etc. Op deze manier zijn er gedeelde afspraken over hoe we met elkaar gaan werken.
6.4. Besluitvorming In week 4 van de cyclus besluit de raad over de voorstellen. Ook de voorstellen van de raad zelf bij een agendapunt – amendementen en moties – worden hier besproken. De raadsvergadering begint om 14:00. Het doel van de besluitvormende fase is het nemen van besluiten. Gemeentewettelijk is het de enige plek waar een gemeenteraad besluiten kan nemen. Het is wenselijk dat het debat en de afweging grotendeels ervoor al heeft plaatsgevonden — in de oordeelsvorming. In Dordrecht is de cultuur nu dat er ook in de raad nog vrij uitgebreid wordt gedebatteerd. De raadsvergadering is immers een belangrijk 'podium.' Keerzijde is wel dat in de raad vaak wordt herhaald wat in de commissiebehandeling al is gewisseld. De raadswerkgroep vindt het belangrijk dat er in het nieuwe vergadermodel ook in de raadsvergadering nog ruimte is voor debat. Fracties mogen hun standpunten en overwegingen uit de oordeelsvormende fase zeker samenvatten en in de raadsvergadering nog een keer naar voren brengen. De spreektijden in de raad helpen om dit kort en bondig te houden. Er zou alleen geen ruimte meer moeten zijn voor allerlei vragen aan het college. Dus in de raad geen herhaling van vragen aan het college en aan elkaar die in eerdere fases al zijn gesteld en beantwoord. Moties en amendementen kunnen formeel alleen tijdens de raadsvergadering worden ingediend.
De huidige praktijk is dat deze in de raad soms een beetje uit de lucht komen vallen zonder dat er inhoudelijk al in de commissie over is gesproken. Daarom moet het mogelijk zijn en misschien ook wel de cultuur worden dat concept moties en amendementen al in de oordeelsvormende fase worden ingebracht. Dat versoepelt ook de behandeling in de raadsvergadering.
Pagina 7 van 16
Door het handhaven van de hamerraden kan de agenda van de raadsvergadering, het aantal stemverklaringen tijdens deze vergadering en het opwaarderen van hamerstukken naar bespreekstukken worden beperkt. Het is echter de vraag of het voor de voortgang van besluitvorming en de uitvoering van raadsbesluiten nodig is als er elke vierde week van de vergadercyclus al een besluitvormende raad plaatsvindt. Een hamerraad vraagt ook weer extra organisatie zoals een agenda opstellen, als raad als geheel bij elkaar komen, presentatielijst bijhouden enzovoorts. De vraag of er behoefte is aan tussentijdse hamerraden is ook aan de voorzitter van de raad en de gemeentesecretaris voorgelegd. Zij geven aan dat deze behoefte er in principe niet is. Waar strikt noodzakelijk kan in incidentele gevallen altijd nog een hamerraad worden ingepland, bijvoorbeeld als een besluitvormende raadsvergadering door recesperiodes langer op zich laat wachten.
6.5. Clustering onderwerpen Om te beginnen: elke vergadering die besluitvorming door de raad voorbereidt is juridisch gezien een commissievergadering. In de Gemeentewet is echter weinig geregeld over hoe dit dan in te richten en vorm te geven. Dat is aan raden zelf. De raadswerkgroep heeft de wens niet de vaste commissies zoals we die nu kennen (Fysieke Leefomgeving, Sociale Leefomgeving, Bestuur & Middelen en Grote Projecten) te willen handhaven, maar een model met bepaalde flexibiliteit in te richten die de subculturen van de huidige commissies doorbreekt en die menselijke en inhoudelijke wisselwerking en uitwisseling bevordert zodat mensen breder op de hoogte zijn van integrale dossiers en informatie minder versnippert bij de raad terecht komt. Concreet: een blokkenmodel met parallelle inhoudsgerichte vergaderingen. Hierbij kan nog wel een zekere mate van clustering worden toegepast of het kan helemaal los worden gelaten. Zo kan elk onderwerp aan een domein of cluster worden gehangen (bijvoorbeeld fysiek, sociaal, bestuur, middelen of bijvoorbeeld zorgzame stad, leefbare stad, bouwende stad, bereikbare stad). De raadswerkgroep stelt voor de clustering helemaal los te laten. Elke clustering leidt weer tot 'hokjes denken.' In feite komt dit dan weer neer op het huidige commissiemodel met parallelle vergadering van fysiek, sociaal en bestuur en middelen.
Door de clustering los te laten wordt elk onderwerp in de parallelstructuur een aparte vergadering van bijvoorbeeld 1 of 1,5 uur (kan langer en korter). Onderwerpen worden willekeurig achter en naast elkaar geagendeerd. Uiteraard zal de agenda zo moeten worden samengesteld dat er niet gelijktijdig twee sessies over bijvoorbeeld het sociaal domein of de energietransitie plaatsvinden waardoor fractiewoordvoerders zich moeten opsplitsen. Er zal door de Agendacommissie ook rekening moeten worden gehouden met de portefeuilleverdeling in het college. En als de Agendacommissie dat logisch en nodig acht kunnen onderwerpen die bij elkaar horen altijd nog gebundeld worden geagendeerd. Op dit moment zijn we in de avond 3 parallelle vergaderingen gewend. Ook in de nieuwe structuur gaan we uit van 3 parallelle sessies. Dit geldt dan alleen voor het avondgedeelte omdat voor de middag een maximum van twee parallelsessies geldt (zie hoofdstuk 8). Zie ook de schematische uitwerking van de Dordtse Dinsdag. Het voornemen is met een voorzitterspool te blijven werken. Deze voorzitters worden opgeleid en begeleid. Een optie is dat er in principe één en dezelfde voorzitter per vergaderzaal is voor de hele parallelle avond. Dan zijn er dus maximaal drie per avond nodig.
De raadswerkgroep stelt echter voor te kiezen voor 'elk blokje een aparte voorzitter.' Dat maakt het voor voorzitters mogelijk om op één avond én voor te zitten én in een andere sessie ook een woordvoering te doen. Dat maakt het voorzitterschap ook aantrekkelijker, met name voor kleinere fracties. Raadsleden zijn er dan ook niet een hele avond aan kwijt. Als een voorzitter dat wil kan deze uiteraard ook voor meerdere blokken of een hele avond worden ingepland. Dit zal maatwerk zijn.
Pagina 8 van 16
6.6. Overige commissies en werkgroepen De raad heeft als eis vastgelegd dat op andere dagen dan de dinsdag door de Griffie niks wordt georganiseerd. Dat betekent dat Presidium, Agendacommissie, Auditcommissie, CTOO, raadswerkgroepen enz. ook op de dinsdag plaats moeten gaan vinden en onderdeel van de Dordtse Dinsdag zijn. Deze overige commissie en werkgroepen gaan zoveel mogelijk in het middagdeel plaatsvinden. De Rekenkamercommissie zal worden gevraagd hun bijeenkomsten ook in het middagdeel van de Dordtse Dinsdag te organiseren. Daartoe zouden zij agenderingsverzoeken aan de Agendacommissie kunnen doen. De Rekenkamercommissie is echter een zelfstandig en onafhankelijk orgaan, dus is het aan hen zelf om hier wel of niet gehoor aan te geven.
6.7. Actualiteitendebat / Vragenhalfuur 'Het model moet meer politiek debat stimuleren', is een van de wensen van de raadswerkgroep. Uiteraard heeft elk raadslid het recht van interpellatie om een actueel onderwerp direct op de raadsagenda te zetten. Dit is echter een zwaar middel dat vaak alleen in crisisachtige situaties wordt toegepast. Daarnaast zijn er nog het actualiteitendebat en de mondelinge vragen over actuele onderwerpen. Actualiteitendebat Om het vergadermodel politieker te maken, was er een idee om in week 1, 2 en 3 van de cyclus standaard een actualiteitendebat van een half uur aan de agenda toe te voegen waarmee fracties iets snel op de agenda kunnen zetten. De voordelen zijn volgens de raadswerkgroep snelheid en de mogelijkheid direct onderwerpen te bespreken die op grote publieke belangstelling kunnen rekenen. Het zou de angel uit een actuele situatie kunnen halen. De nadelen zijn volgens de raadswerkgroep echter groter. Er is geen tijd voor voorbereiding en het is niet echt duidelijk wat het debat op moet leveren. Daarnaast bestaat het gevaar dat het gesprek populistisch wordt (geen echte oplossingen maar alleen ‘benoemen’ van het probleem). Zoals aangegeven heeft elk raadslid altijd het instrument van interpellatie. Bij urgente zaken kan men zo altijd iets snel op de raadsagenda zetten.
De werkgroep adviseert dan ook om een actualiteitendebat niet te introduceren. Het is wellicht wel goed de regels rondom interpellatie in het Reglement van orde nog eens te beoordelen op laagdrempeligheid en bureaucratie. Plenair vragenhalfuur De raadswerkgroep stelt voor in de weken 1, 2 en 3 van de vergadercyclus standaard een plenair vragenhalfuur in de agenda op te nemen, voorgezeten door de plaatsvervangend voorzitter van de raad. Er is over gedacht de burgemeester het als voorzitter van de raad te laten voorzitten. Er zullen echter ook regelmatig mondelinge vragen worden ingediend die de burgemeester als portefeuillehouder moet beantwoorden. Via het plenair vragenhalfuur (bijvoorbeeld van 19.00 – 19.30 uur) kunnen actuele onderwerpen aan de orde worden gesteld waarbij vragen bijvoorbeeld voor 09.00 uur op de vergaderdag moeten worden ingediend zodat het college zich op de beantwoording kan voorbereiden. Op dit moment kent elke commissie nog het agendapunt 'vragen aan het college.' Door de mogelijkheid voor mondelinge vragen plenair (dus met de mogelijkheid voor alle raads- en commissieleden om er bij te zijn) te doen en een aparte plek in de Dordtse Dinsdag te geven krijgt het waarschijnlijk een politieker karakter en draagt het zo bij aan een politieker vergadermodel. Het vragenhalfuur is daarom ook niet bedoeld voor technische vragen.
Als de agendacommissie elke dinsdagmiddag vergadert zouden zij aan de hand van adviezen van de griffie ook de selectie kunnen doen voor het vragenhalfuur van die avond. Dit in het geval dat er meer vragen zijn aangemeld dan dat er passen binnen een half uur en/of er vragen zijn aangemeld die qua inhoud niet passen binnen het vragenhalfuur. Er zijn verschillende manieren om het centrale vragenhalfuur in te richten. Is dat alleen vragen stellen, beantwoording door de portefeuillehouder en een eventuele vervolgvraag van de Pagina 9 van 16
vragensteller? Of moet daar ook ruimte zijn voor debat tussen raad en college en/of tussen raadsleden onderling? De raadswerkgroep is van mening dat als men over de beantwoording van een mondelinge vraag in debat wil, men dat via de Agendacommissie voor een oordeelsvormende vergadering moet agenderen. Dus geen debat tijdens het vragenhalfuur. Wel moet er ook voor andere fracties ruimte zijn om op de vragen en de beantwoording door het college in te haken. Anders wordt het vragenhalfuur een statisch geheel met alleen maar een-tweetjes tussen vragensteller en portefeuillehouder. Daarbij is het wenselijk in de middag voorafgaand aan het vragenhalfuur een overzicht te publiceren van de mondelinge vragen die die avond worden gesteld zodat alle fracties kunnen bepalen of ze er bij willen zijn en of ze misschien ook aanvullende vragen willen stellen.
6.8. Insprekers Ten behoeve van de beeldvormende fase en ook de volksvertegenwoordigende rol is het belangrijk dat inwoners in het vergadermodel voldoende ruimte krijgen om hun inbreng te leveren. Het moment en de manier waarop kan nader worden bepaald. Inspreken kan bijvoorbeeld worden geconcentreerd op een vast moment in het beeldvormende deel van de Dordtse Dinsdag (bijvoorbeeld elke dinsdag van 17.30 – 18.00 of gelijktijdig met het vragenhalfuur). Omdat het aantal insprekers heel erg kan wisselen kan een half uur in sommige gevallen te kort zijn. Dit maakt het lastig om te plannen. De raadswerkgroep vindt het logischer om insprekers de gelegenheid te bieden als een onderwerp beeldvormend op de agenda staat, dan wel het beeldvormend te laten agenderen als geen beeldvorming was voorzien en zich toch insprekers melden. Dat kan ook gelden voor onderwerpen die niet op de agenda staan. Tijdens de oordeelvormende fase kan niet meer worden ingesproken. Op dat moment moet immers alle informatie bij de fracties bekend zijn. Het formele inspreekrecht van burgers is overigens maar één manier om inwoners te betrekken bij de raad. Het is ook een vrij statische manier waarbij zij maximaal 5 minuten mogen spreken en daarna niet aan het debat mogen deelnemen. De raadswerkgroep vindt het belangrijk vooral ook andere vormen uit te proberen.
Zo kan de Agendacommissie over een bepaald voorstel of onderwerp bijvoorbeeld ook een hoorzitting of rondetafelgesprek plannen.
7. Ingekomen stukken aan de raad Op dit moment handelen de commissies alle ingekomen stukken af, ook bijvoorbeeld brieven van inwoners en organisaties. Deze laatste categorie komt ook niet meer bij de raad terecht. De vraag is wie dat gaat doen als er straks geen vaste commissies meer zijn. En de meer principiële vraag is of een inwoner die een brief aan de raad stuurt ook mag cq. moet kunnen verwachten dat de raad zelf deze afhandelt. De raadswerkgroep is van mening dat dat álle ingekomen stukken aan de raad (dus ook brieven van inwoners en organisaties) door de raad afgehandeld moeten worden. In Groningen staat elke raadsvergadering een 'lijst van ontvangen overige ingekomen stukken voor de raad' op de agenda van de raad. Die bevat vooral brieven van inwoners en organisaties. Elk ingekomen stuk is voorzien van een advies over de afhandeling. De raad tikt deze lijst in een keer af. De raadswerkgroep zou deze werkwijze ook in Dordrecht willen toepassen waarbij de Agendacommissie de raad adviseert over de afhandeling van deze ingekomen stukken. De ingekomen stukken gaan met een behandeladvies dus via de Agendacommissie als een soort hamerstuk naar de raad.
8. Dordtse Dinsdag schematisch Aan het einde van dit document is van een aantal weken van de vergadercyclus een fictieve dagplanning opgenomen om een beeld te geven hoe de Dordtse Dinsdag er in de praktijk uit kan zien.
Pagina 10 van 16
De beeldvorming zal met name ook in het middaggedeelte van de Dordtse Dinsdag gaan plaatsvinden. Een van de harde eisen uit het raadsbesluit Dordtse Dinsdag was echter: 'Niet iedereen hoeft er iedere dinsdag om 16.00 uur te zijn.' De raadswerkgroep stelt dan ook voor niet teveel parallelsessies in de middag te doen zodat het voor kleinere fracties ook behapbaar is. Concreet is het voorstel in de middag maximaal 2 parallelsessies te doen. Omdat er in de middag meestal ook een Agendacommissie en soms een Auditcommissie of presidium plaatsvindt zal het aantal beeldvormende sessies in de middag redelijk beperkt blijven waarmee, wat de raadswerkgroep betreft, recht wordt gedaan aan de genoemde eis uit het raadsbesluit. Om overstappen tussen de verschillende parallelsessies te vergemakkelijken en te voorkomen dat raads- en commissieleden halverwege een parallelsessie de zaal moeten verlaten zouden de starttijden van de parallelsessie gelijkgeschakeld moeten worden. De ervaring uit het Dordtse verleden leert echter dat hierdoor ook hinderlijke 'tussenuren' ontstaan waarin men een tijd moet wachten tot de volgende parallelsessie begint. De ene parallelsessie heeft namelijk maar één uur nodig en de andere anderhalf uur. In Groningen probeert men wel zoveel als mogelijk de starttijden gelijk te schakelen, maar dat lukt niet altijd.
Als dat niet lukt kijkt men altijd wel goed of dat geen problemen geeft voor woordvoerders, voorzitters en/of portefeuillehouders. De raadswerkgroep stelt voor dit ook in Dordrecht op deze manier te doen. Als de praktijk straks uitwijst dat dit toch tot ongewenste effecten leidt kan het altijd worden aangepast. Collegeleden moeten er in hun agenda rekening mee houden dat zij in principe elke dinsdag vanaf 16.00 uur beschikbaar zijn. Overigens zal het middagprogramma van de Dordtse Dinsdag veel beperkter zijn dan het avondprogramma en is het college bij de beeldvorming niet per definitie nodig. De agenda's van de Dordtse Dinsdag zijn meestal ook enkele weken vooruit bekend. In de praktijk zal het tijdvak 16.00 – 18.00 uur voor collegeleden dan ook regelmatig vrij vallen.
9. Commissieleden Op dit moment worden commissieleden door de raad benoemd. Zij nemen volwaardig deel aan het politieke proces binnen en buiten de commissies. Alleen stemmen in de raadsvergadering is voorbehouden aan de gekozen raadsleden. De raadswerkgroep geeft aan dat commissieleden belangrijk werk doen en voor fracties heel belangrijk zijn. Ook tijdens de Dordtse Dinsdag moeten zij volwaardig mee kunnen doen tijdens de beeldvormende en oordeelsvormende fase en bijvoorbeeld ook mondelinge vragen kunnen stellen tijdens het centrale vragenhalfuur.
10. Cultuur en vaardigheden Deze notitie begint met de opmerking dat een goed vergadermodel de vergaderstructuur, vergadercultuur én vergadervaardigheden verenigt. De notitie gaat verder vooral in op de nieuwe structuur. Maar er is ook een nieuwe cultuur nodig. Structuur volgt doorgaans cultuur. Maar een structuurverandering kan ook helpen om de cultuur te veranderen. Er wordt regelmatig verwezen naar het introductieprogramma van de nieuwe raad waar ook cultuur en vaardigheden een belangrijke plek in moeten krijgen. Maar daarmee is het nog niet klaar. Cultuur en vaardigheden hebben structureel aandacht en onderhoud nodig. Het is van belang dat de begeleidingscommissie (zie volgende hoofdstuk) en het presidium hier oog voor blijven houden en dat er gedurende de hele raadsperiode in bijvoorbeeld themabijeenkomsten bij de cultuur wordt stil gestaan.
11. Implementatie en evaluatie Op 16 maart 2022 is het werk nog niet gedaan. Dan start pas de echte implementatie. Groningen adviseerde uit eigen ervaring om in de eerste periode van het vergadermodel geen Reglement van orde op te stellen, maar het te houden bij een aantal spelregels. Met een Reglement van orde bevries je bepaalde afspraken. Spelregels geven meer ruimte om te spelen en te leren. Dat gaf in Groningen comfort en leidde tot diverse discussies tijdens het implementatietraject waardoor het model steeds verder aangescherpt kon worden. Uiteindelijk moet je wel tot een Reglement van orde Pagina 11 van 16
komen. In de Gemeentewet staat immers ook dat elke raad een Reglement van orde moet vaststellen. Nu was in Groningen sprake van een totaal andere situaties vanwege de samenvoeging van drie gemeenten. De raadswerkgroep stelt voor het huidige Reglement van orde waar mogelijk te handhaven. Dat geldt dan met name voor alle regels rondom bijvoorbeeld de raadsvergadering, het presidium en het gebruik van instrumenten zoals moties en amendementen. Voorstel is om met name het 'commissiedeel' van het Reglement van orde te schrappen en de eerste periode te werken met spelregels en dit later aan het Reglement van orde toe te voegen. In Groningen is de oorspronkelijke raadswerkgroep blijven bestaan als begeleidingsgroep bij de implementatie van het nieuwe vergadermodel. De raadswerkgroep acht dit voor Dordrecht ook verstandig, maar laat de invulling graag aan de nieuwe raad. Daarnaast is het goed het vergadermodel een plek in het introductieprogramma van de nieuwe raad te geven. De raadswerkgroep adviseert in juni en oktober 2022 en januari 2023 de begeleidingsgroep en de Agendacommissie (als de 'motor' van het vergadersysteem) gezamenlijk een tussentijdse gezamenlijke evaluatie te laten doen. Dit zou zich met name kunnen richten op het praktisch functioneren van het BOB-model en de Agendacommissie. Raad en college worden over de uitkomsten geïnformeerd.
In maart 2023 (een jaar na invoering) vindt dan een uitgebreide evaluatiesessie met raad en college plaats die zich met name ook richt op de vraag in hoeverre de doelen/ambities van de Dordtse Dinsdag zijn gerealiseerd en of die doelen en/of het vergadermodel wellicht bijgesteld moeten worden. Daarna volgt een voorstel tot aanpassing van het Reglement van orde. Als tussentijdse aanpassing van werkwijzen nodig is kan de begeleidingsgroep daartoe elk moment voorstellen doen.
12. Randvoorwaarden Om het nieuwe vergadermodel succesvol te kunnen introduceren is er een aantal randvoorwaarden: 1. Griffie Enerzijds vraagt voorgesteld model een andere manier van werken voor de griffie en zal dit soms andere competenties vragen (zo wordt de adviserende functie (o.a. over behandeling en aanpak) van raadsadviseurs meer van belang). Anderzijds vraagt dit model naar verwachting meer werk van de griffie. Uiteraard werkt de Griffie onder leiding van de griffier haar nieuwe werkwijze verder uit. Of dit tot een capaciteitsprobleem leidt is op dit moment lastig in te schatten. De werkgroep is van mening dat de griffier indien nodig hierover bij de raad op terug moet kunnen komen. 2. Raadsinformatiesysteem Het huidige raadsinformatiesysteem (RIS) is ingericht op de huidige manier van werken in vaste commissies. Het huidige RIS zal hiervoor aangepast moeten worden. Hierover is reeds overleg met de softwareleverancier. Het is de vraag of dit helemaal gereed is eind maart 2022 of dat we tijdelijk met een tussenoplossing gaan werken. Uiteraard gaat het aanpassen van het RIS gepaard met een investering.
Bijlagen 1: Samenstelling raadswerkgroep Dordtse Dinsdag 2: Nota Dordtse Dinsdag (mei 2021) 3: Opbrengst enquête raads- en commissieleden 4: Overzicht interessante vergadermodellen andere gemeenteraden 5: Recente geschiedenis vergadermodel raad Dordrecht
Pagina 12 van 16
DAGPLANNING WEEK 1 - DINSDAG <DATUM> Vergaderkamer 1 16.00 uur Technische sessie actualisatie Verordening Jeugdhulp
Vergaderkamer 3
Vergaderkamer 5 16.00 uur
Gesprek met Qbuzz en Provincie ZuidHolland over vervoersplan 2022
17.00 uur
17.00 uur Agendacommissie Sprekersplein Bestemmingsplan Oudland
18.00 uur Dinerpauze
19.00 uur Vragenhalfuur en mededelingen college Stand van zaken LHTBI-beleid 20.00 uur Mondeling
19.00 uur RIB Verkenning ligplaats Res Nova i.c.m. Futuro
20.00 uur Themabijeenkomst wapenbezit jongeren Locatie: politiebureau Vissersdijk
Raadsvoorstel Herziening Huisvestingsverordening 21.00 uur Politieke vragen aan portefeuillehouder
21.00 uur Technische sessie Raadsvoorstel Prognose Grondzaken
22.00 uur RIB Biesboschhal en Berckepoort
Overige commissies
Vragenhalfuur
22.00 uur
Beeldvorming
Pagina 13 van 16
Oordeelsvorming
Besluitvorming
DAGPLANNING WEEK 3 - DINSDAG <DATUM> Vergaderkamer 1
Vergaderkamer 3
Vergaderkamer 5
16.00 uur
16.00 uur Auditcommissie
17.00 uur
17.00 uur
Presentatie herontwikkeling voormalige V&D-locatie
Agendacommissie 18.00 uur Dinerpauze
19.00 uur Vragenhalfuur en mededelingen college
20.00 uur
Rondetafelgesprek met SBB en WSHD over doorontwikkeling De Elzen
19.00 uur
Raadsvoorstel Prognose Grondzaken
Raadsvoorstel Herziening Huisvestingsverordening
21.00 uur
20.00 uur
21.00 uur Bestemmingsplan Oudland
22.00 uur
Overige commissies
Vragenhalfuur
RIB Actuele stand van zaken opvang en huisvesting statushouders en vluchtelingen
Beeldvorming
Pagina 14 van 16
Raadsvoorstel Nota Verbonden partijen
Oordeelsvorming
22.00 uur
Besluitvorming
DAGPLANNING WEEK 4 - DINSDAG <DATUM> Raadzaal Stadhuis 14.00 uur
14.00 uur
15.00 uur
15.00 uur
16.00 uur
16.00 uur
17.00 uur
17.00 uur
18.00 uur Dinerpauze
18.00 uur
19.00 uur
19.00 uur
20.00 uur
20.00 uur
21.00 uur
21.00 uur
22.00 uur
22.00 uur
Overige commissies
Vragenhalfuur
Beeldvorming
Pagina 15 van 16
Oordeelsvorming
Besluitvorming
VOORBEELDEN BEHANDELROUTES INGEKOMEN STUKKEN
WEEK 1 COLLEGE
WEEK 3
WEEK 1
WEEK 2 OF 3
WEEK 4
AGENDACOMMISSIE
BEELDVORMEND
OORDEELSVORMEND
BESLUITVORMEND
• Na vaststelling door het college komt het binnen bij de griffie. Griffie formuleert behandeladvies aan de Agendacommissie.
WEEK 3 COLLEGE • Na vaststelling door het college komt het binnen bij de griffie. Griffie formuleert behandeladvies aan de Agendacommissie.
WEEK 4 COLLEGE • Na vaststelling door het college komt het binnen bij de griffie. Griffie formuleert behandeladvies aan de Agendacommissie.
• Agendacommissie bepaalt of, wanneer en hoe dit ingekomen voorstel beeld- en oordeelsvormend op de agenda komt.
• Beeldvormende sessie met insprekers.
• Oordeelsvormende sessie met debat over de politieke argumenten.
• Besluitvorming in de raadsvergadering
WEEK 1
WEEK 3
WEEK 1
WEEK 2 OF 3
WEEK 4
AGENDACOMMISSIE
BEELDVORMEND (1)
BEELDVORMEND (2)
OORDEELSVORMEND
BESLUITVORMEND
• Een of meerdere fracties doen agenderingsverzoek aan Agendacommissie. Deze besluit over dit verzoek.
• Technische sessie met betrokken ambtenaren of bijvoorbeeld een werkbezoek op locatie.
• Mogelijkheid voor insprekers en mogelijkheid tot stellen van politieke vragen aan portefeuillehouder
• Oordeelsvormende sessie met debat over de politieke argumenten
• Afdoening in de raadsvergadering
WEEK 2
WEEK 1
WEEK 2 OF 3
WEEK 1, 2 OF 3
WEEK 4
AGENDACOMMISSIE
BEELDVORMEND (1)
BEELDVORMEND (2)
OORDEELSVORMEND
BESLUITVORMEND
• Een of meerdere fracties doen agenderingsverzoek aan Agendacommissie. Deze besluit over dit verzoek.
• Technische sessie met betrokken ambtenaren of bijvoorbeeld een werkbezoek op locatie.
Pagina 16 van 16
• Mogelijkheid voor insprekers en mogelijkheid tot stellen van politieke vragen aan portefeuillehouder
• Oordeelsvormende sessie met debat over de politieke argumenten
• Afdoening in de raadsvergadering